CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Barnseweg XI_Toelichting_Bijlage 3 Verkennend bodem- en fundatieonderzoek

Gemeenteraad 17 april 2024, gemeente BarneveldBij agendapunt: Bestemmingsplan Barnseweg XI (SDVB), Barneveld28.500 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Entreezone en parkeerplaats SDV Barneveld

Inhoudsopgave

Samenvatting ............................................................................................................................ 5 1.

Inleiding ......................................................................................................................... 7 1.1 Algemeen ............................................................................................................ 7 1.2 Aanleiding en doelstelling ................................................................................... 7 1.3 Duurzaamheid ..................................................................................................... 8 1.4 Opbouw van het rapport ...................................................................................... 8

2.

Vooronderzoek .............................................................................................................. 9 2.1 Algemeen ............................................................................................................ 9 2.2 Locatiegegevens ................................................................................................. 9 2.3 Conclusies vooronderzoek ................................................................................ 10 2.4 Onderzoekshypothese en -strategie ................................................................. 11

3.

Veldonderzoek ............................................................................................................. 12 3.1 Uitgevoerde veldwerkzaamheden ..................................................................... 12 3.2 Werkwijze .......................................................................................................... 13 3.2.1 Boringen ............................................................................................... 13 3.2.2 Monstername grondwater .................................................................... 13 3.3 Zintuiglijke waarnemingen en veldmetingen ..................................................... 13 3.4 Fundatiemateriaal ............................................................................................. 14 3.5 Infiltratiemeting .................................................................................................. 14

4.

Laboratoriumonderzoek .............................................................................................. 15

5.

Resultaten ................................................................................................................... 16 5.1 Toetsingskaders ................................................................................................ 16 5.1.1 Wet bodembescherming (Wbb) ........................................................... 16 5.1.2 Besluit bodemkwaliteit (Bbk)................................................................ 16 5.1.3 Veiligheidsaspecten voor werk in of met verontreinigde grond (CROW 400) ........................................................................................ 16 5.2 Mate van bodemverontreiniging (Wbb-toetsing) ............................................... 17 5.3 Hergebruik van grond (Bbk-toetsing) ................................................................ 17 5.4 Toetsing funderingslagen .................................................................................. 17 5.5 Voorlopige veiligheidsklasse (CROW 400) ....................................................... 17

6.

Interpretatie ................................................................................................................. 20 6.1 Actuele milieuhygiënische bodemkwaliteit ........................................................ 20 6.2 Noodzaak tot vervolgonderzoek........................................................................ 21

7.

Conclusie en advies .................................................................................................... 22

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie https://swecogroup.sharepoint.com/sites/nl-post_archive/secretariaat/51017203_verkennend bodem- en fundatieonderzoek sdv barneveld(def).docx

3/45

7.1 7.2

Conclusie ........................................................................................................... 22 Advies ................................................................................................................ 22

Bijlage 1 Ligging onderzoekslocatie Bijlage 2 Situatie onderzoekslocatie, incl. boorplan Bijlage 3a Resultaten vooronderzoek Bijlage 3b Historisch kaartmateriaal Bijlage 3c Schetsontwerp Bijlage 4 Boorbeschrijvingen Bijlage 5 Analysecertificaten Bijlage 6 Toetsing Bijlage 7 Toetsingskader Bijlage 8 Kwaliteitsborging Bijlage 9 SDG’s

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie https://swecogroup.sharepoint.com/sites/nl-post_archive/secretariaat/51017203_verkennend bodem- en fundatieonderzoek sdv barneveld(def).docx

4/45

Samenvatting Projectnummer

51017203

Opdrachtgever

Gemeente Barneveld

Type onderzoek

Bodemonderzoek en fundatieonderzoek

Aanleiding

Ontwerpbestemmingsplan

Locatie Adres

Barnseweg 9, 3773 BA Barneveld

Kadastrale

Gemeente Barneveld (BNV00): sectie C; perceelnr. 6667 (ged.), 6177 (ged.), 7030 (ged.)

Aanduiding Oppervlakte (m2)

Circa 27.000

Zintuiglijk

Ter plaatse van de in de berm van de middengeleider gelegen boring B07 zijn in de laag 0,0 – 0,20 m-mv zintuiglijk kolengruis en baksteen aangetroffen. Ter plaatse van de oostelijk deel van de parkeerplaats gelegen bermen (boring B13 en B14) is in de bovengrond zintuiglijk baksteen en beton aangetroffen.

Analytisch Grond

Ter plaatse van boring B07 is in de laag 0,0 – 0,20 m-mv zintuiglijk kolengruis en baksteen aangetroffen. Na analyse van het monster van deze laag blijkt een licht verhoogd gehalte PAK aanwezig te zijn en word deze laag geclassificeerd als bodemkwaliteitsklasse ‘Industrie’. In de zintuiglijk schone ondergrond onder de fundering van het oostelijk deel van de parkeerplaats is een licht verhoogd gehalte kobalt aangetoond en deze laag wordt daardoor geclassificeerd al s bodemkwaliteitsklasse ‘Industrie’ Op verzoek van de opdrachtgever zijn geen analyses voor PFAS uitgevoerd. In het grondwater ter plaatse van deellocatie B is een licht verhoogde concentratie barium, nikkel en zink aangetoond. Het grondwater ter plaatse van deellocatie B voldoet aan de streefwaarde. Bij geen van de overige analyses (grond en grondwater) zijn gehalten boven de streefwaarden aangetoond.

Infiltratie

Uit de infiltratiemeting blijkt dat de matig fijne, matig siltige en zwak humeuze zandondergrond ter plaatse van boring KBK11/IFP1-2 een K-waarde van 0,74 heeft. De gemeten K-waarde ligt onder de 2 waarmee de aanleg van een IT-riool als niet kansrijk wordt gezien.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

5/23

Fundatie

Onder de parkeerplaats is fundatiemateriaal met een homogene samenstelling in de vorm van repac aangetroffen. Onder de toegangsweg is geen fundering aangetroffen (ter plaatse van boring KBK12). Het fundatiemateriaal onder de parkeerplaats voldoet als niet-vormgegeven bouwstof. In het fundatiemateriaal is geen asbest aangetoond.

Conclusies / advies

Bodem In de boven- en ondergrond zijn lokaal maximaal licht verhoogde gehalten aangetoond. Deze grond is indicatief geclassificeerd als klasse ‘Industrie’. De rest van de grond is geclassificeerd als ‘Altijd Toepasbaar’. In het grondwater is lokaal maximaal een licht verhoogd gehalte aangetoond. Nader onderzoek naar de bodemkwaliteit wordt niet noodzakelijk geacht. Gezien de aangetoonde gehalten is hergebruik van de grond binnen het project mogelijk. Hergebruik van vrijkomende grond buiten de locatie maar binnen de grenzen van de bodemkwaliteitskaart is mogelijk voor de grond die voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse ‘Altijd toepasbaar’. Voor de voorgenomen werkzaamheden is op basis van de voorliggende onderzoeksresultaten geen veiligheidsklasse van toepassing. Fundatie De fundering ter plaatse van de parkeerplaats bestaande uit repac is milieuhygiënisch geschikt om hergebruikt te worden als ‘niet vormgegeven bouwstof’.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

6/23

1. Inleiding 1.1 Algemeen In opdracht van de gemeente Barneveld heeft Sweco Nederland B.V. een verkennend bodem- en een fundatieonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de entreezone en parkeerplaats van voetbalvereniging SDV Barneveld. Voor het verkennend bodem- en fundatieonderzoek is gebruik gemaakt van de volgende onderzoeksnormen: · NEN 5725:2017 nl – bodem – Landbodem – strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek. · NEN 5740:2009+A1:2016 nl – Bodem -Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond. · NEN 5897 +C2: 2017 nl inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat.

