CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Nota zienswijzen.pdf

Gemeenteraad 21 april 2021, gemeente BarneveldBij agendapunt: Bestemmingsplan Hunnenweg VII (in Voorthuizen)3.768 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota Zienswijzen bestemmingsplan “Hunnenweg VII” Het college van Barneveld heeft het bestemmingsplan “Hunnenweg VII” (nr. 1562) in voorbereiding. Dit bestemmingsplan voorziet in het realiseren van een zelfvoorzienende woning aan de bosrand en de omvorming van agrarische gronden naar natuur aan de Hunnenweg 65 (en omgeving) te Voorthuizen. Daarnaast wordt ook de realisatie van een tweede kleine natuurwoning planologisch mogelijk gemaakt (waarvoor op termijn de bestaande woning aan de Hunnenweg 65 wordt gesloopt). Er zijn daar al opstallen gesloopt. Verder wordt de recreatiewoning aan de Hunnenweg 45 gesloopt (waarbij dat gebied ook wordt omgevormd naar natuur). Een lange asfaltweg zal worden verwijderd. Ook maakt een terrein ten zuidwesten van de Hunnenweg 65 onderdeel uit van het plangebied en daar wordt de natuur verbeterd. Totaal betreft het plangebied een oppervlakte van 46,7 ha. Het ontwerp bestemmingsplan en de daarop betrekking hebbende stukken hebben ter inzage gelegen van 27 november 2020 tot en met 7 januari 2021. Een ieder is in de gelegenheid gesteld een zienswijze over het ontwerp naar voren te brengen. Er zijn twee zienswijzen ingekomen in de periode dat het ontwerp bestemmingsplan ter inzage lag. Daarnaast heeft ook het volgende ontwerp ter inzage gelegen, gedurende dezelfde termijn: -

omgevingsvergunning voor de activiteiten ‘bouwen’ (ten behoeve van de zelfvoorzienende natuurwoning aan de bosrand) en ‘het uitvoeren van een werk of werkzaamheden’.

Hieronder staan de samenvatting en de beoordeling van de zienswijzen. 1.

Gedeputeerde Staten (GS) van de Provincie Gelderland H. Bos Postbus 9090 6800 GX Arnhem

Datum ontvangst: 21 december 2020 Datum dagtekening: 22 december 2020 Registratienummer: 1155896

Zaaknr. 2020-015611 a. Zienswijze GS geven aan dat zij op 17 december 2019 voor het plangebied de begrenzing van het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelingszone (GO) hebben gewijzigd. De substantiële toename van oppervlakte, kwaliteit en samenhang van het GNN die met het plan gepaard gaat, gaf daar aanleiding voor. Daarna bleek bij de behandeling van de aanvraag Wnb-vergunning dat het GO bij de bosrand, te dicht bij de habitattype ‘Droge heide’ ligt. Daarom is GS voornemens om de GO op deze locatie opnieuw te begrenzen. Dit is opgenomen in de ontwerp-omgevingsvergunning (actualisatieplan 7) die momenteel in procedure is. De planlocatie van de woning ligt nu nog in het GNN. Het provinciale beleid maakt het

Nota Zienswijzen bestemmingsplan Hunnenweg VII

pagina 1 van 9

oprichten van deze woning nu nog niet mogelijk. De realisatie van deze woning zal na wijziging van GNN naar GO wel mogelijk worden. Doordat PS nog niet over de herbegrenzing heeft besloten, adviseren PS ons om het bestemmingsplan voor die tijd niet vast te laten stellen. Verzocht wordt aan de raad om het bestemmingsplan niet vast te stellen tot PS heeft besloten de benodigde herbegrenzing van het GNN toe te kennen. Dit besluit zal samenvallen met de 7e herziening van de Omgevingsverordening Gelderland, voorzien in maart 2021. Gemeentelijke reactie Het bestemmingsplan wordt pas vastgesteld nadat de provinciale Omgevingsverordening (7e herziening) wordt vastgesteld. Onder dit voorbehoud zal het plan ter vaststelling aan de raad worden aangeboden. Conclusie De zienswijze geeft verder geen aanleiding om het bestemmingsplan of de ontwerp omgevingsvergunning aan te passen.

