Gemeente Barneveld Jaarverslaggeving 2025 incl getekende controle verklaring
Tekst van het document
Jaarverslaggeving 2025
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
Inhoudsopgave
1. Aanbieding
2
2. Financieel resultaat
8
Resultaat programma’s Verschillenanalyse
3. Programma’s
11
Programma 1 – Participatie & Ondersteuning Programma 2 – Bedrijvigheid & Bereikbaarheid Programma 3 – Woon- en Leefomgeving Programma 4 – Samenwerken, dienstverlenen en besturen
4. Paragrafen
37
Paragraaf 1 – Lokale heffingen Paragraaf 2 – Weerstandsvermogen en risicobeheersing Paragraaf 3 – Onderhoud kapitaalgoederen Paragraaf 4 – Financiering Paragraaf 5 – Grondbeleid Paragraaf 6 – Verbonden partijen Paragraaf 7 – Bedrijfsvoering Paragraaf 8 – Wet open overheid
5. Jaarrekening
73
6. Bijlagen
86
1. Verloop voorzieningen grondexploitaties 2. Overzicht programma’s en producten 3. Budgetoverheveling 4. Kerngegevens en beleidsindicatoren 5. Sisa staat 6. Taakvelden
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
7. Incidentele baten en lasten 8. Investeringskredieten 9. Taakstellingen
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
Raadsbesluit
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
1
Aanbieding en inleiding
Aan de Raad, Barneveld, 5 juni 2026 Aanbiedingsbrief
Inleiding 2025 stond in het teken van een veranderende omgeving, met internationale spanningen, druk op het energiesysteem door netcongestie en landelijke verkiezingen die het bestuurlijk klimaat bepaalden. Ook lokaal werkte dit door, met de voorbereidingen voor de gemeenteraadsverkiezingen in Barneveld. In en rond onze gemeente vroegen het hoge aantal wolvenaanvallen en de impact op het buitengebied nadrukkelijk om aandacht. Tegelijkertijd bleef de vraag naar ruimte, woningen en energievoorziening groeien. Dit vroeg om heldere keuzes en samenwerking. In die context bleef Barneveld koersvast en gericht op uitvoering. Een bijzonder moment was de benoeming van de eerste kinderburgemeester, waarmee ook de stem van de jongste inwoners een plek kreeg. Zo laat 2025 een gemeente zien die midden in de samenleving staat en vooruit blijft kijken. Met het Jaarverslag 2025 legt het college u verantwoording af over de uitvoering van het door u vastgestelde beleid. 2025 was een jaar waarin de groei van onze gemeente opnieuw scherp zichtbaar werd in het sociale, economische en fysieke domein. Die groei bracht kansen én kwetsbaarheden met zich mee. In deze aanbiedingsbrief geven wij u een bestuurlijke terugblik, waarin we de belangrijkste ontwikkelingen per programma in hoofdlijnen schetsen.
De nadere toelichtingen en concrete voorbeelden vindt u in de Inleiding en de programmaverantwoording van het Jaarverslag. Daarnaast leggen wij ook rekenschap af over het gevoerde financiële beleid in het afgelopen jaar. Daarvoor lichten wij de financiële verschillen en duiden wij het positieve resultaat van 8,5 miljoen, waarbij wij u een voorstel doen voor de aanwenden van dit resultaat. Terugblik op 2025 In 2025 kwamen binnen alle vier de programma’s duidelijke ontwikkelingen naar voren die richting geven aan de opgaven voor de komende jaren. Hieronder lichten we de belangrijkste lijnen per programma toe. Programma 1 Participatie & Ondersteuning In 2025 werd zichtbaar hoe noodzakelijk het is om zorg, ondersteuning en preventie stevig met elkaar te verbinden. De uitvoering van de Hervormingsagenda Jeugd kreeg lokaal vorm met aandacht voor kwaliteit, continuïteit en financiële houdbaarheid. Tegelijkertijd bleef de druk op ondersteuning toenemen door vergrijzing, complexere problematiek en bevolkingsgroei. Samenwerking – tussen partners, scholen, zorgaanbieders en inwoners – werd steeds belangrijker om tijdig te kunnen handelen. De ontwikkeling van de Visie Sociaal Domein 2040 bracht dit samen in één gedeelde koers voor de langere termijn, gebaseerd op wat in 2025 zichtbaar werd in de praktijk.
Programma 2 Bedrijvigheid & Bereikbaarheid De Barneveldse economie bewees in 2025 opnieuw haar kracht. Tegelijkertijd werd duidelijk dat economische groei onlosmakelijk verbonden raakt met mobiliteit, ruimte en verduurzaming. De inzet op bereikbaarheid, regionale samenwerking en het versterken van het ondernemersklimaat was daarvoor cruciaal. Daarnaast werd zichtbaar dat thema’s als netcongestie, infrastructuur en arbeidsmarkt steeds meer bepalend zijn voor het tempo waarin bedrijven kunnen groeien of zich kunnen vestigen. De wisselwerking tussen lokale ambities en regionale opgaven werd daardoor sterker voelbaar. Programma 3 Woon- en Leefomgeving In 2025 is gewerkt aan een toekomstbestendige woon- en leefomgeving, met de vaststelling van de Omgevingsvisie 2040 als richtinggevend kader. De woningvoorraad groeide beperkt en bleef achter bij de ambitie om jaarlijks fors meer woningen toe te voegen. Ontwikkellocaties zijn verder uitgewerkt in samenhang met infrastructuur, voorzieningen en landschap. Klimaatadaptatie, energietransitie en de aanpak van netcongestie vroegen om nauwe samenwerking met regionale en provinciale partners. In het landelijk gebied is verder gewerkt aan een integrale aanpak van landbouw, natuur en leefomgeving binnen het programma Waardevol Landelijk Gebied en regionale gebiedsprocessen.
In de dorpen stond het versterken van leefbaarheid, veiligheid en voorzieningen centraal, evenals de verdere ontwikkeling van onderwijshuisvesting. Tot slot zijn de kaders voor wonen en zorg aangescherpt via de Woonvisie 2025–2027, de Woonzorgvisie 2025–2029 en de geactualiseerde Huisvestingsverordening. Programma 4 Dienstverlenen, Samenwerken & Organisatie Binnen de organisatie werd verder gebouwd aan wendbaarheid, stabiliteit en samenwerking. Gebiedsgericht werken maakte de gemeente beter zichtbaar en benaderbaar voor inwoners in de dorpen. De doorontwikkeling van participatie, digitale dienstverlening en communicatie zorgde voor meer uniforme werkwijzen, kortere doorlooptijden en beter toegankelijke informatievoorziening richting inwoners. In 2025 is daarnaast stevig geïnvesteerd in de professionalisering van Public Affairs en de bestuurlijke lobby. Door scherper te prioriteren en eerder in netwerken aan te haken, kon Barneveld zich beter positioneren op regionale thema’s, wat onder meer zichtbaar werd binnen Regio Foodvalley en Regio Amersfoort. Wanneer we de programma’s gezamenlijk bezien, vallen de volgende punten op: Samenhang tussen opgaven neemt toe. Wonen, zorg, economie, energie, mobiliteit en leefkwaliteit grijpen steeds sterker in elkaar. Het voortzetten van integraal en gebiedsgericht werken is des te noodzakelijk. De effecten van groei worden zichtbaarder.
