B-3.13 Besluit B&W over voortgangsdocument RES Foodvalley 2023 d.d. 6-6-23 (2)
Tekst van het document
Organisatieonderdeel: Leefomgeving Behandelaar: J. Donner Telefoonnummer: 0342495338 Ter kennisname naar de raad Nummer beleidsproduct:
Onderwerp:
Voorstelnr. 2797 Barneveld, 30 mei 2023 Portefeuillehouder: J. de Heer-Verheij Op overzicht Bestaand beleid (website)
Voortgangsrapportage RES Foodvalley
Gevraagde beslissing: 1. In te stemmen met het Voortgangsdocument RES Regio Foodvalley en deze ter kennisname aan te bieden aan de gemeenteraad; 2. Op verzoek van de RES Foodvalley zal de gemeente vóór 1 september 2023 haar bijdrage voor het realiseren van de RES doelstelling kenbaar maken aan de Regio. 3. De raad informeren via rubriek B van de lijst met ingekomen stukken van de gemeenteraad.
1. Inleiding In de Regionale Energiestrategie Regio Foodvalley (RES RFV) werken 8 gemeenten, de provincies Utrecht en Gelderland en twee waterschappen aan de energietransitie: in 2030 regionaal 0,75 TWh duurzame elektriciteit opwekken en samenwerken aan de warmtetransitie. De RES RFV is één van de 30 RES-regio’s en is onderdeel van het Nationaal Programma Regionale Energiestrategie. Om de landelijke voortgang te monitoren, wordt aan alle RES-regio’s gevraagd om iedere twee jaar de voortgang van de uitvoering van de RES inzichtelijk te maken door middel van een Voortgangsdocument. Het voorliggende Voortgangsdocument RES geeft een beeld van de huidige stand van zaken. De basis voor de uitvoering is de RES 1.0, in 2021 vastgesteld door gemeenteraden, provinciale staten en algemeen besturen van de deelnemende partijen. De regionale uitvoering is geconcretiseerd in het Energieprogramma/RES regio Foodvalley, vastgesteld in het AB in maart 2022. Het Energieprogramma/RES heeft inmiddels 21% van de doelstellingen aan zon- en windenergie op land gerealiseerd. De invulling, concretisering en het tempo van de uitvoering verschilt per gemeente. Vanwege de noodzakelijke investeringen in het elektriciteitsnet is het van belang dat iedere gemeente stappen blijft maken en werkt aan de realisatie van de RES.
De RES Foodvalley heeft daarom de gemeenten gevraagd vóór 1 september 2023 kenbaar te maken welke bijdrage ze aan het RESbod wil en kan leveren. De gemeente Barneveld zal in dit geval het aanbod zoals dat vanuit de gemeente gedaan is voor de RES 1.0 bevestigen. Gezien de ontwikkeling van duurzame opwek in Barneveld en de forse bijdrage die de gemeente al levert aan het RES bod is er geen reden voor aanpassing. De gemeente Barneveld heeft inmiddels 0,042 TWh aan opwek van duurzame energie gerealiseerd en er zit 0,078 TWh in de pijplijn (inclusief windenergie op Harselaar). Tezamen is dat 0,12 TWh, 19,3% van het bod van 0,75 TWh van de RES Foodvalley. Uiteindelijk levert Barneveld vanuit de eigen doelstellingen 26% van de doelstelling van het bod van de RES Foodvalley.
2. Beoogd effect a) Meetbaar effect Met de RES RFV beogen we de CO2-uitstoot te beperken door het verduurzamen van de gebouwde omgeving en het opwekken van duurzame elektriciteit. Het voortgangsdocument geeft inzicht in de huidige status en identificeert kansen en uitdagingen om de doelstelling van de RES 1.0 van 0,75 TWh in 2030 te realiseren.
b) Maatschappelijk effect De regio Foodvalley draagt bij aan de klimaatdoelstellingen.
4. Argumenten 1.1 Het Voortgangsdocument draagt bij aan het inzicht van raden-, staten- en ab-leden en inwoners over de RES RFV Het Voortgangsdocument geeft inzicht in de regionale voortgang voor de colleges en parlementen. Het Voortgangsdocument is niet kaderstellend, maar geeft een beeld van de stand van zaken.
-21.2 Met het Voortgangsdocument voldoen we aan landelijke vereisten Iedere twee jaar brengt het PBL de landelijke voortgang van het Nationaal Programma RES in beeld. De 30 regio’s dienen daarom iedere twee jaar een voortgangsdocument vast te stellen in de colleges. Het voortgangsdocument moet voor 1 juli aangeboden zijn aan het Nationaal Programma. Het voortgangsdocument is conform het landelijk begrippenkader RES opgesteld. 1.3 Besluitvorming over het Voortgangsdocument is een bevoegdheid van het college Het Voortgangsdocument bevat geen nieuwe kaders. De basis wordt gevormd door eerder door de parlementen vastgesteld beleid. Besluitvorming over het Voortgangsdocument is hierom een bevoegdheid van het College.
4. Kanttekeningen Een RES Voortgangsdocument in plaats van een RES 2.0 Vanwege de looptijd van de RES tot 2030 voorzag de planning van het NP RES in een update van de RES iedere twee jaar (RES 2.0 in 2023 enz.). Vanwege veranderende wetgeving (geplande invoering Omgevingswet) is een planMER nodig voorafgaand aan besluitvorming over een RES met nieuwe of aangepaste kaders. De doorlooptijd van een planMER.-procedure is al snel langer dan een jaar. Het Nationaal Programma RES heeft hierop de routekaart aangepast. Iedere twee jaar wordt van alle RESregio’s een voortgangsdocument verwacht zodat landelijk de ontwikkelingen in de uitvoering goed gevolgd kunnen worden. Het actualiseren van de kaders kan in een ‘RES Herijking’ en daar kan tot besloten worden op een moment passend bij de ontwikkelingen in de regio.
5. Financiën Het Voortgangsdocument heeft geen financiële consequenties.
6. Participatie en communicatie a) Participatie In de RES RFV zijn niet alleen de overheden en netbeheerders partner. In deze RES zijn de woningcorporaties, energiecoöperaties en het bedrijfsleven ook partner.
b) Communicatie
Na vaststelling van het Voortgangsdocument door de colleges/dagelijkse besturen en Gedeputeerde Staten wordt het document verzonden aan de parlementen en wordt een regionaal persbericht uitgestuurd. Per gemeente kan ook een eigen persbericht worden ontwikkeld en verstuurd.
7. Uitvoering Planning: Het Voortgangsdocument is een tussenproduct. De uitvoering van de elektriciteits- en warmtetransitie loopt onverminderd door. Het blijft noodzakelijk dat de partners van de RES RFV tijdig stappen blijven zetten naar de realisatie van de doelstelling om in 2030 0,75 TWh aan duurzame elektriciteit op te wekken. Belangrijke mijlpalen zijn: 2025 Ruimtelijke procedures voor zonnevelden en windmolens afgerond 2030 Realisatie 0,75 TWh duurzame elektriciteitsopwekking in Regio Foodvalley gereed. Om deze doelstellingen te halen, worden de gemeenten gevraagd om voor 1 september 2023 met voorstellen te komen
Evaluatie/controle Elke twee jaar wordt de voortgang van de RES Foodvalley gemonitord. Indien de doelstelling wijzigt vindt een herijking plaats en wordt de RES 1.0 aangepast.
8. Bijlagen
‘Samen Vooruit’, Voortgangsdocument RES Foodvalley Memo Voortgangsdocument RES Foodvalley
Memo
Datum: 31 mei 2023 Onderwerp: Ter attentie van: Afzender:
Voortgangsrapportage RES Gemeenteraad College Inleiding In 2021 is de Regionale Energiestrategie 1.0 Regio Foodvalley vastgesteld, met als doelstelling in 2030 tenminste 0,75 TWh duurzame elektriciteit op te wekken door middel van grootschalige projecten met windmolens, of zonPV (op dak en grond). De RES 1.0 doelstelling is een regionale inspanningsverplichting en bevat geen taakstelling voor grootschalige duurzame opwek van elektriciteit per individuele gemeente. Iedere twee jaar brengt het Planbureau voor de Leefomgeving de landelijke voortgang van het Nationaal Programma RES in beeld. De 30 regio’s dienen daarvoor een voortgangsdocument RES vast te stellen. Voor voortgang van de RES 1.0 Regio Foodvalley over de periode 2021 tot en met 2022 is het Voortgangsdocument RES van mei 2023 opgesteld met daarin de voortgang met als peildatum 1 januari 2023. Het voortgangsdocument wordt na instemming van alle betrokken colleges van B&W, GS en bestuur van de waterschappen door het Algemeen Bestuur van de Regio Foodvalley voor 1 juli 2023 aangeboden aan het Nationaal Programma RES. Inhoud voortgangsdocument Het voortgangsdocument omvat een kwantitatieve beschrijving en kwalitatieve beschrijving van de voortgang van initiatieven voor grootschalige duurzame opwek van elektriciteit in de Regio Foodvalley.