1.2 Aanleiding en doelstelling Aanleiding voor het uitvoeren van het verkennend bodem- en fundatieonderzoek is het voornemen om de entreezone van voetbalvereniging SDV Barneveld aan te passen en een nieuwe parkeerplaats aan te leggen. In het kader van bovenstaande wordt een ontwerpbestemmingsplan opgesteld. In verband hiermee is inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) noodzakelijk. Doel van het onderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie. Op basis van de onderzoeksresultaten kan worden vastgesteld of milieuhygiënische bodemkwaliteit beperkingen oplevert en zo ja welke vervolgacties noodzakelijk zijn. Middels het fundatieonderzoek wordt indicatief de milieuhygiënische kwaliteit van het aanwezige fundatiemateriaal bepaald.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

7/23

1.3 Duurzaamheid Als Sweco onderschrijven we het belang van maatregelen om de klimaatverandering tegen te gaan en dragen we bij aan het leveren van duurzame adviezen en oplossingen om de leefomgeving duurzaam, veilig en schoon te houden of te maken. Als afdeling Environmental Consultancy willen wij, vanuit onze gedrevenheid en onze professionele verantwoordelijkheid, een positieve bijdrage leveren aan het terugdringen van de klimaatverandering. Sweco Nederland heeft zichzelf ten doel gesteld in 2035 100% CO2-neutraal en circulair te zijn. In bijlage 9 kunt u lezen waar we binnen de kaders van de onderzoeken aansluiten op de Sustainable Development Goals (SDG) van de Verenigde Naties. Met dit onderzoek draagt u bij aan de hiernaast weergegeven SDG’s.

1.4 Opbouw van het rapport Het voorliggende rapport is als volgt opgebouwd: · het vooronderzoek en bepaling onderzoeksstrategie (hoofdstuk 2); · het veldonderzoek (hoofdstuk 3); · het laboratoriumonderzoek (hoofdstuk 4); · de resultaten van het onderzoek (hoofdstuk 5); · de interpretatie van de resultaten (hoofdstuk 6); · de conclusies en het advies (hoofdstuk 7). De bijlagen maken onlosmakelijk deel uit van deze rapportage.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

8/23

2. Vooronderzoek 2.1 Algemeen In dit hoofdstuk worden de resultaten van het vooronderzoek besproken. Dit resulteert in hypotheses over de mate van verdachtheid ten aanzien van bodemverontreiniging op de locatie. Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725: 2017, aanleiding: A: ‘opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek’. Aangezien op het zuidelijk deel van de onderzoekslocatie een weg, wegbermen en parkeerplaatsen aanwezig zijn, is het vooronderzoek uitgevoerd volgens de strategie ‘Standaard’. Het vooronderzoek van de onderhavige locaties en de voetbalvelden is opgenomen in bijlage 3. In dit hoofdstuk zijn de resultaten van het vooronderzoek samengevat, door middel van een korte beschrijving van de onderzoekslocatie, de bijzonderheden van het vooronderzoek, de conclusies van het vooronderzoek en de te hanteren onderzoekshypothese en -strategie.

2.2 Locatiegegevens De regionale ligging van de onderzoekslocaties is aangegeven in bijlage 1 en figuur 2-1. Een overzicht van de locaties is weergegeven in bijlage 2. In tabel 2-1 zijn de locatiegegevens samengevat. Tabel 2-1:

Overzicht locatiegegevens

Adres locatie

Barnseweg 9, 3773 BA Barneveld

Kadastrale gegevens locatie

Gemeente Barneveld (BNV00): sectie C; perceelnr. 6667 (ged.)

Eigenaar locatie

Gemeente Barneveld, voetbalvereniging SDV Barneveld

Coördinaten

X: 169.730, Y: 461.486

Oppervlakte locatie (in m²)

Circa 4.100

waarvan bebouwd (in m²)

-

Huidig gebruik

Parkeerplaatsen en openbare weg

Verhardingen:

Asfalt (openbare weg), klinkers (parkeerplaatsen en voetpaden)

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

9/23

Figuur 2-1:

Situering onderzoekslocaties (blauwe lijn)

2.3 Conclusies vooronderzoek Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zoals opgenomen in bijlage 3 wordt geconcludeerd dat: · De Omgevingsdienst regio De Vallei (OddV) beschikt over een Nota bodembeheer en bijbehorende bodemkwaliteitskaart (incl. PFAS) waarin voor minerale olie aanvullende regels zijn vastgesteld. · De bodemfunctieklasse ter plaatse van de onderzoekslocatie is ‘Wonen’. De ontgravingsklasse en toepassingsklasse voor zowel de boven- als ondergrond is ‘Landbouw/natuur’. De gemeentelijke weg is uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart. · Onder de wegen en parkeerplaatsen is mogelijk een wegfundering aanwezig. Het fundatiemateriaal kan asbesthoudend zijn. · Buiten het fundatiemateriaal is de locatie niet verdacht op het voorkomen van asbest in de bodem. · De locaties zijn niet verdacht op het voorkomen van PFAS. · Op de onderzoekslocatie zijn de volgende verdachte locaties aanwezig. · wegen; · wegbermen; · parkeerplaatsen.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

10/23

2.4 Onderzoekshypothese en -strategie Conform de aanpak van de NEN 5740 dient, op basis van de resultaten van het vooronderzoek een onderzoekshypothese te worden vastgesteld. Hierbij wordt de onderzoekslocatie, zo nodig, onderverdeeld in deellocaties. Per deellocatie moet een onderzoekshypothese worden opgesteld, op basis waarvan de onderzoeksstrategie wordt bepaald. De hypothese geeft het volgende aan: · of de bodem naar verwachting wel of niet verontreinigd is; · de aard van de verontreinigende stoffen; · de plaats van voorkomen van de verontreinigende stoffen; · of de stoffen worden verwacht in grond en/of grondwater. Op basis van de resultaten van het vooronderzoek is in tabel 2-2 de gehanteerde hypothese en onderzoeksstrategie conform NEN5740 gedefinieerd. Bij aantreffen asbestverdacht materiaal en/of ongedefinieerd puin in de bodem, dient aanvullend onderzoek naar asbest in de grond plaats te vinden conform de NEN 5707. Bij het aantreffen van een fundering onder de verharding van de huidige parkeerplaats is in overleg met de opdrachtgever besloten om deze fundatielagen direct te onderzoeken conform de NEN 5897 ‘Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat’ (versie december 2017).

Hierbij kan dan tevens de samenstelling en uitloging van de aanwezige fundatielagen worden bepaald met het oog op mogelijk hergebruik van het materiaal binnen de voorgenomen werkzaamheden. Tabel 2-2:

Hypothese en onderzoeksstrategie

Deellocatie

Oppervlakte 2

Bodemlaag

Hypothese

Strategie

A. Entreezone

(m ) 1.400

(m -mv) 1,0

Verdacht

NEN5740: VED-HENL

B. Parkeerplaats

2.700

1,5

Verdacht

NEN5740: VED-HENL (gecombineerd met NEN5897: maatwerk)

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

11/23

3. Veldonderzoek 3.1 Uitgevoerde veldwerkzaamheden Op basis van de gehanteerde onderzoeksstrategie zijn de veldwerkzaamheden uitgevoerd. Vanwege het aantreffen van fundatiemateriaal is tevens een maatwerk onderzoek gebaseerd op de NEN5897 verricht. In tabel 3-1 zijn de uitgevoerde veldwerkzaamheden beschreven: Tabel 3-1:

Uitgevoerd veldwerk

Deellocatie

Bodemlaag Oppervlakte Strategie

Boring

Diepte

Boring met peilbuis Aantal

Filterdiepte

(m -mv)

(m2)

Aantal

(m-mv)

A. Entreezone

1,0

1.400

NEN5740: VED-HE-NL

7 1

0,5 2,0

1

2,70 - 3,30

B. Parkeerplaats

1,5

2.700

NEN5740: VED-HE-NL (gecombineerd met NEN5897: maatwerk)

3 10 2

0,5 1,0 2,0

1

2,80 - 3,30

(m-mv)

Het plaatsen van boringen en peilbuizen en de bemonstering van het grondwater is uitgevoerd door VWB Bodem B.V. met certificaatnummer EC-SIK-20264 op respectievelijk 13, 14, 22 en 29 september. Het veldwerk (vanaf acceptatie van de opdracht voor het veldwerk tot en met de overdracht van de veldgegevens, veldwerkrapportage en monsters aan Sweco Nederland B.V.) is verricht onder de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek) en de bijbehorende protocollen 2001 en 2002 (zie bijlage 7). Het veldwerk is uitgevoerd door persoonlijk gecertificeerde veldwerkers waarvan de naam vermeld is boven de boorprofielen in bijlage 4. De locaties van de boringen en peilbuizen zijn weergegeven op het boorplan in bijlage 2. Bij de uitvoering van het veldwerk zijn geen afwijkingen van de NEN5740 opgetreden. Het fundatieonderzoek betreft maatwerk gebaseerd op de NEN5897 ‘Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat. Voor dit onderzoek is uitgegaan van de strategie voor afgedekte verhardingslagen, kleinschalige locaties. De uitvoering worden met behulp van een kernboor gaten geboord met een diameter van 150 mm. Dit is een afwijking op de norm waarin 350 mm wordt voorgeschreven. De ervaring bij andere onderzoeken is echter dat het zodanig afwerken van de kernen van 350 mm niet uitvoerbaar is.

