B-1.13 Besluit B&W inzake reactie op onderzoeksrapport Cultuurplein-1 d.d. 15-3-22.pdf
Tekst van het document
-1Afdeling: Sociaal Domein Behandelaar: Veldhuizen, Merit Telefoonnummer: 14 0342
Voorstelnr. 1994 Barneveld, 8-03-2022 Portefeuillehouder: A.H. van de Burgwal
Ter kennisname naar de raad Nummer beleidsproduct:
Op overzicht Bestaand beleid (website)
Onderwerp:
Reactie op onderzoeksrapport Cultuurplein-1 (SOC-Vele)
Gevraagde beslissing: 1. Kennis te nemen van het onderzoeksrapport 'Cultuurplein-1' en de bijgaande brief van de initiatiefnemers 2. In te stemmen met de bijgevoegde reactie in bijlage 4 namens het college aan de initiatiefnemers 3. Dit collegebesluit en bijlagen ter kennisname aan te bieden aan de gemeenteraad
1. Inleiding Cultuurplein-1 is de werktitel voor een multifunctioneel cultuurcentrum waarin cultuurparticipatie en -educatie centraal staat. Dit is een initiatief van de Muziekschool Barneveld, het Schaffelaartheater en muziekvereniging de Harmonie, die alle drie gevestigd zijn in het pand aan Theaterplein 1 in Barneveld. De plannen voor Cultuurplein-1 zijn in november 2020 besproken in de gemeenteraad. Hierbij vroeg de raad het college kenbaar te maken hoe deze ontwikkeling kan worden versterkt. In het voorjaar van 2021 stuurden de initiatiefnemers een visiestuk aan het college over dit initiatief. Naar aanleiding hiervan besloot het college in april 2021 om financieel bij te dragen aan een onderzoek naar de organisatorische en strategische ontwikkeling van Cultuurplein-1, uitgevoerd door bureau 4advies. In dit voorliggende collegevoorstel wordt het afgeronde onderzoek gepresenteerd. Het Schaffelaartheater en de Muziekschool Barneveld hebben een begeleidende brief geschreven waarin zij reflecteren op het onderzoek en aanvullend vragen stellen aan het college. Muziekvereniging De Harmonie heeft een aparte reactiebrief opgesteld, waarin zij aangeven zich voornamelijk te willen blijven richten op hun vereniging en daarom geen actieve rol innemen bij het vervolg. Wel blijven zij de transitie naar Cultuurplein-1 steunen.
Naar aanleiding van de ingediende brief is een conceptreactie opgesteld namens het college. De conceptreactie is bijgevoegd in bijlage 4. Hierin wordt ingegaan op de vragen die zijn gesteld in de brief. Deze vragen hebben betrekking op: - Benodigd budget voor het uitbreiden van het aanbod aan maatschappelijke cultuureducatie- en participatie; - Uitbreiding van de zogenaamde ‘voucherregeling’ voor het theater, waarbij niet-commerciële culturele instellingen tegen gereduceerd tarief gebruik kunnen maken van de theaterfaciliteiten; - Het aanpassen en/of verbeteren van de accommodatie om het pand multifunctioneler, toegankelijker en aantrekkelijker te maken ten behoeve van de beoogde activiteiten; - Het initiatief nemen om meer eenduidigheid aan te brengen in de diverse governance structuren in het gebouw; - Het initiatief nemen om meer duiding en sturing te geven in het gemeentelijk cultuurbeleid. Onder het kopje ‘Argumenten’ worden de belangrijkste elementen van de conceptreactie toegelicht.
2. Beoogd effect Het college reageert op de brief van de initiatiefnemers en initieert een vervolggesprek.
3. Argumenten 1. In april 2021 heeft het college ingestemd om financieel bij te dragen aan het onderzoek van de initiatiefnemers door bureau 4advies. De resultaten van dit onderzoek liggen nu voor. 2.1 Het initiatief Cultuurplein-1 sluit in potentie aan op het speerpunt stimuleren culturele infrastructuur en kan zich hierbij mogelijk ontwikkelen tot ‘cultureel knooppunt’. De conclusie van de initiatiefnemers om ‘op eigen kracht’ vervolgstappen te willen nemen wordt door het college toegejuicht.
-22.2 De in de brief gestelde hulpvragen hebben meer onderbouwing nodig. Ook is het nog onvoldoende duidelijk wat de financiële component van de hulpvragen is. We gaan graag in gesprek over wat de voorgestelde groei van activiteiten voor effect heeft op de meerjarenbegrotingen. 2.3 Vraagstukken rondom accommodatiebehoefte dienen eerst nader te worden onderbouwd, en kunnen daarna integraal worden afgewogen in het kader van het door de raad vast te stellen accommodatiebeleid. In maart 2022 wordt naar verwachting de nota accommodatiebeleid besproken in de raad. 3. De raad heeft het college gevraagd kenbaar te maken hoe de transitie naar Cultuurplein-1 door het college kan worden versterkt.
