F-1 Initiatiefvoorstel Lokaal Belang Zienswijze herindeling Scherpenzeel-Barneveld d.d. 16-2-21.pdf
Tekst van het document
Afdeling: n.v.t. Mail behandelaar: n.v.t. Telefoonnummer: n.v.t.
Raadsvoorstel nr. xx Barneveld, 16 februari 2021 Portefeuillehouder: n.v.t.
Onderwerp: Initiatiefvoorstel Zienswijze herindeling Scherpenzeel-Barneveld
Samenvatting Dit initiatiefvoorstel bevat als zienswijze dat het nu gevolgde herindelingsontwerp niet voldoet aan eerder geformuleerde randvoorwaarden; tevens wordt voorgesteld dit herindelingsproces te stoppen en tijd te nemen voor het werken aan samenwerking. Aan de raad, Gevraagde beslissing: 1. Als zienswijze uit te spreken dat: a. de gemeente Barneveld geen oordeel heeft over de bestuurskracht, het beleid en de keuzes die de gemeente Scherpenzeel maakt en wil maken; b. het door de GS uitgesproken ‘kernenbeleid’ ten principale aan de gemeente zelf is waardoor dit niet als argument voor GS kan dienen voor een herindeling; c. het proces tot op heden niet in voldoende mate zorgvuldig is, er onvoldoende draagvlak voor een herindeling is en adviezen van deskundigen in de wind geslagen zijn. d. de gemeente Barneveld in het kader van ‘goed nabuurschap’ open staat voor een (intensieve) samenwerking met de gemeente Scherpenzeel; e. het te betreuren is dat GS variant 2 (diverse samenwerkingsvormen) heeft afgewezen op basis van ‘onvoldoende vertrouwen en een vertrouwensbreuk’ vanuit de gemeente Barneveld richting de gemeente Scherpenzeel, terwijl het college van B&W van de gemeente Barneveld deze vertrouwensbreuk op 19 januari jl. tegenspreekt (Zie ook punt 4); f.
het uitgesproken financieel toezicht door GS over beide gemeenten grote financiële gevolgen heeft waardoor de colleges en de gemeenteraden bijna niet meer autonoom kunnen beslissen over zaken die voor de gemeenten belangrijk zijn; g. de vraag is of deze situatie niet anders had gekund door beide gemeenten rust en tijd te geven gezamenlijk tot een oplossing te komen, zonder een herindeling als voorwaarde; h. De volgende uitgangspunten te hanteren in een eventueel vervolgtraject: i. de wens tot herindeling van gemeenten dient van ‘onderop’ tot stand te komen, zoals ook beschreven in de beleidskaders van de Arhi-wetgeving en dit nieuwe beleidskader wordt nadrukkelijk gevolgd en in de praktijk vorm gegeven; ii. er is een aantoonbaar ‘stevig draagvlak’ in de betreffende gemeenten; iii. het proces van herindeling is te allen tijde zorgvuldig, integer, transparant en volledig; iv. tijdens dit proces staan ten eerste de bestuursopgaven centraal en niet de oplossingen; v. adviezen van onafhankelijke deskundigen worden serieus genomen en zwaar (mee)gewogen; vi. indien een gewenste herindeling niet in voldoende mate voldoet aan deze uitgangspunten, kan een herindeling geen doorgang vinden; 2. Deze zienswijze in te dienen bij en/of door te geleiden naar Gedeputeerde Staten (GS) en Provinciale Staten (PS) van de Provincie Gelderland, de Minister van BZK, alsmede Eerste en Tweede Kamer; 3.
Te verzoeken aan de genoemde bestuursorganen om op basis van de geformuleerde zienswijze, visie en uitgangspunten (argumenten) af te zien van de voortzetting van het huidige proces van herindeling van de gemeenten Scherpenzeel en Barneveld; 4. De gemeenten Scherpenzeel en Barneveld de huidige en volgende bestuursperiode tijd en rust te geven om te werken aan de onderlinge samenwerking en het eventueel verder vormgeven van diverse samenwerkingsarrangementen (niet zijnde een ambtelijke fusie); 5. Eventuele toekomstige herindelingsvoorstellen vanuit GS tenminste te beoordelen op de zorgvuldigheid van het proces, draagvlak, democratie en bestuurlijke integriteit. 6. Dat volgens het nieuwe Arhi-beleidskader – en zoals de Minister van BZK ook voorstaat, uitgangspunt is dat herindelen ‘van onderop’ plaatsvindt, primair een taak/initiatief van de gemeenten zelf.
