CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 1691 Belastingverordeningen 2022 (1).pdf

Gemeenteraad 10 november 2021, gemeente BarneveldBij agendapunt: Belastingverordeningen 20221.019 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Afdeling: Bedrijfsvoering Mail behandelaar: w.horstink@barneveld.nl Telefoonnummer: 0623998437 Onderwerp:

Raadsvoorstel nr. 1691 Barneveld, Portefeuillehouder: A.H. van de Burgwal

Belastingverordeningen 2022

Samenvatting raadsvoorstel Jaarlijks worden de belastingmaatregelen bij de begrotingsbehandeling voorgesteld. Ter uitvoering van de belastingvoorstellen worden de vernieuwde verordeningen dan wel de wijzigingsverordening op de bestaande verordening ter vaststelling aangeboden.

Aan de raad, Gevraagde beslissing: In te stemmen met: 1. de voorgestelde tariefswijzigingen voor het jaar 2022; 2. het vaststellen van de (voorlopige) percentages van de onroerende-zaakbelastingen 2022; 3. de verhoging van de kostenopslag voor het opleggen van een naheffingsaanslag; 4. het vaststellen van de verordeningen onroerende-zaakbelastingen, de rioolheffing, de hondenbelasting, de forensenbelasting, de toeristenbelasting, de leges met de daarbij behorende tarieventabel de lijkbezorgingsrechten met de daarbij behorende tarieventabel en de wijzigingsverordeningen betreffende de bedrijveninvesteringszone en de parkeerbelasting. De belastingmaatregelen die voor het jaar 2022 in het kader van de begrotingsbehandeling worden voorgesteld zijn in de betreffende programma’s verwerkt. Daarnaast vindt u in de “Financiële begroting” en in de paragraaf “Lokale heffingen” informatie over de gemeentelijke heffingen. Ter uitvoering van de belastingvoorstellen bieden wij u hierbij de vernieuwde verordeningen dan wel de wijzigingsverordening op de bestaande verordening aan waarin de wijzigingen zijn verwerkt.

Tariefswijzigingen Overeenkomstig hetgeen in de Programmabegroting 2022 is opgenomen, stellen wij u voor de tarieven als volgt te verhogen: - onroerende-zaakbelastingen 1,5%; - rioolheffing 4,0%; - hondenbelasting 20,0%; - leges 1,5%; - leges kabels en leidingen 35,0% - forensenbelasting 2,5%; - toeristenbelasting 1,5% - lijkbezorgingsrechten 7,0%. - bedrijveninvesteringszone 1,5% Naast de bovengenoemde tariefswijzigingen worden voor de onroerende-zaakbelastingen, de parkeerbelasting en de leges nog aanvullende wijzigingen voorgesteld die onderstaand worden toegelicht. Onroerende-zaakbelastingen (OZB) Zoals al aangegeven wordt de OZB verhoogd met het gemiddelde inflatiecijfer van 1,5%. Naast deze verhoging spelen de uitkomsten van de jaarlijkse hertaxatie een rol. De opbrengst van deze belastingen is namelijk het resultaat van de waarde en het tarief. Een dalende waarde betekent dat het tarief verhoogd moet worden om de gewenste opbrengst te genereren, terwijl stijgende waardes leiden tot een minder sterke stijging of zelfs tot een daling van de tarieven. Daar de tarieven niet met terugwerkende kracht verhoogd kunnen worden maar een tariefsdaling wel mogelijk is stellen wij gelet op de waardeontwikkeling van de niet-woningen, zoals bedrijven, winkels, maatschappelijke objecten e.d., voor om de tarieven voor de niet-woningen in totaliteit te verhogen met 6%.

Na het afronden van de jaarlijkse hertaxatie zullen wij u uiterlijk januari 2022 een voorstel doen waarbij de tarieven voor 2022, voor zowel woningen en niet-woningen, definitief kunnen worden vastgesteld.