Door het verrichten van boringen van 150 mm dient het asbestonderzoek als indicatief aangemerkt te worden.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

12/23

3.2 Werkwijze 3.2.1

Boringen

Bij het verrichten van boringen is de grondsoort bepaald (klei, zand en/of veen) en is (visueel) geïnspecteerd op zintuiglijke verontreinigingen en eventueel andere afwijkende kenmerken. De boringen zijn beschreven in boorprofielen, weergegeven in bijlage 4. Bij de uitvoering van het veldwerk zijn de volgende afwijkingen van protocol 2018 opgetreden: · in verband de diameter van 150 mm is te weinig materiaal bemonsterd; · er zijn meer dan vier deelmonsters opgemengd. Het asbestonderzoek dient derhalve als indicatief aangemerkt te worden. Er zijn geen afwijkingen van protocol 2001 opgetreden.

3.2.2

Monstername grondwater

Uit de geplaatste peilbuizen zijn grondwatermonsters genomen. Bij de bemonstering zijn de volgende werkzaamheden verricht: · Het opnemen van de grondwaterstand in de peilbuizen. · Het bepalen van de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en de troebelheid (NTU) van het grondwater. · Het nemen van grondwatermonsters uit de peilbuizen. Hierbij zijn geen afwijkingen van protocol 2002 opgetreden.

3.3 Zintuiglijke waarnemingen en veldmetingen Bij meerdere boringen zijn zintuiglijke verontreinigingen waargenomen. In tabel 3-2 wordt hiervan een overzicht gegeven. Boringen zonder zintuiglijke waarnemingen zijn niet opgenomen in tabel 3-2. Tabel 3-2: Boring

Boringen met zintuiglijke verontreinigingen Maximale boordiepte

Diepte

Grondsoort

Zintuiglijke waarnemingen

(m -mv)

(m -mv) A. Entreezone B07 1,00

0,00 - 0,20

Zand

sporen kolengruis, sporen baksteen

B. Parkeerplaats B13 0,90 B14 0,90 KBK03 1,00 KBK04 1,00 KBK07 3,30 KBK10 1,00

0,00 - 0,40 0,00 - 0,40 0,08 - 0,13 0,08 - 0,13 0,08 - 0,28 0,08 - 0,13

Zand Zand Zand Zand Zand Zand

sporen baksteen, sporen beton zwak betonhoudend, sporen baksteen zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend, sporen beton

In tabel 3-3 zijn de resultaten van de veldmetingen van het grondwater weergegeven.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

13/23

Tabel 3-3:

Resultaten veldmetingen grondwater

Peilbuis

A. Entreezone B03 B. Parkeerplaats KBK07

Filterstelling (m-mv)

Grondwaterstand (m -mv)

pH

EC

Troebelheid (NTU)

Belucht

Bijzonderheden

(-)

(µS/cm)

2,70 - 3,30

1,20

6,3

151,1

51,9

Nee

Nee

2,80 - 3,30

1,49

5,4

247

1,9

Nee

Nee

Een eventueel afwijkende zuurgraad (pH), geleidingsvermogen (EC) of troebelheid, (Nephelometric Turbidity Units, NTU) in het grondwater kan een indicator zijn voor de aanwezigheid van verontreinigende stoffen. Bij een troebelheid >10 NTU moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat de concentraties aan relatief zware organische verbindingen beïnvloed zijn door de troebelheid van het water. De in tabel 3-3 weergegeven waarden voor de zuurgraad en het elektrisch geleidingsvermogen worden niet als afwijkend beschouwd. Bij de bespreking van de analyseresultaten wordt rekening gehouden met de hoge NTU gemeten in het grondwater bij de peilbuis B03.

3.4 Fundatiemateriaal Bij de uitvoering van het veldwerk is fundatiemateriaal aangetroffen onder de halfverharding en klinkerverharding van de parkeerplaats. Op de toegangsweg naar de parkeerplaats (ter plaatse van boring KBK12) is geen fundering aanwezig. De opbouw van de parkeervakken bestaat uit een halfverharding van gravel direct op de fundering. De opbouw van de rijgedeelten van de parkeerplaats bestaat uit een klinkerverharding met daaronder een overwegend zwak baksteenhoudende straatlaag met daaronder de fundering. Op de locatie is sprake van een homogene samenstelling van het fundatiemateriaal bestaande uit repac met bijmenging van met baksteen, beton, aardewerk, plastic en/of glas.

3.5 Infiltratiemeting In tabel 3-4 staat het resultaat van de op de parkeerplaats uitgevoerde infiltratiemeting weergegeven. Aangezien de meetlocatie IFP1-1 vanwege de sterk humeuze ondergrond niet representatief is gebleken, is de meting (IFP1-2) ter plaatse van KBK11 uitgevoerd. Vanwege de slechte doorlatendheid en daarmee gepaarde tijdsduur is de meting één maal, in plaats van de gebruikelijke twee maal, uitgevoerd. Tabel 3-4: Resultaat doorlatendheidsmetingen Onderzoekspunt

Meettraject (m -mv)

IFP1-2

1,2

Grondsoort (o.b.v. boringen)

Resultaat

Matig fijn zand, matig siltig tot 2,0 mmv.

0,74

(m/dag)

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

14/23

4. Laboratoriumonderzoek Op basis van de visuele inspectie zijn monsters geselecteerd voor analyse. De monsterselectie is opgenomen in de tabellen 5-1 en 5-2. De grond- en grondwatermonsters zijn geanalyseerd op de standaardpakketten van de NEN5740. In tabel 4-1 wordt de samenstelling van deze pakketten weergegeven. De geselecteerde monsters zijn in het laboratorium van SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam geanalyseerd. De analyses zijn uitgevoerd conform de bijbehorende protocollen, vallend onder het accreditatieschema van de AS 3000 richtlijn. De analysecertificaten zijn weergegeven in bijlage 5. Tabel 4-1:

Parameters in standaardstoffenpakketten

Grond

Grondwater

· ·

·

· · ·

Bodemkenmerken (organische stof en lutum) Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink) Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK, 10 van VROM) Polychloorbifenylen (Som PCB’s) Minerale olie

· · ·

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink) Vluchtige chloorkoolwaterstoffen (VOCl, 17 stuks) Vluchtige aromatische koolwaterstoffen (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, styreen, naftaleen) Minerale olie

Op verzoek van de opdrachtgever is de grond is niet op PFAS-verbindingen geanalyseerd. De monsters van de fundatielaag zijn geanalyseerd op asbest en samenstelling en uitloging. Op de certificaten in bijlage 4 zijn enkele afwijkingen op de analyseprotocollen vermeld, te weten: · In mengmonsters MM01 zijn met betrekking tot de parameter benzo(ghi)peryleen componenten aanwezig die een storende invloed hebben op de meting. Om die reden is de onzekerheid in het resultaat vergroot. Gezien de relatief lage gemeten gehalten kan worden gesteld dat bovengenoemde afwijkingen geen significante invloed hebben op de uitkomst het toetsingsresultaat. · Van MM01_ASB en MM02_ASB resteert na droging minder dan de in NEN 5898 aangegeven minimale monsterhoeveelheid. Het analyseresultaat moet daarom als indicatief worden beschouwd.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

15/23

5. Resultaten 5.1 Toetsingskaders 5.1.1

Wet bodembescherming (Wbb)

Voor de bepaling of en in welke mate bodemverontreiniging aanwezig is, zijn toetsingswaarden opgenomen in de Circulaire bodemsanering 2013 (Wbb-toetsing). De analyseresultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden uit deze circulaire. Aanvullend op de Circulaire bodemsanering toetst Sweco ook aan de tussenwaarde. Dat is het gemiddelde van de achtergrond- en de interventiewaarde. Deze toetsing geeft, in combinatie met de bodemkwaliteitskaart en locatiespecifieke kenmerken, een indicatie voor de noodzaak tot nader onderzoek. Bij de toetsing wordt gebruikt gemaakt van de ’bodemindex’. Deze index geeft aan in welke mate er een overschrijding is of niet: Index < 0: Toetsing onder streefwaarde of achtergrondwaarde, schoon. 0 < Index <= 0,5: Toetsing tussen streefwaarde of achtergrondwaarde en de voormalige tussenwaarde, licht verontreinigd. 0,5 < Index <= 1: Toetsing tussen voormalige tussenwaarde en de interventiewaarde, matig verontreinigd. Index > 1:

Toetsing overschrijdt de interventiewaarde, sterk verontreinigd.

