CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Kapweg II, partiële herziening Buitengebied 2012_Toelichting_Bijlage 2 AERIUS berekening.pdf

Gemeenteraad 6 oktober 2021, gemeente BarneveldBij agendapunt: Bestemmingsplan “Kapweg II, partiële herziening Buitengebied 2012” Kootwijkerbroek1.026 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

dhr. B. van Geresteijn Hessenweg 122 6741 JR te Lunteren

Kenmerk

BE/2019/569/n/1

Onderwerp

AERIUS berekening Kapweg 15 te Kootwijkerbroek

Datum

19 januari 2021 (revisie op 23 februari 2021)

Auteur

ir. T.W.D. Schrader

Collegiale toets

ir. ing. K.J. Rebergen

Aanleiding Aan de Kapweg 15 te Kootwijkerbroek is een perceel met een woning en zes schuren/stallen gesitueerd (figuur 1). De initiatiefnemer is voornemens de bijgebouwen op de planlocatie te saneren ten behoeve van twee nieuwe gebouwen; een bijgebouw en een bedrijfsgebouw (figuur 2). De woning zal hierbij behouden blijven. Het bestemmingsplan voorziet niet in de beoogde ontwikkeling en dient derhalve te worden gewijzigd.

Figuur 1

De planlocatie ligt aan de Kapweg 15 te Kootwijkerbroek (bron kaartmateriaal: arcgis.com).

Figuur 2

Inrichtingsschets van de beoogde inrichting (bron ACBV Architectuur).

De planlocatie ligt op een afstand van 3,6 km tot het Natura 2000-gebied ‘Veluwe’ (figuur 3). Een toename in stikstofdepositie kan een negatief effect sorteren op kwetsbare en gevoelige habitattypen of leefgebieden binnen Natura 2000-gebieden. Het dichtstbijzijnde gedeelte van dit Natura 2000gebied betreft Vogelrichtlijn- en Habitatrichtlijngebied. De dichtstbijzijnde stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden liggen op een afstand van circa 3,6 km ten noordoosten van de planlocatie. Gemeente Barneveld heeft beoordeeld dat de referentiesituatie leegstaande panden betreft. Ten opzichte de huidige situatie leidt de beoogde ingreep derhalve tot een toename van het aantal verkeersbewegingen. De nieuwbouw zal zonder gasaansluiting in de gebruiksfase geen stikstofuitstoot hebben. Gedurende de aanlegfase kan er een beperkte en tijdelijke stikstofemissie verwacht worden ten gevolge van het gebruik van mobiele werktuigen en transportbewegingen. Middels deze AERIUS-berekening wordt rekenkundig inzichtelijk gemaakt of de voorgenomen ontwikkeling resulteert in een verhoging van stikstofdepositie binnen stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden van Natura 2000-gebieden.

Beleidskader landelijk en provinciaal beleid Als uitgangspunt wordt gehanteerd dat een project met alléén kleine tijdelijke deposities in de aanlegfase kleiner dan of gelijk aan 0,05 mol N/ha/jaar gedurende maximaal 2 jaar (of een equivalent hiervan) in beginsel niet vergunningplichtig is voor het aspect stikstofdepositie (BIJ12). Deze lijn geldt voor alle vormen van tijdelijke emissies in de aanlegfase, in de praktijk zal dit met name mobiele werktuigen en de aan-/afvoer van materiaal en materieel betreffen. Indien de stikstofdepositie in de aanlegfase groter is dan 0,05 mol N/ha/jaar gedurende maximaal 2 jaar, of indien er sprake is van een depositiebijdrage in de gebruiksfase op een door stikstof overbelaste locatie in een Natura 2000-gebied, dan kan wel sprake zijn van een vergunningplicht op het gebied van stikstof.

Figuur 3

De planlocatie ligt op een afstand van circa 3,6 km tot het Natura 2000-gebied ‘Veluwe’ (bron: PDOK).

Gebruiksfase stikstofemissie (permanent effect) De beoogde ontwikkeling betreft het saneren van een woning met zes schuren/stallen ten behoeve van twee nieuwe gebouwen. Ten opzichte de referentiesituatie leidt de beoogde ingreep tot een toename van het aantal verkeersbewegingen. Volledigheidshalve wordt de stikstofemissie in de gebruiksfase berekend, waarbij wordt uitgegaan van verkeersbewegingen in westelijke richting. Ter hoogte van de A1 wordt ervan uitgegaan dat de verkeersbewegingen opgaan in de achtergronddepositie (figuur 4). Er wordt uitgegaan van de volgende verkeersbewegingen: 30 verkeersbewegingen per dag van licht verkeer, 5 verkeersbewegingen per dag van middelzwaar vrachtverkeer en 5 verkeersbewegingen per dag van zwaar vrachtverkeer.

