CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Kaderbrief OddV 2024.pdf

Gemeenteraad 22 maart 2023, gemeente BarneveldBij agendapunt: Kaderbrief Omgevingsdienst de Vallei (OddV)3.436 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

foto: sluis bij Nijkerk

Kaderbrief

2024 1

Voorwoord Omgevingsdienst De Vallei werkt in opdracht van:

Geachte bestuurders, raadsleden en statenleden, De leefomgeving is meer dan ooit in beweging. De nationale en lokale ambities met betrekking tot milieu, klimaat en bouwen zijn groot. Het wettelijk kader, Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, wordt veranderd en het rijk geeft met het interbestuurlijk programma en specifieke uitkeringen een impuls aan de versterking van het VTH-stelsel en energietoezicht. In deze dynamische setting werkt OddV aan een gezond, duurzaam en veilig leefmilieu binnen het valleigebied, met oog voor de bestuurlijk gewenste ontwikkeling van (complexe) bedrijvigheid en toenemend ruimtegebruik. Deze Kaderbrief geeft, op basis van beleidsmatige ontwikkelingen, inzicht in de financiële effecten op de begroting 2024 van OddV. De gemeenteraden en Provinciale Staten kunnen deze Kaderbrief als input gebruiken voor het proces van de begroting 2024. Ook geven we zicht op ontwikkelingen en risico’s die we nog niet (volledig) in de begroting 2023 hebben vertaald. Dit omdat bij het opstellen van de begroting 2023 onzeker was of en wanneer deze zich zullen voordoen.

Henk-Jan Baakman directeur

2

Inhoud

Opgaven, trends en ontwikkelingen

4

Financiële impact Kadernota 2024

9

Financieel kader Begroting 2024

11

Transities en VTH-uitvoering

13

3

Opgaven, trends en ontwikkelingen Nationale ambities

Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging voor het Bouwen

Er zijn grote veranderingen (transitie-opgaven) in de leefomgeving; klimaatverandering, stikstof, energie transitie, circulaire economie en duurzame mobiliteit. De nationale ambities zijn groot en deze worden vertaald naar provinciaal en lokaal beleid en uitvoering. Het ligt voor de hand dat de Omgevingsdiensten betrokken worden bij de beleidsvoorbereiding en de uitvoering.

Na het uitstel van de invoering van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is de nieuwe datum van inwerkingtreding 1 juli 2023. OddV werkt samen met zijn partners aan de implementatie van de Omgevingswet en Wkb. Op initiatief van OddV is er een regionale VTH-agenda Omgevingswet vastgesteld en uitgevoerd. OddV is klaar voor de invoering van de Omgevingswet en Wkb. Voor succesvolle invoering is OddV sterk afhankelijk van het functioneren van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO).

Het is van belang om helder te maken welk effect de transities hebben voor het werk van OddV. Dit begint met inzicht en kennis van de transities en de VTH-uitvoering (zie pagina 13). OddV kan op basis hiervan de gemeenten adviseren over de uitvoeringseffecten van het beleid van de transities. Binnen OddV kan op basis van dit inzicht de VTH-uitvoerings­ praktijk ingericht worden op de opgaven die de transities voortbrengen. De inzet van OddV zal meegenomen moeten worden met de besluit­ vorming over het lokale beleid en uitvoering.

Coalitieakkoorden gemeenten De maatschappelijke opgaven, zoals verwoord in de coalitieakkoorden, zijn groot. Te noemen zijn de verstedelijkingsopgave, milieuopgaven, ondermijning en versterking van de organisatie. De druk op de bestaande ruimte zal toenemen en inpassing van de verschillende functies met behoud van waarden op het gebied van leefomgeving en natuur is een uitdaging van formaat. Deze groei leidt de komende jaren tot een autonome toenemende vraag naar kwalitatief goede vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). OddV is hierbij de partner voor de beleidsafstemming en VTH-uitvoering. De inzet van OddV zal meegenomen moeten worden met de besluitvorming over het lokale opgaven en versterking van de gemeentelijke organisaties.

Gezien de nog bestaande onzekerheden wordt ook nu, net zoals voor­ gaande jaren, geadviseerd om de in de meerjarenbegroting geraamde budgetten vooralsnog vast te houden. Als de effecten (inhoud en financiën) van onderdelen duidelijk zijn worden ze in het eerste Planning & Control moment meegenomen. Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wkb en als alle werkelijke effecten helder zijn, kunnen we Planning & Control momenten benutten om (voor zover het mogelijk is) bij te sturen.

Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel (IBP) Na het ontstaan van de omgevingsdiensten (Commissie Mans, De tijd is rijp) zijn er periodiek evaluaties uitgevoerd (Berenschot) en is in 2021 het rapport van de Commissie Van Aartsen (Om de leefomgeving, maart 2021) verschenen. Begin 2022 is een Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel (IBP) gedefinieerd waarmee, in zes pijlers, de aanbevelingen van Van Aartsen verder worden uitgewerkt/ geïmplementeerd. Door dit programma zullen verbeteringen in het VTH-stelsel in gang worden gezet. Het programma heeft een looptijd tot eind 2023. Gezien de ambities en de beperkte doorlooptijd is uitstel naar 2024 voorstelbaar.

4

OddV participeert actief in het IBP. We zullen onze vakkennis en visies inbrengen en nieuwe kennis en ervaring opdoen en deze vertalen naar ons beleid en VTH-uitvoering. Het Interbestuurlijk programma VTH wordt door het rijk gefinancierd met een SPecifieke UitKering (SPUK IBP-VTH). Ontwikkelingen die in gang gezet worden kunnen leiden tot structurele lasten voor de OD’s/opdrachtgevers.

Doorontwikkeling samenwerking in Gelderland De omgevingsdiensten in Gelderland werken nauw samen in het Gelders Stelsel. Door autonome toename van het aantal bedrijven en verschuiving van bevoegd gezag (Omgevingswet) zijn de omgevingsdiensten in Gelderland in hogere mate robuust voor de uitvoering van de VTH-taken. Omgevingsdiensten Noord-Veluwe en Veluwe IJssel gaan fuseren. Zij zien kansen om gezamenlijk beter te voldoen aan de huidige vraag én de toekomstige opgaven. De omgevingsdiensten in Gelderland werken samen op thema’s zoals strafrecht, ketentoezicht en informatievoorziening. Dit omdat samenwerking, onder andere op deze thema’s, de effectiviteit van de uitvoering vergroot en daarmee de milieuschade beperkt. De omgevingsdiensten hebben recent een aantal kaders en hoofdpunten voor deze samenwerking opgesteld: De hoofdpunten van de doorontwikkeling van de samenwerking zijn: •  Iedere OD voert VTH-taken robuust uit. Zo nodig wordt samengewerkt voor specialistische deskundigheden op basis van bestuurlijk geborgde afspraken; •  Er wordt provinciebreed beleid ontwikkeld voor complexe Vergunningverlening en Handhaving; •  Bovenregionale onderwerpen (Ketentoezicht, BOA/BsBm (Bestuurlijke strafBeschikking milieu), informatievoorziening/data-analyse) worden doorontwikkeld mede in relatie tot het Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel;

Onderzoek robuustheid Gelders Stelsel In het najaar van 2021 heeft de provincie Gelderland een Art217a onderzoek (onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door Gedeputeerde Staten gevoerde bestuur) uitgevoerd naar het Gelders Stelsel. In het voorjaar van 2022 hebben bestuurders van gemeenten, provincie en omgevingsdiensten met elkaar gesproken over het gemeenschappelijk doel om de kwaliteit van de VTH-uitvoering in Gelderland te versterken. Dit heeft geleid tot een proces gericht op de versterking van de VTH-uitvoering in Gelderland, begeleid door Lysias Advies. In dit kader wordt ook de robuust­ heid van de VTH-uitvoering in Gelderland beschouwd. Hier ligt een sterke relatie met het interbestuurlijk programma versterking VTH (IBP). Het proces leidt tot inzicht in de robuustheid van het Gelders Stelsel en aanbevelingen over de mate waarin VTH-uitvoering in Gelderland in staat is om ontwikkelingen die binnen het IBP worden uitgewerkt in te vullen.

