B-4.8 Besluit B&W inzake Memo proces totstandkoming Kadernota d.d. 23-3-21.pdf
Tekst van het document
Raadsmemo Proces totstandkoming Kadernota 2022-2025
Datum:
Onderwerp: Ter attentie van: Afzender: Portefeuillehouder: Mail behandelaar
5 maart 2021 Proces totstandkoming Kadernota 2022-2025 De raad College van Burgemeester en Wethouders A.H. van de Burgwal Telefoonnummer
J.Hooijer@barneveld.nl
06-11202851
Samenvatting Bij de totstandkoming van de Kadernota 2022-2025 worden 2 parallelle sporen bewandeld: een korte en een lange termijn spoor. Daarbij worden zowel de inkomsten- als de uitgavenkant betrokken. Afhankelijk van de mate van zekerheid hiervan worden, naast het voorkeursscenario, ook alternatieve scenario’s voor de lange termijn geschetst. Daarbij wordt, naar de dan beschikbare kennis, geschetst op welk moment ten aanzien van welke onzekerheid meer duidelijkheid wordt verwacht. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in ‘externe’ besluitvorming (met name rijk) en besluitvorming door de gemeente zelf. Doel De raad tussentijds informeren over het totstandkomingsproces van de Kadernota 2022-2025. 1. Inleiding De Programmabegroting 2021 is vastgesteld. De begroting 2021 is sluitend, de meerjarenbegroting niet: 2021
2022 65
2023 -1.483
2024 -2.236
-1.618
De voorbereidingen voor de Kadernota 2022-2025 zijn gestart. Doel is om te komen tot een sluitende meerjarenbegroting, waarbij rekening gehouden wordt met de onzekerheden die er zijn. Uitgangspunt is dat het college verantwoordelijk is voor het opstellen van de ontwerp-Kadernota. De raad kan dit voorstel amenderen, moties indienen. De Kadernota en de moties worden betrokken bij het opstellen van de OntwerpProgrammabegroting 2022. De raad wordt tussentijds, via de maandrapportage (de eerste verschijnt in maart), geïnformeerd over de actuele meerjarenprognose.
2. Onzekere factoren Zoals in de Programmabegroting 2021 is vermeld, is er nog geen volledig beeld van de toekomstige financiën en is hiermee in het meerjarenperspectief geen rekening gehouden. Ook spelen er diverse ontwikkelingen, met financiële gevolgen. Het gaat dan om: meer middelen, met name sociaal domein. O.a. n.a.v. onafhankelijk onderzoek, waaruit blijkt dat gemeenten structureel meer geld aan jeugdzorg uitgeven dan ze van het rijk daarvoor krijgen; herverdeling gemeentefonds. Gevolgen lijken voor Barneveld voordelig (€ 36 per inwoner). Rekening houdend met een ingroeimodel betekent dit een structureel voordeel van 8 ton in 2023, oplopend tot 2 miljoen in 2025. Deze info is nog niet ‘hard’; gevolgen corona. Mogelijke gevolgen (bijstandsuitkeringnen als gevolg van o.a. faillissementen, OZB bij leegstand bedrijven enz) zijn, in relatie tot financiële compensatie door het rijk, niet bekend; in werking treding Omgevingswet, met naar verwachting nadelige gevolgen voor de inkomsten uit leges en de kosten van de implementatie. Voor de invoeringskosten worden gemeenten mogelijk door het rijk gecompenseerd; als gevolg van de groei en de ambities van de gemeente, is capaciteit nodig. Met ingang van 2022 wordt structureel in 50% van de personeelsbehoefte voorzien; de samenvoeging met Scherpenzeel.
In geval van een herindeling ontvangen de herindelende gemeenten een bijdrage van het rijk voor frictiekosten; overige, waaronder de uitgaven sociaal domein, de wijziging van het woonplaatsbeginsel, de invloed van ‘corona’ (bijvoorbeeld leegstand), loonen prijsstijgingen enz. Bij het traject om tot een sluitende meerjarenbegroting te komen, houden wij rekening met het traject van de Omgevingsvisie. De raad heeft uitgesproken hier een versnelling in aan te willen brengen. De urgentie om op korte termijn de positie van Barneveld te bepalen is evident. Het traject van de Omgevingsvisie duurt nog zeker 2 jaar. Daarom vindt, naar verwachting, in mei besluitvorming plaats door de raad over het groeiscenario dat realistisch is, waarbij in beeld wordt gebracht wat dit betekent voor de ontwikkeling van Barneveld richting 2030 (en 2050). 3. Sluitende meerjarenbegroting Korte termijn Zoals opgemerkt is het doel om te komen tot een sluitende meerjarenbegroting vanaf 2022.
Daarbij wordt het volgende in beeld gebracht: - welke beleidstoevoegingen er zijn, waarbij onderscheid wordt gemaakt in onontkoombare, onvoorzienbare en onuitstelbare beleidstoevoegingen (3 O’s), bijvoorbeeld als gevolg van wet- en regelgeving of afspraken in de regio en wenselijke beleidstoevoegingen; - naast bezuinigingsvoorstellen kunnen ook inkomstenverhogende voorstellen uitgewerkt worden; - fundamentele keuzes en de gevolgen daarvan, voor afspraken/ambities. De te maken keuzes voor de korte termijn mogen de voor de langere termijn te maken keuzes niet fundamenteel beïnvloeden. Lange termijn Bij de Programmabegroting 2022 heeft naar verwachting besluitvorming plaatsgevonden over de Hoofdlijnennotitie, waarbij de raad zich mogelijk heeft
uitgesproken over een ontwikkelscenario. Dit geeft voor de uitwerking in de Programmabegroting 2022 mogelijk meer richting. Ook kunnen bezuinigingsrichtingen verder uitgewerkt in de begroting verwerkt worden. Er is mogelijk meer bekend over de herverdelingeffecten gemeentefonds, de herindeling met Scherpenzeel, extra middelen sociaal domein enz. Bij de Kadernota 2023-2026 is naar verwachting weer meer bekend. 4. Proces Kadernota 2022-2023 Door de griffier is inmiddels een Training gemeentefinanciën: inzicht in de financiële situatie en de sturings- en controlemogelijkheden van de raad georganiseerd (op 16 februari). In de agendacommissie van 15 februari is ingestemd met het volgende proces van de Kadernota: 18/05 21/05 27/05 3 juni 17/06
Vaststelling ontwerp-Kadernota door college. Kadernota onder embargo naar de raad Persgesprek en info in krant, Kadernota openbaar Technische Infoavond raad: zoals begrotingsmarkt* Vaststellen Kadernota
*Net als bij de Programmabegroting 2021 het geval was, wordt een ‘technische informatie avond/begrotingsmarkt’ georganiseerd. Deze komt in plaats van de schriftelijke technische vragenronde.