B-4.15 Memo B&W over informeren uitkomsten Meicirculaire 2023 d.d. 12-6-23.pdf
Tekst van het document
Memo
Datum: 14 juni 2023 Onderwerp:
Ter attentie van:
Afzender:
Informeren uitkomsten Meicirculaire 2023 Raad College van B&W
Inleiding De meicirculaire 2023 is volgens planning verschenen. Deze circulaire bevat informatie over de actualisatie van het accres op basis van de Voorjaarsnota 2023 en een structurele rijksbijdrage vanaf 2027. In dit memo hebben we ons met name gericht op de uitkomsten van de Meicirculaire 2023 voor de jaren 2023 en verder. We zetten dit af tegen de aannames die we hebben gedaan bij de Kadernota 2024, zodat helder is welke effecten er zijn met betrekking tot het gepresenteerde meerjarenperspectief. Effect ten opzichte van de Kadernota De totale uitkomsten van de Meicirculaire hebben een positief effect op het (structureel) meerjarenperspectief, met uitzondering van het jaar 2026. We zien hierbij dat het eerste jaar structureel sluit op een bedrag van € 1,2 miljoen. De jaren erna blijven de structurele resultaten negatief (2025: - € 0,3 miljoen; 2026: € - 4,1 miljoen; 2027: - € 3,2 miljoen). 2024
2025
2026
totaal
I
S
totaal
I
S
totaal
Effecten Totaal (A)
5.858
144
5.714
6.441
147
6.294
Saldo AU reeds opgenomen in Kadernota (B)
-5.124
-5.124
-5.392
Verschil ten opzichte van de Kadernota (C=A+B)
734
144
590
1.049
Meerjarenprognose Kadernota 2024 (D)
-1.142
-1.770
628
Nieuwe prognose resultaat per begrotingsjaar (E=C+D)
-408
-1.626
1.218
2027 I
S
totaal
I
S
4.085
4.085
6.999
218
6.781
-5.392
-5.782
-5.782
-6.488
147
902
-1.697
-1.697
511
218
293
2.832
4.069
-1.237
-3.194
-786
-2.408
-4.279
-786
-3.493
3.881
4.216
-335
-4.891
-786
-4.105
-3.768
-568
-3.200
-6.488
De verschillen worden met name veroorzaakt door: - Een verhoging van de inkomsten door een extra prijsbijstelling over het jaar 2022 met een structurele doorwerking; 1
-
Bijwerking van de accressen, met een iets andere Loon prijs ontwikkeling dan eerder opgenomen; Het (ravijn)jaar 2026 valt negatiever uit omdat de indexaties van accresbijstellingen over een lager basisbedrag worden berekend. Ook vervalt een nog bestaande stelpost (van zo’n € 8 ton) voor 2026 en 2027 die eerder was opgenomen als inschatting voor de accresontwikkeling vanwege de onduidelijkheid rondom de nieuwe financieringssystematiek (Programmabegroting 2023). In 2027 loopt de uitkeringsbasis iets op (i.r.t de maatstaven). Hoofdpunten Meicirculaire 2023 voor de gemeente Barneveld 1. Een extra prijsbijstelling over het accres 2022, die een structurele doorwerking heeft op de rijksinkomsten vanaf het jaar 2023; 2. De accressen voor de loon- en prijsontwikkeling (LPO-accres) zijn van 2023 tot en met 2027 bijgewerkt (hier is reeds een aanname voor opgenomen in de Kadernota 2024); 3. Een structurele rijksbijdrage van landelijk € 1 miljard vanaf 2027, vooruitlopend op de nieuwe financieringssystematiek (hier was een stelpost voor opgenomen bij de Kadernota 2024); 4. Een aantal taakmutaties, waaronder een grote taakmutatie voor de Jeugdzorg; 5. In bestaande decentralisatie-uitkeringen zijn wijzigingen aangebracht in het macrobudget. 6. Procesmededeling over de Energietoelage 2023. Toelichting financiële effecten Meicirculaire 2023 gemeente Barneveld