1. Inleiding Samenwerking is een goede zaak. Samen kan en weet je meer. In Nederland kennen wij een fijnmazig democratisch systeem. Via dit bestuurlijk democratisch proces kan er invulling worden gegeven aan deze samenwerking. Een dergelijke samenwerking moet gebaseerd zijn op effectiviteit, legitimiteit en representativiteit waarbij het democratisch proces op een ordentelijke manier zijn weg moet kunnen vinden. Op deze manier kunnen, ook politiek gevoelige, onderwerpen besproken worden, waarbij het uiteindelijke
2 besluit ook zou moeten kunnen rekenen op draagvlak en acceptatie. “Als politiek effectief, representatief en legitiem is, kan ze gezaghebbend ‘nee’ zeggen, omdat het algemene belang vraagt om afwegingen waarin meerderheden en minderheden zich gekend, herkend en erkend weten. Dat is de kern van democratische politiek.” (Frissen, et. al.) Vanuit de Rijksoverheid geeft de ‘Wet algemene regels herindeling’ (Arhi) richtlijnen voor situaties waarbij gemeenten in de toekomst als één gemeente samen zouden willen en/of kunnen gaan. Uitgesproken wordt dat het Rijk de voorkeur heeft voor ‘herindelingen van onderop’ waarbij draagvlak en een zorgvuldig proces heel belangrijke criteria zijn. Ook wordt aangegeven dat de Provincie het recht heeft ‘regie’ te nemen maar dat dit een uitzondering zou moeten zijn, waarbij de Provincie in ieder geval moet voldoen aan de criteria zoals verwoord. In de situatie ‘Toekomst Scherpenzeel’, die voor de gemeente Barneveld nu bijna 2 jaar speelt, is het duidelijk dat er hiaten in het proces zijn geweest, zoals ook vastgesteld door verschillende onafhankelijke deskundigen die het proces hebben gevolgd en beoordeeld, waarbij met name ’de Provincie (GS), als regievoerder, steken heeft laten vallen.
Wat de uitkomst ook moge zijn in de verdere toekomst, het tot nog toe gevoerde proces zal niet de boeken ingaan als zorgvuldig en je mag je de vraag stellen wat beide gemeenten aan toekomstig voordeel zouden hebben, waarbij in minstens één gemeente nauwelijks draagvlak bestaat voor een herindeling.
2. Door de raad gestelde kaders Niet van toepassing.
3. Effect 1. De beide gemeenten krijgen de rust en de tijd om te werken aan de onderlinge relatie en vertrouwen, met als doel, in eerste instantie, om op een goede manier samen te werken, zonder druk of vastomlijnd einddoel voor ogen. 2. Er wordt gehoor en invulling gegeven aan zorgvuldig bestuur, draagvlak en democratie. 3. De beide gemeenten houden zelfstandige financiële slagkracht.
4. Argumenten Deze zienswijze is gebaseerd op de volgende visie: Wij willen een gemeente zijn die: 1. sterk betrokken is bij haar burgers en bedrijven door met hen serieus, open en integer het gesprek aan te gaan en ontvankelijk te zijn voor hun ideeën en behoeften. Door te verbinden met burgers en bedrijven ontstaat wederzijdse inspiratie en kunnen alle belangen beter worden afgewogen; 2. met betrokkenheid van burgers en bedrijven bij de gemeente, want ‘de gemeente’ dat zijn wij met z’n allen en daarom dragen we samen verantwoordelijkheid voor het goed functioneren van de samenleving en de democratie; 3. zich focust op het belang van haar burgers en bedrijven, het lokale belang dus, en zich waar mogelijk dienend opstelt; 4. waakt over de democratische rechten van haar burgers; 5. draagvlak voorop stelt, niet alleen in woord, maar ook aantoonbaar in daden; 6. tijdig, helder, transparant en zo volledig mogelijk met haar burgers en bedrijven communiceert; 7. die betrouwbaar, zorgvuldig, transparant en bestuurlijk integer is. Onze inwoners moeten te allen tijde kunnen rekenen op een bestuur dat voldoet aan deze eisen; 8. werkt aan een krachtige en uitdagende samenleving zodat de samenleving als geheel verder tot ontwikkeling kan komen.
Daar waar mogelijk ook in samenwerking met andere gemeenten en regio’s; Waar mogelijk moet de gemeente hiervoor kansen creëren en voorwaarden scheppen.