4. Kanttekeningen Bij het verder beoordelen van een verzoek tot financiële ondersteuning, is nadere financiële onderbouwing nodig. Ook is het van belang om te bezien in hoeverre deze nieuwe situatie nog past bij de huidige afspraken die zijn gemaakt met het MTB en Schaffelaartheater.
5. Financiën n.v.t
6. Uitvoering Na instemming van het college zal de brief worden verstuurd aan de initiatiefnemers en wordt de raad via rubriek B op de hoogte gesteld.
7. Bijlagen 1. 2. 3. 4.
Eindrapport onderzoek Cultuurplein-1 Begeleidende brief Muziekvereniging De Harmonie Begeleidende brief Muziekschool Barneveld en Schaffelaartheater Conceptreactie van het college op brief Muziekschool Barneveld en Schaffelaartheater
Eindrapportage
Onderzoek Cultuurplein-1 Opdrachtgever: Muziekschool, Schaffelaartheater, Muziekgezelschap Harmonie, Barneveld Versie 1.0, 15 november 2021
Colofon Opdrachtgever: Project: Projectnummer: Auteur: Co-auteurs(s): Versie: Datum:
Muziekschool, Schaffelaartheater, Muziekgezelschap Harmonie, Barneveld Onderzoek Cultuurplein-1 Q05 Bart Vaessen Dirk Eekma 1.0 15 november 2021
copyright © 4advies, 2021 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt, in enige vorm of op welke wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van 4advies, Zielhorsterweg 51, 3813 ZX Amersfoort.
Eindrapportage
Onderzoek Cultuurplein-1
Inhoud 1
Inleiding
3
1.1
Interview-indrukken algemeen
3
2
Advies notitie Cultuurplein 1
5
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8
Denkkader Kunst en cultuur, een definitie Visie missie doelen Organisatie Activiteiten Huisvesting Exploitatie Fasering
5 5 5 9 12 16 18 20
3
Tot slot persoonlijk
22
1
Inleiding In deze notitie geven we de bevindingen van ons onderzoek naar Cultuurplein 1 (CP1). Conform plan van aanpak bestond de eerste fase uit een gesprek met de initiatiefnemers, een locatiebezoek en diverse interviews. Al snel werd duidelijk dat wij als onderzoekers een bredere scope nodig hadden om het totale speelveld in kaart te brengen en een eerste visie op de onderzoeksvragen te kunnen formuleren. We hebben daarom de interviewronde fors uitgebreid. We hebben gesproken met: André van de Burgwal, wethouder met portefeuille cultuur Merit Veldhuizen, beleidsmedewerker cultuur Jan Wessels, strategisch adviseur economische aangelegenheden en ruimtelijk economische ontwikkeling Carin Bakker, accountmanager gemeentelijk vastgoed vastgoed Loes Mulder, hoofd afdeling sociaal domein Ellen Alders, directeur Welzijn Barneveld Karina van Triest, directeur/bestuurder Centrum Jeugd en Gezin Miranda van Ooijen, directeur/bestuurder Bibliotheek Barneveld Margot Welle, directeur/bestuurder Museum Nairac Gert Bomhof, Cultuurcoach Educate Karelien Druijff, Cultuurmakelaar Ferdi Schukking, directeur/bestuurder Muziekschool Barneveld Ronald de Wilde, directeur Schaffelaartheater Sander van Beek, voorzitter Muziekgezelschap De Harmonie Barneveld
1.1
Interview-indrukken algemeen Naast de gesprekken met de direct betrokken initiatiefnemers en gemeentelijke vertegenwoordigers, was het opvallend te constateren dat veel gespreksdeelnemers niet of nauwelijks op de hoogte waren van de plannen CP1, laat staan kennis hadden genomen van het visiedocument. Ook organisaties die met name in het visiedocument genoemd werden, kenden de initiatieven maar ten dele en waren soms niet op de hoogte van de inhoud ervan. De term ‘solistisch’ viel een aantal malen. Dat gegeven sluit aan bij een tweede waarneming die wij deden uit onze gespreksronde, namelijk de versnippering van het culturele veld. Wel veel incidentele contacten en samenwerkingen, maar niet structureel en onderbouwd met een breed gedragen visie. Ook de dwarsverbanden tussen het culturele- en sociale domein worden gekenschetst door een incidenten aanpak en zijn zelden structureel en strategisch onderbouwd. We komen daar uiteraard op terug in het verloop van dit document. Tegelijkertijd is er veel waardering voor het initiatief, soms zelfs aan het ontstaan tijdens het interview. Blijkbaar zet het wel een en ander in gang. Culturele partners zien kansen en mogelijkheden en benoemen de behoefte aan structureel overstijgend beleid. Het culturele veld in Barneveld ‘kan wel een stevige impuls gebruiken’.
