B-4.19 Memo uitkomsten septembercirculaire en effecten 2e turap d.d. 18-10-22.pdf
Tekst van het document
Memo
Datum: 18 oktober 2022 Onderwerp:
Ter attentie van:
Afzender:
Informeren uitkomsten Septembercirculaire 2022 en structurele effecten Tweede Tussenrapportage Gemeenteraad College van B&W
Inleiding De septembercirculaire 2022 is een dag na Prinsjesdag verschenen. Deze circulaire bevat informatie over de actualisatie van het accres op basis van de Miljoenennota en een eenmalige rijksbijdrage in 2026. In de regel verschijnen jaarlijks drie circulaires, in mei, september en december. Mei geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, september gaat over de uitkomsten van de Miljoenennota, december rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. De afgelopen jaren wisselde het beeld in de opeenvolgende circulaires. Het kwam regelmatig voor dat in de ene circulaire een daling werd voorzien, waarna in volgende circulaire(s) een stijging werd aangekondigd. Voor gemeenten was het daarom lastig een stabiele financiële koers te volgen. In overleg met de VNG is er nu een systematiek uitgewerkt die minder fluctueert dan voorheen. Dit leidt tot een stabieler begrotingsbeeld voor gemeenten. In dit memo hebben we ons met name gericht op de uitkomsten van de Septembercirculaire voor de jaren 2022 en verder in relatie tot de Programmabegroting 2023. Ook zijn de structurele effecten van de Tweede Tussenrapportage verwerkt.
Hoofdpunten Septembercirculaire 2022 In deze memo worden eerst de belangrijkste landelijke ontwikkelingen gemeld uit de Septembercirculaire en vervolgens de specifieke uitkomsten hiervan voor Barneveld; De accressen vanaf 2023 tot en met 2026 zijn bijgewerkt, wat leidt tot een kleine verhoging van het accres de komende jaren (t.b.v. loon- en prijsstijgingen): - 2023: € 389 miljoen - 2024: € 90 miljoen - 2025: € 44 miljoen - 2026: € 60 miljoen Het volume-accres is voor de jaren 2022 tot en met 2025 vastgezet op de stand van de meicirculaire 2022; Een voorschot op de onderschrijding van het BTW-compensatiefonds (BCF) plafond 2022 van € 320,9 miljoen; Een eenmalige rijksbijdrage van € 1 miljard in 2026; 1
Zeven taakmutaties, waaronder de taakmutatie in verband met Energietoeslag. Er worden zes nieuwe decentralisatie-uitkeringen gepresenteerd. De grootste mutatie betreft de decentralisatie-uitkering Invoeringskosten Omgevingswet met € 150,9 miljoen in 2022; In deze circulaire vindt de actualisatie plaats van een aantal maatstaven, zoals reintegratie klassiek, medicijngebruik, gemiddeld gestandaardiseerd inkomen, minderheden, minderheden met drempel, uitwonende studenten en personen in zorginstellingen.
2
Budgettaire uitkomsten Prognose resultaat per begrotingsjaar
Stand Programmabegroting 2023
2022
2023
2024
I
S
totaal
8.004
8.651
- 647
- 2.551
- 4.910 2.359
778
- 1.053 1.830
5.226
-271
-271
-271
-271
1.120
1.120
1.376
1.376
0. Effecten 2e Tussenrapp. (struct)
I
S
totaal
2025
totaal
I
S
totaal
2026 I
S
totaal
I
S
4.128 1.099
- 779
- 786
7
-271
-271
-271
-271
1.507
1.507
1.678
1.678
Effecten Septembercirculaire 2023 1. Uitkeringsfactor en basis a. Accres b. Vrijval stelpost accres
