CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Oostbroek I_Toelichting_Bijlage 9 Onderzoek Stikstofdepositie, SPAWNP, mei 2021.pdf

Gemeenteraad 25 mei 2022, gemeente BarneveldBij agendapunt: Bestemmingsplan Oostbroek I in Kootwijkerbroek7.000 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rapport 21900389.r01a Bestemmingsplan Oostbroek I Kootwijkerbroek Onderzoek stikstofdepositie

www.SPAWNP.nl

BOUW - MILIEU - RUIMTE

Rapport 21900389.r01a Bestemmingsplan Oostbroek I Kootwijkerbroek Onderzoek stikstofdepositie

Datum: 11 mei 2021

Gemeente Barneveld De heer drs. E. Komdeur Postbus 63 3770 AB BARNEVELD E.Komdeur@barneveld.nl

Auteur: De heer ing. D.J. Hobert

Goedgekeurd: De heer ing. H. Groothedde

Klinkenbergerweg 30a | 6711 MK EDE | 0318 614 383 Vrijlandstraat 33-c | 4337 EA MIDDELBURG | 0118 227 466 Hoenderkamp 20 | 7812 VZ EMMEN | 0591 238 110

info@SPAWNP.nl | SPAWNP.nl ISO 9001:2015

| kvk 0909.2661 | btw NL8053.02.530.B01

DENKKRACHT

IN

Opdrachtgever:

SPA WNP ingenieurs

INHOUD

21900389.r01a

PAGINA

1.

INLEIDING 1.1 Aanleiding en doel 1.2 Huidige situatie 1.3 Toekomstige situatie 1.4 Situering Natura 2000-gebieden

3 3 3 4 5

2.

TOETSINGSKADER 2.1 Bepalen van significant negatieve effecten 2.2 Bepalen van de referentiesituatie(s) 2.3 Intern salderen 2.4 Ontwikkelingen

5 6 6 6 7

3.

TOETSING 3.1 Bepalen significante effecten 3.2 Bepalen van de referentiesituatie 3.3 Onderbouwing depositie referentiesituatie 3.4 Intern salderen 3.5 Beoordeling intern salderen

8 8 9 9 11 12

4.

CONCLUSIE

13

BIJLAGEN 1

Toetsingskader Wet Natuurbescherming

2

Emissiebronnen aanleg- en gebruiksfase

3

Bevestiging mestaanwending

4

Verschilberekening referentiesituatie – aanlegfase

5

Verschilberekening referentiesituatie – gebruiksfase

Dit document is eigendom van de opdrachtgever en mag door hem/haar worden gebruikt voor het doel waarvoor het is opgesteld. Niets uit dit document mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en/of van SPA WNP ingenieurs. Kwaliteit en verbetering van product en proces zijn bij SPA WNP ingenieurs gewaarborgd middels een kwaliteitsmanagementsysteem dat is gecertificeerd volgens NEN-EN-ISO 9001:2015.

Pagina 2

SPA WNP ingenieurs

1.

INLEIDING

1.1

Aanleiding en doel

21900389.r01a

In opdracht van de gemeente Barneveld is een onderzoek uitgevoerd naar de depositie van stikstof als gevolg van stikstofemissies. De stikstofemissies ontstaan op een Natura 2000-gebied door het beoogde woningbouwplan Kootwijkerbroek-Oost. Voor de beoogde ontwikkeling is het bestemmingsplan ‘Oostbroek 1’ opgesteld. Dit onderzoek is onderdeel van dat bestemmingsplan. Het doel van dit onderzoek is het bepalen of de beoogde woningbouw significant (negatieve) effecten heeft op Natura 2000-gebieden. 1.2

Huidige situatie In afbeelding 1 is de situering van het plangebied en de directe omgeving te zien. Het plangebied ligt aan de oostkant van Kootwijkerbroek. In de huidige situatie zijn de gronden onbebouwd en overwegend in gebruik voor agrarische doeleinden. Afbeelding 1: Huidige situatie plangebied (globaal geel omlijnd)

Pagina 3

SPA WNP ingenieurs

1.3

21900389.r01a

Toekomstige situatie De beoogde ruimtelijke ontwikkeling betreft het realiseren van 106 woningen. De woningen betreffen grondgebonden woningen, variëren in typologie en prijsklasse en worden gefaseerd ontwikkeld. Afbeelding 2 geeft weergave van de beoogde ontwikkeling. Afbeelding 2: Beoogde situatie plangebied

Pagina 4

SPA WNP ingenieurs

1.4

21900389.r01a

Situering Natura 2000-gebieden Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied (Veluwe) bevindt zich ten oosten van het plangebied op circa 4 kilometer afstand. Afbeelding 3: Situering Natura 2000-gebied

2.

TOETSINGSKADER Per 29 mei 2019 is door een uitspraak van de Raad van State de Programmatische Aanpak Stikstof niet langer te gebruiken als toetsingskader voor stikstofdepositie. In de daaropvolgende periode hebben de contouren van een nieuwe beoordelingssystematiek vorm gekregen. Een beschrijving van het volledige toetsingskader voor de Wet natuurbescherming is opgenomen in bijlage 1. Indien door een ruimtelijke procedure blijkt dat het optreden van significant negatieve effecten ter plaatse van stikstofgevoelige habitattypen in een Natura 2000-gebied niet kan worden uitgesloten, dan moet er een vervolgonderzoek worden uitgevoerd. In dat geval kan als eerste stap onderzocht worden of er interne salderingsmogelijkheden bestaan om hiermee de depositiebijdrage van een plan te verrekenen. In het geval dat na interne saldering de depositiebijdrage van een plan kan worden uitgesloten, is een passende beoordeling niet nodig en hoeft er eveneens geen plan-MER te worden opgesteld. Voor een ruimtelijke procedure worden bij intern salderen de volgende stappen doorlopen: 1. Bepalen van significant negatieve effecten op een Natura 2000-gebied 2. Bepalen van de referentiesituatie(s) 3. Intern salderen

