Barneveld-Centrum 2022_Regels_Bijlage 1 Nota Parkeernormen (2020)
Tekst van het document
Nota Parkeernormen
Opsteller Afdeling Vastgoed en Infrastructuur Team Verkeer
Datum: mei 2020
Planstatus Status: Definitief
Inhoud 1 2 2.1
Raadsbesluit ....................................................................................................................................... 3 Inleiding .............................................................................................................................................. 4 Aanleiding .............................................................................................................................................. 4
2.2
Juridisch kader ....................................................................................................................................... 4
2.3
Landelijke kencijfers .............................................................................................................................. 5
3.1
Werkwijze bepalen parkeereis ............................................................................................................ 6 Uitgangspunt ......................................................................................................................................... 6
3.2
Reductie ................................................................................................................................................. 7
4.1
Parkeernormen................................................................................................................................... 8 Gebiedsindeling ..................................................................................................................................... 8
4.2
Parkeernormen auto ............................................................................................................................. 9
4.3
Parkeernormen fiets ............................................................................................................................ 14
4.4
Aanwezigheidspercentages ................................................................................................................. 15
5.1
Toetsing parkeereis .......................................................................................................................... 16 Procedure ............................................................................................................................................ 16
5.2
Beoordeling parkeersituatie auto ........................................................................................................ 16
5.3
Beoordeling laden en lossen ............................................................................................................... 18
5.4
Beoordeling parkeersituatie fiets ........................................................................................................ 18
6.1
Afwijken van de parkeereis .............................................................................................................. 19 Inleiding ............................................................................................................................................... 19
6.2
Vrijstellingen ........................................................................................................................................ 19
3
4
5
6
6.2.1 Flexibiliteitbepaling ..................................................................................................................... 19 6.2.2 Vrijstelling voor beroep of bedrijf aan huis ................................................................................ 19 6.2.3 Vrijstelling voor centrumgebieden ............................................................................................. 20 6.2.4 Vrijstelling voor transformatie naar goedkope huurwoningen in centrumgebieden ................. 20 6.3 Ontheffingsmogelijkheden .................................................................................................................. 20 6.3.1 Gebruik bestaande parkeerplaatsen in de openbare ruimte ..................................................... 20 6.3.2 Gemeentelijke parkeerplaatsen buiten het plangebied ............................................................. 20 6.3.3 Particuliere parkeerplaatsen buiten het plangebied .................................................................. 21 6.3.4 Afkoopregeling ............................................................................................................................ 21 6.4 Overige afwijkingen .............................................................................................................................
21 Bijlage 1 – Onderbouwing gebiedsindeling ..................................................................................................... 22 Bijlage 2 – Onderbouwing herijkte parkeernormen ........................................................................................ 27 Bijlage 3 – Voorbeelden parkeerbalans .......................................................................................................... 32 Bijlage 4 – Onderbouwing afkoopbedrag ....................................................................................................... 38 Bijlage 5 – Overeenkomst afkoop parkeereis ................................................................................................. 40
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
2
1
Raadsbesluit
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
3
2
Inleiding
2.1
Aanleiding Elke ruimtelijke functie trekt een bepaalde hoeveelheid verkeer aan en genereert daarmee een parkeerbehoefte. Met behulp van parkeernormen kan een prognose worden gemaakt van de te verwachten parkeerbehoefte bij ruimtelijke ontwikkelingen. Een parkeernorm geeft aan hoeveel parkeerplaatsen per eenheid van een bepaalde functie benodigd zijn. Het doel van deze Nota Parkeernormen is het bieden van duidelijkheid en transparantie ten aanzien van de werkwijze bij het opstellen van de parkeereis bij ontwikkelingen en bouwplannen en de toetsing daarvan. Het toepassen van de juiste parkeernormen draagt bij aan een goed woon- en leefklimaat, waarin het risico op parkeeroverlast wordt verkleind. Algemeen uitgangspunt is dat nieuwe ontwikkelingen niet mogen leiden tot (toename van) parkeertekort in de omgeving. Deze Nota richt zich niet alleen op het parkeren van auto’s, maar ook op parkeren voor fietsers. Goede fietsparkeervoorzieningen dragen bij aan de aantrekkelijkheid en kwaliteit van het fietsnetwerk in de gemeente en stimuleren het fietsgebruik. Om te zorgen dat er bij ruimtelijke ontwikkelingen voldoende fietsparkeergelegenheid wordt gerealiseerd, zijn daarom ook fietsparkeernormen in deze Nota opgenomen. Deze Nota Parkeernormen voorziet niet in eisen ten aanzien van (nieuwe) duurzame modaliteiten, zoals het aantal oplaadpunten per hoeveelheid parkeerplaatsen.
Dat wordt in aparte beleidsdocumenten uitgewerkt.
2.2
Juridisch kader Deze Nota Parkeernormen is van toepassing op nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, nieuwbouw- of verbouwplannen, waarvoor een omgevingsvergunning verplicht is. Bij de beoordeling of de vergunning kan worden verleend, toetst de gemeente de vergunning aan het bestemmingsplan. Met behulp van de Nota Parkeernormen kan, in veel voorkomende gevallen, zowel de omvang van de parkeervraag als de mate van parkeeraanbod worden berekend. Bestemmingsplan De beschikbaarheid van voldoende parkeergelegenheid is geregeld in de bestemmingsplanregels met een dynamische verwijzing naar de specifieke parkeernormen die zijn vastgelegd in de Nota Parkeernormen. Als de parkeernormen namelijk hard in de regels van het bestemmingsplan zelf worden vastgelegd, dan wordt het bestemmingsplan in de praktijk moeilijk uitvoerbaar en leidt het tot nodeloze afwijkingsprocedures. Ook zou een wijziging van de parkeernormen die voortkomt uit voortschrijdend inzicht of nieuwe parkeerkencijfers van het CROW, niet kunnen worden doorgevoerd omdat dan een bestemmingsplanherziening nodig is. Een veel gebruikte manier van borgen van parkeervoorzieningen is door in het bestemmingsplan voldoende ruimte vrij te houden via een toepasselijke bestemming, een bebouwingspercentage of een andere aanduiding. Hiernaast kan een voorwaardelijke verplichting in een bestemmingsplan voldoende parkeergelegenheid afdwingen.
Ook stallingsruimte voor fietsen of ruimte voor laden en lossen kunnen zo worden geregeld. De verankering van de Nota Parkeernormen is voor een groot aantal bestaande bestemmingsplannen geregeld via de "Parapluherziening Parkeernormen” (NL.IMRO.0203.1422-0002). Deze herziening is onherroepelijk geworden op 28 april 2018. Voor nieuwe bestemmingsplannen is in de standaardregels
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
4
van gemeente Barneveld een algemene gebruiksregel over voldoende parkeerplaatsen opgenomen met een dynamische verwijzing naar de Nota Parkeernormen. Algemene wet bestuursrecht (Awb) De Nota Parkeernormen is een beleidsregel in het kader van de Awb. Artikel 4:84 Awb bepaalt enerzijds dat een bestuursorgaan handelt overeenkomstig de beleidsregel, maar anderzijds dat van een beleidsregel kan worden afgeweken, als er sprake is van gevolgen van de toepassing van de beleidsregel voor één of meer belanghebbenden die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen (inherente afwijkingsbevoegdheid).
2.3
Landelijke kencijfers De auto- en fietsparkeernormen voor Barneveld zijn gebaseerd op de landelijke kencijfers van CROW (publicatie Ruimte, mobiliteit, stedenbouw en verkeer\Toekomstbestendig parkeren - Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie, december 2018). Deze kencijfers zijn door middel van onderzoek tot stand gekomen en geven een indicatie van de parkeerbehoefte van verschillende functies. Deze kencijfers kennen vaak een bandbreedte en zijn bepaald voor verschillende stedelijkheidsgraden en ligging. Op basis van lokale kenmerken is bepaald waar – binnen de bandbreedte – de parkeervraag van functies binnen de gemeente Barneveld zich hoofdzakelijk bevindt.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
5
3
Werkwijze bepalen parkeereis
3.1
Uitgangspunt Om te komen van een parkeernorm naar de parkeereis voor een ruimtelijke ontwikkeling worden verschillende stappen doorlopen. De parkeereis wordt berekend door de omvang van de te ontwikkelen functie te vermenigvuldigen met de daarvoor gestelde parkeernorm. De initiatiefnemer moet deze functies en de oppervlakten per functie aanleveren, zodanig dat voldoende duidelijk is wat de ontwikkeling precies inhoudt. Bij functiewijzigingen mag de berekende parkeerbehoefte worden verminderd met de parkeervraag van de oude functie (bestaande bestemming), waarbij wordt uitgegaan van de parkeervraag op het nieuwe maatgevende moment. Bestaande parkeerplaatsen die door de ontwikkeling verloren gaan, moeten worden gecompenseerd als blijkt dat hierdoor een parkeertekort ontstaat. Bij meerdere functies mag rekening worden gehouden met dubbelgebruik van de parkeerplaatsen aan de hand van de aanwezigheidspercentages. De werkwijze voor het bepalen van de parkeereis wordt in het onderstaand stappenplan toegelicht. Stap 1 Bepalen ligging plangebied De ligging van het plangebied (plaats en stedelijke zone) bepaalt welke parkeernormen van toepassing zijn.
