Bijlage 1 Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
Tekst van het document
Ontwikkelopgaven voor onze uitvoering De lokale uitvoering in de gemeente functioneert over het algemeen goed. Inwoners weten de weg naar ondersteuning te vinden, organisaties werken betrokken en professioneel, en het preventieve voorveld is breed en actief. Tegelijkertijd vragen de visie, nieuwe doelen en uitgangspunten uit de Visie Sociaal Domein om een concrete vertaling naar de uitvoering. Dit betreft zowel de gemeentelijke uitvoering als die van onze preventieve partners.
•
We laten daarom onderzoeken in hoeverre de huidige inrichting van onze uitvoering aansluit bij onze visie, doelen en uitgangspunten. Daarbij kijken we specifiek naar: • De inrichting van de gemeentelijke uitvoering; • De toegang tot ondersteuning; • De rol en de inrichting van het preventieve veld.
In lijn met de Samenwerkingsaanpak met Dorpen en Wijken versterken we de relatie tussen gemeente en gemeenschap. We benutten zowel ervaringskennis als data om gebiedsbeelden op te stellen die richting geven aan onze inzet. Door dichter op de praktijk te werken, weten we beter wat er speelt en kunnen we sneller inspelen op lokale behoeften.
Daarnaast willen we in dit onderzoek een aantal ontwikkelopgaven meenemen, zoals: • Hoe verminderen we versnippering en organiseren we het voorveld efficiënter?
Ook intern vraagt gebiedsgericht werken om een integrale benadering. Daarom stemmen we binnen de gemeentelijke organisatie regelmatig af tussen het sociaal en fysiek domein en gebiedsregie.
Gebiedsgerichte uitwerking De maatschappelijke opgaven verschillen per wijk, dorp of buurt. Daarom vertalen we onze visie op het sociaal domein ook gebiedsgericht. Zo kunnen we beter aansluiten bij de leefwereld van inwoners, maatwerk leveren en effectiever samenwerken met lokale netwerken en partners.
65 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Zo brengen we relevante ontwikkelingen, initiatieven en opgaven in beeld en zorgen we dat acties op de juiste plek worden opgepakt. Dit helpt om met een brede blik naar gebieden te kijken en onze inzet beter te coördineren. Daarbij werken we op basis van gelijkwaardigheid samen met inwoners, organisaties en andere betrokkenen. Wanneer de opgaven in een gebied groot zijn, zetten we een intensievere, buurtgerichte aanpak in. Samen met inwoners en partners maken we dan gerichte afspraken om kansenongelijkheid tegen te gaan en de leefbaarheid te verbeteren. Zo bouwen we aan een sociaal domein dat dichtbij, herkenbaar en effectief is. We investeren ongelijk om kansengelijkheid te bevorderen. Dat betekent niet dat we in andere wijken en buurten geen inzet plegen. Ook daar blijven we actief en betrokken. Maar waar de opgaven groter zijn, kiezen we bewust voor méér of andere inzet. Zo zorgen we ervoor dat ons beleid aansluit bij wat nodig is op verschillende plekken.
7.2 Monitoring en sturing Samenwerken aan maatschappelijke opgaven vraagt om strategisch partnerschap De maatschappelijke opgaven in het sociaal domein worden complexer en vragen om een andere manier van samenwerken tussen gemeente en maatschappelijke organisaties. We maken daarbij steeds nadrukkelijker de beweging van het sturen op activiteiten naar het sturen op doelen en opgaven. Voor professionele organisaties betekent dit een meer strategische samenwerking, waarin zij niet alleen uitvoeren, maar zelf de vertaling maken van doelen en opgaven naar hun uitvoeringspraktijk. We zetten daarvoor in op meer ontwikkelkracht bij onze lokale partners. Vrijwilligersorganisaties hebben een andere rol en dynamiek. Zij zijn van grote waarde voor de leefbaarheid en sociale samenhang in onze gemeente. In plaats van te sturen, willen we hen
66 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
vooral faciliteren, ondersteunen en betrekken bij het meedenken over wat nodig is in de samenleving. We realiseren ons daarbij dat we qua controle, verantwoording en formele eisen minder van hen mogen en kunnen verwachten. Dat vraagt om maatwerk in de manier waarop we als gemeente met verschillende typen partners samenwerken. Monitoring Binnen het sociaal domein kiezen we bewust voor een combinatie van cijfers en verhalen. Waar kwantitatieve data inzicht geven in trends en ontwikkelingen, laten persoonlijke ervaringen zien wat beleid daadwerkelijk betekent in het dagelijks leven. De verhalen van inwoners, professionals en samenwerkingspartners helpen ons te begrijpen wat werkt, wat niet, en waarom.
Kwantitatieve monitoring: inzicht in trends, inzet en uitvoering Om de voortgang van ons beleid te volgen en waar nodig bij te sturen, hebben we per strategisch doel één of meerdere indicatoren benoemd. Deze vormen samen een basisset die we de komende jaren verder kunnen ontwikkelen. In bijlage 2 is een overzicht opgenomen van alle doelen en bijbehorende indicatoren. De gekozen indicatoren geven een goed beeld van waar we nu staan. Voor vrijwel alle indicatoren is een nulmeting beschikbaar, waardoor we de ontwikkeling in de tijd kunnen volgen en kunnen zien in hoeverre we onze doelen bereiken. Daarnaast is voor veel indicatoren ook landelijk vergelijkingsmateriaal beschikbaar, wat helpt om onze voortgang in perspectief te plaatsen. Tot slot zijn het indicatoren die veelal al worden gemeten,
waardoor ze aansluiten bij bestaande registraties en de administratieve druk beperkt blijft. De indicatoren maken onze doelen concreet en toetsbaar. Ze vormen daarmee een belangrijk instrument om te bepalen of we op koers liggen en waar bijsturing nodig is. De doelen zijn dus niet vrijblijvend: ze geven richting én bieden houvast voor verantwoording en evaluatie. Daarbij moeten we ook realistisch zijn: de doelen zijn gericht op resultaten die pas op de lange termijn, na jarenlange inspanning, zichtbaar worden. Daarom monitoren we naast deze lange termijn strategische doelen voor 2040 ook de voortgang op de inzet voor de komende jaren, zoals beschreven in hoofdstuk 5 onder “Hier werken we aan”. Naast deze inhoudelijke doelen richten we ons ook op de kwaliteit van onze uitvoering. We vinden het belangrijk om zicht te houden op de kwaliteit van onze dienstverlening en de manier waarop inwoners deze ervaren. De kwaliteit van onze inzet meten we dus niet alleen aan de hand van de voortgang op de doelstellingen, maar ook op het niveau van de organisatie en uitvoering. Daarom zijn op de tabel op de volgende pagina indicatoren opgenomen die specifiek gericht zijn op onze organisatie en dienstverlening aan inwoners. Deze indicatoren geven inzicht in hoe we werken, hoe inwoners dat ervaren en waar verbetering mogelijk is. Deze indicatoren vullen de beleidsindicatoren uit bijlage 2 aan.
