CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

B-3.8 Besluit B&W inzake programmaplan duurzaamheid d.d. 15-3-22.pdf

Commissie Samenleving 6 april 2022, gemeente BarneveldBij agendapunt: Besluit B&W inzake programmaplan duurzaamheid.10.436 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

-1Afdeling: Ruimtelijke Ontwikkeling Behandelaar: Gun, Anneloes van der Telefoonnummer: 0610559753 Ter kennisname naar de raad Nummer beleidsproduct:

Onderwerp:

Voorstelnr. <Neem dossiernr over uit Ibabs> Barneveld, Portefeuillehouder: D.J. Dorrestijn-Taal Op overzicht Bestaand beleid (website)

Programmaplan duurzaamheid

Gevraagde beslissing: 1. Kennis te nemen van het Programmaplan Duurzaamheid ; 2. In te stemmen met de programmadoelen (hoofdstuk 4) 3. In te stemmen met de programma activiteiten 2022 (hoofdstuk 5); 4. In te stemmen met het programmatisch werken aan de duurzaamheidsthema’s; 5. In te stemmen met de bijgevoegd (concept) raadsmemo 6. Om in de integrale afweging bij de meerjaren begroting mee te nemen: Om een vaste formatie van 0,7 fte vrij te maken voor de rol van programmaleider (80.000 voor vaste formatie op basis van CAO prijspeil 2021); 7. Om in de integrale afweging bij de meerjarenbegroting mee te nemen: Een programma budget van 70.000 euro per jaar tot en met 2026 vrij te maken om te besteden aan programma activiteiten.

1. Inleiding De gemeente Barneveld werkt al jaren hard aan een duurzame omgeving. Het programma Duurzaamheid geeft weer op welke manier we dat doen en heeft als ambitie het werken aan een gezonde en duurzame leefomgeving. Dat gebeurt via zes verschillende duurzaamheidsthema’s, namelijk: 1. Energie 2. Duurzame mobiliteit 3. Klimaatadaptatie 4. Biodiversiteit 5. Circulaire Economie 6. Duurzame Voedselsysteem Deze thema’s zijn niet nieuw. De gemeente werkt hier al langer aan en er is sprake van bestaand beleid en afspraken. Die staan omschreven in het programmaplan. Wat nieuw is aan het programmaplan is de interne manier van werken. Door programmatisch te werken aan de thema’s, leggen we makkelijker verbindingen, zijn we meer flexibel en kunnen we gaan bijsturen wanneer nodig op basis van monitoring. Om dat te kunnen doen, organiseren we ons als programmateam onder de stuurgroep Duurzaamheid.

2. Beoogd effect Het programma biedt inzicht door een overzicht te geven van alle bestaande afspraken en beleidsstukken en wat die met elkaar verbindt. Het is gericht op de periode tot en met 2026. Door jaarlijks te monitoren op behaalde resultaten en impact, kan er doelgericht bijgestuurd worden.

3. Argumenten 1.

Geeft overzicht van bestaand beleid en activiteiten en overkoepelende ambitie Het Programma biedt voor organisatie en bestuurlijk een duidelijk inzicht in dat wat de gemeente Barneveld doet op het gebied van duurzaamheid.

2.

Integrale aanpak door te verbinden tussen de thema’s Het programma laat zien wat de duurzaamheidsthema’s met elkaar verbindt en zoekt actief naar een integrale aanpak. Het overstijgt teams en raakt aan alle werkzaamheden van de gemeente, van visievorming tot uitvoering, van fysiek tot en met sociaal domein. Het programma draagt bij aan de bewustwording over duurzaamheid binnen en buiten de organisatie door met een duidelijk verhaal te hebben en door als gemeente het goede voorbeeld te geven.

-23.

Complex onderwerp vraagt om improvisatie en flexibiliteit De reden om programmatisch te werken is omdat we te maken hebben met een snel ontwikkelend speelveld. Denk aan onderwerpen (zoals Energiearmoede) die snel opkomen, urgent zijn, een integrale aanpak vragen en teams overstijgend zijn. Het programma biedt de mogelijkheid om snel kennis te delen, bij te sturen en in te zetten op dat wat nodig is om de doelen te behalen.

4.

Monitoring en evaluatie van de voortgang en prioritering We willen impact maken en doen wat nodig is. Door te monitoren en jaarlijks te evalueren is voor de gemeenteraad, het college en de organisatie duidelijk of we doen wat nodig is om onze doelen te behalen. Het biedt de mogelijkheid om bij te sturen.

4. Kanttekeningen Monitoring van de thema’s is complex Het verschilt per thema in hoeverre er heldere prestatie indicatoren gekozen kunnen worden. Op het gebied van Energie en CO2 is er steeds meer open data beschikbaar. Een thema als Duurzaam Voedselsysteem is moeilijker te meten. We zetten de monitoring breed op, door in te gaan op de ambitie, de doelen en de activiteiten. Er is capaciteit en budget nodig om uitvoering te kunnen geven aan het Programmaplan Duurzaamheid Door geld vrij te maken voor de programma activiteiten en de inzet van een programmaleider zijn we meer doelgericht bezig, leggen we meer integrale verbindingen zowel buiten als binnen de organisatie en streven we naar meer efficiëntie.

5. Financiën Om het programma aan te sturen is er een programmaleider nodig voor 24 uur in de week tot in ieder geval het jaar 2026. Dat komt neer op 0,7 fte vaste formatie. Daarnaast is er programmabudget nodig. Dit gaat om een jaarlijks budget dat beschikbaar is om in te zetten voor programma-activiteiten. Denk hierbij aan de opzet van monitoring, een afwegingskader voor integrale duurzaamheidskeuzes bij gebiedsontwikkeling en projecten en advieskosten. Om flexibel te kunnen zijn, voorzien we in ieder geval een benodigd budget van 70.000 euro. In 2022 bekostigen we de programmaactiviteiten uit de beleidstoevoegingen Duurzaamheid 2021. In 2022 bekostigen we de programma-activiteiten uit de beleidstoevoegingen Duurzaamheid 2021. Ook voor de programmaleider is voor 2022 financiering gevonden vanuit bestaande budgetten. Financiering van de uitvoering van activiteiten op de thematische pijlers loopt via de reguliere lijn. Op een aantal van de pijlers is een budgetbehoefte, die zullen bij de afweging van de Programmabegroting 2023 voorgelegd worden.

6. Uitvoering De uitvoering van het Programma Duurzaamheid vindt plaats onder leiding van de programmaleider Duurzaamheid. De programmaleider is het inhoudelijk aanspreekpunt, stuurt het programmateam aan en stuurt op het behalen van de programmadoelen. Dit door te voorzien in inzicht, door ontwikkelingen te signaleren en te vertalen en door te af te stemmen met bestuur en organisatie. De taken van de pijlertrekkers vinden plaats vanuit bestaande formatie. Pijlertrekkers zijn verantwoordelijk voor de voortgang op hun thema, signaleren kansen voor samenwerking en verbinding en geven input voor monitoring. De stuurgroep Duurzaamheid is een bestaande stuurgroep en is verantwoordelijk voor de voortgang, bijsturing en prioritering binnen het programma in afstemming met het college en de gemeenteraad. Communicatie rondom de verschillende duurzaamheidsthema’s wordt in afstemming met elkaar geagendeerd. Jaarlijks zal er door middel van een evaluatie inzicht gecreëerd worden in de stand van zaken en is de mogelijkheid tot bijsturing.

7. Bijlagen Programmaplan Duurzaamheid

Een gezond en toekomstbestendig Barneveld

Concept versie ter bespreking in de Stuurgroep Duurzaamheid – Versie 31 januari 2022 PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

1

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 - Pagina 4

Inleiding Hoofdstuk 2 - Pagina 5

Context en aanleiding Hoofdstuk 3 - Pagina 6

Visie en ambitie Hoofdstuk 4 - Pagina 8

Programmadoelen Hoofdstuk 5 - Pagina 13

Wat we gaan doen in 2022 Hoofdstuk 6 - Pagina 16

Programmasturing: hoe we aan de slag gaan Hoofdstuk 7 - Pagina 20

Bijlage A: relevante afspraken en beleidsstukken voor het programma Duurzaamheid

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

2

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

3

Leeswijzer Dit programmaplan schetst het duurzaamheidsverhaal van de gemeente Barneveld. Het bevat onze ambitie met strategische lange termijndoelen en concrete acties voor het komend jaar.