520
520
1.031
1.031
1.421
1.421
1.772
1.772
2.244
2.244
c. Ontwikkeling uitkeringsbasis
-349
-349
933
933
-424
-424
-1.557
-1.557
-1.876
-1.876
d. Effecten van WOZ waardeontwikkeling
-739
-739
-995
-995
-1.005
-1.005
-1.016
-1.016
-1.025
-1.025
-640
-640
-640
-640
-640
-640
-640
-640
e. Correctie waardestijging WOZ f. BCF
912
912
g. Eenmalige Rijksbijdrage 2026
2.655
2.655
h. Vrijval stelpost aanname accres 2026
-2.655
-2.655
2. Aanpassen (aantallen) basisgegevens o.a inwoners etc.
1.162
1.162
821
821
909
909
1.012
1.012
985
985
3. Taakmutaties 3a. Taakmutaties en bijdrage herindeling
1.817
1.817
35
103
-69
17
88
-72
-102
-28
-74
-95
-27
-69
3b. Stelpost voor taakmutaties
-1.817
-1.817
-35
-103
69
-17
-88
72
102
28
74
95
27
69
4. IU/DU's Ontwikkeling IU's/ DU's
826
826
38
38
38
38
38
38
38
38
Stelpost IU's/DU's
-826
- 826
-38
- 38
-38
- 38
-38
- 38
-38
- 38
Mutaties Totaal
1.506
912
594
1.997
-
1.997
1.366
-
1.366
807
-
807
1.094
-0
1.094
Nieuwe prognose resultaat per begrotingsjaar9.509
9.563
- 54
- 554
- 4.910
4.356
2.143
- 1.053
3.196
6.034
4.128
1.906
315
- 786
1.101
3
0. Structurele effecten Tweede Tussenrapportage In de tabel zijn de structurele effecten opgenomen van de Tweede Tussenrapportage 2022 die nog niet in de programmabegroting 2023 waren verwerkt. Een inhoudelijke toelichting is opgenomen in de Tweede Tussenrapportage.
Effecten Septembercirculaire 2023 1. Uitkeringsfactor en basis a. Accres De accressen vanaf 2023 tot en met 2026 zijn bijgewerkt, wat leidt tot een kleine verhoging van het accres de komende jaren (t.b.v. loon- en prijsstijgingen). Voor Barneveld betekent dit: - 2023: € 1,1 miljoen - 2024: € 1.4 miljoen - 2025: € 1,5 miljoen - 2026: € 1,7 miljoen b. Vrijval stelpost accres onderuitputting In de Kaderbrief 2023 was rekening gehouden met een behoedzaamheidsstelpost, waarbij de aanname was dat het Rijk minder zou uitgeven dan gedacht en gemeenten op dat moment dan gekort zouden worden op de algemene uitkering (trap op trap af). Later werd bekend dat het volume-deel zou worden vastgezet en is hiervoor bij de begroting 2023 een deel van de behoedzaamheidsstelpost vervallen. In de septembercirculaire is het vastzetten van het volume-accres opgenomen, voor de jaren 2022 tot en met 2025 op de stand van de meicirculaire 2022. Bij nader inzien bleek dat door deze methodiek ook voor het (prijs)deel gemeenten geen risico meer lopen op onderuitputting van het Rijk en de behoedzaamheidsstelpost in zijn geheel kan vervallen. Dit heeft een positief effect op de prognose van de meerjarige inkomsten. c. Ontwikkeling uitkeringsbasis Het Rijk is overgestapt naar een andere financieringssystematiek op basis van het LPOaccres.
De loon- en prijsontwikkeling in het accres is bijgesteld op basis van de Macro Economische Verkenning van het Centraal Planbureau. Alhoewel voor de jaren 2024 en verder de raming van de loon- en prijsindices niet is gewijzigd, wijzigt het LPO-accres als gevolg van een wijziging in de grondslag waarover het LPO-accres wordt berekend. De index voor loon-prijsontwikkeling geschiedt op basis van de CPB-raming van de loonvoet sector overheid, index materiele overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen. Hierbij wordt een verdeling van 60% loonontwikkeling, 20% consumptie en 20% investeringen aangehouden. Deze wijziging heeft een negatief effect op de algemene uitkering: - 2022: -/- € 0,3 miljoen - 2023: -/- € 0,9 miljoen - 2024: -/- € 1 miljoen - 2025: -/- € 1 miljoen - 2026: -/- € 1 miljoen Deze methodiek hebben we inmiddels ook gehanteerd voor de raming van een stelpost loon- en prijsontwikkeling, zoals opgenomen in de Kaderbrief 2023. d. Effecten WOZ waarde ontwikkeling Op basis van de landelijke waardeontwikkeling van woningen en niet-woningen is het rekentarief van de WOZ aangepast. Daarnaast zijn de WOZ waarden geactualiseerd op basis van de voorlopige vaststelling CBS. Per saldo leidt dit tot een nadeel (hogere aftrek): - 2022: € -/- € 0,7 miljoen - 2023: € -/- € 1 miljoen 4
-
2024: € -/- € 1 miljoen 2025: € -/- € 1 miljoen 2026: € -/- € 1 miljoen
e.