Pagina 5

SPA WNP ingenieurs

2.1

21900389.r01a

Bepalen van significant negatieve effecten Voor het bepalen of de vaststelling van het bestemmingsplan kan leiden tot mogelijk significant negatieve effecten, is de eerste stap het uitvoeren van een stikstofdepositieberekening van de beoogde situatie. In de berekening van de beoogde situatie wordt uitgegaan van een aanleg- en gebruiksfase. Indien hierbij een stikstofdepositie wordt berekend die groter is dan 0,00 mol/ha/jaar, kan het plan mogelijk significante effecten veroorzaken op de instandhoudingsdoelstelling van Natura 2000-gebieden. De berekeningen dienen uitgevoerd te worden met de AERIUS Calculator. Aanlegfase Voor de aanlegfase worden de tijdelijke stikstofemissies die vrijkomen als gevolg van de bouwwerkzaamheden onderzocht. Gebruiksfase Voor de gebruiksfase wordt uitgegaan van de permanente emissies die ontstaan na ontwikkeling van het plan.

2.2

Bepalen van de referentiesituatie(s) De mogelijke significante negatieve gevolgen van het plan dienen vergeleken te worden ten opzichte van de referentiesituatie. Voor bestemmingsplannen wordt onder de referentiesituatie volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) verstaan: de feitelijk bestaande en planologische legale situatie voorafgaand aan de vaststelling van het plan. Uit de uitspraak van 4 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:683 blijkt dat het gebruik dat feitelijk beëindigd is voorafgaand aan de vaststelling van het bestemmingsplan, eveneens beschouwd mocht worden als referentiesituatie. In voorgenoemde uitspraak heeft de Afdeling overwogen dat als peilmoment voor het vaststellen van feitelijk bestaande en planologisch legale situatie, het moment van het opstellen van de passende beoordeling gehanteerd mag worden.

2.3

Intern salderen Op basis van de zogenaamde stand-still-jurisprudentie is bekend dat in gevallen waarin een gelijke of lagere depositie wordt beoogd dan in de referentiesituatie, significante gevolgen kunnen worden uitgesloten. Dit blijkt bijvoorbeeld uit de uitspraak van De Afdeling van 18 juli2018, ECLI:NL:RVS:2018:2449. Als na interne saldering blijkt dat een toename van de depositie veroorzaakt door een plan kan worden uitgesloten, is een passende beoordeling niet nodig en hoeft er eveneens geen plan-MER te worden opgesteld. Concreet betekent dit dat met een AERIUS-verschilberekening de depositie in de beoogde situatie vergeleken wordt met de depositie in de referentiesituatie(s). Is het verschil in de gebruiksfase kleiner dan of gelijk aan 0,00 mol/ha/jaar, dan is er geen passende beoordeling nodig. De berekeningen worden uitgevoerd met de nieuwste AERIUS versie 2020.

Pagina 6

SPA WNP ingenieurs

2.4

21900389.r01a

Ontwikkelingen Vuistregel tijdelijke depositie Vooruitlopend op de Wet stikstofreductie en natuurverbetering hebben de provincies gezamenlijk een beleid geformuleerd in de vorm van een vuistregel. Op basis van de vuistregel is er geen sprake van significante negatieve effecten op Natura 2000-gebieden of een aanvullende verplichting voor een Wnb-vergunning wanneer de stikstofdepositie tijdens de aanlegfase kleiner dan of gelijk is aan 0,05 mol N/ha/jaar, gedurende maximaal twee jaar op een overbelast stikstofgevoelig habitat. Wet stikstofreductie en natuurverbetering De Eerste Kamer is 9 maart 2021 akkoord gegaan met het wetsvoorstel om de stikstofuitstoot te verlagen en de natuur te verbeteren. De wet bevat een gedeeltelijke vrijstelling van de natuurvergunningsplicht voor de bouwsector. De vrijstelling geldt voor bouwactiviteiten in de bouw- en sloopfase, waarin emissies tijdelijk en beperkt zijn. In het besluit tot wijziging van enkele algemene maatregelen van bestuur (stikstofreductie en natuurverbetering) is het hierna genoemde opgenomen: Artikel 11.17 (aanwijzing vergunning vrije gevallen: stikstofdepositie door tijdelijke activiteiten) Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een Natura 2000-activiteit te verrichten, geldt in ieder geval niet als een project: a. betrekking heeft op: 1.

het verrichten van een bouwactiviteit of een sloopactiviteit die het feitelijk verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden aan een bouwwerk betreft; of 2. het aanleggen, wijzigen of opruimen van een werk; en b. afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten, de gevolgen van de depositie van stikstof door de onder a bedoelde activiteit, met inbegrip van de daarmee samenhangende vervoersbewegingen, buiten beschouwing gelaten, geen significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied. De verwachting is dat de wet op 1 juli 2021 in werking treedt. Voor onderhavige situatie wordt het legitiem geacht aan te sluiten bij de wet doordat de werkzaamheden niet eerder starten dan januari 2022. Desondanks is de depositie in dit onderzoek op basis van de ‘huidige kaders’ in beeld gebracht.

Pagina 7

SPA WNP ingenieurs

3.

TOETSING

3.1

Bepalen significante effecten

21900389.r01a

Voor het bepalen of de vaststelling van het bestemmingsplan kan leiden tot mogelijk significant negatieve effecten, is een stikstofdepositieberekening van de beoogde situatie uitgevoerd. Depositie beoogde situatie – aanlegfase De stikstofemissies tijdens de aanlegfase ontstaan door de inzet van dieselwerktuigen en de aan- en afvoer van personeel en materieel. De gebruikte werktuigen, aantallen transporten en de duur van het gebruik zijn afgestemd met de gemeente en gebaseerd op informatie uit referentieprojecten die bij SPA WNP ingenieurs beschikbaar zijn. De stikstofemissies zijn bepaald op basis van de werktuigcodes en emissiefactoren, afhankelijk van het bouwjaar van het materieel, zoals gepubliceerd door TNO1. Tijdens de werkzaamheden zijn er twee werktuigen die elektrisch worden ingezet. Het gaat hierbij om een elektrische graafmachine en wiellaadschop (shovel). Van beide werktuigen zijn elektrische varianten 2 beschikbaar, waardoor de bijdrage aan de stikstofuitstoot vervalt. Voor de doorlooptijd van het project is uitgegaan van de door de gemeente aangeleverde fasering van het project. Voor de realisatie van het plan betekent dit dat is uitgegaan van de jaren 2022, 2023 en 2024. Het eerste rekenjaar 2022 is worstcase afgestemd op de verwachte start van de aanlegfase.