Hoofdstuk 1

Inleiding De gemeente Barneveld werkt al jaren hard aan een duurzame omgeving. Opgaven lopen uiteen van een energieneutrale en klimaatbestendige gemeente, tot een circulaire en bio based economie, een vitaal platteland en het versterken van de biodiversiteit. En de wens om binnen deze opgaven het gezondheidsdenken centraal te stellen. Maar: wat bindt dit alles aan elkaar, wat is de overkoepelende ambitie? En wat is een logische manier om op korte termijn verbindingen te leggen tussen thema’s en hier samen aan te werken? Dat is precies wat we in dit plan in beeld brengen. De aard van de opgave is complex en groots, maar in de kern gaat het om het werken aan een gezonde en toekomstbestendige gemeente. Het gaat daarbij om de fysieke leefomgeving, en de mensen, de natuur, het gebied. Het bereiken van onze duurzaamheidsambities zorgt voor een positieve impact op het welzijn en de gezondheid van mensen, behoudt en versterkt de natuur, beschermt onze dorpen tegen het veranderende klimaat, en helpt ons economisch systeem zich aan te passen aan een situatie waarin grondstoffen en materialen op raken. Doel van het programma duurzaamheid is om te verbinden, te versterken en te prioriteren tussen de verschillende thema’s.

We halen onze ambitie door te werken aan het realiseren van thematische doelen (wat we willen doen om de ambitie te halen op de verschillende thema’s) en aan procesdoelen (hoe we dat gaan doen) gericht op het verbinden tussen en versnellen van de duurzaamheidsthema’s.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

In hoofdstuk 1 gaan we kort in op de context en aanleiding van het programma: waarom en waartoe is het er? Vervolgens gaan we in hoofdstuk 2 in op wat de verschillende duurzaamheidsopgaven in de gemeente inhouden en wat ze bindt, afsluitend met de pijlerindeling van het programma. Hier gaat hoofdstuk 3 dieper op in, door per pijler weer te geven wat de al gestelde doelen zijn en door toe te lichten wat de programmadoelen voor de komende jaren zijn. In hoofdstuk 4 laten we zien welke focusactiviteiten er in 2022 plaatsvinden. Dit zijn activiteiten die bijdragen aan verschillende (thematische en programma) doelstellingen. Hoe we dat alles gaan realiseren geven we weer in hoofdstuk 5, waar we in gaan op de programmasturing en werkwijze. De bijlage gaat in op bestaand beleid en afspraken.

Dynamisch en flexibel programma Dit programma heeft een looptijd tot 2026. Door dit programma jaarlijks te monitoren en te evalueren, blijft het zowel binnen als na deze periode actueel en kan tijdig bijgestuurd worden op alle (onvoorziene) ontwikkelingen of nieuwe inzichten. Dit plan is daarmee een dynamisch document dat jaarlijks wordt aangevuld met focusactiviteiten voor het volgende jaar, op basis van de evaluatie van het voorgaande jaar.

Onze ambitie staat vast: een gezond en toekomstbestendig Barneveld voor generaties nu en later. Hoe we daar komen, kan in de loop van de jaren veranderen, want de ontwikkelingen gaan snel. Met het programma sluiten we aan bij wat er buiten gebeurt en nodig is.

GEMEENTE BARNEVELD

4

Hoofdstuk 2

Context en aanleiding 2.2. Relatie en koppeling met strategische opgaven van de gemeente

2.1. Waarom een programma duurzaamheid Het thema ‘duurzaamheid’ overstijgt afdelingen, is complex en bevat het risico dat het allesomvattend en daarmee ongrijpbaar is. Om de juiste verbindingen te leggen, te kunnen prioriteren en om effectief samen te werken, bestaat het programma duurzaamheid. In 2018 is besloten dat het thema zo groot is, dat een programmatische aanpak past. Destijds is begonnen met het aanbrengen van focus, door het programma te richten op het thema Energie. De focus op het thema Energie heeft zijn vruchten afgeworpen. Dit zien we terug in De Warmtevisie, De Zonneladder, De Structuurvisie Wind, de RES 1.0 en bijvoorbeeld de inzet van het energieloket. We zijn nu een aantal jaar verder het is tijd om te verbreden en alle duurzaamheidsopgaven waar we aan werken te vatten onder de paraplu van het programma duurzaamheid. Het gaat dan om de volgende thema’s waar we ook aan werken: • • • • •

Duurzame mobiliteit Klimaatadaptatie Biodiversiteit Circulaire economie Duurzaam voedselsysteem

Het programma duurzaamheid bundelt deze zes thema’s en bijbehorend beleid en activiteiten om zo overzicht te creëren. Het neemt deze niet over van de lijnorganisatie,

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

de uitvoering blijft liggen waar die lag. Vanuit het programma organiseren we de uitwisseling en verbinding tussen activiteiten. Het programma is er ten dienste van de organisatie, niet andersom. Het gaat om een nauwe samenwerking, niet als een programma versus lijnorganisatie. Uiteindelijk dienen programma en organisatie namelijk hetzelfde: de missie van de organisatie. We hebben daarbij de organisatie nodig, om het goede voorbeeld naar buiten toe te geven, maar ook om de duurzaamheidsthema’s buiten in het gebied vorm te geven en uit te dragen. Dit vraagt een integrale manier van samenwerken, van visie, tot beleid naar uitvoering in projecten en onderhoud van de buitenruimte. Redenen om het werken aan bovenstaande thema’s programmatisch aan te pakken zijn de volgende: • Overzicht van bestaand beleid en activiteiten en overkoepelende ambitie • Integrale aanpak door te verbinden tussen de thema’s • Complex onderwerp vraagt om improvisatie en flexibiliteit • Monitoring en evaluatie van de voortgang en prioritering • Sturen op het halen van doelen • Duurzaamheid overstijgt teams en raakt aan vrijwel alle werkzaamheden van de organisatie

GEMEENTE BARNEVELD

Het programma bundelt (bestaand) beleid en activiteiten en geeft onder andere uitvoering aan de strategische visie van de gemeente Barneveld. De Strategische visie 2030 gemeente Barneveld omschrijft de ambitie als volgt: In een samenleving die steeds duurzamer wordt, kiezen wij ervoor: • Een energieneutrale en klimaatbestendige gemeente te worden • De circulaire economie en bio-based kringlopen leidende principes te laten zijn bij nieuwe ontwikkelingen • Sterk in te zetten op schone mobiliteit Daarbij gebruiken we de Hoofdlijnennotitie Barneveld 2040 (2021) voor verdere aanscherpingen aan de gestelde ambitie uit de Strategische Visie. Dan gaat het met name om het centraal stellen van gezondheid, aandacht hebben voor gesloten

kringlopen en de eiwittransitie, het toepassen van klimaatmaatregelen, en de samenwerking zoeken met inwoners en ondernemers die actief bezig zijn met duurzaamheid. Voor het verder bepalen van de kaders van dit programma, bundelen we eerder door het Rijk en de gemeenteraad vastgestelde ambities en de daarin besloten doelstellingen. Er bestaan veel afspraken en doelstellingen. We geven in Bijlage A in hoofdlijnen aan welk beleid er is. Dat vormt de afspraken die van invloed zijn op wat we gaan doen en wat we moeten en willen bereiken. Omgevingsvisie We werken met het programma duurzaamheid in de geest van de omgevingswet en zoeken nauwe aansluiting bij het opstellen van de Omgevingsvisie van Barneveld. De Omgevingswet treedt 1 juli 2022 in werking. Duurzaamheid is als centraal doel gesteld binnen de Omgevingswet.

5

Hoofdstuk 3

Visie en ambitie In dit hoofdstuk vindt je wat onze overkoepelende visie en ambitie is en hoe die samenhangt met de duurzaamheidsopgaven. Het overkoepelende verhaal komt voort uit alle verschillende ambities en opgaven en illustreert waar we met alle duurzaamheidsopgaven aan werken.

