CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 2406 Wijziging APV 2022.docx

Gemeenteraad 14 december 2022, gemeente BarneveldBij agendapunt: Wijziging algemene plaatselijke verordening gemeente Barneveld1.869 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Afdeling: Bestuur en Dienstverlening Mail behandelaar: l.berg@barneveld.nl Telefoonnummer: (0342) 495 459 Onderwerp:

Raadsvoorstel nr. 2406 Barneveld, 18 oktober 2022 Portefeuillehouder: J.J. Luteijn

Wijziging Algemene plaatselijke verordening gemeente Barneveld

Samenvatting raadsvoorstel Dit raadsvoorstel betreft de jaarlijkse actualisering van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Barneveld. De voorgestelde wijzigingen zijn juridisch-technisch van aard, behalve de voorstellen over de groepsfietsen, over alcoholverstrekking anders dan om niet op vervoersmiddelen en over proeverijen in slijterijlokaliteiten.

Aan de raad,

Gevraagde beslissing: De voorgestelde wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente, die als conceptraadsbesluit bij dit raadsvoorstel gevoegd is, vaststellen.

1. Inleiding Gemiddeld een keer per jaar stellen wij uw raad voor de APV te wijzigen. Met deze wijziging worden de relevante juridische en beleidsmatige ontwikkelingen verwerkt die zich sinds de meest recente APV-wijziging hebben voorgedaan. Er wordt grotendeels aangesloten bij de door VNG voorgestelde wijzigingen van haar model-APV. Mede omdat in de APV veel verschillende onderwerpen behandeld worden, hebben de voorgestelde wijzigingen vaak een verschillende achtergrond. In paragraaf 4a hieronder worden deze achtergronden per wijziging beschreven. In de bijgevoegde zogeheten ‘was-wordt-lijst’, is de huidige versie van de te wijzigen artikelen zichtbaar naast de versie zoals die luidt wanneer uw raad ermee zou instemmen. Bij de meest recente actualisering van de APV op 6 oktober 2021 heeft uw raad de wijzigingen die samenhangen met de komst van de Omgevingswet weliswaar vastgesteld, maar bepaald dat wij nog een besluit moeten nemen over de datum van inwerkingtreding daarvan. Die datum moet gelijk zijn met de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet. Voor deze oplossing is destijds gekozen omdat niet zeker was wanneer de Omgevingswet in werking zou treden. De verwachting was dat deze datum vóór de datum zou liggen waarop wij uw raad het volgende actualiseringsvoorstel zouden voorleggen. Doordat het Rijk de genoemde wet heeft uitgesteld is dit anders gelopen dan verwacht.

Het is immers nu al tijd voor de jaarlijkse actualisering, terwijl de betreffende op 6 oktober 2021 vastgestelde APV-wijzigingen nog niet in werking zijn getreden. Wij zijn in de bijgevoegde ‘was-wordt-lijst’ wel uitgegaan van de tekst zoals die zal luiden na de inwerkingtreding van de bedoelde, al door u vastgestelde, wijzigingen. Gelet daarom komt de weergave van de artikelen 2:28, 2:29, 2:60 en 4:12 in de kolom ‘Huidige tekst’ van die lijst niet geheel overeen met de tekst van die artikelen die u bijvoorbeeld op www.overheid.nl kunt raadplegen.

2. Door de raad gestelde kaders De huidige Algemene Plaatselijke verordening gemeente Barneveld.

3. Effect/Meetbare doelstellingen a) Meetbaar effect: n.v.t. b) Maatschappelijk effect: de tekst van de APV zal weer up to date zijn.

4a. Argumenten Artikel 2:27 Deze bepaling bevat vooral definities van begrippen die in de afdeling 4 ‘Toezicht op openbare inrichtingen’ van hoofdstuk 2 van de APV gebruikt worden. Doordat er nieuwe bepalingen aan deze afdeling worden toegevoegd (artikelen 2:34g en 2:34h) is het nodig om begrippen aan deze definities te voegen. De toe te voegen begrippen hebben alle hun basis in de Alcoholwet, zodat naar de definities van die begrippen in die wet wordt verwezen.