Onderdeel van aanlegfase 2 en 3 zijn de verkeersemissies die ontstaan door het verwacht aantal op te leveren woningen per fase. Een onderbouwing van de emissiebronnen tijdens de aanlegfase is bijgesloten in bijlage 2. Uit de AERIUS-berekeningen volgt dat de stikstofemissies tijdens de aanlegfase leiden tot stikstofdepositie in het Natura 2000-gebied de Veluwe hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. In alle rekenjaren wordt een depositie berekend van 0,01 mol/ha/jaar. Rekenjaar 2024 is op basis van de totale emissies maatgevend. Significant negatieve effecten op het Natura 2000-gebied zijn hiermee niet uit te sluiten. Tabel 1: Resultaten stikstofdepositie aanlegfase Natura 2000 gebied

Stikstofdepositie (mol/ha/jaar)

Veluwe

0,01

Depositie beoogde situatie - gebruiksfase Voor de woningen is in de berekeningen niet uitgegaan van het optreden van gebouw gebonden stikstofemissies. Dit doordat bij besluit van 26 april 20183 is bepaald dat nieuwbouwwoningen per 1 juli 2018 aardgasvrij moeten zijn. De stikstofemissies tijdens de gebruiksfase ontstaan uitsluitend door de verkeersaantrekkende werking van de woningen.

1 TNO-rapport 2020 R11528 (2020) Onderbouwing AERIUS emissiefactoren voor wegverkeer, mobiele werktuigen, bin-

nenvaart en zeevaart. o.a. Natuur en Milieu (2019) Factsheet elektrische mobiele werktuigen in beeld, 3 Staatsblad 2018, nr. 109 en 129; Wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (voortgang energietransitie) 2

Pagina 8

SPA WNP ingenieurs

21900389.r01a

De verkeersgeneratie is bepaald op basis kengetallen van het kennisplatform CROW. Hiervoor is uitgegaan van een gemiddeld kengetal voor een vrijstaande woning. Ondanks dat er in het plan vrijstaande woningen zijn voorzien, worden er overwegend hoek- en rijwoningen gerealiseerd, hetgeen in de praktijk leidt tot een lagere verkeersaantrekkende werking. Om die reden dienen de gehanteerde verkeersbewegingen worstcase te worden beschouwd. Voor de verkeersverdeling is de applicatie VI-Lucht en Geluid gehanteerd. Deze applicatie is ontwikkeld in opdracht van het toenmalige ministerie van VROM. Het rekenjaar 2025 is worstcase afgestemd op de beoogde ingebruikname van alle woningen. Een onderbouwing van de emissiebronnen tijdens de gebruiksfase is bijgesloten in bijlage 2. Uit de AERIUS-berekening volgt dat de stikstofemissies tijdens de gebruiksfase leiden tot stikstofdepositie in Natura 2000-gebied de Veluwe hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. Op basis van dit resultaat zijn significante negatieve effecten op Natura 2000-gebieden niet uit te sluiten. Tabel 2: Resultaten stikstofdepositie beoogde situatie gebruiksfase Natura 2000 gebied

Stikstofdepositie (mol/ha/jaar)

Veluwe

0,01

Conclusie Door stikstofemissies tijdens de aanleg- en gebruiksfase is een stikstofdepositie in een Natura 2000-gebied berekend hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. Significant negatieve effecten op het Natura 2000-gebied zijn hiermee niet uit te sluiten. 3.2

Bepalen van de referentiesituatie De mogelijk significante negatieve gevolgen van het plan dienen vergeleken te worden ten opzichte van de referentiesituatie. Voor bestemmingsplannen wordt onder de referentiesituatie volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verstaan: de feitelijk bestaande en planologische legale situatie voorafgaand aan de vaststelling van het plan.

3.3

Onderbouwing depositie referentiesituatie Met de uitvoering van het plan wordt circa 4,8 hectare landbouwgrond uit productie genomen (zie afbeelding 4 en 5 hierna). Op deze gronden mag legaal mest worden uitgereden (mestaanwending). Volgens de destijds van toepassing zijnde en huidige jurisprudentie, was voor die bemesting geen Wnb-vergunning noodzakelijk. Met de realisatie van het plan is de activiteit bemesting niet meer mogelijk. Derhalve kunnen de stikstofemissies worden gesaldeerd met de ammoniakemissies, die komen te vervallen na het uit gebruik nemen van de landbouwgrond. De gronden zijn in de huidige situatie (en vanaf 2004) agrarisch in gebruik en bemest, hetgeen door gebruiker is bevestigd (zie bijlage 3 en 4). Het agrarisch gebruik is door de gemeente vastgelegd middels een pachtovereenkomst en toegestaan op basis van de vigerende bestemming.