We richten ons met het werken aan al onze duurzaamheidsopgaven op een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving voor alle inwoners van Barneveld, nu en later. Dat betekent dat we bijdragen (en geen schade doen) aan de gezondheid van inwoners en natuur met onze acties, tenzij er sprake is van een groot maatschappelijk belang. De keuzes die we maken, brengen het vermogen van volgende generaties om te voorzien in hun eigen behoeften niet in gevaar. Een toekomstbestendige leefomgeving is een woon-werkomgeving waar je zo min mogelijk wordt blootgesteld aan ongezonde stoffen en veiligheidsrisico’s en die gezond gedrag stimuleert. Het betekent een mooie en groene omgeving met variatie en landschap en gradiënten. In de praktijk gaat het om een leefomgeving die schoon en veilig is, meebeweegt met en anticipeert op klimaatverandering, uitnodigt tot ontmoeten en bewegen en een goede milieukwaliteit (geluid, geur, lucht, bodem, omgevingsveiligheid) kent. Het betekent ook een leefomgeving waarin hernieuwbare energieopwekking een plek krijgt, waar ruimte is voor duurzame economische ontwikkeling en waarin grondstoffen niet worden uitgeput, maar volwaardig inzetbaar blijven. We betrekken bewoners en ondernemers bij onze ambitie en werken samen met hen aan de opgave.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

Figuur 1 Gezondheidsrisico’s klimaatverandering bron: RIVM rapport 2020 - 0200; E.F. Hall et al.

GEMEENTE BARNEVELD

Met onderstaande omschrijving van de diverse duurzaamheidsopgaven, geven we aan wat die betekenen en hoe die met elkaar samenhangen. We willen Barneveld beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering. Klimaatverandering vindt plaats, de gemiddelde temperatuur op aarde stijgt. Dit leidt tot langere periodes van hitte, droogte en hevige regenval. Daar willen we Barneveld tegen beschermen door de gemeente klimaatbestendig – en adaptief in te richten (pva Klimaatadaptatie 2019 en Regionaal Adaptatieplan Vallei en Veluwe). Om zo om te gaan met droogte en wateroverlast en schade te beperken of voorkomen. Dat doen we om gezondheidsrisico’s veroorzaakt door klimaatverandering te voorkomen (zie figuur 1), denk aan hitteberoertes, (mentale) klimaatstress, uitdroging, allergieën, of infectieziekten door opgewarmd water. We zetten in op het behouden en versterken van de biodiversiteit, om planten en dieren meer ruimte te geven en voor een schoner milieu (biodiversiteitsplan 2021). We merken dat de natuur steeds meer onder druk staat. Hevige regenperioden en lange periodes van droogte hebben veel invloed op de flora en fauna. Soorten gaan sterk achteruit of sterven zelfs uit. Oorzaken zijn het verdwijnen van leefgebieden en de toegenomen druk op de overgebleven gebieden door verstedelijking en intensief landgebruik.

Klimaatverandering versterkt deze negatieve effecten op de biodiversiteit. Biodiversiteit is een belangrijke maatstaaf voor het functioneren van ecosystemen. Het is belangrijk om de biodiversiteit in onze gemeente te behouden en te versterken, omdat het invloed heeft op de gezondheid van de bodem (waar een kwart van de biodiversiteit op aarde leeft). Een rijk bodemleven is onder andere van belang bij het vasthouden en zuiveren van water en het opslaan van CO2 uit de atmosfeer. Daarnaast is een gezonde bodem met een rijke biodiversiteit de basis van onze voedselvoorziening.

6

We zetten in op een circulaire economie en bio based kringlopen. Dat betekent dat het gebruik van nieuwe grondstoffen minimaal is en dat we maximaal (waardevast) hergebruiken. Dat doen we onder andere door te gaan voor minder afval en betere kwaliteit grondstoffen, om zo de productie -en consumptieketens te sluiten (strategieplan grondstoffen 2020-2024). Een circulaire economie zorgt voor gemiddeld 20 procent minder uitstoot van broeikasgassen en heeft daarmee een positieve impact op de luchtkwaliteit.

Energie

Duurzame Mobiliteit

Klimaatadaptatie

GEMEENTE BARNEVELD

Biodiversiteit

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

Circulaire Economie

Om verdere klimaatverandering tegen te gaan, werken we wereldwijd aan het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen. Dat doen we door minder energie te verbruiken in onze gebouwen en woningen (en toe te werken naar een aardgasvrije gebouwde omgeving), door duurzame energie op te wekken op onze daken en op het land en door ons op een schone manier te verplaatsen. Het aandeel van vervoer in de totale uitstoot is zeer groot (bijna de helft), het verduurzamen van het gehele vervoerssysteem is nodig. Het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen, leidt tot een betere luchtkwaliteit en dat brengt positieve gezondheidseffecten met zich mee. Bij hete zomers, ontstaat meer smog en fijnstofvorming. De combinatie van hitte en smog leidt tot nadelige gezondheidseffecten voor mensen met een zwakke gezondheid.

Om de ambitie waar te maken, gaan we aan de slag met de volgende programmapijlers, en willen we hiertussen verbinden en wanneer mogelijk versnellen (figuur 2): • • • • • •

Duurzaam voedselsysteem

We werken aan duurzame, gezonde en circulaire voedselsystemen. ‘Een duurzaam, gezond en circulair voedselsysteem kenmerkt zich onder andere door een korte keten (regionaal geproduceerd voedsel), een groter aandeel van plantaardige eiwitten en het voorkomen van voedselverspilling. Het betekent ook een verminderd energie - en watergebruik.’ Daarnaast werken we hard aan een duurzaam landbouwsysteem, zo bieden wij onze boeren een goed verdienmodel, de consumenten gezonde voeding en onze natuur de kans om te bloeien (uitvoeringsprogramma Voedsel Food Valley).

We werken aan een toekomstbestending en gezond Barneveld

Energie Duurzame Mobiliteit Klimaatadaptatie Biodiversiteit Circulair Economie Duurzaam Voedselsysteem

Een samenhangende, verbindende en versnellende aanpak is essentieel om er voor te zorgen dat we alle opgaven ook daadwerkelijk kunnen aanpakken. Alle bovenstaande opgaven (en nog meer) komen samen in het gebied: de dorpen, de wijk en de regio. Daarom werken we integraal en gebiedsgericht aan duurzaamheid. ‘We doen dit alles samen met de bewoners, organisaties en bedrijven in de gemeente. We nemen de samenleving serieus en werken als gelijkwaardig partner met hen aan de transities richting een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. We werken hierbij vanuit het principe van Zelf Samen Gemeente.’

Figuur 2 Pijlers onder het programmadoel Duurzaamheid

7

Hoofdstuk 4

Programmadoelen In dit hoofdstuk een overzicht van de programmadoelen die bijdragen aan een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Dit gaat om lange termijn thematische doelen (dus wat we precies willen bereiken per pijler) en korte termijn procesdoelen (hoe willen we dat versneld en in verbinding bereiken). Sommige doelen zijn concreter dan anderen. Op basis van monitoring en sturing gaan we de komende tijd op weg, waarbij we de doelen aanscherpen of aanpassen wanneer nodig. Op de volgende pagina een schematisch overzicht van de ambitie en doelen van het programma.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

In dit programmaplan werken we met meerdere tijdslijnen: 1.Visie en ambitie (hoofdstuk 3) en thematische doelen (hoofdstuk 4) zijn gericht op de lange termijn 2050 2.De procesdoelen (hoofdstuk 4) zijn gericht op 2026 3.De focusactiviteiten (hoofdstuk 5) die voortkomen uit de doelen zijn gericht op 2022

8

Ambitie programma: Een toekomstbestendige en gezonde leefomgeving Pijlers onder het programma

Energie

Duurzame Mobiliteit

Klimaatadaptatie

Biodiversiteit

Circulaire Economie

Duurzaam voedselsysteem

Procesdoelen om de ambitie te halen

Thematische doelen om de ambitie te halen:

We geven het goede voorbeeld en inspireren

Energie en - CO2 neutraal in 2050

We zorgen dat de organisatie duurzaam denkt en doet

Klimaatneutrale mobiliteit in 2050

We helpen iedereen mee te doen

Klimaatadaptief en klimaatbestendig in 2050

We werken samen met partners

Behouden en versterken van de biodiversiteit

We werken gebiedsgericht

100 procent circulaire economie in 2050

We hebben een duidelijk verhaal naar buiten toe

Duurzaam en gezond en toekomstbestendig voedsel - en landbouwsysteem

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

9

4.1. Thematische doelen om de ambitie te halen Onze ambitie is een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Hieronder een overzicht van de verschillende thema’s om die ambitie te halen, met bijbehorende doelen of afspraken en een korte stand van zaken. Er zijn grote onderlinge verschillen in de soort doelen en afspraken. Zo is voor de pijler Energie al redelijk concreet in beeld wat tussendoelen zijn, zoals het aantal woningen om te verduurzamen voor 2030, en welke acties daarvoor nodig zijn. De andere pijlers vragen nog meer uitwerking en vertaling van het lange termijn doel naar tussendoelen en te nemen acties.