De druk op voorzieningen, infrastructuur, ondersteuning en ruimte neemt toe. De woningbouwproductie bleef achter bij de ambitie, wat het belang van prioritering, fasering en regionale afstemming onderstreept. Regionale samenwerking is onmisbaar én levert resultaat. In Regio Foodvalley en Regio Amersfoort zijn concrete resultaten berrekt (o.a. bereikbaarheid, arbeidsmarkt, voorzieningen), terwijl grote opgaven zoals infrastructuur, energie, stikstof en wonen steeds meer en vooral ook regionaal moeten worden aangepakt met inachtname van de lokaal geformuleerde uitgangspunten. Public Affairs en lobby als onderdeel van goed bestuur. Door tijdiger aan te haken in relevante netwerken positioneerde Barneveld zich beter bij provinciale en landelijke besluitvorming. Dienstverlening en nabijheid versterken vertrouwen. Verbeteringen in participatie, digitale toegankelijkheid, gebiedsgericht werken en communicatie helpen om herkenbaar en bereikbaar te blijven in een groeiende gemeente. Het gaat nadrukkelijk om ‘groeien in verbinding’. Uitvoeringskracht staat onder druk. Groei, nieuwe verplichtingen en complexere vergunningverlening
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
2
vragen om programmatisch werken, heldere keuzes en realistische fasering; De achterblijvende woningbouwproductie illustreert deze druk in de praktijk. Structurele financiële druk houdt aan. Kostenstijgingen en langjarige opgaven in sociaal domein, vastgoed, infrastructuur en duurzaamheid vragen om een zorgvuldige balans tussen ambities en uitvoerbaarheid. Daarvoor is de koers gericht op verantwoorde groei ingezet. Deze punten tonen samen een gemeente in beweging, waarin groei en maatschappelijke veranderingen elkaar in hoog tempo opvolgen. 2025 bevestigde dat Barneveld steeds meer werkt in een netwerk van partners, waarin integraliteit, samenwerking en realistische uitvoeringskracht bepalend zijn voor succes. Financieel beeld en belangrijkste afwijkingen in 2025 Ondanks de toenemende financiële druk als gevolg van snel veranderende macro-economische en politieke omstandigheden is de financiële positie van de gemeente stabiel gebleven. De specifieke financiële indicatoren voor onze gemeente ondersteunen dit. Het afgelopen jaar heeft de raad – naast ombuigingen om de financiële basis meerjarig op orde te houden – ook een pakket besparingsmaatregelen voor 2026–2030 vastgesteld. Hierdoor ontstaat financiële ruimte om de groei van de gemeente op een verantwoorde manier te ondersteunen.
Resultaat 2025 De actuele begroting gaf al een realistische prognose voor het resultaat over 2025. Ten opzichte van het eerder gepresenteerde resultaat van € 10,6 miljoen zien we een negatieve afwijking van € 0,1 miljoen. Het verwachte resultaat over 2025 komt daarmee uit op een incidenteel voordeel van € 10,518 miljoen. In het hoofdstuk Financieel resultaat gaan wij uitgebreid in op de cijfers. Hier volstaan we met enkele belangrijke constateringen. De verschillen die na vaststelling van de actuele begroting zijn ontstaan, hangen vooral samen met onvoorziene ontwikkelingen die pas later bekend werden. Zo bleek een extra storting in de pensioenvoorziening voor wethouders noodzakelijk, naar aanleiding van een wijziging in de BBV‑regelgeving die eind 2025 is gepubliceerd. Ondanks deze bijstellingen blijft de financiële positie van de gemeente Barneveld solide, wat ook blijkt uit het positieve resultaat. Tegelijkertijd blijft aandacht voor de in de begroting opgenomen structurele taakstellingen nodig. We constateren dat deze nog niet op alle onderdelen volledig zijn gerealiseerd (zie toelichting in bijlage 9). In 2025 konden de niet‑behaalde taakstellingen nog incidenteel worden opgevangen door voordelen op andere beleidsterreinen.
Verantwoorde groei vraagt om uitvoering In 2025 heeft de gemeenteraad zowel de Omgevingsvisie Barneveld 2040 als de Visie Sociaal Domein 2040 vastgesteld. Daarmee beschikt de gemeente Barneveld over twee richtinggevende strategische visies voor de lange termijn. Belangrijke mijlpalen voor een stevig fundament onder de toekomstige ontwikkeling van onze gemeente. Met dit fundament verschuift in de komende bestuursperiode het accent nadrukkelijk naar de uitvoering: het in praktijk brengen van verantwoorde groei. Dat vraagt om heldere keuzes, versterking van uitvoeringskracht en realistische planningen, zodat ambities daadwerkelijk kunnen worden omgezet in resultaten voor inwoners, ondernemers en partners. Door consequent te monitoren en waar nodig tijdig bij te sturen, blijven strategie en uitvoering met elkaar in balans.We doen dat nadrukkelijk in verbinding met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners binnen en buiten de gemeente.
Burgemeester en wethouders van Barneveld, W.Wieringa Secretaris
J. van der Tak Burgemeester
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
3
Wat hebben we bereikt? Participatie & Ondersteuning Zelfredzame inwoners Meer inwoners naar werk: De pilot Sterk naar Werk hielp vijf statushouders binnen een half jaar aan duurzaam werk; andere deelnemers zetten duidelijke stappen richting participatie. Beter inzicht in BUIG‑middelen: Een nieuwe prognosetool zorgt voor realistischer begroten. Sterkere basisvaardigheden & inclusie: Het netwerk laaggeletterdheid is uitgebreid en inclusie kwam nadrukkelijker op de agenda via ambassadeurs, activiteiten en bewustwording. Sociale en vitale samenleving Cultuurvisie vastgesteld: Leidde tot een doorstart van het Cultuurplatform en zichtbaar sterker cultureel aanbod, ook regionaal. Sport stimuleert gezondheid: Nieuwe projecten stimuleren bewegen in de openbare ruimte en sportaanbieders zijn versterkt in ledenwerving en organisatie. Integraal evenementenfonds: Sport- en cultuurevenementen zijn samengebracht voor eenvoudiger en samenhangende ondersteuning. Veilig en gezond opgroeien Hervormingsagenda Jeugd in uitvoering: Eerste acties en halfjaarrapportage opgeleverd; focus op versterken ouders en normaliseren van hulp. Sterkere regionale samenwerking jeugd: Professionaliseringsslag leidde tot betere recht- en doelmatigheid en financiële opbrengsten. Aanpak huiselijk geweld verdiept: Nieuwe regiovisie, training voor alle teams en extra inzet op vrouwveiligheid.
Gemeentelijk vangnet & zorg Nieuwe Wmo‑contracten en betere kwaliteitsbewaking: Door screening en versterkt contractmanagement worden kwaliteit en rechtmatigheid scherper bewaakt. Domeinoverstijgend werken groeit: Eén integrale werkwijze voor Wmo, wijkverpleging en dementiezorg; ondersteund door SPUK DOS. Woonzorgvisie vastgesteld: Inclusief regio‑aanpak dakloosheid en ETHOS‑telling. Gezondheid & preventie Gezonde Leefstijl Akkoord versterkt netwerk en activiteiten: Gericht op roken, bewegen, voeding en alcohol. Brede SPUK en IZA verstevigen preventie & mentale gezondheid: Ingezet op Kansrijke Start, gezonde leefomgeving en regionale mentaal‑gezondheidsnetwerken. Aanpak eenzaamheid zichtbaar: Extra aandacht tijdens Kom Erbij‑week en Burendag, met lokale partners als stevige basis. Bedrijvigheid en Bereikbaarheid Aantrekkelijk ondernemersklimaat met voldoende ruimte voor bedrijvigheid We hebben de economische visie uitgevoerd en ondernemers ondersteund in innovatie, digitalisering en verduurzaming. De ontwikkeling van Harselaar‑Zuid, Voorthuizen en Stroe is verder uitgewerkt om voldoende ruimte en toekomstbestendige werklandschappen te bieden. De Human Capital‑inzet heeft de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt versterkt en de BTO heeft een nieuwe groeilocatie betrokken.
Via de Barneveldse Energiemaatschappij en ondernemersbijeenkomsten zijn stappen gezet om netcongestie te verminderen. Samenwerking met bedrijven en kennisinstellingen heeft geleid tot nieuwe initiatieven voor innovatie, technisch onderwijs en energietransitie. In regioverband is inzicht verkregen in toekomstige behoefte aan bedrijventerreinen en is onder andere op Harselaar een reclamebelasting ingevoerd. Toerisme en recreatie als economische motor Met uitvoering van de Visie Recreatie & Toerisme 2030 en gerichte campagnes is het verblijfstoerisme toegenomen. De organisatiekracht van winkeliers is versterkt door de samenwerking tussen BMV en COB richting fusie. Het Evenementenfonds ondersteunde 36 evenementen en het nieuwe Integrale Evenementenfonds maakt aanvragen eenvoudiger en overzichtelijker. Een goede bereikbaarheid en verkeersveiligheid: Interne bereikbaarheid: Diverse zichtbare projecten zijn afgerond of in uitvoering gebracht, waaronder de Rebellaan/Troelstralaan en meerdere 30‑km‑u trajecten in kernen. Voor fietsers zijn nieuwe projecten gestart, waaronder verbreding/vervanging van fietspaden en verbetering van oversteken. Met partners zoals VVN zijn campagnes, verkeerslessen, cursussen en gedragsacties uitgevoerd voor jongeren, volwassenen en senioren.