Dat betreft windmolens, zon-op-dakprojecten met een opwekvermogen van meer dan 15 KW (ca. 50 panelen) en zon-op-grond projecten. De monitoring van de voortgang gebeurt mede op basis van het begrippenkader van het Nationaal Programma Regionale Energie strategieën en landelijke databases voor gerealiseerde opwekprojecten en in het kader van SDE+-regeling gesubsidieerde opwekprojecten. Voor de regionale voortgang is onderscheid gemaakt tussen gerealiseerde projecten en projecten in de pijplijn. Met gerealiseerd worden de projecten bedoelt die ook daadwerkelijk gebouwd en operationeel zijn. In de pijplijn zitten alle initiatieven die nog niet zijn gerealiseerd maar wel als lopende initiatieven bekend zijn. Dat varieert van projecten die al in aanbouw zijn tot en met lopende initiatieven in een stadium van planvorming.
Hoewel dit voor het voor de voortgangsrapportage richting het Rijk niet verplicht is, wordt in aanvulling op de regionale voortgang voor alle regiogemeenten de stand van zaken toegelicht. Ook is de inzet van de andere RES-partners beschreven. Voortgang RES 1.0 Bij de vaststelling van de RES 1.0 in juli 2021 was al ongeveer 10 % (0,075 TWh) van de RES-doelstelling van de regio Foodvalley gerealiseerd. De totale geschatte opwek van lopende initiatieven in de pijplijn bedroeg op dat moment ca 8 % (0,06 TWh). Sinds vaststelling van RES 1.0 is de gerealiseerde opwek tot 1 januari 2023 toegenomen tot ca. 21 % (0,16 TWh) van de regionale doelstelling. De geschatte opwek van alle initiatieven in de pijplijn op 1 januari 2023 is 60 % (0,45 TWh) van de doelstelling. De gemeente Barneveld heeft inmiddels 0,042 TWh aan opwek van duurzame energie gerealiseerd en er zit 0,078 TWh in de pijplijn (inclusief windenergie op Harselaar). Tezamen is dat 0,12 TWh, 19,3% van het bod van 0,75 TWh van de RES Foodvalley. Uiteindelijk levert Barneveld vanuit de eigen doelstellingen 26% van de doelstelling van het bod van de RES Foodvalley. Vervolg uitvoering RES 1.0 Op basis van de gerealiseerde opwek en initiatieven in de pijplijn lijkt de regionale doelstelling van 0,75 TWh voor 2030 haalbaar.
Er bestaat op dit moment geen noodzaak om de RES 1.0 doelstelling bij te stellen en de RES 1.0 van de Regio Foodvalley te herijken. Niet alle initiatieven zullen naar verwachting ook daadwerkelijk voor 2030 kunnen worden gerealiseerd. Om eventuele uitval of vertraging van initiatieven te compenseren zullen in de regio nieuwe initiatieven moeten worden opgestart. De tijdige realisatie van nieuwe grootschalige opwekdoelstelling voor 2030 staat onder druk door onder andere de netcongestie. Snelle uitbreiding van de capaciteit van het elektriciteitsnet is een van de maatregelen die nodig is voor de realisatie van de regionale opwekdoelstelling in 2030. Voordat de capaciteitsuitbreiding is gerealiseerd kunnen de komende jaren naar verwachting al veel nieuwe duurzame opwekprojecten worden gerealiseerd als bij wind en zonPV-projecten slimme oplossingen worden toegepast. Door in te zetten op opwek voor eigen gebruik en het bestaande elektriciteitsnet efficiënter te gebruiken. Dit kan onder andere met tijdelijke opslag van elektriciteit, cable pooling en toepassing van (toekomstige) nieuwe contractvormen van de netbeheerders voor levering en teruglevering van elektriciteit. In Barneveld worden deze slimme oplossingen in nauwe samenwerking met Liander al op verschillende manieren verkend en zo mogelijk ingezet.
Onder andere voor het mogelijk maken van zonPV-projecten op daken van bedrijven, op daken van maatschappelijk en gemeentelijk vastgoed. De gemeente heeft een uitvraag gedaan voor zon-op-(rest)grond-projecten en er wordt actief gewerkt aan de energiehub Harselaar.
2
SAMEN VOORUIT! VOORTGANGSDOCUMENT RES Voortgangsdocument ten behoeve van monitoring RES Regio Foodvalley mei 2023
De zaaier door Vincent van Gogh De zaaier doet zijn werk en de zon domineert de scène als een eeuwige bron van licht en energie. Achter de zaaier, die met een breed armgebaar het omgeploegde land inzaait, staat nog het rijpe koren, de cyclus van de natuur en het leven. Het zaaien en oogsten, soms veel vruchten voortbrengend soms minder, maar altijd met de goede intenties gezaaid. Het tafereel straalt rust en doortastendheid uit. Kenmerkend voor de grote veranderingen die voor ons liggen met ons mooie landschap, agrarische wortels en hardwerkende ondernemende bewoners. Dromen en daden, samenbindend. Dit schilderij is in ons midden in het Kröller-Müller Museum.
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 2
Voorwoord RES Regio Foodvalley: Met gezamenlijke acties blijft bod mogelijk Op weg naar een nieuw energiesysteem voor Foodvalley Regio Foodvalley wil in 2050 energieneutraal zijn. In 2030 willen we daarvoor een grote stap gemaakt hebben door meer duurzame energie op te wekken, meer energie te besparen en de warmtetransitie verder vooruit te helpen. Dit doen we door lokaal zonne- en windenergie op te wekken en zoeken we ook naar duurzame warmtebronnen als alternatief voor het aardgas waarmee we onze huizen en gebouwen verwarmen. Hiernaast helpen we bijvoorbeeld bij het isoleren van de woningvoorraad. We moeten versnellen om de doelstellingen te halen. Tegelijkertijd bouwen we aan een nieuw energiesysteem waarmee onze regio toekomstbestendig wordt. Twee jaar Foodvalley
geleden heeft de energieregio afspraken gemaakt over het
grootschalig opwekken van duurzame elektriciteit op land. Dat deden we in de Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 van Regio Foodvalley. Met het bod van 0,75 TWh draagt onze regio bij aan het realiseren van de landelijke doelstelling uit het Klimaatakkoord van minimaal 35 TWh in 2030. Zijn we klaar als we ons bod halen? Nee. Ons huidige elektriciteitsverbruik zal de komende tien jaar minimaal verdrievoudigen. Op weg naar een nieuw, duurzaam energiesysteem is op alle fronten extra inzet nodig: ook als het gaat over bijvoorbeeld isoleren en de warmtetransitie. Dat wordt duidelijk in deze voortgangsrapportage van de eerste RES-afspraken Regio Foodvalley. Het beeld: nog geen nieuwe regionale doelstelling nodig, wel vijf aandachtspunten De afspraken in de RES Regio Foodvalley zijn democratisch gelegitimeerd door acht gemeenteraden, provinciale staten van Gelderland en Utrecht en het Algemeen Bestuur van waterschap Vallei en Veluwe. Een nieuwe regionale doelstelling is voor het uitvoeren van
de RES Regio Foodvalley nu niet nodig én niet wenselijk. Gesprekken over een nieuwe doelstelling kosten tijd en energie die beter besteed kan worden. Namelijk aan het realiseren van onderstaande randvoorwaarden en daarmee het uitvoeren van de RES Regio Foodvalley. Om onze regio toekomstbestendig te maken, moeten we stappen zetten op weg naar een nieuw energiesysteem, dat sowieso nog duurzamer en meer decentraal wordt. Die opdracht is niet zonder uitdagingen. Het vraagt van betrokken overheden, inwoners, ondernemers en netbeheerders om gezamenlijk flink de schouders eronder te zetten. Bij het ontwikkelen van de voortgangsrapportage zijn tientallen gesprekken gevoerd met bestuurders, ambtenaren, ondernemers en onderzoekers. Uit alle gesprekken kwamen de volgende randvoorwaarden voor het realiseren van een integraal energieprogramma in onze regio naar voren, die vrijwel alle betrokken partijen onderschrijven (en waar we ook wat mee moeten).