4.1.1. Energie In 2050 zijn we energie – en CO2 neutraal – Energievisie 2015 en Transitievisie Warmte 2021 Het tegengaan van klimaatverandering door de uitstoot van CO2 te verlagen. Dit doen we door de vraag naar energie te verkleinen via besparing en door duurzame energie op te wekken. We werken aan deze doelstelling door in te zetten op energiebesparing en het duurzaam opwekken van energie en door nieuwe woningen volgens de BENG-eisen te ontwikkelen. Dat doen we onder andere door middel van de inzet van het Energieloket en door het maatschappelijk vastgoed te verduurzamen met bijvoorbeeld een Duurzame Meerjaren Onderhoudsplanning (DMJOP). Verder hebben we met de Transitievisie Warmte in beeld gebracht waar de kansen liggen voor het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Doel is om 4000 woningen te verduurzamen voor 2030. In regionaal verband werken we aan de Regionale Energie Strategie, we willen werken aan het opwekken van 0,26 TWh voor 2030. Een verdere uitwerking voor de opwekking duurzame elektriciteit is te vinden in de Structuurvisie Windenergie en de Barneveldse Zonneladder. Met de Energievisie (afgerond in 2022) bundelen we al het bestaande beleid op energie en starten we met het monitoren van de voortgang.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

4.1.2. Duurzame Mobiliteit We werken aan het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen met 55 procent in 2030 en klimaatneutrale mobiliteit in 2050 (bijna alle vervoersmiddelen emissievrij) – Regionaal Mobiliteitsprogramma Food Valley We komen tot klimaatneutraal vervoer, zonder uitstoot van broeikasgassen. Door in te zetten op schoon en minder vervoeren. Dat doen we door te werken aan concrete acties die bijdragen aan alternatief reizen, gedragsbeïnvloeding, schoner rijden met deelvervoersmiddelen, elektrisch rijden en door het stimuleren van minder (woon-werk) reizen. Concrete acties houden onder andere in het vergroenen van parkeerterreinen, het uitbreiden van fietsvoorzieningen en oplaadstations voor e-bikes in de gemeente. Daarnaast stimuleren we elektrisch rijden door deel te nemen aan de provinciale concessie voor laadpalen, waarin ruimte komt voor het proactief plaatsen van laadpalen. Verder zetten we in op de werkgeversrol, onder andere door het stimuleren van fietsen bij werk-werk verkeer met e-bikes voor medewerkers. 2022 is een ‘tussenjaar’, er komt een nieuw Gemeentelijk Verkeers-en vervoersplan (GVVP), waarin duurzame mobiliteit een belangrijke pijler blijft.

4.1.3. Klimaatadaptatie In 2050 zijn we klimaatadaptief en klimaatbestendig – Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie 2018 Het aanpassen aan de gevolgen van (versnelde) klimaatverandering en het zo veel mogelijk beperken van de schade en overlast. Hiervoor richten we onze leefomgeving klimaatbestendig in. Sinds 2019 hebben we met het lokale Plan van Aanpak Klimaatadaptatie gewerkt aan deze doelen. De werkgroep klimaatadaptatie heeft zich gericht op het uitvoeren van 19 acties. Die lopen uiteen van het vergroenen van de schoolpleinen, tot het afstemmen van wegcategorisering en waterhuishouding, richtlijnen voor klimaatadaptief bouwen tot aan het maken van hittekaarten. Verder is in het Gemeentelijk Rioleringsplan structureel budget opgenomen voor klimaatadaptieve maatregelen bij werkzaamheden. Op dit moment evalueert de werkgroep Klimaatadaptatie het Plan van Aanpak en volgt snel een voorstel voor het vervolg op dit thema.

10

4.1.4. Biodiversiteit

4.1.5. Circulaire Economie

We behouden en ontwikkelen de biodiversiteit in Barneveld de komende vijf jaar- Biodiversiteitsplan 2021

We hebben een 100 procent circulaire economie in 2050 – Startnotitie Circulaire Economie 2020

Het behouden en versterken van de aanwezigheid van inheemse dieren, organismen en plantsoorten in ons gebied om zo te zorgen voor een gezonde bodem die bestand is tegen veranderende klimaatomstandigheden.

Het omvormen van ons economisch systeem waarin we grondstoffen niet uitputten en reststoffen opnieuw gebruiken in het productieproces. Zodat we onze welvaart duurzaam borgen voor volgende generaties.

Op dit thema hebben een korte termijn doelstelling (gericht op de komende vijf jaar). Lange termijn doel zou kunnen zijn om te werken aan een veerkrachtig ecosysteem in 2050, door in te zetten op het behouden en ontwikkelen van de biodiversiteit. De afgelopen jaren is er onder andere gewerkt aan pilots onder de noemer De Bonte Berm, zetten we ons in voor ecologisch bermbeheer en het beheer van invasieve exoten en maken we deel uit van het Leernetwerk Ecologisch Bermbeheer. In 2021 is het Biodiversiteitsplan vastgesteld, waar acties voor de komende jaren in staan.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

We werken aan vermindering van afvalstromen, hergebruik van reststoffen en gebruik van hernieuwbare grondstoffen. Dit doen we door een actieprogramma Circulaire Economie op te stellen en door uitvoering te geven aan het Strategieplan Grondstoffen (2020-2024), waar we inzetten op minder afval en betere kwaliteit grondstoffen als eerste stap richting een circulaire economie.

4.1.6. Duurzaam Voedselsysteem We hebben een duurzaam en gezond voedselsysteem – Strategische Agenda Foodvalley

GEMEENTE BARNEVELD

We werken toe naar een duurzaam en gezond voedselsysteem. Dat is een systeem met korte ketens, kringlooplandbouw en een gezonde voedselomgeving. Binnen deze pijler ligt de nadruk op de eiwittransitie, het tegengaan van voedselverspilling het introduceren en vermarkten van andere eiwitten, korte ketens en het creëren van een gezonde voedselomgeving. Om hier uitvoering aan te geven werken we intensief samen met de regio en regiogemeenten in de vorm van het uitvoeringsprogramma ‘Voeding voor een gezond leven’. Daarnaast heeft deze pijler een sterke link met de ontwikkelingen in de agrarische sector. Korte ketens en kringlooplandbouw worden onder andere onder het uitvoeringsprogramma ‘Landbouw en Vitaal Platteland’ van de Food Valley opgepakt. Omdat de landbouwtransitie een thema is dat op zich zelf al een programmatische aanpak nodig heeft en veel breder is dan alleen duurzaamheid, is het geen pijler onder het programma Duurzaamheid. We zorgen voor nauwe samenwerking met dat thema.

11

4.2. Procesdoelen om de ambitie te halen De thematische doelen van hierboven zijn niet nieuw. Het gaat om bestaande afspraken en beleidsstukken die veel samenhang kennen. Om integraal te werken en te kunnen versnellen op het behalen van onze ambitie, komen we tot een aantal procesdoelen (niet in volgorde van belangrijkheid): 1. We geven het goede voorbeeld en inspireren De gemeente doet wat ze zegt en geeft met haar gebouwen, wagenpark en medewerkers het goede voorbeeld naar inwoners, ondernemers en organisaties alle duurzaamheidsthema’s. Wanneer we het goede voorbeeld geven, bijvoorbeeld bij projecten in de openbare ruimte communiceren we hierover. We gebruiken onder andere het instrument van de CO2 prestatieladder om hier uitvoering aan te geven. 2. We zorgen dat de organisatie duurzaam denkt en doet Duurzaamheid is centraal thema voor de organisatie en daarom werken we aan het integraal borgen in ons denken en doen. Dat betekent dat duurzaamheid niet aan het eind van het traject een plaats krijgt, maar vanaf het begin integraal wordt meegenomen in projecten, beleid en beheerplannen. We maken integrale afwegingen bij projecten en gebiedsontwikkeling om zo de hoogste duurzaamheidswinst te halen. Dat doen we door vooraf inzichtelijk te maken welke duurzaamheidsambities we hebben voor een gebied of project.