Met smileyborden, meldingenafhandeling en lobby richting provincie en Rijk is ingezet op het oplossen van lokale en regionale veiligheidsknelpunten. Het regionale verkeersmodel voor Regio Foodvalley is opgeleverd als basis voor toekomstgericht mobiliteitsbeleid. Werkgevers zijn geholpen bij verduurzaming van zakelijke mobiliteit en het aantal laadpunten groeide van 686 naar 813. Externe bereikbaarheid: We hebben bijgedragen aan de planuitwerking van de aanpak A1–A30, waaronder de verruiming van de ‘botsbocht’. Regio Foodvalley ontving € 43,2 miljoen voor doorfietsroutes die duurzame mobiliteit versterken. De gemeente participeerde in de Netwerkanalyse ARN‑Nijmegen‑Foodvalley om toekomstige mobiliteitsopgaven door verstedelijking in kaart te brengen. Door gemeentelijke inzet wordt buslijn 105 vanaf juli 2026 doorgetrokken naar Harselaar‑West Woon- en Leefomgeving Woningbouw/groei van Barneveld
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
4
Woningbouw: 243 woningen toegevoegd; 215 vergunningen verleend en 476 woningen gestart. Betaalbaar bouwen: 59% betaalbaar; projecten bijgestuurd op actuele woondeal‑afspraken. Doelgroepen & opgaven: 47 startersleningen verstrekt; taakstelling statushouders gehaald. Beleid & visie: Vaststelling Woonvisie 2025–2027, Omgevingsvisie 2040 en AZC‑omgevingsplan. Regionale afstemming: Bijdrage aan woondeal, verstedelijking en regionale knelpunten (mobiliteit/netcongestie). Wonen & zorg: Start uitvoering Woonzorgvisie en nieuwe afspraken voor ouderen en aandachtsgroepen. Regelgeving & monitoring: Huisvestingsverordening geactualiseerd; prestatieafspraken 2026–2029 afgerond; start landelijke monitor. Aantrekkelijke leefomgeving Klimaat & Energie Energiebeleidsprogramma opgesteld. Ondersteuning inwoners via energiecoaches, isolatie-aanpak en warmtebeeldfoto’s. Grondstoffenbeleid vernieuwd; 740 kg CO₂ bespaard via circulaire inzet. Klimaatadaptatieplan en uitvoeringsplan 2025–2027 vastgesteld. Reconstructies voorbereid/uitgevoerd; pilot regenwaterhergebruik gestart. Maatregelen getroffen bij grondwateroverlast Bloemendal. Landschapsplan en Bomenbeleidsplan aangeboden; biodiversiteit verwerkt in Omgevingsvisie. Uitvoering van gevelgroen, geveltuinen, weidevogelmaatregelen en aangepast maaibeleid. Erfgoed 15 subsidieaanvragen, 8 projecten afgerond.
Cultuurregeling versterkt behoud en zichtbaarheid. Start ontwikkeling Erfgoedbeleid en uitbreiding capaciteit. Waardevol landelijk gebied Programma Waardevol Landelijk Gebied in uitvoering (o.a. landbouwtransitie, bodem, natuur). Eerste fase Piekbelasters afgerond; begeleiding richting vergunningverlening gestart. Inbreng in GEUS, pré‑verkenning Ede–Barneveld en Groene Valleilint. Leefbare dorpen en wijken Voortgang buitenruimte Bronveld en Hulp aan Elkaar; bijdrage aan renovatie De Belleman. Uitbreiding Sportpark Norschoten afgerond; voortgang haalbaarheidsstudies sporthallen. Samenwerking met verenigingen voor uitbreidings- en vernieuwingsplannen. Procedure Grieze Veen gestart met provinciale middelen. Start Integraal Huisvestingsplan Sport en onderzoek toekomstige exploitatie. Ruitenbeekschool opgeleverd; andere projecten in uitvoering of vertraagd. Locatieonderzoeken voor uitbreidingen De Burgt III en Veller gestart. IHP Onderwijs 2026–2039 en Programma huisvesting 2026 vastgesteld. Veiligheid Weerbare samenleving: Start van de lokale aanpak Weerbare Samenleving waarbij het maatschappelijk netwerk centraal staat. De gemeente Barneveld heeft zich aangesloten bij de regionale pilot noodsteunpunten. Jeugd / VIOS: In 2025 is het project Veilig In en Om Scholen (VIOS) gestart. Problemen binnen scholen verplaatsen zich steeds vaker naar de openbare ruimte en andersom.
Deze verwevenheid vraagt om een integrale aanpak tussen school, wijk en veiligheid. Samenwerken, Dienstverlenen en Besturen Slagvaardig en nabij bestuur De nieuwe samenwerkingsaanpak met dorpen en wijken is vastgesteld en in uitvoering gebracht, waarbij gebiedsregisseurs een herkenbare schakel vormen tussen inwoners, partners en gemeente. Voor meerdere dorpen zijn gebiedsagenda’s opgesteld of gestart (o.a. Kootwijkerbroek, Zwartebroek/Terschuur, Barneveld, Kootwijk, Garderen), wat leidt tot beter afgestemde lokale prioriteiten. Participatie is verder verbreed met 223 geregistreerde trajecten en verbeterde hulpmiddelen zoals vernieuwde webpagina’s, de handreiking Inclusieve Participatie en de keuze voor participatietool OpenStad. Inwonersinitiatieven kregen stevige ondersteuning via een fondsenmarkt, workshops en cofinanciering, met de dorpendeal Voorthuizen als aansprekend voorbeeld. Barneveld heeft binnen Regio Foodvalley en Regio Amersfoort concrete resultaten geboekt: o.a. forse subsidies uit Regio Deals en WoKT, versterking van de lobby rond A1/A30 en betrokkenheid bij strategische dossiers zoals defensie en stikstof Het Public Affairs‑beleid is geactualiseerd en strategische lobbyfiches zijn opgesteld, wat leidde tot meer zichtbare invloed in regionale en landelijke besluitvorming.
Dienstverlening & communicatie 81% van de producten is digitaal beschikbaar, 55% van de vragen wordt bij het eerste contact opgelost en digitale toegankelijkheid steeg naar bijna 79%. Doorontwikkeling van zaakgericht werken zorgtn voor een meer uniforme, digitale en betrouwbare dienstverlening. De newsroom‑pilot vergrootte het online bereik fors (tot +156% impressies) en structurele socialmedia‑aanpak is in het team geborgd. Interne communicatie is versterkt met een nieuwe visie, verbeterde kanaalregie en ontwikkeling van een nieuw intranet; huisstijlwijzers en de vernieuwde beeldbank vergroten de herkenbaarheid. Versterken realisatiekracht De grote maatschappelijke opgaven (duurzaamheid, dienstverlening, landelijk gebied, bestaanszekerheid en fysieke ontwikkeling) worden programmatisch en concernbreed aangestuurd, wat versnelling en betere prioritering mogelijk maakt. Met het nieuwe team Strategie & Regie en het Strategie Netwerk is het strategisch vermogen zichtbaar versterkt, onder meer richting de bestuurswissel 2026. De organisatie ontwikkelde door op het gebied van informatiebeheer, digitalisering en strategische personeelsplanning, met pilots om slimmer en efficiënter te werken.
Wat heeft het gekost? Positief saldo van € 10,518 miljoen De gemeente Barneveld heeft in 2025 een voordelig resultaat behaald van € 10,518 miljoen. De laatst vastgestelde begroting gaat uit van een voordelig resultaat van € 10,6 miljoen (2e Tussenrapportage en uitkomsten septembercirculaire 2025). Dit betekent dat het verschil tussen de laatste begroting en het uiteindelijke resultaat € 0,1 miljoen nadelig bedraagt (incidenteel).