Een nadere toelichting op de toetsingskaders is opgenomen in bijlage 6.

5.1.2

Besluit bodemkwaliteit (Bbk)

Voor de toepassing van grond gelden de toetsingswaarden in de Regeling bodemkwaliteit, behorend bij het Besluit Bodemkwaliteit. Middels deze toetsing wordt de grond ingedeeld in een hergebruiksklasse.

5.1.3

Veiligheidsaspecten voor werk in of met verontreinigde grond (CROW 400)

De veiligheidsaspecten voor werken in of met verontreinigde grond worden indicatief beoordeeld op basis van de CROW 400. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de rekentool van het CROW. De resultaten van deze indicatieve beoordeling zijn opgenomen in bijlage 5.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

16/23

5.2 Mate van bodemverontreiniging (Wbb-toetsing) De resultaten van de Wbb-toetsing ter bepaling van de mate van bodemverontreiniging, zijn opgenomen in bijlage 6 en samengevat in de tabellen 5-1 en 5-2. Hierbij zijn alleen de gehalten weergegeven die de toetsingswaarden overschrijden. Waar relevant is de bodemindex tussen haakjes opgenomen in de tabellen.

5.3 Hergebruik van grond (Bbk-toetsing) De resultaten van de toetsing ter bepaling van de hergebruiksklasse zijn samengevat in tabel 5-3. De toetsingsresultaten geven een eerste indicatie van de kwaliteitsklasse van de te hergebruiken grond. Voorliggend onderzoek kan niet gebruikt worden als milieuhygiënische verklaring die bij een melding van het toepassen van grond in het kader van de Bbk dient te worden aangeleverd. Hiervoor dient een partijkeuring conform de BRL1000 te worden uitgevoerd.

5.4 Toetsing funderingslagen De analyseresultaten van de aangetroffen funderingslagen zijn indicatief getoetst aan de van toepassing zijnde maximale samenstellingswaarde van het Besluit bodemkwaliteit. De eisen zijn afkomstig uit de tabellen 1 en 2 van bijlage A uit de Regeling Bodemkwaliteit. De toetsingsresultaten aan de normen uit het Besluit Bodemkwaliteit inclusief asbest zijn opgenomen in bijlage 6. In tabel 5-4 is het toetsingsresultaat met de bepalende parameters opgenomen.

5.5 Voorlopige veiligheidsklasse (CROW 400) De analyseresultaten zijn met behulp van de rekentool van CROW getoetst aan de veiligheidsnormen. Hierbij is gebruik gemaakt van een fictief monster met daarin de hoogste gemeten gehalten van de onderzochte parameters. Dit fictieve monster is getoetst met behulp van de rekentool van CROW. Uit deze toetsing (zie bijlage 6) blijkt dat geen veiligheidsklasse van toepassing is op basis van de chemische parameters.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

17/23

Tabel 5-1:

Resultaten Wbb-toetsing (grond)

(Meng)monster

Monstertraject (m -mv)

Boringen

Analysepakket

Motivatie

>AW

>T

>I

Oordeel Wbb

Veiligheidsklasse

A. Entreezone B07-1

0,00 - 0,20

B07 (0,00 - 0,20)

Bijmenging met kolengruis in de bovengrond (ter plaatse van wegberm)

PAK

-

-

Overschrijding Achtergrondwaarde

Geen

MM01

0,07 - 0,57

Zintuiglijk schone bovengrond (laag direct onder klinkerverharding)

-

-

-

Voldoet aan de Achtergrondwaarde

Geen

MM02

0,00 - 0,50

-

-

-

Voldoet aan de Achtergrondwaarde

Geen

0,20 - 1,10

Standaardpakket incl. lutum en organische stof Standaardpakket incl. lutum en organische stof

Zintuigelijk schone bovengrond (ter plaatse van wegberm)

MM03

B01 (0,14 - 0,50) B03 (0,07 - 0,57) B04 (0,08 - 0,50) B05 (0,07 - 0,50) B06 (0,00 - 0,50) B08 (0,00 - 0,20) B09 (0,00 - 0,30) B03 (0,80 - 1,10) B08 (0,20 - 0,70)

Standaardpakket incl. lutum en organische stof Standaardpakket incl. lutum en organische stof

Zintuiglijk schone ondergrond

-

-

-

Voldoet aan de Achtergrondwaarde

Geen

Standaardpakket incl. lutum en organische stof Standaardpakket incl. lutum en organische stof

Bijmenging met baksteen en beton in de bovengrond

-

-

-

Voldoet aan de Achtergrondwaarde

Geen

Zintuiglijk schone ondergrond (onder fundatie westzijde)

-

-

-

Voldoet aan de Achtergrondwaarde

Geen

Standaardpakket incl. lutum en organische stof

Zintuiglijk schone ondergrond (onder fundatie oostzijde)

Kobalt

-

-

Overschrijding Achtergrondwaarde

Geen

Standaardpakket incl. lutum en organische stof

Zintuigelijk schone diepe ondergrond (1,00 - 1,50 m-mv)

-

-

-

Voldoet aan de Achtergrondwaarde

Geen

B. Parkeerplaats MM04 0,00 - 0,40

MM05

0,40 - 0,90

MM06

0,40 - 0,90

MM07

0,70 - 1,70

B13 (0,00 - 0,40) B14 (0,00 - 0,40) KBK01 (0,40 - 0,90) KBK02 (0,40 - 0,70) KBK06 (0,50 - 0,70) KBK08 (0,40 - 0,70) KBK04 (0,53 - 0,70) KBK09 (0,40 - 0,90) KBK10 (0,50 - 0,90) KBK11 (0,45 - 0,70) KBK06 (1,20 - 1,70) KBK07 (1,03 - 1,53) KBK11 (0,70 - 1,20)

Tabel 5-2:

Resultaten Wbb-toetsing (grondwater)

Peilbuis

Filterstelling (m -mv)

A. Entreezone B03 2,70 - 3,30 B. Parkeerplaats KBK07 2,80 - 3,30

Grondwaterstand (m -mv)

Analysepakket

Motivatie

>S

>T

>I

Oordeel Wbb

Veiligheidsklasse

1,20

Standaardpakket

Grondwater deellocatie A

-

-

-

Voldoet aan de Streefwaarde

Geen

1,49

Standaardpakket

Grondwater deellocatie B

Barium, nikkel en zink

-

-

Overschrijding Streefwaarde

Geen

Verklaring afkortingen: · AW = Achtergrondwaarde · T = Tussenwaarde · I = Interventiewaarde · S = Streefwaarde (alleen voor grondwater)

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

18/23

Tabel 5-3:

Resultaten indicatieve Bbk-toetsing, inclusief toetsing aan LMW’s

(Meng)monster

Monstertraject (m -mv)

Boring(en)

Aanleiding/ omschrijving

Bepalende stof

Oordeel Bbk

A. Entreezone B07-1

0,00 - 0,20

B07 (0,00 - 0,20)

PAK

Klasse industrie

MM01

0,07 - 0,57

-

Altijd toepasbaar

MM02

0,00 - 0,50

Zintuigelijk schone bovengrond (ter plaatse van wegberm)

-

Altijd toepasbaar

MM03

0,20 - 1,10

B01 (0,14 - 0,50) B03 (0,07 - 0,57) B04 (0,08 - 0,50) B05 (0,07 - 0,50) B06 (0,00 - 0,50) B08 (0,00 - 0,20) B09 (0,00 - 0,30) B03 (0,80 - 1,10) B08 (0,20 - 0,70)

