CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Barnseweg XI_Toelichting_Bijlage 2 Verkennend en nader bodemonderzoek

Gemeenteraad 17 april 2024, gemeente BarneveldBij agendapunt: Bestemmingsplan Barnseweg XI (SDVB), Barneveld29.994 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

8 0,63 * 0,63 *

17 0,35 * 0,35 *

19 0,46 * 0,46 *

20 0,77 * 0,77 *

21 0,68 * 0,68 *

22 0,60 * 0,60 *

PFOS perfluornonaanzuur perfluordecaanzuur perfluorundecaanzuur perfluordodecaanzuur perfluortridecaanzuur perfluortetradecaanzuur perfluorhexadecaanzuur perfluoroctadecaanzuur perfluorbutaansulfonzuur perfluorpentaansulfonzuur perfluorhexaansulfonzuur perfluorheptaansulfonzuur perfluoroctaansulfonzuur (lineair) perfluoroctaansulfonzuur (vertakt) perfluoroctaansulfonzuur (som) PFOS

0,13 * 0,11 * 0,25 *

0,16 * 0,16 *

0,22 * 0,10 * 0,32 *

0,20 * 0,11 * 0,31 *

0,17 * 0,17 *

0,17 * 0,17 *

Overige perfluorverbindingen perfluordecaansulfonzuur 4:2 fluortelomeer sulfonzuur 6:2 fluortelomeer sulfonzuur 8:2 fluortelomeer sulfonzuur 10:2 fluortelomeer sulfonzuur n-methyl perfluoroctaansulfonamide acetaat n-ethyl perfluoroctaansulfonamide acetaat perfluoroctaansulfonamide n-methyl perfluoroctaansulfonamide 8:2 fluortelomeer fosfaat diester 8 G28: 0-50, 41: 0-50, G30: 0-50, G31: 0-50, G33: 0-50, G34: 0-50, G35: 0-50, G37: 0-50, G38: 0-50, G26: 0-50 17 101: 0-50, 102: 0-50, 103: 0-50, 104: 0-50, 105: 0-50, 107: 0-50, 108: 0-50, 110: 0-50, 111: 0-50, 117: 0-50 19 118: 0-50, 119: 0-50, 121: 0-50, 122: 0-50, 124: 0-50, 125: 0-50, 126: 0-50, 128: 0-50, 130: 0-50, 131: 0-50 20 106: 0-50, 112: 0-50, 132: 0-50, 133: 0-50, 134: 0-50, 135: 0-50, 136: 0-50, 137: 0-50 21 138: 0-50, 139: 0-50, 140: 0-50, 142: 0-50, 143: 0-50, 144: 0-50, 145: 0-50 22 146: 0-50, 147: 0-50, 149: 0-50, 150: 0-50, 151: 0-50, 152: 0-50, 153: 0-50, 154: 0-50, 155: 0-50 1 : Deze nummers corresponderen met de monstercodes in bijlage B. - : geen overschrijding van de detectielimiet * : bodemkwaliteitsklasse achtergrondwaarde ** : bodemkwaliteitsklasse wonen of industrie

In de grond zijn PFOA-gehalten tussen de 0,35 en 0,77 µg/kgds gemeten en PFOS-gehalten tussen 0,16 en 0,32. De bodem voldoet op basis van de PFAS aan de bodemkwaliteitsklasse achtergrondwaarde.

27

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

28

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

5.

NADER ONDERZOEK ASBEST - OPZET EN UITVOERING

In het navolgende worden de opzet en de uitvoering van het nader onderzoek behandeld. Daarbij wordt ingegaan op de onderzoeksstrategie, het veldwerkprogramma en het laboratoriumonderzoek. Bij het opstellen van de onderzoeksstrategie is het protocol nader onderzoek uit de NEN 5707 gehanteerd. Het onderzoek is uitgevoerd conform de: 

NEN 5707 [Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem, augustus 2015], het wijzigingsblad NEN 5707/C1 van augustus 2016 en het wijzigingsblad NEN 5898/C1 van augustus 2016.

NEN 5897 [Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat, augustus 2015] en het wijzigingsblad NEN 5898/C1 van augustus 2016.

5.1. Onderzoeksstrategie Op basis van het verkennend bodemonderzoek asbest is ter plaatse en rondom het kippenhok (G51 t/m G53), de open schuur (G61 t/m G65) en het toegangsweg (G1 t/m G4) een nader onderzoek asbest met behulp van sleuven uitgevoerd. Doel van het nader onderzoek is: 

bepalen of er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging (meer of minder dan 100 mg/kgds (gewogen) asbest);

het bepalen / vastleggen van de omvang van de verontreiniging.

De resultaten van het verkennend en aanvullend bodemonderzoek dienen als basis voor de positionering van de inspectiesleuven. Het onderzoek richt zich op de aanwezigheid van asbest in grond en puin. Op enkele plaatsen is de concentratie aan asbest in de fijne fractie binnen de verontreinigingscontour niet nogmaals bepaald, aangezien deze tijdens het verkennend onderzoek asbest reeds voldoende is bepaald. Vanzelfsprekend geldt dit niet voor de sleuven waarmee verontreinigingen zijn afgeperkt. 5.2. Veldwerkprogramma De boringen en de bemonstering van de bodem zijn uitgevoerd onder certificaat en in overeenstemming met protocol 2018 (versie 6.0). Het veldwerk is uitgevoerd door D. Karsten van Vink Milieutechnisch Adviesbureau b.v. in februari 2020. De weersgesteldheid tijdens de werkzaamheden was gunstig. Er was geen sprake van neerslag en de lucht was voldoende helder. Bij alle sleuven is de vrijgekomen grond zintuiglijk beoordeeld op bodemkundige eigenschappen, verdachte geuren en kleuren en eventuele bodemvreemde bestanddelen zoals puin, afval of asbestverdachte materialen. De vrijgekomen materialen uit de inspectiesleuven zijn voorbehandeld op locatie. De grove fractie is (indien aanwezig) afgescheiden door uitharken en visueel onderzocht op asbestverdachte materialen. De sleuven zijn na afloop van het onderzoek gedicht door de uitgegraven grond terug te storten.

De waarnemingen zijn in het veld in profielbeschrijvingen vastgelegd. Alle

29

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

monsters zijn individueel verpakt in geschikte monsterverpakkingen en zijn volgens de geldende richtlijnen geconserveerd. Kippenhok Er zijn 4 inspectiesleuven gegraven met een lengte, breedte en diepte van 2,0 x 0,3 x 0,5 meter gegraven. Uitzondering hierop vormt sleuf S17, deze sleuf is in de moestuin gegraven tot een diepte van 0,2 meter minus maaiveld. Open schuur Er zijn 9 inspectiesleuven gegraven met een lengte, breedte en diepte van 2,0 x 0,3 x 0,5 meter gegraven. Uitzondering hierop vormt sleuf S03, deze sleuf is tot 0,8 meter minus maaiveld gegraven. Toegangsweg In de toegangsweg zijn 5 inspectiesleuven gegraven met een lengte, breedte van 2,0 x 0,3 tot minimale diepte 0,5 meter. Sleuf 11 is tot 0,7 m-mv gegraven, sleuf 12 tot 0,6 m-mv en sleuf 13 is tot 1 meter minus maaiveld. 5.3. Laboratoriumonderzoek De monsters zijn voor analyse aangeboden aan het door het RvA geaccrediteerde milieulaboratorium ACMAA te Deurningen. In tabel 19 is een overzicht gegeven van de samengestelde (meng)monsters en uitgevoerde analyses. Tabel 19: (Meng)monsters en uitgevoerde analyses nader onderzoek