Pagina 9

SPA WNP ingenieurs

21900389.r01a

Afbeelding 4: Agrarisch perceel ten westen Kerkweg

Afbeelding 5: Agrarisch perceel ten oosten Kerkweg

Pagina 10

SPA WNP ingenieurs

21900389.r01a

Hoeveelheid mest De mestwetgeving bepaalt hoeveel mest op gras- en bouwland mag worden gebracht. De huidige normen zijn vastgelegd in het mestbeleid 2019-2021 4. Voor de in onderhavige situatie aanwezige maïslanden geldt een bemestingsnorm van 140 kg/ha/per teelt. In dit onderzoek wordt uitgegaan van één teelt. Emissiefactoren Bij het aanwenden van mest vindt vervluchtiging van ammoniak plaats. De emissiefactor wordt bij aanwending van dierlijke mest in sterke mate bepaald door de aanwendingstechniek. In Van Bruggen et al. (2019)5 is de toepassing van de verschillende aanwendingstechnieken beschreven. Op basis van een emissiefactor per aanwendingstechniek is voor dierlijke mest (stalmest en drijfmest) op grasland en bouwland een emissiefactor bepaald. Voor onderhavig bouwland is de meest conservatieve emissiefactor 2% op basis van een bouwlandinjecteur. Het aandeel van de toegediende stikstof dat emitteert naar de lucht is tevens afhankelijk van de totale hoeveelheid ammoniakale stikstof (TAN) in mest. Deze hoeveelheid verschilt per mesttype. Uit het hiervoor genoemde rapport volgt dat de totale hoeveelheid stikstof in mest voor gemiddeld circa 65,8% bestaat uit ammoniak (TAN). De gegevens van de mestaanwending moeten, om als input te kunnen dienen voor de AERIUS-berekening, omgerekend worden van het aantal uitgereden mest (kg N) naar een totaal emissie (kg NH3/jaar).

De conversiefactor hiervoor is 17/14 (Vonk et al. (2018)) 6. In de AERIUS-berekening is uitgegaan van de in tabel 3 weergegeven emissies. Daarnaast is er sprake van emissie als gevolg van de verbrandingsmotor van werktuigen ten behoeve van de mestaanwending, alsmede het inzaaien en het oogsten van het gewas. Deze emissies zijn in dit onderzoek niet nader bepaald hetgeen betekent dat de emissies in de praktijk hoger zijn. Tabel 3: Emissie referentiesituatie agrarisch perceel Dierlijke mest

Aandeel NH3

Vervluchtiging

NH3 emissie

Oppervlak

NH3 emissie

(kg/ha/teelt)

(%)

(%)

(kg)

(ha)

(kg/jaar)

1,84

4,8

10,74

140

3.4

65,8

2

Intern salderen Alle emissies van de referentiesituatie en de beoogde situatie zijn in AERIUS ingevoerd en met elkaar vergeleken met behulp van een verschilberekening. De rekenresultaten zijn opgenomen in de tabellen 4 en 5. De berekeningen zijn opgenomen in bijlage 5 en 6 van deze rapportage.

4 Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, tabel 2, Stikstof landbouwgrond 2021 5 Bruggen et al. (2019) Emissies naar lucht uit de landbouw in 2017” WUR d.d. augustus 2019 6 Vonk, J. et al (2018). Methodology for estimating emissions from agriculture in the Netherlands – update 2018.

Calculations of CH4, NH3, N2O, NOx, PM10, PM2.5 and CO2 with the National Emission Model for Agriculture (NEMA). Wageningen, The Statutory Research Tasks Unit for Nature and the Environment. WOt-technical report 115.

Pagina 11

SPA WNP ingenieurs

21900389.r01a

Tabel 4: Rekenresultaten verschilberekening aanlegfase Natuurgebied Veluwe

Verschil in emissie NOx (kg/j) 139,46

NH3 (kg/j) - 6,32

Hoogste verschil (mol/ha/j) Referentie 0,01

Beoogd 0,01

Resultaat 0,00

Tabel 5: Rekenresultaten verschilberekening gebruiksfase Natuurgebied Veluwe

3.5

Verschil in emissie NOx (kg/j) 116,04

NH3 (kg/j) -4,70

Hoogste verschil (mol/ha/j) Referentie 0,00

Beoogd 0,01

Resultaat 0,00

Beoordeling intern salderen Uit de AERIUS-verschilberekeningen volgt dat er, als gevolg van de beoogde situatie ten opzichte van de referentiesituatie, geen hexagonen in Natura 2000-gebieden zijn met een berekend verschil hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. Er wordt voldaan aan het stand-still beginsel. Dat wil zeggen dat de stikstofemissies in de beoogde situatie volledig intern gesaldeerd kunnen worden met de referentiesituatie en er dus geen sprake is van een verslechtering van stikstofgevoelige natuur als gevolg van stikstofdepositie door het bouwplan. Hiermee kunnen significante gevolgen op Natura 2000-gebieden als gevolg van de beoogde activiteiten worden uitgesloten. Gezien de ruime afstand tot Natura 2000-gebieden zijn geen andere milieuverstoringen te verwachten, zoals verstoring door trillingen, geluid en/of licht of aan bodem en grondwater. Op basis daarvan geldt geen verplichting om een passende beoordeling te maken en hoeft er in het kader van het bestemmingsplan geen plan-MER te worden opgesteld.

Pagina 12

SPA WNP ingenieurs

4.

21900389.r01a

CONCLUSIE In het kader van het bestemmingplan Oostbroek 1 is een onderzoek uitgevoerd naar de depositie van stikstof als gevolg van stikstofemissies die ontstaan door de beoogde woningbouw. In de berekening van de beoogde situatie wordt uitgegaan van een aanleg- en gebruiksfase. Voor de aanlegfase geldt ten tijde van dit onderzoek op basis van provinciale afspraken dat er geen sprake is van significante negatieve effecten op Natura 2000-gebieden wanneer de stikstofdepositie tijdens de aanlegfase kleiner dan of gelijk is aan 0,05 mol N/ha/jaar gedurende maximaal twee jaar op een overbelast stikstofgevoelig habitat. Met een depositie van 0,01 mol/ha/jaar tijdens de aanlegfase wordt er in de onderhavige situatie voldaan aan deze vuistregel. Daarnaast geldt er voor activiteiten tijdens de aanlegfase een vrijstelling op basis van de aangenomen wet Stikstofreductie en natuurverbetering. Het streven is dat deze wet op 1 juli 2021 in werking treedt. Ondanks deze ontwikkelingen zijn de emissies als gevolg van de activiteiten tijdens de aanlegfase in dit onderzoek wel beschouwd. Op basis van de berekende stikstofemissies gedurende de aanleg- en gebruiksfase, blijkt dat significante negatieve effecten op Natura 2000-gebieden in beginsel niet kunnen worden uitgesloten. Om die reden zijn de bestaande emissies in de referentiesituatie vergeleken met de emissies van de beoogde situatie.