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
5
Afwijkingen ten opzichte van de actuele begroting bestaat voor € 2,0 miljoen uit een extra storting in de pensioenvoorziening wethouders, door een wijziging in de wetgeving. Daarnaast was er sprake van € 2,5 miljoen hogere algemene uitkering, € 0,485 miljoen lagere lasten voor het programma Waardevol Landelijk Gebied en € 1,634 miljoen nadelig aan mutaties reserves. Er is een positief verschil op de grondexploitaties van € 0,486 miljoen, die pas einde jaar wordt bepaald. Het enige structurele nadeel wordt veroorzaakt door Wmo immateriële voorzieningen (0,485 miljoen nadelig). Het resterende verschil wordt veroorzaakt door diverse posten, waarvan het merendeel een incidenteel karakter heeft. De belangrijkste verschillen worden toegelicht in de verschillenanalyse verderop in het hoofdstuk Financieel resultaat. Ter bevordering van de financiële transparantie is in bijlage 2 een uitgebreidere toelichting opgenomen. Financiële positie De financiële kengetallen en het benodigde weerstandsvermogen, zoals opgenomen inparagraaf 2, geven inzicht in de ontwikkeling van de financiële positie van de gemeente. Deze kengetallen laten zien in hoeverre de gemeente weerbaar is tegen financiële tegenvallers en hoe groot de wendbaarheid is om bij te sturen wanneer dat nodig is.
Het is daarbij van belang de indicatoren in samenhang te beoordelen; afzonderlijke kengetallen geven slechts beperkt inzicht. De ontwikkeling van de kengetallen wordt onder meer beïnvloed door investeringen, de voortgang van de grondexploitaties, het beschikbare weerstandsvermogen, het risicoprofiel en de totale baten. Uit de jaarrekening blijkt dat de financiële kengetallen zich stabiel ontwikkelen, wat duidt op een solide financiële positie van de gemeente Barneveld. De gerealiseerde netto schuldquote daalt licht van 107% naar 105%, en de gecorrigeerde netto schuldquote van 100% naar 98%. Beide kengetallen vallen gunstiger uit dan in de begroting 2025 was voorzien. Dit komt met name door een lagere realisatie op investeringen. Die wordt verklaard door een combinatie van factoren. Een deel van de projecten is vertraagd, gefaseerd uitgevoerd of doorgeschoven naar latere jaren, wat ook effect heeft op de kasstroomprognoses en leidt tot een latere activering en daarmee een vertraging in de kapitaallasten. Met de invoering van een nieuw systeem voor urenregistratie en projectsturing wordt ingezet op realistischer ramen, betere monitoring en eenduidigere sturing. Hiermee wordt beoogd de voorspelbaarheid en realisatie van investeringen te verbeteren.
Daarnaast zijn er lagere vaste schulden (een lagere langlopende financieringsbehoefte dan verwacht) en hogere baten, waaronder hogere algemene en specifieke uitkeringen. De netto schuldquote blijft onder de streefwaarde die de VNG hanteert. Ook het beschikbare weerstandsvermogen is met een ratio van 2,02 ruim voldoende en bevindt zich binnen de optimale bandbreedte. Dit is met name het gevolg van een toename van de beschikbare weerstandscapaciteit, de Algemene Reserve. De benodigde weerstandscapaciteit (het totaal aan risico’s) is gelijk gebleven op € 27,6 miljoen. In 2025 speelden verschillende aandachtspunten die ook in de komende periode relevant blijven: Realistisch begroten blijft complex. We zien dat de prognose gedurende het jaar steeds beter aansluit op het uiteindelijke resultaat. Het aantal budgetoverhevelingen is vergelijkbaar met 2024. Echter blijven (onvoorziene) schommelingen optreden, onder meer door tijdelijke specifieke uitkeringen, onvoorspelbaarheid in de (jeugd)zorg en ontwikkelingen binnen de grondexploitaties. Krapte op de arbeidsmarkt. De arbeidsmarktkrapte blijft een belangrijke factor, zowel binnen onze eigen organisatie als bij partners. Hierdoor worden werkzaamheden soms doorgeschoven en blijven formatieplaatsen moeilijk vervulbaar. Dit leidt regelmatig tot tijdelijke inzet van externe capaciteit, die gepaard gaat met hogere kosten.
Niet volledig gerealiseerde taakstellingen. De structurele taakstellingen zijn nog niet op alle onderdelen behaald. Dit vraagt extra aandacht, zeker gezien het minder gunstige meerjarenperspectief. Oplopende schuldquote. Ondanks het positieve incidentele resultaat blijft de stijgende schuldquote een belangrijk aandachtspunt voor de komende jaren en eventuele keuzes die gemaakt moeten worden.
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
6
Resultaatbestemming Budgetoverhevelingen Ten opzichte van de vastgestelde budgetoverhevelingen bij de 2e Tussenrapportage 2025 is er in totaal een bijstelling van € 0,080 miljoen positief. Voorgesteld wordt om dit te laten vrijvallen in het resultaat. Bestemming resultaat Het resultaat van de jaarrekening 2025 bedraagt € 10,518 miljoen positief. Voorgesteld wordt om dit incidenteel bedrag als volgt te bestemmen: Aan de algemene reserve een bedrag van € 1,148 miljoen toe te voegen, gelijk aan de rijksbijdrage tegemoetkoming tekorten jeugdzorg voor het jaar 2025. Het Rijk heeft in de Meicirculaire 2025 een aanvullende bijdrage verstrekt aan gemeenten ter compensatie van het structurele tekort in de jeugdzorg. Voor de gemeente Barneveld betreft dit in 2025 een bedrag van € 1,148 miljoen. Bij de Tweede Tussenrapportage 2025 is dit bedrag vrijgevallen in het resultaat. Op dit moment werken we aan de doorontwikkeling van de lokale Hervormingsagenda. We verwachten dat voor de verdere uitwerking in acties en businesscases in 2026 en de jaren daarna mogelijk incidentele middelen nodig zijn. Concrete plannen worden op dit moment uitgewerkt. Wij stellen daarom voor om dit bedrag vooralsnog toe te voegen aan de algemene reserve. Vanuit deze reserve kan later, zodra de plannen zijn geconcretiseerd, een beroep worden gedaan op deze middelen.
Het resterende deel van het resultaat, € 9,37 miljoen, te storten in de 'Bestemmingsreserve verantwoord groeien'; De komende jaren heeft gemeente Barneveld een groeiambitie. Gezien deze groeiopgave stellen wij voor om € 9,37 miljoen van het resultaat toe te kennen aan de bestemmingsreserve Verantwoord Groeien. Dit is inclusief het vrijgevallen bedrag vanuit de budgetoverheveling ad. € 0,080 miljoen. Het doel van de bestemmingsreserve is de dekking van incidentele lasten vanuit nieuwe beleidsimpulsen en dekking van structurele lasten voor majeure investeringsopgaven. Voor beide geldt dat deze dienen te vallen onder de noemer ‘verantwoorde groei’ zoals geformuleerd in de Kadernota 2025. Er is voldoende weerstandsvermogen, waardoor het niet noodzakelijk is om een deel van het rekeningresultaat 2025 aan de algemene reserve toe te voegen.
Vaststelling De Jaarverslaggeving 2025 bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. De hierin opgenomen jaarrekening en het hierin opgenomen jaarverslag zijn gecontroleerd door onze accountant. Wij stellen u voor: 1. De jaarverslaggeving 2025 vast te stellen; 2. Het MPG 31-12-2025 vaststellen met de daarin opgenomen geactualiseerde grondexploitaties met de bijbehorende resultaten op eindwaarde; 3. De hoogte van de verliesvoorziening grondexploitaties te verhogen met € 1,577 miljoen en deze vast te stellen op € 7,538 miljoen; 4. a. De hoogte van de bedragen voor vier voorstellen van budgetoverheveling aan te passen conform de specificatie in Bijlage 3 Budgetoverheveling in de begroting 2026. b. Vanuit de reserve budgetoverheveling een bedrag van € 0,08 miljoen te laten vrijvallen in het resultaat. 5. Het positieve resultaat over 2025 ad € 10,518 miljoen als volgt te bestemmen: a. Aan de algemene reserve een bedrag van € 1,148 miljoen toe te voegen, gelijk aan de rijksbijdrage tegemoetkoming tekorten jeugdzorg voor het jaar 2025; b. Het resterende deel van het resultaat, € 9,37 miljoen, te storten in de 'Bestemmingsreserve verantwoord groeien'; 6. Décharge te verlenen aan het college van Burgemeester en wethouders voor het gevoerde beleid.