5. Kanttekeningen en/of alternatieve scenario's • •
Bij voortzetting van het huidige proces zal, vanwege het gebrek aan draagvlak en het gebrek aan een zorgvuldig proces, het moeilijk worden om deze herindeling een succes te laten worden. Een gedwongen herindeling is geen garantie voor succes en wordt over het algemeen afgeraden (BMC rapport). Scherpenzeel wenst om haar moverende redenen geen ‘lichte herindeling’. Het gevolg is dat beide gemeenten op dit moment in een traject zitten van een ‘reguliere herindeling’. Dat zou nog kunnen veranderen, maar de kans daarop lijkt zeer gering gezien de inhoud van de ‘open brief’ van het college van B&W van de gemeente Scherpenzeel aan het adres van de gemeente Barneveld (1 oktober 2020). Daarnaast staan de beide gemeenten onder preventief toezicht. Deze combinatie heeft (te) grote impact op onze gemeente Barneveld op het gebied van coördinatie, de organisatie en de financiële slagkracht. In het licht hiervan, onze ambities, de gewenste dienstverlening naar inwoners, bedrijven en organisaties en de gewenste investeringen, zijn de consequenties te groot. Een lichte samenvoeging zouden deze grote consequenties in veel mindere mate hebben. Al met al heeft deze (gedwongen) herindeling, waar ook onvoldoende draagvlak voor is vanuit in ieder geval Scherpenzeel, op dit moment geen meerwaarde voor de gemeente Barneveld; haar inwoners, bedrijven en
3 organisaties. Dit is in lijn met de door het college van B&W van de gemeente Barneveld geformuleerde randvoorwaarden (o.a. stevig draagvlak, duidelijke meerwaarde voor de gemeente Barneveld, lichte samenvoeging, zo min mogelijk coördinatievraagstukken).
6. Uitvoering Planning: • •
De fase van zienswijze door gemeenraden is officieel ingegaan op 26 januari 2021 en behelst formeel maximaal 3 maanden. Deze zienswijze moet na vaststelling, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 25 april 2021, ingediend zijn bij de eerder genoemde gremia.
Communicatie: • •
De gemeenteraden en de colleges en de gemeenteraden van de gemeenten Scherpenzeel en de gemeente Barneveld worden na vaststelling van deze zienswijze binnen een week schriftelijk op de hoogte gesteld. De inwoners worden na vaststelling van deze zienswijze binnen een week middels de gemeentepagina’s en de diverse (sociale) media kanalen, geïnformeerd.
Evaluatie/controle: • Het college van de gemeente Barneveld houdt nauw contact met alle betrokkenen zoals de Minister van BZK, provincie en gemeente Scherpenzeel, om het proces te volgen, informeert de gemeenteraad bij bijzonderheden direct en transparant en zet eventuele benodigde acties in gang die in lijn zijn met deze zienswijze.
7. Financiële gevolgen • •
Deze zienswijze heeft op zichzelf geen financiële gevolgen. Het geldend preventief toezicht, als gevolg van het besluit ‘Herindelingsontwerp (HO)’ van GS 26 januari 2021, kan echter wel leiden tot financiële gevolgen voor de gemeenten. De gemeenteraad wordt daarover actief en transparant geïnformeerd. Toelichting: Beide colleges en gemeenteraden hebben een (zeer) beperkt mandaat voor het uitgeven van geld ten behoeve van projecten voor de gemeenten en kunnen dus minder goed en snel schakelen als dit voor de gemeenten noodzakelijk wordt geacht. De beide gemeenteraden hebben ook beperkte mogelijkheden in het nemen van beslissingen die boven het gestelde bedrag gaan waarover normaal gesproken autonoom besloten kan worden. In het licht van de negatieve meerjarenbegroting en de gewenste ambities van de gemeente Barneveld, is dit onwenselijk.
8. Risico's • •
Gewenste en noodzakelijk geachte projecten, plannen of - belangrijke - investeringen, kunnen geen of niet tijdig doorgaan vinden, waardoor de gemeenten kansen missen de samenleving, beter, mooier en veiliger te maken. Interventies ten behoeve van een sluitende meerjarenbegroting zijn niet of moeilijker uitvoerbaar, waardoor een gezonde financiële situatie niet of minder goed haalbaar is.
MHJ Pluimers-Foeken, JW van den Born, M. Blankenburgh-In ’t Anker, GH Kevelam (fractie Lokaal Belang)
Bijlagen en links: 1. BMC rapport, M.J.A.R. Hermans, 22 november 2019 2. Verslag Overleg met College B&W van Barneveld, 12 mei 2020 3. Verkenning versterking bestuurskracht, 4 juni 2020 4. Nota van bevindingen, Prof. dr. P. Frissen, dr. M. Schulz en H. den Uijl MA, Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (Den Haag), 2 december 2020 5. BMC rapport, M.J.A.R. Hermans, 7 december 2020 6. B4.27 Vastgesteld Verslag Bestuurlijk Overleg bestuurskracht Scherpenzeel, 1 en 8 december 2020 7. B4.28 Memo inzake Ahri-procedure Scherpenzeel, 16 december 2020