1. Uitkeringsfactor en basis a. Accres Sinds de Meicirculaire 2022 is het accres gesplitst in een volume- en een nominaal deel, waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging en het volumedeel ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres. In de meicirculaire 2023 zijn de LPO-accressen voor de jaren 2023 tot en met 2027 bijgewerkt en is sprake van een opwaartse bijstelling voor alle jaren. Reeks in constante prijzen: 2023: 0,8 milj 2024: 1,750 milj 2025: 1,723 milj 2026: 1,560 milj 2027: 1,512 milj b. Structurele rijksbijdrage vanaf 2027 Vooruitlopend op een nieuwe financieringssytematiek heeft het kabinet in de septembercirculaire 2022 in 2026 eenmalig landelijk € 1 miljard beschikbaar gesteld. Dit bedrag is in de meicirculaire 2023 vanaf 2027 structureel opgenomen (voor Barneveld € 2,6 miljoen). Later dit jaar, in de septembercirculaire 2023, wordt van dit bedrag nog een deel in het BTW-compensatiefonds (BCF) gestort (voor Barneveld gaat het hier waarschijnlijk om een bedrag van € 218.538). Nieuwe financieringssystematiek Het kabinet heeft besloten om het gemeentefonds voor de volume-ontwikkeling vanaf 2027 te indexeren op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. In de meicirculaire 2023 is een beschrijving van de hoofdlijnen van een nieuwe financieringssystematiek opgenomen.
De nieuwe financieringssystematiek houdt in dat de volumeontwikkeling van het gemeentefonds vanaf 2027 wordt gebaseerd op een historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). In de meicirculaire 2023 is de nieuwe financieringssystematiek nog niet verwerkt.
2
c. Nominale ontwikkeling, verleggen basisjaar Omdat we in constante prijzen ramen, vindt er een correctie plaats indien we overgaan naar een nieuw jaar. Het eerste jaar ramen we dan met lopende prijzen (2023), en de jaren erna ramen we constant. Het effect van het verleggen van dit basisjaar voor Barneveld is hiervan te zien in de tabel. d. Effecten WOZ waarde ontwikkeling Op basis van de landelijke waardeontwikkeling van woningen en niet-woningen is het rekentarief van de WOZ aangepast. Daarnaast zijn de WOZ waarden geactualiseerd op basis van de voorlopige vaststelling CBS. Per saldo leidt dit tot een nadeel (hogere aftrek): - 2023: € -/- € 3 miljoen - 2024: € -/- € 3,5 miljoen - 2025: € -/- € 3,4 miljoen - 2026: € -/- € 3,3 miljoen - 2027: € -/- € 3,3 miljoen Dit wordt deels gecompenseerd in de OZB opbrengsten doordat de WOZ waarden in Barneveld ook stijgen. e. Overig ontwikkelingen Dit betreft wat kleinere ontwikkelingen in onder andere de uitkeringsfactor. f. Aanpassing stelposten Voor de jaren 2024 en verder hadden we een stelpost geraamd voor de compensatie Jeugdzorg. Inmiddels is voor de jaren 2024 en 2025 deze definitief gemaakt door het rijk, zie onder taakmutaties, voor deze jaren vervalt de stelpost. Voor 2026 en 2027 is de hoogte van de stelpost aangepast, uitgaande van 75% van het totale bedrag.
Tevens was er voor het jaar 2026 en het jaar 2027 nog een (restant) stelpost opgenomen voor de onzekerheid rondom de nieuwe financieringssystematiek. Voor deze jaren zijn er inmiddels definitief toezeggingen gedaan en dus kan deze stelpost vervallen (zo’n € 8 ton). 2. Ontwikkeling uitkeringsbasis In de berekening van de effecten van de Meicirculaire 2023 is ook een update gedaan van de aantallen eenheden per maatstaf op basis van groei en actuele informatie. Het gaat hier om bijstellingen in de prognose inwoners en woningen op basis van een realistische doorkijk van de voorziene woningbouwplannen. Daarnaast zijn de aantallen leerlingen bijgewerkt naar de laatste stand. Per saldo leiden deze tot hogere inkomsten van zo’n € 3 miljoen structureel. 3. Taakmutaties De circulaire bevat informatie over in totaal 21 taakmutaties. We noemen alleen die voor Barneveld relevant en substantieel zijn. Daarbij geven we aan in hoe we deze middelen inzetten. Ter verduidelijking, taakmutaties zijn middelen die met een bepaald oogmerk aan het gemeentefonds zijn toegevoegd, maar waar geen bestedingsverplichting aan ten grondslag ligt. Voor Barneveld gaat het om: a. Wet nieuwe procedure vaststelling verkiezingsuitslag (structureel € 10.000) b. Verdeling structurele middelen Wet goed Verhuurderschap (correctie op eerder toegekend bedrag van structureel € 10.000). c.
