Bijlage 2 Reactie op advies ASD Wmo en jeugdverordening
Tekst van het document
Advies ASD Algemeen: Nav de informatie (dec 24) en toelichting (jan 25) die wij hebben ontvangen signaleert de ASD het volgende: Belangrijk bij de uitvoering van beleid is dat er ruimte is voor maatwerk voor deze vaak kwetsbare doelgroep. Een verordening op hoofdlijnen geeft deze ruimte. Het valt ons op dat deze nieuwe verordening op hooflijnen beschreven is maar er zijn ook onderdelen die uitvoerig uitgewerkt zijn. Hierdoor ontstaat er een document dat “hinkt op twee gedachten” en niet meer geheel op hoofdlijnen is.
Advies: Hierdoor ontstaat het risico dat de mogelijkheid tot maatwerk dreigt te verminderen of niet meer mogelijk is. Wij adviseren deze verordeningen echt op hoofdlijnen te beschrijven waardoor er ruimte blijft voor “zorg op maat” ///// Geachte Adviesraad, Bedankt voor uw reactie. Het klopt dat de verordeningen op een aantal punten zijn uitgebreid. Deze uitbreidingen komen hoofdzakelijk voort uit uitspraken van de Centrale Raad van Beroep (CRvB). Het gaat om de volgende uitspraken: Eigen kracht De uitspraken door de CRvB van mei 2024 maken duidelijk dat in de verordening de criteria moeten staan voor gebruikelijke hulp/eigen kracht. Als de verordening niet deze criteria heeft opgenomen, is het besluit in strijd met de wet (oa artikel 2.9 Jeugdwet) en is het besluit vernietigbaar. Deze criteria hebben we om deze reden verwerkt in de verordeningen. Zorgfraude Afgelopen jaren is zorgfraude veelvuldig in het nieuws geweest. Binnen de gemeente Barneveld is er voor gekozen om flink in te zetten op reactief en deels proactief onderzoek. Dit onderzoek wordt gedaan door de contractmanager en/of de toezichthouder. Vanuit de rechtspraak over dit onderwerp is duidelijk geworden dat het voor dergelijke onderzoeken noodzakelijk is om heldere criteria te formuleren in de verordening. Zonder deze criteria heb je immers geen wegingskader en kan de toezichthouder niet handhaven.
Pgb-tarieven In de Jeugdwet en Wmo 2015 staat niet aangegeven wat de hoogte van het persoonsgebonden budget (pgb) moet zijn. De gemeente bepaalt dit zelf. De gemeente is verplicht om dit vast te leggen in een verordening. De Raad mag dit niet delegeren aan het college (ECLI:NL:CRVB:2017:1803). Dit volgt ook uit de Memorie van toelichting Wmo 2015, pagina 39.
Stappenplan
De Centrale Raad van beroep en heeft op 1 mei 2017 een eerste belangrijke uitspraak gedaan. Om een besluit over het toekennen van hulp of ondersteuning te kunnen nemen moet de gemeente het beoordelingskader van de Centrale Raad van Beroep toepassen. Dit heet ook wel het ‘Stappenplan van de CRvB’. Deze uitspraak is inmiddels diverse malen aangehaald en bevestigd. Omdat het van zo’n wezenlijk belang is om een ‘goed’ onderzoek te doen, zijn de verschillende stappen uit het Stappenplan ook uitgewerkt in de verordening. Het positieve van het toepassen van het stappenplan is dat -naast dat de kwaliteit van het onderzoek verbetert- het heel goed helpt in het oplossingsgericht werken. Binnen het stappenplan wordt namelijk als vetrekpunt genomen: ‘wat heeft de jeugdige nu nodig?’ (dus niet vertrekken vanuit de claim). Dit versterkt juist de mogelijkheid om maatwerk toe te passen.
Samenvattend Het klopt dat de verordening op een aantal punten is uitgebreid. De verordening is een vertaling van de landelijke wetten (Wmo 2015 en Jeugdwet), naar lokaal, Barneveld. Hier komt bij dat we binnen de verordening ons moeten houden aan uitspraken van de CRvB. Met name de uitspraken van de CRvB maken uitbreiding van de verordening noodzakelijk. Dit betekent niet dat maatwerk (zorg op maat) in mindere mate mogelijk is. De geïmplementeerde uitspraken in de verordening verduidelijken juist deze mogelijkheid en geven heldere handvatten voor het onderzoek. Bovendien vergroot de uitbreiding de rechtszekerheid van de burger.