2

Parkeerbelasting Voor de naheffingsaanslag parkeerbelasting (de parkeerboete) is een maximumbedrag vastgesteld dat jaarlijks wordt aangepast aan de procentuele wijziging van het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie. Tot op heden is het tarief steeds op dit maximum vastgesteld en ook voor 2022 stellen wij u voor om deze lijn voort te zetten (wordt € 66,50 was € 65,30). Leges In de legesverordening en in de tarieventabel worden voor komend jaar de volgende wijzigingen voorgesteld. De wijzigingen betreffen: In de verordening: • Aanpassing van de artikelen 5 en 6 om de kennisgeving en betaling via elektronische weg te kunnen laten plaatsvinden; • De bepaling inzake de vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod is niet meer opgenomen. Hiervoor wordt in de tarieventabel een maximumtarief opgenomen; • De verwijzing naar de leges akten burgerlijke stand voor het overdragen van bevoegdheden is eveneens niet meer opgenomen. De verwijzing is namelijk overbodig aangezien het een bevoegdheid betreft van de ambtenaar van de burgerlijke stand.

In de tarieventabel: Titel 1 Algemene dienstverlening • In Hoofdstuk 2 (Reisdocumenten) is de bepaling van een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor een persoon met een uitreisverbod opgenomen; • In Hoofdstuk 4 (Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie personen) heeft er in de aanhef en in artikel 1.4.1 een redactionele verbetering plaatsgevonden. Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning • In zowel Hoofdstuk 2 (Vooronderzoek/principeverzoek) en Hoofdstuk 6 (Bestemmingswijzigingen) is een bepaling opgenomen voor het opstarten van een zogenaamde legalisatieprocedure. Voorgesteld wordt om het tarief met 100% te verhogen indien voorafgaand aan een uitnodiging tot het indienen van een vooronderzoek/principeverzoek, een voorwaarschuwing of een aanschrijving is verzonden naar aanleiding van de constatering dat in afwijking van de bestemming wordt gehandeld. De motivering hiertoe is het toepassen van ontmoedigingsbeleid en het feit dat deze procedures veel (meer) ambtelijke capaciteit vergen dan de reguliere procedures. Ook de verhoging bij een procedure voor het toepassen van een projectafwijkingsbesluit wordt gesteld op 100%.

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn • In Hoofdstuk 1 (Horeca) zijn de verwijzingen naar de Drank en Horecawet door de inwerkingtreding van de Alcoholwet per 1 juli 2021 vervangen door Alcoholwet. Tevens is artikel 3.1.7 die betrekking heeft op de kansspelautomaten opnieuw geredigeerd. Hierbij is aangesloten bij de bepalingen van de Algemene Plaatselijke Verordening. • Hoofdstuk 4 (Kinderopvang) is nieuw toegevoegd. De gemeente is verantwoordelijk voor het toezicht en handhaving op de geregistreerde kindercentra en gastouderopvang en voor een actuele en volledige registratie in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK). De GGD houdt, in opdracht van de gemeente, hier toezicht op. De kosten van het toezicht en de handhaving van de kwaliteit van de kinder- en gastouderopvang worden (deels) gefinancierd uit de algemene uitkering vanuit het gemeentefonds. Vanaf dit jaar is het uurtarief van de GGD verhoogd wat een structureel tekort op de begroting met zich meebrengt. Om een deel van het tekort te compenseren is ons voorstel om leges te gaan heffen bij nieuwe registraties in het LRK. Het behandelen van aanvragen voor opneming in het LRK kost de gemeente voor gastouderopvang € 626,- en voor andere kinderopvangvoorzieningen € 2.561,-.

Wij stellen voor om voor aanvragen die betrekking hebben op gastouderopvang € 200,- leges in rekening te brengen en voor de andere vormen van kinderopvangvoorzieningen het legesbedrag te bepalen op € 1.500,-. Voorgesteld wordt om in te stemmen met de wijzigingen in de verordening en de tarieventabel. Tenslotte zijn de legestarieven die door het rijk of provincie worden bepaald zijn, indien bekend, in de concepttarieventabel opgenomen.

3

Burgemeester en wethouders van Barneveld, de secretaris, de burgemeester, W. Wieringa J.J. Luteijn

Bijlagen: De concept-verordeningen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=b9516d39-4fcd-42c3-b9a1-fead52d92e1f