Bijmenging met kolengruis in de bovengrond (ter plaatse van wegberm) Zintuiglijk schone bovengrond (laag direct onder klinkerverharding)

Zintuiglijk schone ondergrond

-

Altijd toepasbaar

B. Parkeerplaats MM04

0,00 - 0,40

-

Altijd toepasbaar

MM05

0,40 - 0,90

Bijmenging met baksteen en beton in de bovengrond Zintuiglijk schone ondergrond (onder fundatie westzijde)

-

Altijd toepasbaar

MM06

0,40 - 0,90

Zintuiglijk schone ondergrond (onder fundatie oostzijde)

Kobalt

Klasse industrie

MM07

0,70 - 1,70

Zintuigelijk schone diepe ondergrond (1,00 - 1,50 m-mv) ter plaatse van IT-riool (ontwerp)

-

Altijd toepasbaar

Tabel 5-4:

B13 (0,00 - 0,40) B14 (0,00 - 0,40) KBK01 (0,40 - 0,90) KBK02 (0,40 - 0,70) KBK06 (0,50 - 0,70) KBK08 (0,40 - 0,70) KBK04 (0,53 - 0,70) KBK09 (0,40 - 0,90) KBK10 (0,50 - 0,90) KBK11 (0,45 - 0,70) KBK06 (1,20 - 1,70) KBK07 (1,03 - 1,53) KBK11 (0,70 - 1,20)

Overschrijdingen van de toetsingswaarden fundatiemonsters (Besluit bodemkwaliteit)

(Meng)monster

Monstertraject (m -mv)

Boringen

Analysepakket

Materiaal

Resultaat

Bepalende parameter

KBK01 (0,00 - 0,40) KBK02 (0,00 - 0,40) KBK06 (0,00 - 0,40) KBK08 (0,00 - 0,40) KBK09 (0,00 - 0,40) B10 (0,08 - 0,40) KBK03 (0,13 - 0,53) KBK04 (0,13 - 0,53) KBK05 (0,13 - 0,53) KBK07 (0,28 - 0,53) KBK10 (0,13 - 0,53) KBK11 (0,20 - 0,45)

Samenstelling en uitloging + asbest

Volledig repac met baksteen, beton, aardewerk, plastic en/of glas (aan maaiveld) Volledig repac met baksteen, beton, aardewerk, plastic en/of glas (onder klinkers )

Toepasbaar als nietvormgegeven bouwstof

-

Toepasbaar als nietvormgegeven bouwstof

-

A. Entreezone Geen fundatielaag aangetroffen B. Parkeerplaats 01MM (0-50) + 02MM uitloog (0-50)

0,00 - 0,40

03MM uitloog (0-50) + 04 MM (0-50)

0,08 - 0,53

Samenstelling en uitloging + asbest

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

19/23

6. Interpretatie 6.1 Actuele milieuhygiënische bodemkwaliteit A. Entreezone Ter plaatse van boring B07 is in de laag 0,0 – 0,20 m-mv zintuiglijk kolengruis en baksteen aangetroffen. Na analyse van het monster van deze laag blijkt een licht verhoogd gehalte PAK aanwezig te zijn. In de mengmonsters van de zintuiglijk schone bovengrond (MM01: klinkerverharding, MM02: berm) en in het mengmonster van de zintuiglijk schone ondergrond (MM03) zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Op basis van de toetsing aan de toetsingswaarden van het Besluit Bodemkwaliteit wordt het licht kolengruishoudende laag ter plaatse van boring B07 geclassificeerd als ‘Industrie’. De overige mengmonsters worden geclassificeerd als ‘Altijd Toepasbaar’. In het grondwater ter plaatse van de entreezone is geen verhoogde concentraties aangetoond. B. Parkeerplaats Ter plaatse van de oostelijk gelegen bermen (boring B13 en B14) is in de bovengrond zintuiglijk baksteen en beton aangetroffen. In het mengmonster (MM06) van de schone bodemlaag onder de fundering van het oostelijk deel van de parkeerplaats is een licht verhoogd kobaltgehalte aangetoond. In de overige mengmonsters zijn geen verhoogde gehalten aangetoond.

Op basis van de toetsing aan de toetsingswaarden van het Besluit Bodemkwaliteit wordt mengmonster MM06 (onder fundatie aanwezige zintuiglijk schone ondergrond van het oostelijk deel van de parkeerplaats) geclassificeerd als ‘Industrie’. De overige mengmonsters worden geclassificeerd als ‘Altijd Toepasbaar’. In het grondwater is een licht verhoogde concentratie barium, nikkel en zink aangetoond. Fundatiemateriaal In de straatlaag onder de klinkerverharding is zintuiglijk baksteen en beton aangetroffen dat derhalve kan worden gerelateerd aan het fundatiemateriaal (repac met baksteen, beton, aardewerk, plastic en/of glas). Uit het analyseresultaat van de mengmonsters van het fundatiemateriaal blijkt dat er geen asbestgehalte boven de detectiegrens is aangetoond. Na toetsing wordt geconcludeerd dat het fundatiemateriaal toepasbaar is als niet-vormgegeven bouwstof.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

20/23

6.2 Noodzaak tot vervolgonderzoek De onderzoeksresultaten geven vanuit de Wet bodembescherming geen aanleiding tot het uitvoeren van vervolgonderzoek, omdat de gemeten gehalten beneden de betreffende interventiewaarde liggen.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

21/23

7. Conclusie en advies 7.1 Conclusie Door middel van het uitgevoerde bodemonderzoek is inzicht verkregen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocaties. Gezien de resultaten van het onderzoek wordt geconcludeerd dat de voor de onderzoekslocaties opgestelde hypothese ‘verdachte locatie’, juist is. Gezien de maximaal licht verhoogde gehalten en de toekomstige bestemming van de locatie is er geen aanleiding tot het verrichten van vervolgonderzoek. Ter plaatse van boring B07 is de kolen- en baksteenhoudende laag geclassificeerd als ‘Industrie’. De overig onderzochte bodem van de entreezone is ‘Altijd Toepasbaar’. Op het oostelijk deel van de parkeerplaats is de zintuiglijk schone ondergrond (laag 0,40 – 0,90 m-mv) geclassificeerd als ‘Industrie’. De overige onderzochte bodem van de parkeerplaats is ‘Altijd Toepasbaar’. Funderingsonderzoek De fundatielaag is op basis van het indicatieve onderzoek toepasbaar als niet vormgegeven bouwstof. In het fundatiemateriaal is geen asbestgehalte hoger dan de detectiegrens aangetoond. Doorlatendheid IT-riool De gemeten K-waarde op de verwachte aanlegdiepte van het IT-riool (1,2 m-mv) betreft 0,74 waardoor de aanleg van een IT-riool niet aan te bevelen is. Hiervoor is een minimale K-waarde van 2 nodig.

7.2 Advies De milieuhygiënische kwaliteit van de onderzoekslocatie is voldoende in beeld gebracht en geeft voldoende informatie voor het ontwerpbestemmingsplan. Indien grond van de locatie vrijkomt en wordt toegepast gelden de regels van het Besluit bodemkwaliteit. Hierdoor is mogelijk een generiek of gebiedsspecifiek beleidskader van kracht voor het toepassen van grond. Wij kunnen u hierbij ook nader adviseren. Bij uitvoering van grondwerkzaamheden dient rekening te worden gehouden met veiligheidsmaatregelen conform CROW-publicatie 400 ‘Werken in of met verontreinigde grond’.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

22/23

Bodemonderzoek wordt in beginsel steekproefsgewijs uitgevoerd. Ondanks het feit dat Sweco Nederland B.V. bij de uitvoering van deze werkzaamheden aansluit bij landelijke kwaliteitsrichtlijnen en regelgeving, maakt het steekproefsgewijze karakter van het onderzoek het niet mogelijk om garanties af te geven ten aanzien van een eventueel beschreven verontreinigingssituatie. Sweco Nederland B.V. accepteert dan ook geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever of derden naar aanleiding van het door Sweco Nederland B.V. uitgevoerde bodemonderzoek nemen.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie NL23-648800269-61200

23/23

Bijlage 1 Ligging onderzoekslocatie

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

Terreinen voetbalvereniging SDV Barneveld Opdrachtgever: Gemeente Barneveld Projectnummer: 51017203 Status: Definitief Datum: 30-6-2023 Schaal: 1:25.000 Formaat: A4 Getekend: AS - Gecontroleerd: KK 0

260

520

780

1.040

© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden

1.300

1.560

meter

´

P:\5310\51017302_VO+VBO_Barnseweg_Barneveld\2. Do work\GIS\SDV Barneveld_RL.mxd 30-6-2023 11:27:03

Regionale ligging

Bijlage 2 Situatie onderzoekslocatie, incl. boorplan

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

B01

<

B02

< B03

< <

<

B05

<

B07

B08

B06

B04

?

