B-3.8 Memo B&W over Jaarplan 2026 Programma Waardevol Landelijk Gebied, d.d. 16 december 2025
Tekst van het document
inhoud
Meerjarenbegroting Mutatie turap/budgetoverheveling 2025-2
2025
2026
2027
2028
Basisraming
1.681.425
417.000
67.000
67.000
67.000
Budgetoverheveling turap 2025-2
-591.000
-
358.000
133.000
100.000
Subtotaal beschikbaar
1.090.425
417.000
425.000
200.000
167.000
Jaarplan 2025 WLG-focusactiviteiten
283.000
425.000
200.000
100.000
Jaarplan 2025 WLG-onvoorzien
92.000 425.000
200.000
100.000
-
-
-
15.000
15.000
15.000
6877-40509
2029
Verplichting/besteding 6788-40509
Subtotaal jaarplannen WLG 6877-40509
375.000
Toezegging Doendenkers (PEC)
75.000
125.000
6877-40509
Gebiedsproces GEUS
9.328
-
6877-40509
Inzet Good Cause Concepts
60.000
60.000
6877-40509
Werkbudget (overige kosten)
15.000
15.000
6877-40114
Inhuur capaciteit Piekbelasters/ondernemingsplannen
320.000
320.000
6877-80103
Bijdrage prv GLD Piekbelasters/ondernemingsplannen
-100.000
-100.000
6877-40602
Bijdrage regio Foodvalley
130.212
130.000
130.000
130.000
130.000
Totaal benodigd
509.540
925.000
570.000
345.000
245.000
Ruimte
580.885
-508.000
-145.000
-145.000
-78.000
Uitgangspunten • In de tabel hiernaast is de uitsplitsing van de kosten van de focusactiviteiten weergegeven. • Voor het gebiedsproces GEUS worden geen kosten meer geraamd; de bijdrage van Barneveld bestaat uit de inzet van 1 fte. In de capaciteitsplanning is rekening gehouden met in totaal 1 fte voor de gebiedsprocessen, hetgeen naar verwachting volstaat. • Met betrekking tot de onderuitputting 2025 wordt in het jaarrekeningtraject een voorstel gedaan om deze via de budgetoverheveling (turap 2025-2) door te schuiven naar 2026. • Het mogelijke tekort van 2027 kan mogelijk worden opgevangen met aanvullende bijdragen van het Rijk of vraagt om een bijstelling van de ambities in toekomstige jaarplannen.
Programmalijn/Activiteit
Kosten focusactiviteiten 2026 De geraamde kosten van de focusactiviteiten bedragen €375.000 (zie tabel).
PL3 - Bouwsteen water/bodem/groen
€ 32.500,00
Subtotaal PL3
€ 55.000,00
Kosten (€)
PL1 Landbouwtransitie PL1 - Pilot ondernemingsplannen
€ 30.000,00
PL1 - Stimuleren duurzame landbouw
€ 2.500,00
PL1 - Ongebruikte milieuruimte
€ 20.000,00
PL1 - Kennisnetwerken PEC/CEC
€ 48.000,00
PL1 - Behouden landbouwgrond
€ 35.000,00
Subtotaal PL1
€ 135.500,00
PL2 Bodem, water en natuur PL2 - Uit- en afspoeling verminderen
€ 27.500,00
PL2 - Project Esvelderbeek
€ 50.000,00
Subtotaal PL2
€ 77.500,00
PL3 Inclusieve ruimtelijke inrichting PL3 - Bouwsteen agrarisch grondgebruik
€ 22.500,00
Overkoepelend Overkoepelend - Participatie
€ 5.000,00
Overkoepelend - Communicatiestrategie
€ 10.000,00
Post onvoorzien
€ 92.000,00
Totaal 2026
€ 375.000,00
Toelichting post onvoorzien/flexibel budget: Dit bedrag is bedoeld voor onvoorziene kosten of nieuwe initiatieven die in 2026 opkomen, mits passend binnen de doelstellingen en programmalijnen. 37 | Programma Waardevol Landelijk Gebied • December 2025
10
Monitoring, evaluatie en bijsturing
inhoud
10. Monitoring, evaluatie en bijsturing Monitoring en evaluatie zijn essentieel om inzicht te krijgen in de voortgang en effecten van het programma Waardevol Landelijk Gebied. In 2026 wordt gestart met het opzetten van een programmabrede monitor. Aanpak • Het programmateam werkt samen met het data-team om een monitoringssystematiek te ontwikkelen die aansluit bij de doelen en focusactiviteiten van de drie programmalijnen. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de programmamanager. • De resultaten van de monitoring worden periodiek (minimaal 2x per jaar) besproken in de stuurgroep en benut voor bijsturing.
Bijsturing • De programmamanager legt afwijkingen en voorstellen voor bijsturing voor aan de stuurgroep. • Op basis van de monitoring en evaluatie worden, indien nodig, focusactiviteiten aangepast of verschoven. Algemene inspanning De opzet van de monitor en de borging van de samenwerking met het data-team worden in 2026 opgepakt als algemene inspanning binnen programmamanagement. De precieze indicatoren en werkwijze worden in 2026 nader uitgewerkt.