Stap 2 Vaststellen programma en bijbehorende parkeernormen In de parkeerbalans wordt per functie de normatieve parkeervraag berekend door de oppervlakte van de functie te vermenigvuldigen met de parkeernorm die is afgeleid van landelijk toegepaste kencijfers. De som van de normatieve parkeervraag van alle functies vormt de gestapelde normatieve parkeervraag . Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen het aandeel bezoekers en het aandeel overige parkeerders (bewoners, personeel, etc.) omdat voor bezoekers doorgaans openbaar toegankelijke locaties beschikbaar moeten zijn. Stap 3 Bepalen reductiefactoren Als een initiatiefnemer kan aantonen dat er sprake is van bijzondere omstandigheden die duidelijk afwijken van de parkeernormen of als er realistische mobiliteitsmaatregelen worden getroffen waardoor het autobezit- of gebruik lager is dan normaliter, kan een reductie van de parkeereis worden toegepast. Hierdoor ontstaat mogelijk een nieuwe gestapelde normatieve parkeervraag. Stap 4 Bepalen mogelijkheden dubbelgebruik De gestapelde normatieve parkeervraag (na reductie) hoeft - indien het plan meerdere functies kent - niet per definitie de parkeerdruk zijn die in de praktijk wordt verwacht. Bij sommige functies verschilt de onderlinge parkeervraag namelijk per dagdeel . Dit kan er toe leiden dat dubbelgebruik van parkeerplaatsen mogelijk is.
Per functie wordt een aanwezigheidspercentage per dagdeel toegekend op basis van landelijke toegepaste kencijfers, ramingen of lokale ervaringscijfers. Stap 5 Parkeervraag per dagdeel De parkeervraag per dagdeel van elke afzonderlijke functie wordt berekend door de normatieve parkeervraag van de betreffende functie te vermenigvuldigen met de verwachte aanwezigheidspercentage. De som van de parkeervraag van de afzonderlijke functies vormt de gestapelde werkelijke parkeervraag . Stap 6 Parkeereis De hoogste gestapelde werkelijke parkeervraag vormt de parkeereis . Zoveel parkeerplaatsen moeten in en/of rond het plan aanwezig zijn om in de parkeerbehoefte van de betreffende functies te voorzien. Ten behoeve van het bezoekersaandeel wordt bepaald hoeveel parkeerplaatsen openbaar toegankelijk moeten zijn. De parkeereis wordt afgerond op één decimaal.
Figuur 1 Werkwijze bepalen parkeereis
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
6
De hoogste gestapelde werkelijke parkeervraag vormt de parkeereis. Per dagdeel kan deze eis verschillen. Omdat er geen delen van parkeerplaatsen gerealiseerd kunnen worden, wordt de parkeereis naar boven afgerond op een heel getal, tenzij woningbouw onderdeel uitmaakt van de ontwikkeling. Bij woningbouw hoeft de parkeereis niet op een heel getal te worden afgerond, omdat hier vanwege correctiefactoren wel een berekend aantal van bijvoorbeeld 0,5 parkeerplaats kan worden gerealiseerd. Voor de toetsing, of het parkeeraanbod in een plan aan deze eis voldoet, wordt bepaald wat de verhouding is tussen de maatgevende parkeervraag en het gelijktijdige parkeeraanbod. Hiertoe wordt een parkeerbalans opgesteld. In hoofdstuk 5 wordt dit proces van de toetsing van de parkeereis met behulp van de parkeerbalans verder toegelicht. Hoofdstuk 4 gaat eerst in op de gebiedsindeling, de toe te passen parkeernormen per functie en de aanwezigheidspercentages per dagdeel.
3.2
Reductie Als een initiatiefnemer kan aantonen dat er sprake is van bijzondere omstandigheden die duidelijk afwijken van de parkeernormen of als er realistische mobiliteitsmaatregelen worden getroffen waardoor het autogebruik (of het fietsgebruik) lager is dan normaliter, kan een reductie van de parkeereis worden toegepast. De hoogte van deze reductie wordt niet vastgelegd. Gelet op de ontwikkelingen op het gebied van duurzame mobiliteit is er geen goede prognose van de invloed hiervan op de parkeernormen te maken. Toekomstige ontwikkelingen zullen dit moeten uitwijzen.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
7
4
Parkeernormen
4.1
Gebiedsindeling De Nota parkeernormen is voor de hele gemeente van toepassing. De toe te passen normen kunnen echter verschillen op basis van de stedelijkheid en de ligging van een locatie. Daarom is een gebiedsindeling gemaakt. Op basis van de omgevingsadressendichtheid (bron: CBS) en van de uitgangspunten van het CROW, is de stedelijkheidsgraad per gebied bepaald. Behalve de stedelijkheid is ook de ligging in het stedelijke gebied van belang voor het opleggen van de parkeernormen. Het autobezit en –gebruik is in centrumgebieden gemiddeld namelijk lager dan in de rest van de bebouwde kom of in het buitengebied. Factoren die hierbij een rol spelen zijn onder andere de aanwezigheid van OV en voorzieningen op loopafstand van veel woningen en de schaarse ruimte. De gebiedsindeling is aangeduid in figuur 2. In bijlage 1 is een nadere onderbouwing hiervan te vinden. Voor de gedetailleerde gebiedsindeling zijn in bijlage 1 ook gedetailleerdere kaarten opgenomen.
Figuur 2 Gebiedsindeling gemeente Barneveld
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
8
4.2
Parkeernormen auto Deze landelijke kencijfers zijn vertaald naar de specifieke Barneveldse situatie door vergelijk met het Barneveldse autobezit per huishouden, de huidige parkeersituatie, het gemeentelijk parkeerbeleid en de verwachte bevolkingsgroei van Barneveld. De onderbouwing van de parkeernormen is te vinden in bijlage 2. De tabellen 1 t/m 7 geven per hoofdgroep de parkeernormen voor de gemeente Barneveld weer.
Voorthuize n rest kom
Overige kernen
Buitengebied
1,9 1,8 1,6 1,7 1,5 1,4 1,6 1,4 1,5 1,2 0,6 0,3 1,1 0,6
2,3 2,2 2,0 2,1 1,9 1,7 2,0 1,7 1,9 1,5 0,7 0,3 1,2 0,7
1,9 1,8 1,6 1,7 1,5 1,4 1,6 1,4 1,5 1,2 0,6 0,3 1,1 0,6
2,4 2,3 2,1 2,2 2,0 1,7 2,1 1,7 2,0 1,5 0,7 0,3 1,3 0,7
2,4 2,3 2,1 2,2 2,0 1,7 2,1 1,7 2,0 1,5 0,7 0,3 1,3 0,7
2,5 2,3 2,1 2,2 2,0 1,7 2,1 1,7 2,0 1,5 0,7 0,3 1,3 0,7
Aandeel bezoekers
Voorthuize n Centrum
Functie Koop, huis, vrijstaand Koop, huis, twee-onder-een-kap Koop, huis, tussen/hoek Koop, appartement, duur Koop, appartement, midden Koop, appartement, goedkoop Huur, huis, vrije sector Huur, huis, sociale huur Huur, appartement, duur Huur, appartement, midden/goedkoop (incl. sociale huur) Kamerverhuur, zelfstandig Kamerverhuur, niet-zelfstandig Serviceflat Kleine eenpersoonswoning (tiny house, meestal grondgebonden)
Barneveld rest kom
Wonen
Barneveld Centrum
Voor sommige functies is het niet waarschijnlijk dat deze in alle stedelijke zones voorkomen. Daardoor komt het voor dat er voor enkele functies niet overal een parkeernorm is gesteld. Als er in een ontwikkelingsplan functies voorkomen, waarvoor geen parkeernorm aanwezig is, wordt hiervoor door middel van nader onderzoek een redelijke parkeernorm bepaald.
Eenheid (pp/...) 0,3 woning 0,3 woning 0,3 woning 0,3 woning 0,3 woning 0,3 woning 0,3 woning 0,3 woning 0,3 woning 0,3 woning 0,2 kamer 0,2 kamer 0,3 woning 60% wooneenheid
Tabel 1 Parkeernormen wonen Voor alle woningtypen worden de prijsklassen aangehouden volgens het meest actuele vastgestelde volkshuisvestelijke woonbeleid en de indexatie daarvan.