Elkaar houden aan gemaakte afspraken Bij bestuurders en volksvertegenwoordigers was afgelopen tijd soms sprake van een terugtrekkende beweging. Dat vraagt om informatie en uitleg over wat er in de vorige bestuursperiode is gedaan, afgesproken en besloten in de eigen regio. En een duidelijke boodschap van Rijk en provincies over wat er nodig is en waarom. Ook is het nodig dat bestuurders elkaar onderling aanspreken op en helpen bij het naleven van de gemaakte afspraken. Omgaan met netcongestie Netcongestie is blijvend. Rijk, decentrale overheden en netbeheerders gaan erop sturen dat hernieuwbare opwek het energienet zo min mogelijk belast. Door het elektriciteitsnet zo slim mogelijk te gebruiken en te versterken, kan de komende jaren ‘gewoon’ doorgepakt worden met plannen voor grootschalige, lokale opwek. Lokale opwek is een cruciale bouwsteen in het energiesysteem van morgen: meer flexibel, slim en lokaal. Door lokaal opwek en verbruik meer te koppelen, krijgen we energiesystemen die
minder afhankelijk zijn van het energienet. Het advies is ook: reserveer tijdig ruimte voor duurzame elektriciteit bij ontwikkelingen als wonen of bedrijvigheid. Investeer in begrip en acceptatie en verdeel lasten en lusten Het helpt als we met elkaar voortdurend een consistente boodschap afgeven over de noodzaak van het opwekken van duurzame elektriciteit op land, los van politieke ontwikkelingen. Een verhaal waarop iedere partner in de RES kan aanhaken. De uitvoering van het Energieprogramma / RES in Regio Foodvalley moet eerlijk en rechtvaardig zijn met aandacht voor lasten en lusten met name voor mensen in de zoekgebieden. Dat betekent eerlijke informatie, ruimte voor lokaal eigendom en fatsoenlijke compensatie voor degenen die rechtstreeks schade lijden.
Faciliteer de warmtetransitie beter en vergeet niet te isoleren In de RES 1.0 is vastgesteld dat alle gemeenten een Transitievisie Warmte (TVW) zullen gaan vaststellen. Die doelstelling is gerealiseerd. De vervolgafspraak om aan de hand van de vastgestelde TVW's in een iteratief proces de regionale structuur warmte (RSW) te actualiseren, is nog niet opgepakt, mede omdat er nog geen opdracht is gegeven voor een RES 2.0. Hier zullen we meters op moeten gaan maken. In de vastgestelde RES 1.0 Regio Foodvalley zetten we allereerst in op isolatie. De afspraak is om via inzet op isolatie en energiebesparing jaarlijks 1,5% besparing te realiseren. Met de inzet van Energieloketten en bijvoorbeeld collectieve inkoop van isolatie-materialen zijn goede stappen gezet. Afgelopen jaar is door de Oekraïne-oorlog, en de gestegen energieprijzen, veel extra besparing gerealiseerd. Toch neemt de totale elektriciteitsvraag in onze regio toe. We kunnen ons dus niet rijk rekenen en zullen vooral de woningvoorraad moeten blijven isoleren. Tekenend is het feit dat energiearmoede het
meest voorkomt onder (huur)woningbezitters die wonen in huizen met een slecht energielabel. Integraal samenwerken voor een goede en versnelde ruimtelijke inpassing Energie is een cruciaal puzzelstuk als het gaat over het toekomstbestendig maken van onze regio. Als de voortgangsrapportage ons iets leert, is het dat we als overheden (Rijk, provincies, regio, gemeenten, waterschappen) continu moeten samenwerken aan een goede ruimtelijke inpassing van opgaven als wonen, stikstof, industrie en natuur. Met hierbij altijd oog voor de energie die nodig is voor deze opgaven in de komende decennia. Energie moeten we nog meer zien als een integraal onderdeel van de ruimtelijke puzzel én als noodzakelijke voorwaarde voor een goed economisch vestigingsklimaat en een aantrekkelijke woon-
en leefomgeving. Regionale samenwerking zouden we moeten gebruiken om opwekcapaciteit effectief te realiseren en procedures te versnellen. De titel van de voortgangsrapportage ‘Samen vooruit’ is het credo voor wat er in onze energieregio’s gebeurt en wat er nog nodig is om onze doelstellingen te halen. In deze uitdagende tijd kan het belang bijna niet groter zijn dan om samen aan de slag te gaan met het uitvoeren van de RES, het regionaal energieprogramma en het toekomstbestendig maken van Regio Foodvalley. Daarin heeft iedereen een rol: van overheden, netbeheerders en bedrijven tot maatschappelijke organisaties en inwoners. Samen vooruit. Ik heb het volste vertrouwen dat we samen de handschoen kunnen en willen oppakken om te doen wat nodig is.
René Windhouwer Bestuurlijk trekker Energieprogramma / RES Regio Foodvalley
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 6
Inhoudsopgave 1 Inleiding
8
3 Vooruitblik
50
1.1 Het Nationale Programma Energietransitie (NPRES) 1.2 RES in Regio Foodvalley
9 11
3.1 Het RES-bod 3.2 Inhoudelijke issues t.a.v. vergunningverlening en realisatie 3.3 RES in het regionale energiesysteem 3.4 RES in de leefomgeving 3.5 Democratisch proces en betrokkenheid inwoners
51 52 54 56 56
4 Conclusie
58
4.1 Hoe staan we ervoor? 4.2 Wat moeten we doen? 4.3 Hoe gaan we dat doen?
59 59 60
Bijlagen
62
2 Voortgang
14
2.1 Bespiegeling op voortgang RES 1.0 2.2 Monitoring per RES Partner RES 1.0 2.2.1 Barneveld 2.2.2 Renswoude 2.2.3 Ede 2.2.4 Nijkerk 2.2.5 Rhenen 2.2.6 Scherpenzeel 2.2.7 Veenendaal 2.2.8 Wageningen 2.2.9 Provincie Utrecht en Gelderland 2.2.10 Woningbouwcorporaties 2.2.11 Bedrijfsleven 2.2.12 Waterschap Vallei en Veluwe 2.3 Waar staat de regio in het realiseren van duurzame opwek op land? 2.4 Welke bijdrage levert RES aan programmering van het regionale energiesysteem? 2.5 Is de realisatie van de RES verankerd in het omgevingsbeleid? 2.6 Wat is de voortgang in participatie? 2.7 Invulling en resultaten communicatie
15 21 22 24 25 28 30 32 34 36 37 38 38 39 40 40 43 43 43 47 48
Bijlage 1: Actuele ontwikkelingen van boven-gemeentelijke duurzame warmtebronnen Bijlage 2: Resultaten Samenwerkende Energieloketten Foodvalley (SEF)
63 64
1
Inleiding VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 8
1.1 Het Nationale Programma Energietransitie (NPRES) Het NPRES is een uitvoeringsprogramma, dat is opgezet om de doelstellingen uit het Klimaatakkoord uit 2019 te realiseren. Dit akkoord, en de daarop gebaseerde Klimaatwet, is een ratificatie van het ‘Akkoord van Parijs1’ uit 2015, waarin als doel wordt gesteld om de aarde met ruim minder dan 2.0 graden Celsius te laten opwarmen en te streven om de opwarming te beperken tot 1,5 graad. Het NPRES draagt bij aan deze opdracht door invulling te geven aan realisatie van energie-opwek en -besparing in verschillende onderdelen en verschillende energiedragers (elektriciteit en warmte).