2.

A. Bil Rechtspraktijk De heer A. Bil Namens de eigenaar van Zevenbergjesweg 8 en eigenaar/bewoner van Hunnenweg 56

Datum ontvangst: 4 januari 2021 Datum dagtekening: 4 januari 2021 Registratienummer: 1156478

Muzenlaan 56 4207 TD Gorinchem a. Zienswijze De indiener van de zienswijze geeft aan dat hij een zienswijze indient omdat met name in het ontwerpbestemmingsplan onduidelijke, vage en te ruime (juridische) voorschriften en planologische mogelijkheden voorkomen. Die voorschriften en bestemmingen staan (wellicht onbedoeld) hierdoor haaks op het doel (de rode draad) van het ontwerpbestemmingsplan. Er is helaas niet altijd voldoende maatwerk toegepast en er is niet genoeg rekening gehouden met de bijzondere omgeving en de bijzondere belangen die moeten worden beschermd. Gemeentelijke reactie Het ontwerpbestemmingsplan is op een zorgvuldige wijze tot stand gekomen. Wij betreuren het dat de indiener van de zienswijze van mening is dat in zijn ogen niet altijd voldoende maatwerk is toegepast. Conclusie Wij zullen in de gemeentelijke reactie onder ‘2b. t/m 2i.’ ingaan op de punten die door de indiener van de zienswijze hieromtrent zijn ingediend. b. Zienswijze Zonder succes is er geklaagd over geluidsoverlast die ontstond doordat met kettingzagen o.a. houstammen (open haardhout) werden bewerkt op het perceel, direct tegenover het recreatiepark. Het ging hierbij niet om het omzagen van bomen in het bos, maar om houtbewerking in de open lucht. De buurman/initiatiefnemer verklaarde dat er sprake was van een houtzagerij voor zijn nieuwe woning, aldus de indiener van de zienswijze.

Ten onrechte concludeert de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan (onderdeel 5.5) dat het aspect geluid geen belemmering vormt. Het onderzoek op dit punt schiet tekort en de ontwerpen, en de hierin voorkomende regels en voorschriften, beschermen onvoldoende het woon- en leefklimaat van de indiener van de zienswijze. Het ontwerpbestemmingsplan én de ontwerp omgevingsvergunning zijn hierdoor in strijd met de goede ruimtelijke ordening en

Nota Zienswijzen bestemmingsplan Hunnenweg VII

pagina 2 van 9

mitsdien in strijd met de wet. Verzocht wordt de voorschriften bij de bestemmingen ‘Wonen’ en ‘Natuur’ (o.a. artikelen 3.51 en 11.1) te wijzigen en te verduidelijken door op te nemen dat in ieder geval in strijd is met deze bestemmingen het gebruik in de openlucht van toestellen of geluidsapparaten of het verrichten van handelingen waardoor voor omwonenden geluidhinder of voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt. Onder dit verbod valt in elk geval het gebruik door kettingzagen, een houzagerij of het gebruik van andere machines voor zagen en/of houtbewerking. Gemeentelijke reactie Als eerste merken we op dat een niet-agrarisch bedrijf, als zijnde een (zelfstandige) houtzagerij, hier planologisch niet mogelijk wordt gemaakt. De bestemmingen ‘Wonen’ en ‘Natuur’ zijn aan de gronden in het plangebied toegekend. De activiteiten op het perceel vinden plaats in het kader van de bouw van de woning. Zo heeft de initiatiefnemer aangegeven dat er stammen voor de natuurwoning op het perceel liggen te drogen en dat deze worden bewerkt voor de bouw. Het bewerken van boomstammen ten behoeve van de bouw van een woning is niet als een bedrijfsmatige activiteit aan te merken. Er mag hout worden gezaagd ten behoeve van de bouw van de woning of ten behoeve van het onderhoud van de natuur. Dat er bij het zagen van bomen tot planken geluid vrijkomt is niet te voorkomen.