B10

? KBK01

!

R

<

B09

. !

B11

?

? KBK02

KBK05

KBK07

? < ?

KBK06

?

KBK08

?

KBK09

?

KBK03 ?

KBK04

KBK10

<

Legenda

B12

?

Kernboring + boring tot 1,0 m-mv

! < ?

? <

Kernboring + boring tot 2,0 m-mv

<

<

Boring tot 0,5 m-mv

R

Boring tot 1,0 m-mv

!

Boring tot 2,0 m-mv

. !

Peilbuis

B13

<

IFP1-1

KBK11/IFP1-2

B14

?

KBK12

A B

Situatie met boringen SDV Barneveld Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Opdrachtgever: Gemeente Barneveld Projectnummer: 51017302 Status: Concept Datum: 3-10-2023 Schaal: 1:750 Formaat: A3 Getekend: AS - Gecontroleerd: KK 0

7,5

15

22,5

30

© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden

37,5

45 meter

´

Esri Nederland, Community Map Contributors

P:\5310\51017302_VO+VBO_Barnseweg_Barneveld\2. Do work\GIS\SDV Barneveld_SB.mxd 3-10-2023 10:53:56

. !

Bijlage 3a Resultaten vooronderzoek In deze bijlage worden de resultaten van het vooronderzoek besproken. Dit resulteert in een hypothese over de mate van verdachtheid ten aanzien van bodemverontreiniging op de locatie. Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725: 2017, aanleiding: A: ‘opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek’. Aangezien op het zuidelijk deel van de onderzoekslocatie een weg, wegbermen en parkeerplaatsen aanwezig zijn, is het vooronderzoek uitgevoerd volgens de strategie ‘Standaard’. De resultaten van het vooronderzoek zijn in de onderstaande paragrafen weergegeven.

Locatiegegevens De regionale ligging van de onderzoekslocatie is aangegeven in bijlage 1. Een overzicht van de locatie is weergegeven in bijlage 5 en figuur 2-1. In tabel 2-1 zijn de locatiegegevens samengevat. De in de tabel aangeven diepte betreft de maximale onderzoeksdiepte. Tabel 2-1:

Overzicht locatiegegevens

Adres locatie

Barnseweg 9, 3773 BA Barneveld

Kadastrale gegevens locatie

Gemeente Barneveld (BNV00): sectie C; perceelnr. 6667 (ged.), 6177 (ged.), 7030 (ged.)

Eigenaar locatie

Gemeente Barneveld, voetbalvereniging SDV Barneveld

Coördinaten

X: 169.751, Y:461.558

Afbakening locatie (lengte, breedte, diepte in m) Oppervlakte locatie (in m²)

275 x 235 x 2 (l x b x h)

waarvan bebouwd (in m²)

Circa 2,7 ha -

Huidig gebruik

Voetbalvelden, parkeerplaatsen en openbare weg

Verhardingen:

Asfalt (openbare weg), klinkers (parkeerplaatsen)

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

Figuur 2-2:

Situering onderzoekslocatie (blauwe lijn)

Rondom de onderzoekslocatie is een bufferstrook van 25 meter aangehouden waarbinnen gekeken is naar mogelijke beïnvloeding van de bodemkwaliteit op de onderzoekslocatie vanuit de omgeving. Bij het verzamelen van de historische gegevens zijn verschillende bronnen geraadpleegd. In tabel 2-2 is vermeld welke bronnen hiervoor gebruikt zijn. In de hierna volgende paragrafen zijn de resultaten van het vooronderzoek toegelicht. Deze informatiebronnen zijn volgens ons voldoende betrouwbaar en volledig om, in relatie tot de aard van de onderzoekslocatie, een uitspraak te kunnen doen over de verdenking van bodemverontreiniging. Tabel 2-2:

Overzicht geraadpleegde bronnen tijdens vooronderzoek

Bron www.bodemloket.nl www.ahn.nl www.dinoloket.nl www.topotijdreis.nl www.klimaateffectaltes.nl Omgevingsdienst OddV Bodemarchief Bodemkwaliteitskaart Provincie Kaarten en Cijfers www.gelderland.nl/Kaartenencijfers Omgevingsrapportage https://gelderland.omgevingsrapportage.nl Bodemarchief

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

Korte toelichting Inzage in digitaal beschikbare bodeminformatie Raadplegen maaiveldhoogten Raadplegen bodemopbouw en geohydrologie Raadplegen historische bodembedreigende activiteiten Raadplegen situatie m.b.t. kwel en inzijging Opvragen beschikbare bodeminformatie Raadplegen Nota bodembeheer, bodemkwaliteitskaart Inzage m.b.t. Bodemverontreinigingen, asbestdakenkaart, grondwateronttrekkingen Inzage in digitaal beschikbare bodeminformatie Opvragen beschikbare bodeminformatie

Terreinsituatie Historisch gebruik Bij bestudering van het historische kaartmateriaal (zie bijlage 3b) is ter plaatse van de onderzoekslocatie omstreeks 1950 bos en bouwland te zien en was de Barnseweg reeds aanwezig. Voor die tijd was de locatie wisselend in gebruik als landbouwgrond en bos. Rond 1960 is het bos verdwenen. Vanaf 1973 zijn een aantal sportvelden te herkennen en is ten westen van de onderzoekslocatie de bebouwing van het scholencomplex, waar nu Aeres Training Centre Barneveld is gevestigd, en het gebouw van de voetbalkantine te zien. Daarnaast zijn in die periode op het westelijk deel van de onderzoekslocatie een weg en op het oostelijk deel een pad aangelegd. Deze zijn tegenwoordig nog aanwezig. De parkeerplaats binnen het hekwerk van de voetbalvereniging is omstreeks 2012 voor het eerst op een historische kaart zichtbaar.

Huidig gebruik De onderzoekslocatie betreft een deel van het terrein binnen het hekwerk van de voetbalvereniging SDV Barneveld. Hier zijn twee natuursportvelden en een parkeerplaats aanwezig. Het andere deel betreft terrein ten zuiden van de voetbalvereniging. Hier zijn parkeerplaatsen, openbare weg, een fietsoversteekplaats, een fietsparkeerplaats en een trottoir aanwezig.

Toekomstig gebruik Op de onderzoekslocatie zullen de volgende aanpassingen worden uitgevoerd. De nummering van de deelgebieden is aangegeven in figuur 2-1. Deelgebied 2 Vervanging van het natuurgrasveld door een nieuw kunstgrasveld. Deelgebied 3a Vervanging van de noordelijke helft van het natuurgrasveld door een nieuw half kunstgrasveld. Deelgebied 3b Aanleg van een nieuwe parkeerplaats ter plaatse van de zuidelijke helft het natuurgrasveld en aanpassing van de entreezone (inclusief aanpassingen aan het busparkeren en fietsparkeren). Voor het ontwerp van de nieuwe parkeerplaats en aanpassing van de entreezone wordt verwezen naar de het schetsontwerp1 (zie bijlage 3c). Met name op de het nieuw aan te leggen parkeerterrein binnen het hekwerk van voetbalclub SDV zal grondverzet plaatsvinden. De maximale ontgravingsdiepte is circa 1,5 m-mv (ligging drainagebuis).