Vanuit het programma communiceren we actief naar de organisatie over suggesties voor verbetering op het gebied van duurzaamheid en we delen en geven aandacht aan inspirerende voorbeelden

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

3. We helpen iedereen mee te doen Het realiseren van duurzaamheidsmaatregelen door bewoners kan alleen als mensen daarvoor in de gelegenheid zijn. We willen ongelijkheid door duurzaamheidsopgaven tegengaan en mensen helpen om mee te kunnen doen. We houden rekening met het feit dat niet alle inwoners beschikken over de financiële middelen om duurzaamheidsmaatregelen te treffen. Met dit procesdoel focussen we ons op die mensen die vanwege onvoldoende financiële middelen, niet zelf over kunnen gaan tot actie. We realiseren ons dat dit doel niet zomaar gehaald is en onder andere samenhangt met het armoedebeleid van de gemeente. We zullen hierbij de samenwerking met het Sociaal Domein sterk opzoeken en per jaar een focusactiviteit kiezen. Een actueel voorbeeld hierbij is het onderwerp energiearmoede, waarbij de stijgende energiekosten een hoge druk leggen op kwetsbare groepen. 4. We werken samen met partners Verduurzamen vraagt om samenwerking met onze bewoners, bedrijven en organisaties, om zo beste resultaten te halen. Ook zonder de gemeente, zijn en gaan zij al aan de slag met duurzaamheid. We richten ons op de dialoog, werken aan vertrouwen en werken samen aan het realiseren van een gezond en toekomstbestendig Barneveld. We bouwen aan netwerken met inwoners, ondernemers en organisaties.

We faciliteren optimaal en participeren als overheid wanneer mogelijk bij initiatieven van inwoners, bedrijven en organisaties. Mooie initiatieven moedigen we aan en brengen we onder de aandacht. Ook werken we slim samen met andere overheden, zoals waterschap, regio, provincie en het Rijk. We moedigen initiatieven van inwoners aan.

GEMEENTE BARNEVELD

5. We werken gebiedsgericht Alle duurzaamheidsopgaven doen een claim op de (buiten)ruimte en krijgen daar een plek. Daarnaast zijn er nog veel meer opgaven die daar terecht komen, zoals woningbouw, recreatie en natuur, infrastructuur etc. Om de toekomstbestendigheid van de leefomgeving te kunnen realiseren kan een gebiedsgerichte aanpak helpen. Het is nodig alle opgaven in samenhang te realiseren. Door niet vanuit een opgave (bijvoorbeeld het opwekken van duurzame energie) naar een gebied te kijken, maar juist vanuit en met het gebied te kijken naar hoe alle verschillende opgaven het best kunnen worden gerealiseerd. Met het programma duurzaamheid willen we in samenwerking met de gebiedsregisseurs van de gemeente kijken hoe we dit vorm kunnen geven. 6. We hebben een duidelijk verhaal naar buiten toe Als gemeente zijn we naar onze inwoners, ondernemers en organisaties duidelijk over onze ambities en helder in de communicatie. We stemmen communicatiemomenten intern af en letten er op dat alle duurzaamheidsthema’s overzichtelijk gepresenteerd zijn, bijvoorbeeld op de website. We informeren over onze eigen acties en faciliteren in het vinden van de juiste informatie op de verschillende thema’s, bijvoorbeeld over financiering – en adviesmogelijkheden.

12

Hoofdstuk 5

Legenda

Wat we gaan doen in 2022

Energie Duurzame Mobiliteit Klimaatadaptatie

De vorige hoofstukken hebben laten zien wat we willen bereiken en waar we aan werken. Nu gaan we in op hoe we dat concreet voor ons zien. Dat doen we door een aantal focusactiviteiten en besluitvormingsstukken voor 2022 te omschrijven. Focusactiviteiten zijn de belangrijkste activiteiten die bijdragen aan de programmadoelen en ambitie. We gaan hieronder in op de activiteiten per thema en leggen de link met de procesdoelen. We sluiten af met overkoepelende activiteiten die bijdragen aan de procesdoelen. Alle activiteiten vormen een dynamisch geheel. Het is elke keer weer belangrijk om af te wegen wat het beste bijdraagt aan de gestelde doelen. Jaarlijks evalueren we daarom onze activiteiten, monitoren die en we maken een jaarplan voor het volgende jaar.

Biodiversiteit Circulaire Economie Duurzaam Voedselsysteem

1

Goede voorbeeld

2

Duurzaam denken en doen

3

Iedereen meedoen

4

Met partners

5

Gebiedsgericht

6

Duidelijk verhaal

1 Q1: Uitvoeren Duurzame Meerjaren Onderhoudsplanning (DMJOP) eigen vastgoed Team vastgoed is verantwoordelijk voor en werkt aan het opstellen van de DMJOP, een meerjaren onderhoudsplanning waar duurzaamheid integraal in is afgewogen. Daarmee dragen we bij aan de energiedoelen, de reductie van CO2 uitstoot en aan procesdoel 1 ‘We geven het goede voorbeeld en inspireren’. Rol van het programma is inhoudelijk meedenken en meehelpen om knelpunten op te lossen die de uitvoering van dit DMJOP zouden belemmeren

3

4

Q2: Aanpak energiearmoede In samenwerking met het Sociaal Domein onderzoeken wat de beste aanpak van energiearmoede in de gemeente is. Dit willen we wanneer mogelijk oppakken met sociale partners uit de gemeente, die kunnen helpen bij het bereiken van de doelgroep. Vervolgens maken we een voorstel en voeren dit uit. Dit draagt bij aan procesdoel 3 ‘We helpen iedereen mee te doen’ en procesdoel 4 ‘We werken samen met partners’.

Thema Energie

6 Q1: Opstellen Energievisie en uitvoeringsprogramma Er is al gestart met het opstellen van de vernieuwde Energievisie, waarin De Warmtevisie, De (herijkte) Zonneladder, de memo Lokaal Eigenaarschap, de Structuurvisie Wind en de rol van de eigen organisatie een plek krijgen. Voorstel is om input van het programmateam Duurzaamheid te vragen bij het opstellen van de visie en uitvoeringsprogramma om koppelkansen te benutten.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

Q2-Q4 Verduurzamingscampagne Vanuit het Energieloket organiseren we een campagne waarin we inwoners informeren over verduurzamingsmogelijkheden voor hun huis. Aanleiding is de transitie naar een aardgasvrije woningvoorraad. We zoeken aansluiting bij andere duurzaamheidsthema’s via het programma Duurzaamheid, met name op het gebied van natuurinclusieve – en klimaatadaptieve maatregelen, duurzaam vervoeren en Circulaire Economie. Deze actie draagt bij aan procesdoel 6: ‘We hebben een duidelijk verhaal naar buiten’

13

3 Q2-Q4 Verkennend onderzoek potentie warmtenetten

Q1- Q2: Hittestress & gezondheid aanpak uitdenken

In 2022 voeren we onderzoek uit naar de mogelijkheden voor het realiseren van warmtenetten in respectievelijk het centrum van Voorthuizen en in het centrum van Barneveld. Op basis van de uitkomsten van deze onderzoeken volgen verdere vervolgstappen.

In samenwerking met het Sociaal Domein onderzoeken of en hoe de combinatie hittestress & gezondheid aangepakt kan worden. Wanneer in 2023 vervolgens het Klimaatadaptatieplan wordt opgesteld, kan deze aanpak heir een plek in krijgen.. Dit draagt zowel bij aan de doelen op het thema Klimaatadaptatie en combineert dit met procesdoel 3 ‘We helpen iedereen mee te doen’.

Thema Duurzame Mobiliteit

Q1-Q2: afronden Duurzame mobiliteitsplan met uitvoeringsprogramma 2022-2026 Dit plan is in de maak en ronden we in 2022 af, het maakt onderdeel uit van het nieuwe Gemeentelijke Verkeers- en vervoersplan. In het Duurzame Mobiliteitsplan zullen een aantal thema’s naar voren komen, zoals ‘Schoon en anders vervoer’, ‘Elektrisch vervoer’, en de ‘Werkgeversrol’. Bij het opstellen van het plan, wordt input opgehaald bij het programmateam Duurzaamheid.