1
21st Conference of Parties (COP21), resulterend in een akkoord dat als een klimaatverdrag in 2016 door het Europees Parlement is geratificeerd en in Nederland
door
aangepast in 2022).
de
Klimaatwet
(2019
en
Na de RES 1.0 is de vraag naar kwantitatieve en kwalitatieve duiding van data en informatie toegenomen. Betrokkenen in de RES’en (lokaal, regionaal en nationaal) zijn benieuwd of er voldoende voortgang wordt bereikt en of eventueel bijsturing nodig is. In het Klimaatakkoord zijn doelen afgesproken en het is belangrijk om zicht te houden op de voortgang. In het Klimaatakkoord is een tweejaarlijkse ritmiek afgesproken met betrekking tot de landelijke monitoring. Daarnaast is er een steeds grotere behoefte aan middelen die data omzetten in informatie om inwoners, beleidsmakers en bestuurders te ondersteunen. Dit zowel voor het begrip voor waar we staan als bij het onderbouwen van keuzes voor onze leefomgeving. Om de doelen van 2030 te halen, is in het Klimaatakkoord ook afgesproken dat op 1 januari 2025 de vergunningen voor grootschalige opwekprojecten zijn afgegeven. Dit is nodig omdat het bouwen van met name netinfrastructuur en windturbines ook tijd vraagt. In het Klimaatakkoord is hiernaast afgesproken dat het bod moet passen in de leefomgeving en
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 9
in een efficiënt energiesysteem; dat er democratische besluitvorming plaatsvindt en dat het bod met betrokkenheid van inwoners tot stand komt. Data en monitoring gaan daarom - naast het kwantitatieve aspect - ook om de kwaliteit van de uitvoering. De RES is een samenwerking tussen meerdere partijen en op meerdere schaalniveaus. Op elk schaalniveau en bij elk van deze partijen bestaat de behoefte om te monitoren en daarover op een eigen manier te communiceren. Goede monitoring geeft onder meer de kans om structurele knelpunten te herkennen en op te lossen en om beleid, wetgeving en financiële instrumenten aan te passen als dat nodig is. In het Nationaal Programma Regionale Energie Strategie is een tweejaarlijkse monitoring opgenomen in de vorm van een voortgangsdocument, dat voor 1 juli 2023 vastgesteld moet zijn. Met dit document wil de RES Regio Foodvalley hieraan voldoen.
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 10
Figuur 1.1 Status voortgang initiatieven RES 1.0
1.2
RES in Regio Foodvalley
In december 2022 is de ‘foto’ op de voortgang door het NPRES uitgebracht. Het aldaar geschetste beeld komt in hoofdlijnen goed overeen met het RES-proces in Regio Foodvalley. De kern van de foto van december 2022 is dat er voortgang wordt geboekt, maar de tijd tot 2030 krap begint te worden. Deze boodschap is éénop-één toepasbaar op RES in Regio Foodvalley. Proces van democratische verankering RES 1.0 Het RES-bod Regio Foodvalley is vastgesteld in de volksvertegenwoordigende organen (gemeenteraden, provinciale staten van Utrecht en Gelderland en algemeen bestuur van de waterschappen). Hiermee zijn de plannen in de RES 1.0 democratisch gelegitimeerd. In aanloop naar deze besluitvorming is gewerkt met een concept-RES. Dit concept-document is tijdens de ambtelijke en bestuurlijke voorbereiding unaniem onderschreven. In het vervolgtraject tot de RES 1.0 is sprake geweest van enkele wijzigingen. Enkele RES-partners hebben amendementen aan
de RES 1.0 toegevoegd voorafgaand aan de vaststelling. De amendementen richtten zich op de wijze waarop de doelstellingen behaald moeten worden. De doelstellingen van de RES 1.0 zelf zijn door alle RES-partners onderschreven.
Kernboodschappen NPRES
Het RES-proces als integraal onderdeel van de Strategische Agenda Regio Foodvalley De inhoudelijke doelstellingen en het proces van de RES zijn verweven met de onderwerpen van de Strategische Agenda Regio Foodvalley. Met behulp van het energieprogramma Foodvalley, waarin de RES is opgenomen, wordt de verstedelijkingsstrategie verbonden met het onderdeel energie en worden ruimtelijke afwegingen voor de lange termijn integraal opgepakt. Onbekendheid met het RES-proces en status RES-bod Tussen de vaststelling RES 1.0 en dit voortgangsdocument zijn gemeentelijke verkiezingen gehouden en is er sprake geweest van een wisseling in het bestuur en samenstelling van de
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 11
Figuur 1.2 Kernboodschappen NPRES
volksvertegenwoordiging. Het merendeel van de huidige volksvertegenwoordigers en bestuurders in Regio Foodvalley was niet betrokken bij de totstandkoming van de RES 1.0 en de afspraken die daarin zijn vastgelegd. Ze zijn echter wel verantwoordelijk voor de uitvoering van deze afspraken en het behalen van de doelstellingen, waar niet alle inwoners van hun gemeente of hun achterban positief tegenover staan. Door alle RES-partners wordt onderschreven dat voor de toekomstbestendigheid van Regio Foodvalley de aanwezigheid van voldoende duurzame en betaalbare energie een absolute voorwaarde is. De huidige energiecrisis, recente provinciale verkiezingen en technische ontwikkelingen (smart energy hubs) werpen nieuw licht op de (maatschappelijke) discussie over ons toekomstige regionale energiesysteem.
Samenwerking tussen de partijen bestendigen en verbreden Regio Foodvalley is erin geslaagd om de samenwerking op te tuigen tussen de verschillende overheden, de netbeheerders, maatschappelijke organisaties en de markt. Deze samenwerking is essentieel voor het vervolg. Voor de realisatie van het RES-bod is het niet alleen nodig om deze samenwerking te bestendigen maar ook te verbreden naar alle opgaven in het gebied waarbij energie een rol speelt. Kortom: Samen vooruit. Integraal samenwerken voor een goede en versnelde ruimtelijke inpassing Lettend op de huidige belemmeringen voor realisatie van het RES-bod, blijkt dat de huidige sectorale en individuele aanpak niet voldoende is voor een goede ruimtelijke inpassing én tijdige realisatie van dit RES-bod. Deze aanpak leidt tot langere doorlooptijden. Het gebrek aan capaciteit in het elektriciteitsnet en ook het gebrek aan voldoende menskracht, maakt deze uitdaging alleen maar groter. Er is noodzaak tot
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 12
een brede en continue samenwerking tussen alle betrokken partijen om tot goede besluitvorming in het juiste tempo te komen. Samenwerking die een integrale blik op de ruimte mogelijk maakt, met energie als verbinder tussen opgaven en als versneller ervan. Een belangrijke bouwsteen hierbij kan het creëren van een nieuw ontwikkelperspectief zijn voor onze regio met hierin de integrale afweging van belangen. Specifiek voor het thema energie kan hierbij gedacht worden aan de ontwikkeling van het energiesysteem van de toekomst voor Regio Foodvalley.
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 13
2
Voortgang VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 14
2.1 Bespiegeling op voortgang RES 1.0 In de RES 1.0 zijn verschillende toezeggingen gedaan en afspraken opgenomen. In de volgende paragraaf wordt aangegeven welke dit zijn en op welke wijze dit de afgelopen twee jaar heeft doorgewerkt in de uitvoering van de RES. Het vaststellen van de Regionale Energie Strategie 1.0 betrof een democratisch gedragen besluit. Het gezamenlijke doel is om in Regio Foodvalley te gaan voor 1.0 TWh duurzaam opgewekte energie in 2030 en hiervan minimaal 0,75TWh te realiseren. En daarnaast per jaar 1,5% energiebesparing te realiseren. Dit bod is door alle gemeenteraden (en Provinciale Staten en Algemeen Bestuur) onderschreven. Enkele gemeenten hebben gebruik gemaakt van hun demo-cratisch recht om aanvullingen of wijzigingen aan te brengen op de RES 1.0. Eind 2021 is gereageerd op deze moties en amendementen en is ingegaan op de wijze waarop deze doorwerking hebben gevonden in (het proces van) de RES-uitwerking. Deze zijn ook
toege-voegd aan het RES 1.0 document en maken hier integraal onderdeel van uit. Tevens is in 2021 de totstandkoming en samenwerking tot RES 1.0 in de RES Regio Foodvalley geëvalueerd door de Algemene Bestuursdienst van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
2.1.1 Voortgang RES en eventuele aanpassing In de RES 1.0 is opgenomen dat de RES elke twee jaar wordt aangepast, indien de stand der techniek hier aanleiding toe geeft. Deze afspraak komt voort vanuit de verwachte technische ontwikkelingen ten aanzien van opwek van energie. Uiteraard heeft deze technische ontwikkeling de afgelopen twee jaar niet stil gestaan, maar er zijn geen ontwikkelingen die aanleiding geven tot het aanpassen van de RES 1.0. De ontwikkeling van techniek heeft zich met name gericht op efficiëntieverbetering en capaciteitstoename in de bestaande bronnen van opwek: wind en zon. In de monitoring van de voortgang van de opwekprojecten is rekening gehouden met deze ontwikkelingen.