Dat initiatiefnemer bomen op het perceel wil en/of gaat gebruiken voor de realisatie van een natuurwoning kan eveneens niet verboden worden. Doordat een gedeelte van het hout voor de bouw van de woning van de eigen locatie komt, voorkomt dit overigens wel (deels) verkeersbewegingen qua aanvoer van materiaal. Het Bouwbesluit geeft het toetsingskader aan waaraan voldaan moet worden. Dit toetsingskader is als volgt opgebouwd. Tabel 8.3

De minimale afstand vanaf de geluid gevoelige bestemming tot aan het plangebied bedraagt 50 meter. De verzwakking van geluid met de afstand (geometrische uitbreidingsterm) bedraagt voor een afstand van 50 m 45 dB(A). De opgegeven bedrijfsduur dat de apparaten in werking zijn bedraagt circa 2 uur in de dagperiode. De bedrijfsduurcorrectie bedraagt dan 8 dB(A). Uitgaande van de inzet van een elektrische kettingzaag met een bronvermogen van ca. 105 dB(A) bedraagt het worstcase invallende geluidniveau 105-45-8 = 52 dB(A). Hiermee wordt ruim voldaan aan het toetsingskader voor bouwlawaai. In deze berekening is dan de bodemdemping en de luchtabsorptie term niet in beschouwing genomen het daadwerkelijk optredende geluidniveau zal derhalve lager zijn dan het hier berekende geluidniveau. Een nader onderzoek is dus niet noodzakelijk. Daarnaast wordt er voor de werkzaamheden zoveel als mogelijk gebruik gemaakt van elektrisch gereedschap welke als stille variant kunnen worden gezien. Ook voor een eventuele ontheffing van de bouwlawaai normen wordt op deze wijze voldaan. Ten aanzien van de bouw van de woning is daarom geen nader onderzoek noodzakelijk.

Nota Zienswijzen bestemmingsplan Hunnenweg VII

pagina 3 van 9

Wij verwijzen ook naar de gemeentelijke reactie onder 2c. van deze Nota zienswijzen waarin is ingegaan op kleinschalige bedrijven. Aan het voorstel om voorschriften op te nemen dat er in de openlucht geen gebruik wordt gemaakt van toestellen of geluidsapparaten of het verrichten van handelingen waardoor er geluidhinder voor omwonenden of omgeving wordt veroorzaakt kunnen we niet meewerken. Het gebruik van een kettingzagen en/of andere machines voor zagen van bomen ten behoeve van de bouw van de woning kunnen wij niet verbieden. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan (of de ontwerp omgevingsvergunning) aan te passen. c. Zienswijze Op grond van artikel 4.5.1, onder a, van het ontwerpbestemmingsplan én de hierbij behorende Lijst kleinschalige bedrijfsactiviteiten zijn zonder meer op het woonperceel tevens in totaal 33 kleine bedrijven toegestaan. De indiener van de zienswijze heeft de indruk dat die lijst een standaardlijst is die wordt gebruikt voor bestemmingsplannen in stedelijke omgevingen. In het ontwerpbestemmingsplan is volgens de indiener van de zienswijze door de gemeente niet, althans onvoldoende, stilgestaan bij het toestaan van ook dit gebruik. Dit omdat het toestaan van dit gebruik niet past en in strijd is met de doelstelling: zijnde behoud, herstel en/of ontwikkeling van natuur en bos.