Figuur 4

Verkeersbewegingen vanaf de planlocatie in westelijke richting naar de A1 (AERIUS).

Aanlegfase stikstofemissie (tijdelijke projecteffecten) Gedurende de sloop- en bouwwerkzaamheden is er sprake van een verhoging van stikstofemissie middels een verhoogde inzet van machines en middels een verhoogde aan- en afvoer van personeel, machines en materiaal. De aan- en afvoer van personeel, machines en materiaal is in westelijke richting tot de A1 berekend. In onderstaande tabellen wordt een inschatting gemaakt van de inzet van machines en de verhoogde verkeersbewegingen (tabel 1 en tabel 2). Met deze aantallen wordt uitgegaan van een overschatting van de daadwerkelijk stikstofemissie. Op de sloop- en bouwlocatie resulteert dit in een emissie van 93,35 kg NOx/jaar. Tabel 1

De berekende inzet van machines gedurende de sloopwerkzaamheden en de bouwwerkzaamheden.

Werkzaamheden

Werktuig

Bouwjaar

Belasting (%) 50

Draaiuren

Vanaf 2011

Vermogen (kW) 210

40

Emissie (kg/j) 16,38

Sloop- en bouwwerkzaamheden

Mobiele kraan Shovel

Vanaf 2011

200

50

60

11,20

Betonpomp

Vanaf 2007

20

30

30

1,58

Verreiker

Vanaf 2012

100

50

60

24,19

Stationair draaien

Tabel 2

De berekende verhoogde verkeersbewegingen gedurende de sloop- en de bouwwerkzaamheden.

Verkeersbewegingen Sloop- en bouwwerkzaamheden

Figuur 5

40,00

Aantal per jaar 500 200

Categorie licht zwaar

Emissie (kg/j) 0,5 2,8

Locaties van verhoogde stikstofemissie gedurende de sloop- en bouwwerkzaamheden (AERIUS). 1) locatie sloop- en bouwwerkzaamheden. 2) verkeersbewegingen sloop- en bouwwerkzaamheden.

Resultaten stikstofdepositie De AERIUS-berekening resulteert voor de gebruiksfase niet in een verhoging van stikstofdepositie binnen kwetsbare habitattypen of leefgebieden van Natura 2000-gebieden. De AERIUS-berekening resulteert voor de aanlegfase in een verhoging van stikstofdepositie van 0,01 mol N/ha/jaar binnen kwetsbare habitattypen of leefgebieden van het Natura 2000-gebied ‘Veluwe’. Deze verhoging van stikstofdepositie valt onder de drempelwaarde van 0,05 mol N/ha/jaar voor tijdelijke deposities.

Conclusie De beoogde ontwikkeling is wat betreft stikstofdepositie en gebiedsbescherming uitvoerbaar in het kader van de Wet natuurbescherming. Derhalve is er geen vergunning nodig en zijn er voor stikstofdepositie geen verdere vervolgstappen noodzakelijk.

We hopen u met dit schrijven voldoende te hebben geïnformeerd. We verblijven in afwachting van uw reactie. Met vriendelijke groet,

Blom Ecologie B.V., ir. T.W.D. Schrader

Bijlage 1 | AERIUS berekening gebruiksfase Kapweg 15 te Kootwijkerbroek Bijlage 2 | AERIUS berekening aanlegfase Kapweg 15 te Kootwijkerbroek

BLOM ECOLOGIE B.V. ZANDWEG 46A - 4181 PM WAARDENBURG Niets uit deze rapportage mag zonder schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en Blom Ecologie B.V. worden gebruikt door derden. Onder gebruik worden alle vormen van kopie, openbaarmaking en elke andere toepassing begrepen. Deze rapportage mag alleen gebruikt worden voor het doel waarvoor het is samengesteld. Blom Ecologie B.V. is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit toepassing van de resultaten van werkzaamheden en/of gegevens verkregen van Blom Ecologie B.V.

Bijlage 1 | AERIUS berekening gebruiksfase Kapweg 15 te Kootwijkerbroek

Bijlage 2 | AERIUS berekening aanlegfase Kapweg 15 te Kootwijkerbroek

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=772be284-30d8-4a0a-b75f-2339827cd146