Nr.1

Omschrijving (meng)monster

Matrix

Boorpunt, diepte (cmmv)

Analyse(s)

V200201483 V200201480 V200201481 V200201482 V200201484

Kippenhok: grove fractie Open schuur: grove fractie Open schuur: grove fractie Open schuur: grove fractie Toegangsweg: grove fractie

materiaal materiaal materiaal materiaal materiaal

S10: 0-50 S03: 0-60 S04: 0-20 S06: 0-20 S13: 0-35

Asbest Asbest Asbest Asbest Asbest

V200201487 Kippenhok: mengmonster toplaag grond S08: 0-20, S17: 0-20 Asbest2 V200201485 Open schuur: Monster toplaag grond S01: 0-10 Asbest V200201486 Open schuur: mengmonster bovengrond grond S02: 0-50, S05: 0-50 Asbest V200202315 Open schuur: monster toplaag grond S04: 0-20 Asbest V200201490 Open schuur: monster bovengrond grond S16: 0-50 Asbest V200201491 Open schuur: monster bovengrond grond S18: 0-50 Asbest V200302334 Toegangsweg: fijne fractie halfverharding grond S11: 0-40, S12: 0-25 Asbest V200202316 Toegangsweg: mengmonster ondergrond grond S11: 40-70, S12: 25-60 Asbest V200302335 Toegangsweg : fijne fractie halfverharding grond S13: 0-35 Asbest V200201488 Toegangsweg: monster ondergrond grond S13: 35-85 Asbest V200302336 Toegangsweg : fijne fractie halfverharding grond S14: 0-15, S15: 0-15 Asbest V200201489 Toegangsweg: monster ondergrond grond S14: 15-50, S15: 15-50 Asbest 1 Deze nummers corresponderen met de monstercodes in bijlage B. 2 Asbest:  Chrysotiel (witte asbest), amosiet (bruine asbest), crocidoliet (blauwe asbest), anthophylliet (gele asbest), tremoliet (grijze asbest), actinoliet (groene asbest)

30

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

6.

NADER ONDERZOEK ASBEST- INTERPRETATIE EN TOETSING

De resultaten van het uitgevoerde nader onderzoek worden in dit hoofdstuk geïnterpreteerd en getoetst aan het toetsingskader van de Wet bodembescherming. Ingegaan wordt op het genoemde toetsingskader en aansluitend de zintuiglijke waarnemingen en de toetsing van de analyseresultaten. 6.1. Toetsingskader Voor het toetsingskader wordt verwezen naar paragraaf 3.1. 6.2. Zintuiglijke waarnemingen De bodemprofielen van de verrichte boringen en de zintuiglijke waarnemingen staan vermeld in bijlage D ‘profielbeschrijving’. De zintuiglijke waarnemingen zijn samengevat in tabel 20. Tabel 20: Zintuiglijke waarnemingen

Sleuf nr.

Bodemtraject (m-mv)

Zintuiglijke waarnemingen

Kippenhok S10

0,0 – 0,5

Dakbeschot asbestverdacht

Open schuur S03 S04 S06 S18

0,0 – 0,6 0,0 – 0,2 0,0 – 0,2 0,0 – 0,5

Zwak asbest Matig asbest Sporen asbest Zwak baksteen

Toegangsweg S11 S12 S12 S13 S14 S15

0,0 – 0,4 0,0 – 0,25 0,25 – 0,6 0,0 – 0,35 0,0 – 0,15 0,0 – 0,15

Zwak puin Sterk metselpuin Sporen puin Sporen asbest, sterk metselpuin Sterk metselpuin Sterk metselpuin

Zoals in bovenstaande tabel zichtbaar is, zijn in de diverse sleuven S03, S04, S06 en S10 bijmengingen met asbestverdachte materialen aangetroffen. Tevens zijn in één sleuf nabij de open schuur zwakke bijmengingen met baksteen waargenomen. In de toegangsweg zijn vanzelfsprekend ook bijmengingen met puin in de toplaag waargenomen. Het betreft een halfverharding die in meer of mindere mate met grond is vermengd. In de meeste gevallen betreft het gewichtspercentage grond meer dan 50%, zodat in het onderzoek in deze gevallen conform de NEN 5707 uitgevoerd dient te worden.

31

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

6.3. (Analyse)resultaten nader asbestonderzoek Zoals weergeven bij de zintuiglijke waarnemingen in paragraaf 6.2 en de profielbeschrijvingen in bijlage D, zijn tijdens de veldwerkzaamheden in 3 sleuven asbestverdachte materialen waargenomen. Per inspectiegat zijn van de asbestverdachte materialen verzamelmonsters samengesteld. De analyseresultaten van de verzamelmonsters (grove fractie) zijn weergegeven in tabel 21. Voor de berekeningen wordt verwezen naar bijlage B. Tabel 21: (Analyse)resultaten nader onderzoek (mg/kgds); grove fractie

Locatie Monster

Kippenhok S10: 0-50

Open schuur S03: 0-50

Open schuur S04: 0-20

Open schuur S06: 0-20

Toegangsweg S13: 0-35

Massa (g) Soort asbest1 Asbestgehalte (%)

617,85 Chrysotiel 12,5

6.650 Chrysotiel 12,5 & 25 Amosiet 3,5 Crocidoliet 1,05

7.500 Chrysotiel 12,5 & 17,5

243,22 Chrysotiel 12,5

36,14 Chrysotiel 12,5

Soort asbest1 Asbestgehalte (%) Soort asbest1 Asbestgehalte (%) Gehalte per sleuf (gewogen) Gehalte asbest (mg/kgds) Ondergrens (mg/kgds) Bovengrens (mg/kgds)

166 133 199

6.967 5.396 8.537

5.511 4.430 6.592

222 177 266

14 11 17

Uit de analyseresultaten blijkt dat de asbestverdachte materialen daadwerkelijk asbest bevatten. In alle gevallen bevat het 10 tot 15% chrysotiel asbest, maar ook 15 tot 20% en 20 tot 30%. In inspectiesleuf 03 is naast chrysotiel, ook amosiet (2 tot 5%) en crocidoliet (0,1 tot 2%) waargenomen. Op basis van de grove fractie wordt in de sleuven 03, 04, 06 en 10 de inventiewaarde overschreden. In sleuf S13 wordt de interventiewaarde niet overschreden. Deze concentratieberekeningen zijn exclusief het gehalte aan asbest in de fijne fractie. De analyseresultaten van de fijne fractie zijn opgenomen in tabel 22 en 23. Tabel 22: Analyseresultaten nader onderzoek (mg/kgds); fijne fractie

Locatie Monster

Aangeleverd (kg) Gemeten asbestconcentratie Gewogen asbestconcentratie Ondergrens (95% betr. interv.) Bovengrens (95% betr. interv.) Gemeten serpentijngehalte Gemeten amfiboolgehalte Berekende bepalingsgrens Niet hechtgebonden asbest (-) n.a. (niet aangetoond)