Samen maken ze zichtbaar of we niet alleen bereiken wat we willen, maar ook hoe we dat doen. Ze dragen bij aan een bredere verantwoording van ons beleid en helpen ons om gericht te blijven verbeteren.
67 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Indicatoren voor organisatie en uitvoering Aspect
Indicator
Snelheid van dienstverlening
Wachttijd bij meldingsbalies
Tevredenheid over ondersteuning
Cliënttevredenheidsonderzoek
Ervaren aansluiting bij visie
Cliënttevredenheidsonderzoek
Balans in Zelf-Samen-Gemeente
Verhouding budget preventief versus curatief Verhouding budget uitvoering versus faciliteren via partners
Monitoring van inzet en middelen: de voorzieningenmonitor Naast de beleidsdoelen en uitvoeringsaspecten monitoren we ook het gebruik en de kosten van gemeentelijke vangnetvoorzieningen. Deze voorzieningenmonitor geeft inzicht in hoe middelen worden ingezet en hoe de vraag zich ontwikkelt. Op termijn willen we ook de inzet van preventieve partners hierin opnemen. Zo kunnen we beter volgen of de beweging naar meer zelf- en samenredzaamheid daadwerkelijk plaatsvindt, en of de inzet van preventie leidt tot minder beroep op geïndiceerde voorzieningen. Narratieve evaluatie: betekenisvol leren van de praktijk Naast cijfers vinden we het belangrijk om te leren van ervaringen. Verhalen van inwoners, professionals en partners geven context aan de cijfers en maken zichtbaar hoe beleid in de praktijk uitpakt. Deze narratieve evaluatie helpt ons te toetsen of onze werkwijzen bijdragen aan de doelen die we nastreven. We starten met een kleinschalige pilot waarin we ervaring opdoen met het verzamelen, duiden en benutten van verhalen. De inzichten uit deze fase gebruiken we om de aanpak verder te ontwikkelen en breder toe te passen. We willen onderzoeken of we deze gegevens ook kunnen koppelen aan onze financiële resultaten. Zo bouwen we aan een duurzame manier van evalueren: mensgericht, lerend en verbonden met onze maatschappelijke opgaven.
7.3 De beleidscyclus Deze Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040 is een strategisch document. Ze vormt samen met de Omgevingsvisie de strategische basis voor het gemeentelijk beleid. Hoewel deze visie gaat over het sociaal domein, is zij nadrukkelijk van toepassing op de gehele organisatie. De Visie Sociaal Domein geeft richting aan de maatschappelijke opgaven waar
we de komende jaren mee te maken hebben, en schetst hoe we daar samen met inwoners en partners aan willen werken. Binnen de gemeentelijke beleidscyclus is deze visie een leidraad voor beleidsvorming, uitvoering, monitoring en evaluatie. Zo zorgen we ervoor dat ambities en keuzes uit deze visie worden vertaald naar samenhangend beleid en uitvoering, en dat we blijven leren en bijsturen op basis van ervaringen en ontwikkelingen in de praktijk. Visie Sociaal Domein/ Visie Sociaal Domein (raad)
Monitoring en evaluatie
Beschikkingen/ contracten (college=> gemandateerd naar organisatie)
Beleidscyclus Sociaal Domein
Nadere uitwerking in beleidsplannen (college)
Verordeningen (raad)/ beleidsregels (college)
Uitvoeringsagenda’s (organisatie of college)
Lijnactiviteiten, projecten en programma’s (organisatie)
De visie vormt het vertrekpunt voor verdere uitwerking in beleidsplannen, uitvoeringsplannen en concrete projecten, verordeningen, opdrachten en beschikkingen binnen het sociaal domein. Zoals gebruikelijk bij visies is deze op hoofdlijnen geformuleerd en daarmee per definitie abstract en richtinggevend. In hoofdstuk 6 hebben we de ontwikkelrichting voor de verschillende beleidsterreinen al verder uitgewerkt, zodat duidelijk wordt welke kant we op willen bewegen. De daadwerkelijke concretisering van de visie vindt plaats in de uitvoering. Soms is aanvullend
68 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
beleid nodig om de vertaalslag van visie naar praktijk te ondersteunen. Dit gebeurt alleen wanneer: • dit wettelijk verplicht is; • het bestuurlijk gewenst is; • of het een noodzakelijke tussenstap is tussen de Visie Sociaal Domein en de uitvoering. Financiële keuzes over inzet van middelen worden gemaakt in de jaarlijkse planning-
en controlcyclus. De visie vormt daarbij het strategisch kader voor het maken van afwegingen.
7.4 Risico’s Er zijn risico’s die de uitvoering en effectiviteit van ons beleid kunnen beïnvloeden. Onderstaande risicoanalyse brengt de belangrijkste risico’s in kaart en de manier waarop we ermee omgaan. Het biedt daarmee een basis om tijdig bij te sturen.
Risico
Omschrijving
Maatregelen
Woningtekorten
Aanhoudende krapte op de woningmarkt, vooral voor aandachtsgroepen, maakt het onmogelijk om kosten in het sociaal domein beheersbaar te houden.
We geven binnen de Omgevingsvisie nog meer prioriteit aan het tegengaan van krapte op de woningmarkt, in het bijzonder voor aandachtsgroepen.
Teruglopende rijksmiddelen
De kosten in het sociaal domein stijgen, terwijl de rijksbijdragen onvoldoende meegroeien. Veel voorzieningen zijn openeindregelingen.
We lobbyen via de VNG voor meer structurele middelen en zijn terughoudend met nieuwe verplichtingen zonder structurele financiering.
Zorgdruk en kosten
Tekorten in de zorg leiden tot taakverschuiving naar het sociaal domein. Tegelijkertijd stijgt de vraag naar gemeentelijke voorzieningen, wat leidt tot hogere uitgaven.
We monitoren budgetten, zetten in op preventie en versterken samenwerking met de samenleving. En we zijn terughoudend met nieuwe verplichtingen zonder structurele financiering.