2 Artikel 2:28, tweede lid In deze bepaling is opgenomen dat, na de inwerkingtreding van de Omgevingswet, de burgemeester een zogeheten exploitatievergunning weigert als een horeca-inrichting niet in overeenstemming is met het omgevingsplan. In de praktijk kan deze weigeringsgrond echter te star uitpakken. Er zijn namelijk ook andere manieren dan opname in het omgevingsplan om een horeca-inrichting op een bepaalde locatie planologischjuridisch te verankeren, zoals een omgevingsvergunning. Als er niets aan deze bepaling verandert, zou dat betekenen dat een aanvraag voor een exploitatievergunning ook geweigerd kan worden in geval van een horeca-inrichting die op een andere manier dan via het omgevingsplan op de betreffende locatie planologischjuridisch verankerd is. Omdat dat niet de bedoeling is, wordt u voorgesteld deze bepaling te wijzigen. Met deze wijziging is dus geen beleidsmatige wijziging beoogd. Artikel 2:29, vijfde lid Overeenkomstig het advies van de VNG wordt een eerder door haar voorgestelde wijziging in verband met de komst van de Omgevingswet tekstueel aangepast. Dit is slechts een technische wijziging. Deze bepaling zal pas in werking treden na de inwerkingtreding van die wet.

Artikel 2:34g Met de invoering van de Alcoholwet maakt artikel 25e van de Alcoholwet het mogelijk om bij gemeentelijke verordening te bepalen dat er proeverijen worden toegestaan in slijterijlokaliteiten. Het slijtersbedrijf wordt dan vrijgesteld van het verbod in artikel 3, eerste lid, en artikel 14, eerste lid, van de Alcoholwet. De beslissing hiertoe ligt bij de gemeente. Wij stellen u voor deze mogelijkheid in de gemeente te introduceren. De proeverijen moeten blijkens artikel 6.1 van het Alcoholbesluit overigens wel aan de volgende voorwaarden voldoen: • de proeverij mag alleen plaatsvinden buiten de normale openingstijden van de slijterij, maar wel binnen de tijden van de Winkeltijdenwet; • de slijterij moet tijdens de proeverij gesloten zijn voor klanten; • er mag maximaal één proeverij per dag worden georganiseerd en maximaal drie proeverijen per week; • de kosten voor deelname moeten voorafgaand aan de proeverij door een leidinggevende bij het slijtersbedrijf zijn vastgesteld; • de deelnemers moeten bekend zijn bij het slijtersbedrijf voordat de proeverij plaatsvindt (inloop verboden); en • de slijterij mag tijdens of na afloop van de proeverij alleen die drank voor thuisgebruik verkopen die tijdens de proeverij wordt geschonken. De verkoop van andere soorten drank tijdens of na afloop van de proeverij is dus uitdrukkelijk niet toegestaan.

Artikel 2:34h Op vervoermiddelen, zoals groepsfietsen (‘bierfietsen’), partyboten of -bussen, worden soms bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende dranken verstrekt. Volgens de artikel 1, derde lid van de Alcoholwet zijn dergelijke situaties niet vergunningsplichtig volgens die wet. Omdat aan dergelijke activiteiten risico’s zijn verbonden voor onder meer de volksgezondheid, de openbare orde en de leefbaarheid is in artikel 25g van de Alcoholwet de bevoegdheid aan gemeenten toegekend om bij verordening gebieden en/of tijdstippen aan te wijzen waarvoor de verplichting geldt om iemand op dergelijke vervoermiddelen aanwezig te hebben met kennis over en inzicht in sociale hygiëne (overeenkomstig de in hoofdstuk 4 van het Alcoholbesluit gestelde eisen, zoals het beschikken over een diploma). U wordt voorgesteld dit in artikel 2:34h te regelen. Te vervallen artikel 2:50a Wij stellen uw raad voor om, overeenkomstig het advies van het Landelijk Informatie- en Expertise Centrum (LIEC), artikel 2:50a te laten vervallen. Deze bepaling, die ook deel uitmaakte van de model-APV van de VNG, bevat een verbod om uiterlijke kenmerken van verboden organisaties, zoals Outlaw Motorcycle Gangs, zichtbaar te hebben.

Op 24 december 2021 heeft de Hoge Raad deze bepaling onverbindend verklaard, omdat dit een ontoelaatbare aanvulling is op artikel 140, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht (zijnde de strafbaarstelling van deelneming aan een al bij rechterlijke uitspraak verboden organisatie). Nieuw artikel 2:50a In de praktijk blijkt het gebruik van groepsfietsen in de gemeente Barneveld regelmatig overlast tot gevolg te hebben. Dat heeft voor een belangrijk deel te maken met consumptie van alcoholhoudende dranken waar dat gebruik vaak mee gepaard gaat. Wij stellen u voor om een verbod op dergelijke fietsen op te nemen, dat alleen geldt op daartoe door het college aangewezen openbare plaatsen (zoals de openbare weg). Die aanwijzing is volgens deze bepaling alleen mogelijk als dat nodig is ter beperking of voorkoming van overlast, in het belang van de bescherming van de woon- en leefomgeving of in het belang van het doelmatig gebruik van de weg. Momenteel wordt er met name overlast ondervonden in de centra van Barneveld en Voorthuizen, zodat een gedeelte hiervan zal worden aangewezen. Ook is verzocht om de wegen rondom een aanbieder van verslavingszorg op te nemen. Op groepsfietsen die zich bevinden op openbare plaatsen die niet als zodanig