Voorthuize n rest kom
Overige kernen
Buitengebied
1,6 2,1 1,6 0,7 1,3
2,1 2,9 2,4 1,1 1,9
1,9 2,5 1,6 0,7 1,4
2,6 3,6 2,4 1,1 2,0
2,6 3,6 2,4 1,1 2,0
2,6 3,6 2,4 1,1 2,0
Aandeel bezoekers
Voorthuize n Centrum
Functie Kantoor zonder baliefunctie Commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie) Bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief (industrie, laboratorium, werkplaats) Bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf) Bedrijfsverzamelgebouw (Mix van kantoren (zonder baliefunctie) en bedrijven)
Barneveld rest kom
Werken
Barneveld Centrum
Bij veel navolgende eenheden wordt de term BVO of Bruto Vloer Oppervlakte gehanteerd. Dit betreft de vloeroppervlakte van een vastgoedobject, gemeten langs de buitenomtrek van de buitenste scheidingsconstructie die de ruimte omhult. Hierin wordt ook de oppervlakte van een trapgat, liftschacht en leidingschacht meegerekend. De oppervlakte van buitenruimtes zoals een loggia, balkon, open galerij of dakterras wordt niet tot de BVO van een gebouw gerekend, tenzij deze nadrukkelijk deel uitmaakt van de hoofdfunctie en daarbij leidt tot een toename van de parkeervraag (zoals een (dak)terras van een restaurant waar ook tafels staan).
Eenheid (pp/...) 5% 100m2 BVO 20% 100m2 BVO 5% 100m2 BVO 5% 100m2 BVO 5% 100m2 BVO
Tabel 2 Parkeernormen werken
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
9
0,5 0,6 3,4 2,8 7,7 3,0 5,8 1,7 0,9 0,6 1,5 1,8
1,2 1,1 11,4 8,1 10,1 4,1 6,6 2,9 1,4 5,6 4,9 6,4 9,4 6,8 2,9 2,9 0,5 2,7 11,7 13,1 4,2 21,4 0,1 1,9 2,6 2,6 0,6 51,5 98,0 5,2 6,1 6,2 5,2
2,6 1,6 1,2 0,3 1,6
21,4 0,1 1,3
0,6
3,6 4,2 4,2 3,6 8,8
8,8 8,8 1,4 11,0
2,6 1,6 1,2 0,3 1,6
21,4 0,1 1,3
0,6
3,6 4,2 4,3 3,6 8,8
8,8 8,8 1,4 11,0
Aandeel bezoekers
Voorthuize n rest kom
1,2 1,1 11,4 8,1 10,1 4,1 6,6 2,9 1,4 5,6 4,9 6,4 9,4 6,8 2,9 2,8 0,5 2,7 11,7 13,1 4,2 21,4 0,1 1,9 2,6 2,6 0,6 51,5 98,0 5,2 6,1 6,1 5,2
Buitengebied
Voorthuize n Centrum
0,5 0,6 3,4 2,8 7,7 3,0 5,8 1,7 0,9 1,7 1,5 1,8
Overige kernen
Barneveld rest kom
Functie Bibliotheek Museum Bioscoop Filmtheater/Filmhuis Theater/Schouwburg Musicaltheater Casino Bowlingcentrum Biljart-/snookercentrum Dansstudio Fitnessstudio/sportschool Fitnesscentrum Wellnesscentrum (thermen, kuurcentrum, beautycentrum) Sauna, hammam Sporthal Sportzaal Tennishal Squashhal Zwembad overdekt Zwembad openlucht Zwemparadijs Sportveld Stadion Kunstijsbaan (kleiner dan 400 meter) Kunstijsbaan (400 meter) Ski- snowboardhal Jachthaven Golfoefencentrum (pitch en putt) Golfbaan (18 holes) Indoorspeeltuin, gemiddeld en kleiner (lokale functie) Indoorspeeltuin, groot (lokale functie) Indoorspeeltuin, zeer groot (regionale functie) Kinderboerderij (stadsboerderij) Manege (paardenhouderij) Dierenpark Attractie- en pretpark Volkstuin Plantentuin (botanische tuin)
Barneveld Centrum
Sport, cultuur, ontspanning
Eenheid (pp/...) 1,2 1,4 97% per 100 m2 BVO 1,1 95% per 100 m2 BVO 11,4 13,7 94% per 100 m2 BVO 8,1 10,1 97% per 100 m2 BVO 10,1 12,3 87% per 100 m2 BVO 4,1 5,2 86% per 100 m2 BVO 6,6 8,1 86% per 100 m2 BVO 2,9 2,9 89% per 100 m2 BVO 1,4 1,8 87% per tafel 5,6 7,5 93% per 100 m2 BVO 4,9 6,6 87% per 100 m2 BVO 6,4 7,5 90% per 100 m2 BVO 9,4 10,4 99% per 100 m2 BVO 6,8 7,4 99% per 100 m2 BVO 2,9 3,5 96% per 100 m2 BVO 2,9 3,6 94% per 100 m2 BVO 0,5 0,5 87% per 100 m2 BVO 2,7 3,2 84% per 100 m2 BVO 11,7 13,5 97% per 100m2 bassin 13,1 16,0 99% per 100m2 bassin 4,2 4,2 99% per 100m2 bassin 21,4 21,4 95% per ha netto terrein 0,1 0,1 99% per zitplaats 1,9 2,1 98% per 100 m2 BVO 2,6 2,8 98% per 100 m2 BVO 2,6 98% per 100 m2 sneeuw 0,6 0,6 per ligplaats 51,5 56,6 93% per centrum 98,0 120,3 98% 18holes, 60ha 5,2 5,6 97% per 100 m2 BVO 6,1 6,6 98% per 100 m2 BVO 6,2 6,7 98% per 100 m2 BVO 5,2 5,6 97% per boerderij 0,4 90% per box 8,8 8,8 99% per ha. netto terrein 8,8 8,8 99% per ha. netto terrein 1,4 1,5 100% per 10 tuinen 11,0 14,0 per gemiddelde tuin
Tabel 3 Parkeernormen sport, cultuur en ontspanning
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
10
Voorthuize n rest kom
Overige kernen
3,7 5,4 7,9 6,1 6,6
2,5 4,1 6,8
4,3 6,2 8,8 7,0 7,3
4,5 6,4 9,0 7,0 7,5
4,1 1,3
3,9 0,2 1,9 8,0 1,9 5,2 2,4 4,2 10,3 2,4 2,6 2,6
0,2 4,2 1,3
4,2 0,2 2,0 8,3 2,0 5,3 2,6 4,5 10,6 2,5 2,7 2,7
4,3 0,2 2,0 8,3 2,0 5,3 2,5 4,5 10,6 2,4 2,7 2,7
10,6 2,5 2,9 2,9
Aandeel bezoekers
0,2
3,7 3,8
Buitengebied
3,6 3,6
Aandeel bezoekers
Voorthuize n Centrum
2,1 3,6 6,2
Buitengebied
Barneveld rest kom
Functie Buurtsupermarkt (kleiner dan 600 m2 wvo) Fullservice-supermarkt (tussen de 1.000 en 2.000 m2 wvo) Grote supermarkt (XL) (groter dan 2.500 m2 wvo) Groothandel specialist (uitsluitend pashouders) Groothandel algemeen (grootschalige detailhandel voor iedereen) Hoofdwinkelcentrum 20.000-30.000 inwoners (funshoppen) Hoofdwinkel centrum 30.000-50.000 inwoners (funshoppen) Buurt- en dorpswinkelcentrum (< 20.000 inwoners) Weekmarkt (bij klein wijk-, buurt- en dorpscentrum) Kringloopwinkel Bruin- en witgoedzaken (volumineuze vestigingen rond het centrum) Woonwarenhuis/woonwinkel Woonwarenhuis (minimaal 25.000 m2 bvo) Meubelboulevard/woonboulevard Winkelboulevard Outletcentrum (oppervlakte van 5.000 tot 40.000 m2 wvo) Bouwmarkt (grootschalige detailhandel (> 1.000 m2 wvo) Tuincentrum (grootschalige detailhandel (> 1.000 m2 wvo) Groencentrum (lokaal tuincentrum,inclusief buitenruimte)
Barneveld Centrum
Winkelen
2,3 9,4 2,0 5,3
Eenheid (pp/...) 89% per 100 m2 bvo 93% per 100 m2 bvo 84% per 100 m2 bvo 80% per 100 m2 bvo 80% per 100 m2 bvo 82% per 100 m2 bvo 88% per 100 m2 bvo 72% per 100 m2 bvo 85% per 100 m2 bvo 89% per 100 m2 bvo 92% per 100 m2 bvo 91% per 100 m2 bvo 95% per 100 m2 bvo 93% per 100 m2 bvo 94% per 100 m2 bvo 94% per 100 m2 bvo 87% per 100 m2 bvo 89% per 100 m2 bvo 89% per 100 m2 bvo
Tabel 4 Parkeernormen winkelen,
Voorthuize n Centrum
Voorthuize n rest kom
Overige kernen
Functie Camping (kampeerterrein) Bungalowpark (huisjescomplex) Bed and breakfast 1* Hotel 2* Hotel 3* Hotel 4* Hotel 5* Hotel Cafe/bar/cafetaria Restaurant Discotheek Evenementenhal/beurs/congresgebouw
Barneveld rest kom
Horeca en verblijfsrecreatie
Barneveld Centrum
*wvo = winkelvloeroppervlak
0,5 0,4 1,4 2,2 3,5 5,5 5,2 9,2 7,3 5,8
1,7 0,5 2,4 4,1 5,1 7,3 10,8 6,2 13,2 21,2 9,0
0,5 0,4 1,5 2,3 3,6 5,7 6,2 11,2 7,4 5,8