Flankerend beleid energiearmoede (incidenteel € 84.000 in 2023); d. Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden (incidenteel € 67.000 in 2023); e. Loon- en prijsbijstelling 2023 participatie (structureel € 12.000 in 2023, 2024 en 2025 daarna € 0) 3
f.
Loon- en prijsbijstelling 2023 AP Jeugdhulp (structureel € 215.878 in 2024, € 127.344 in 2025 en daarna € 3.000) g. Loon- en prijsbijstelling 2023 Voogdij 18+ (incidenteel € 142.000 in 2023, € 144.000 in 2024 en 2025 daarna € 0) h. Compensatieregeling voogdij 18+ (incidentele korting van € 84.000 in 2023) i. Werkdrukverlaging jeugdbescherming (incidentele korting van € 28.000 in 2023) j. Integraal Zorgakkoord (WMO abonnementstarief) (structureel € 232.000 in 2025; € 215.000 in 2026 en € 204.000 in 2027) k. Terugdraaien eigen bijdrage huishoudelijke hulp WMO (structureel € 205.000 in 2025; € 190.000 in 2026 en € 180.000 in 2027) l. Herinvoering eigen bijdrage WMO (structurele korting van € 443.000 in 2026 en € 419.000 in 2027) m. Jeugdzorg. Een bedrag van € 3,6 miljoen in 2024 en € 2,2 miljoen in 2025 is definitief toegekend vanuit het Rijk, zie toelichting hieronder. De eerder opgenomen stelpost komt hiermee te vervallen voor deze jaren. Voor bovenstaande middelen is beoordeeld in hoeverre deze nodig zijn voor het uitvoeren van de taken. Voor de middelen van de Wet verkiezingsuitslag, Flankerend beleid energiearmoede en Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden wordt voorgesteld om deze toe te voegen als budget in de programma’s. Een correctie op de middelen goed Verhuurderschap wordt verrekend met dit budget.
Voor de overige taakmutaties geldt dat hiermee al rekening was gehouden aan de lastenkant. Jeugdzorg Hervormingsagenda Het Rijk en de VNG hebben 18 april dit jaar een financieel principeakkoord bereikt voor de Hervormingsagenda Jeugd. In de meicirculaire 2023 wordt voor jeugdzorg, onder voorbehoud van omzetting naar een definitief akkoord op de Hervormingsagenda, voor 2024 € 1.454 miljoen en voor 2025 € 954 miljoen beschikbaar gesteld. Van de extra middelen wordt een deel vanuit de begroting van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) ingezet voor de investeringen en uitvoeringskosten van de Hervormingsagenda. Per saldo wordt hierdoor voor 2024 € 1.363 miljoen en voor 2025 € 859 miljoen aan de algemene uitkering toegevoegd. Voor de jaren 2026 en verder blijven de middelen gereserveerd en zal toevoeging aan de algemene uitkering plaatsvinden na het advies van de deskundigencommissie en besluitvorming daarover. Wij hadden hier reeds een stelpost voor opgenomen, maar deze is aangepast op basis van de laatste maatstaven (2026: € 941.401; 2027: € 577.215). We hadden eerder rekening gehouden met een bedrag van € 955.345 voor het jaar 2026 en 2027. Er zijn afspraken gemaakt over de aanvullende besparing van € 100 miljoen voor 2024, waarbij de Rijksoverheid de verantwoordelijkheid heeft om deze besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen.