Hieruit volgt dat er geen hexagonen in Natura 2000-gebieden zijn met een berekend verschil hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. Op basis van het stand-still beginsel kunnen significante gevolgen op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten. Gezien de ruime afstand tot Natura 2000-gebieden zijn geen andere milieuverstoringen te verwachten, zoals verstoring door trillingen, geluid en/of licht of aan bodem en grondwater. Op basis daarvan geldt geen verplichting om een passende beoordeling te maken en hoeft er in het kader van het bestemmingsplan geen plan-MER te worden opgesteld.

SPA WNP ingenieurs

Pagina 13

BIJLAGEN

SPA WNP ingenieurs

21900389.r01 Bijlage 1

Bijlage 1: Toetsingskader Wet Natuurbescherming In het geval een plan een significant negatief effect kan hebben op een Natura 2000-gebied, moet een passende beoordeling gemaakt worden. Ten aanzien van stikstofdepositie voorzag het PAS in een generieke passende beoordeling. Door de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 kan deze niet langer gebruikt worden. Initiatiefnemers moeten nu zelf onderbouwen dat hun project geen significante negatieve effecten kunnen hebben. Dit kan aan de hand van een ecologische onderbouwing, intern of extern salderen of een ADC-toets. Ecologische onderbouwing In een ecologische onderbouwing wordt vanuit een ecologisch perspectief aangetoond dat een toename van stikstofdepositie niet kan leiden tot significante gevolgen op een stikstofgevoelig habitat. Naar huidig inzicht kan hier alleen sprake van zijn als de depositie terechtkomt op habitats waarvan de kritische depositiewaarde (KDW) niet wordt overschreden. ADC toets Een ADC-toets is een onderzoek waaruit blijkt dat er voor het plan/project geen alternatieven voorhanden zijn, dat de activiteit of het project nodig is op grond van een dwingende reden van groot openbaar belang en dat de stikstofdepositie gecompenseerd wordt.

Intern salderen Bij intern salderen wordt de stikstofdepositie die nodig is voor het realiseren van een activiteit verrekend binnen het plangebied of met activiteiten die op dezelfde locatie plaatsvinden / plaatshebben gevonden. Intern salderen kan worden toegepast op nieuwe plannen binnen het bestaande plangebied. Bijvoorbeeld door de aanleg van een woonwijk op een voormalig bedrijventerrein. Van intern salderen is sprake als de beoogde situatie niet leidt tot een toename van stikstofdepositie in een Natura 2000-gebied ten opzichte van de referentiesituatie. Dit betekent dat de depositie in de beoogde situatie in zijn geheel tegen de depositie van de referentiesituatie weggestreept (gesaldeerd) kan worden. Extern salderen Wanneer binnen het plangebied nog geen toestemming verleend is om stikstofemissie te veroorzaken, of wanneer de te verwachten emissie niet (volledig) weggestreept kan worden via intern salderen, kan worden onderzocht of het plan doorgang kan vinden door het toepassen van extern salderen als mitigerende maatregel. Van extern salderen is sprake als de toestemming voor stikstofemissie van één of meer bestaande activiteiten op locatie A geheel of gedeeltelijk ingetrokken wordt ten behoeve van de verlening van een nieuwe toestemming voor een nieuw of gewijzigd project op locatie B.

Daarbij mag 70% van de stikstofemissie van de feitelijk gerealiseerde capaciteit van locatie A gebruikt worden ten bate van locatie B. De overige 30% wordt gebruikt om een depositiedaling tot stand te brengen.

Pagina 1

21900389 Bijlage 2.1 aanlegfase

SPA WNP ingenieurs

Uitgangspunten stikstofemissies aanlegfase Algemeen Fase 1 (jaar) 2022

projectduur (maanden) 12

werkbare dagen 260

oplevering woningen 40

Brandstof Diesel

Duur (uur/jaar) 560

Diesel Benzine (4-Takt) Diesel

120 104 104

Mobiele werktuigen Bronnr.

1

Benodigde werktuigen Hijskraan Graafmachine Wiellaadschop Betonstorters/truckmixer Trilplaten/stampers Bestratingsmachine**

Werktuigcode B_HIJSKR_200_2014 Elektrische inzet Elektrische inzet B_BET_STO_200_2014 B_TRILPL_STAM_10_2008 B_GRAAFMA_60_2015

Stationair Vermogen (%) (kW) 30% 200

30% 30% 30%

200 10 60

Emissie NOX belast

Belasting (%)* 69%

(g/kWh)* 1,0

69% 40% 69%

1,0 5,6 0,8

(g/uur) 139

139 22 33 kg NOX

Emissie NOX onbelast

(kg/jaar) 54,32

(g/l/uur)* 10,00

(g/uur) 100,00

(kg/jaar) 16,80

NOX (kg/jaar) 71,12

11,64 1,63 2,42 67,59

10,00 13,90 10,00

100,00 6,95 30,00

3,60 0,22 0,94 20,62

15,24 1,85 3,36 91,56

Totaal kg NOX

91,56

Emissie NH3 (g/kWh)* 0,00

0,00 0,00 0,00

(g/uur) 0,38

0,38 0,00 0,11 kg NH3

0,05 0,00 0,01 0,27

Totaal kg NH3

0,27

Wegverkeer aanlegfase Bronnr.

2

Werkzaamheden

Verkeerscategorie

Aan-/afvoer materiaal Zwaar vrachtverkeer Aan-/afvoer materiaal Licht verkeer Persoonsvervoer werknemers Licht verkeer

Duur (dagen) 260 260 260

Aantal bewegingen (vtg/dag) (vtg/jaar) 2 520 6 1.560 20 5.200

* bron: TNO emissiefactoren voor stikstofdepositieberekeningen d.d. 8 oktober 2020. Voor het bepalen van de emissie tijdens stationair draaien (onbelast) is aangehouden dat de cilinderinhoud (in liters) gelijk is aan 5% van het maximaal motorvermogen (in kW). ** Voor dit type werktuig zijn geen emissiefactoren in AERIUS opgenomen. De gemiddelde belasting en emissie zijn gebaseerd op een vergelijkbaar type werktuig, uitgaande van een worst-case benadering.