1,7 0,5 2,5 4,3 5,3 7,6 11,2 7,2 15,2 21,3 9,0
1,7 0,5 2,5 4,3 5,3 7,6 11,2 7,2 15,2 21,2 9,0
Eenheid (pp/...) 1,2 90% per standplaats 2,1 91% per bungalow 0,5 100% per bed* 4,5 77% per 10 kamers 6,3 80% per 10 kamers 6,9 77% per 10 kamers 9,1 73% per 10 kamers 12,8 65% per 10 kamers 90% per 100 m2 BVO 80% per 100 m2 BVO 21,2 99% per 100 m2 BVO 99% per 100 m2 BVO
Tabel 5 Parkeernormen horeca en verblijfsrecreatie
*een tweepersoonsbed wordt als 2 bedden geteld
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
11
Voorthuize n rest kom
Overige kernen
Buitengebied
3,3 3,4 2,0 2,2 2,0 2,6 2,5 1,9 31,1 32,6 3,3 0,2 0,6
3,3 3,4 2,0 2,2 2,2 2,7 2,5 2,0 31,1 32,6 3,7
Barneveld rest kom
Voorthuize n Centrum
Voorthuize n rest kom
Overige kernen
Buitengebied
1,4 0,8 5,1 6,0 11,1 16,9 7,0
1,0 0,8 3,9 5,0 9,8 13,8 4,8
1,4 0,8 5,1 6,1 11,3 17,1 7,0
1,4 0,8 5,1 6,1 11,3 17,2 7,1
1,5 0,8 5,1 6,1 11,3 17,2 10,7
2,1 2,3 1,3 1,4 1,3 1,6 1,6 1,4
1,7 0,2 0,6
3,0 3,2 1,8 1,9 1,9 2,4 2,2 1,7 31,1 32,6 3,3 0,2 0,6
1,0 0,8 3,9 4,9 9,7 13,6 4,7
0,6
Aandeel bezoekers
Voorthuize n Centrum 1,7 0,2 0,6
3,3 3,4 2,0 2,1 2,0 2,6 2,5 1,9 31,1 32,6 3,3 0,2 0,6
Barneveld rest kom
2,3 2,4 1,4 1,5 1,3 1,7 1,7 1,5
Barneveld Centrum
Functie Huisartsenpraktijk (-centrum) Apotheek Fysiotherapiepraktijk (-centrum) Consultatiebureau Consultatiebureau voor ouderen Tandartsenpraktijk (-centrum) Gezondheidscentrum Ziekenhuis Crematorium Begraafplaats Penitentiaire inrichting Religiegebouw Verpleeg- en verzorgingstehuis
Barneveld Centrum
Gezondheid en voorzieningen
Eenheid (pp/...) 57% per behandelkamer 45% per apotheek 57% per behandelkamer 50% per behandelkamer 38% per behandelkamer 47% per behandelkamer 55% per behandelkamer 29% per 100 m2 BVO 99% per plechtigheid 97% per plechtigheid 30% per 10 cellen per zitplaats 60% per wooneenheid
Onderwijs
Functie Kinderdagverblijf (creche) Basisonderwijs Middelbare school ROC Hogeschool Universiteit Avondonderwijs [1] Exclusief kiss & ride
Aandeel bezoekers
Tabel 6 Parkeernormen gezondheid en voorzieningen
Eenheid (pp/...) 100 m2 BVO [1] per leslokaal [1] 11% per 100 leerlingen 7% per 100 leerlingen 72% per 100 studenten 48% per 100 studenten 95% per 10 studenten
x leerlingen * % leerlingen met de auto * reductiefactor parkeerduur * reductiefactor aantal kinderen auto
Tabel 7 Parkeernormen onderwijs De parkeernormen voor basisonderwijs en kinderdagverblijf zijn alleen voor personeel dus exclusief de parkeerbehoefte voor het halen en brengen van kinderen, wat de grootste parkeerdruk met zich meebrengt. Voor de berekening van deze parkeerbehoefte voor deze functies is een specifieke uitwerking nodig, waarbij rekening wordt gehouden met het aantal leerlingen per groep, het percentage leerlingen dat met de auto komt, de parkeerduur en het aantal kinderen per auto. Het aantal benodigde parkeerplaatsen voor het halen en brengen van kinderen bepalen is als volgt te bepalen: x leerlingen * % leerlingen met de auto * reductiefactor parkeerduur * reductiefactor aantal kinderen per auto
Deze factoren zijn afhankelijk van onder meer de stedelijkheidsgraad en stedelijke zone, maar ook van de gemiddelde afstand naar school. Bij bijvoorbeeld een school met een regionaal bereik komen veel meer leerlingen met de auto dan bij een school die vooral kinderen uit de omliggende wijken trekt. Ook zijn er diverse scholen waarbij vervoer met taxi’s of bussen geregeld is, wat ook een ander autogebruik tot gevolg heeft. Over het algemeen ligt het percentage leerlingen dat met de auto wordt gebracht en gehaald voor een kinderdagverblijf tussen 50% en 80%. Voor groep 1 t/m 3 van het basisonderwijs ligt dit gemiddeld tussen 30% en 60% en voor groep 4 t/m 8 tussen 5% en 40%. De reductiefactor voor het aantal kinderen per auto ligt gemiddeld tussen 0,75 en 0,85 en de reductiefactor voor de parkeerduur ligt tussen 0,25 en 0,50. Ook deze factoren zijn verschillend per
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
12
leeftijdscategorie. Het toepassen van gemiddelde percentages en reductiefactoren levert slechts een indicatie van de parkeerbehoefte voor het halen en brengen op. Omdat in de praktijk van Barneveld veel verschillende schoolsituaties voorkomen, moet er altijd maatwerk per school worden toegepast.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
13
4.3
Parkeernormen fiets
Voorthuize n Centrum
Voorthuize n rest kom
Overige kernen
1,0 0,8 0,3 1,0
1,0 0,8 0,3 1,0
1,0 0,8 0,3 1,0
1,0 0,8 0,3 1,0
1,0 0,8 0,3 1,0
1,0 kamer 0,8 kamer 0,3 kamer 1,0 kamer
2,0 5,0
1,4 5,0
2,0 5,0
1,4 5,0
1,4 5,0
0,8 100m2 bvo 5,0 balie
4,0 4,7 5,8 0,5 13,0 0,8 11,0 0,8
4,0 4,7 5,8 0,5 13,0 0,5 11,0 0,8
4,0 4,7 5,8 0,5 13,0 0,8 11,0 0,8
4,0 4,7 5,8 0,5 13,0 0,5 11,0 0,8
4,0 4,7 5,8 0,5 13,0 0,5 11,0 0,8
4,0 10 leerlingen 4,7 10 leerlingen 5,8 10 leerlingen 0,5 10 leerlingen 13,0 100m2 bvo 0,5 100m2 bvo 11,0 100m2 bvo 0,8 100m2 bvo
2,8 3,0 0,3 0,4
2,8 3,0 0,3 0,4
2,8 3,0 0,3 0,4
2,8 3,0 0,3 0,4
2,8 3,0 0,3 0,4
2,8 100m2 bvo 3,0 100m2 bvo 0,3 100m2 bvo 0,4 100m2 bvo
30,5 19,0 4,5
10,0 19,0 4,5
30,5 19,0 4,5
10,0 19,0 4,5
10,0 19,0 4,5
5,0 locatie 15,5 100 m2 bvo (+terras) 4,5 100 m2 bvo
7,0 4,5 1,5 0,5 42,0 5,5
7,0 4,5 1,5 0,5 42,0 5,5
7,0 4,5 1,5 0,5 42,0 5,5
7,0 4,5 1,5 0,5 42,0 5,5
7,0 4,5 1,5 0,5 42,0 5,5
7,0 locatie 4,5 locatie 1,5 100 m2 0,5 100 m2 42,0 100 zitplaatsen 5,5 plechtigheid
3,5 8,0 5,5 1,0 2,7 64,0 4,2 25,0 25,5 29,0 21,5
3,5 1,5 2,1 1,0 2,7 64,0 4,2 25,0 19,0 29,0 21,5
3,5 8,0 5,5 1,0 2,7 64,0 4,2 25,0 25,5 29,0 21,5
3,5 1,5 2,1 1,0 2,7 64,0 4,2 25,0 19,0 29,0 21,5
3,5 1,5 2,1 1,0 2,7 64,0 4,2 25,0 19,0 29,0 21,5
3,5 100m2 bvo 1,5 100m2 bvo 2,1 100m2 bvo 1,0 100m2 bvo 2,7 100m2 bvo 64,0 ha netto terrein 4,2 100m2 bvo 25,0 100 bezoekers 19,0 100 zitplaatsen 29,0 100m2 bassin 21,5 100m2 bassin
0,9
0,9
buslijn 0,9 autoparkeerplaats
42,0
42,0 0,9
Buitengebied
Barneveld rest kom