Personeelskrapte
Tekort aan personeel binnen gemeente en bij We investeren in werving en behoud van partners belemmert uitvoering en leidt tot personeel en stimuleren vrijwilligerswerk wachttijden. en innovatie.
Wijzigingen in wet- en regelgeving
Nieuwe wetgeving en landelijke politieke ontwikkelingen beïnvloeden uitvoering en financiën.
We volgen ontwikkelingen actief, passen beleid tijdig aan en trainen medewerkers.
Toegankelijkheid en inclusie
Niet alle kwetsbare inwoners worden bereikt. Digitalisering vormt een extra drempel voor mensen zonder vaardigheden of toegang.
We werken outreachend, versterken samenwerking met lokale partners en investeren in digitale inclusie.
Sociaal-maatschappelijke Toename van armoede, schulden en mentale ontwikkelingen gezondheidsproblemen vergroot de druk op voorzieningen.
We zetten in op vroegsignalering en integrale samenwerking met welzijnsorganisaties en zorg.
Verlies van vertrouwen in Gebrek aan vertrouwen kan leiden tot overheid verminderde participatie en gebruik van voorzieningen.
We werken herstelgericht, communiceren transparant en investeren in een betrouwbare relatie met inwoners. Soms doen wij bewust een stap terug, zodat partners een stap naar voren kunnen zetten en inwoners beter worden bereikt.
Datagebruik en privacy
Onvoldoende bescherming van We volgen de AVG, investeren in persoonsgegevens of risico op stigmatiserend veilige systemen en hanteren ethische richtlijnen bij datagebruik. En we trainen datagebruik. onze medewerkers en partners in het omgaan met privacy.
69 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Bijlage 1 Terugblik beleidsplan Sociaal Domein ‘Mensen voorop’ 70 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Bijlage 1 Terugblik beleidsplan Sociaal Domein ‘Mensen voorop’ In 2019 heeft de gemeente Barneveld met het beleidsplan ‘Mensen Voorop’ de koers uitgezet voor het sociaal domein. Dit plan is gebaseerd op drie centrale ambities: 1. Groeien naar zelfstandigheid 2. Meedoen naar vermogen 3. Samen oud worden Sindsdien is er veel gebeurd. De coronapandemie, de energiecrisis, internationale spanningen en personeelskrapte hebben een grote impact gehad op de samenleving. En daarmee ook op de doelen die in 2019 zijn gesteld. In deze bijlage blikken we terug op de ontwikkelingen van de afgelopen jaren en beschrijven we hoe onvoorziene maatschappelijke omstandigheden het sociaal domein hebben beïnvloed. We doen dit aan de hand van: • Een overzicht van maatschappelijke en beleidsmatige ontwikkelingen; • Een analyse van het gebruik van gemeentelijke vangnetvoorzieningen; • Een evaluatie van de voortgang op basis van de tien indicatoren uit het beleidsplan ‘Mensen Voorop’. Bij deze indicatoren gelden de volgende kanttekeningen: • Externe invloeden zoals corona, de energiecrisis en arbeidsmarktkrapte hebben vrijwel alle indicatoren beïnvloed. Hierdoor zijn lokale beleidsresultaten niet eenduidig af te leiden uit de cijfers. • Niet alle oorspronkelijke databronnen zijn nog beschikbaar. Waar nodig is gebruikgemaakt van passende alternatieven.
De afgelopen jaren hebben we stappen gezet om de gezonde en veilige ontwikkeling van kinderen en jongeren te bevorderen.
Ook versterkten we onze samenwerking rondom Kansrijke Start: een goede start voor kinderen in de eerste bepalende 1.000 dagen van hun leven. We tekenden een convenant met lokale partners en ontwikkelden projecten en activiteiten om kinderen in een kwetsbare situatie een betere start te bieden. Samen met andere gemeenten hebben we ingezet op het zoveel mogelijk voorkomen van uithuisplaatsingen. Waar dat niet mogelijk was, hebben we gezorgd voor kleinschalige en passende opvang dichtbij huis, zodat het gewone leven zoveel mogelijk behouden bleef.
Allereerst hebben we geïnvesteerd in een steviger lokaal netwerk, met meer samenwerking tussen onderwijs, jeugdhulp en preventieve partners. Dit heeft onder andere geleid tot de oprichting van het Platform Jeugd, waarin onderwijs, het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG), Connect en andere maatschappelijke partners samenwerken aan een gezamenlijke ontwikkel- en werkagenda.
Daarnaast investeerden we in het tegengaan van middelengebruik onder jongeren. Allereerst met het Actieplan Alcohol en Verkeer, dat we later hebben voortgezet met een integraal plan tegen middelengebruik: de WISE-aanpak. Met deze lokale aanpak zetten we in op een gezonde, veilige en kansrijke leefomgeving, waardoor jongeren gezond en veilig opgroeien en geen middelen gebruiken.
Groeien naar zelfstandigheid
De eerste opgave is Groeien naar zelfstandigheid: we willen dat alle kinderen en jongeren in de gemeente Barneveld gezond en veilig opgroeien en zich ontwikkelen tot zo zelfstandig mogelijke burgers.
71 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Ook diverse akkoorden die we afsloten met een breed scala aan maatschappelijke partners dragen bij aan gezondheid van jeugdigen en volwassenen: Het Sport- en Beweegakkoord en het Gezonde Leefstijlakkoord. In de afgelopen periode hebben we ons sterk gemaakt voor een grotere inzet op laagdrempelige preventie. Hiermee wilden we medicalisering voorkomen en hogere kosten door geïndiceerde jeugdhulp beperken. Zo hebben we bepaalde vormen van jeugdhulp, die voorheen uitsluitend via een beschikking werden aangeboden, omgevormd tot een preventief aanbod in het voorveld. Daarnaast hebben we het CJG ingezet binnen huisartsenpraktijken. Deze inspanningen beginnen inmiddels tot eerste resultaten te leiden. We zien een lichte verschuiving in de balans tussen investeringen in het preventieve voorveld en hulp op basis van een beschikking. De gemeentelijke toegang speelt hierin een centrale rol door te sturen op de juiste ondersteuning voor het kind. Hierbij wordt onder andere gebruikt gemaakt van oplossingsgericht werken en de Verklarende analyse26 om zo toe te leiden naar de juiste ondersteuning. Daarbij is de aandacht voor normaliseren gegroeid en is er meer preventieve ondersteuning in plaats van geïndiceerde zorg ingezet. Hierbij is het sturen op preventie een uitdaging. Het aanbod in het voorveld is breed en deels overlappend, wat vraagt om meer regie en samenhang.