Verzocht wordt eveneens om de mogelijkheid van afwijking te verwijderen uit de regels. Gemeentelijke reactie In het ontwerpbestemmingsplan is aangegeven dat onder meer een kleinschalig bedrijf als gebruik overeenkomstig de bestemming wordt aangemerkt mits voldaan wordt aan de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 4.5.1 onder a. In artikel 1.41 van het ontwerpbestemmingsplan staat vermeld wat onder een kleinschalig bedrijf wordt verstaan en is verwezen naar ‘Bijlage 2 Lijst Kleinschalige bedrijfsactiviteiten’ (met 33 bedrijfsactiviteiten). In deze situatie is de lijst, zoals die ook bij andere plannen in het buitengebied wordt toegepast, in de regels van het ontwerpbestemmingsplan “Hunnenweg VII” opgenomen. Naar aanleiding van de zienswijze is besloten om geen kleinschalige bedrijven met het bestemmingsplan “Hunnenweg VII” mogelijk te maken. Dit heeft tot gevolg dat de regels en de toelichting hierop zijn aangepast, inclusief de afwijking voor die kleinschalige bedrijven. In dit gebied zijn de kleinschalige bedrijven bij recht inderdaad niet gewenst. Conclusie De zienswijze geeft wel aanleiding om het bestemmingsplan (of de ontwerp omgevingsvergunning) aan te passen. d. Zienswijze Het ontwerpbestemmingsplan laat te veel bijgebouwen toe.

Er is niet stilgestaan bij het feit dat buiten het bestemmingsplan om op grond van de regels van het vergunningsvrij bouwen (Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht) zonder meer per erf 150 m2 aan bijgebouwen mogen worden gebouwd. Verzocht wordt om bij het bouwperceel van de Hunnenweg 65 (natuurwoning 2) alleen het bouwvlak (waarbinnen de woning wordt gebouwd) te bestemmen tot ‘Wonen’ en het (achter-)erf specifiek en anders te bestemmen, waardoor er daar niet vergunningsvrij meer mag worden gebouwd. Dit omdat der dan geen sprake meer is van erf, zoals bedoeld in Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. Zo ontstaat eveneens ook geen tuin met bestrating (artikel 4.1 onder g). Gemeentelijke reactie In bepaalde situaties kan omgevingsvergunningsvrij bouwen worden uitgesloten. Via het

Nota Zienswijzen bestemmingsplan Hunnenweg VII

pagina 4 van 9

bestemmingsplan kan, uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening, het vergunningsvrij bouwen van percelen met een bijzondere stedenbouwkundige of landschappelijke betekenis worden ingeperkt. Zo is het mogelijk om percelen bij een hoofdgebouw geheel of gedeeltelijk een andere bestemming te geven dan de bestemming van het hoofdgebouw. In zo’n situatie kan een bestemming rusten die een gebruik als buitenruimte ten dienste van het hoofdgebouw niet of slechts in beperkte mate toestaat. Met zo’n andere bestemming is er geen sprake meer van erf. Het is ook mogelijk om de gronden te bestemmen voor andere functies. In dit geval zijn er geen locatie-specifieke omstandigheden aanwezig die aanleiding geven om vergunningsvrij bouwen in te beperken binnen de bestemming ‘Wonen’. Dit vanwege het volgende. Het bestemmings- en bouwvlak van de nieuwe woning langs de Hunnenweg 65 is 600 m2 groot. Relatief gezien is dit niet een heel groot vlak. Het huidige bestemmingsplan laat op dit moment een woning met een inhoud van 660 m3 toe, met een veel groter bestemmingsvlak ‘Wonen’. In de nieuwe situatie mag er een woning met een inhoud van maximum 350 m3 gerealiseerd worden. Planologisch is er in de nieuwe situatie 40 m2 aan bijgebouwen toegestaan.

Er is nu (nog) geen bouwplan, maar als er een woning staat wordt het bebouwingsgebied (volgens bijlage II van het Besluit omgevingsrecht) kleiner dan die 600 m2. Afhankelijk van het bouwplan kan pas uitgerekend worden wat exact nog vergunningsvrij gebouwd kan worden. Zoals de term vergunningsvrij al aangeeft is dit een recht dat wettelijk is bepaald. Er ontstaat landschappelijk en ruimtelijk een grote winst door dit plan. Ruimtelijk (en ook landschappelijk) is er geen bezwaar als er gebruik wordt gemaakt van de vergunningsvrije mogelijkheden die artikel 2, lid 3 onder f van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht biedt. Het zal bovendien nauwelijks impact op de omgeving hebben (als er iets extra’s vergunningsvrij bij komt). Wanneer er vergunningsvrij nog bouwwerken opgericht worden dan kan dit aangemerkt worden als bebouwing op het erf in het buitengebied. Er is geen reden om er in dit plan anders mee om te gaan dan dat we nu doen bij andere plannen in het buitengebied. In ieder geval is vergunningsvrij bouwen alleen mogelijk binnen de bestemming ‘Wonen’. In de natuurbestemming is vergunningsvrij bouwen niet toegestaan. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan (of de ontwerp omgevingsvergunning) aan te passen. e.