Burgemeester en wethouders van Barneveld,
W. Wieringa Secretaris
J. van der Tak Burgemeester
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
7
Financieel resultaat
Resultaat programma's De gemeente Barneveld heeft in 2025 een voordelig resultaat behaald van € 10,518 miljoen. De laatst vastgestelde begroting gaat uit van een voordelig resultaat van € 10,6 miljoen (2e Tussenrapportage en uitkomsten septembercirculaire 2025). Dit betekent dat het verschil tussen de laatste begroting en het uiteindelijke resultaat € 0,1 miljoen nadelig bedraagt (incidenteel). Afwijkingen ten opzichte van de actuele begroting bestaat voor € 2,0 miljoen uit een extra storting in de pensioenvoorziening wethouders, door een wijziging in de wetgeving. Daarnaast was er sprake van € 2,5 miljoen hogere algemene uitkering, € 0,485 miljoen lagere lasten voor het programma Waardevol Landelijk Gebied en € 1,634 miljoen nadelig aan mutaties reserves. Er is een positief verschil op de grondexploitaties van € 0,486 miljoen, die pas einde jaar wordt bepaald. Het enige structurele nadeel wordt veroorzaakt door Wmo immateriële voorzieningen (0,485 miljoen nadelig). De belangrijkste verschillen worden hieronder (onder kopje 'verschillenanalyse') uiteengezet. Om de financiële transparantie te vergroten is er een uitgebreidere toelichting opgenomen in bijlage 2.
Overzicht baten en lasten Saldo van baten en lasten Programma's Lasten 1. Participatie en ondersteuning 2. Bedrijvigheid en bereikbaarheid 3. Woon- en leefomgeving 4. Samenwerken, dienstverlenen en besturen Baten
bedragen x € 1.000 Rekening Verschil 2025
Rekening 2024
Primitieve Begroting
Actuele Begroting
-94.099 -167.463
-107.061 -163.133
-106.236 -169.534
-107.059 -173.152
- 823 N - 3.617 N
-79.931 -5.573 -68.327 -13.632
-79.173 -6.026 -70.092 -7.841
-84.344 -5.876 -72.207 -7.107
-86.612 -5.683 -70.015 -10.841
- 2.268 N 193 V 2.192 V - 3.734 N
73.364
56.072
63.298
66.093
2.794 V
1. Participatie en ondersteuning 2. Bedrijvigheid en bereikbaarheid 3. Woon- en leefomgeving 4. Samenwerken, dienstverlenen en besturen
26.884 -2.071 36.005 12.546
23.699 935 27.041 4.397
26.993 2.071 29.061 5.173
29.574 2.422 27.967 6.130
2.581 V 351 V - 1.095 N 957 V
Alg. dekkingsmiddelen, overhead, vpb en onvoorzien Lasten Algemene dekkingsmiddelen Overhead Vennootschapsbelasting Onvoorzien
104.701 -28.326 -1.827 -27.068 569 -
105.308 -27.732 -1.500 -26.132 -100
115.761 -27.662 -813 -26.749 -100
116.315 -29.741 -2.039 -27.601 -101 -
554 V - 2.079 N - 1.226 N - 852 N - 101 N 100 V
133.027 132.677 350
133.040 132.695 345
143.423 143.198 225
146.056 145.549 507
2.633 V 2.352 V 282 V
Baten Algemene dekkingsmiddelen Overhead Saldo van baten en lasten
10.601
-1.753
9.525
9.256
- 269 N
Mutatie reserves Mutatie reserves Toevoegingen
5.356 -3.619
2.210 -945
1.087 -24.386
1.262 -22.647
175 V 1.739 V - 1.564 N
Onttrekkingen
8.975
3.155
25.473
23.909
Mutatie reserves
5.356
2.210
1.087
1.262
175 V
Gerealiseerd resultaat
15.957
456
10.612
10.518
- 94 N
Verschillenanalyse De onderstaande tabel bevat de belangrijkste verschillen tussen het gerealiseerde resultaat en de laatst vastgestelde begroting.
Belangrijkste afwijkingen
01. Jeugd - Hervormingsagenda 02. Jeugdhulp 03. Opvang Oekraïners 04. Wmo immateriële voorzieningen 05. Bereikbaarheid en parkeren 06. Grondexploitaties bedrijventerrein 07. Grondexploitaties woningen 08. Programma Waardevol Landelijk Gebied 09. Volkshuisvesting 10. Milieu en ruimtelijke ordening 11. Riolering & water 12. Huisvesting onderwijs 13. Raad en B&W 14. Overhead / ondersteuning organisatie 15. Treasury 16. Algemene uitkering 17. Overige baten en lasten 18. Werken voor derden 19. Mutaties reserves 20. Diverse overige mutaties Totaal afwijkingen
Programma P1 P1 P1 P1 P2 P2 P3 P3 P3 P3 P3 P3 P4 P4 P4 P4 P4 P4 P4 P1 - P4
Structureel
- 485 N
- 485 N
bedragen x € 1.000 Totaal verschil - 687 N - 687 N 678 V 678 V 680 V 680 V - 485 N 454 V 454 V 924 V 924 V - 438 N - 438 N 485 V 485 V 305 V 305 V 1.095 V 1.095 V 291 V 291 V 577 V 577 V - 2.207 N - 2.207 N 566 V 566 V - 1.429 N - 1.429 N 2.505 V 2.505 V - 1.511 N - 1.511 N - 275 N - 275 N - 1.634 N - 1.634 N 12 V 12 V
Incidenteel
391 V
- 94 N
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
8
Toelichting op de belangrijkste verschillen Hieronder wordt ingegaan op de belangrijkste en oorzaken voor de afwijking van het uiteindelijke resultaat (in vergelijking met de begroting) in 2025 zoals opgenomen in de bovenstaande tabel. Een uitgebreidere toelichting op beleidsproductniveau is opgenomen in bijlage 3. Overzicht programma’s en producten. 1. Jeugd – Hervormingsagenda - € 0,687 miljoen nadelig Een incidenteel nadeel van € 687.000 komt doordat een deel van de taakstelling Lokale Hervormingsagenda niet ingevuld kon worden. Van de oorspronkelijke taakstelling van € 1.000.000 in 2025 is € 313.000 bij Turap-1 in de begroting verwerkt. De resterende € 687.000 is niet concreet verwerkt in het jeugdhulpbudget, omdat hiervan te onzeker was of deze besparing behaald zou kunnen worden in 2025. De raad heeft in maart 2025 besloten om dit onzekere deel niet aan de actielijnen te koppelen. 2. Jeugdhulp - € 0,469 miljoen voordelig Gedeeltelijk (€ 0,230 miljoen) heeft dit voordeel betrekking op de jaren tot en met 2024. Het bedrag aan nagekomen facturen over deze periode is lager dan was ingeschat. Het overige voordeel (€ 0,239 miljoen) heeft met name betrekking op het onderdeel jeugdhulp ambulant regionaal. Ten opzichte van 2024 is het aantal cliënten niet verder gestegen, waardoor de kosten ook niet verder zijn gestegen.
Deze kosten hebben geen 1-op-1 relatie met de Lokale Hervormingsagenda, waardoor dit voordeel niet gekoppeld kan worden aan het nadeel op de Hervormingsagenda. 3. Opvang Oekraïners – € 0,680 miljoen voordelig Dit incidentele voordeel heeft betrekking op de Opvang Oekraïners: een hogere specifieke uitkering en meer ontvangen eigen bijdragen. Het normbedrag per aangeboden opvangplek is in 2025 naar beneden bijgesteld tot € 44. De verwachting was dat dit normbedrag ontoereikend zou zijn om de kosten te dekken, maar uiteindelijk bleek het normbedrag toch meer dan voldoende te zijn, waardoor sprake is van een incidenteel voordeel. 4. Wmo materiële en immateriële voorzieningen - € 0,485 miljoen nadelig Het structurele nadeel komt door een verschuiving van goedkopere naar duurdere vormen van ondersteuning. Er is sprake van complexere hulpvragen, waarvoor meer begeleiding nodig is. Daarnaast zijn de kosten voor hulpmiddelen flink gestegen. 5. Bereikbaarheid en parkeren - € 0,454 miljoen voordelig Het incidentele voordeel ontstaat met name door minder toegerekende rentelasten van € 0,141 miljoen (zie toelichting punt 15 Treasury) en € 0,156 miljoen minder uitgaven aan kleinschalige verkeersmaatregelen in het kader van het GVVP, met name door een gebrek aan capaciteit. 6.