3 zullen zijn aangewezen zal volgens het hierboven besproken nieuwe artikel 2:34h een persoon aanwezig moeten zijn die kennis heeft over en inzicht in sociale hygiëne. Artikelen 2:60, 4:13 en 5:12 In deze bepalingen wordt een technische wijziging (vervanging van het woord ‘opheffing’ door ‘beëindiging’). Hiermee wordt geen inhoudelijke wijziging beoogd. Artikel 2:65 In het huidige artikel 2:65 APV is het verbod opgenomen om op door ons aan te wijzen openbare plaatsen te bedelen. Wij stellen uw raad voor om aan die bepaling toe te voegen dat die aanwijzing nodig moet zijn ter voorkoming of beëindiging van overlast. De VNG adviseert deze toevoegingen zekerheidshalve op te nemen naar aanleiding van een uitspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Daaruit volgt dat de menselijke waardigheid wordt aangetast als iemand niet beschikt over voldoende bestaansmiddelen en dat deze beschermd wordt door artikel 8 van het Europese Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens (EVRM). Dit recht kan op grond van het tweede lid van dit artikel onder voorwaarden beperkt worden. Ter invulling van die voorwaarden wordt de genoemde toevoeging voorgesteld. Artikel 2:79 In artikel 2:79 van de APV is een zorgplicht opgenomen voor gebruikers en verhuurders van woningen om geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden te veroorzaken.

De burgemeester kan op grond hiervan gedragsaanwijzingen geven aan overlastgevers in zowel huur- als koopwoningen en aan verhuurders. Tot een wijziging van artikel 151d van de Gemeentewet (in 2021) was de gedragsaanwijzing aan verhuurders alleen mogelijk als de persoon die overlast gaf niet als ingezetene in de desbetreffende gemeente stond ingeschreven. Sindsdien is die beperking vervallen. In verband hiermee wordt u voorgesteld om artikel 2:79 aan te passen aan het genoemde gewijzigde artikel uit de Gemeentewet. Om woonoverlast beter tegen te gaan, geldt de zorgplicht voortaan in alle gevallen voor verhuurders van woonruimten. Dat betekent dat verhuurders zorgdragen dat de woningen die zij verhuren geen ernstige en herhaaldelijke hinder veroorzaken. Artikel 5:8 Artikel 5:8 bevat als uitgangspunt een verbod om lange voertuigen te parkeren binnen de bebouwde kom. Eén van de uitzonderingen op dit verbod geldt als de betreffende weg behoort tot de bedrijventerreinen ‘De Harselaar’, ‘De Valk en ‘Tolboom’. Wij stellen uw raad voor om hieraan het bedrijventerrein ‘TolnegenwegOost’, dat bijna gereed is, toe te voegen omdat dat terrein veel – in dit kader relevante - overeenkomsten heeft met de al genoemde bedrijventerreinen. Artikel 5:10 In deze bepaling is een verbod opgenomen om anders dan op de rijbaan te parkeren, het zogeheten ‘bermparkeren’.

Zowel het Parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM) als het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat zijn van oordeel dat dit verbod in strijd is met hogere regelgeving, zijnde artikel 10 van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens (RVV1990). Daarom is artikel 5:10 in juridisch opzicht een dode letter geworden, zodat deze bepaling kan vervallen.

4b. Tegenargumenten/kanttekeningen N.v.t

5. Alternatieve scenario's N.v.t.

6. Proces Vervolg/besluitvormingsproces (inclusief participatie): n.v.t. Vervolgstappen/planning/uitvoering: na uw vaststelling van de wijzigingsverordening, zal een bekendmaking in het elektronische gemeenteblad volgen. Communicatie: kortheidshalve wordt “Vervolgstappen/planning/uitvoering”

verwezen

naar

wat

hierboven

opgemerkt

Evaluatie/controle: dit is een continu proces dat periodiek leidt tot aanpassingen van de APV.

is

na

4

7. Financiële gevolgen

N.v.t.

8. Risico's N.v.t. Burgemeester en wethouders van Barneveld, de secretaris, de burgemeester, W. Wieringa J.J. Luteijn Bijlage: * was-wordt-lijst

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=d1aa598a-261d-43cd-8efd-dc5f4925b477