(kg/jaar) 0,21

21900389 Bijlage 2.2 aanlegfase

SPA WNP ingenieurs

Uitgangspunten stikstofemissies aanlegfase Algemeen Fase 1 (jaar) 2023

projectduur (maanden) 12

werkbare dagen 260

oplevering woningen 38

Brandstof Diesel

Duur (uur/jaar) 560

Diesel Benzine (4-Takt) Diesel

104 80 80

Mobiele werktuigen Bronnr.

1

Benodigde werktuigen Hijskraan Graafmachine Wiellaadschop Betonstorters/truckmixer Trilplaten/stampers Bestratingsmachine**

Werktuigcode B_HIJSKR_200_2014 Elektrische inzet Elektrische inzet B_BET_STO_200_2014 B_TRILPL_STAM_10_2008 B_GRAAFMA_60_2015

Stationair Vermogen (%) (kW) 30% 200

30% 30% 30%

200 10 60

Emissie NOX belast

Belasting (%)* 69%

(g/kWh)* 1,0

69% 40% 69%

1,0 5,6 0,8

(g/uur) 139

139 22 33 kg NOX

Emissie NOX onbelast

(kg/jaar) 54,32

(g/l/uur)* 10,00

(g/uur) 100,00

(kg/jaar) 16,80

NOX (kg/jaar) 71,12

10,09 1,25 1,86 65,66

10,00 13,90 10,00

100,00 6,95 30,00

3,12 0,17 0,72 20,09

13,21 1,42 2,58 88,33

Totaal kg NOX

88,33

Emissie NH3 (g/kWh)* 0,00

0,00 0,00 0,00

(g/uur) 0,38

0,38 0,00 0,11 kg NH3

0,04 0,00 0,01 0,26

Totaal kg NH3

0,26

Wegverkeer aanlegfase Bronnr.

2

Werkzaamheden

Verkeerscategorie

Aan-/afvoer materiaal Zwaar vrachtverkeer Aan-/afvoer materiaal Licht verkeer Persoonsvervoer werknemers Licht verkeer

Duur (dagen) 260 260 260

Aantal bewegingen (vtg/dag) (vtg/jaar) 2 520 6 1.560 20 5.200

Wegverkeer gebruiks fase 1 - 40 woningen (zie bijlage 2.4) Bronnr.

3

Verkeerscategorie Zwaar vrachtverkeer Middelzwaar vrachtverkeer Licht verkeer

Aantal bewegingen (vtg/jaar) 1.916 1.916 115.889

* bron: TNO emissiefactoren voor stikstofdepositieberekeningen d.d. 8 oktober 2020. Voor het bepalen van de emissie tijdens stationair draaien (onbelast) is aangehouden dat de cilinderinhoud (in liters) gelijk is aan 5% van het maximaal motorvermogen (in kW). ** Voor dit type werktuig zijn geen emissiefactoren in AERIUS opgenomen. De gemiddelde belasting en emissie zijn gebaseerd op een vergelijkbaar type werktuig, uitgaande van een worst-case benadering.

(kg/jaar) 0,21

21900389 Bijlage 2.3 aanlegfase

SPA WNP ingenieurs

Uitgangspunten stikstofemissies aanlegfase Algemeen Fase 1 (jaar) 2024

projectduur (maanden) 12

werkbare dagen 260

oplevering woningen 28

Brandstof Diesel

Duur (uur/jaar) 400

Diesel Benzine (4-Takt) Diesel

80 64 64

Mobiele werktuigen Bronnr.

1

Benodigde werktuigen Hijskraan Graafmachine Wiellaadschop Betonstorters/truckmixer Trilplaten/stampers Bestratingsmachine**

Werktuigcode B_HIJSKR_200_2014 Elektrische inzet Elektrische inzet B_BET_STO_200_2014 B_TRILPL_STAM_10_2008 B_GRAAFMA_60_2015

Stationair Vermogen (%) (kW) 30% 200

30% 30% 30%

200 10 60

Emissie NOX belast

Belasting (%)* 69%

(g/kWh)* 1,0

69% 40% 69%

1,0 5,6 0,8

(g/uur) 139

139 22 33 kg NOX

Emissie NOX onbelast

(kg/jaar) 38,80

(g/l/uur)* 10,00

(g/uur) 100,00

(kg/jaar) 12,00

NOX (kg/jaar) 50,80

7,76 1,00 1,49 47,56

10,00 13,90 10,00

100,00 6,95 30,00

2,40 0,13 0,58 14,53

10,16 1,14 2,07 64,16

Totaal kg NOX

64,16

Emissie NH3 (g/kWh)* 0,00

0,00 0,00 0,00

(g/uur) 0,38

0,38 0,00 0,11 kg NH3

0,03 0,00 0,01 0,19

Totaal kg NH3

0,19

Wegverkeer aanlegfase Bronnr.

2

Werkzaamheden

Verkeerscategorie

Aan-/afvoer materiaal Zwaar vrachtverkeer Aan-/afvoer materiaal Licht verkeer Persoonsvervoer werknemers Licht verkeer

Duur (dagen) 260 260 260

Aantal bewegingen (vtg/dag) (vtg/jaar) 2 520 6 1.560 20 5.200

Wegverkeer gebruiks fase 1+2 - 78 woningen (zie bijlage 2.4) Bronnr.

3

Verkeerscategorie Zwaar vrachtverkeer Middelzwaar vrachtverkeer Licht verkeer

Aantal bewegingen (vtg/jaar) 3.736 3.736 225.984

* bron: TNO emissiefactoren voor stikstofdepositieberekeningen d.d. 8 oktober 2020. Voor het bepalen van de emissie tijdens stationair draaien (onbelast) is aangehouden dat de cilinderinhoud (in liters) gelijk is aan 5% van het maximaal motorvermogen (in kW). ** Voor dit type werktuig zijn geen emissiefactoren in AERIUS opgenomen. De gemiddelde belasting en emissie zijn gebaseerd op een vergelijkbaar type werktuig, uitgaande van een worst-case benadering.