Heel 2022: Concrete maatregelen bij infrastructurele projecten Denk hierbij aan extra waterberging Esvelderbeekzone, de reconstructie van de Churchillstraat (Barneveld), verschillende maatregelen in Zwarterbroek, en de afkoppeling van het hemelwater aan de Garderbroekerweg (Kootwijkerbroek) en de Wolweg (Stroe).

Thema Biodiversiteit

Thema Klimaatadaptatie Heel 2022: Uitvoering geven aan uitvoeringsvoorstel 2022 Q1: Afronden evaluatie Plan van Aanpak Klimaatadaptatie De 19 acties waar de afgelopen jaren aan is gewerkt, zijn geevalueerd. Aanbevelingen voor het vervolg op dit thema komen voort uit deze evaluatie en worden in 2022 verder uitgewerkt voor de jaren die volgen.

Heel 2022: Uitvoeren lokale acties werkplan Regionaal Adaptatieplan (RAP) Vallei en Veluwe Het werkplan beslaat vier thema’s met in totaal 14 projecten voor 2022.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

Bij vaststelling van het Biodiversiteitsplan is een uitvoeringsvoorstel voor 2022 vastgesteld. Binnen de thema’s Beleid, Buitengebied, Stedelijk gebied, Natuurgebied en Samenwerking, Beheer en Monitoring zijn activiteiten uitgewerkt en waar nodig budget beschikbaar gesteld voor de uitvoering er van in 2022.

Thema Circulaire Economie

Thema Duurzaam Voedselsysteem

Q1: Opstellen Actieagenda Circulaire Economie

Heel 2022: Uitvoering geven aan uitvoeringsprogramma Voedsel – en eiwittransitie van de Regio Foodvalley

Deze actieagenda is in de maak en ronden we af in 2022. Het actieprogramma haalt input op bij het programmateam Duurzaamheid en met name bij de pijler Voeding en Landbouw vanwege de grote samenhang in doelen (voedselverspilling tegengaan; korte ketens; kringlooplandbouw). Aansluiten bij Strategienota Grondstoffen 2020-2024.

1

2

Q1-Q4: Informeren organisatie over Circulaire Economie en biobased bouwen De organisatie heeft energieneutraal en klimaatadaptief bouwen meegenomen in beleidsstukken als de Woonvisie. Het thema Circulaire Economie minder. We richten ons dan ook actief op het inspireren, adviseren en ondersteunen van de organisatie wat betreft circulaire economie en biobased bouwen. Mogelijke quickwin hier is het opnemen van Circulaire Economie voorschriften in bestekken. Dit draagt bij aan procesdoel 1 ‘We geven het goede voorbeeld en inspireren’ en procesdoel 2 ‘We zorgen dat de organisatie duurzaam denkt en doet’.

In het kader van dit programma werken we samen met de regio en de andere gemeenten aan diverse thema’s. Belangrijk komend jaar is het stimuleren van de korte keten (voedsel uit de streek), het voorkomen van verspilling, het stimuleren van de teelt en het inzetten of het eten van alternatieve eiwitten en het creëren van een duurzame voedselomgeving, waarin mensen worden gestimuleerd om duurzaam en gezond voedsel te kopen

Heel 2022: Penvoerder van het POP3project Eerlijk eten uit de streek Binnen dit project ontwikkelen we een logistiek systeem om regionaal geteelde producten bij de consument te krijgen.

Q2-Q3: Ontwikkelen Lokale Voedselagenda We komen in 2022 tot een nadere uitwerking van alle activiteiten met betrekking tot voedsel in de gemeente. Hierbij wordt input opgehaald bij het programmateam Duurzaamheid, om zo de samenhang met overige thema’s te borgen. We willen daarin met name de link met het thema Circulaire Economie leggen, vanwege activiteiten rondom het verkorten van ketens.

Q2 - Q3: Opstellen uitvoeringsvoorstel voor 2023 In 2022 wordt een nieuw uitvoeringsvoorstel uitgewerkt voor 2023.

GEMEENTE BARNEVELD

14

Overkoepelende programma activiteiten Naast de thematische activiteiten zijn er activiteiten die overkoepelend zijn en op programmaniveau opgepakt kunnen worden.

1 Q1- Q4: Inspiratiesessies We inspireren als programmateam de organisatie met goede voorbeelden en enthousiasmeren op deze manier. Gedurende het jaar willen we minstens twee inspiratiesessies organiseren. Dit draagt bij aan procesdoel 1 ‘We geven het goede voorbeeld en inspireren’.

2 5 Q3-Q4: Afwegingskader en/of standaard bij integrale gebiedsgerichte duurzaamheidskeuzes Om de duurzaamheidsdoelen te vertalen naar concrete maatregelen en om per project te focussen op thema’s waar de meeste duurzaamheidswinst te behalen is in het specifieke gebied of project. Door gesprekken met medewerkers is duidelijk geworden dat er behoefte is aan duidelijkheid rondom welke duurzaamheidsmaatregelen en/of richtlijnen er zijn en hoe daar vervolgens een afweging tussen gemaakt kan worden. Dat geldt voor meerdere activiteiten: keuze en inkopen van materialen, gebiedsontwikkeling en infrastructurele projecten. Draagt bij aan procesdoel 2 ‘We zorgen dat de organisatie duurzaam denkt en doet’ en procesdoel 5 ‘We werken gebiedsgericht’.

6 Q2-Q3: Opzet monitoring programma De inzet is om (waar mogelijk) per pijler een set van KPI’s te ontwikkelen, zodat het programma gebruikt gaat worden om inzicht te hebben in het bereiken van de doelen en om vervolgens bij te sturen. Vulling van de monitoring komt onder andere vanuit de CO2 prestatieladder en inzichten van het Energieloket.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

Q3-Q4: Opstellen communicatiestrategie duurzaamheid Komen tot een heldere strategie waar alle duurzaamheidsthema’s een plekje in hebben en waar communicatiemiddelen aan verbonden zijn. De strategie vertaald zich in al onze communicatie-uitingen, waarbij de website een belangrijke is. Wanneer er nieuwe communicatie – acties bedacht worden, toetsen we die aan de strategie. Draagt bij aan procesdoel 6: ‘We hebben een duidelijk verhaal naar buiten toe’.

GEMEENTE BARNEVELD

15

Hoofdstuk 6

Programmasturing: hoe we aan de slag gaan We hebben hiervoor omschreven waar we concreet aan werken en waar naartoe. In dit hoofdstuk gaan we in op hoe we dat precies gaan doen. De geformuleerde programmadoelen raken aan alle afdelingen van de gemeente.

6.1. Programma en lijn activiteiten

6.2. Voortgang, evaluatie en monitoring

6.3. Organisatiestructuur

Het programma verbindt verschillende teams binnen de organisatie met elkaar. We bieden met het programma een leeromgeving, organiseren uitwisseling van kennis, monitoring en dragen voorstellen aan via de stuurgroep. De programmaleider maakt afspraken met de lijn over wat er in het programma gebeurt en escaleert daar wanneer nodig, vanwege uitdagingen op het gebied van bijvoorbeeld prioritering, budget of capaciteit. Het programma bundelt (bestaand) beleid en activiteiten en maakt duidelijk waar welke afhankelijkheid zit tussen programmadoelen en lijnactiviteiten, Het neemt activiteiten niet over. Alle activiteiten die bijdragen aan de programmadoelen, vallen onder het programma. Onder te verdelen in:

Dit programmaplan ri cht zich op lange termijn doelen in een constant ontwikkelend speelveld. We willen impact maken en dat doen wat nodig is. Daarom bewaken we de voortgang van het programma, om zo te kunnen prioriteren en snel en flexibel bij te sturen wanneer nodig. We monitoren jaarlijks op de volgende onderdelen:

De stuurgroep bestaat uit twee wethouders en de ambtelijk opdrachtgever. De stuurgroep is verantwoordelijk voor de voortgang, bijsturing en prioritering van het programma. Besluitvorming van alle duurzaamheidsactiviteiten (zowel programma – als pijleractiviteiten) loopt via de stuurgroep. De programmaleider adviseert de stuurgroep en bereidt de agenda en de stukken voor.