Koers OddV 2023 - 2026 Na de gemeenteraadsverkiezingen heeft OddV het initiatief genomen om haar Koers te actualiseren. We doen dit op basis van de opgaven in de coalitieakkoorden van de gemeenten, actuele ontwikkelingen en een SWOT-analyse. De Koers wordt vertaald naar de volgende programma’s die leidend zullen zijn voor de ontwikkeling van de organisatie: •  VTH-dienstverlening •  Professionele organisatie •  In verbinding

5

Overdracht bodemtaken van provincie naar gemeenten Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet gaat de bevoegdheid die nu bij de provincie ligt voor de Wet bodembescherming (Wbb) over naar de gemeenten. Gemeenten zijn dan primair beheerder van de bodem­ kwaliteit voor hun grondgebied. Door deze overdracht komen alle basistaken voor de bodem(sanering) bij de gemeenten te liggen. Reeds beschikte en lopende saneringen blijven onder de bevoegdheid van de provincie. De Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA) voert nu nog in opdracht van de provincie de uitvoerende bodemtaken uit. Effecten 2024 en verder: Er vindt geen overheveling plaats van provinciefonds naar gemeentefonds. Keuze is gemaakt voor een capaciteitsuitbreiding van 1 fte bodemtoezicht en 1 fte bodemadvies (start scenario).

Overdracht bevoegd gezag milieutaken van complexe bedrijven van provincie naar gemeenten Waar de bodemtaken van de provincie naar de gemeenten gaan, is het domein “milieutaken voor complexe bedrijven” diffuus. Zo gaat de behandeling van milieutaken van complexe bedrijven van provincie naar gemeenten en vice versa. In onze regio gaat het bevoegd gezag van acht bedrijven over van provincie naar gemeente en twee bedrijven van gemeente naar provincie. Dit leidt tot extra VTH-taken en kosten in de omvang van ruim 1400 uur, waarvan de helft in de gemeente Nijkerk. Budgettair gezien vindt ook hier geen verrekening plaats tussen provinciefonds en gemeentefonds.

6

ik wel in een recreatieverblijf

ewoning toegestaan. Dit is het geval

nen al vanaf 1 januari 1997 g te zijn in het recreatieverblijf, of; l is dat een situatie zodanig schrijnend den niet kan worden gerechtvaardigd.

een brief of e-mail naar de Omgevingsns vindt u op www.oddevallei.nl. eoordeeld.

verblijf. In hoeverre moet ik hiermee

ijf wordt bewoond, dan wordt niet ok de verhuurder/eigenaar aaneding te beëindigen. De verhuurder/ een onderzoeksplicht voor het gebruik Dit betekent dat hij zal moeten nagaan or recreatieve doeleinden wordt annemelijk wordt gemaakt dat de t op de hoogte van het niet-recreatieve lijft een aanschrijving achterwege. mst is opgenomen dat bewoning niet ende.

w.oddevallei.nl

Veelgestelde vragen Bewoning van recreatieverblijven

Permanente bewoning verblijfsrecreatie vakantieparken Ede Inzet van toezicht en handhaving op vakantieparken blijft urgent en is van structurele aard. Daarbij gaat het niet alleen aan illegaal permanent wonen maar ook om ondermijning en illegale huisvesting van arbeids­ migranten. Afgelopen jaren heeft Ede met incidenteel budget een impuls gegeven aan de aanpak permanente bewoning. Ede heeft besloten om voor 2023 en 2024 incidenteel budget te beschikbaar te stellen.

Professionalisering Door genoemde ontwikkelingen verbreden de opgave van OddV. Van uitvoerder van VTH-taken naar expert (kennispartner) van de leefomgeving en uitvoerder van VTH-taken. Zo ontstaat een meer integrale omgevingsdienst. Van omgevingsdiensten wordt verwacht dat zij kennis en vaardigheden hebben voor VTH-taken die voorkomen in de regio waar zij actief zijn. Regio’s verschillen. De ene regio is sterk verstedelijkt, de andere over­ wegend industrieel of agrarisch. Het ligt voor de hand dat omgevings­ diensten zich richten op de kennis die sterk verbonden is op de aard van de regio. Dit betekent dat de kennis bij omgevingsdiensten verschilt en dat een omgevingsdienst niet alle kennis in huis kan hebben. Samenwerking op specialistische kennis is dan ook noodzakelijk voor de transitie opgaven en VTH-uitvoering. De OddV zal moeten ontwikkelen en investeren in het opbouwen van kennis die nodig is om de transitie opgaven te vertalen naar de VTH-praktijk. Dit vormt een belangrijk onderdeel van de Koers OddV 2023 - 2026 en heeft een sterke relatie met het Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel.

