Consultatie Bestuursprogramma
Tekst van het document
Zaaknummer: Van: College B&W Aan: Raadscommissie Bestuur Naam steller: A. Komdeur
Portefeuillehouder: W. Oosterwijk Telefoonnummer:
B&W vergadering: 16-6-2026 Commissie: 25 juni 2026 Onderwerp:
Consultatie: inbreng voor op te stellen Bestuursprogramma 2026-2030
Consultatiepunten
Onderstaande leidraad voor het gesprek is bedoeld om u te helpen bij het formuleren en ordenen van uw inbreng. We kunnen ons goed voorstellen dat uw bijdrage zich niet op alle onderdelen richt, maar juist op de punten die voor u het meest van belang zijn. Breng dat a.u.b. ook zo in. Het college vindt het vooral belangrijk dat het gesprek ruimte biedt voor de punten die voor u echt van belang zijn. Tegelijk helpt een zekere ordening om de opbrengst van het gesprek goed te kunnen benutten. Daarom vraagt het college u om uw inbreng zo concreet mogelijk te maken door per onderdeel uw eventuele accenten of prioriteiten te benoemen. Hoofdlijnen en prioritering 1. Welke accenten of onderwerpen mogen volgens u niet ontbreken in het Bestuursprogramma? Sociale opgaven Onderverdeeld naar: • Opgave 1: Verbondenheid in groeiende gemeenschappen • Opgave 2: Gelijke kansen op meedoen en ontwikkelen • Opgave 3: Gezond en weerbaar samenleven • Opgave 4: Passende woonsituatie met de juiste hulp en ondersteuning • Opgave 5: Veilig samenleven 2.
Welke inhoudelijke accenten moeten centraal staan bij de uitwerking van de sociale opgaven in het Bestuursprogramma?
3.
Welke onderwerpen of doelgroepen verdienen volgens u meer nadruk in het Bestuursprogramma?
Fysieke opgaven Onderverdeeld naar: • Opgave 6: Een gezond en toekomstbestendig Barneveld • Opgave 7: Prettig leven in vitale dorpen • Opgave 8: Ruimte voor ondernemerschap • Opgave 9: Waardevol landelijk gebied • Opgave 10: Bereikbaar, nu en in de toekomst 4. 5.
Welke inhoudelijke accenten moeten centraal staan bij de uitwerking van de fysieke opgaven in het Bestuursprogramma? Welke onderwerpen of keuzes verdienen expliciete aandacht in het Bestuursprogramma?
Bestuurlijke en organisatorische opgaven Onderverdeeld naar: - Opgave 11: Besturen, publieke dienstverlening en samenwerken
6. 7.
-2Welke accenten in werkwijze en samenwerking zijn in het Bestuursprogramma nodig voor een goede uitvoering? Welke verwachtingen heeft u van rol en sturing van college en organisatie in deze bestuursperiode?
1. Inleiding Een uitnodiging aan de raad Voor u liggen de consultatievragen met betrekking tot het nog op te stellen Bestuursprogramma 20262030. Het college wil dit programma samen met de gemeenteraad verder brengen. Als uitnodiging om mee te denken over de opgaven, keuzes en accenten voor de komende jaren. Dat gesprek is nodig. Barneveld staat voor grote ambities, terwijl capaciteit, middelen en uitvoerbaarheid grenzen stellen. Juist daarom wil het college vroegtijdig ophalen waar aanscherping nodig is en welke keuzes het programma richtinggevend én realistisch maken. De plek van het Bestuursprogramma Het Bestuursprogramma is iets anders dan het Coalitieakkoord. Dat akkoord is opgesteld door de coalitiepartijen en vormt de basis voor het aantreden van het college, maar is niet door de raad vastgesteld. Het college vertaalt de hoofdlijnenafspraken nu naar een eigenstandig Bestuursprogramma richting de raad. Na vaststelling door de raad wordt dit programma het bestuurlijke vertrekpunt voor de nieuwe periode. De programmabegroting 2027 werkt de ambities, resultaten en middelen daarna concreet uit. Reikwijdte en inhoud De hoofdlijnenafspraken uit het Coalitieakkoord vormen het vertrekpunt voor het Bestuursprogramma. Het college vertaalt deze naar uitvoeringslijnen voor de komende periode.
Daarnaast is er ruimte voor andere grote ontwikkelopgaven die op Barneveld afkomen en een plek verdienen in het programma. Ook suggesties die de raad in deze voorbereidingsfase meegeeft, worden daarbij betrokken. Consultatie als gezamenlijk gesprek De 7 consultatievragen zijn bedoeld als leidraad voor het gesprek. Ze helpen om gericht te reflecteren, aandachtspunten te benoemen en concrete suggesties op te halen. Het college betrekt deze inbreng bij het opstellen van het definitieve Bestuursprogramma, met als doel een programma dat door de raad kan worden vastgesteld.
2. Beoogd effect
De raad vragen om inbreng voor het op te stellen Bestuursprogramma 2026-2030. Het college neemt waar mogelijk uw inbreng mee bij het uiteindelijk voor te leggen Bestuursprogramma 2026-2030.
3. Argumenten • • •
Het college vindt het belangrijk de wensen vanuit raadsleden aan de voorkant mee te wegen bij het op te stellen Bestuursprogramma. Deze consultatie biedt raadsleden daartoe de gelegenheid. Gerichte vragen maken de inbreng concreet en goed bruikbaar voor de verdere uitwerking, zonder dat de rad wordt beperkt in het meegeven van bredere aandachtspunten. Door te sturen op accenten en prioriteiten ontstaat meer focus in het Bestuursprogramma.
4. Kanttekeningen • •
Prioritering door individuele raadsleden betekent niet automatisch dat er sprake is van een breed gedragen raadsstandpunt. Nadere duiding en weging door college en organisatie blijft noodzakelijk.
5. Financiën n.v.t.
6. Participatie en communicatie n.v.t.
-3-
7. Vervolgstap
De opbrengst van deze consultatie wordt door het college betrokken bij de verdere uitwerking van het Bestuursprogramma. De inbreng van de raad wordt daarbij op hoofdlijnen: • geordend naar opgave (sociaal, fysiek, organisatie & bestuur); • gewogen, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen breed gedeelde accenten en meer uiteenlopende opvattingen; • afgezet tegen uitvoerbaarheid, waaronder beschikbare capaciteit, middelen en bestaande beleidskaders. Op basis hiervan maakt het college keuzes in de verdere uitwerking en vertaalt de opgehaalde input naar concrete uitvoeringslijnen voor de periode 2026–2030. Bij de behandeling van het conceptBestuursprogramma wordt voor de raad inzichtelijk gemaakt: • hoe de inbreng uit de consultatie is betrokken; • op welke wijze deze is verwerkt in de voorgestelde keuzes en accenten. Zo kan de raad goed beoordelen hoe de consultatie is doorvertaald en daarover een integrale afmaken bij de vaststelling. Burgemeester en wethouders van Barneveld, de secretaris, de burgemeester,