Kippenhok S08: 0-20, S17: 0-20 29,6 <2 12 5,3 29 0,2 12 2 12

S01: 0-10

S02: 0-50, S05: 0-50

15,8 <2 n.a. 1,3 n.a. n.a. 2 <2

26,3 2,6 2,6 2,3 3,9 2,6 n.a. 2 2,6

Open schuur S04: 0-20 S16: 0-50

13,4 130 130 100 170 130 0,4 2 <2

16,7 <2 n.a. 1,5 n.a. n.a. 2 2

S18: 0-50

16,1 <2 n.a. 1,4 6,7 2,7 n.a. 2 2,7

32

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

Tabel 23: Analyseresultaten nader onderzoek (mg/kgds); fijne fractie

Locatie Monster

S11: 0-40, S12: 0-25

S11: 40-70, S12: 25-60

31,9 <2 0,1 0,7 0,1 n.a. 2 <2

30,2 <2 n.a. 0,6 n.a. n.a. 2 <2

Aangeleverd (kg) Gemeten asbestconcentratie Gewogen asbestconcentratie Ondergrens (95% betr. interv.) Bovengrens (95% betr. interv.) Gemeten serpentijngehalte Gemeten amfiboolgehalte Berekende bepalingsgrens Niet hechtgebonden asbest (-) n.a. (niet aangetoond)

Toegangsweg S13:0-35 S13: 35-85

18 450 450 360 540 450 n.a. 2 <2

S14: 0-15, S15: 0-15

S14: 15-50, S15: 15-50

34,6 <2 6,4 3,6 9,7 6,4 n.a. 2 <2

33,1 <2 n.a. 0,6 n.a. n.a. 2 <2

18 <2 0,5 0,4 1,7 0,5 n.a. 2 <2

Uit de analyseresultaten, weergegeven in tabel 22 en 23, blijkt dat alleen in de fijne fractie van inspectiesleuf S04 (open schuur) en S13 (toegangsweg) de interventiewaarde wordt overschreden. In de overige sleuven wordt de interventiewaarde niet overschreden. Deze concentratieberekeningen zijn exclusief het gehalte aan asbest in de grove fractie. Op basis van de grove en fijne fractie gezamenlijk zijn in de volgende tabellen de concentratie per inspectiesleuf weergegeven, onderverdeeld in de locaties: kippenhok, open schuur en toegangsweg. Tabel 24: Berekende gewogen asbestgehalten (mg/kgds); per inspectiesleuf kippenhok

Monster Grove fractie Fijne fractie (na correctie grove fractie) Totaal

S08: 0-20

S10: 0-50

S17: 0-20

12 12

166 166

12 12

Uit de bovenstaande tabel blijkt dat ter plaatse van het kippenhok alleen in sleuf S10 de interventiewaarde overschreden. In de overige sleuven is asbest ruim onder de interventiewaarde aangetoond, waarmee de verontreiniging voldoende is afgeperkt. Tabel 25: Berekende gewogen asbestgehalten (mg/kgds); per inspectiesleuf open schuur

Monster Grove fractie Fijne fractie (na correctie grove fractie) Totaal

S01: 0-10

S02: 0-50

S03: 0-60

S04: 0-20

S05: 0-50

S06: 0-20

S16: 0-50

S18: 0-50

-

2,6

6.967 158

5.511 125

2,6

222 159

<2

2,6

<2

2,6

7.122

5.636

2,6

381

<2

<2

Uit de bovenstaande tabel blijkt dat rondom de open schuur, in de sleuven S03, S04 en S06, de interventiewaarde wordt overschreden. In de overige sleuven is asbest ruim onder de interventiewaarde aangetoond, waarmee de verontreiniging voldoende is afgeperkt.

33

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

Tabel 26: Berekende gewogen asbestgehalten (mg/kgds); per inspectiesleuf toegangsweg

Monster Grove fractie Fijne fractie (na correctie grove fractie) Totaal

S11: 0-40

S12: 0-25

S13: 0-35

S14: 0-15

S15: 0-15

0,1 <2

0,1 <2

14 288 302

6,4 6,4

6,4 6,4

Uit de bovenstaande tabel blijkt dat in de toegangsweg alleen ter plaatse van sleuf S13 de interventiewaarde wordt overschreden. Verder zijn in de toegangsweg geen noemenswaardige verhogingen aangetoond. De verontreiniging in sleuf S13 is middels de sleuven S12 en S14 afgeperkt. 6.4. Omvangsbepaling asbestverontreiniging De verontreiniging met asbest in grond en puin is aangetroffen op de onderstaande locaties binnen de onderzoekslocatie: Kippenhok In de inspectiegaten G32, G51 t/m G57 en inspectiesleuf S10 is de asbestconcentratie boven de interventiewaarde aangetoond. In de sleuven/gaten rondom zijn geen of maximaal lichte verhogingen aan asbest aangetoond, waarmee de verontreiniging is afgeperkt. De dikte van de verontreiniging in G32 en S10 wordt geraamd op 0,5 meter. In de overige sleuven wordt de dikte geschat op 0,2 meter. De contouren van de verontreinigingen zijn weergegeven op de tekening in de kaartenbijlage. De verontreiniging is aanwezig over een oppervlakte van maximaal 125 m². Op basis van een gemiddelde dikte van 0,35 meter, bedraagt de omvang 44 m³. Voor verontreinigingen met asbest geldt voor de bepaling van ernst en urgentie geen volumecriteria. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Open schuur In de inspectiegaten G61 t/m G66 en in de inspectiesleuven S03, S04 en S06 is de asbestconcentratie boven de interventiewaarde aangetoond.

In de sleuven/gaten rondom zijn geen of maximaal lichte verhogingen aan asbest aangetoond, waarmee de verontreiniging is afgeperkt. De contouren van de verontreinigingen zijn weergegeven op de tekening in de kaartenbijlage. De verontreiniging is aanwezig over een oppervlakte van maximaal 200 m². Op basis van een gemiddelde dikte van 0,5 meter bedraagt de omvang 100 m³. Voor verontreinigingen met asbest geldt voor de bepaling van ernst en urgentie geen volumecriteria. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.

34

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

Toegangsweg In de inspectiegaten G01 t/m G04 is in het mengmonster een asbestconcentratie boven de 100 mg/kg d.s. aangetoond. Tijdens het nader onderzoek is in één inspectiesleuf (S13) een concentratie aan asbest aangetoond die de interventiewaarde in ruime mate overschrijdt. De concentraties in de overige sleuven zijn niet noemenswaardig en benaderen of overschrijden niet de interventiewaarde van 100 mg/kgds en het criterium voor nader onderzoek van 50 mg/kgds. De contouren van de verontreinigingen zijn weergegeven op de tekening in de kaartenbijlage. De verontreiniging is aanwezig over een oppervlakte van maximaal 165 m². Op basis van het uitgevoerde onderzoek betreft de dikte van de verontreiniging circa 0,35 meter. Op basis van deze gemiddelde dikte bedraagt de omvang van de verontreiniging 60 m³. Voor verontreinigingen met asbest geldt voor de bepaling van ernst en urgentie geen volumecriteria. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.

35

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

36

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

7.