Daarnaast hebben we ons de afgelopen jaren intensief ingezet om huiselijk geweld en kindermishandeling tegen te gaan. Binnen onze eigen organisatie en bij samenwerkingspartners hebben we de rol van aandachtsfunctionarissen versterkt, zodat signalen sneller worden herkend en effectief worden aangepakt. De coronacrisis heeft grote gevolgen gehad voor kinderen en jongeren, onder meer op hun mentale gezondheid en leerachterstanden. Met het Nationaal Programma Onderwijs hebben we ingezet op het inhalen van onderwijs- en ontwikkelachterstanden, met nadrukkelijke
26
aandacht voor het tegengaan van de sociaalemotionele gevolgen van de coronacrisis. In het verlengde daarvan hebben we ook ingezet op het Actieplan ‘Aandacht voor Elkaar’, waarmee we het sociaal en mentaal welzijn van jong en oud stimuleerden. Financieel gezien hebben we met succes gelobbyd voor de aanpassing van het woonplaatsbeginsel in de jeugdhulp. Deze wijziging was cruciaal, omdat veel kinderen van buiten de gemeente Barneveld hier jeugdhulp ontvangen, wat leidde tot hoge kosten voor onze gemeente. Door de aanpassing is nu de gemeente van herkomst verantwoordelijk voor zowel de organisatie als de bekostiging van de jeugdhulp. Dit zorgde voor een eerlijkere kostenverdeling. De financiële uitdagingen voor jeugdhulp in de gemeente en ook landelijk blijven groot. Dit leidde tot de landelijke Hervormingsagenda Jeugd voor betere jeugdhulp en beheersing van kosten. We maakten hiervoor een lokaal plan. We ontwikkelden een Integrale Cultuurvisie, waarmee we niet alleen de culturele infrastructuur in de gemeente versterken, maar cultuur ook steviger verankeren binnen het sociaal domein, het onderwijs, de leefomgeving en de lokale economie. Het domein cultuur wordt hiermee versterkt als een verbindende kracht die bijdraagt aan maatschappelijke opgaven. De Integrale Cultuurvisie richt zich op alle leeftijdsgroepen, en in het bijzonder ook op jeugd.
Tot slot is Be Active & Creative, verantwoordelijk voor jongerenwerk, sport, bewegen en cultuur, verzelfstandigd tot de onafhankelijke Stichting Connect. Daarmee is een helderdere opdrachtgever-opdrachtnemerrelatie met de gemeente ontstaan, wat de transparantie en samenwerking versterkt. De focus is daarbij verschoven: van het zelf organiseren van activiteiten naar het ondersteunen en faciliteren van initiatieven vanuit de samenleving. Zo ontstaat meer ruimte voor eigenaarschap en betrokkenheid van inwoners, sport- en cultuuraanbieders en andere lokale partners.
Verklarende analyse: onderzoek dat inzicht geeft in de achterliggende oorzaken van trends en ontwikkelingen binnen de jeugdhulp.
72 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Welke ontwikkelingen hebben we gezien in het gebruik van de gemeentelijke vangnet voorzieningen? In de gemeente Barneveld krijgt nu 1 op de 12 jeugdigen jeugdhulp, tegenover 1 op de 7 landelijk. Dit verschil komt mogelijk door de versterking van het voorveld in de afgelopen jaren, waardoor lichtere hulp vaker laagdrempelig wordt aangeboden.
Ontwikkelingen indicatoren Groeien naar zelfstandigheid27 10% 9% 8% 7% 6%
Tegelijkertijd zagen we dat jeugdhulp complexer werd. Jeugdhulptrajecten zijn intensiever en duren langer. En mede hierdoor nam de druk op de gemeentelijke uitvoering toe en steeg de wachttijd. Dit leidde ook tot een sterke stijging in kosten dan enkel loon- en prijsontwikkelingen. Dit komt mogelijk mede doordat eenvoudigere casussen in het voorveld worden opgepakt en hierdoor gemiddeld zwaardere en duurdere casussen binnen de geïndiceerde jeugdhulp vallen. Ondanks maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd blijven de kosten naar verwachting stijgen door complexere zorgvragen en langere trajecten. De VNG voorspelt daarnaast dat de huidige maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd onvoldoende zijn om kosten structureel te beheersen. Gebruik jeugdhulp (peildatum, 1 januari) Jaar
Aantal
2018
1.619
2019
1.730
2020
1.699
2021
1.726
2022
1.655
2023
1.600
2024
1.684
2025
1.686
5% 4% 3% 2% 1% 0%
Kinderen in armoede
Jeugdhulp met verblijf
0-meting Barneveld Eindmeting Barneveld
Vroegtijdige schoolverlaters
Jeugdwerkloosheid
0-meting Nederland Eindmeting Nederland
Uit de grafiek blijkt dat: • De indicatoren in Barneveld een gunstiger beeld laten zien dan landelijk, maar we ongeveer de landelijke trend wel volgen. • Armoede onder kinderen is afgenomen, waarschijnlijk mede door de energietoeslag en een gunstige arbeidsmarkt. • Jeugdhulp met verblijf sterk is gedaald, als gevolg van beleid gericht op het voorkomen van uithuisplaatsingen en het bieden van alternatieven. • Het aantal vroegtijdig schoolverlaters is gestegen. Oorzaken zijn onder andere verkeerde studiekeuzes, directe instroom op de arbeidsmarkt, beperkte begeleiding en persoonlijke problemen. • Jeugdwerkloosheid licht is gedaald, in lijn met landelijke trends, mogelijk door economische groei en een krappe arbeidsmarkt.
Bron: Jeugdmonitor regio FoodValley
Welke ontwikkelingen hebben we gezien in de indicatoren uit het beleidsplan Sociaal Domein ‘Mensen voorop’? Voor de opgave ‘Groeien naar zelfstandigheid’ zijn in het beleidsplan Sociaal Domein ‘Mensen Voorop’ vier indicatoren benoemd. Onderstaande grafiek laat de ontwikkeling van deze indicatoren zien.
27
Armoede: 0-meting: 2018, eindmeting: 2022. Bron: CBS-monitor Armoede en sociale uitsluiting bij kinderen. Jeugdhulp met verblijf: 0-meting: 2022, eindmeting: 2024. Geen goede landelijke vergelijkingscijfers beschikbaar Bij de 0-meting is gekozen voor het jaar 2022, omdat het nieuwe woonplaatsbeginsel per 1 januari 2022 is ingegaan en sindsdien een aanzienlijke impact heeft gehad op de cijfers. Bron: Jeugdmonitor Foodvalley. Vroegtijdig schoolverlaters: 0-meting schooljaar 2018/2019, eindmeting schooljaar 2022/2023. Jeugdwerkloosheid: 0-meting: 2018, eindmeting: 2023 Bron: CBS jeugdmonitor.