7

Arbeidsmarkt

Geconcentreerde huisvesting OddV

Er is sprake van een krappe arbeidsmarkt. Ook OddV heeft te maken met deze problematiek. Met opleidingstrajecten voor jonge medewerkers en gezamenlijke campagnes met de Gelderse Omgevingsdiensten positioneren we ons werk als maatschappelijk relevant en als een aantrekkelijk werkgever. Het zal niet altijd mogelijk zijn om alle functies te vervullen.

Het bestuur heeft gekozen om de huisvesting van OddV te concentreren in één kantoor in nabijheid van station Ede-Wageningen. De noodzaak tot professionalisering en de positionering als aantrekkelijke werkgever liggen hieraan ten grondslag. Tegelijkertijd zijn met de directies van de gemeenten afspraken gemaakt over de borging van de verbinding tussen medewerkers van OddV en gemeenten. Ook zijn afspraken gemaakt over het gebruik van aanlandplekken en vergaderruimten. Concentratie van de huisvesting vindt plaats binnen het budget dat nu ook beschikbaar is voor huisvesting.

Inflatie In 2022 is, als gevolg diverse ontwikkelingen, de inflatie enorm gestegen. Dit leidt tot problemen in de begroting 2023 en 2024. De begroting van 2023 en 2024 zal aangepast moeten worden en we bespreken met de gemeenten een methode om begroting van OddV en gemeenten beter op elkaar aan te sluiten.

Structurele effecten van het Uitvoeringsplan Gemeenten en OddV maken voorafgaand aan een jaar een uitvoeringsplan waarin de VTH-dienstverlening voor dat jaar wordt gespecificeerd. De financiële afwijkingen van het Uitvoeringsplan en begroting worden verwerkt in een begrotingswijziging. Zowel in 2022 als in 2023 zien we dat deze afwijkingen groot zijn en mogelijk een structureel karakter hebben. OddV en partners willen dit na vaststelling van de Uitvoerings­ plannen 2023 nader analyseren en bepalen welk deel hiervan structureel is. Vooralsnog is samen met de partners besloten een deel van de afwijkingen incidenteel mee te nemen in het kader voor 2024.

8

In dit hoofdstuk vatten we samen wat de verwachte financiële impact is van de geschetste ontwikkelingen. Kadernota 2024

Financiële impact

Daarnaast worden de voor de begroting van het jaar 2024 te hanteren financiële kaders en uitgangspunten beschreven en toegelicht. Financiële impact ontwikkelingen Ontwikkelcapaciteit organisatie OddV meerjarig € 200.000 OddV-breed Uit de benchmark van Arno Seinstra blijkt dat OddV te weinig structureel budget beschikbaar heeft voor ontwikkeling en innovatie. Hiervoor is een structurele investering nodig van € 200.000. Bij de besluitvorming over de Kaderbrief 2023 is besloten om dit meerjarig op te nemen voor 2023, 2024 en 2025. Permanente bewoning verblijfsrecreatie vakantieparken Ede pm. Afgelopen jaren heeft Ede met incidenteel budget, groot € 250.000 per jaar, een impuls gegeven aan de aanpak van permanente bewoning op vakantieparken. Ede heeft besloten om voor 2023 en 2024 dit budget te continueren. Loon- en prijsinflatiecorrectie Evenals voorgaande jaren gebruiken we de septembercirculaire gemeente­ fonds 2022 als basis voor de loon- en prijsinflatiecorrectie. We gebruiken hierbij het jaar 2024 als basis met een correctie van de verschillen ten opzichte van de septembercirculaire 2021 voor de jaren 2022 en 2023.

9

Financieel-technische uitgangspunten De financieel-technische uitgangspunten voor de begroting van het jaar 2024 zijn: • De begroting van het jaar 2024 voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV); • De begroting van het jaar 2024 inclusief meerjarenperspectief is structureel sluitend; • De basis voor het opstellen van een nieuwe begroting is die van de Meerjarenbegroting 2023 - 2026, jaarschijf 2024 van OddV; • De output-vraag van de partners beweegt zich binnen de vastgestelde marges van de begroting; • Bij de begroting wordt één OddV-uurtarief gecalculeerd voor de kernactiviteiten van OddV; • Indien partners aan OddV opdracht geven voor meerwerk buiten de kadernota om en OddV daar extra personeel voor moet inhuren, wordt dat meerwerk doorberekend aan de partner tegen het vastgestelde uurtarief van OddV opgehoogd met € 15,- per uur. Reden is dat inhuurtarieven hoger zijn dan het voorcalculatorische uurtarief en OddV ook nog kantoorkosten moeten betalen over die inhuur; • In de meerjarenbegroting wordt uitgegaan van constante prijzen; • Na het begrotingsjaar vindt er afrekening plaats per partner over de werkelijk geleverde producten en over de uren waar geen product aan is gekoppeld.