Functie Wonen Rij- en vrijstaande w oning Appartement (zonder fietsenberging) Appartement (met fietsenberging Studentenhuis Werken Kantoor (personeel) Kantoor met balie (bezoekers) Onderw ijs Basisschool ( < 250 leerlingen) Basisschool (250-500 leerlingen) Basisschool ( > 500 leerlingen) Basisschool (medew erkers) Middelbare school (leerlingen) Middelbare school (medew erkers) ROC (leerlingen) ROC (medew erkers) Winkelen Winkelcentrum Supermarkt Bouw markt Tuincentrum Horeca Fastfood-restaurant Restaurant (eenvoudig) Restaurant (luxe) Gezondheid en (sociale) voorzieningen Apotheek (bezoekers) Apotheek (medew erkers) Gezondheidscentrum (bezoekers) Gezondheidscentrum (medew erkers) Religiegebouw Begraafplaats Sport, cultuur en ontspanning Bibliotheek Bioscoop Fitness Museum Sporthal Sportveld Sportzaal Stedelijk evenement Theater Zw embad open lucht Zw embad overdekt Overstapplaatsen Busstation Carpoolplaats
Barneveld Centrum
Voor de toepassing van fietsparkeernormen geldt, net als bij autoparkeernormen, dat de parkeerbehoefte in principe op eigen terrein, of binnen de ruimtelijke ontwikkeling moet worden gerealiseerd. Een ontwikkeling mag niet leiden tot hinder van geparkeerde fietsen in de omgeving. De fietsparkeernormen zijn ook gebaseerd op kencijfers van CROW (Publicatie Fietsparkeerkencijfers 2019), waarbij dezelfde gebiedsindeling wordt toegepast als bij de parkeernormen voor de auto. In Barneveld is sprake van een gemiddeld fietsgebruik van 42,5% bij ritten korter dan 7,5 km en daarom is uitgegaan van normen gebaseerd op de gemiddelde kencijfers. De parkeereis, waarbij rekening gehouden mag worden met dubbelgebruik op basis van de aanwezigheidspercentages van tabel 9, geldt als een minimumeis. Er wordt geen maximumaantal gesteld voor het aantal fietsparkeerplaatsen.
Eenheid (pp/...)
Tabel 8 Parkeernormen fiets
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
14
4.4
Aanwezigheidspercentages Zoals is vermeld bij de werkwijze om de parkeereis te bepalen, is het reëel om rekening te houden met dubbelgebruik van parkeervoorzieningen vanwege de veelal niet gelijktijdige (piek)belastingen bij de afzonderlijke functies. Voor verschillende functies zijn verschillende aanwezigheidspercentages van toepassing. Deze zijn gebaseerd op de CROW-kengetallen (publicatie Handboek parkeren, juni 2017) In tabel 9 zijn de in de basis te hanteren aanwezigheidspercentages per dagdeel opgenomen. Werkdag
Functie
ochtend m iddag
Koop-
Zaterdag
Zondag
avond
nacht
avond
m iddag
avond
m iddag
Woningen bew oners
50%
50%
90%
100%
80%
60%
80%
70%
Woningen bezoekers
10%
20%
80%
0%
70%
60%
100%
70%
Kantoor/bedrijven
100%
100%
5%
0%
5%
0%
0%
0%
Commerciele dienstverlening
100%
100%
5%
0%
75%
0%
0%
0%
Detailhandel
30%
60%
10%
0%
75%
100%
0%
0%
Grootschalige detailhandel
30%
60%
70%
0%
80%
100%
0%
0%
Supermarkt
30%
60%
60%
0%
60%
100%
40%
0%
Sportfuncties binnen
50%
50%
100%
0%
100%
100%
100%
75%
Sportfuncties buiten
25%
25%
50%
0%
50%
100%
25%
100%
Bioscoop/theater/podium/enz
5%
25%
90%
0%
90%
40%
100%
40%
Restaurant
5%
20%
70%
0%
70%
60%
100%
75%
Sociaal medisch: arts/therapeut/consultatie
100%
75%
10%
0%
10%
10%
10%
10%
Verpleeg-/verzorgingshuis/aanleunw oning
75%
75%
100%
25%
100%
100%
100%
100%
Dagonderw ijs
100%
100%
0%
0%
0%
0%
0%
0%
Avondonderw ijs
0%
0%
100%
0%
100%
0%
0%
0%
Tabel 9 Aanwezigheidspercentages
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
15
5
Toetsing parkeereis
5.1
Procedure Voor nieuwbouwplannen of verbouwplannen waarvoor een vergunning wordt aangevraagd bij de gemeente Barneveld, wordt getoetst of het plan voldoet aan de parkeereis. Zoals eerder aangegeven wordt hiermee bedoeld dat er in voldoende mate wordt voorzien in parkeerruimte op eigen terrein. Het eigen terrein kan zowel het terrein rond een solitaire functie zijn als het plangebied van een ontwikkeling van ruimere omvang. De werkwijze voor het bepalen van de parkeereis (stap 1-6) is in hoofdstuk 3 toegelicht. Het toetsen van deze parkeereis vindt plaats door de parkeervraag per dagdeel te vergelijken met het parkeeraanbod per dagdeel. Het resultaat vormt de parkeerbalans (stap 7-8). Een negatieve parkeerbalans betekent een tekort aan parkeerplaatsen en een positieve parkeerbalans heeft een overschot aan parkeerplaatsen. De parkeerbalans wordt per dagdeel bepaald. Op het maatgevende moment moet de parkeerbalans op 0 uitkomen of positief zijn, voor een positieve beoordeling. Stap 7 Parkeeraanbod per dagdeel Bij het bepalen van het parkeeraanbod per dagdeel wordt onderscheid gemaakt tussen het parkeeraanbod op eigen terrein en dat in openbaar gebied. De parkeerplaatsen op eigen terrein dienen wel voor een ieder toegankelijk te zijn die op dat moment wordt geacht er gebruik van te maken. Hierbij dient het berekeningsaantal te worden aangehouden zoals in deze nota opgenomen.
In sommige gebieden kan ook een vrijstelling als parkeeraanbod worden meegerekend. Stap 8 Parkeerbalans per dagdeel Het verschil tussen het parkeeraanbod en de parkeervraag vormt de parkeerbalans . Een negatieve parkeerbalans betekent een parkeertekort en een negatief advies tenzij de aanvrager en de gemeente overeenkomen dat een afkoop van de parkeereis kan en zal plaatsvinden.
Figuur 3 Bepalen parkeerbalans
5.2
Beoordeling parkeersituatie auto Om te bepalen of de parkeersituatie voldoende is, wordt het parkeeraanbod getoetst aan de parkeervraag. Voor de beoordeling van de parkeersituatie wordt uitgegaan van een aantal eisen ten aanzien van de maatvoering van parkeerplaatsen en de manoeuvreerruimte rond deze vakken. De genoemde manoeuvreerruimte betreft de benodigde rijbaanbreedte achter een haaks parkeervak of naast een langsparkeervak. Te kleine parkeervakken of te krappe manoeuvreerruimte maken parkeerplaatsen onbruikbaar of onbereikbaar. Daarom speelt de vormgeving van de vakken een belangrijke rol in de bruikbaarheid ervan. Voor de vormgeving van parkeerplaatsen in de openbare ruimte verwijzen wij naar onze Standaard ontwerp -en materiaaleisen 1.
1
Deze eisen zijn bij de gemeente op te vragen.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
16
Om het parkeeraanbod op eigen terrein te toetsen worden minimale afmetingen en berekeningsaantallen toegepast. Deze worden weergegeven in tabel 10. Deze cijfers geven aan bij welk type parkeeraanbod welk berekeningsaantal gehanteerd wordt. Parkeervoorzieningen welke niet aan de minimale maten voldoen kunnen bij het bepalen van het parkeeraanbod op eigen terrein niet volledig worden meegeteld. Een garage bij een oprit telt niet mee omdat deze in de meeste gevallen niet als parkeerplaats gebruikt wordt.
