Raadsvoorstel 2371 Belastingverordeningen 2023.pdf
Tekst van het document
Afdeling: Bedrijfsvoering Mail behandelaar: w.horstink@barneveld.nl Telefoonnummer: 0623998437 Onderwerp:
Raadsvoorstel nr.2371 Barneveld,12 oktober 2022 Portefeuillehouder: W. Oosterwijk
Belastingverordeningen 2023
Samenvatting raadsvoorstel Jaarlijks worden de belastingmaatregelen bij de begrotingsbehandeling voorgesteld. Ter uitvoering van de belastingvoorstellen worden de vernieuwde verordeningen dan wel de wijzigingsverordening op de bestaande verordening ter vaststelling aangeboden. Aan de raad, Gevraagde beslissing: In te stemmen met: 1. de voorgestelde tariefswijzigingen voor het jaar 2023; 2. het vaststellen van de (voorlopige) percentages van de onroerende-zaakbelastingen 2023; 3. het vaststellen van de verordeningen onroerende-zaakbelastingen, de afvalstoffenheffing, de rioolheffing, de hondenbelasting, de forensenbelasting, de toeristenbelasting, de leges met de daarbij behorende tarieventabel de lijkbezorgingsrechten met de daarbij behorende tarieventabel en de verordening tot intrekking van diverse baatbelastingen. De belastingmaatregelen die voor het jaar 2023 in het kader van de begrotingsbehandeling worden voorgesteld zijn in de betreffende programma’s verwerkt. Daarnaast vindt u in de “Financiële begroting” en in de paragraaf “Lokale heffingen” informatie over de gemeentelijke heffingen. Ter uitvoering van de belastingvoorstellen bieden wij u hierbij de vernieuwde verordeningen aan waarin de wijzigingen zijn verwerkt.
Tariefswijzigingen Overeenkomstig hetgeen in de Programmabegroting 2023 is opgenomen, stellen wij u voor de tarieven als volgt te verhogen: - onroerende-zaakbelastingen 3,25%; - rioolheffing 4,0%; - hondenbelasting 3,25%; - leges 3,25%; - forensenbelasting 3,25%; - toeristenbelasting 3,25% - lijkbezorgingsrechten 7,0%. Naast de bovengenoemde tariefswijzigingen worden voor de onroerende-zaakbelastingen, de afvalstoffenheffing , de leges en de baatbelasting nog aanvullende wijzigingen voorgesteld die onderstaand worden toegelicht. Onroerende-zaakbelastingen (OZB) Zoals al aangegeven wordt de OZB verhoogd met het gemiddelde inflatiecijfer van 3,25%. Naast deze verhoging spelen de uitkomsten van de jaarlijkse hertaxatie een rol. De opbrengst van deze belastingen is namelijk het resultaat van de waarde en het tarief. Een dalende waarde betekent dat het tarief verhoogd moet worden om de gewenste opbrengst te genereren, terwijl stijgende waardes leiden tot een minder sterke stijging of zelfs tot een daling van de tarieven. De werkzaamheden van de jaarlijkse hertaxatie van de woningen en de niet-woningen zijn nu nog in volle gang. Gelet hierop kunnen wij u nog geen voorstel doen t.a.v. de hoogte van de tarieven.
Daar de tarieven niet met terugwerkende kracht verhoogd kunnen worden maar een tariefsdaling wel mogelijk is stellen wij u voor om de tarieven van zowel de woningen als de niet-woningen op voorhand te verhogen met 6%. Na het afronden van de jaarlijkse hertaxatie zullen wij u uiterlijk januari 2023 een voorstel doen waarbij de tarieven voor 2023, voor zowel woningen en niet-woningen, definitief kunnen worden vastgesteld met inachtneming van de 3,25% verhoging op de totale OZB-opbrengst.
2 Afvalstoffenheffing In de verordening is het artikel inzake de maatstaf van heffing en het tarief opnieuw geredigeerd. Leges Ook voor het komende jaar worden er wijzigingen in de tarieventabel voorgesteld. De wijzigingen betreffen Titel 1 (Algemene dienstverlening), Titel 2 (Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning) en Titel 3 (Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn). Voorgesteld wordt om in te stemmen met de volgende wijzigingen in de tarieventabel: Titel 1 Algemene dienstverlening • In Hoofdstuk 11 (Verkeer en vervoer) is voor de herverstrekking van een gehandicaptenparkeerkaart of een gemeentelijke gehandicaptenparkeerkaart een aanvullende bepaling opgenomen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in de herverstrekking met of zonder een medisch advies. Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning • In Hoofdstuk 1 (Definities) is artikel 2.1.1.3 komen te vervallen. Gelet op de wijze van berekening van de bouwkosten is deze bepaling niet meer van toepassing; • In Hoofdstuk 6 (Bestemmingswijzigingen) heeft in artikel 2.6.6 een redactionele verbetering plaatsgevonden; • Hoofdstuk 6A (Inmeten/berekenen bebouwing) is redactioneel aangepast. Tevens is een aanvullende bepaling opgenomen ten behoeve van het berekenen van de woninginhoud.
Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn • In Hoofdstuk 1 (Horeca) is artikel 3.1.8 opgenomen voor een tapontheffing. Tenslotte zijn de legestarieven die door het rijk of provincie worden bepaald, indien bekend, in de concepttarieventabel opgenomen. Baatbelasting Het instrument van een baatbelasting hebben wij in het verleden gebruikt om een deel van de kosten te verhalen op de eigenaren die gebaat waren door de aanleg van voorzieningen. De baatbelasting werd onder meer toegepast voor de aanleg van riolering in het buitengebied. Uitgangspunt van de heffing was een heffing ineens maar die op verzoek kon worden omgezet in een jaarlijkse heffing gedurende een periode van maximaal 15 jaren.
Nu deze periode voor de diverse verordening ondertussen zijn verstreken en niet meer worden toegepast stellen wij u voor om de onderstaande verordeningen in te trekken: • verordening baatbelasting riolering omgeving Garderen (fase 5); • verordening baatbelasting riolering omgeving Voorthuizen (fase 5); • verordening baatbelasting riolering omgeving ten oosten van Voorthuizen (fase 5); • verordening baatbelasting riolering omgeving ten zuidoosten van De Glind Voorthuizen (fase 6); • verordening baatbelasting riolering omgeving ten noordoosten van De Glind Voorthuizen (fase 6); • verordening baatbelasting riolering omgeving Terschuur en Zwartebroek (fase 7); • verordening baatbelasting riolering omgeving Barneveld (fase 7).
Burgemeester en wethouders van Barneveld, de secretaris, de burgemeester, W. Wieringa J.J. Luteijn
Bijlagen: de concept-verordeningen