• Lijnactiviteiten: Verantwoordelijkheid en mandaat voor uitvoering blijft liggen in de lijn. Trekker van pijlers zijn verantwoordelijk voor de voortgang (beslissen daar niet over). • Programma activiteiten: Nieuwe, overkoepelende activiteiten die niet onder 1 pijler te vatten zijn, maar wel nodig zijn om de programmadoelen te halen. De programmaleider coördineert deze activiteiten, of belegt deze in overleg ergens anders in de organisatie.

• Programma ambitie: gezonde en fysieke leefomgeving • Thematische en procesdoelen • Activiteiten Om dat te kunnen doen definiëren we begin 2022 een aantal kritieke prestatie indicatoren (KPI’s) die we willen inzetten of ontwikkelen. Veel informatie is beschikbaar via open data, sommige data zullen we moeten verkrijgen via instanties als het KNMI of de GGD. De KPI’s koppelen we aan de verschillende onderdelen.

Het programmateam bestaat uit inhoudelijk trekkers van de duurzaamheidsthema’s, een adviseur communicatie, een gebiedsregisseur en de programmaleider.

Een lid van het concernteam is de ambtelijk opdrachtgever van het programma duurzaamheid.

Het concernteam heeft periodiek (tweejaarlijks) overleg met de programmaleider om af te stemmen over lijnactiviteiten en programma-activiteiten en om keuzes te maken in projecten en de inzet van capaciteit.

De programmaleider is het inhoudelijk aanspreekpunt voor het programma, stuurt het programmateam aan, heeft het

Elk half jaar maken we een voortgangsrapportage met daarin een kort overzicht hoe het programma er voor staat wat betreft de ambitie, doelstellingen, activiteiten en budget. Op basis van dat inzicht kunnen we snel reageren en bijsturen op activiteiten. Elk jaar maken we het jaarplan met activiteiten voor het volgende jaar, op basis van de voortgang.

De programmaleider houdt het overzicht en is op de hoogte van voortgang en ontwikkelingen.

overzicht en stuurt op het behalen van de programmadoelen. De programmaleider zorgt voor inzicht in de inhoudelijke voortgang, het signaleren en vertalen van ontwikkelingen naar het programma en afstemming met de organisatie over keuzes tussen activiteiten in de lijn en voor het programma.

Financieel adviseur

1 keer in de zes weken voortgang en bijsturen programma en voorbereiding besluitvorming

Stuurgroep Duurzaamheid

Programmaleider

Trekker klimaatadaptatie

Trekker Duurzaam Voedselsysteem

Adviseur Communicatie

Gebiedsregisseur

Trekker Biodiversiteit

Trekker Energie

Trekker Duurzame Mobiliteit

Trekker Circulaire Economie

1 keer per maand - sturen op programmadoelen en prioritering, voorbereiding stuurgroep

Figuur 3 Programmaorganisatie vanaf Q1 2022

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

16

6.5. Budgetten 6.4. Overlegstructuur: Programmateam: Een keer per maand een werkoverleg met het kernteam. Pijlertrekkers komen bij elkaar om kennis en stand van zaken delen. Het programmateam richt zich met elkaar op: • Kennisdelen en leren van elkaar; • Monitoring van voortgang en bijsturen; • Het signaleren, oppakken en beleggen van nieuwe, overkoepelende activiteiten; • Vooruitkijken en voorstellen voor prioritering maken voor de stuurgroep. In eerste instantie per kwartaal een overleg met een bredere groep, waarin: • Medewerkers van Ruimtelijke Ontwikkeling, Vastgoed, Beheer Openbare Ruimte, Sociaal Domein en Inkoop aansluiten, afhankelijk van de agendapunten; • We bespreken knelpunten en kansen die we vanuit het programma moeten oppakken of signaleren; • Inspiratie: we delen mooie voorbeelden of nodigen een spreker uit. Stuurgroep: De stuurgroep komt eens in de zes weken bij elkaar. De stuurgroep richt zich in ieder geval op: • Voortgang programma: stand van zaken, knelpunten en kansen; • Bijsturen en prioriteren; • Voorbereiding besluitvorming.

De programmaleider heeft de beschikking over een werkbudget om uitvoering te geven aan een deel van de nieuwe overkoepelende programma activiteiten (zie hoofdstuk 5). Het uitvoeren van thematische activiteiten wordt betaald uit structureel exploitatiebudget. Deze budgetten maken onderdeel uit van de meerjarenbegroting en zijn daarmee structureel beschikbaar. Op niet alle thema’s is het budget toereikend voor de jaren vanaf 2023. Om voldoende budget te hebben, voor zowel de overkoepelende programma-activiteiten, als voor de thematische activiteiten, willen we een beleidstoevoeging toevoegen aan de kadernota voor 2023. Deze wordt in het eerste kwartaal van 2022 opgesteld. 6.6. Rollen en invloed Het programma bestaat uit zes pijlers. Dat betekent echter niet dat de inzet op die zes pijlers exact overeenkomt. Dat komt doordat sommige thema’s meer concreet zijn dan anderen, of doordat de invloed van de gemeente op het ene thema groter is dan op het andere. Sommige maatregelen zijn lastig uit te voeren, maar hebben een groot effect, terwijl andere maatregelen wellicht weinig impact maken, maar wel veel energie geven. We werken aan transities en daarbij is het belangrijk om beweging te creëren, dat doen we door aan te sluiten bij waar de energie zit.

Hoewel de invloed soms beperkt is, heeft de gemeente op basis van de kaders en richtlijnen de regie om de duurzaamheidsopgaven op gang te brengen, te faciliteren en waar mogelijk te versnellen. De onderstaande rollen kan de gemeente innemen (bovenaan hoge invloed, onderaan minder hoog): 1. Eigenaar en beheerder. De gemeente heeft directe invloed op de eigen organisatie en de inrichting daarvan, denk aan eigen gebouwen en het wagenpark. Ook heeft de gemeente directe invloed op ontwikkelingen in de buitenruimte (waarbij kaderstelling uiteraard van belang is) en het beheer daarvan. Verder kan de gemeente medewerkers faciliteren door het mobiliteitsprotocol en door aanbod in het bedrijfsrestaurant en de kantine op de werf.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

2. Kaderstellen: De gemeente stelt beleidskaders op en heeft daarmee invloed op ontwikkelingen. Bijvoorbeeld het opstellen van een kader voor de grootschalige ontwikkeling van wind- en zonne-energie of een klimaatadaptatieplan. 3. Faciliteren: Gebruik maken van initiatieven van de markt en inwoners om de energietransitie op gang te brengen. De gemeente kan de transitie versnellen door initiatieven te toetsen aan de gemeentelijke doelstellingen en zo mogelijk te begeleiden. Denk aan bewonersinitiatieven voor bijvoorbeeld een kleine collectieve warmteoplossing. 4. Stimuleren: Het inrichten van subsidies, garanties, borgstelling en/of leningen om daarmee initiatieven te ondersteunen om tot ontwikkeling of realisatie te komen. 5. Informeren: Het verschaffen van heldere en onafhankelijke informatie aan bewoners en omgevingspartijen om ze te begeleiden in de benodigde stappen in de realisatie van duurzaamheidsmaatregelen. 6. Samenwerken en partijen bij elkaar brengen: Het actief zoeken naar samenwerkingsvormen om de doelen te realiseren, bijvoorbeeld met private partijen in een partnerschap of door (financiële) deelname aan projecten. En het bij elkaar brengen van partijen met een gezamenlijk beleidsdoel, zoals woningcorporaties en netbeheerder binnen de TVW.

In onderstaande tabel wordt schematisch per thema weergegeven waar je aan kunt denken per thema (dit zijn voorbeelden, niet allemaal gerealiseerd in Barneveld). Bovenaan is de directe impact van acties het hoogst, onderaan is dit lager. Echter, de indirecte impact kan hoger zijn. Voorbeeld: het ecologisch beheren van de bermen. Dit heeft een directe impact, maar het stimuleren van natuurinclusief bouwen en natuurinclusieve tuinen bij particulieren heeft indirect een grotere impact, wanneer succesvol.