Parkeervoorziening
m in. afm eting l x b (in m eters) berekeningsaantal
Enkele oprit
3,50 x 6,00
1,0
Dubbele oprit in de lengte
10,00 x 3,50
2,0
Dubbele oprit in de breedte
6,00 x 6,00
2,0
Garagebox
3,00 x 6,00
0,5
Langsparkeervak
6,00 x 2,10
1,0
Gestoken parkeervak
5,00 x 2,50
1,0
Gestoken parkeervak (de buitenste parkeervakken)
5,00 x 2,75
1,0
Tabel 10 Berekeningsaantallen parkeervoorzieningen In tabel 11 zijn de loopafstanden weergegeven die als acceptabel worden beschouwd bij de diverse functies. Parkeeraanbod bij nieuwe functies dient dan ook binnen deze loopafstand (niet hemelsbreed) te worden gerealiseerd om in de parkeerbalans als parkeeraanbod mee te tellen. Deze afstanden zijn vooral van belang bij de ontwikkeling van grotere plannen en plannen waar een ontheffing van de parkeereis mogelijk is. Parkeerplaatsen op grotere afstand dan in de tabel weergegeven, worden in beginsel niet meegerekend. Hoofdfunctie
centrum (m )
rest kom (m )
Wonen
250
100
Winkelen
400
200
Boodschappen
100
100
Werken
500
200
Ontspanning, sport, cultuur
400
100
Horeca, verblijfsrecreatie
400
100
Gezondheidszorg
100
100
Onderw ijs
100
100
Tabel 11 Acceptabele loopafstanden Er moet een minimum van vijf procent aan algemene gehandicaptenparkeerplaatsen worden aangelegd bij publieke voorzieningen zoals bij grote winkels buiten het centrum, bibliotheek, school, gezondheidscentrum of dorpshuis. Deze parkeerplaatsen dienen zo dicht mogelijk te liggen bij de ingang van het gebouw waarin de functie is gehuisvest. De afstand tussen parkeerplaats en ingang moet zo klein mogelijk zijn en minder dan 100 meter. Bij woningbouwontwikkelingen wordt geadviseerd minimaal 5% voor te bereiden als gehandicaptenparkeerplaats zodat deze in de toekomst eenvoudig kunnen worden aangewezen of omgebouwd. Zo kunnen alvast bredere parkeerplaatsen of extra parkeerplaatsen gerealiseerd worden zodat van 3 reguliere parkeerplaatsen 2 gehandicaptenparkeerplaatsen gemaakt kunnen worden zonder dat de parkeerbalans negatief wordt. De afmetingen van gehandicaptenparkeerplaatsen staan in de standaard ontwerp -en materiaaleisen van de Gemeente Barneveld.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
17
5.3
Beoordeling laden en lossen Als bij een ontwikkeling een behoefte aan laden en lossen wordt verwacht, moet in deze behoefte voorzien worden op het terrein dat bij de ontwikkeling behoort. Daarbij mogen manoeuvreerbewegingen geen onevenredige hinder of gevaarlijke situaties opleveren in de openbare ruimte. De ontwikkelaar dient op verzoek van de gemeente een rijcurvesimulatie aan te leveren om de benodigde manoeuvreerruimte te kunnen toetsen.
5.4
Beoordeling parkeersituatie fiets Bij nieuwe functies moet de fietsparkeergelegenheid binnen, voor fietsers aantrekkelijke, loopafstand van de entree liggen. Daarmee wordt fietsgebruik aangemoedigd en beloond. Voor fietsers is het bijvoorbeeld aantrekkelijk om bij regenachtig weer de laatste meters tussen de fietsenstalling en het pand droog dan wel zo snel als mogelijk af te leggen. Als maximaal acceptabele loopafstand wordt een afstand van ongeveer 30 meter gehanteerd. Bij voorzieningen in centrumgebieden kan een uitzondering worden gemaakt op de verplichting om nieuwe fietsparkeergelegenheid te realiseren, als er bijvoorbeeld fietsvoorzieningen met restcapaciteit in de openbare ruimte in de directe omgeving aanwezig zijn. Een fietsparkeerplaats kan op verschillende manieren worden ingericht. Er kan gebruik worden gemaakt van een stalling of fietsenklemmen, maar dat is niet altijd noodzakelijk. Wanneer er geen rekken of klemmen zijn, wordt voor het beoordelen van de parkeersituatie voor fietsen uitgegaan van een benodigde stallingsruimte van ongeveer 0,65 x 2 m per fiets (BRON: CROW 291 Leidraad fietsparkeren: 1 fiets per 0,65m breedte). Daarnaast dient achter de fietsen een ruimte van ongeveer 2,00 meter beschikbaar te zijn voor het in- en uitparkeren van de fiets.
Er moet niet alleen voor bewoners maar ook voor bezoekers een goede voorziening om fietsen te stallen gerealiseerd worden, bij voorkeur dicht bij de ingang van een appartementengebouw of winkel.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
18
6
Afwijken van de parkeereis
6.1
Inleiding Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning dient te worden voldaan aan de parkeereis om in voldoende mate te voorzien in parkeerruimte op eigen terrein. In sommige gevallen is dit echter onmogelijk of kan de strikte toepassing van de parkeereis – bijvoorbeeld vanwege de bijkomende kosten of door bijzondere omstandigheden – als onredelijk worden beschouwd of op overwegende bezwaren stuiten. Soms is het echter mogelijk om op een andere wijze te voorzien in de nodige parkeer- of stallingruimte dan wel laad- of losruimte. Het college moet in dergelijke gevallen een afweging maken, tussen het (economische) belang van de ontwikkeling en de eventuele (tijdelijke) nadelige gevolgen op het gebied van bereikbaarheid, leefbaarheid en daarmee een goede ruimtelijke ordening ex art. 3.1 Wro. In deze nota worden de mogelijkheden beschreven indien wordt afgeweken van de parkeereis De afwijkingsmogelijkheden zijn te onderscheiden in vrijstellingen en ontheffingen. Voor een besluit waarbij een uitzondering op een wettelijk verbod of gebod wordt gemaakt voor een categorie van gevallen, wordt de term "vrijstelling" gebruikt. Voor een beschikking waarbij in een individueel geval een uitzondering op een wettelijk verbod of gebod wordt gemaakt, wordt de term "ontheffing" gebruikt.2
6.2
Vrijstellingen
6.2.1
Flexibiliteitbepaling In het geval van ontwikkelingen waarbij na het bepalen van de parkeereis en het parkeeraanbod een tekort van maximaal 0,50 parkeerplaats resteert en er maximale inspanning geleverd is om aan de parkeereis te voldoen wordt vrijstelling verleend van de parkeereis (zonder dat hier financiële consequenties aan verbonden worden). Per perceel kan eenmalig een beroep op dit artikel worden gedaan. Bij een ontwikkeling die onderdeel uitmaakt van een grotere samenhangende ontwikkeling die in delen wordt uitgevoerd kan deze bepaling slechts eenmaal worden toegepast over het geheel. Deze bepaling is niet van toepassing als gebruik wordt gemaakt van de afkoopregeling.
6.2.2
Vrijstelling voor beroep of bedrijf aan huis De gemeente wil het beginnen van een kleinschalig bedrijf aan huis stimuleren. Als onder de definities van het vigerende bestemmingsplan sprake is van een beroep of bedrijf aan huis en het redelijkerwijs niet mogelijk is om de benodigde parkeerplaatsen (geheel of gedeeltelijk) op eigen terrein te realiseren, wordt in principe vrijstelling verleend van de parkeereis (zonder dat hier financiële consequenties aan verbonden worden). Hierbij gelden de volgende voorwaarden: - Er is sprake van een kleinschalige ontwikkeling, waarbij de parkeerbehoefte op basis van de parkeereis maximaal 2,0 parkeerplaatsen bedraagt; - Er is geen sprake van detailhandel, groepsonderwijs, -opvang of -therapie of daarmee naar hun aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen intensieve bezoekersfuncties.
2
Aanwijzingen voor de regelgeving, aanwijzing 125
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
19
6.2.3
Vrijstelling voor centrumgebieden De gemeente wil leegstand in het centrum van Barneveld en Voorthuizen voorkomen en de lokale economie stimuleren. Daarom worden aan plannen in deze gebieden zondermeer een vrijstelling van de parkeereis verleend van maximaal 3,0 parkeerplaatsen. De vrijstelling wordt verhoogd tot maximaal 5,0 parkeerplaatsen indien binnen acceptabele loopafstand (zie tabel 9) sprake is van een restcapaciteit aan parkeerplaatsen in de openbare ruimte (zie 6.3.1 voor een toelichting hierop). Voor de centrumgebieden wordt voor wat betreft de bestaande parkeerdruk uitgegaan van gegevens van de parkeerdrukmetingen die regelmatig worden uitgevoerd. Vrijstellingen die na de meest recente parkeerdrukmeting zijn verleend, worden door het college bijgehouden en – bij de eerstvolgende relevante aanvraag omgevingsvergunning – met de parkeerdrukmeting verdisconteerd.