Zienswijze Binnen de bestemmingen ‘Natuur’ en ‘Wonen’ worden zonder meer alle erfafscheidingen tot 2 meter toegestaan (artikelen 3.2, onder b en 4.2.4, onder b). Dit betekent dat ook geheel dichte (“Gamma-“)schuttingen, die natuurlijk in het geheel niet passen in deze (bos-)omgeving. Verzocht wordt een meer passende regeling op te nemen in het ontwerpbestemmingsplan. Gemeentelijke reactie Er komt geen andere bepaling over erfafscheidingen in het bestemmingsplan “Hunnenweg VII” te staan. De bepalingen die over een erf- en/of terreinafscheidingen zijn opgenomen zijn standaardregels en deze worden in alle bestemmingsplannen binnen de gemeente Barneveld op eenzelfde wijze toegepast. Dit bevordert uniformiteit. De vrees dat er dichte (“Gamma-“)schuttingen komen te staan is hier niet te verwachten. Er is voor het plangebied een inrichtingsplan opgesteld (waaraan een voorwaardelijke verplichting in de planregels is gekoppeld, te weten: artikel 12.1.1). Onderdeel daarvan is dat er een wal

Nota Zienswijzen bestemmingsplan Hunnenweg VII

pagina 5 van 9

ontstaat. Zo komt er namelijk een wildwal langs de Hunnenweg ter voorkoming van illegaal afval dumpen. Daarmee komt er geen schutting langs de Hunnenweg te staan waarvoor de indiener van de zienswijze vreest en daarom verzoekt om meer passende regeling op te nemen in het plan. De inrichtingstekening geldt overigens voor het totale gebied. Gelet ook op het inrichtingsplan (en de daarin opgenomen wildwal als afscherming naar de Hunnenweg) zullen wij geen andere, meer passende regeling opnemen over hoe een erfafscheiding er uit moet zien. De inrichtingstekening geeft exact aan de hoe het plangebied wordt ingericht. Ter meerdere zekerheid om de inrichting op deze wijze tot stand te brengen is er ook verklaring opgesteld, met daaraan gekoppeld een waarborgsom. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan (of de ontwerp omgevingsvergunning) aan te passen. f. Zienswijze Uit de toelichting is op te maken dat het ontwerpbestemmingsplan kamerbewoning en/of huisvesting van arbeidsmigranten als gebruik bij recht toestaat. Dit gebruik moet in dit specifieke geval, gelet op de omringende bestemming ‘Natuur’, niet worden toegestaan. Dit gebruik schaadt bovendien het woon-, leef- en ondernemersklimaat. Uit een oogpunt van goede ruimtelijke ordening zijn er dus valide redenen voor een verbod.

Gemeentelijke reactie Beide vormen van huisvesting worden met dit plan niet bij recht mogelijk gemaakt. In de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan is in paragraaf 6.3.3 aangegeven dat een woning bestemd is voor de huisvesting van één huishouden. Ook in het begrip ‘woning’ is dit weergegeven (artikel 1.66 van het ontwerpbestemmingsplan). Dit betekent dat kamerverhuur niet zondermeer is toegestaan behalve als dit specifiek is aangeduid. Op de verbeelding is kamerverhuur niet aangeduid. Dus daarmee is dit gebruik niet bij recht hier toegestaan. Er is wel een binnenplanse afwijking opgenomen om kamerverhuur mogelijk te maken (artikel 4.6, tweede lid). Indien een aanvraag omgevingsvergunning wordt ingediend zal afgewogen worden of het college al dan niet medewerking kan én wil verlenen aan de onzelfstandige huisvesting van één of meer huishoudens (middels kamerverhuur). Over de huisvesting van arbeidsmigranten is in de toelichting niets vermeld. Dit behoeft daarom geen verdere bespreking. Indien zo’n vorm van wonen hier gewenst is, moet er een nieuw verzoek worden ingediend om alsdan af te wegen of we al dan niet kunnen meewerken. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan (of de ontwerp omgevingsvergunning) aan te passen. g.