CONCLUSIE EN ADVIES

In opdracht van Gemeente Barneveld is een verkennend en later een nader bodemonderzoek (asbest) aan de Norschoterweg 1 te Barneveld uitgevoerd. Voor het onderzoek is de onderzoekslocatie in deellocaties onderverdeeld. 7.1. Conclusie deellocatie A: Erf Op basis van het vooronderzoek is aangenomen dat de hypothese luidt ‘(kleinschalig) onverdacht’. Ten aanzien van asbest luidt de hypothese ‘verdachte locatie met een diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming’. Het onderzoek ter plaatse van de drupzones (asbestdaken zonder goot en verharding) is afgeleid van het rapport ‘Bijzonder inventariserend onderzoek Erosie van asbestdaken’, waarbij de onverharde bodem tot een meter uit de gevel en de bovenste 10 cm als verdachte laag worden beschouwd. Uit het verkennend deel van het bodemonderzoek blijkt dat er een verontreiniging met asbest aanwezig is. Deze verontreiniging is nader onderzocht met inspectiesleuven. Verder blijkt dat de bovengrond plaatselijk licht verontreinigd is met PAK (10 VROM) en PCB. In het grondwater zijn lichte verhogingen aan barium en naftaleen gemeten. Verder zijn geen van de geanalyseerde parameters boven de achtergrond- of streefwaarde aangetoond. De aangetoonde lichte verhogingen zijn niet verontrustend en geven geen aanleiding tot nader onderzoek.

Op twee plaatsen is een verontreiniging met asbest in de bovengrond aangetoond, te weten: - Nabij een kippenhok over een oppervlakte van circa 125 m². De verontreiniging is aanwezig tot maximaal 0,5 m-mv (wisselend tussen 0,2 en 0,5 meter). De omvang bedraagt na -

verwachting 44 m³. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Nabij een open schuur over een oppervlakte van maximaal 200 m². Op basis van de verwachte gemiddelde dikte van 0,5 meter bedraagt de omvang 100 m³. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.

Naast de twee bovengenoemde asbestverontreinigingen worden op het erf geen noemenswaardige (bodem)verontreinigingen verwacht. Hiervoor luidt de hypothese ‘onverdachte locatie’. 7.2. Conclusie deellocatie B: Toegangsweg Op basis van het vooronderzoek luidt ten aanzien van asbest voor deze locatie de hypothese ‘verdachte locatie met een diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming’.

37

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

Tijdens het verkennend deel van het onderzoek is in een mengmonster een sterke verhoging aan asbest aangetoond. Op basis van dit gehalte is de toegangsweg nader onderzocht met inspectiesleuven. In de puinhoudende toplaag zijn bij toetsing aan de Wet Bodembescherming lichte verhogingen aan lood, zink en PAK (10 VROM) aangetoond. Functioneel is er sprake van een halfverharding, maar op veel plaatsen is meer dan 50% zand / grond in het materiaal aanwezig. In de niet puinhoudende lagen zijn verhogingen boven de achtergrondwaarde aangetoond. Tijdens het nader onderzoek asbest is een verontreiniging met asbest aangetoond in het traject tot circa 35 centimeter over een oppervlakte van maximaal 165 m². De omvang wordt geraamd op 60 m³. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Functioneel is er sprake van een halfverharding, maar op veel plaatsen is meer dan 50% zand / grond in het materiaal aanwezig. Op basis van het uitgevoerde bodemonderzoek wordt geconcludeerd dat een deel van de toegangsweg verontreinigd is met asbest. Behoudens deze verontreiniging worden op de toegangsweg geen noemenswaardige (bodem)verontreinigingen verwacht. Hiervoor luidt de hypothese ‘onverdachte locatie’. 7.3.

Conclusie deellocatie C: Overig terrein Op basis van het vooronderzoek is aangenomen dat de bodem van het overig terrein niet of slechts licht verontreinigd is en derhalve de hypothese ‘grootschalig onverdacht’ geldt. Uit het bodemonderzoek blijkt dat plaatselijk roest / oer in de bovengrond aanwezig is. In slechts 4 van de 55 boringen is zintuiglijk roest / oer waargenomen. Van deze 4 boringen zijn 2 niet boven de achtergrondwaarde verontreinigd, 1 boven de tussenwaarde verontreinigd (boring 114) en 1 boven de interventiewaarde (boring 115). De aangetoonde verhogingen met arseen in de bovengrond zijn van nature in de bodem aanwezig, zodat in de zin van de Wet Bodembescherming geen sprake is van een geval van bodemverontreiniging. Dit neemt niet weg dat bij toekomstige graafwerkzaamheden er wel rekening mee gehouden dient te worden. Grond met noemenswaardige hoeveelheden oer / roest dient niet met overige gronden te worden opgemengd aangezien deze lichte tot plaatselijk sterke verhogingen aan arseen kan bevatten. Op basis van het bodemonderzoek wordt niet verwacht dat er veel plaatselijk met oer aanwezig zijn, maar slechts heel plaatselijk. Verder zijn in geen van de mengmonster verhogingen boven de achtergrondwaarde aangetoond. Het grondwater blijkt plaatselijk licht verontreinigd te zijn met barium, koper, nikkel en zink.

De aangetoonde lichte verhogingen zijn niet verontrustend en geven geen aanleiding tot nader onderzoek. Er heeft ook onderzoek op PFAS plaatsgevonden. In de bovengrond zijn PFOA gehalte tussen 0,35 en 0,77 µg/kgds gemeten en PFOS-gehalten tussen 0,16 en 0,32. De bodem voldoet op basis van de PFAS aan de bodemkwaliteitsklasse achtergrondwaarde.

38

Verkennend en nader bodemonderzoek (asbest); Norschoterweg 1 te Barneveld Projectnummer: P19M0118 Datum: 30 maart 2020

Geconcludeerd wordt dat de hypothese ‘grootschalig onverdacht’ ondanks de aangetoonde (lichte) verhogingen stand houdt. De aangetoonde lichte verontreinigingen zijn niet verontrustend en geven geen aanleiding tot nader bodemonderzoek. Wel dient bij toekomstige werkzaamheden rekening te worden gehouden met zeer plaatselijk aanwezige bijmengingen met oer / roest die verhogingen met arseen kunnen bevatten. De milieuhygiënische bodemkwaliteit is afdoende bekend. 7.4. Aanbevelingen In hoeverre de vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit een belemmering vormt voor de voorgenomen transactie is afhankelijk van het (voorlopig) koopcontract. Alvorens de locatie opnieuw wordt ontwikkeld zal een bodemsanering noodzakelijk zijn. De milieuhygiënische bodemkwaliteit speelt een rol bij grondverzet. Voor de grond geldt dat dit mag worden hergebruikt op het perceel. Indien de grond verplaatst wordt naar een locatie elders, moet dit worden gemeld bij het Meldpunt bodemkwaliteit (https://meldpuntbodemkwaliteit.agentschapnl.nl) en gelden samenstellingseisen met betrekking tot verschillende mogelijkheden voor hergebruik conform het Besluit bodemkwaliteit en de regionale Nota Bodembeheer. Wanneer verplaatsing van de grond niet mogelijk is, wordt aanbevolen de grond af te voeren naar een grondbank of een erkend verwerker (eventueel) op basis van een indicatieve kwaliteitsbepaling van de grond.