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 15
In de RES 1.0 en in de evaluatie van de totstandkoming van de RES 1.0 is veelvuldig aangegeven dat in 2023 een RES 2.0 vastgesteld zal worden, waaraan voorafgaand een startdocument wordt opgesteld. Het is de afspraak dat in dit startdocument invulling gegeven wordt aan de resultaten van de evaluatie en kaders worden gegeven voor de in de RES 1.0 aangekondigde onderwerpen zoals de actualisatie van de Regionale Structuur Warmte en de rol van biomassa daarin. Vooralsnog zijn er op regionaal niveau geen besluiten genomen die tot aanvang hebben geleid voor het opstellen van een dergelijk startdocument.
2.1.2 Zoekgebieden en kaders voor realisatie In de RES 1.0 zijn verschillende (indicatieve) zoekgebieden opgenomen voor de realisatie van windenergieprojecten. Naast wind zijn er tevens afspraken gemaakt voor de realisatie van zonneenergieprojecten. De voorkeursvolgorde voor de plaatsing van zonnepanelen wordt door alle RES-partners gedragen. In de RES 1.0 is afgesproken dat wordt gestreefd naar de
realisatie van een beperkt aantal energieclusters, bestaande uit de gecombineerde realisatie van wind- en zonne-energieprojecten. Hierbij worden in de RES 1.0 de volgende uitgangspunten meegegeven. Alle RES-partners willen: • Veel minder energie gebruiken, duurzamer reizen en huizen en gebouwen isoleren. • Onze natuur, en het karakter van onze landschappen, behouden. Dat doen we door zoveel mogelijk zonnepanelen op daken, langs snelwegen, op stortplaatsen of boven parkeerplaatsen te plaatsen. Dit doen we ook door het clusteren van windmolens en door energie zoveel mogelijk langs snelwegen en bij bedrijventerreinen op te wekken. • Landbouwgrond alleen voor energieproductie gebruiken onder strikte voorwaarden. • De ruimte die nodig is voor energie-opwek waar mogelijk voor meer doeleinden gebruiken. • De regie en de zeggenschap over projecten in onze regio houden. Net als de winst en gekoppelde werkgelegenheid. • Ondernemerschap en innovatie in de eigen regio stimuleren.
• Een eerlijke verdeling van lusten en lasten. • Dat inwoners en/of ondernemers medeeigenaar kunnen zijn van zonne- en/of windprojecten. Deze uitgangspunten hebben bijgedragen aan de aanwijzing van de indicatieve zoekgebieden voor windenergieprojecten in Regio Foodvalley. Er zijn geen zoekgebieden aangewezen voor zonne-energieprojecten. De gemeenten hebben hier aan de hand van de ‘zonneladder’ en in de RES 1.0 afgesproken maximale hoeveelheden hectares zelf invulling aan gegeven. De resultaten hiervan maken onderdeel uit van de monitoringscijfers (zie paragraaf 2.3). Naast de plaatsingsprincipes is in de RES 1.0 tevens afgesproken dat er gestreefd wordt naar minimaal 50% lokaal eigenaarschap bij de realisatie van wind- en zonne-energieprojecten. Deze vereiste is niet regiobreed geborgd of nader ingevuld. Uit praktijkvoorbeelden blijkt dat het zowel voor de ontwikkelaar als voor het bevoegde gezag het onduidelijk is op welke wijze
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 16
precies kan worden voldaan aan deze vereiste. In het voorwoord van de RES is opgenomen dat met het vaststellen van de RES 1.0 de werkzaamheden nog lang niet zijn afgerond. Want: zoekgebieden worden plannen en plannen worden concrete projecten. In de periode tussen de RES 1.0 en deze voortgangsrapportage is hier verdere uitwerking aan gegeven. Er zijn enkele vervolgstappen naar concrete wind- en zonne-energieprojecten opgestart. Zoekgebieden zijn nader ingevuld en onderzocht. Maar ten aanzien van windenergie stokt veelal de voortgang om tot concrete projecten en vergunningverlening te komen. Hier zijn verschillende oorzaken voor, zoals gebrek aan politiek draagvlak op lokaal niveau, netcongestie en de aanwezigheid van de wespendief in Regio Foodvalley.
2.1.3 Energiebesparing met 1,5% per jaar In de RES 1.0 is expliciet opgenomen dat de regio spaarzaam met energie zal omgaan en hiertoe zichzelf een besparingsdoelstelling van 1,5% per
jaar oplegt. Dit betekent dat in 2030 15% energie bespaard moet zijn binnen Regio Foodvalley, en in 2050 is dit meer dan 50%. De wijze waarop deze besparing wordt gerealiseerd, is niet nader uitgewerkt, net zo min als de wijze van meten van deze jaarlijkse 1,5%. De belangrijkste boodschap en (kwalitatieve) doelstelling die hier gesteld is, is dat de Regio Foodvalley spaarzaam met energie wil omgaan. De energie die je bespaart, hoef je niet op te wekken. Dit betreft in eerste instantie een bewustwordingsproces, waarbij de gemeenten campagnes hebben gevoerd en via de Samenwerkende Energieloketten Foodvalley is hier nadere invulling aan gegeven. Besparingscampagnes De doelstelling van besparing is: bewust en spaarzaam omgaan met energie. Elke gemeente beheert zelf duurzaamheidswebsites, voert brede campagnes voor energiebesparing, biedt zelf energiescans aan en - met steun van de provincie Gelderland - bieden de Gelderse gemeenten in Foodvalley de Toekomstbestendig Wonen
Lening aan. De provincie Utrecht stelde in 2022 isolatievouchers ter beschikking voor woningeigenaren met een laag inkomen. Met de voucher kunnen deze huiseigenaren gratis hun woning van spouwmuurisolatie of vloerisolatie laten voorzien. Gelderland heeft ook een subsidieregeling Verduurzaming bedrijventerreinen waar collectief georganiseerde bedrijven kunnen worden ondersteund in de aanpak van energiebesparing. Samenwerkende Energieloketten Foodvalley De gemeentelijke energieloketten vormen van oudsher het startpunt voor isolatie en energiesparing in de gebouwde omgeving. Voor zeven van de acht gemeenten verzorgt energiecoöperatie ValleiEnergie de online energieloketten, trekt deze organisatie met het mobiele loket de wijken in (“wijkaanpakken”), ondersteunt ze bewonersinitiatieven in de warmtetransitie en verzorgt ze isolatie/bespaaracties. In Veenendaal is sinds twee jaar de vaste locatie Trefpunt #Duurzaam gesitueerd. In diverse gemeenten zijn ook energie-ambassadeurs
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 17
actief, gecoördineerd door ValleiEnergie. Voor deze activiteiten is het wel, zij het beperkt, mogelijk om een cumulatieve kwantitatieve rapportage op te stellen van uitgevoerde acties die bijdragen aan het doel van besparing. Over de afgelopen zes jaar is daardoor in Regio Foodvalley, onder meer via ‘Toekomstbestendig wonen’-leningen ter waarde van bijna 6,4 miljoen, alleen al minimaal 13,4 Mton CO2 bespaard binnen de gebouwde omgeving. Ook zijn bijna alle woningeigenaren inmiddels op één of andere manier bekend gemaakt met de energiebespaardoelen van de gemeenten. Meer bijgehouden cijfers zijn opgenomen in bijlage 2 en betreffen alle acties van de afgelopen jaren. Een monitoring per uitgevoerd jaar geeft niet het gewenst inzicht, omdat: • In de loop der jaren steeds nieuwe acties ontwikkeld zijn. Effect van één actie is onmogelijk exact te achterhalen: een klantreis isolatie beslaat al gauw één tot twee jaar en meerdere acties kunnen uiteindelijk hebben geleid tot het ‘verleiden’ van de woning-
•
•
•
•
•
eigenaar. Ook zal de klantreis niet altijd via het energieloket of alliantie verlopen zijn. Mondtot-mond reclame begint steeds belangrijker te worden, dat is bijvoorbeeld duidelijk merkbaar bij de bedrijvenalliantie. In 2019 is voor het eerst een kwantitatieve rapportage opgesteld. Op dat moment waren alleen de cumulatieve cijfers van 2016 tot en met 2018 beschikbaar. De grotere gemeenten hebben meerdere jaren nodig gehad om uiteindelijk alle woningeigenaren te benaderen via een persoonlijke uitnodiging. Het ene jaar is er wel budget voor een duurzame lening, een ander jaar wellicht niet. Als een lening wordt aangegaan, kan het zijn dat de acties pas in latere jaren uitgevoerd worden. Terwijl woningeigenaren energie besparen door nieuwe isolatie en de aanpassing van het gedrag, worden ook weer nieuwe woningen bijgebouwd. Hierdoor neemt de totale energievraag toe. Cijfers van landelijke bronnen voor besparing
per gemeente zijn niet altijd up-to-date (b.v. klimaatmonitor.nl), gedetailleerd genoeg of correct (b.v. warmte van een warmtenet wordt niet meegerekend) en zijn daarom niet gebruikt.