6.2.4
Vrijstelling voor transformatie naar goedkope woningen in centrumgebieden De gemeente wil leegstand in het centrum van Barneveld en Voorthuizen voorkomen en goedkope woningen stimuleren en betaalbaar houden. Daarom wordt bij transformatie in centrumgebieden zondermeer een vrijstelling van de parkeereis verleend voor goedkope huur -en koopwoningen wanneer binnen acceptabele loopafstand restcapaciteit beschikbaar is op het maatgevende moment. Voor goedkope woningen worden de prijsklassen aangehouden volgens het meest actuele vastgestelde volkshuisvestelijke woonbeleid (en de indexatie daarvan) en doelgroepenverordening. Ook wordt een instandhoudingstermijn vastgelegd.
6.3
Ontheffingsmogelijkheden De parkeereis moet in beginsel binnen het plangebied worden opgelost. In sommige situaties kan de parkeervraag op een andere manier dan op eigen terrein worden opgevangen.
6.3.1
Gebruik bestaande parkeerplaatsen in de openbare ruimte Een initiatief mag niet leiden tot een (toename van) parkeertekort in de openbare ruimte. Het kan echter voorkomen dat er in de openbare ruimte een restcapaciteit bestaat, waarvan gebruik gemaakt kan worden om de parkeervraag op te vangen. Als er bijvoorbeeld in de omgeving parkeerplaatsen voorhanden zijn die ooit zijn aangelegd voor een doel of functie die niet meer bestaat of als er sprake is van overcapaciteit aan parkeerruimte, is dit te onderzoeken. Dit is alleen mogelijk als de parkeerdruk in de openbare ruimte op het maatgevende moment, met toevoeging van de ontwikkeling, onder de 85% blijft. Als er binnen 10 jaar ontwikkelingen worden verwacht die de bezettingsgraad van het betreffende gebied beïnvloeden, moet ook hiermee rekening worden gehouden. Om dit te bepalen moeten er voldoende gegevens over de bestaande en te verwachten parkeersituatie voorhanden zijn. Anders kan de gemeente een parkeeronderzoek laten uitvoeren, op kosten van de initiatiefnemer. In deze situatie krijgt de initiatiefnemer geen exclusief gebruiks- of eigendomsrecht.
6.3.2
Gemeentelijke parkeerplaatsen buiten het plangebied Initiatiefnemers kunnen een verzoek doen om het parkeeraanbod te realiseren buiten het plangebied. In sommige gevallen heeft parkleeraanbod buiten het plangebied voordelen voor de omgeving vanwege mogelijkheden van dubbelgebruik. De gemeente zal beoordelen of er binnen acceptabele loopafstand gelegenheid is om parkeerplaatsen te realiseren. Bij deze beoordeling wordt onder andere rekening gehouden met de bestaande parkeerdruk, de verkeersveiligheid en de bomen- en groenstructuren in de omgeving van het plangebied. De kosten van de realisatie van de parkeerplaatsen worden in beginsel doorberekend aan de initiatiefnemer. Dit geeft de initiatiefnemer echter geen exclusief gebruiks- of eigendomsrecht.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
20
6.3.3
Particuliere parkeerplaatsen buiten het plangebied Soms kan een oplossing voor de parkeervraag worden gevonden op privaat terrein van derden. Vanwege beperkte handhavingsmogelijkheden, worden hiervoor strenge eisen gesteld. Dit kan alleen als er binnen acceptabele loopafstand een structurele restcapaciteit op het betreffende parkeerterrein aanwezig is. Uiteraard moet hierbij rekening worden gehouden met de aanwezigheidspercentages van de verschillende functies die al van het betreffende parkeerterrein gebruik maken. Ook is het van belang dat de parkeergelegenheid wel toegankelijk is voor alle gebruikers, inclusief bezoekers. Een dergelijke oplossing dient met contractafspraken door de initiatiefnemer duidelijk en aannemelijk te worden gemaakt.
6.3.4
Afkoopregeling Een aanvrager van een vergunning voor een plan in het centrumgebied van Barneveld of Voorthuizen, die alles in het werk heeft gesteld om aan de parkeereis te voldoen (waaronder aanpassen van het bouwvolume en het zoeken naar parkeerruimte binnen de loopafstand) en wiens plan ondanks eventuele vrijstellingen en ontheffingsmogelijkheden alsnog tot een negatieve parkeerbalans leidt, kan bij het college een gemotiveerd schriftelijk verzoek indienen om de (resterende) parkeereis af te kopen. Het college kan besluiten om op deze wijze ontheffing te verlenen van de gemeentelijke parkeereis, wanneer de realisatie van het initiatief naar de mening van het college belangrijker is dan de (tijdelijke) nadelige gevolgen op het gebied van bereikbaarheid en leefbaarheid. Bij dit besluit weegt het college af of de gemeente de benodigde parkeerplaatsen binnen een acceptabele loopafstand van het bouwplan kan realiseren. Als het college ontheffing verleent van de parkeereis, neemt zij de verplichting van de aanvrager over om te zorgen voor voldoende parkeergelegenheid. Aan het verlenen van een ontheffing verbindt het college een financiële voorwaarde. De rechten, plichten en de hoogte van het bedrag worden vastgelegd in een overeenkomst. De hoogte en onderbouwing van het afkoopbedrag per parkeerplaats is beschreven in bijlage 4.
De bijdrage in de reserve kan door de gemeente, behalve voor de aanleg van nieuwe parkeerplaatsen, ook gebruikt worden voor het in stand houden van reeds gerealiseerde (al dan niet voorgefinancierde) parkeerplaatsen. Parkeerplaatsen die in het kader van deze afkoopregeling worden gerealiseerd zijn openbaar toegankelijk. Aan het betalen van de parkeerbijdrage kan de aanvrager geen rechten ontlenen.
6.4
Overige afwijkingen Het college handelt overeenkomstig deze nota, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met deze nota te dienen doelen. Dit is de zogenaamde inherente afwijkingsbevoegdheid die in de Algemene wet bestuursrecht (Awb) onder artikel 4:84 is opgenomen. Deze opname in de Awb heeft tot gevolg dat in deze nota geen specifieke hardheidsclausule is opgenomen.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
21
Bijlage 1 – Onderbouwing gebiedsindeling De Nota parkeernormen is voor de hele gemeente van toepassing. De toe te passen normen kunnen echter verschillen op basis van de stedelijkheid en de ligging van een locatie. Daarom is een gebiedsindeling gemaakt. Op basis van de omgevingsadressendichtheid zoals deze bij het CBS is aangegeven, is de stedelijkheidsgraad per gebied bepaald. Als gehele gemeente valt Barneveld in de categorie ‘weinig stedelijk’ (CBS, 2012). Omdat er binnen de gemeente verschillen zijn in de omgevingsadressendichtheid worden verschillende stedelijkheidsgradaties per kern bepaald. Het is niet nodig om de stedelijkheidsgradaties nog verder te differentiëren (bijvoorbeeld per wijk), omdat de ‘stedelijke zone’ hierin het onderscheid biedt. Behalve de stedelijkheid is namelijk ook de ligging in het stedelijke gebied van belang voor de parkeernormen. Voor de ligging wordt onderscheid gemaakt in ‘centrum’, ‘schil/overloopgebied’, ‘rest bebouwde kom’ en ‘buitengebied’. Omdat in een centrumgebied vaak meer voorzieningen voor openbaar vervoer aanwezig zijn, zijn daarvoor andere parkeernormen van toepassing dan in bijvoorbeeld de rest van de bebouwde kom. In Barneveld en Voorthuizen zijn duidelijk centrumgebieden aanwezig. De andere kernen hebben geen centrum. In Barneveld en Voorthuizen is geen sprake van een duidelijke ‘schil/overloopgebied’.
Daarom worden de gebieden binnen de bebouwde komgrens, met uitzondering van de centra, geheel aangeduid als ‘rest bebouwde kom’. De gemeente Barneveld wordt op basis van deze onderbouwing in 6 verschillende gebieden verdeeld. De grenzen van deze gebieden zijn in hoofdlijnen op onderstaande kaart aangegeven. Op de volgende pagina’s zijn gedetailleerder kaarten opgenomen van Barneveld en Voorthuizen. Voor alle kernen geldt dat de werkelijke overgang tussen ‘rest bebouwde kom’ en ‘buitengebied’ wordt bepaald door de bebouwde komgrens op grond van de Wegenverkeerswet.