Ten aanzien van grond met bijmengingen aan oer en / of roest wordt opgemerkt dat deze grond tenminste onderzocht dient te worden op arseen.

39

BIJLAGE A Toetsingstoelichting

TOETSINGSTOELICHTING In deze bijlage wordt een toelichting gegeven op de toetsingswaarden die binnen het Nederlands bodembeleid worden gebruikt om de milieuhygiënische bodemkwaliteit te beoordelen. Om de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem te kunnen interpreteren zijn toetsingswaarden opgenomen in de Wet bodembescherming (Wbb) dan wel hieronder vallende Besluiten en Amvb's. Bodem omvat zowel vaste bodem (grond) als grondwater en waterbodem (slib). Bodemonderzoek kan zich richten op één of meerdere van deze compartimenten. De toetsingswaarden voor de vaste bodem, het grondwater en waterbodem zijn vastgelegd in de Circulaire bodemsanering van 1 juli 2013 (Stcrt. 2013, nr. 16675) en de Regeling bodemkwaliteit van 13 december 2007, nr. DJZ2007124397 en de hierop volgende wijzigingen van de Regeling. Er wordt onderscheid gemaakt in landelijke achtergrondwaarden (AW2000-project) voor grond en waterbodem en streefwaarden voor grondwater en in interventiewaarden voor verontreinigende stoffen in grond en grondwater. Daarnaast wordt bij de interpretatie van analyseresultaten gebruik gemaakt van de tussenwaarde of het criterium voor nader onderzoek, die wordt berekend als het gemiddelde van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde voor grond en de streef- en interventiewaarde in geval van grondwater.

Ten slotte zijn voor enkele stoffen zogenaamde indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging vastgelegd. Voor de achtergrondwaarden en de interventiewaarden voor de vaste bodem en waterbodem geldt een bodemtypecorrectie. Streefwaarde De streefwaarde is wettelijk vastgelegd als het gehalte waarboven wel en waaronder geen sprake is van grondwaterverontreiniging. Achtergrondwaarde (AW 2000) De achtergrondwaarde komt overeen met de achtergrondconcentraties van verschillende stoffen in de Nederlandse bodem. Een achtergrondwaarde kan worden beschouwd als een indicatief concentratieniveau, waarboven wel en waaronder geen sprake is van een aantoonbare verontreiniging in grond. Gemiddelde van de achtergrond-/streef- en interventiewaarde Het gemiddelde van achtergrond- en interventiewaarde wordt gebruikt als hulpmiddel om te bepalen of de aangetroffen gehalten aanleiding geven tot vervolgonderzoek. Interventiewaarde De interventiewaarde is wettelijk vastgelegd als het gehalte waarbij sprake kan zijn van ernstige verontreiniging, waardoor de bodem niet, of mogelijk niet meer, geschikt is voor elke vorm van bodemgebruik. De interventiewaarden zijn onderbouwd met gegevens over gezondheidsrisico's voor mens, plant en dier. Hierbij is uitgegaan van het Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau (MTR): het gehalte waarboven ontoelaatbare effecten voor mens, plant of dier kunnen gaan optreden.

Om van een geval van ernstige verontreiniging te spreken dient het gemiddelde aangetroffen gehalte in

minimaal 25 m³ vaste bodem of in het grondwater van ten minste 100 m³ bodemvolume hoger te zijn dan de interventiewaarde. Indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging Voor enkele verontreinigende stoffen zijn gegevens over gezondheidsrisico's voor mens, plant en/of dier voorhanden, maar niet genoeg om een interventiewaarde vast te stellen, of ontbreken gestandaardiseerde analysemethoden. Voor deze stoffen zijn indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging vastgesteld. Deze indicatieve niveaus hebben een grotere mate van onzekerheid dan de interventiewaarde. Overschrijding ervan leidt niet zonder meer tot het vaststellen van een geval van ernstige bodemverontreiniging, omdat niet altijd met zekerheid vastgesteld kan worden dat er sprake is van mogelijk risico voor mens, plant en/of dier. Asbest Voor asbest is geen streefwaarde vastgesteld. Sinds 1 januari 2003 geldt een interventiewaarde van 100 mg/kgds voor asbest gewogen voor de vaste bodem en waterbodem. Deze interventiewaarde is niet gebaseerd op het Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau (MTR) maar op het veel strengere Verwaarloosbaar Risiconiveau (VR), gezien de bijzondere eigenschappen van asbest.

Bij gehalten beneden de interventiewaarde voor asbest (gewogen) is geen sprake van locatiespecifieke risico’s (Beoordeling van de risico’s van bodemverontreiniging met asbest, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, RIVM rapport 711701034/2003, Bilthoven, 2003). Het gewogen gehalte aan asbest wordt berekend door het gehalte aan serpentijn asbest te vermeerderen met 10 maal het gehalte aan amfibool asbest. Chrysotiel (wit asbest) is een serpentijn asbest. Amosiet (bruin asbest), crocidoliet (blauw asbest), anthophylliet (geel asbest), tremoliet (grijs asbest) en actinoliet (groen asbest) behoren tot de groep van amfibool asbest. Amfibool asbest vormt een groter risico voor de gezondheid omdat de asbestvezels van deze soort asbest gemakkelijk in de lengte splijten, waarbij steeds dunnere vezels ontstaan. Om van een geval van ernstige verontreiniging te spreken is het eerder genoemde volume-criterium niet van toepassing. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met asbest indien de gemiddelde concentratie binnen een ruimtelijke eenheid (RE) hoger is dan de interventiewaarde van 100 mg/kgds gewogen.

BIJLAGE B Analyseresultaten

Projectnaam Projectcode

P19M0118 P19M0118

Tabel: Analyseresultaten grondwater (as3000) monsters (gehalten in µg/l, tenzij anders aangegeven) Monstercode

Pb C051

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

330 <0.20 <2 <2.0 <0.05 4.1 <2 <3 <10

VLUCHTIGE AROMATEN benzeen tolueen ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen xylenen (0.7 factor) styreen

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

Pb392

*

--a

130 <0.20 <2 4.2 <0.05 <2.0 <2 9.9 <10

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN a naftaleen <0.02 0.53 interventie factor polycyclische aromatische koolwaterstoffen 0.0002 0.00757 GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan <0.2 1,2-dichloorethaan <0.2 a 1,1-dichlooretheen <0.1 cis-1,2-dichlooretheen <0.1 -trans-1,2-dichlooretheen <0.1 -som (cis,trans) 1,2a dichloorethenen (0.7 factor) 0.14 a dichloormethaan <0.2 1,1-dichloorpropaan <0.2 -1,2-dichloorpropaan <0.2 -1,3-dichloorpropaan <0.2 -som dichloorpropanen (0.7 factor) 0.42 a tetrachlooretheen <0.1 a tetrachloormethaan <0.1 a 1,1,1-trichloorethaan <0.1 a 1,1,2-trichloorethaan <0.1 trichlooretheen <0.2 chloroform <0.2 a vinylchloride <0.2 tribroommethaan <0.2 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

<25 <25 <25 <25 <50

-----

<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2

<25 <25 <25 <25 <50

Pb1123

*

--a

*

81 0.21 <2 <2.0 <0.05 <2.0 <2 <3 12

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

<0.02

*

--a

a

0.0002

a

--a a

---a a a a

a

-----

<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2

<25 <25 <25 <25 <50

a

--a a

---a a a a

a

-----

Monstercode en monstertraject 1 13147200-001 Pb C05 Pb C05, C05-1: 210-310 2 13147200-002 Pb39 Pb39, 39-1: 200-300 3 13147200-003 Pb112 Pb112, 112-1: 150-250 De resultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675. De gehalten die de betreffende streefwaarden en interventiewaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: * het gehalte is groter dan de streefwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde

** *** -# a

b

het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde het gehalte is groter dan de interventiewaarde geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de streefwaarde te zijn. gehalte is groter dan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012).