Resultaten terreininspectie Het locatiebezoek zal voorafgaand aan de veldwerkzaamheden worden uitgevoerd. Een locatiebezoek betreft een inspectie van de locatie gericht op het huidige gebruik, kenmerken die kunnen duiden op bodemverontreiniging en het vaststellen van de mogelijke aanwezigheid van asbest. Op basis van de resultaten van de terreininspectie kan de onderzoeksstrategie worden aangepast. 1 Schetsontwerp Haaksparkeren Barnseweg SDVB variant 1, gemeente Barneveld.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

Vooralsnog is voorlopige inspectie van het zuidelijke terreindeel uitgevoerd op basis van Google Street view (foto’s april 2023) en Cyclomedia. Hierbij zijn geen bijzonderheden waargenomen die kunnen duiden op de aanwezigheid van bodemverontreiniging.

Bodemopbouw en geohydrologie De regionale bodemopbouw is weergegeven in onderstaande tabel 2-4. De gegevens uit deze tabel zijn ontleend aan het Dinoloket. De maaiveldhoogte ter plaatse van de locatie komt globaal overeen met NAP +11 m. (bron: AHN). Het grondwater in het eerste watervoerend pakket stroomt in westelijke richting. Tabel 2-3:

Regionale bodemopbouw (REGIS II v2.2)

Globale diepte (m -mv) 0 – 20

Samenstelling Zand

Geohydrologische eenheid Eerste watervoerend pakket

Formatie Boxtel

20 – 26

Klei

Eerste scheidende laag

Eem

26 - 40

Zand

Tweede watervoerend pakket

Drente

Op basis van de Klimaateffectatlas kan wordt geconcludeerd dat op het noordelijk deel van de locatie vermoedelijk sprake is van een infiltratiesituatie en op het zuidelijk deel vermoedelijk van een kwelsituatie (zie figuur 2-2). De freatische, ondiepe grondwaterstand op de locatie bedraagt circa 1,5 m-mv. De stromingsrichting van het freatische grondwater is niet exact aan te geven en kan plaatselijk afwijken door de aanwezigheid van (gedempte) sloten, rioleringen en dergelijke in de directe omgeving. De onderzoekslocatie is niet gelegen in een waterwingebied of boringsvrije zone (bron: provincie Gelderland).

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

Figuur 2-3: Situatie m.b.t. kwel en inzijging (bron: Klimaateffectatlas)

Asbestgegevens De grootschalige toepassing van asbesthoudende producten bij de bouw van objecten uit een bepaalde periode kan indirect een bodemverontreiniging met asbesthoudend materiaal hebben veroorzaakt door bewerkingen van asbesthoudende materialen op de bouwplaats en/of de sloop van gebouwen. Op basis van de asbestdakenkaart (bron: provincie Gelderland, zie figuur 2-3) kan worden geconcludeerd dat nabij (<25 m) de onderzoekslocatie: · ·

Het dak van de hoofdtribune, gelegen buiten de onderzoekslocatie, is gesaneerd of hiervoor is een sloopmelding verleend; het dak van een schuur ten noorden van de hoofdtribune, gelegen buiten de onderzoekslocatie, is verdacht op de aanwezigheid van asbest is.

Onder de wegen en parkeerplaatsen is mogelijk een fundering aanwezig. Het fundatiemateriaal kan asbesthoudend zijn.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

Figuur 3-3:

Asbestdakenkaart (bron: Provincie Gelderland)

Resultaten voorgaande bodemonderzoeken Uit de geraadpleegde bodeminformatie afkomstig uit de archieven van Omgevingsdienst de Vallei (OddV) en de provincie Gelderland blijkt dat nabij (<25 m) de onderzoekslocatie de volgende bodemonderzoeken zijn uitgevoerd. · ·

Verkennend bodemonderzoek aan de Barnseweg 9 te Barneveld, Vink Milieutechnisch Adviesburo b.v., d.d. 27 juli 1995, kenmerk: M95-112 Verkennend bodemonderzoek Barnseweg 15, Grondvitaal B.V., d.d. 13 november 2019, kenmerk 1926129

Onderstaand zijn de resultaten van de voorgaande onderzoeken beknopt samengevat.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

Verkennend bodemonderzoek aan de Barnseweg 9 (1995) Ten behoeve van de aanvraag van een bouwvergunning voor de uitbreiding van het clubgebouw is op het perceel van Barnseweg 9 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Tijdens de veldwerkzaamheden is zintuiglijk bij boring B2 op een diepte van 0,25 - 0,50 m-mv een lichte verbrandingsgeur waargenomen. Verder zijn zintuiglijk geen sporen waargenomen die kunnen duiden op een verontreiniging. In het mengmonster van de bovengrond zijn gehalten PAK en minerale olie aangetroffen die de streefwaarde overschrijden. Het verhoogd aantreffen van de parameter EOX kan duiden op de aanwezigheid van bestrijdingsmiddelen. In het mengmonster van de ondergrond is een licht verhoogd gehalte minerale olie aangetoond. In het grondwatermonster ter plaatse van peilbuis 100 zijn licht verhoogde concentraties chroom, koper, zink, tolueen en xylenen aangetoond. De concentratie EOX is dermate verhoogd dat dit wijst op de aanwezigheid van bestrijdingsmiddelen in het grondwater. Verkennend bodemonderzoek Barnseweg 15 (2019) Naar aanleiding van de aanvraag van een omgevingsvergunning is op het perceel van Barnseweg 15 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Tijdens het uitvoeren van de monstername zijn geen bodemvreemde materialen of afwijkingen m.b.t. geur en kleur waargenomen.

De conclusie is dat de onderzoekshypothese ”verdachte locatie” wordt op grond van de analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters wordt verworpen. Er is zowel in de grond als het grondwater geen verontreiniging aangetroffen.

PFAS De locatie zelf is voor zover bekend nooit onderzocht op PFAS. Naast de bodemkwaliteitskaart voor PFAS van de Omgevingsdienst regio Utrecht is daarom ook de door Sweco zelf ontwikkelde PFAS-viewer geraadpleegd. Deze combineert alle openbaar beschikbare gegevens over PFAS-bronnen en bronlocaties in een landelijke risicokaart. Uit de PFAS-viewer blijkt dat er geen mogelijke bronnen van PFAS aanwezig zijn in de directe omgeving. Er worden daarom hooguit verhoogde gehalten verwacht in de bovengrond als gevolg van atmosferische depositie. Verwacht wordt dat de PFAS-gehalten daarom voldoen aan de achtergrondwaarden zoals vastgesteld in het Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie van december 2021.

Gebiedsspecifiek bodembeleid De Omgevingsdienst regio De Vallei (OddV) beschikt over een Nota bodembeheer met een bijbehorende bodemkwaliteitskaart2 In deze nota gelden er voor het grondverzet binnen de regio aanvullende regels voor minerale olie. Tevens zijn er aanvullende eisen gesteld aan het maximale toegestane percentage bodemvreemd materiaal. De bodemfunctieklasse ter plaatse van de onderzoekslocatie is ‘Wonen’. De ontgravingsklasse en toepassingsklasse voor zowel de boven- als ondergrond is ‘Landbouw/natuur’. De gemeentelijke weg is uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart. PFAS Regio De Vallei beschikt over een Bodemkwaliteitskaart voor PFAS. In alle zones voldoet het achtergrondgehalte van zowel de bovengrond aan de voorlopige

2 Nota bodembeheer regio De Vallei, Omgevingsdienst regio De Vallei, februari 2023.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

achtergrondwaarden uit het HK3 voor het toepassen op landbodem buiten grondwaterbeschermingsgebieden.