(kg/jaar) 0,15

21900389 Bijlage 2.4 gebruiksfase

SPA WNP ingenieurs

Uitgangspunten stikstofemissies gebruiksfase Verkeersverdeling VI lucht en geluid (v4 uit 2016) Gemeente

Ligging

Wegcategorie

Wegvoorzieningen

Barneveld

Bebouwde kom

1x2; snelheid max. 30 km/h

parkeer- en fietsvoorzieningen

Fracties

Fractie

Personenauto's

0,968

Middelzwaar vrachtverkeer

0,016

Zwaar vrachtverkeer

0,016

Verkeersgeneratie CROW publicatie 381 Voorziening wonen

Stedelijkheidsgraad

Ligging

Kengetal*

Weinig stedelijk

Rest bebouwde kom

8,2

106

* worstcase uitgegaan van gemiddeld kengetal vrijstaande woning

Wegverkeer 2023 - 40 woningen Aantal bewegingen

Verkeerscategorie (per etmaal)

(per jaar)

Zwaar vrachtverkeer

5,25

1.916

Middelzwaar vrachtverkeer

5,25

1.916

Licht verkeer

317,50

115.889

Wegverkeer 2024 - 38 woningen Aantal bewegingen

Verkeerscategorie (per etmaal)

(per jaar)

Zwaar vrachtverkeer

4,99

1.820

Middelzwaar vrachtverkeer

4,99

1.820

Licht verkeer

301,63

110.095

Invoer wegverkeer in AERIUS 2025 - 106 woningen Bronnr.

2

Motorvoertuigbewegingen (per etmaal)

(aantal woningen)

Aantal bewegingen

Verkeerscategorie (per etmaal)

(per jaar)

Zwaar vrachtverkeer

13,91

5.077

Middelzwaar vrachtverkeer

13,91

5.077

Licht verkeer

841,39

307.106

869

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 3.1

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 3.2

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.1

Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening referentie en aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 1/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.2

Resultaten

Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Gemeente Barneveld

Kerkweg , 3774 BR Kootwijkerbroek

Omschrijving

AERIUS kenmerk

Oostbroek

ReU153qMGcq9

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

10 mei 2021, 15:11

2021

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Situatie 1

Situatie 2

Verschil

NOx

-

139,46 kg/j

139,46 kg/j

NH3

10,50 kg/j

4,18 kg/j

-6,32 kg/j

Resultaten

Natuurgebied

Verschil

Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)

Veluwe

0,00

Toelichting

Uitgevoerd door SPA WNP ingenieurs

Resultaten

referentie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 2/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.3

Resultaten

Locatie referentie

Emissie referentie

Resultaten

Bron Sector

Emissie NH3

Emissie NOx

Perceel Kerkweg links Landbouw | Landbouwgrond

4,10 kg/j

-

Perceel Kerkweg rechtst Landbouw | Landbouwgrond

6,40 kg/j

-

referentie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 3/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.4

Resultaten

Locatie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

Emissie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

Resultaten

Bron Sector

Emissie NH3

Emissie NOx

Mobiele werktuigen Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie

< 1 kg/j

64,16 kg/j

Wegverkeer Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

< 1 kg/j

3,22 kg/j

Wegverkeer - gebruiksfase - fase 1+2 Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

3,85 kg/j

72,08 kg/j

referentie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 4/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.5

Resultaten

Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden

Natuurgebied

Veluwe

Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil

0,01

0,01

Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*

0,00

(mol/ha/j)

*

Resultaten

Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.

referentie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 5/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.6

Resultaten

Resultaten per habitattype

Veluwe Habitattype

(mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000gebieden met het hoogste resultaat

Lg13 Bos van arme zandgronden

0,01

0,01

0,00

ZGL4030 Droge heiden

0,01

0,01

0,00

L4030 Droge heiden

0,01

0,01

0,00

H2310 Stuifzandheiden met struikhei

0,01

0,01

0,00

ZGLg09 Droog struisgrasland

0,01

0,01

0,00

Lg09 Droog struisgrasland

0,00

0,01

0,00

H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)

0,01

0,01

0,00

H4030 Droge heiden

0,00

0,01

0,00

H3160 Zure vennen

0,01

0,01

0,00

H9190 Oude eikenbossen

0,01

0,01

0,00

H2330 Zandverstuivingen

0,01

0,00

0,00

*

Resultaten

Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil

Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*

Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.

referentie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 6/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.7

Resultaten

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

referentie

Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud NH3

Sector

Omschrijving

Stof

Emissie

Landbouw grond

Mestaanwending: dierlijke mest

NH3

4,10 kg/j

Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud NH3

Resultaten

Perceel Kerkweg links 174539, 462556 0,5 m 1,8 ha 0,3 m 0,000 MW 4,10 kg/j

Perceel Kerkweg rechtst 174667, 462428 0,5 m 2,9 ha 0,3 m 0,000 MW 6,40 kg/j

Sector

Omschrijving

Stof

Emissie

Landbouw grond

Mestaanwending: dierlijke mest

NH3

6,40 kg/j

referentie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 7/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.8

Resultaten

Emissie (per bron)

Mobiele werktuigen 174606, 462464 64,16 kg/j < 1 kg/j

Naam Locatie (X,Y)

aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

NOx NH3

Voertuig

Omschrijving

AFW

Mobiele werktuigen

Uitstoot hoogte (m)

Spreiding (m)

Warmte Stof inhoud (MW)

Emissie

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

64,16 kg/j < 1 kg/j

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Resultaten

Soort

Voertuig

Standaard

Wegverkeer 174597, 462470 3,22 kg/j < 1 kg/j

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Zwaar vrachtverkeer

520,0 / jaar NOx NH3

1,64 kg/j < 1 kg/j

Standaard

Licht verkeer

1.560,0 / jaar NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

Standaard

Licht verkeer

5.200,0 / jaar NOx NH3

1,22 kg/j < 1 kg/j

referentie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 8/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.9