73 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Meedoen naar vermogen
De tweede opgave is Meedoen naar vermogen: We willen dat inwoners van de gemeente Barneveld zoveel mogelijk naar vermogen meedoen, zowel in de samenleving als op de arbeidsmarkt.
De afgelopen jaren hebben we verschillende stappen gezet om meer mensen in de gemeente te laten participeren, zowel door betaald werk als op andere manieren. We hebben geïnvesteerd in een sterker lokaal netwerk en samengewerkt met diverse initiatieven om onze aanpak te verbeteren. Lokaal zijn er veel initiatieven en mensen die zich inzetten voor het tegengaan van armoede, en dat koesteren we. In de gemeente Barneveld ligt het aantal bijstandsuitkeringen aanzienlijk lager dan het landelijk gemiddelde. Dankzij een sterk arbeidsethos en hechte netwerken vinden veel inwoners zelfstandig of met hulp van anderen werk. Toch lukt dat niet iedereen. We waren succesvol in het inzetten van loonkostensubsidie om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan werk te helpen. Deze doelgroep is breder dan de inwoners die we vanuit de bijstand begeleiden. Ook investeerden we in passende ondersteuning en deden we dit zoveel mogelijk op reguliere werkplekken: juist daar kunnen mensen volwaardig meedoen en zich verder ontwikkelen. Tegelijkertijd zagen we dat betaald werk niet voor iedereen in de bijstand haalbaar is. Die inwoners ondersteunden we om op een andere manier mee te doen in de samenleving, bijvoorbeeld door vrijwilligerswerk.
Samen sterk “Bij Rise Up Barneveld zie je wat er gebeurt als de samenleving zelf in actie komt. Vrijwilligers ondersteunen gezinnen via een buddysysteem, en ondernemers sluiten zich aan om concrete hulp te bieden. Het gaat niet alleen om hulp, maar om empowerment. Vertrouwen geven, zodat mensen weer op eigen benen kunnen staan. Dat is samen sterk zijn.”
Ook hebben we het Taalhuis en het Informatiepunt Digitale Overheid opgericht om basisvaardigheden zoals taal, rekenen en digitale vaardigheden te versterken. Hierdoor kunnen meer mensen meedoen aan de samenleving. We hebben ons gericht op de nieuwe wettelijke taak voor het vroegtijdig signaleren van schulden. Samenwerking met woningverhuurders, zorgverzekeraars en leveranciers van nutsvoorzieningen stelde ons in staat om betalingsachterstanden en schulden eerder op te merken en tijdig hulp te bieden, zoals schuldhulpverlening en budgetcoaching. Bovendien zijn professionals en vrijwilligers getraind om financiële problemen te herkennen en bespreekbaar te maken. Om inclusie structureel te bevorderen, hebben we een Beleidskader Inclusie opgesteld. Het kader helpt ons om doelgericht beleid te maken en concrete stappen te zetten naar een gemeente waarin iedereen zich welkom en gezien voelt. De woningmarktkrapte werd de afgelopen jaren steeds groter. We rolden een multidisciplinair overleg wonen uit, om met inwoners met vragen over wonen voorafgaand aan een urgentieaanvraag oplossingsgericht in gesprek te gaan over hun hulpvraag. De coronacrisis had een grote impact, vooral op het gebied van publieke gezondheid. Als gemeente met een lage vaccinatiegraad werd er extra inzet van ons gevraagd om vaccinatiemogelijkheden te bieden en informatie te verspreiden.
We waren ook verantwoordelijk voor het verspreiden van mondkapjes en zelftesten onder minima. Tijdens de coronapandemie kregen we specifieke taken in het ondersteunen van inwoners en ondernemers die financieel in de problemen kwamen. We voerden regelingen uit zoals Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers (TOZO) en Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK), die tijdelijke inkomensondersteuning en hulp bij vaste lasten boden. Ook hebben we cultuurorganisaties compensatie geboden voor verliezen door de coronacrisis. We werkten nauw samen met lokale organisaties om sociale problemen zoals eenzaamheid, huiselijk geweld en verhoogde druk op gezinnen vroegtijdig te signaleren en aan te pakken. De coronaperiode heeft veel gevraagd van onze beleids- en uitvoeringscapaciteit.
74 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Ook de energiecrisis leidde tot extra gemeentelijke taken. De gemeente werd verantwoordelijk voor de verstrekking van energietoeslag aan mensen met een laag inkomen en werkte samen met lokale initiatieven zoals “Geef de Warmte Door” en de “Warme Huiskamer”. Om de financiële gevolgen van de coronapandemie en energiecrisis voor gezinnen met een laag inkomen te verzachten, werd een impuls gegeven aan het armoedebeleid, waardoor een verruiming van het minimabeleid mogelijk werd. De oorlog in Oekraïne had ook veel invloed. In korte tijd realiseerden we veel opvangplekken en betrokken inwoners vingen mensen op. Nog steeds worden circa 500 Oekraïners opgevangen in onze gemeente. Problemen bij het COA leidden tot de realisatie van een crisisnoodopvang. Daarnaast kregen we een grotere taakstelling voor het opvangen van statushouders, wat ook invloed had op onze inzet voor inburgering. Bovendien werden de taken van de gemeente bij inburgering uitgebreid met de nieuwe Wet Inburgering. Daarnaast hebben we plannen gemaakt voor een asielzoekerscentrum.
In reactie hierop besloot de gemeente een programma op te richten om de bestaanszekerheid van inwoners te versterken. Dit programma richt zich op drie pijlers: financiële zekerheid en het verminderen van geldzorgen, positieve gezondheid, en passend wonen. Binnen dit programma hebben we ook stappen gezet in het benutten van ervaringskennis. De komende jaren willen we deze aanpak verder verdiepen en verbreden. Welke ontwikkelingen hebben we gezien in het gebruik van de gemeentelijke vangnet voorzieningen? Het aantal huishoudens met een bijstandsuitkering in de gemeente is sinds 2017 vrijwel gelijk gebleven, ondanks de groei van de gemeente. Wel is de gemiddelde duur van de uitkeringen toegenomen en de gemiddelde leeftijd van ontvangers gedaald. Dit komt mede doordat het aantal statushouders is gegroeid en doordat de instroom van de Wajong is verlegd naar het Doelgroepregister, waarvoor de gemeente verantwoordelijk is. Ook zien we een toename binnen de bijzondere bijstand. Hoewel het aantal uitkeringen stabiel is gebleven, is de doelgroep complexer geworden en blijft het voor deze groep moeilijk om passend werk te vinden en is voor sommigen een andere vorm van participatie een realistischer einddoel.