Dit gebeurt op basis van bij de begroting vastgestelde voorcalculatorische tarieven/productprijzen; • Resultaten na afrekening (loon-, prijs- en bezettingsverschillen) worden primair verrekend met de partners naar rato van de werkelijke omzet. Uiteraard kan het Algemeen Bestuur ook besluiten om te putten uit het weerstandsvermogen bij een negatief resultaat, dan wel te storten in een bestemmingsreserve bij een positief resultaat.

Zoals aangegeven willen we de systematiek loon- en prijscompensatie beter aan laten sluiten bij de systematiek van de gemeenten. De begrotingen van Gemeenschappelijke regelingen lopen voor op die van de gemeenten. Gevolg is dat OddV voor de begroting 2024 uit moet gaan van de septembercirculaire 2022 terwijl de gemeenten voor haar begrotingen 2024 uitgaan van de mei- of septembercirculaire 2023. Dit leidt in tijden van hoge inflatie tot tekorten in de begroting. In 2023 wordt dit verschil in inflatiecorrectie opgelost door een begrotings­­wijziging. Voor 2024 hanteren we (conform de september­ circulaire 2022) een loonindex van 7% en een prijsindex van 9%. Op basis van de septembercirculaire 2023 zal de begroting 2024 nog worden gewijzigd. Komend jaar zullen we samen met de partners een methodiek introduceren waarmee we ervoor zorgen dat de begrotingen van OddV en gemeenten beter op elkaar aansuiten.

10

Financieel kader begroting 2024 (x € 1.000)

Begroting 2024

Meerjarenbegroting 2023 - 2026, jaarschijf 2024, excl. projecten Autonome en structurele effecten Overdracht bodemtaken provincie naar gemeenten *) Overdracht inrichtingen provincie naar gemeenten *) Loon- en prijsinflatiecorrectie 2024 - 2027

Financieel kader

2024

2025

2026

2027

13.956

13.956

13.956

13.956

255 255 135 135 1.044 1.044

255 135 1.044

255 135 1.044

Subtotaal 15.390 15.390 15.390 Omzet per partner Barneveld 4.546 4.546 4.546 Ede 6.359 6.359 6.359 Nijkerk 2.806 2.806 2.806 Scherpenzeel 585 585 585 Wageningen 1.076 1.076 1.076 Provincie Gelderland 18 18 18 Totaal structureel 15.390 15.390 15.390 Incidentele projecten Ontwikkelcapaciteit EML-controlers Permanente handhaving verblijfsrecreatie Ede Reguliere taken die mogelijk een structureel karakter hebben Subtotaal incidentele projecten Incidentele projecten per partner Barneveld Ede Nijkerk Scherpenzeel Wageningen Provincie Gelderland Totaal incidenteel Begroting/Kader

*) inclusief loon- en prijsinflatiecorrectie

200 163 250 267

15.390

4.546 6.359 2.806 585 1.076 18 15.390

200 pm pm

200 0 0 245 59 521 83 12 36 25 7 86 14 -9 0 880

880

200

-

-

16.270

15.590

15.390

15.390

11

Gedetailleerder overzicht per deelnemende partner over 2024 Opbouw Kaderbrief 2024 (x € 1.000) Vastgestelde begroting MJB 2023 - 2026, jaargang 2024

Barneveld

Ede

Nijkerk

Scherpenzeel

Wageningen

Provincie

Totaal

4.136

5.806

2.504

529

964

17

13.956

Overdracht bodemtaken provincie naar gemeenten *)

83

83

52

17

21

-

255

Overdracht inrichtingen provincie naar gemeenten *)