Voor 2024 geldt dat de geraamde extra besparing van € 100 miljoen vanwege een vertraging in de totstandkoming van de Hervormingsagenda Jeugd is komen te vervallen. In de begroting 2023 is de geplande bezuiniging van het rijk (landelijk 511 miljoen) nog niet als taakstelling bij het sociaal domein opgenomen, afwijkend van de adviezen van de provincie en PAUW (adviesbureau rekenmodel algemene uitkering). Dit is niet gedaan omdat het Rijk de verantwoordelijkheid heeft om de lastenverlaging van 511 mln. in de jeugdzorg te realiseren. De opdracht ligt dus bij het Rijk en niet bij de gemeenten. Inmiddels is de Hervormingsagenda vastgesteld en is duidelijk dat de gemeenten vanaf 2025 te maken gaan krijgen met deze taakstelling, alhoewel nog niet zeker is in welke mate en op welke manier. Het gaat hier voor Barneveld nu om een bedrag van € 1,3 miljoen in 2025 en 2026 en daarna € 1 miljoen (deze is gerelateerd aan de opgenomen stelpost voor 75%). Op basis van deze laatste informatie houden wij vast aan de eerdere lijn, het niet 4
opnemen van een taakstelling. Dit sluit aan bij de regionale insteek. Wel houden wij deze administratief inzichtelijk. 4. Decentralisatie uitkeringen In de meicirculaire zijn een aantal nieuwe decentralisatie-uitkeringen opgenomen. Voor Barneveld gaat het om de volgende decentralisatie uitkeringen (DU’s): o DU Wet Goed Verhuurderschap € 20.000 incidenteel in 2023 o DU Taal voor ontheemden uit Oekraïne € 66.000 incidenteel in 2023 Daarnaast hebben er wijzigingen plaatsgevonden in bestaande DU’s: o Suppletie-uitkering Bommenregeling € 124.000 incidenteel in 2023 o Voorschoolse voorziening peuters € 13.000 incidenteel in 2023. Hiermee is reeds rekening gehouden in de lastenkant. o Leerlingenvervoer Oekraïne € 118.000 incidenteel in 2023 o Taal voor ontheemden uit Oekraïne € 66.000 incidenteel in 2023 o Maatschappelijke begeleiding € 50.000 incidenteel in 2023 o Einde lening Inburgeringsplicht (ELIP) € 11.000 incidenteel in 2023 Met uitzondering van de uitkering voorziening peuters worden deze middelen beschikbaar gehouden ten uitvoer van de bijbehorende taken. Toelichting op overheveling decentralisatie uitkering naar specifieke uitkering Op 8 februari 2023 is de Regeling specifieke uitkering voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en sociale basis 2023-2026 (SPUK-SGCS, ook wel ‘brede SPUK”) gepubliceerd.
Voor de bestaande Brede Regeling Combinatiefuncties betekent dit een wijziging van het type uitkering van een decentralisatie uitkering naar een specifieke uitkering. Vanwege deze wijziging vervalt de bijdrage Brede impuls combinatiefuncties/buurtsportcoaches met ingang van uitkeringsjaar 2023. De inkomensoverdracht vindt niet meer plaats via het gemeentefonds, maar zal via de specifieke uitkering plaatsvinden. Het gaat hier om een bedrag van structureel € 313.000. Om geen effect op het begrotingssaldo te hebben is het nodig dit bedrag weer te ramen als inkomst, maar dan als SPUK. 5. SPUK Hier wordt de inkomst geraamd voor de SPUK, omdat deze vervalt als inkomst via de algemene uitkering. Zie toelichting onder punt 4. 6. Procesmededeling over de Energietoeslag 2023 Voor 2023 is besloten om in 2023 nogmaals € 1300 aan de mensen met een laag inkomen uit te keren om hen te ondersteunen bij het voldoen van de energierekening. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, heeft het kabinet gemeenten de mogelijkheid gegeven om € 500 miljoen hiervan al in 2022 uit te keren. De resterende € 875 miljoen zal in de septembercirculaire 2023 via een decentralisatie-uitkering worden verdeeld en niet via de algemene uitkering.