Correctie waardestijging WOZ (voorschot op verwerking in de decembercirculaire 2022) Vrijdag 7 oktober jl. is een update van de septembercirculaire 2022 van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) verschenen. De verwerking van deze correctie zal plaatsvinden in de decembercirculaire 2022. Het betreft 2 correcties: 1. De WOZ-waarden voor uitkeringsjaar 2023 en verder zijn met een factor 2 te hoog geraamd in de septembercirculaire 2022. De uitkeringsfactor is vanaf 2022 neerwaarts bijgesteld met 8 punten omdat de WOZ-waarde van de woningen eigenaren te hoog was; 2. Het ministerie heeft op 7 oktober jl. ook correcties van gewichten van een aantal maatstaven gepubliceerd (2 taakmutaties). Deze taakmutaties zijn op basis van verkeerde gewichten verdeeld in de publicatie van BZK op 21 september jl. Voor Barneveld heeft dit een negatief effect van structureel € 0,6 miljoen (vanaf 2023). Deze hebben we vooruitlopend op de decembercirulaire 2022 alvast verwerkt in de cijfers.
f. BTW- Compensatie Fonds (BCF) Het BCF-plafond bedraagt € 3,7 miljard voor alle gemeenten in 2022. Als de gezamenlijke BTW- declaraties onder dit plafond blijven wordt het verschil in het gemeentefonds teruggestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. Het plafond muteert jaarlijks met het accrespercentage. Door de bevriezing van het accres in 2022 tot en met 2025 is het plafond in die jaren ook gefixeerd. In het systeem is opgenomen dat jaarlijks bij de septembercirculaire een voorschot wordt verstrekt op de eventuele verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar. In de meicirculaire volgend op het kalenderjaar volgt de afrekening. De provinciaal toezichthouder staat toe een meerjarige stelpost op te nemen als inschatting op de jaarlijkse onder- of overschrijding van het plafond. Uit voorzichtigheidsprincipe hanteren wij geen meerjarige stelpost, omdat deze per jaar erg kan verschillen. We nemen het voor- of nadeel in een bepaald jaar indien het voorschot bekend wordt, waarna de definitieve afrekening het jaar erop volgt. Voor 2022 gaan we uit van de nu bekende cijfers, voor Barneveld levert dat een incidenteel voordeel op van € 0,9 miljoen. g.
Eenmalige Rijksbijdrage 2026 en vrijval stelpost aanname accres 2026 In programmabegroting 2023 is een aanname gedaan voor het accres voor het jaar 2026, te weten 50% van het accresverschil tussen 2025 en 2026 (3,4 miljoen). Dit omdat vanwege kabinetsbesluit het Rijksbudget voor de gemeenten slechts toereikend is tot en met 2025. Het Rijk werkt met gemeenten aan een nieuwe financieringssytematiek vanaf 2026. In aanloop daarnaartoe stelt het kabinet ter compensatie van het ‘ravijnjaar’ eenmalig € 1 miljard extra in 2026 beschikbaar. Via de algemene uitkering komt € 924 miljoen beschikbaar. Een bedrag van € 76 miljoen wordt toegevoegd aan het BTWcompensatiefonds. Voor de gemeente Barneveld houdt dit een incidenteel voordeel in van € 2,6 miljoen voor het jaar 2026. Hiermee kan een deel van de eerdere stelpost die is opgenomen bij de Kaderbrief 2023, voor de aanname die is gedaan voor het jaar 2026, vervallen. Het restant van de stelpost (€ 0,8 miljoen) blijft voorlopig als stelpost bestaan, omdat de verwachting is dat bij een volgende miljoenennota hier een opwaartse bijstelling zal plaatsvinden.
2. Ontwikkelingen als gevolg van aanpassen eenheden per maatstaf Barneveld De aantallen eenheden per maatstaf zijn voor Barneveld op basis van groei en actuele informatie aangepast. Per saldo leiden deze tot hogere inkomsten: 5
-
2022: 2023: 2024: 2025: 2026:
€ 1,1 miljoen € 0,8 miljoen € 0,9 miljoen € 1 miljoen € 1 miljoen
3. Te reserveren uitgavenbudgetten (taakmutaties) De circulaire bevat informatie over 7 taakmutaties. We noemen alleen die voor Barneveld relevant en substantieel zijn. Conform het gebruikelijk beleid worden de bedragen die met taakmutaties zijn gemoeid gereserveerd tot het moment dat meer duidelijk is wat dit voor Barneveld betekent (zie 3b. stelpost). Hierdoor leiden deze toevoegingen in deze fase niet tot budgettaire effecten. Het betreft met name de volgende taken: o Energietoeslag € 550 miljoen eenmalig in 2022 Op 5 juli 2022 heeft het kabinet aangekondigd het richtbedrag van de eenmalige energietoeslag te verhogen van € 800 naar € 1.300. Het Kabinet heeft hiervoor een extra budget van € 550 miljoen beschikbaar gesteld. Hiervan is € 500 miljoen bestemd voor de ophoging van de energietoeslag en € 50 miljoen voor de extra uitvoeringskosten van gemeenten. De verdeling van deze aanvulling via de algemene uitkering is verwerkt in de septembercirculaire. Het kabinet heeft in de Miljoenennota besloten om in 2023 nogmaals € 1.300 aan de doelgroep van de energietoeslag uit te keren. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, krijgen gemeenten de mogelijkheid om € 500 hiervan al in 2022 uit te keren. Gemeenten hebben onder de huidige wetgeving de tijd om de toeslag tot 1 juli 2023 uit te keren.