Ook de kans om met dit onderzoek de gemeente te ondersteunen in het maken van een uitgebreider cultuurbeleid, was een vaak gehoorde wens. Ook de geïnterviewden uit het sociale domein zagen de meerwaarde van structurele samenwerkingen, waarvan in het visiedocument sprake is.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
Geen van de gesprekspartners wees de plannen al op voorhand richting prullenmand. Wel zijn behoedzaamheid, temporisering en behoud van wat al goed is, vaak terugkerende onderwerpen. Ook hier komen we uiteraard in latere instantie op terug.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
2
Advies notitie Cultuurplein 1
2.1
Denkkader Bij onze advisering hanteren wij vaak het nevenstaande denkschema. Fundamenteel nadenken begint bij visie op de toekomst, op basis waarvan de organisatie haar missie en ambities bepaalt. De doelstellingen worden vertaald in concrete activiteiten: primaire en ondersteunende processen. Op basis hiervan kan aan de toekomstige organisatie en huisvesting worden gewerkt. Vervolgens worden de financiële consequenties in kaart gebracht. Dit denkraam hanteren wij als kapstok voor het onderzoek, waarbij in dit project het aspect (wijziging van) de huisvesting buiten beschouwing wordt gelaten. Het is dan ook goed om langs deze lijn de bevindingen uit de interviews naast onze expertise te leggen om tot een eerste beantwoording van de onderzoeksvragen te komen.
2.2
Kunst en cultuur, een definitie Bij cultuur gaat het om “het domein van beelden, vormen (fysiek en ‘performatief’), geluiden en teksten die (vooral) worden voortgebracht en beoordeeld omwille van hun symbolische of vormgevende betekenis. Dat heeft dus zowel betrekking op fanfaremuziek als op klassieke muziek, op The Lion King als op King Lear, op mode en popmuziek als op beeldende kunst en theater.1” Als we spreken in dit document over ‘Cultuur’ hanteren we bovenstaande definitie, die zowel betrekking heeft op het ‘kunstzinnige’ gehalte van het beleid (artistieke vormgeving), als op het ‘culturele’ (participerend, educatief, sociaal). Het onderscheid tussen kunst en cultuur wordt niet meer zo strikt gehanteerd, zoals in termen van ’hoge’ en ‘lage’ cultuur. Het verschil is niet strikt gedefinieerd, is gradueel, verschuift en is voortdurend onderhevig aan maatschappelijke en culturele ontwikkelingen.
2.3
Visie missie doelen Een eerste beschouwing van het visiedocument zou de indruk kunnen wekken dat het de stellers ervan te doen is om het beter benutten van de ruimtes in hun accommodatie. Dat is voorwaar een nuttig streven. Dat houdt echter het gevaar in zich dat de missie en visie vooral gelegen is in een pragmatische en wellicht wat opportunistische benadering. 1
Definitie ontleend aan Hans Mommaas, Advies SER Brabant. De economische waarde van cultuur; Brabant Culturele Hoofdstad als diepte-investering, Den Bosch 2012
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
In diverse interviews is deze perceptie ter sprake gekomen: “Gaat het om het geld?” “Je gaat toch geen ochtendgymnastiek doen, omdat je toevallig ruimte hebt!” “Het is een ratjetoe van activiteiten. Schoenmaker, houd je bij je leest.” Dat is echter geenszins de intentie van de stellers, zo hebben wij in de gesprekken ervaren en in de close reading van het document. De leegstand in het gebouw is eerder aanleiding om na te denken over de wijze waarop de cultuur in Barneveld een upgrade zou kunnen krijgen. Drie van de grotere culturele organisaties hebben daarom dit initiatief genomen. De visie op wat CP1 zou kunnen zijn, start aldus met de inhoud. Terwijl de focus in het document voornamelijk op het gebouw ligt, adviseren wij vooral CP1 te zien als een voorziening, die breder is dan alleen de fysieke ruimte. In het document staan tal van passages, waarbij er zeker sprake is van missie en visie. We brengen wat structuur aan. 2.3.1