Grondexploitaties bedrijventerrein - € 0,924 miljoen voordelig Het per saldo ontstane nadeel wordt met name veroorzaakt door de tussentijdse resultaten van de grondexploitaties op bedrijventerreinen: Er is een winstneming op Harselaar- Zuid Fase 1A (€ 2,191 miljoen voordelig) Er is een verliesvoorziening getroffen voor de grondexploitaties Thorbeckelaan-Noord (€ 1,130 miljoen nadelig) en Thorbeckelaan-Zuid (€ 0,120 miljoen nadelig). 7. Grondexploitaties woningen - € 0,438 miljoen nadelig Dit saldo bestaat uit een incidenteel nadeel wordt met name veroorzaakt door een hogere negatieve resultaatneming op de grondexploitaties woningbouw: Op grondexploitatie Holzenbosch I is een winst genomen van € 1,596 miljoen (voordelig); Op grondexploitaties Bloemendal (€ 1,541 miljoen) en Oostbroek (€ 0,031 miljoen) is de winstverwachting naar beneden bijgesteld (nadelig); Op grondexploitaties de Eendracht (€ 0,415 miljoen), en Holzenbosch II (€ 0,261 miljoen) is een verliesvoorziening getroffen (nadelig); Op grondexploitatie Verbindingsweg (€ 0,350 miljoen) is de verliesvoorziening ten opzichte van voorgaand jaar afgenomen (voordelig). 8. Programma Waardevol Landelijk Gebied – € 0,485 miljoen voordelig Het incidentele voordeel van € 485.000 op het waardevol landelijk gebied wordt met name veroorzaakt door niet geraamde bijdragen vanuit het rijk.
Een deel van de niet bestede middelen wordt overgeheveld naar 2026, zie ook bijlage 3 Budgetoverheveling. 9. Volkshuisvesting - € 0,305 miljoen voordelig Het incidenteel totaalsaldo op volkshuisvesting bestaat met name uit een onderuitputting op geluidssanering (€ 0,157 miljoen) en een optelling van kleinere voordelen binnen dit beleidsproduct. 10. Milieu en ruimtelijke ordening - € 1,095 miljoen voordelig Het per saldo ontstane voordeel wordt met name veroorzaakt door Een incidenteel nadeel van € 0,375 miljoen op het Ontwikkelfonds platteland, met name door het aangaan van enkele grote opdrachten. Het saldo wordt verrekend met de reserve ontwikkelfonds platteland. Een incidenteel voordeel van € 0,724 miljoen door minder bezetting t.o.v. het aantal begrote formatieplekken door moeilijk invulbare vacatures. Een incidenteel voordeel van € 0,499 miljoen op de CDOKE uitgaven als het gevolg van minder doorbelasting / inzet personeelskosten dan begroot. Een incidenteel voordeel van € 0,429 miljoen vanwege het jaarresultaat 2025 van de Omgevingsdienst de Vallei, waarbij minder is gerealiseerd dan begroot. 11.
Riolering & water - € 0,291 miljoen voordelig Het incidentele voordeel ontstaat met name door: Minder uitgaven á voor arbeidskosten veroorzaakt door vacatures en minder inhuur dan begroot (€ 0,130 miljoen); Een voordeel op de toegerekende rentelasten van € 0,105 (zie toelichting punt 15 Treasury); Minder uitgaven door uitstel van werk in verband met beperkte capaciteit aan onderhoud aan riolering en klein materieel á € 0,175 miljoen; Een nadeel van € 0,128 miljoen doordat de begrote onttrekking vanuit de voorziening naar beneden is bijgesteld. 12. Huisvesting onderwijs - € 0,577 miljoen voordelig Het voordeel ontstaat voornamelijk door minder toegerekende rentelasten (zie toelichting punt 15 Treasury). 13. Raad en B&W - € 2,207 miljoen nadelig Het totale nadeel wordt met name veroorzaakt door een extra storting in de pensioenvoorziening wethouders (€ 2,048 miljoen). Dit was het gevolg dat op basis van een stellige uitspraak van de BBV-
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
9
commissie eind 2025 dat de voorziening pensioenen wethouders in 2028 moet worden overgedragen aan het ABP. De regels daarvoor zijn strenger dan de huidige waardoor er nu in 1 keer een groot bedrag moet worden voorzien. Echter zal er vanaf 2028 een structureel voordeel zijn van ongeveer € 0,2 miljoen omdat de kosten dan bij het ABP liggen. 14. Overhead / ondersteuning organisatie – € 0,566 miljoen voordelig Dit betreft een incidenteel voordeel ontstaan door onder andere niet begrote UWV ontvangsten vanwege ziekte personeel (€ 0,166 miljoen) en lagere kosten levering derden/advieskosten (€ 0,216 miljoen). 15. Treasury - € 1,429 miljoen nadelig Het verschil wordt enerzijds veroorzaakt door € 0,146 miljoen lagere rentelasten (positief), doordat er minder langlopende leningen opgenomen zijn dan in de actuele begroting was voorzien. Anderzijds door € 1,570 miljoen hogere aan de taakvelden doorbelaste rente (negatief). Dit verschil komt omdat in de actuele begroting de rentelasten wel naar beneden waren bijgesteld, maar de aan de taakvelden door te belasten rente niet. Hier staat echter een even hoog positief verschil tegenover bij de diverse taakvelden, zie ook de toelichting onder diverse bovenstaande punten. 16.
Algemene uitkering - € 2,505 miljoen voordelig Het voordeel ontstaat door de afrekening van de algemene uitkering van eerdere jaren (2022, 2023 en 2024) op basis van definitieve maatstaven en aantallen. Het grootste verschil (€ 1,5 miljoen) komt door een maatstaf met een groot effect die vooraf lastig in te schatten is, te weten de maatstaf 'lage inkomens met drempel'. 17. Overige baten en lasten - € 1,511 miljoen nadelig Het per saldo ontstane nadeel van € 1,511 miljoen is als volgt opgebouwd: Een incidenteel nadeel van € 0,445 miljoen door een btw suppletie uit een eerder jaar; Van de taakstelling € 1 miljoen Basispakket Plus is voor zo'n€ 0,500 miljoen gerealiseerd op de opbrengsten grafleges, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Het resterende nadeel betreft de taakstelling van € 0,500 miljoen arbeidskosten. Deze is wel deels behaald, maar dat is verspreid over de programma's, zie de toelichting in de bijlage taakstellingen; Het nadeel van zo'n € 0,400 miljoen wordt veroorzaakt door een klein verschil in de begrote salariskosten vanwege een verschil in prognose en werkelijke CAO stijging. Er is een nadeel van € 0,101 miljoen door te betalen Vennootschapsbelasting. 18. Werken voor derden - € 0,275 miljoen nadelig Het verschil wordt met name veroorzaakt door: Een voordeel van € 0,557 miljoen door hogere opbrengsten MOOR-meldingen.
De opbrengsten zijn hoger doordat er actiever toezicht wordt gehouden op kabels en leidingen dan vooraf gepland en daarmee ook dan vooraf begroot; Minder geschreven interne uren aan grondexploitaties dan begroot. Als het gevolg hiervan kunnen kosten niet worden toegerekend binnen grondexploitaties (nadeel van € 0,485 miljoen). Minder geschreven interne uren aan investeringen dan begroot. Als het gevolg hiervan kunnen kosten niet worden toegerekend aan investeringen (nadeel van € 0,710 miljoen). De lagere realisatie wordt verklaard door een combinatie van factoren. Enerzijds is bij de raming uitgegaan van volledige bezetting, terwijl gedurende het jaar sprake was van openstaande vacatures en gedeeltelijke invulling van formatie. Anderzijds blijkt in de praktijk dat niet alle functies in dezelfde mate uren schrijven en dat de sturing hierop tussen teams verschilt. Daarnaast hangt de lagere realisatie samen met de voortgang van investeringsprojecten. Een deel van de projecten is vertraagd, gefaseerd uitgevoerd of doorgeschoven naar latere jaren. Deze vertragingen worden onder andere veroorzaakt door afhankelijkheden tussen projecten, langere voorbereidingstrajecten (zoals vergunningprocedures en afstemming met externe partijen), capaciteits- en congestievraagstukken en gewijzigde prioritering.
Omdat projecten vaak integraal worden opgepakt, kan vertraging op één onderdeel doorwerken in het gehele project. 19. Mutaties reserves - € 1,634 miljoen nadelig Dit betreft een verschil in mutaties op de verschillende reserves ten opzichte van de begroting, met uitzondering van de reserve Bovenwijks. Een uitgebreide toelichting hierop is terug te vinden in Bijlage 2. Verschillenanalyse. De grootste afwijking is een lagere onttrekking vanuit de algemene reserve voor Waardevol landelijk gebied omdat € 1,3 miljoen niet nodig bleek te zijn in de uitvoering van de taken in 2025 van Programma Waardevol Landelijk Gebied. Voor de opvolgende jaren wordt geïnventariseerd welke uitvoeringskosten er zijn en waar de dekking vandaan komt. 20. Diverse overige mutaties - € 0,275 miljoen voordelig De overige mutaties diversen bestaan uit meerdere (minder significante) samengestelde effecten, deze zijn onder deze post samengevoegd.