Resultaten

Naam

Locatie (X,Y) NOx NH3

Resultaten

Wegverkeer - gebruiksfase fase 1+2 174597, 462472 72,08 kg/j 3,85 kg/j

Soort

Voertuig

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Standaard

Zwaar vrachtverkeer

3.736,0 / jaar NOx NH3

11,69 kg/j < 1 kg/j

Standaard

Middelzwaar vrachtverkeer

3.736,0 / jaar NOx NH3

7,55 kg/j < 1 kg/j

Standaard

Licht verkeer

225.984,0 / jaar NOx NH3

52,84 kg/j 3,54 kg/j

referentie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 9/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 4.10

Resultaten

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Database versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020

Resultaten

referentie aanlegfase - fase 3 + gebruik 1+2

ReU153qMGcq9 (10 mei 2021) pagina 10/10

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 5.1

Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening referentie en gebruiksfase Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. S5w1yvHWDwzd (10 mei 2021) pagina 1/9

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 5.2

Resultaten

Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Gemeente Barneveld

Kerkweg , 3774 BR Kootwijkerbroek

Omschrijving

AERIUS kenmerk

Oostbroek

S5w1yvHWDwzd

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

10 mei 2021, 15:12

2021

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Situatie 1

Situatie 2

Verschil

NOx

-

116,04 kg/j

116,04 kg/j

NH3

10,50 kg/j

5,80 kg/j

-4,70 kg/j

Resultaten

Natuurgebied

Verschil

Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)

Veluwe

0,00

Toelichting

Uitgevoerd door SPA WNP ingenieurs

Resultaten

referentie gebruiksfase

S5w1yvHWDwzd (10 mei 2021) pagina 2/9

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 5.3

Resultaten

Locatie referentie

Emissie referentie

Resultaten

Bron Sector

referentie gebruiksfase

Emissie NH3

Emissie NOx

Perceel Kerkweg links Landbouw | Landbouwgrond

4,10 kg/j

-

Perceel Kerkweg rechtst Landbouw | Landbouwgrond

6,40 kg/j

-

S5w1yvHWDwzd (10 mei 2021) pagina 3/9

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 5.4

Resultaten

Locatie gebruiksfase

Emissie gebruiksfase

Bron Sector

Plangebied Anders... | Anders...

Wegverkeer Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

Resultaten

referentie gebruiksfase

Emissie NH3

Emissie NOx

-

-

5,80 kg/j

116,04 kg/j

S5w1yvHWDwzd (10 mei 2021) pagina 4/9

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 5.5

Resultaten

Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden

Natuurgebied

Veluwe

Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil

0,00

0,01

Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*

0,00

(mol/ha/j)

*

Resultaten

Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.

referentie gebruiksfase

S5w1yvHWDwzd (10 mei 2021) pagina 5/9

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 5.6

Resultaten

Resultaten per habitattype

Veluwe Habitattype

(mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000gebieden met het hoogste resultaat

Lg13 Bos van arme zandgronden

0,00

0,01

0,00

ZGL4030 Droge heiden

0,00

0,01

0,00

L4030 Droge heiden

0,00

0,01

0,00

Lg09 Droog struisgrasland

0,00

0,01

0,00

ZGLg09 Droog struisgrasland

0,01

0,01

0,00

H2310 Stuifzandheiden met struikhei

0,01

0,01

0,00

H9190 Oude eikenbossen

0,01

0,01

0,00

H4030 Droge heiden

0,01

0,00

0,00

H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)

0,01

0,01

0,00

H3160 Zure vennen

0,01

0,01

0,00

H2330 Zandverstuivingen

0,01

0,00

0,00

*

Resultaten

Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil

Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*

Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.

referentie gebruiksfase

S5w1yvHWDwzd (10 mei 2021) pagina 6/9

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 5.7

Resultaten

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

referentie

Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud NH3

Sector

Omschrijving

Stof

Emissie

Landbouw grond

Mestaanwending: dierlijke mest

NH3

4,10 kg/j

Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud NH3

Resultaten

Perceel Kerkweg links 174539, 462556 0,5 m 1,8 ha 0,3 m 0,000 MW 4,10 kg/j

Perceel Kerkweg rechtst 174667, 462428 0,5 m 2,9 ha 0,3 m 0,000 MW 6,40 kg/j

Sector

Omschrijving

Stof

Emissie

Landbouw grond

Mestaanwending: dierlijke mest

NH3

6,40 kg/j

referentie gebruiksfase

S5w1yvHWDwzd (10 mei 2021) pagina 7/9

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 5.8

Resultaten

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

gebruiksfase

Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Resultaten

Plangebied 174606, 462463 0,0 m 6,0 ha 0,0 m 0,000 MW Continue emissie Wegverkeer 174588, 462411 116,04 kg/j 5,80 kg/j

Soort

Voertuig

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Standaard

Zwaar vrachtverkeer

5.077,0 / jaar NOx NH3

17,04 kg/j < 1 kg/j

Standaard

Middelzwaar vrachtverkeer

10.153,0 / jaar NOx NH3

22,00 kg/j < 1 kg/j

Standaard

Licht verkeer

307.106,0 / jaar NOx NH3

77,00 kg/j 5,16 kg/j

referentie gebruiksfase

S5w1yvHWDwzd (10 mei 2021) pagina 8/9

SPA WNP ingenieurs

21900389 Bijlage 5.9

Resultaten

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Database versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020

Resultaten

referentie gebruiksfase

S5w1yvHWDwzd (10 mei 2021) pagina 9/9

Klinkenbergerweg 30a | 6711 MK EDE | 0318 614 383 Vrijlandstraat 33-c | 4337 EA MIDDELBURG | 0118 227 466 Hoenderkamp 20 | 7812 VZ EMMEN | 0591 238 110

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=c4f685f1-dab9-40d4-8729-8415526db320