Projectnaam Projectcode

P19M0118 P19M0118

Tabel: Analyseresultaten grondwater (as3000) monsters (gehalten in µg/l, tenzij anders aangegeven) Monstercode

Pb1161

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

80 <0.20 <2 <2.0 <0.05 <2.0 <2 13 11

VLUCHTIGE AROMATEN benzeen tolueen ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen xylenen (0.7 factor) styreen

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

Pb1192

*

--a

120 0.27 4.2 50 <0.05 <2.0 <2 8.0 79

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN a naftaleen <0.02 <0.02 interventie factor polycyclische aromatische koolwaterstoffen 0.0002 0.0002 GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan <0.2 1,2-dichloorethaan <0.2 a 1,1-dichlooretheen <0.1 cis-1,2-dichlooretheen <0.1 -trans-1,2-dichlooretheen <0.1 -som (cis,trans) 1,2a dichloorethenen (0.7 factor) 0.14 a dichloormethaan <0.2 1,1-dichloorpropaan <0.2 -1,2-dichloorpropaan <0.2 -1,3-dichloorpropaan <0.2 -som dichloorpropanen (0.7 factor) 0.42 a tetrachlooretheen <0.1 a tetrachloormethaan <0.1 a 1,1,1-trichloorethaan <0.1 a 1,1,2-trichloorethaan <0.1 trichlooretheen <0.2 chloroform <0.2 a vinylchloride <0.2 tribroommethaan <0.2 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

<25 <25 <25 <25 <50

-----

<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2

<25 <25 <25 <25 <50

Pb1253

*

**

*

--a

a

110 0.23 <2 8.3 <0.05 <2.0 <2 <3 41

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

<0.02

*

--a

a

0.0002

a

--a a

---a a a a

a

-----

<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2

<25 <25 <25 <25 <50

a

--a a

---a a a a

a

-----

Monstercode en monstertraject 1 13147200-004 Pb116 Pb116, 116-1: 150-250 2 13147200-005 Pb119 Pb119, 119-1: 150-250 3 13147200-006 Pb125 Pb125, 125-1: 150-250 De resultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675. De gehalten die de betreffende streefwaarden en interventiewaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: * het gehalte is groter dan de streefwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde

** *** -# a

b

het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde het gehalte is groter dan de interventiewaarde geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de streefwaarde te zijn. gehalte is groter dan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012).

Projectnaam Projectcode

P19M0118 P19M0118

Tabel: Analyseresultaten grondwater (as3000) monsters (gehalten in µg/l, tenzij anders aangegeven) Monstercode

Pb1401

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

76 0.37 5.4 9.1 <0.05 <2.0 <2 7.4 63

VLUCHTIGE AROMATEN benzeen tolueen ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen xylenen (0.7 factor) styreen

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

Pb1432

*

--a

130 <0.20 <2 21 <0.05 <2.0 <2 <3 130

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN a naftaleen <0.02 <0.02 interventie factor polycyclische aromatische koolwaterstoffen 0.0002 0.0002 GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan <0.2 1,2-dichloorethaan <0.2 a 1,1-dichlooretheen <0.1 cis-1,2-dichlooretheen <0.1 -trans-1,2-dichlooretheen <0.1 -som (cis,trans) 1,2a dichloorethenen (0.7 factor) 0.14 a dichloormethaan <0.2 1,1-dichloorpropaan <0.2 -1,2-dichloorpropaan <0.2 -1,3-dichloorpropaan <0.2 -som dichloorpropanen (0.7 factor) 0.42 a tetrachlooretheen <0.1 a tetrachloormethaan <0.1 a 1,1,1-trichloorethaan <0.1 a 1,1,2-trichloorethaan <0.1 trichlooretheen <0.2 chloroform <0.2 a vinylchloride <0.2 tribroommethaan <0.2 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

<25 <25 <25 <25 <50

-----

<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2

<25 <25 <25 <25 <50

Pb1513

*

*

*

--a

a

65 <0.20 2.7 4.9 <0.05 <2.0 <2 11 15

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

<0.02

*

--a

a

0.0002

a

--a a

---a a a a

a

-----

<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2

<25 <25 <25 <25 <50

a

--a a

---a a a a

a

-----

Monstercode en monstertraject 1 13147200-007 Pb140 Pb140, 140-1: 150-250 2 13147200-008 Pb143 Pb143, 143-1: 150-250 3 13147200-009 Pb151 Pb151, 151-1: 180-280 De resultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675. De gehalten die de betreffende streefwaarden en interventiewaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: * het gehalte is groter dan de streefwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde

** *** -# a

b

het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde het gehalte is groter dan de interventiewaarde geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de streefwaarde te zijn. gehalte is groter dan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012).

Projectnaam Projectcode

P19M0118 P19M0118

Tabel: Analyseresultaten grondwater (as3000) monsters (gehalten in µg/l, tenzij anders aangegeven) Monstercode

Pb1271

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

140 <0.20 5.1 3.2 <0.05 <2.0 <2 41 14

VLUCHTIGE AROMATEN benzeen tolueen ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen xylenen (0.7 factor) styreen

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

Pb1352

*

*

--a

88 0.46 3.0 15 <0.05 <2.0 <2 7.6 52

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN a naftaleen <0.02 <0.02 interventie factor polycyclische aromatische koolwaterstoffen 0.0002 0.0002 GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan <0.2 1,2-dichloorethaan <0.2 a 1,1-dichlooretheen <0.1 cis-1,2-dichlooretheen <0.1 -trans-1,2-dichlooretheen <0.1 -som (cis,trans) 1,2a dichloorethenen (0.7 factor) 0.14 a dichloormethaan <0.2 1,1-dichloorpropaan <0.2 -1,2-dichloorpropaan <0.2 -1,3-dichloorpropaan <0.2 -som dichloorpropanen (0.7 factor) 0.42 a tetrachlooretheen <0.1 a tetrachloormethaan <0.1 a 1,1,1-trichloorethaan <0.1 a 1,1,2-trichloorethaan <0.1 trichlooretheen <0.2 chloroform <0.2 a vinylchloride <0.2 tribroommethaan <0.2 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

<25 <25 <25 <25 <50

-----

<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2

<25 <25 <25 <25 <50

Pb1533

* *

--a

a

58 <0.20 <2 5.1 <0.05 <2.0 <2 <3 110

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 0.21 <0.2

<0.02

*

*

--a

a

0.0002

a

--a a

---a a a a

a

-----

<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2

<25 25 <25 <25 <50

a

--a a

---a a a a

a

-----

Monstercode en monstertraject 1 13152664-001 Pb127 Pb127, 127-1: 150-250 2 13152664-002 Pb135 Pb135, 135-1: 150-250 3 13152664-003 Pb153 Pb153, 153-1: 150-250 De resultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675. De gehalten die de betreffende streefwaarden en interventiewaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: * het gehalte is groter dan de streefwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde

** *** -# a

b

het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde het gehalte is groter dan de interventiewaarde geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de streefwaarde te zijn. gehalte is groter dan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012).