De gevolgen van het toeslagenschandaal werden zichtbaar en de gemeente kreeg een rol in de landelijke Hersteloperatie Toeslagenaffaire. Bestaansonzekerheid werd steeds zichtbaarder, mede door de coronacrisis, de energiecrisis en het woningtekort. Deze ontwikkelingen maakten duidelijk dat bestaanszekerheid niet alleen gaat over het hebben van werk, maar over een samenhang van factoren zoals inkomen, gezondheid, betaalbaar wonen en de zekerheid van een stabiel bestaan.
In de gemeente Barneveld ligt het aantal bijstandsuitkeringen al relatief laag, waardoor verdere daling beperkt mogelijk is. Door de toenemende complexiteit van de doelgroep kan het aantal uitkeringen mogelijk licht stijgen. De ontwikkeling op de arbeidsmarkt blijft echter de belangrijkste factor.
Verloop uitkeringen Participatiewet, BBZ, IOAW & IOAZ 2017 tot en met 2025 (peildatum 1 januari) 800 700 600 500 400 300 200 100 0
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
75 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Welke ontwikkelingen hebben we gezien in de indicatoren uit het beleidsplan Sociaal Domein ‘Mensen voorop’? Voor de opgave ‘Meedoen naar vermogen’ zijn in het beleidsplan Sociaal Domein ‘Mensen Voorop’ vier indicatoren benoemd. Onderstaande grafieken laten de ontwikkeling van deze indicatoren zien.
Ontwikkelingen Meedoen naar vermogen gemeente Barneveld28 50% 40% 30% 50% 50% 20% 40% 40% 10% 30% 30% 0% 20%20%
Maatschappelijke inzet
Laaggeletterdheid
10%10% 0-meting Nederland 0%0% 0-meting Barneveld Maatschappelijke Maatschappelijke inzet inzet Laaggeletterdheid Laaggeletterdheid Eindmeting Barneveld Eindmeting Nederland
Uit de grafieken blijkt dat: • De maatschappelijke inzet is, net als landelijk, flink afgenomen. Een mogelijke verklaring is de nasleep van de coronapandemie, gecombineerd met een kritischer houding ten opzichte van verplichtingen rondom vrijwilligerswerk. Ondanks de daling heeft de gemeente Barneveld nog steeds de meeste vrijwilligers van Gelderland. • Het aantal personen met een bijstandsuitkering in de gemeente Barneveld, net als landelijk, is gedaald. Dit is mede het gevolg van een gunstig economisch klimaat en een verbeterde arbeidsmarkt. Voor laaggeletterdheid zijn er nog geen recentere cijfers. De schatting is dat in de gemeente Barneveld 11-13% van de volwassenen laaggeletterd is, gelijk aan het landelijk gemiddelde.
Samen oud worden
De derde strategische opgave is Samen oud worden: We willen dat ouderen en hun naasten kwaliteit van leven blijven ervaren.
0-meting Barneveld 0-meting Barneveld 0-meting Nederland 0-meting Nederland Eindmeting Eindmeting Barneveld Barneveld Eindmeting Eindmeting Nederland Nederland
Bijstandsuitkering (aantal 50 29 personen per 1.000 inwoners 40 30 50 50 20 40 40 10 30 30 0 20 20 10 10
0-meting Barneveld
0 0
Nameting Barneveld
0-meting Nederland Nameting Nederland
0-meting 0-meting Barneveld Barneveld 0-meting 0-meting Nederland Nederland Nameting Nameting Barneveld Barneveld
Nameting Nameting Nederland Nederland
28
Maatschappelijke inzet: 0-meting: 2018, nameting: 2024. Bron: GGD Gezondheidsmonitor. Laaggeletterdheid: 0-meting: 2016. Bron: Stichting Lezen & Schrijven.
29
Bijstandsuitkeringen: 0-meting: 2017, nameting: 2024. Bron: CBS Bijstandsuitkeringenstatistiek.
De afgelopen jaren hebben we ingezet op een sterker lokaal netwerk en een samenhangende aanpak op het gebied van wonen, zorg en welzijn. Onderdeel hiervan was de versterking van de lokale samenwerking via het bestuurlijk overleg Wonen, Zorg en Welzijn. Hierin werken partners vanuit verschillende disciplines samen aan een integrale benadering van welzijn, zorg en ondersteuning. In 2022 is de Lokale Ouderenalliantie Barneveld opgericht: een netwerk van 27 publieke en private partners dat zich inzet voor het voorkomen van ouderenmishandeling en financieel misbruik. De alliantie richt zich op bewustwording, deskundigheidsbevordering, signalering en draagt bij aan het versterken van de sociale veiligheid van ouderen. Binnen het Gezondheidshuis Barneveld is de samenwerking tussen het medische en sociale domein verder versterkt. Projecten als Welzijn op Recept en valpreventie dragen bij aan het voorkomen van zwaardere en duurdere zorg in de toekomst en bevorderen het welzijn van ouderen op een laagdrempelige manier. Ook binnen de keten dementie is de samenwerking doorontwikkeld. Casemanagers dementie van zorgorganisaties zorgen ervoor dat
76 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
inwoners passende ondersteuning ontvangen, afgestemd op hun behoeften. Of het nu gaat om hulp vanuit het netwerk, welzijn, Wmoondersteuning of zorg. Daarbij verwijzen casemanagers inwoners gericht door naar de Wmo, waarbij zij het keukentafelgesprek namens de gemeente voeren. We hebben actief ingezet op het uitbreiden van algemene, laagdrempelige voorzieningen die de druk op individuele Wmo-voorzieningen verlichten. Denk aan ontmoetingsactiviteiten die bijdragen aan sociale verbinding en ertoe hebben geleid dat minder ouderen geïndiceerde dagbesteding nodig hebben. Ook op andere manieren zetten we in op preventieve en informele ondersteuning. Zo is het project Automaatje verder gegroeid, en hebben we de ondersteuning voor mantelzorgers uitgebreid. We investeerden in dagopvang en logeeropvang om mantelzorgers te ontlasten en overbelasting te voorkomen. In 2023 werkten we samen met regiogemeenten en partners binnen zorg en welzijn aan de uitvoering van het Integraal Zorgakkoord (IZA). In het regioplan is ‘vitaal ouder worden’ benoemd als een van de speerpunten. Met de beschikbare middelen zetten we in op betere samenwerking tussen wonen, zorg en welzijn, en op het versterken van preventieve ondersteuning. Tot slot ontwikkelden we de Woonzorgvisie 20252029.