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
10
Programma's 1. Participatie & Ondersteuning Inleiding
Wat hebben we bereikt? Groeien naar zelfstandigheid De landelijke Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028 bevat een omvangrijk pakket afspraken met als doel de jeugdzorg te verbeteren en financieel gezond te maken. In Barneveld is samen met diverse partners het lokaal plan Hervormingsagenda Jeugd 2025–2028 opgesteld. Deze bestaat uit acties binnen vijf actielijnen om het Barneveldse jeugdstelsel verder te verbeteren en besparingen te realiseren. Na vaststelling van dit plan is de uitvoering gestart. Voor 2025 is de afgesproken besparing behaald. De Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg is in 2025 door zowel de Tweede als de Eerste Kamer aangenomen en is op 1 januari 2026 in werking getreden. Deze wet vormt een belangrijk onderdeel van de landelijke Hervormingsagenda Jeugd en is bedoeld om de beschikbaarheid, kwaliteit en continuïteit van (hoog)specialistische jeugdzorg te versterken. Een van de belangrijkste elementen van de wet is de verplichte regionale samenwerking tussen gemeenten bij de inkoop van (hoog)specialistische jeugdhulp. In de jeugdhulpregio JeugdFV, waar Barneveld deel van uitmaakt, is daarom op 1 november de Gemeenschappelijke Regeling (GR) JeugdFV opgericht. De periode daarna is benut om de implementatie en voorbereidingen voor de nieuwe organisatie vorm te geven met als operationele startdatum 1 januari 2026.
De tijdelijke subsidieregeling in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) is in 2025 afgerond. Met deze middelen hebben onderwijs en kinderopvang projecten uitgevoerd om sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen te versterken en corona gerelateerde leerachterstanden te verkleinen. Door de NPO projecten ontstond ook de mogelijkheid voor het versterken van de lokale samenwerking, bijvoorbeeld door het CJG of Connect bij de uitvoering van een project te betrekken. Het jongerenwerk op school kon zich dankzij de NPO middelen verder professionaliseren en speelt nu een belangrijke preventieve rol voor jongeren in de school en wijkomgeving. Meedoen naar vermogen We vinden het belangrijk dat inwoners mee kunnen doen. Op het vlak van werk en inkomen is ervaring opgedaan met de pilot Sterk naar werk en is gewerkt aan de basisinrichting van het werkcentrum Foodvalley. Ook zijn er acties opgepakt uit de uitvoeringsagenda van de aanpak laaggeletterdheid en de Lokale Inclusie Agenda. Vanuit het programma Bestaanszekerheid (vastgesteld eind 2024) zijn in 2025 activiteiten opgepakt die zich richten op het vergroten van financiële zekerheid en verminderen van geldzorgen, positieve gezondheid en passend wonen.
Zo is er een pilot gestart over betere mondzorg, hebben jongeren meegedacht over communicatie over wat er verandert als je 18 wordt en heeft bestaanszekerheid een plek gekregen in de opgestelde Woonzorgvisie. Samen oud worden Door de vergrijzing en het feit dat mensen langer zelfstandig thuis blijven wonen, neemt de druk op zorg en ondersteuning verder toe. Vooral de behoefte aan huishoudelijke ondersteuning, dagactiviteiten en hulpmiddelen zoals rolstoelen en trapliften groeit. Ook de groei van het aantal inwoners en de toename van complexe GGZ-problematiek maken dat de vraag stijgt. Met de vernieuwde afspraken uit recente aanbestedingen voor de immateriële Wmo‑voorzieningen en de start van de aanbesteding voor de materiële voorzieningen hebben we een stevige basis gelegd om inwoners de komende jaren passende ondersteuning te bieden en verder door te ontwikkelen. Daarnaast hebben we onze inzet op het voorkomen en verminderen van eenzaamheid gecontinueerd en waar nodig uitgebreid. Ook bleven we mantelzorgers ondersteunen, zeker wanneer zij zwaar belast zijn en zijn we doorgegaan met het ontwikkelen van dagactiviteiten. Zo werkten we eraan dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen meedoen in de samenleving.
Visie Sociaal Domein In 2025 hebben we intensief gewerkt aan de Visie Sociaal Domein 2040, een breed gedragen koersdocument dat tot stand kwam in nauwe samenwerking met een groot aantal maatschappelijke partners en lokale organisaties. De visie beschrijft de belangrijkste opgaven voor de komende jaren: 1. verbondenheid in groeiende gemeenschappen, 2. gelijke kansen op meedoen en ontwikkelen, 3. gezond en weerbaar samenleven. 4. Passende woonsituatie met de juiste hulp en ondersteuning. De gemeenteraad heeft deze visie vastgesteld, waarmee zij de strategische koers voor het sociaal domein richting 2040 heeft bepaald. Met deze nieuwe koers hebben we gezamenlijk (overheid, partners en inwoners) een stevig fundament gelegd voor de verdere ontwikkeling van een toekomstbestendig sociaal domein. Integrale Cultuurvisie In nauwe samenspraak met onze cultuurpartners en inwoners hebben we in 2025 de Integrale cultuurvisie opgesteld. Deze visie geeft richting aan de ontwikkeling van kunst, cultuur en erfgoed in onze gemeente en vormt een gezamenlijk gedragen basis voor ons cultuurbeleid de komende jaren. Opvang Oekraïense ontheemden In 2025 ving de gemeente Barneveld gemiddeld 389 Oekraïense ontheemden op binnen de gemeentelijke opvanglocaties en is de capaciteit uitgebreid met een nieuwe locatie in Kootwijkerbroek voor maximaal 30 personen.
Daarnaast is uitvoering gegeven aan de landelijke regeling waarbij werkende ontheemden een hogere eigen bijdrage betalen voor hun opvang. In hetzelfde jaar werd duidelijk dat de Europese Richtlijn tijdelijke bescherming in 2027 afloopt en het Rijk werkt aan een nationale terugvaloptie (NTO). Met de middelen die via een beleidstoevoeging beschikbaar zijn gesteld is een beleidsmedewerker geworven die zich bezig houdt met de opvang van nieuwkomers in het algemeen en specifiek Oekraïense ontheemden.
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
11
Wat hebben we daarvoor gedaan? 1.1 Zelfredzame inwoners Speerpunt Iedereen kan meedoen
Doel
We willen dat iedereen mee kan doen. Dat betekent bijvoorbeeld dat inwoners zich geen zorgen hoeven te maken over hun bestaanszekerheid. BUIG De BUIG is een gebundelde uitkering die gemeenten van het Rijk ontvangen voor de financiering van verschillende uitkeringen en loonkostensubsidies binnen de Participatiewet. In 2025 zijn we gestart met het gebruik van een prognosetool, met het doel een betere aansluiting tussen begroting en realisatie van de BUIG middelen. Deze uitkering wordt via een verdeelmodel over de gemeenten verdeeld. Barneveld is een zogenaamde nadeelgemeente met betrekking tot het landelijke verdeelmodel BUIG; dit wil zeggen dat de lasten hoger zijn dan de baten. Door inzet van deze prognosetool hebben we meer realistisch kunnen begroten. Sterk naar werk In 2025 voerden we in Barneveld de pilot Sterk naar werk uit. Dit deden we samen met een anderstalige bruggenbouwer/coach, een sociaal ondernemer, een NT2‑taalaanbieder, de accountmanager van het WerkgeversServicepunt en een gemeentelijke gespreksvoerder. De deelnemers aan het project waren statushouders die er nog niet in geslaagd waren om duurzaam werk te vinden. De aanpak was cultuursensitief en praktijkgericht, met activiteiten zoals bedrijfsbezoeken, stages, sport en digitale vaardigheden. Vijf deelnemers stroomden binnen zes maanden uit naar werk.
Ook andere deelnemers zetten stappen in het kader van meedoen naar vermogen. Op basis van deze resultaten zijn in 2025 de voorbereidingen gestart om de pilot in 2026 uit te breiden. Participatiewet in balans We hebben in 2025 voorbereidingen getroffen voor de implementatie van de Participatiewet in balans. Deze wetgeving werd opnieuw uitgesteld en is niet inwerking getreden op 1 januari 2025, maar wordt vanaf 2026 gefaseerd ingevoerd.