18

36

63

-

18

-

135

Loon- en prijsinflatiecorrectie 2024 - 2027

309

434

187

39

73

1

1.044

4.546

6.359

2.806

585

1.076

18

15.390

Ontwikkelcapaciteit

59

83

36

7

14

0

200

EML-controlers 2022 - 2024

45

70

26

4

17

-

163

Kaderbrief 2024 exclusief projecten

Permanente handhaving verblijfsrecreatie Ede Reguliere taken die mogelijk een structureel karakter hebben Kaderbrief 2024

250

250

141

117

-50

13

55

-9

267

4.791

6.880

2.818

609

1.162

10

16.270

12

*) inclusief loon- en prijsinflatiecorrectie

Transities en VTH-uitvoering 13

Klimaatverandering

Zoönosen

De grootste transitie in de leefomgeving is de klimaatverandering. Het zoeken is daarbij naar gezonde, duurzame en veilige initiatieven om deze veranderingen te voorkomen (klimaatmitigatie) en de gevolgen ervan te beperken (klimaatadaptatie). Denk bij de gevolgen aan: effecten van extreem weer, andere diersoorten zoals eikenprocessierups, hitte, risico’s zoönosen, UV-straling en huidkanker, zeespiegelstijging.

Zoönosen kunnen een effect hebben op de VTH-uitvoering. Zoönose is de overdracht van nieuwe en bestaande ziekten van dieren op mensen. Bijvoorbeeld Q-koorts (via geiten), de ziekte van Lyme (via teken) of de overdraagbaarheid van vogelgriep. Als het gaat om dieren die gehouden worden kan dit met VTH gereguleerd worden.

Stikstof De stikstof reductiedoelen vragen zo snel mogelijk om acties van de sectoren industrie, bouw, mobiliteit en landbouw. Niet alles kan meer overal. Ondernemers en projecten – of het nu gaat om industrie, bouw, mobiliteit of landbouw – moeten ervoor zorgen dat hun activiteiten passen binnen de draagkracht van het gebied. Dit vraagt om een andere manier van ondernemen en leidt tot grote veranderingen in het landelijk gebied en veel impact voor betrokken partijen. Door reductiemaatregelen voor stikstof in een gebiedsgerichte aanpak slim te combineren met andere reductiemaatregelen om klimaat, bodem en waterkwaliteit te verbeteren. Hierdoor herstelt de natuur, komt vergunningverlening voor ondernemers en bouwprojecten weer op gang en kunnen PAS-melders een vergunning krijgen. De omgevingsdienst heeft een rol bij de regulering en uitvoering van VTH-taken voor deze bedrijven.

Energietransitie De energietransitie heeft tot doel om niet-hernieuwbare, fossiele brandstoffen zoals kolen, olie en gas te vervangen door duurzame energiebronnen. Denk hierbij aan biomassa voor energieopwekking, uitstoot van gassen uit windturbines en dubbel glas, afval van zonnepanelen en geluidsbelasting door energiesystemen en verduurzaming van bedrijfsprocessen en kantoorgebouwen. De omgevingsdienst heeft een rol bij de regulering en uitvoering van VTH-taken bij energie- en afvalbedrijven. Denk specifiek aan controles op toepassing Best Beschikbare Technieken en C-label kantoorgebouwen.

14

Circulaire economie Circulaire economie draait om een duurzame winning van grondstoffen en minder grondstoffen per product. Dat product wordt weer hergebruikt of tot iets anders verwerkt. In een circulaire economie worden materialen steeds opnieuw gebruikt. Ook grond, bouw- en reststoffen (het resterende materiaal dat vrijkomt bij een productieproces) worden steeds vaker hergebruikt. De overheid stimuleert het hergebruik van deze materialen, omdat dan minder primaire bouwstoffen als zand en grind nodig zijn. Grond, bouw- en reststoffen mogen onder voorwaarden van wet- en regelgeving opnieuw gebruikt worden. De omgevingsdienst heeft een rol bij de regulering en uitvoering van VTH taken met betrekking tot circulaire economie.

Duurzame mobiliteit Ons dagelijks vervoer per auto, openbaar vervoer en het vrachtvervoer zorgt voor een te grote uitstoot van CO2. Nederland moet daarom een omslag maken naar een duurzame mobiliteit die minder belastend is voor het milieu en goed is voor de inwoners. Omgevingsdiensten krijgen toezicht taken met betrekking tot de mobiliteit van verkeersbewegingen van bedrijven.

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=cde23bd3-af87-4cf9-aea2-f8de9baf962f