Zienswijze De indiener van de zienswijze geeft aan dat het ontwerpbestemmingsplan en de ontwerp omgevingsvergunning onder andere pas nieuwbouw van onder andere natuurwoning 2 (Hunnenweg 65) toelaten indien de bestaande woning wordt gesloopt. Aangegeven is dat er groot belang is bij de indiener van de zienswijze dat er daadwerkelijk en uitsluitend twee woningen bijkomen en niet meer woningen. Nu voorzien het ontwerpbestemmingsplan én

Nota Zienswijzen bestemmingsplan Hunnenweg VII

pagina 6 van 9

de ontwerp omgevingsvergunning (nog) niet in een juridisch sluitende (afdwingbare) sloopregeling in de regels en in de voorschriften van de ontwerp omgevingsvergunning. Verzocht wordt die regeling alsnog op te nemen. Gemeentelijke reactie De bestaande woning aan de Hunnenweg 65 moet binnen vier jaar nadat de omgevingsvergunning voor de bouw van de natuurwoning aan de bosrand in werking is getreden, gesloopt zijn (artikel 12.1.3, voorwaardelijke verplichting). Deze termijn is op vier jaar gesteld omdat er een termijn moet zijn voor de bouw van de natuurwoning aan de bosrand (en de daarin op te nemen vleermuizenvoorziening) én er ook een gewenningsperiode voor de vleermuizen moet zijn. Bovendien mogen sloopwerkzaamheden niet in de overwinteringsperiode van de vleermuizen plaatsvinden. Daarnaast zijn er ter meerdere zekerheid privaatrechtelijk afspraken gemaakt om de sloop van de woning Hunnenweg 65 te bewerkstelligen. Hier is een waarborgsom van € 25.000,-aan gekoppeld. Voor de nieuw te bouwen woning aan de Hunnenweg 65 kan er, nadat het bestemmingsplan “Hunnenweg VII” in werking is getreden, een omgevingsvergunning worden ingediend. In theorie bestaat er een mogelijkheid dat er gedurende een relatief korte termijn op enig moment drie woningen aanwezig zijn. De bestaande woning Hunnenweg 65 valt onder het overgangsrecht, en zal gesloopt gaan worden.

In de nieuwe situatie zijn er uiteindelijk binnen het plangebied twee woningen aanwezig. Overigens is in artikel 12.1.2 aangegeven dat de recreatiewoning Hunnenweg 45 binnen twee jaar na inwerkingtreding van de omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning (= natuurwoning aan de bosrand) gesloopt moet zijn. Ter meerdere zekerheid is hier ook een waarborgsom aan gekoppeld. Er is in onze optiek een juiste sloopregeling opgenomen. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan (of de ontwerp omgevingsvergunning) aan te passen. h. Zienswijze Verzocht wordt om het eerste deel van de toegangsweg niet te wijzigen naar een onverharde weg, maar dit deel te laten bestaan uit asfalt. Dit voorkomt stofoverlast op het terrein van Het Hunnenbos. Gemeentelijke reactie De asfaltweg die nu binnen het plangebied is gelegen wordt na verwijdering van het asfalt vanaf de ingang bij de Hunnenweg tot aan de afslag naar de natuurwoning aan de bosrand voorzien van halfverharding, het zogenaamde Achterhoeks Padvast. Het betreft de asfaltweg die binnen het plangebied is gelegen, en niet de Hunnenweg zelf. Aan de Hunnenweg zelf worden dus in het kader van onderhavige planherziening geen wijzigingen doorgevoerd. Van stofhinder zal geen sprake zijn gelet op de afstand ten opzichte van het recreatiebedrijf.