Werkcentrum Foodvalley Naast onze lokale inzet werken we samen met het UWV, de regiogemeenten, onderwijs en werkgevers- en werknemersorganisaties binnen de arbeidsmarktregio Foodvalley. In 2025 zijn diverse activiteiten uitgevoerd om inwoners van de regio beter te ondersteunen bij het vinden van Verantwoording duurzaam werk. Daarnaast heeft de arbeidsmarktregio Foodvalley in 2025 gewerkt aan de basisinrichting van het Werkcentrum Foodvalley. Het doel is dat inwoners en werkgevers met vragen over werk dit Werkcentrum digitaal raadplegen en fysiek bezoeken. In Barneveld hebben we samen met publieke en private partners bovendien verkend welke lokale invulling wenselijk is voor onze inwoners en werkgevers. Wet sociale werkvoorziening en beschut werk Sommige inwoners hebben specifieke ondersteuning nodig. Beschut Werk is er voor inwoners die veel begeleiding bij hun werk of aanpassing van de werkplek nodig hebben. Daarnaast vallen er nog inwoners onder de Wet sociale werkvoorziening. In 2025 is een nieuwe samenwerkingsovereenkomst gesloten met Werkkracht voor het bieden van ondersteuning en werkgeverschap aan deze inwoners. Aanpak laaggeletterdheid In 2025 is de uitvoeringsagenda behorend bij het lokale plan van aanpak laaggeletterdheid uitgevoerd.
Hiermee hebben we gewerkt aan een laagdrempelig aanbod en een sterker netwerk dat de aanpak van beperkte basisvaardigheden actief ondersteunt. Daarnaast hebben we deelgenomen aan een traject om de verbinding met andere domeinen zoals Werk & Inkomen en Onderwijs te versterken, met het doel de aanpak duurzamer te maken en beter te laten aansluiten op ontwikkelingen elders. Inclusie In 2025 hebben we een deel van de acties uit de Lokale Inclusie AgendaSamen Gelijk 2025–2026 uitgevoerd. Zo zijn we onder andere gestart met het werven van inclusieambassadeurs en organiseerden we samen met de Gehandicaptenraad een inspiratiemiddag over toegankelijkheid in het kader van de Week van de Toegankelijkheid. Ook hebben we deelgenomen aan de Week van Respect waar meerdere scholen zich voor hebben aangemeld. Binnen de gemeentelijke organisatie was er eveneens aandacht voor inclusie, zowel via bewustwordingsactiviteiten als in het traject rondom de huisvestingsvisie. Daarnaast zijn in 2025 de voorbereidingen getroffen voor activiteiten die in 2026 worden uitgevoerd vanuit de Samen Gelijk agenda.
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
12
1.2 Sociale en vitale samenleving Speerpunt Cultuur- en Sport stimulering
Doel
Meer inwoners laten sporten, bewegen en meedoen aan cultuur. Cultuur De integrale Cultuurvisie 2025-2035 en de bijbehorende Uitvoeringsagenda 2025-2026 zijn vastgesteld. Dat heeft o.a. geleid tot de doorstart van het Cultuurplatform. Ook is gestart met het ontwikkelen van integraal erfgoedbeleid en zijn er diverse regelingen uitgewerkt voor de ondersteuning van culturele activiteiten en organisaties. Een in het oog springend voorbeeld is de vaststelling van de Cultuurregeling, die tot doel heeft de culturele infrastructuur te versterken, cultuurparticipatie te bevorderen en de maatschappelijke waarde van cultuur te vergroten. Daarnaast is er samenwerking tot stand gebracht tussen de vier culturele subsidiepartners en de keten dementie en is cultuur educatie op scholen verbreed door de aansluiting van het voortgezet onderwijs. De regiosamenwerking Cultuurvallei (met de gemeenten Ede, Wageningen, Nijkerk, Scherpenzeel en Barneveld) is aan een nieuwe driejarige periode begonnen, met steun van de provincie Gelderland. Gezamenlijk doel is om het regionaal cultureel aanbod te versterken en meer inwoners te laten deelnemen aan cultuur en erfgoed. In 2025 hebben in dat kader bijvoorbeeld de drie Barneveldse musea deelgenomen aan de regionale mediatour binnen het project Cultuur Vallei, waardoor Barnevelds erfgoed beter zichtbaar is gemaakt voor een breed publiek.
We hebben een nieuw convenant cultuureducatie afgesloten voor de periode 2025-2028. Cultuureducatie op school is een succes gebleken. Zowel in kwaliteit als in kwantiteit was er sprake van een groei, zowel in omvang als in breedte van het aanbod, leerlingenbereik, deelnemende scholen (ook scholen voor voortgezet onderwijs) en opgeleide interne cultuur coördinatoren.
We zijn gestart met de voorbereidingen voor de nieuwe Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob). Samen met Bibliotheek Barneveld Verantwoording werken we aan een meerjarenplan voor 2027‑2030. Dit plan wordt later ter besluitvorming aan de gemeenteraad voorgelegd. Sport en bewegen Naast de ambities in het Sport- en Beweegakkoord II is er in 2025 extra ingezet op het versterken van de samenwerking tussen sport en bewegen en andere sectoren zoals zorg en ondersteuning, welzijn en onderwijs (zoals valpreventie). Er zijn diverse ondersteuningstrajecten gestart voor sportaanbieders, onder andere gericht op het werven en behouden van leden, het betrekken en inzetten van ouders en het ondersteunen van het bestuur (financieel/juridisch). Ook zijn er diverse projecten gestart die ervoor hebben gezorgd dat inwoners blijvend en herhaaldelijk bewegen in de openbare ruimte. Het belang van een leefomgeving die uitnodigt om te bewegen en elkaar te ontmoeten, is ook meegenomen in de omgevingsvisie. Brede Regeling Combinatiefuncties In het kader van de Brede Regeling Combinatiefuncties (BRC) inwoners van alle leeftijden stimuleren om te sporten, bewegen en meedoen aan cultuur. Hiervoor hebben we afspraken gemaakt met stichting Connect. Dat heeft o.a. geleid tot de ondersteuning bij het opzetten van de Avond4daagse. Ook is er een aantal clubkadercoach trajecten uitgevoerd.
Maatschappelijk Sport- en Cultuurfonds In 2025 is de financiële ondersteuning voor sport- en cultuurevenementen en activiteiten opnieuw bekeken. Daarbij is besloten om sport- en culturele evenementen voortaan onder te brengen in één integraal evenementenfonds. De bijbehorende middelen voor dit soort evenementen zijn naar dit fonds verplaatst. Voor sport- en culturele activiteiten blijven de bestaande fondsen in stand en laagdrempelig toegankelijk.
Gewaarmerkt voor identificatie
doeleinden d.d.: .23-06-2026 ...........
13
Speerpunt Veilig en gezond opgroeien en samenleven
Doel
Meer veiligheid, gezondheid en welzijn voor jong en oud Hervormingsagenda jeugd In maart 2025 heeft de raad het lokaal plan Hervormingsagenda Jeugd 2025‑2028 vastgesteld en is de uitvoering van start gegaan. Het plan omvat vijf actielijnen. De acties in het plan zijn gericht op het versterken van de opvoedvaardigheden en zelfvertrouwen van ouders. Daarnaast op het aannemen van een meer afwachtende houding van professionals en sneller afsluiten van professionele hulp. Zodat ouders zelfstandig of met behulp van het netwerk weer verder kunnen. Hierdoor hebben jeugdigen minder snel jeugdhulp nodig of minder lang. Er is afgesproken dat de raad twee keer per jaar wordt geïnformeerd over de voortgang. In september 2025 is de eerste halfjaarrapportage opgesteld, waarin de inhoudelijke ontwikkelingen zijn beschreven. Regionale samenwerking Jeugd Naast de totstandkoming van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio Jeugdhulpregio Foodvalley (JeugdFV) is in 2025 verder gewerkt aan het versterken van de intergemeentelijke samenwerking. Gemeenten trekken zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau gezamenlijk op in de ontwikkeling van jeugdbeleid. De verantwoordelijkheid voor het opstellen en vaststellen van dit beleid blijft echter volledig bij de afzonderlijke gemeenten.