5
Kanttekeningen Bovenstaande uitkomsten kunnen nog worden beïnvloed door: o De gebruikte OZB waarden voor Barneveld in het rekenmodel. We zijn nog in afwachting van de laatste stand van het CBS; o Er wordt door provinciaal nog toezicht nagedacht over richtlijnen voor het opnemen van de stelpost Jeugd voor het jaar 2026 en 2027. Nu is deze voor 75% opgenomen, dat kan 100% worden. Als dit gebeurt dan wordt het te bezuinigen bedrag ook hoger. Vervolg De gepresenteerde feitelijke uitkomsten in dit informerend memo hebben ten doel om de raad een integrale afweging te laten maken bij de behandeling van de Kadernota 2024, op basis van de laatste informatie over de ontwikkeling van het meerjarenperspectief. De uitkomsten voor 2024 en verder worden opgenomen in de programmabegroting 2024. In de 2e Tussenrapportage 2023 worden de uitkomsten voor het jaar 2023 verwerkt.
6
Tabel Budgettaire uitkomsten, incl. effect op het meerjarenperspectief 2023 totaal
2024 I
S
totaal
783
1.750
2025 I
S
totaal
1.750
1.723
2026 I
S
totaal
1.723
1.560
2027 I
S
totaal
I
S
Effecten Meircirculaire 2023 1. Uitkeringsfactor en basis a. Accres
783
1.560
b. Structurele rijksbijdrage vanaf 2027 - deel BCF
1.512
1.512
2.638
2.638
218
c. Nominale ontwikkeling, verleggen basisjaar d. Effecten van WOZ (aantallen en rekentarief)
-2.996
e. Overige ontwikkelingen
-17
-2.996 -9
-9
2.913
3.756
3.735
3.735
3.336
3.336
3.193
3.193
-3.511
-3.511
-3.426
-3.426
-3.339
-3.339
-3.327
-3.327
128
128
229
229
108
108
252
252
-3.749
-3.749
-2.151
-2.151
-1.009
-1.009
-1.369
-1.369
2.913
3.330
3.330
3.234
3.234
3.292
3.292
3.754
3.754
f. Aanpassing stelposten
2. Ontwikkeling uitkeringsbasis, o.a. aantallen
218
3.756
3. Taakmutaties 3a. Taakmutaties
174
3b. Stelpost voor taakmutaties/ ramen in programma*
-151
31
143
3.980
3.835
2.905
2.758
-38
-38
-36
-36
-151
1
144
1
1
147
1
0
0
0
0
-127
-140
-140
-123
-123
-139
-139
-150
-150
556
5.544
5.400
6.128
5.981
3.771
3.771
6.686
314
314
314
314
314
314
314
314
870
5.858
5.714
6.441
6.294
4.085
4.085
6.999
-5.124
-5.392
-5.392
-5.782
-5.782
-6.488
-1.697
511
218
293
4. IU/DU's 4a. Ontwikkeling IU's/ DU's
1.283
1.410
4b. Stelpost IU's/DU's
-1.410
-1.410
579
23
Effecten Meicirculaire
5. SPUK SGCS
314 2023
Effecten Totaal (A)
893
144
2024 23
147
2025 144
2026 147
218
6.467 314
2027 218
6.781
Saldo AU reeds opgenomen in Kadernota (B)
-5.124
Verschil ten opzichte van de Kadernota (C=A+B)
734
144
590
1.049
147
902
-1.697
Meerjarenprognose Kadernota 2024 (D)
-1.142
-1.770
628
2.832
4.069
-1.237
-3.194
-786
-2.408
-4.279
-786
-3.493
Nieuwe prognose resultaat per begrotingsjaar (E=C+D)
-408
-1.626
1.218
3.881
4.216
-335
-4.891
-786
-4.105
-3.768
-568
-3.200
-6.488
*Let op: dit is een saldo, het betreft zowel kortingen als verhogingen op bestaande taakmutaties
7