Projectnaam Projectcode

P19M0118 P19M0118

Tabel: Analyseresultaten grondwater (as3000) monsters (gehalten in µg/l, tenzij anders aangegeven) Monstercode

Pb119-HER1

METALEN koper

6.6

Monstercode en monstertraject 1 13200200-001 Pb119-HER Pb119-HER, 119-1: 150-250 De resultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675. De gehalten die de betreffende streefwaarden en interventiewaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: * het gehalte is groter dan de streefwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde ** het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de streefwaarde te zijn. b gehalte is groter dan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012).

Projectnaam Projectcode

P19M0118 P19M0118

Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtypebt)

11 1

22 2 or

droge stof (gew.-%) gewicht artefacten (g) aard van de artefacten (-)

br

33 3 or

br

or

br

87.5

--

--

86.2

--

--

87.1

--

--

<1

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

Geen

--

Geen

Geen

--

organische stof (gloeiverlies) (% vd DS) 5.9

--

--

5.0

--

--

1.3

--

--

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) (% vd DS) 3.0

--

--

2.4

--

--

4.0

--

--

27 <0.2 1.6 6.0 <0.05 20 <0.5 4.6 25

99.6 0.211 5.39 11.1 0.0488 29.6 0.35 13 54.1

25 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20

77.5 0.234 3.03 6.77 0.0487 10.6 0.35 5.25 30.2

METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

38 0.21 1.9 19 <0.05 120 <0.5 6.5 69

131 0.303 6.02 33.6 0.048 173 0.35 17.5 142

*

*

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen 0.03 --<0.03 fenantreen 0.20 --0.15 antraceen 0.06 --0.03 fluoranteen 0.54 --0.44 benzo(a)antraceen 0.30 --0.23 chryseen 0.25 --0.20 benzo(k)fluoranteen 0.21 --0.17 benzo(a)pyreen 0.37 --0.26 benzo(ghi)peryleen 0.35 --0.25 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.28 --0.21 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 2.59 2.59 * 1.961 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 (µg/kgds) <1 PCB 52 (µg/kgds) <1 PCB 101 (µg/kgds) <1 PCB 118 (µg/kgds) <1 PCB 138 (µg/kgds) <1 PCB 153 (µg/kgds) <1 PCB 180 (µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor) (µg/kgds) 4.9

8.31

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

----23.7

<5 <5 8 <5 <20

-----------

--# ----------

<0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01

-----------

1.96

*

0.07

0.07

-----------

--

--

<1.9

--

--#

<1

--

--

--

--

<2.1

--

--#

<1

--

--

--

--

<1.7

--

--#

<1

--

--

--

--

<2.0

--

--#

<1

--

--

--

--

<1.9

--

--#

<1

--

--

--

--

<1.3

--

--#

<1

--

--

--

--

<1.9

--

--#

<1

--

--

8.96

17.9

4.9

24.5

a

<5 10 57 72 140

----280

<5 <5 <5 <5 <20

----70

-----

-----

----*

Monstercode en monstertraject 1 13137704-001 1 1, G01: 0-20, G02: 0-25, G02: 25-50 2 13137704-002 2 2, G03: 0-30, G06: 0-30, G07: 0-20 3 13137704-003 3 3, G01: 50-90, G02: 50-90, G03: 50-90, G07: 60-80, G08: 50-100, G12: 100-150, G09: 60-80 De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). *

het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde ** het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -- geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik.

Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat bt)

De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing zijn de grond (as3000) monsters ingedeeld in de volgende bodemtypen: (als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) 1: lutum 3% humus 5.9% 2: lutum 2.4% humus 5% 3: lutum 4% humus 1.3%

Projectnaam Projectcode

P19M0118 P19M0118

Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtypebt)

41 4

52 5 or

droge stof (gew.-%) gewicht artefacten (g) aard van de artefacten (-)

br

63 6 or

br

or

br

89.7

--

--

89.2

--

--

89.8

--

--

<1

--

--

17

--

--

25

--

--

--

Stenen

--

Stenen

Geen

--

organische stof (gloeiverlies) (% vd DS) 2.2

--

--

3.3

--

--

3.7

--

--

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) (% vd DS) 2.7

--

--

<1

--

--

<1

--

--

21 <0.2 <1.5 6.0 <0.05 16 <0.5 3.8 25

81.4 0.227 3.69 11.9 0.0498 24.6 0.35 11.1 57.4

24 <0.2 <1.5 5.7 <0.05 23 <0.5 3.1 43

93 0.224 3.69 11.1 0.0496 35.1 0.35 9.04 97.8

METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

24 <0.2 <1.5 <5 <0.05 20 <0.5 3.2 25

85.5 0.236 3.43 7.02 0.0496 31 0.35 8.82 57

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 --<0.01 fenantreen 0.13 --0.11 antraceen 0.03 --0.03 fluoranteen 0.32 --0.35 benzo(a)antraceen 0.17 --0.18 chryseen 0.17 --0.16 benzo(k)fluoranteen 0.12 --0.13 benzo(a)pyreen 0.20 --0.20 benzo(ghi)peryleen 0.16 --0.18 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.14 --0.16 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 1.447 1.45 1.507 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 (µg/kgds) <1 PCB 52 (µg/kgds) <1 PCB 101 (µg/kgds) <1 PCB 118 (µg/kgds) <1 PCB 138 (µg/kgds) <1 PCB 153 (µg/kgds) <1 PCB 180 (µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor) (µg/kgds) 4.9 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

<5 <5 <5 <5 <20

-----------

-----------

<0.01 0.12 0.03 0.29 0.16 0.16 0.12 0.17 0.17 0.15

-----------

1.51

*

1.377

1.38

-----------

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

4.1

--

--

--

--

<1

--

--

3.5

--

--

--

--

<1

--

--

3.1

--

--

22.3

a

4.9

14.8

13.5

36.5

*

----63.6

-----

<5 <5 11 10 20

----60.6

<5 <5 13 6 <20

----37.8

-----

-----

Monstercode en monstertraject 1 13137704-004 4 4, G04: 15-50, G05: 10-50, G10: 25-40, G11: 30-80 2 13137704-005 5 5, G22: 0-50, G25: 0-50 3 13137704-006 6 6, G24: 10-30 De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). *

het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde ** het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -- geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik.

Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat bt)

De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing zijn de grond (as3000) monsters ingedeeld in de volgende bodemtypen: (als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) 4: lutum 2.7% humus 2.2% 5: lutum 1% humus 3.3% 6: lutum 1% humus 3.7%

Projectnaam Projectcode

P19M0118 P19M0118

Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtypebt)

71 7

82 8 or

droge stof (gew.-%) gewicht artefacten (g) aard van de artefacten (-)

organische stof (gloeiverlies) (% vd DS)

br

93 9 or

br

or

br

87.8

--

--

86.1

--

--

85.0

--

--

<1

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

Geen

--

Geen

Geen

--

3.3

--

--

3.4

--

--

<0.5

--

--

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) (% vd DS) 1.6

--

--

1.2

--

--

1.2

--

--

<20 <0.2 <1.5 7.1 <0.05 22 <0.5 <3 45

54.2 0.226 3.69 14 0.0497 33.8 0.35 6.12 103

<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 31

54.2 0.241 3.69 7.24 0.0503 11 0.35 6.12 73.6

METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

24 <0.2 <1.5 9.7 <0.05 23 <0.5 3.8 46

93 0.227 3.69 19.2 0.0498 35.4 0.35 11.1 106

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen 0.09 --0.03 fenantreen 1.5 --0.96 antraceen 0.07 --0.29 fluoranteen 2.4 --1.4 benzo(a)antraceen 0.44 --0.71 chryseen 0.88 --0.58 benzo(k)fluoranteen 0.40 --0.31 benzo(a)pyreen 0.57 --0.57 benzo(ghi)peryleen 0.50 --0.36 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.46 --0.32 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 7.31 7.31 * 5.53 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 (µg/kgds) <1 PCB 52 (µg/kgds) <1 PCB 101 (µg/kgds) <1 PCB 118 (µg/kgds) <1 PCB 138 (µg/kgds) <1 PCB 153 (µg/kgds) <1 PCB 180 (µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor) (µg/kgds) 4.9

14.8

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

----90.9

<5 11 14 7 30

-----------

-----------

<0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01

-----------

5.53

*

0.07

0.07

-----------

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

--

<1

--

--

<1

--

--

4.9

14.4

4.9

24.5

a

<5 9 12 5 30

----88.2

<5 <5 <5 <5 <20

----70

-----

-----

-----

PER- EN POLYFLUORALKYLSTOFFEN PFBA (perfluorbutaanzuur) (µg/kgds) PFPeA (perfluorpentaanzuur) (µg/kgds) PFHxA (perfluorhexaanzuur) (µg/kgds) PFHpA (perfluorheptaanzuur) (µg/kgds) PFOA lineair (perfluoroctaanzuur) (µg/kgds) PFOA vertakt (perfluoroctaanzuur) (µg/kgds) som PFOA (0.7 factor) (µg/kgds) PFNA (perfluornonaanzuur) (µg/kgds) PFDA (perfluordecaanzuur) (µg/kgds) PFUnDA (perfluorundecaanzuur) (µg/kgds) PFDoDA (perfluordodecaanzuur) (µg/kgds) PFTrDA (perfluortridecaanzuur) (µg/kgds) PFTeDA (perfluortetradecaanzuur) (µg/kgds) PFHxDA (perfluorhexadecaanzuur) (µg/kgds) PFODA (perfluoroctadecaanzuur) (µg/kgds) PFBS (perfluorbutaansulfonzuur) (µg/kgds) PFPeS (perfluorpentaansulfonzuur) (µg/kgds) PFHxS (perfluorhexaansulfonzuur) (µg/kgds) PFHpS (perfluorheptaansulfonzuur) (µg/kgds) PFOS lineair (perfluoroctaansulfonzuur) (µg/kgds) PFOS vertakt (perfluoroctaansulfonzuur) (µg/kgds) som PFOS (0.7 factor) (µg/kgds) PFDS (perfluordecaansulfonzuur) (µg/kgds) 4:2 FTS (4:2 fluortelomeer sulfonzuur) (µg/kgds) 6:2 FTS (6:2 fluortelomeer sulfonzuur) (µg/kgds) 8:2 FTS (8:2 fluortelomeer sulfonzuur) (µg/kgds) 10:2 FTS (10:2 fluortelomeer sulfonzuur) (µg/kgds) MeFOSAA (n-methyl perfluoroctaansulfonamide -

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

0.63

0.63

<0.1

0.07

0.70

0.7

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

0.13

0.13

¤

-

0.11

0.11

¤

-

0.25

0.25

¤

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

<0.1

0.07

-

¤

-

¤

-

acetaat) (µg/kgds) EtFOSAA (n-ethyl perfluoroctaansulfonamide acetaat) (µg/kgds) PFOSA (perfluoroctaansulfonamide) (µg/kgds) MeFOSA (n-methyl perfluoroctaansulfonamide) (µg/kgds) 8:2 DiPAP (8:2 fluortelomeer fosfaat diester) (µg/kgds)

-

<0.1

0.07

-

-

<0.1

0.07

-

-

<0.1

0.07

-

-

<0.1

0.07

-

Monstercode en monstertraject 1 13139721-001 7 7, G32: 0-50, G36: 0-50, 39: 0-30 2 13139721-002 8 8, G28: 0-50, 41: 0-50, G30: 0-50, G31: 0-50, G33: 0-50, G34: 0-50, G35: 0-50, G37: 0-50, G38: 0-50, G26: 0-50 3 13139721-003 9 9, 39: 120-170, 39: 170-220, 41: 50-100, 41: 100150 De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012).Voor PFAS geldt het Tijdelijk Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (Geactualiseerde versie van 29 november 2019). *

het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde ** het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik.

Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. *zp Zorgplicht van toepassing met betrekking tot PFAS Voor PFAS in grondwaterbeschermingsgebieden blijft de bepalingsgrens de toepassingsnorm voor het toepassen van ¤ grond en baggerspecie boven grondwaterniveau. Dit is 0,1 ug/kg d.s. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat bt)

De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing zijn de grond (as3000) monsters ingedeeld in de volgende bodemtypen: (als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) 7: lutum 1.6% humus 3.3% 8: lutum 1.2% humus 3.4% 9: lutum 1.2% humus 0.5%

Projectnaam Projectcode

P19M0118 P19M0118

Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtypebt)

101 10

162 11 or

droge stof (gew.-%) gewicht artefacten (g) aard van de artefacten (-)

br

113 12 or

br

or

br

81.3

--

--

84.5

--

--

82.6

--

--

<1

--

--

<1

--

--

<1

--

--

--

Geen

--

Geen

Geen

--

organische stof (gloeiverlies) (% vd DS) 1.7

--

--

0.7

--

--

<0.5

--

--

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) (% vd DS) <1

--

--

1.9

--

--

1.8

--

--

<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20

54.2 0.241 3.69 7.24 0.0503 11 0.35 6.12 33.2

<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20

54.2 0.241 3.69 7.24 0.0503 11 0.35 6.12 33.2

<0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01

-----------

0.07

0.07

METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 3.0 <20

54.2 0.241 3.69 7.24 0.0503 11 0.35 8.75 33.2

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 --<0.01 fenantreen <0.01 --<0.01 antraceen <0.01 --<0.01 fluoranteen 0.05 --<0.01 benzo(a)antraceen 0.03 --<0.01 chryseen 0.02 --<0.01 benzo(k)fluoranteen 0.08 --<0.01 benzo(a)pyreen 0.15 --<0.01 benzo(ghi)peryleen 0.12 --<0.01 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.11 --<0.01 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 0.581 0.581 0.07 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 (µg/kgds) <1 PCB 52 (µg/kgds) <1 PCB 101 (µg/kgds) <1 PCB 118 (µg/kgds) <1 PCB 138 (µg/kgds) <1 PCB 153 (µg/kgds) <1 PCB 180 (µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor) (µg/kgds) 4.9 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=bff7254d-a517-4ded-a8d3-3138385dca3c