2.1.4 Warmte Zoals in de RES 1.0 is aangekondigd, hebben de gemeenten allen hun Transitievisie Warmte (TVW) vastgesteld. Hierin wordt het belang onderstreept van het zo snel mogelijk isoleren van woningen om de vraag naar warmte terug te dringen. Daarnaast zijn de duurzame warmtebronnen geïnventariseerd en is hier door een aantal al een voorselectie in gemaakt. Om het verdere keuzeproces te bespoedigen, zijn uitgangspunten gedefinieerd. Financieel haalbaar, de laagste maatschappelijke kosten en het betrekken van de inwoners bij het maken van keuzes worden vaak genoemd. In de TVW's zijn ook een reeks aan verkenningswijken en -buurten aangewezen die als één van de eersten worden voorzien van duurzame warmte en daarbij waardevolle lessen zullen gaan
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 18
opleveren voor de wijken en buurten die gaan volgen. In enkele gemeenten wordt de samenhang van de warmtetransitie met andere vraagstukken zoals de ruimtelijke ordening en de opwek en distributie van duurzame elektriciteit reeds erkend en beschreven maar lang niet overal wordt er actief op geacteerd of gestuurd. Met name over de infrastructuur worden problemen verwacht als gevolg van de afgekondigde netcongestie(s) op het midden- en hoogspanningsnet en de verwachte congestie op het laagspanningsnet. De TVW's zijn met name gericht op de gemeentelijke opgaven, er wordt slechts beperkt gesproken over boven-gemeentelijke zaken. Desalniettemin zijn er voorbeelden waarbij samenwerking is op het gebied van onderzoek naar de haalbaarheid van de exploitatie van grotere warmtebronnen en gekoppelde warmtenetten, waar ook bedrijven, waterschap Vallei en Veluwe en naburige RES-regio’s aan deelnemen. In bijlage 1 wordt aanvullende toelichting gegeven op de stand van zaken van
verschillende bronnen. Daarnaast wordt er door de energieloketten samengewerkt aan kennisdeling, het bestrijden van energiearmoede en energiebesparing. Zij trekken gezamenlijk op bij het implementeren van het nationale isolatieprogramma en bij de aanpak in verkenningswijken. Er wordt op regionaal niveau, via de Human Capital Agenda, ook gewerkt aan de opleiding van de technici die noodzakelijk zijn voor de warmtetransitie. Zo zijn er als onderdeel van het Gelrepact bijvoorbeeld scholingsvouchers voor werkenden, die zich willen omscholen binnen of naar beroepen die nodig zijn voor de energietransitie. De gemeenten werken samen met de waterschappen, provincies en het Rijk, de voortgang is echter ook voor een deel afhankelijk van deze partijen. De publieke warmteinfrabedrijven die door de provincie Gelderland, en mogelijk ook voor Utrecht, worden opgezet en de stimuleringsmaatregelen voor de ontwikkeling van publieke warmte-infrabedrijven die door het Rijk worden uitgedacht, zijn nodig om
initiatieven daadwerkelijk verder te brengen. De nieuwe Warmtewet is nodig om de kaders duidelijk te krijgen waarbinnen geopereerd moet worden en de Omgevingswet zal ervoor moeten gaan zorgen dat de warmteoplossingen gaan landen in omgevingsplannen en op integrale wijze worden geïmplementeerd. Provincie Gelderland werkt nauw samen met het Rijk, gemeenten, woningcorporaties en netwerkbedrijf Alliander in de omschakeling naar duurzame warmtebronnen. In het Gelders Expertteam Warmte is expertise georganiseerd om gemeenten met de warmte-opgave te ondersteunen. De provincie ziet een rol voor de overheid om de aanleg van warmte-infra te versnellen. Samen met Alliander, IEG fonds (van OostNL) en gemeenten wordt er toegewerkt naar oprichten van een Gelders Warmte infrabedrijf. Dit bedrijf moet warmteleidingen gaan leggen en samen met (lokale) warmteleveranciers de gebouwde omgeving van warmte voorzien. Dit zijn voorbeelden van hoe Gelderland de warmtetransitie ondersteund. Provincie Utrecht
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 19
ondersteunt gemeenten bij de warmtetransitie onder meer door haalbaarheidsstudies naar warmte-oplossingen en proces- en projectkosten voor gebiedsgerichte aanpakken te subsidiëren. Daarnaast stelt de provincie Utrecht uitgebreide data beschikbaar, onder andere over de potentie van duurzame warmtebronnen en over het woningbestand in gemeenten. Verder stimuleert de provincie Utrecht kennisontwikkeling over de warmtetransitie, zowel bij gemeenten als bij bewonersinitiatieven. Dit gebeurt via het Servicepunt Warmte, dat hiervoor in opdracht van de provincie door de Natuur- en Milieufederatie Utrecht (NMU) is opgericht. Ook zijn er nog vele andere partners en belanghebbenden zoals het bedrijfsleven, woningcorporaties, de netbeheerders en natuuren milieuorganisaties, die niet gebonden zijn aan de gemeentelijke grenzen, waar afstemming mee gezocht wordt. Het gebruik maken van de boven-gemeentelijke ondersteuning die er al is of gaat komen en de afstemming met alle
belang-hebbenden is een complexe aangelegenheid en nog niet altijd effectief. Dit behoeft aanvullende coördinatie en structurering. Zodat ook de grote 'bottlenecks' van de warmtetransitie, zoals de beperkingen van het elektriciteitsnet en het tekort aan goed opgeleide technici, het hoofd geboden kunnen worden. Een regionale werkgroep Warmte is reeds in het leven geroepen en is een eerste stap hiernaartoe. Hierin participeren de gemeenten, de waterschappen, het bedrijfsleven, de woningcorporaties en de provincies. Het wordt vooral gebruikt om te spiegelen en kennis uit te wisselen over de lokale warmtetransities en over hoe om te gaan met de boven-gemeentelijke kansen en problemen. Dit is dus ook dé plek om de koppelkansen in de regio te gaan inventariseren bijvoorbeeld in relatie tot de woningbouwopgave.
actualiseren. De afzonderlijke TVW's zijn echter wel beschikbaar en van de meeste bronnen is inmiddels kaartmateriaal beschikbaar waarmee een geactualiseerde regionale structuur gemaakt kan gaan worden. Het monitoren van de daadwerkelijke voortgang van de warmtetransitie in de regio is nog niet mogelijk doordat er nog geen uniforme parameters zijn vastgesteld hiervoor. Provincie Gelderland bekijkt in samenspraak met de regio's in de klankbordgroep RSW of er behoefte is aan een update of aanpassing van deze eerste RSW.
De Regionale Structuur Warmte (RSW) zoals opgenomen in de RES 1.0 Foodvalley is nog niet geactualiseerd. Op dit moment is er nog geen bestuurlijke opdracht gegeven om deze te
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 20
2.2 Monitoring per RES Partner RES 1.0 De volgende paragrafen gaan in op de voortgang per gemeente, woningbouw-corporatie, Waterschap Vallei en Veluwe en het bedrijfsleven. Per gemeente wordt helder gemaakt welke voortgang is bereikt in grootschalige duurzame opwek. Tegelijkertijd is het helder dat alle partners gezamenlijk voor het bod staan van de RES Regio Foodvalley.
aan verleend zou kunnen worden, maar die nog niet voldoende concreet zijn om ze als 'pijplijnproject' te mogen tellen. Met ambitie wordt dus niet de door de gemeente vastgestelde doelstelling bedoeld.
Per gemeente wordt aangegeven wat de voortgang is ten opzichte van het totaal aan projecten/initiatieven (voor opwek duurzame energie). Dit wordt weergegeven volgens het NPRES begrippenkader. De figuren per gemeente geven aan welke projecten als idee in beeld zijn (ambitie), welke projecten concreet in beeld zijn (pijplijn) en welke projecten gerealiseerd zijn (huidig). Wanneer in de volgende alinea's gesproken wordt over 'ambitie', worden projecten bedoeld waar op korte termijn medewerking
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 21
2.2.1 Barneveld Er is een structuurvisie Windenergie verschenen waarin een realisatiegebied is gedefinieerd op Harselaar, voor drie windturbines. Om lokaal eigenaarschap te bevorderen, is de notitie “Lokaal Eigenaarschap” verschenen en zijn de kaders daarvan vastgesteld door de gemeenteraad. Op basis van de maatschappelijke tender en de Barneveldse Zonneladder zijn inmiddels zes zonnevelden vergund met een totaal van 150.000 zonnepanelen.