Voor Barneveld gaat het om een bedrag van € 1,1 miljoen dat in deze circulaire beschikbaar komt (2022). o
Asiel (inburgering). In het bestuurlijk akkoord van 26 augustus 2022 over de opvang van asielzoekers is afgesproken dat het kabinet voldoende financiële middelen beschikbaar stelt voor integratie. Als gevolg van een hogere instroom van inburgeraars wordt het inburgeringsbudget voor de jaren 2022, 2023 en 2024 opgehoogd met respectievelijk € 20, € 40 en € 30 miljoen. Hiermee kunnen gemeenten alle inburgeraars passende ondersteuning bieden. Voor Barneveld gaat het om: 2022: € 66.600 2023: € 147.000 2024: € 115.400
o
De bijdrage voor de gemaakte kosten voor de herindeling met Scherpenzeel is ook opgenomen in de septembercirculaire, een bedrag van € 637.000 in 2022.
o
Met ingang van 2023 wordt structureel € 27,2 miljoen, waarvan € 20 miljoen uit Wmo en € 7,2 uit Jeugd, uit de algemene uitkering genomen ten behoeve van de uitvoeringskosten van de SVB van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Gezien de onzekerheid over de kostenontwikkeling evalueren de VNG en het ministerie van VWS deze afspraak na vier jaar (in 2026), op basis van de werkelijke uitvoeringskosten van de SVB voor de Jeugdwet en de Wmo. Op basis van de evaluatie kan besloten worden om de structurele uitname uit het gemeentefonds naar boven of beneden bij te stellen. Voor Barneveld gaat het structureel om zo’n -/- € 70.000 (vanaf 2023).
6
4. Decentralisatie uitkeringen (neutraal) In deze septembercirculaire is sprake van mutaties in reeds bestaande integratie- en decentralisatie-uitkeringen vanwege geactualiseerde aantallen of aanpassingen in het macrobudget (IU’s en DU’s). Voor Barneveld betreft het de DU Maatschappelijke begeleiding (2022: € 118.500). Conform het gebruikelijk beleid worden de bedragen die met IU’s/DU’s zijn gemoeid gereserveerd tot het moment dat meer duidelijk is wat dit voor Barneveld betekent. Daarnaast zijn er nieuwe decentralisatie-uitkeringen in de septembercirculaire opgenomen die van toepassing zijn op Barneveld: a. DU Invoeringskosten Omgevingswet € 150,9 miljoen in 2022 In paragraaf 3.3.5 van de meicirculaire 2022 is reeds aangekondigd dat het Rijk in totaal € 150 miljoen bijdraagt aan de transitiekosten die gemeenten hebben gemaakt in aanloop naar de invoering van de Omgevingswet. Er volgt nog een stelselevaluatie, waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten opnieuw in kaart worden gebracht. De verdeling van deze decentralisatie-uitkering vindt plaats via de verdeelsleutel 60% inwonertal, 25% landoppervlak en 15% vast bedrag. Deze € 150 miljoen is in deze circulaire verwerkt. Voor de gemeente Barneveld betekent dit een bedrag van € 575.024. Over de middelen voor de jaren 2023 tot en met 2025 volgt meer informatie in een latere circulaire.
Inmiddels is gebleken dat de invoering van de Omgevingswet wederom is uitgesteld, naar 1 juli 2023. b. Een DU betreffende de invoering van de Wet kwaliteitsborging bouw € 24,7 miljoen in 2022. Voor 2023-2026 € 10 miljoen. De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Voor Barneveld gaat het om 2022: € 94.300, vanaf 2023 zo’n € 38.000. c. DU Leerlingenvervoer Oekraïne € 9,2 miljoen in 2022. Voor Barneveld betreft dit een bedrag van € 23.300.
7