Figuur 1 Stedelijkheidsgraad CBS gemeente Barneveld
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
22
Gebiedsindeling Barneveld Centrum
Figuur 2 Gebiedsindeling Barneveld Centrum Centrumgebied: gebied binnen de Amersfoortsestraat, Gasthuisstraat, Nieuwe Markt, Thorbeckelaan, Burgemeester Kuntzelaan en Bouwheerstraat. Panden en/of percelen met het adres aan deze straten behoren niet tot het centrumgebied.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
23
Gebiedsindeling Barneveld
Figuur 3 Gebiedsindeling Barneveld Rest bebouwde kom: gebied tussen huidige (of in geval van uitbreidingsgebieden toekomstig beoogde) bebouwde komgrenzen (op grond van de wegenverkeerswet) en het centrumgebied.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
24
Gebiedsindeling Voorthuizen Centrum
Figuur 4 Gebiedsindeling Voorthuizen Centrum Centrumgebied: gebied bestaand uit Koninginnelaan, Smidsplein, Schoolstraat, Wheemstraat, gedeelte Hoofdstraat, gedeelte Molenweg, gedeelte Bakkersweg, gedeelte Roelenengweg, gedeelte Gerard Doustraat, gedeelte Kerkstraat, gedeelte Van den Berglaan.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
25
Gebiedsindeling Voorthuizen
Figuur 5 Gebiedsindeling Voorthuizen Rest bebouwde kom: gebied tussen huidige (of in geval van uitbreidingsgebieden toekomstig beoogde) bebouwde komgrenzen (op grond van de wegenverkeerswet) en het centrumgebied.
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
26
Bijlage 2 – Onderbouwing herijkte parkeernormen Om van de landelijke kencijfers te komen naar Barneveldse parkeernormen, is in de parkeernota 2015 een correctie gemaakt op basis van de mobiliteits- en lokale kenmerken van Barneveld. Bij het herijken van de parkeernota 2020 is een stappenplan uitgewerkt om te toetsen of de in 2015 gekozen bandbreedte aansluit bij de daadwerkelijke parkeervraag. Op basis van de onderzoeksresultaten, het licht gestegen autobezit cijfer en enige flexibiliteit wat betreft uitwijken en minder dubbelgebruik door de toename van elektrische laadplekken is ervoor gekozen om de in 2015 vastgestelde bandbreedte te handhaven voor de herijkte Nota Parkeernormen om zo de komende jaren toekomstbestendig voldoende parkeercapaciteit te realiseren. In deze bijlage wordt een toelichting gegeven op de stappen en onderzoeksresultaten. Er is voor de herijking een parkeeronderzoek uitgevoerd in alle wijken waar de parkeernota 2015 is toegepast. Deze Barneveldse parkeernormen zijn inmiddels toegepast in Eilanden-Oost en Veller II Barneveld, Dwarsakker Zwartebroek, nieuwbouw Stroe, Vlasbekje en Holzenbosch Voorthuizen, ’t Boerenerf Garderen.
Autobezit Voor het opstellen van de Nota Parkeernormen 2015 is onder andere gebruik gemaakt van de CBS-cijfers over autobezit in de gemeente Barneveld uit het jaar 2010. Inmiddels zijn er recentere cijfers beschikbaar uit zowel 2014 als 2018. De cijfers uit 2010 zijn met die uit 2014 en 2018 vergeleken. In sommige delen van dorpen en wijken zijn afnames te zien, in sommige een lichte stijging. In het buitengebied van Kootwijk is de grootste grote toename van 0,8 per woning zichtbaar. De cijfers geven niet een 100% betrouwbaar beeld van de hoeveelheid geparkeerde auto’s in de wijken. Dat er auto’s geregistreerd zijn in Barneveld betekent niet per definitie dat ze daar ook (dagelijks) staan. Daarentegen betreft een deel van de auto’s in de wijken leaseauto’s en bedrijfsauto’s die juist elders zijn geregistreerd. Overall concluderen wij dat het autobezit over alle dorpen en wijken genomen de laatste jaren licht is gestegen met gemiddeld 0,06 per woning.
Parkeeronderzoek woonwijken De toegepaste normen ‘op maat’ zijn succesvol toegepast in meerdere wijken en dorpen en sluiten goed aan bij de parkeervraag. Op basis van de landelijke kencijfers, die een bandbreedte kennen, zijn in 2015 de parkeernormen voor Barneveld bepaald. Deze Barneveldse parkeernormen zijn inmiddels toegepast in Eilanden-Oost en Veller II Barneveld, Dwarsakker Zwartebroek, nieuwbouw Stroe, Vlasbekje en Holzenbosch Voorthuizen, ’t Boerenerf Garderen. In opdracht van de gemeente Barneveld is door onderzoeksbureau De Groot Volker een parkeeronderzoek uitgevoerd in de periode van 28 januari t/m 6 februari op drie maatgevende doordeweekse dagen (één dinsdag en twee donderdagen) en een winkelpiekdag (zaterdag). Het betreft een onderzoek naar de parkeerdruk en het parkeermotief. Naast openbare parkeergelegenheden is ook parkeren op eigen terrein meegenomen in de woonwijken (al konden voertuigen die in garages geparkeerd stonden niet worden geregistreerd). Het parkeeronderzoek is buiten de regionale schoolvakanties uitgevoerd. Daarnaast hebben geen grote evenementen plaatsgevonden in het onderzoeksgebied en waren er geen bijzondere weersomstandigheden. Het corona-virus was op dat moment nog niet in Nederland. Er kan daarom uitgegaan worden dat de onderzoeksresultaten representatief zijn voor de normale situatie.
In de verkeerskunde wordt een maximaal acceptabele bezettingsgraad van 85% tot 90% vaak gehanteerd. Gemiddeld over een gehele wijk of dorp wordt deze waarde niet overschreden. Het is echter niet meer te herleiden of in alle wijken exact het aantal parkeerplaatsen volgens de parkeereis gerealiseerd zijn (het zouden er ook enkele meer kunnen zijn) en ook zijn voertuigen die in een garage geparkeerd stonden niet geregistreerd. Er moet dus met enige marge (5%) rekening gehouden worden. In de wijk Vlasbekje (aangelegd
Nota parkeernormen gemeente Barneveld
27
volgens de Nota Parkeernormen 2015) is wel exact het minimale aantal parkeerplaatsen volgens de parkeereis aangelegd. Hier is de hoogste bezetting gemeten. Wanneer het gemiddelde bezettingsgraadcijfer voor de openbare ruimte met 5% wordt verhoogd ligt deze nog net onder de maximaal acceptabele bezettingsgraad. In alle dorpen en wijken zijn wel enkele straten gemeten met een hogere bezettingsgraad dan 85%. Deze kunnen in alle gevallen uitwijken naar een straat binnen acceptabele loopafstand, maar wanneer deze voertuigen daarbij opgeteld worden, wordt ook daar de acceptabele bezettingsgraad van 85% bereikt of overschreden. De gemiddelde privé bezetting ligt rond de 85%, maar naar verwachting ligt dit cijfer hoger doordat voertuigen welke in een garage geparkeerd stonden niet geregistreerd zijn. Geconcludeerd kan worden dat op basis van het onderzoek de parkeercapaciteit goed aansluit op de parkeervraag. Bij het bepalen van de huidige parkeernormen is gebruik gemaakt van de kengetallen van de CROW (Kencijfers CROW 317). Kengetallen zijn gebaseerd op onderzoeken naar de werkelijke parkeerdruk bij een veelvoud aan functies in gebieden met uiteenlopende stedelijkheidsgraad. In 2018 is er een actualisatie van de kengetallen geweest (CROW-publicatie Toekomstbestendig parkeren). Hierbij zijn alleen nieuwe functies toegevoegd of functies samengevoegd.
De kengetallen van ongewijzigde functies zijn niet veranderd.
Parkeren bedrijventerreinen Bedrijven lossen de parkeervraag op eigen terrein op. Op de nieuwe bedrijventerreinen Harselaar Zuid, de Briellaerd Noord maar ook losse kavels op bestaande delen van Harselaar zijn de afgelopen jaren nieuwe bedrijven gerealiseerd. Voor bedrijven is het uitgangspunt dat de parkeereis/parkeervraag volledig op eigen terrein wordt opgelost. In enkele gevallen was de parkeernorm onredelijk vanwege bijvoorbeeld een grote opslag-bedrijfshal met veel bruto vloeroppervlakte of bedrijfsverzamelgebouwen waar slechts enkele werknemers werken maar volgens de parkeernorm meer dan enkele tientallen parkeerplaatsen gerealiseerd moeten worden. In deze situaties is maatwerk toegepast op basis van een onderbouwing van de initiatiefnemer, rekening houdend met toekomstige groei van het bedrijf. In het parkeeronderzoek zijn geen voertuigen buiten de kavels geconstateerd waarbij geconcludeerd kan worden dat de Nota en de transparante werkwijze goed functioneren. In de herijking wordt alleen de omschrijving van de categorieën verduidelijkt.