17

Rol en invloed

Energie en mobiliteit

Duurzame Mobiliteit

Klimaatadaptatie

Maatregelen eigen bedrijfsvoering en ruimtelijke ontwikkeling

Eigen vastgoed verduurzamen; Openbare verlichting volledig LED

Eigen wagenpark verduurzamen; mobiliteitsprotocol medewerkers voor woonwerk en dienstreizen

Integrale aanpak uitvoeringsplannen openbare ruimte Eigen vastgoed

Kaderstellen door middel van beleid

Zonneladder; Transitievisie Warmte; Structuurvisie Windenergie

Duurzame Mobiliteitsvisie

Faciliteren van initiatieven

Zonnevelden

Stimuleren

Biodiversiteit

Circulaire economie

Duurzaam Voedselsysteem

Ecologisch bermbeheer

Inkoop eigen organisatie, goede voorbeeld geven en boodschap uitdragen

Bedrijfskantine gezonde voeding uit de streek

Opstellen van Klimaatadaptatieplan

Biodiversiteitsplan

Circulaire inkooprichtlijnen; beleid circulair bouwen en inrichting & beheer openbare ruimte

Opstellen Lokale Voedselagenda

Laadpaal op aanvraag

Vergroenen schoolpleinen en stimuleringsregeling inwoners

Aanbieden praktijkcursussen biodiversiteit voor plaatselijke belangenverenigingen

Faciliteren van workshops voor bedrijven om inzicht te geven in circulaire businessmodellen

Faciliteren van initiatieven als Eerlijk uit de Streek

Bedrijvenaanpak, collectieve acties voor inwoners

Laadpaal proactief plaatsen; plaatsen E-bike laadpleinen

Duurzaamheidslening voor groene daken;

Duurzaamheidslening voor natuurinclusief (ver) bouwen

Circulaire initiatieven van bedrijven/bewoners

Kringlooplandbouw stimuleren; creëren van een duurzame voedselomgeving

Informeren

Isolatie en bespaarcampagne; Energieloket

Informeren over mogelijkheden elektrisch laden

Campagne Klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen

Informatiepanelen om investeringen in natuur en biodiversiteit zichtbaar te maken

Inspiratietour Circulaire economie voor bedrijven

Voorlichtingscampagne over duurzaam voedsel (uit de streek)

Samenwerken en partijen bij elkaar brengen

Warmtetransitie in samenwerking met woningcorporatie en Liander

Samenwerking in Foodvalley op Verkeer en bereikbaarheid

Samenwerking binnen het Regionaal Adaptatieplan Vallei en Veluwe

Leernetwerk Natuurinclusief bouwen

Versterken Living Lab Regio FoodValley;

Landbouwnetwerk Foodvalley voor onderwepren als kringlooplandbouw

Tabel 2 : Rollen gemeente en voorbeelden per thema’s

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

GEMEENTE BARNEVELD

18

Duidelijk hieruit is dat ook met relatief minder intensieve activiteiten (zoals het informeren van bewoners via de website of het deelnemen aan samenwerkingsverbanden) alsnog invloed uitgeoefend kan worden. We moeten kiezen waar en hoe we onze beschikbare budgetten en capaciteit willen inzetten. 6.7. Uitdagingen Het behalen van de ambities en doelstellingen van dit programma kent een aantal uitdagingen waar we als gemeente zelf voor aan de lat staan. Denk aan: 1. Capaciteit van medewerkers: hebben en krijgen medewerkers de benodigde tijd om te werken aan het programma en bijbehorende activiteiten? Dit vraagt om focus, keuze en afstemming vanuit en met het MT. 2. Budget: hebben we de beschikking over genoeg budget om de activiteiten die nodig zijn, daadwerkelijk uit te voeren? Om dit te borgen is het nodig om op tijd vooruit te kijken bij het maken van plannen en slim aan te sluiten bij de P&C cyclus. Met het programma Duurzaamheid werken we nauw samen met onze financiële adviseur. Naast de bovenstaande bekende uitdagingen, zijn we als gemeente niet alleen afhankelijk van onze eigen inzet, maar ook van ontwikkelingen op (inter-)nationaal niveau die het behalen van onze doelen kunnen beïnvloeden. Denk hierbij aan: 1. Beperkte ruimte: de ruimte die we hebben om al onze opgaven op te pakken is beperkt.

Opgaven variëren van woningbouw, datacenters, duurzame energieopwekking, dijkversterking tot kringlooplandbouw. Deze doen allemaal een claim op de schaarse ruimte die we hebben en worden veelal sectoraal opgepakt en los van elkaar uitgevoerd. Een integrale (gebiedsgerichte) benadering is nodig om de maatschappelijk opgaven in samenhang op te pakken en zo efficiënt om te gaan met de ruimte die we hebben.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

2. Netcongestie. Dit betekent dat het elektriciteitsnet vol raakt door extra elektriciteitsvraag- en opwek, waardoor verruiming van de netcapaciteit nodig is. De netbeheerders zijn hier al druk mee bezig, maar verwacht kan worden dat het oplossen van netcongestie problemen jaren zal duren. Op dit moment is netcongestie in Barneveld al aan de orde en zonnepanelen op bedrijfsdaken kunnen niet altijd aangesloten worden op het netwerk. Afstemming en regionale programmering is noodzakelijk. 3. Personele capaciteit, zijn de benodigde handen en expertise om verduurzamingsmaatregelen uit te voeren (denk aan het plaatsen van zonnepanelen of leggen van groene daken) wel beschikbaar? 4. Circulaire transitie: er zijn niet genoeg grondstoffen om de transitie in te zetten. Dit heeft impact op bijvoorbeeld mobiliteit. Landelijk is afgesproken dat er vanaf 2030 alleen nog maar elektrische auto’s verkocht worden, maar daarvoor zijn op dit moment niet voldoende grondstoffen en materialen beschikbaar. Hetzelfde geldt voor duurzame energieopwekking. 5. Wetgeving en financiering. Op dit moment is voor verschillende thema’s nog niet duidelijk hoe de overstap naar duurzame alternatieven verplicht kan worden, gestimuleerd kan worden en gefinancierd kan worden. Ook hier is de gemeente afhankelijk van landelijke keuzes en ontwikkelingen.

Al deze uitdagingen samen genomen, brengen het risico van vertraging in de verschillende duurzaamheidsopgaven met zich mee. Het is daarom belangrijk om in te zetten op de zaken waar we binnen de gemeente invloed op hebben.

GEMEENTE BARNEVELD

19

Bijlage A

Relevante afspraken en beleidsstukken voor het programma Duurzaamheid In deze bijlage een overzicht van voor dit programma relevante afspraken op landelijk, regionaal en lokaal niveau. Het gaat om kaderstellende afspraken en beleidsstukken op hoofdlijnen.

7.1 Landelijke afspraken Rijksbrede programma Nederland Circulair in 2050 Afspraken uit het Klimaatakkoord en het Gelders Energie Akkoord In het Klimaatakkoord van Parijs is in 2015 afgesproken dat de opwarming van de aarde in 2050 wordt beperkt tot minder dan twee graden Celsius ten opzichte van het pre-industriële tijdperk. Deze doelen zijn verankerd in het Nederlandse Klimaatakkoord en de Klimaatwet. 1. 49 procent minder CO2 uitstoot in 2030, t.o.v. 1990 2. 95 procent minder CO2 uitstoot in 2050, t.o.v. 1990 3. CO2 neutraal opwekken van alle energie in 2050 In het Gelders Energie Akkoord is al afgesproken in te zetten op 55 procent reductie in 2030 en we zien nu dat de Commissie van de Europese Unie daar nu ook voor wil gaan.

PROGRAMMAPLAN DUURZAAMHEID

Met het Rijks brede programma Nederland Circulair in 2050 heeft het kabinet in september 2016 de inzet van de Rijksoverheid op dit thema gepresenteerd. De ambitie is een volledig circulaire economie in 2050.

7.2. Regionale afspraken en samenwerkingen

Strategische Agenda 2020- 2025 Food Valley De ambitie van de regio is om in 2030 een topregio te zijn op het gebied van landbouw en voeding. Een regio waar inwoners gezonder zijn, graag wonen, ondernemen, innoveren en waar circulair werken gewoon is. Dat doet de regio via zeven thema’s, waaronder de volgende:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=61ddd2c8-f210-45f7-a656-a0e1777403c3