Hierin zetten we in op levensloopbestendige woningen, geclusterde woonvormen en toegankelijke wijken met zorg en ondersteuning
dichtbij. Zo spelen we in op de toenemende vergrijzing en de wens van ouderen om langer zelfstandig thuis te blijven wonen. En zorgen we voor passende woningen voor andere aandachtsgroepen. Welke ontwikkelingen hebben we gezien in het gebruik van de gemeentelijke vangnet voorzieningen? Gebruik Wmo-voorzieningen 1000 900 800 700 600 500 400 300 200 100 0
2020
2021
2022
2023
2024
Immateriele hulp Materiele hulp Huishoudelijke ondersteuning Bron: Wmo monitor gemeente Barneveld
Wmo-voorzieningen betreffen voor een groot deel ouderen. Maar ook andere doelgroepen, zoals mensen met een psychische kwetsbaarheid of fysieke beperking maken gebruik van Wmovoorzieningen. In onze gemeente maken relatief weinig mensen gebruik van een Wmo-vangnetvoorzieningen (48 per 1.000 inwoners, landelijk 70). Dit komt waarschijnlijk door de jonge bevolking en de sterke inzet van mantelzorgers, vrijwilligers en kerken. Sinds 2020 daalde het gebruik van immateriële voorzieningen (zoals wooncoaching of dagactiviteiten) licht, mede door de openstelling van de Wet langdurige zorg (Wlz) voor mensen met psychische problemen en de inzet op algemene voorzieningen. Tegelijk nam het aantal cliënten met ggz-problematiek toe, door minder intramurale plekken, complexere hulpvragen en afschaling en wachtlijsten in de zorg. Het gebruik van materiële voorzieningen (zoals een scootmobiel of traplift) steeg, maar minder dan verwacht op basis van landelijke trends. Tegelijkertijd zagen we dat Wmo-vraagstukken complexer werden. En mede hierdoor nam de druk op de gemeentelijke uitvoering toe en steeg de wachttijd.
77 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
0%
0% Eenzaamheid Eenzaamheid
Mantelzorger Mantelzorger met met hoge belasting hoge belasting
0-meting 0-meting Barneveld Barneveld 0-meting 0-meting Nederland Nederland Eindmeting Eindmeting Barneveld Barneveld Eindmeting Eindmeting Nederland Nederland
De afgelopen jaren zetten wij in op de transformatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis. Deze afname is ook zichtbaar in de afgegeven indicaties en we verwachten dat we dit nog verder kunnen afbouwen. De vraag naar huishoudelijke hulp groeide sterk na het afschaffen van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage in 2021; De landelijk voorgenomen herinvoering van de inkomensafhankelijke bijdrage zal dit waarschijnlijk afremmen. De verwachting is dat het Wmo-gebruik blijft stijgen door vergrijzing, complexere hulpvragen en afschaling in de zorg, al is dat mogelijk minder sterk in onze gemeente vanwege de demografische en sociale kenmerken. Welke ontwikkelingen hebben we gezien in de indicatoren uit het beleidsplan Sociaal Domein ‘Mensen voorop’? Om deze opgave te monitoren zijn in het beleidsplan Sociaal domein ‘Mensen voorop’ drie indicatoren opgesteld. De ontwikkelingen op deze indicatoren zijn weergegeven in onderstaande grafieken. Ontwikkeling indicatoren Samen oud worden30 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
Eenzaamheid
0-meting Barneveld Eindmeting Barneveld
Mantelzorger met hoge belasting
Zelfstandig wonende 75- en 70-plussers31 Het aantal zelfstandig wonende 75- en 70 plussers 9801.000 inwoners) 980 (per 960
960
940
940
920
920
900
900
890
890 0-meting 0-meting Barneveld Barneveld 0-meting 0-meting Nederland Nederland Nameting Nameting Barneveld Barneveld Nameting Nameting Nederland Nederland
Uit de grafieken blijkt dat: • Eenzaamheid onder inwoners is toegenomen, ook in de gemeente Barneveld, al is de stijging hier minder sterk dan landelijk. Oorzaken zijn onder andere vergrijzing, de impact van corona, individualisering en het toenemende gebruik van sociale media als vervanging voor fysiek contact. Bepaalde groepen lopen extra risico, zoals ouderen, mensen met een migratieachtergrond en jongvolwassenen. • Het percentage mantelzorgers met een hoge belasting is in Barneveld flink gestegen en meer dan het landelijk gemiddelde. Dit verschil kunnen we niet volledig verklaren. • Het aantal zelfstandig wonende ouderen in de gemeente Barneveld is, net als landelijk, toegenomen. Door een wijziging in de meetmethode (voorheen 75-plussers, nu 70-plussers) zijn de cijfers echter niet goed vergelijkbaar met eerdere jaren. De algemene trend is wel duidelijk: steeds meer ouderen blijven langer zelfstandig thuis wonen. Dit sluit aan bij de landelijke ontwikkeling van langer zelfstandig thuiswonen.
0-meting Nederland Eindmeting Nederland
980
30
E enzaamheid: 0-meting: 2018, nameting: 2024. Bron: GGD Gezondheidsmonitor. Mantelzorgers met hoge belasting: 0-meting: 2018, nameting: 2024. Bron: GGD Gezondheidsmonitor.
31
Z elfstandig wonende 75-plussers en 70-plussers: 0-meting: 2016, nameting: 2023. Bron: CBS Monitor Ouderenhuisvesting. In 2018 werd gekeken naar 75-plussers en in 2023 naar 70-plussers.