Ten aanzien van warmte wordt uitvoering gegeven aan de warmtevisie, in combinatie met een aanpak van de energiearmoede. Huurders en huiseigenaren krijgen advies over besparing, isolatie en installatie. Bedrijven worden geïnformeerd via het energieloket bedrijven en particulieren via het regionale energieloket en de Barneveldse energiecoaches. In maart 2023 is de mogelijkheid geopend voor zonne-energie op restgronden. Er komt een
Opwekinitiatieven in beeld
publicatie in het gemeenteblad met de aankondiging dat tussen 1 april en 1 november locatievoorstellen kunnen worden ingediend. De gemeente hoopt hiermee de resterende 25.000 zonnepanelen op land te kunnen realiseren. De acties rond besparing, isolatie en installatie worden voortgezet. Daarnaast wordt gewerkt aan een CO2 reductieplan voor de hele gemeente, waarbij ook broeikasgassen als methaan en lachgas worden meegenomen. Op Harselaar worden de mogelijkheden onderzocht
Barneveld ten opzichte van RES-bod 0.75 TWh
0,200 TWh
0,150 TWh
25%
28%
25%
20% 0,100 TWh
15%
0,050 TWh
ambitie (idee) pijplijn (concreter project)
0
huidig (gerealiseerd)
RES 1.0 2021
peildatum 1 jan 2023
10% 5% 0%
Bijdrage 0.75 TWh
RES 1.0 2021
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 22
jan 2023
voor een energiehub om de beperkingen van het elektriciteitsnetwerk het hoofd te bieden. Ondanks tegenslagen zoals het voorlopig stopzetten van windenergie op Harselaar en de beperkte netwerkcapaciteit ontwikkelt de energietransitie zich nog steeds in Barneveld in samenwerking tussen bedrijven, energiecoöperaties en inwoners.
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 23
2.2.2 Renswoude De gemeente Renswoude heeft middels een amendement in de RES 1.0 besloten dat er vooralsnog geen plaats is voor grote windturbines in de gemeente. Er is toentertijd besloten om de komende jaren vooral in te zetten op zonnepanelen op (grote) daken. Daarnaast dient er voorzichtig om te worden gegaan met de kostbare landbouwgrond. Op dit moment is er nog steeds geen draagvlak voor
het plaatsen van grote windturbines en grote zonnevelden op landbouwgrond. Renswoude zet zich nu in op zon-op-dak, zon-op-restgronden en de kleine windmolens in het buitengebied (de zogenoemde boerderijmolens). De gemeente staat positief tegenover het zonnelint langs de A12 en ziet dit als een goede kans om zon-oprestgronden te benutten.
Opwekinitiatieven in beeld Renswoude ten opzichte van RES-bod 0.75 TWh 0,020 TWh
3% 2,5%
0,015 TWh
3%
2% 0,010 TWh
1,5% ambitie (idee)
0,005 TWh
pijplijn (concreter project) huidig (gerealiseerd)
0
RES 1.0 2021
peildatum 1 jan 2023
1%
1% 0,5% 0%
Bijdrage 0.75 TWh
RES 1.0 2021
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 24
jan 2023
2.2.3 Ede De voortgang van de realisatie van grootschalige duurzame opwek heeft tot resultaten geleid. Projecten van grootschalige opwek van zon op dak en zon op veld (grondgebonden) leveren een grote bijdrage in de duurzame opwek van elektriciteit in de gemeente Ede. Uit de statistieken van RVO blijkt dat in januari 2023 in de gemeente Ede er een totaal opgesteld vermogen is aan zonnepanelen van 43 MW. Hiervan is 41 MW door zon op dak. Wat betreft de grondgebonden zonneprojecten is er in totaal ongeveer 22 hectare vergund, waarvan circa 2 hectare is gerealiseerd. De bouw van het zonneproject Meikade (van 1,73 hectare) is onlangs afgerond en het zonneveld is in gebruik genomen. Tevens is het project Nergena (van 8,3 hectare) vergund. In 2020 is door Ede een tender gehouden voor initiatieven voor grootschalige opwek zon op grond. Deze tender heeft de volgende initiatieven opgeleverd. • Schampsteeg (2 ha): onherroepelijke omgevingsvergunning, dus start bouw is mogelijk.
• Blaakweg (7,32 ha): omgevingsvergunning verleend. • Wolfsdijk (2,8 ha): omgevingsvergunning verleend. • Lange Rijnsteeg (11,1 ha): geen vergunningaanvraag. Naast daken en grondgebonden opstellingen, worden restgronden benut voor de plaatsing van zonnepanelen. De verkenningen in Ede naar mogelijkheden voor plaatsing zon PV op restgronden zijn afgerond. Samen met Rijkswaterstaat en de gemeente Veenendaal is een studie in het kader van het OER-programma voor plaatsing van zonnepanelen langs de A12-A30 afgerond. In dit onderzoek is ook een studie uitgevoerd naar mogelijkheden van ‘cable pooling’ in het gebied van het energiecluster A12-A30 en het OERstudiegebied. En naar de realisatie van de zonnewal langs de A12 zonnewal. Tevens is gestart met de voorbereiding van een pilot met ‘solar carports’ op de gemeentewerf.
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 25
De gemeente Ede benut bij verduurzaming van haar vastgoed de daken voor zonnepanelen. Dit is opgenomen in het Meerjaren investerings- en onderhoudsplan voor gemeentelijk vastgoed. Voor zover mogelijk wordt de plaatsing van zonnepanelen in tijd naar voren gehaald. Er wordt extra ingezet op de plaatsing van zonnepanelen op schoolgebouwen in nauw overleg met de schoolbesturen. In de gemeente Ede zijn er 64 scholen voor Primair, Speciaal en Voortgezet Onderwijs met circa 70 gebouwen. Van deze scholen hebben 17 scholen al zonnepanelen liggen, 13 scholen gaan zelf zonnepanelen plaatsen. Voor de andere scholen is in 2022 een traject gestart met gezamenlijke aanbesteding met beoogde plaatsing van panelen op de daken in 2023. Ede stimuleert bedrijven om zonnepanelen te plaatsen op hun daken, onder andere door bedrijven gebiedsgericht te benaderen. Sinds er sprake is van terugleveringsbeperking voor grootgebruikaansluitingen, zet Ede daarbij in op zonnepanelen voor eigen gebruik, zo nodig in
combinatie met tijdelijke opslag. Ook wordt met bedrijven gekeken naar kansen voor duurzame opwek en (collectieve) optimalisatie in tijd van vraag en aanbod van elektriciteit. De omgevingsvisie Ede 2040 is eind 2022 vastgesteld. Daarin is als ontwerpprincipe opgenomen dat grootschalige duurzame opwek van elektriciteit door windmolens of zonnepanelen bij voorkeur wordt geconcentreerd langs de hoofdinfrastructuur. Opwekinitiatieven in beeld
In het collegeakkoord van 2022-2026 is opgenomen dat het RES-bod van 0,75 TWh wordt onderschreven. De plaatsing van nieuw grootschalige zon op veld projecten wordt beperkt toegestaan. Er wordt een maximale afmeting van 2 hectare gehanteerd. Er wordt ingezet op de realisatie van windenergie in een energiecluster langs de A12-A30, met als doel een totaal van 22 MW aan opgesteld vermogen. In juni 2021 is Ede gestart met het planproces om te komen tot realisatie van de windmolens in het
energiecluster A12-A30. Begin 2022 zijn de voorbereidingen gestart voor de planologische procedure. Omdat ontwikkelingen in wet- en regelgeving vanuit het Rijk en de Provincie naar verwachting van invloed zijn op de zoeklocaties, is in september 2022 besloten om het ter inzage leggen van de NRD, en daarmee de start van de plan-MER-procedure uit te stellen. Dit uitstel geeft Ede de mogelijkheid om de verwachte nieuwe rijksnormen voor windmolens en de provinciale kaders voor de wespendief mee te
Ede ten opzichte van RES-bod 0.75 TWh
0,200 TWh 30% 0,150 TWh 25%
28%
28%
RES 1.0 2021
jan 2023
20%
0,100 TWh
15% 0,050 TWh
ambitie (idee)
0
RES 1.0 2021
peildatum 1 jan 2023
10%
pijplijn (concreter project)
5%
huidig (gerealiseerd)
0%
Bijdrage 0.75 TWh
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 26
wegen in het besluit om de NRD ter inzage te leggen en eventueel zoekgebieden buiten het onderzoek te laten. Op 23 januari 2023 heeft de gemeenteraad de looptijd van Wind- en zonnewijzer voor onbepaalde tijd verlengd. De kansenkaarten met de zoekgebieden voor wind- en zonne-energie zijn geactualiseerd en afgestemd op de afspraken in het huidige bestuursakkoord.