Evaluatie • Jaarlijks wordt een voortgangsrapportage opgesteld, gekoppeld aan de jaarcyclus van de gemeentelijke planning- en control. • Halverwege de programmaperiode (2027) vindt een midterm evaluatie plaats om te bepalen of koerswijzigingen of herprioritering nodig zijn.
39 | Programma Waardevol Landelijk Gebied • December 2025
11
Risico’s en beheersmaatregelen
inhoud
11. Risico’s en beheersmaatregelen Binnen het programma Waardevol Landelijk Gebied zijn risico’s onvermijdelijk, gezien de complexiteit van de opgaven, de afhankelijkheid van partners en de politieke gevoeligheden. Door risico’s tijdig te onderkennen en passende beheersmaatregelen te treffen, vergroten we de uitvoerbaarheid en het draagvlak voor het programma.
6. Complexiteit inspanningen Risico: inspanningen worden te groot of te complex opgezet waardoor uitvoering stokt. Beheersmaatregel: fasen en behapbare deelprojecten hanteren; leren door te doen.
Overkoepelende risico’s en beheersmaatregelen
Programmalijn 1 – Landbouwtransitie Ondernemingsplannen: vergunningverlening zit vast; boeren zijn terughoudend. Ongebruikte milieuruimte: politiek en maatschappelijk gevoelig; vraagt zorgvuldig proces en draagvlak. Behouden landbouwgrond: concurrentie met ruimteclaims (woningbouw, energie, industrie) kan tot spanning leiden. Duurzame landbouw: begrip roept weerstand op; vraagt zorgvuldige framing en benadering vanuit leerperspectief.
1. Capaciteit Risico: beperkte interne capaciteit kan leiden tot vertraging en uitbesteding, waardoor kennis niet in de organisatie wordt opgebouwd. Beheersmaatregel: structurele borging van fte’s voor thematrekkers en programmamanagement; tijdig besluiten over eventuele externe inhuur. 2. Middelen Risico: de uitdaging zit niet zozeer in de beschikbaarheid van middelen, maar in de gerichte inzet ervan. Onvoldoende afstemming of versnippering kan ertoe leiden dat middelen niet effectief bijdragen aan de programmadoelen. Beheersmaatregel: gericht prioriteren van inzet, koppelen van middelen aan focusactiviteiten en structureel overleg met business control om te sturen op effectiviteit. 3. Samenwerking en regie Risico: afhankelijkheid van partners (provincie, waterschap, regio) kan leiden tot vertraging of verschuivende prioriteiten. Beheersmaatregel: intensieve afstemming met partners, vaste overlegstructuren en heldere afspraken over verantwoordelijkheden. 4. Programmamanagement Risico: wisselingen in programmamanagement of thematrekkers kunnen leiden tot verlies van continuïteit. Beheersmaatregel: tijdige werving en/of inhuur, borging van overdracht in opdrachtomschrijvingen en overdrachtsdocumenten. 5.
Politieke gevoeligheden Risico: thema’s als basiskwaliteit natuur, ongebruikte milieuruimte of beperkingen in gebruik van landbouwgrond kunnen leiden tot politieke en maatschappelijke discussie. Beheersmaatregel: vroegtijdige betrokkenheid college en raad, zorgvuldig proces met participatie en communicatie.
Specifieke risico’s per focusactiviteit
Programmalijn 2 – Bodem, water en natuur Vermindering van de uit- en afspoeling: afhankelijkheid waterschap; draagvlak agrariërs kan achterblijven; effectiviteit maatregelen onzeker; vervolg afhankelijk van cofinanciering. Basiskwaliteit natuur: afhankelijkheid Regio Foodvalley kan tempo beïnvloeden; kans op beperkt draagvlak. Esvelderbeek: interne dynamiek, afhankelijkheid van waterschap; vertraging bij uitblijven subsidies of cofinanciering; complexiteit door grondeigenaren en draagvlak. Visie op het landschap: doorvertaling naar beleidsen ruimtelijke instrumenten kan stagneren; politiek gevoelig bij toepassing in concrete keuzes; risico dat plan strategisch blijft en onvoldoende wordt geborgd. Programmalijn 3 – Inclusieve ruimtelijke inrichting RO-bouwstenen (agrarisch grondgebruik, water/ bodem/groen): uitvoering afhankelijk van programma onder de Omgevingswet; risico op vertraging bij uitblijven van dit programma; afhankelijkheid van capaciteit (juridisch/planologisch) en politieke keuzes. Borging en monitoring Risico’s worden integraal meegenomen in de programmabrede monitoring en evaluatie (zie hoofdstuk 10). Het programmateam bespreekt risico’s periodiek en legt – waar relevant – afwijkingen of escalaties via de programmamanager voor aan stuurgroep, college of raad.
Door de jaarlijkse risicoanalyse en continue monitoring kan het programma flexibel inspelen op nieuwe ontwikkelingen en onzekerheden.
41 | Programma Waardevol Landelijk Gebied • December 2025