960 940 920 900 890 0-meting Barneveld Nameting Barneveld
inhoud
0-meting Nederland Nameting Nederland
78 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
Bijlage 2 Doelen en indicatoren
inhoud
Doel
Indicatoren
Meer inwoners ontmoeten elkaar en ondernemen samen activiteiten
• % mensen dat sociale uitsluiting ervaart op het terrein van sociale participatie (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % mensen dat vrijwilligerswerk doet (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % inwoners dat veel sociale contacten heeft in de buurt (Bron: Woningbehoefteonderzoek gemeente Barneveld) • % mensen dat in georganiseerd verband deelneemt aan sport, bewegen en cultuur (Bron: GGD Gezondheidsmonitor, PON & Telos behoefteonderzoek, Gelderse cultuurmonitor)
Er is meer verbinding tussen verschillende groepen in de samenleving
• % mensen dat sociale uitsluiting ervaart op het terrein van sociale participatie (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % mensen dat discriminatie ervaart (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % mensen met normatieve integratie (Bron: GGD Gezondheidsmonitor)
Het gevoel van veiligheid in wijken en buurten is vergroot
• % inwoners dat veel overlast ervaart in de buurt (Bron: Barneveldse veiligheidsmonitor) • Rapportcijfer veiligheid in eigen buurt (Bron: Barneveldse veiligheidsmonitor)
Meer inwoners weten zich zelfstandig te redden met behulp van hun eigen netwerk
• % mensen dat sociale uitsluiting ervaart op het terrein van sociale participatie (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % mensen die iemand om zich heen hebben die wil helpen (Bron: GGD Gezondheidsmonitor)
Er is meer verbinding en vertrouwen tussen inwoners en gemeente
• Aantal keer dat ervaringsdeskundigen zijn betrokken bij de ontwikkeling van beleid
De kansengelijkheid tussen wijken en buurten • Verschil in score leefbarometer in de 4 buurten met de laagste is toegenomen score (Bron: leefbarometer) • % jongeren dat deelneemt aan georganiseerde vrijetijdsbesteding (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) Meer kinderen en jongeren groeien op in een kansrijke omgeving
• Aantal kinderen dat gebruik maakt van voorschoolse voorzieningen (Bron: Peutermonitor) • Aantal voortijdig schoolverlaters (Bron: DUO) • Aantal gebruik kindregelingen (Bron: Gemeente Barneveld) • Aantal opvoedvragen met lichte ondersteuning in het preventieve voorveld (Bron: preventief voorveld subsidieverantwoording) • Aantal jeugdigen met geïndiceerde ambulante jeugdhulp (Bron: Jeugdmonitor) • % jongeren dat middelen gebruikt (Bron: GGD Gezondheidsmonitor)
Meer inwoners ervaren financiële rust
• % inwoners dat moeite heeft met rondkomen (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % inwoners met financiële problemen (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % inwoners met problematische schulden (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % keren dat een signaal van vroegsignaleren van schulden heeft geleid tot ondersteuning (Bron: gemeente Barneveld) • % inwoners dat sociale uitsluiting ervaart op het terrein van materiële deprivatie (Bron: GGD)
Meer inwoners doen naar vermogen mee op de arbeidsmarkt of via andere vormen van participatie
• % personen met bijstandsuitkering ten opzichte van landelijk gemiddeld (Bron: CBS) • Aantal inwoners dat werkt met ondersteuning loonkostensubsidie (Bron: gemeente Barneveld) • % inwoners dat betaald werk heeft en/of meedoet via vrijwilligerswerk (Bron: GGD Gezondheidsmonitor)
80 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Doel
Indicatoren
Meer inwoners hebben voldoende ontwikkelkansen
• % jongeren met een startkwalificatie (Bron: Gemeente Barneveld) • % mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % mensen die laaggeletterd zijn (Bron: Stichting Lezen en Schrijven) • % mensen met beperkte digitale vaardigheden (Bron: GGD Gezondheidsmonitor)
Meer inwoners voelen zich vitaal en gezond
• % mensen met een goed ervaren gezondheid (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % inwoners met een hoog risico op een depressie of angststoornis (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % inwoners met een gemiddeld tot hoge score op veerkracht (Bron: GGD Gezondheidsmonitor)
Meer ouderen functioneren langer zelfstandig • % goed ervaren gezondheid ouderen (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % eenzaamheid ouderen (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % ouderen met voldoende regie over het eigen leven (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % ouderen met een indicatie voor woonondersteuning (Bron: gemeente Barneveld) Problemen worden vaker genormaliseerd en binnen de gemeenschap opgelost
• % mensen dat informele hulp biedt (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % jeugdigen met jeugdhulp (Bron: Jeugdmonitor) • % mensen dat iemand om zich heen heeft die hem/haar wil helpen (Bron: GGD Gezondheidsmonitor) • % mensen met sociale steun (Bron: GGD Gezondheidsmonitor)
Inwoners zijn beter voorbereid op crises en rampen
• % inwoners dat zichzelf in een noodsituatie, voor een periode van 72 uur kan redden zonder ondersteuning van de (lokale) overheid (Bron: Barneveldse Veiligheidsmonitor)
Inwoners krijgen beter passende en op elkaar • Aantal inwoners dat vanuit het medisch domein wordt doorverwezen naar Welzijn op Recept (Bron: jaarverantwoording afgestemde ondersteuning, doordat het Welzijn Barneveld) sociaal en medisch domein beter op elkaar • Aantal inwoners dat via het zorgdomein worden doorverwezen aansluiten naar het sociaal domein (Bron: gemeente Barneveld) We verwachten de komende jaren dat er beter passende indicatoren en data beschikbaar komen, waardoor deze indicatoren mogelijk worden vervangen. Meer inwoners anticiperen tijdig op hun (toekomstige) woon- en ondersteuningsbehoeften
• % 75-plussers dat in een levensloopgeschikte woning woont (Bron: Woonbehoefteonderzoek gemeente Barneveld) • % 75-plussers dat wil verhuizen naar een levensloopgeschikte woning (Bron: Woonbehoefteonderzoek gemeente Barneveld)
Meer inwoners kunnen zelfstandig thuis (blijven) wonen met waar nodig ondersteuning, ontmoeting en hulp dichtbij
• % 75-plussers dat in een levensloopgeschikte woning woont (Bron: Woonbehoefteonderzoek gemeente Barneveld). • Aantal (pre)mantelzorgwoningen (Bron: Gemeente Barneveld). • % mantelzorgers • % overbelaste mantelzorgers • Verhouding tussen vraag en aanbod naar levensloopgeschikte woningen (Bron: Woningbehoefteonderzoek gemeente Barneveld) • Aantal woningaanpassingen ten gevolge van niet passende huisvesting in relatie tot de zorgvraag (Bron: gemeente Barneveld) • Aantal kinderen met geïndiceerde jeugdhulp verblijf (Bron: Jeugdmonitor) • Aantal dak- en thuislozen (Bron: ETHOS-telling)
De woningvoorraad en woonomgeving zijn beter afgestemd op passende woonkeuzes in elke levensfase
Monitoring binnen Omgevingsvisie
81 | Samen zorgzaam en verbonden • Visie Sociaal Domein gemeente Barneveld 2040
inhoud
Samen zorgzaam en verbonden Visie Sociaal Domein Gemeente Barneveld 2040