Deze afstand bedraagt immers meer dan 75 meter ten opzichte van het recreatiebedrijf aan de Zevenbergjesweg 8. Bovendien bestaat de toegangsweg uit het duurzame halfverhardingsmateriaal Achterhoeks Padvast. De onderscheidende eigenschappen daarvan zijn de hardheid van het gesteente, de sterkte en slijtvastheid, waardoor dat in droge perioden nauwelijks zal leiden tot stofvorming. Op onderstaande afbeelding staat de inrit van deze toegangsweg met een groene pijl

Nota Zienswijzen bestemmingsplan Hunnenweg VII

pagina 7 van 9

weergegeven. Deze inrit aan de Hunnenweg (ten westen van de bestaande woning Hunnenweg 65) is gelegen ten noorden van een gebied dat bestemming ‘Natuur’ heeft. Dat gebied maakt ook onderdeel uit van het plangebied. De toegangsweg slingert vervolgens door het plangebied richting de heide (en komt uiteindelijk uit bij de natuurwoning aan de bosrand).

Afbeelding: uitsnede van inrichting plangebied, met toegangsweg ter hoogte van Hunnenweg weergegeven Daarnaast merken we op dat de toegangsweg heel beperkt wordt gebruikt. Indien er al sprake zou zijn van stuiven bij die toegangsweg in het plangebied dan zal dat veel incidenteler plaatsvinden dan stofhinder bij de Hunnenweg zelf (voor het gedeelte waar geen asfalt ligt). De Hunnenweg zelf kent een veel grotere verkeersintensiteit. Bovendien is er nog een bebost gebied aanwezig tussen het recreatiebedrijf én de toegangsweg in het plangebied. De aanwezige beplanting zorgt voor filtering van het stof. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan (of de ontwerp omgevingsvergunning) aan te passen. i. Zienswijze In de regels van het ontwerpbestemmingsplan ontbreken criteria waaraan een aanvraag om een omgevingsvergunning, activiteit ‘aanleggen’ (voorheen: aanlegvergunning), voor de aanleg van een onverharde weg aan moet worden getoetst. Gevraagd wordt om alsnog die criteria op te nemen en hierin in ieder geval te omschrijven dat geen omgevingsvergunning wordt verleend bij stofoverlast. Gemeentelijke reactie In artikel 3.6 van het ontwerpbestemmingsplan is, bij de bestemming ‘Natuur’ een omgevingsvergunning vereist voor (onder meer) het uitvoeren van een werk, geen gebouwwerk zijnde, of van werkzaamheden opgenomen (voorheen: aanlegvergunning).

Nota Zienswijzen bestemmingsplan Hunnenweg VII

pagina 8 van 9

Het vergraven, egaliseren en ophogen van gronden is zonder vergunning niet mogelijk. Ook is het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, paden en parkeergelegenheden en het aanleggen van andere oppervlakte verhardingen zonder vergunning niet toegestaan. De toegangsweg naar de woning loopt over het tracé van de bestaande asfaltweg. Het asfalt wordt vervangen door natuurlijke halfverharding, zandkleurig, net zoals op het half verharde gedeelte van de Hunnenweg (Achterhoeks Padvast). Doordat het bestaande tracé vervangen wordt, is er geen sprake van het aanleggen, verbreden en verharden van wegen en paden. Voor het verwijderen van de asfaltweg en het realiseren van een toegangsweg in het plangebied met halfverharding (Achterhoeks Padvast) is zo’n omgevingsvergunning niet noodzakelijk. Er wordt hier slechts ander materiaal toegepast en dit valt aan te merken als onderhoud. Wat betreft de stofhinder/-vorming wordt verwezen naar hetgeen onder de gemeentelijke reactie onder ‘1h’ is weergegeven hierover. Een voorwaarde omtrent stofoverlast gaan we niet toevoegen aan artikel 3.6 van het ontwerpbestemmingsplan. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan (of de ontwerp omgevingsvergunning) aan te passen.

Nota Zienswijzen bestemmingsplan Hunnenweg VII

pagina 9 van 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=ed0dfc6f-b04e-4706-974f-c005534f25b0