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 27
2.2.4 Nijkerk De gemeente Nijkerk heeft de ambitie om in 2050 energieneutraal en klimaatbestendig te zijn. Dit is vastgelegd in Routekaart Nijkerk energieneutraal 2050 inclusief uitvoeringsprogramma 2020-2023 en de Transitievisie Warmte 2030. Duurzame opwek (zon en wind), energiebesparing, warmte, duurzame mobiliteit en circulaire economie maken onderdeel uit van de Routekaart. Inmiddels zijn veel projecten gestart, zijn er veel bewoners en bedrijven
betrokken en is op onderdelen nieuw beleid geformuleerd in lijn met de RES 1.0. In de Routekaart zijn voor het jaar 2023 de volgende doelen geformuleerd: 1. de productie van duurzame energie 280 TJ 2. op 3.400 gebouwen liggen zonnepanelen 3. op 17% van de gebouwen liggen zonnepanelen 4. 1.500 woningen transitiegereed 5. het energiegebruik is 3.400 TJ 6. 40 hectare zonnevelden gerealiseerd
Opwekinitiatieven in beeld
De uitvoering van de RES 1.0 krijgt vorm in het Uitvoeringsprogramma Nijkerk Energieneutraal 2020-2023, de Warmtevisie 1.0 en de Ontwikkelagenda 2023-2026. Uit de jaarrapportage 20212022 blijkt dat in gemeente Nijkerk de doelstelling ‘productie van duurzame energie 280 TJ’ in 2023 wordt behaald. Op dit moment liggen op 4.255 panden zonnepanelen en hiermee is de doelstelling voor 2023 gehaald. Ook de doelstelling ‘op 17% van de gebouwen liggen zonnepanelen' is in 2022 al gehaald;
Nijkerk ten opzichte van RES-bod 0.75 TWh
0,120 TWh 0,100 TWh
16%
0,080 TWh
14%
0,060 TWh
10%
12%
16%
8%
0,040 TWh ambitie (idee)
0,020 TWh 0
14%
pijplijn (concreter project) huidig (gerealiseerd)
RES 1.0 2021
peildatum 1 jan 2023
6% 4% 2% 0%
Bijdrage 0.75 TWh
RES 1.0 2021
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 28
jan 2023
ongeveer 24% van de panden in Nijkerk zijn voorzien van zonnepanelen. De doelstelling ‘1.500 woningen transitiegereed’ voor woningen met energielabel B is behaald. De verwachting is dat de doelstelling voor 2023 voor energiebesparing (3.400 TJ) niet gehaald wordt doordat het energiegebruik meer toeneemt. De doelstelling ’40 hectare zonneveld realiseren’ en twee windmolens zijn onderdeel van het project ‘duurzame verbinding A28’. Op dit moment wordt de inspraak over de nota “Reikwijdte en Detailniveau” afgerond. Door het ontwikkelproces te versnellen voor de zonnepanelen, kan de doelstelling in 2025 worden gerealiseerd. Tevens is gestart met de voorbereiding van een pilot met ‘solarfields’ op de milieustraat op de Flier. De gemeente Nijkerk stimuleert verduurzaming via diverse kanalen, waaronder www.duurzaamnijkerk.nl, de energiecaravan, de klimaatkamer en energieambassadeurs. De gemeente Nijkerk ondersteunt verduurzaming van huur en koopwoningen door warmtescan en energiescans van
meer dan 500 woningen in 2022 en in direct contact met huishoudens; 11.600 van de 17.753 woningen zijn in 2022 direct benaderd. Naast daken en grondgebonden opstellingen, worden restgronden benut voor de plaatsing van zonnepanelen. Samen met Rijkswaterstaat onderzoekt de gemeente Nijkerk in het kader van het programma Ontwikkeling Duurzame Energie op Rijkseigendom (OER) de mogelijkheid voor plaatsing van zonnepanelen langs de A1-A28. In 2022 is beleid ontwikkeld voor de realisatie van boerderijmolens ten behoeve van verduurzaming van agrarische bedrijven. Dit beleid ligt begin 2023 ter inzage voordat het aan de raad wordt aangeboden. De gemeente Nijkerk heeft een onderzoek gedaan naar de benutting van de warmte van de rioolwaterzuiveringsinstallatie in twee herstructureringswijken. Voor het zoeken naar nieuwe locaties voor de grootschalige opwek van wind wacht de
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 29
gemeente Nijkerk op de mitigerende maatregelen voor de wespendief en op de planMER van de provincie. Vanwege netcongestie is de gemeente Nijkerk gestart met het onderzoeken naar de mogelijkheden van alternatieve oplossingen op bedrijventerreinen, zoals peak shaving, cable pooling en energie hub.
2.2.5 Rhenen De gemeente Rhenen wil de doelen uit de RES realiseren. We zetten in eerste instantie in op energiebesparing. Om dit te stimuleren hebben we een Energieloket voor hulp, informatie, acties en (isolatie)campagnes. In 2040 willen we energieneutraal zijn en zullen daarvoor eigen duurzame energie op moeten wekken. Sterke voorkeur heeft het opwekken van zonne-energie op daken. Op onze grote eigen gebouwen liggen daarom al jaren
zonnepanelen. Het nieuwe sportcentrum met zwembad wordt all-electric gebouwd, met een groot dak vol zonnepanelen. Helaas is vanwege netcongestie het signaal gekregen dat we voor zowel de aan- als teruglevering niet voldoende capaciteit kunnen krijgen en er toch nog met gas verwarmd zou moeten worden. We zoeken naar oplossingen om dit laatste te voorkomen. Na 4 rondes om zon op (agrarische)bedrijfsdaken te stimuleren, zetten we in op volledige verduurzaming van het industrieterrein. Met
Opwekinitiatieven in beeld
besparen en eigen opwek willen we dit terrein zelfvoorzienend maken. Op 7 van de 10 Rhenense scholen liggen zonnepanelen, een achtste school is hiermee aan de slag. Omdat we het met zon op daken alleen niet gaan redden, zijn met ons beleidskader zon op land, zonneladder en kaders voor lokaal eigendom mogelijkheden voor zon op land gecreeërd. Onze energiecoöperatie is bezig met een project voor zon op restgrond. Ook lopen
Rhenen ten opzichte van RES-bod 0.75 TWh
0,090 TWh 0,080 TWh 0,070 TWh
12%
0,060 TWh
10%
0,050 TWh
8%
0,040 TWh
12%
6%
0,030 TWh 0,020 TWh 0,010 TWh 0
RES 1.0 2021
peildatum 1 jan 2023
ambitie (idee)
4%
pijplijn (concreter project)
2%
huidig (gerealiseerd)
0%
4% Bijdrage 0.75 TWh
RES 1.0 2021
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 30
jan 2023
twee projecten voor een zonneveld op agrarische grond. Project Remmerden (19MWp), oorspronkelijk zoekgebied voor wind in de RES 1.0 en project Nude (20MWp). Voor beide projecten zal dit jaar een vergunningsaanvraag worden ingediend. De Rhenense politiek is terughoudend met grote windmolens. Omdat we de doelen van de RES wel willen halen, worden de mogelijkheden voor grote windmolens van het gezamenlijk zoekgebied met de gemeente Wageningen onderzocht.
VOORTGANGSDOCUMENT REGIO FOODVALLEY | 31
2.2.6 Scherpenzeel Bij de besluitvorming over de RES 1.0 van Regio Foodvalley heeft de gemeenteraad enkele teksten geamendeerd. In dit amendement is opgenomen welke onderzoeken uitgevoerd moeten worden en welke randvoorwaarden van toepassing zijn bij de opwek van hernieuwbare energie. Zo wordt vereist dat o.a. eerst een zonneladder wordt opgesteld voordat maximaal 20 ha aan zonneveld-projecten gerealiseerd kan worden. Voor windenergie is o.a. een maximale