Artistieke en maatschappelijk/sociale waarde De kern van de missie is cultuur voor alle burgers van Barneveld nog meer toegankelijk te maken dan nu. Van jong tot oud, ongeacht afkomst, sociale klasse of gezindte. Nieuwe doelgroepen moeten worden bereikt, bestaande worden uitgebreid. Op deze wijze draagt CP1 bij aan het cultureel vermogen van alle Barnevelders. Daarbij heeft CP1 de visie dat kunst en cultuur bij de ontwikkeling van individu, groepen en de samenleving in totaal een waardevolle bijdrage kan leveren. Kunst en cultuur zijn daarbij niet meer alleen doel op zich, maar middel en motor van persoonlijke, sociale en maatschappelijke groei. Het visiedocument sluit aan bij de doelen, zoals die in het beleidsplan sociaal domein zijn geformuleerd: 1. Groeien naar zelfstandigheid Cultuureducatie draagt bij aan de persoonlijkheidsontwikkeling van kinderen en jongeren. Ze leren onbevangen/kritisch tegenover de werkelijkheid te staan, hun eigen positie daarin te definiëren en creatief en innovatief vorm te geven aan hun sociale omgeving. 2. Meedoen naar vermogen Cultuur(participatie) activeert, stimuleert en verbindt. Dat kan zowel actief als receptief. Het draagt bij aan het welzijn van alle Barnevelders. Het beleidsdocument “Mensen voorop” spreekt in dat verband van het realiseren van een vindplaats. De voorziening CP1 moet er zo een zijn.
Gedifferentieerd naar doelgroep en activiteit. 3. Samen oud worden. Gezond ouder worden is een kunst op zich. Het behoeft gen betoog dat kunst en cultuur daar een belangrijke bijdrage aan kan leveren. Door de vergrijzing van de samenleving ontstaat een steeds groter wordende groep vitale senioren met relatief veel vrije tijd. Tegelijkertijd ook
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
een groep van mensen, die in een isolement terechtkomen en/of kampen met gezondheidsproblemen en zingevingsvraagstukken. Niet alleen voor die zelfstandige senior, maar vooral ook voor de meer kwetsbare groepen, moet CP1 ook hier weer een gedifferentieerd programma ontwikkelen. De wijze waarop deze doelen gerealiseerd kunnen worden middels kunst en cultuur houdt een verbreding én samenhang in van de verschillende domeinen ervan. We noemen dat de culturele cirkel, waarvan hieronder een schematische benadering.
Als CP1 verbinding zoekt met nieuwe doelgroepen en dus nieuwe producten ontwikkelt, ontstaat er ook een nieuwe manier van afstemming tussen vraag en aanbod. In deze stellingname is het begrip ‘vraag’ tevens op te vatten als ‘latente’ vraag, of beter geformuleerd ‘behoefte’. CP1 richt zich op doelgroepen die wel culturele interesse hebben, maar geen aansluiting vinden op het bestaande aanbod. Ook richt zij zich op doelgroepen die vanwege een kwetsbaarheid geen verbinding weten te maken met kunst en cultuur. Het aanbod en de randvoorwaarden worden daarbij zodanig veranderd, dat al deze burgers een warm welkom wordt geboden. Doelgroepen worden gedefinieerd op basis van specifieke kenmerken. Met deze doelgroepen wordt interactief nieuw beleid ontwikkeld en zorggedragen voor een goede toegankelijkheid. Vanuit verschillende invalshoeken binnen het spectrum educatie, participatie, productie en presentatie. Iedere doelgroep/publieksgroep kent een eigen mix van de onderdelen van deze culturele keten.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
2.3.2
Economische waarde Tot nu toe ligt de focus op de artistieke en sociaal/maatschappelijke waarde. Als sluitstuk van deze paragraaf staan we kort even stil bij de economische waarde van cultuur. In diverse interviews werd het belang van cultuur voor de ontwikkeling van het centrum, als voor het vestigingsklimaat van Barneveld genoemd. Diverse onderzoeken naar de economische waarde van cultuur2 tonen aan, dat een levendig, actueel en breed cultureel klimaat bijdraagt aan de aantrekkelijkheid van de infrastructuur van de gemeente, evenals de aantrekkelijkheid voor burgers er te wonen en zich te vestigen. Het zou interessant zijn een dergelijk onderzoek voor de gemeente Barneveld te laten uitvoeren. De centrumvisie van de gemeente Barneveld wijst op het belang van kunst en cultuur voor de verblijfskwaliteit van het centrum 3. De visie noemt zelfs al het bestaan van Cultuurplein-1 als belangrijk element daarbinnen, naast Museum Nairac, de Bibliotheek, Spoor 3 en de muziektent. Daarmee wordt het vestigingsklimaat van de gemeente versterkt. Versterking van deze functie draagt bij aan een nog levendigere centrumbeleving (zie ook paragraaf huisvesting). De centrumvisie maakt ook gewag van een wat achterblijvend evenementenbeleid in de gemeente, een uitdaging voor CP1 met de stedelijke culturele partners.