Conclusies vooronderzoek Op basis van de resultaten van het vooronderzoek wordt geconcludeerd dat: · De Omgevingsdienst regio De Vallei (OddV) beschikt over een Nota bodembeheer en bijbehorende bodemkwaliteitskaart (incl. PFAS) waarin voor PCB’s Lokale Maximale Waarden en voor minerale olie aanvullende regels zijn vastgesteld. · De bodemfunctieklasse ter plaatse van de onderzoekslocatie is ‘Wonen’. De ontgravingsklasse en toepassingsklasse voor zowel de boven- als ondergrond is ‘Landbouw/natuur’. De gemeentelijke weg is uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart. · Onder de wegen en parkeerplaatsen is mogelijk een wegfundering aanwezig. Het fundatiemateriaal kan asbesthoudend zijn. · Buiten het fundatiemateriaal is de locatie niet verdacht op het voorkomen van asbest inde bodem. · Op de onderzoekslocatie zijn de volgende verdachte locaties aanwezig. · Wegen · Wegbermen · Parkeerplaatsen Op basis hiervan wordt de onderzoekslocatie wordt de onderzoekslocatie ingedeeld in de in tabel 2-6 vermelde deellocaties. De deellocaties zijn tevens in bijlage 5 weergegeven. Tabel 7-6:

Bevindingen vooronderzoek

Deellocatie 2. Natuurgrasveld noord

Omschrijving en reden tot wel of niet verdenking van bodemverontreiniging Onverdacht: verwachte bodemkwaliteit is Landbouw/natuur

3a. Noordelijke helft natuurgrasveld zuid

Onverdacht: verwachte bodemkwaliteit is Landbouw/natuur

3b. Zuidelijke helft natuurgrasveld zuid, parkeerplaatsen, weg en wegberm

Verdacht: ter plaatse van de parkeerplaatsen en weg kan een met asbest en chemische parameters verontreinigd fundatiemateriaal aanwezig zijn. De wegberm is verdacht op de aanwezigheid van chemische parameters door emissies van wegverkeer. Tevens kan op deze locaties grondverzet met verontreinigde grond hebben plaatsgevonden

Onderzoekshypothese en -strategie Conform de aanpak van de NEN 5740 dient, op basis van de resultaten van het vooronderzoek een onderzoekshypothese te worden vastgesteld. Hierbij wordt de onderzoekslocatie, zo nodig, onderverdeeld in deellocaties. Per deellocatie moet een onderzoekshypothese worden opgesteld, op basis waarvan de onderzoeksstrategie wordt bepaald. De hypothese geeft het volgende aan: · of de bodem naar verwachting wel of niet verontreinigd is; · de aard van de verontreinigende stoffen; · de plaats van voorkomen van de verontreinigende stoffen; · of de stoffen worden verwacht in grond en/of grondwater. Op basis van de resultaten van het vooronderzoek is in tabel 2-7 de gehanteerde hypothese en onderzoeksstrategie conform NEN5740 gedefinieerd. Bij aantreffen 3 ’Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie’ (Ministerie I&W,

december 2021)

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

asbestverdacht materiaal en/of ongedefinieerd puin in de bodem, dient aanvullend onderzoek naar asbest in de grond plaats te vinden conform de NEN 5707. Tabel 2-7:

Hypothese en onderzoeksstrategie

Deellocatie

Oppervlakte

Bodemlaag

Hypothese

Strategie

Motivatie

2. Natuurgrasveld

(m2) 8.800

(m -mv) n.v.t.

Onverdacht

n.v.t.

Geen bodemonderzoek nodig op basis van het vooronderzoek

3a. Noordelijke helft natuurgrasveld zuid

5.000

n.v.t.

Onverdacht

n.v.t.

Geen bodemonderzoek nodig op basis van het vooronderzoek

3b. Zuidelijke helft natuurgrasveld zuid, parkeerplaatsen, weg en wegberm

12.600

1,0

Verdacht niet-lijnvormig

NEN5740: VED-HE

Wij adviseren om de aanwezige fundatielagen te onderzoeken conform de NEN 5897 ‘Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat’ (versie december 2017). Hierbij kan dan tevens de samenstelling en uitloging van de aanwezige fundatielagen worden bepaald met het oog op mogelijk hergebruik van het materiaal binnen de voorgenomen werkzaamheden.

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 51017203 Datum 10-10-2023 Document referentie NL23-648800269-61200

Bijlage 3b Historisch kaartmateriaal

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 5107203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie https://swecogroup.sharepoint.com/sites/nl-post_archive/secretariaat/51017203_verkennend bodem- en fundatieonderzoek sdv barneveld(def).docx

Figuur B2-1: 1950

Figuur B2-2: 1960

Figuur B2-3: 1973

Figuur B2-4: 1995

Figuur B2-5: 2012

Bijlage 3c Schetsontwerp

Sweco | Verkennend bodem- en fundatieonderzoek Projectnummer 5107203 Datum 10-10-2023

Versie

Document referentie https://swecogroup.sharepoint.com/sites/nl-post_archive/secretariaat/51017203_verkennend bodem- en fundatieonderzoek sdv barneveld(def).docx

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P P P P P

SPT

P

P P

P

P

P P

P

9

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

4.00 4.00

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

C 8118

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

r

P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

SPT

32B-3

P P

P

P

P

P

SPT

P

P

50.00

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

2J

P P

P

P

P P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P P

P

P

P P

P

P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P

P P

P

4.00 4.00 +11.25

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P P

64.00 +11.39

P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P

A

P

A

+11.40

+11.40

+11.25

+11.25

+11.40

P P P P P P

+11.44

+11.11 +11.19

P P P

P

P P P P P

P

P P P P

+11.44

P P

+11.23 +11.25 +11.32 +11.25

+11.25 +11.32 +11.25

P

P P

+11.20 36m²

44 Parkeervakken

P

P

P

P

P

P

P

P

P

+10.05

Drain ∅160

10.05

36m² +11.20

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

+11.30

P

P

P

P

P

P

P

+11.44

P P P

P P P

P

+11.30

P

P

+11.20 36m²

44 Parkeervakken

+11.25

P

32

+10.05

Drain ∅160

10.05 36m² +11.20

+11.30

P

P

P

P

P

C 4746

r

+11.30

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

1:16 +11.40

P

P

P

P

P

P

P P

2.31

+11.11 +11.19

P

P

P

P P

P

P

P

P

+11.04

P

P

P P P

P

4.00

P

P

P

P

P P

P

P

P P

P

P

P

P

+11.16

P

P

P

P P

P P

P

P P

+11.20 36m²

44 Parkeervakken

2.50

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

r

P

P P P P

5.50

P P P P P

P

P

P

P

P

44 Parkeervakken

P

+11.44 +10.93

+11.20 36m²

P P P P

P

P

P

P

P

P

P

P

r

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

Bus 3 Assenrvakke 18 Parkee n vervallen

P

P

P

P

P

+11.35

+11.35 +11.27

Bus 3 Assen P P

P

26 Parkeervakken

+11.35 +11.26

Bus 3 Assen

P

P P P P P

r

P

5.13

P

P

P

P

P

Herstraten t.b.v. aansluiting drain

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P P P

P P P

P P P

P

+10.90

P

26.49

P

3.50

2.10

P

P P P

rvakken

P P P P P P

P P P P

Barnseweg

P P P

P P

Barnseweg

P

30 Parkee

P P

P

r

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

+10.05

Drain ∅160

+10.94

P

P

+11.40

+11.40

10.05

B

P

+9.95

+10.88

35 Parkeervakken

r

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

Drain ∅250

+9.95

+10.93

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P P

P

r

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

20.38

2.10 P

+11.40

+11.25 +11.18

+11.07 SPT

4.45 3.80

P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

R=

+11.11 +11.15

P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

+10.05

Drain ∅160

6.00

5.0

P P P P

Ruimtebeslag ontwikkeling derde

5.00 3.80 5.00

Ruimtebeslag ontwikkeling derde

P

P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P

P

+11.30

+11.08 +11.25

0.30 5.00

+11.30

36m² +11.20

10.05

P

P

P

SPT

0

+11.44

P P

P

P

C 7030

5.00

P

5.50

P

+11.19

P

+11.25 +11.32 +11.25

B

+11.44

+11.25 +11.32 +11.25

P

3

+11.11 +11.19

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

Aandachtspunt, te verplaatsen hek en poort

P

+11.24

P

P

P

P

P

2.75

+11.30

+10.05

Drain ∅160

10.05

36m² +11.20

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

+11.30

P

P

P

P

1.20

P

P

P

P P

4.00

C 5021

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

+11.11 +11.19

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

+11.44

P

P

+11.25 +11.32 +11.25

+11.25 +11.32 +11.25

P

P

+11.44 +11.04

P

P P

r

r

P P P P P

P

r

P P

P

r

r

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

P P

P

P

P

P

r

P

P

Bus 3 Assen

r P

P P P

P P P P

r

P P

P P

P

P P

P P

P P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P P P

P

P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

14

P P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

r

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

r

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

P

+9,95

P

Barnseweg

P

P

P

P

P

P

P

Barnsew C 6177 eg

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=3d8eef44-5608-4ec8-9474-eeefeb92f632