Onderzoeksvraag 1: Op welke wijze kan CP1 samenwerken met culturele en maatschappelijke partners (met name Museum Nairac en de Bibliotheek Barneveld en daarnaast andere culturele partners) om elkaar te versterken. Het is onze opinie dat deze samenwerking nog aan het begin staat van een mogelijke ontwikkeling.
2 3
zie Atlas Nederlandse Gemeenten, diverse onderzoeken. Omgevingsvisie Barneveld Centrum, pag. 24
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
Advies: 1. Duurzaam, getemporiseerd en structureel investeren in samenwerking 2. Respect voor inhoud en locatie van de partners (geen landjepik) 3. Dienstbaar met behoud van corebusiness partners 4. Versterken met nieuw beleid Onderzoeksvraag 8: In welke mate is deze samenwerking tussen partners wenselijk en mogelijk om meer efficiency te bereiken? Er kan zeker sprake zijn van meer efficiency in samenwerking. Deze vraag wordt ook gesteld onder het hoofdstuk ‘financiën’. Het is onze opinie dat het begrip efficiency hier echter opgevat moet worden als een grotere maatschappelijke meerwaarde door middel van samenwerking. In eerste instantie ligt deze in het efficiënter gebruik van de fysieke voorziening in CP1 tussen de drie inwonende partners. Met de huidige leegstand in gebruik, en met een ‘open-deur-beleid kan er in samenwerking met partners nieuw beleid ontwikkeld worden. Gezien de beginsituatie van de samenwerking zal daarvoor zeker ontwikkelingstijd nodig zijn. Zie daarvoor het hoofdstuk fasering. Onderzoeksvraag 9: met welke specifieke partners kunnen welke efficiency maatregelen genomen worden. In eerste instantie met de drie inwonende organisaties. Zie ook het hoofdstuk ‘organisatie’. In tweede instantie met culturele en maatschappelijke collega’s op het terrein van meer maatschappelijke output in educatie en participatie.
2.4
Organisatie Kort samengevat komt bovenstaande missie en visie neer op twee belangrijke én samenhangende elementen van cultureel beleid: uitbreiden van doelgroepen en uitbreiden van culturele domeinen. Op basis daarvan wordt 4advies gevraagd een advies te geven over een organisatievorm daarvoor. We beschrijven die hieronder. De missie en visie betekent een fundamentele verbinding met enerzijds alle culturele partners in Barneveld en anderzijds een structurele samenwerking met de organisaties, die binnen het sociale domein werkbaar zijn. We spreken daarom van een netwerkorganisatie.
2.4.1
De uitgangspunten De kracht van CP1 ligt in de samenwerking met andere partijen. De nieuwe organisatie is een netwerkorganisatie die samen met haar netwerkpartners haar beleid realiseert. Een kleine, efficiënte kern van vaste medewerkers ondersteunt en verbindt een groot netwerk van cultuuraanbieders, vrijwilligers en docenten. Door transparant te zijn in haar maatschappelijke opdracht en geen concurrent te zijn, maar partner kan CP1 veel partijen aan zich verbinden. Van zorgaanbieders tot scholen. Van zelfstandig professionals tot amateur-verenigingen. Door het netwerk stevig in te richten en goed te ondersteunen kunnen partners elkaar inspireren en zo innovatie binnenhalen.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
De wereld verandert snel en CP1 organiseert zich zo dat het daarop in kan spelen en samen met partners cultuur een plek in de samenleving kan geven. Door een goede analyse van de omgeving en verbindingen aan te gaan kan CP1 daarin een vitale rol spelen, voor diverse groepen van jong tot oud met diverse en vaak uiteenlopende interesses. CP1 wil vooral niet alles naar zich toe trekken en zelf doen, maar aanvullend zijn aan de markt: een onafhankelijk regisseur en een aantrekkelijke partner voor de partijen waarmee CP1 samenwerkt. Augusto Boal, een Zuid Amerikaans educator formuleerde het in theatertermen als volgt: “Het beste theaterstuk ontstaat als de spelers van hun tegenspelers een ster maken.” Een aantal kernwoorden van de organisatievorming komen daarbij bovendrijven: Onafhankelijk van bestaande partijen. In de meeste interviews werd gewezen op het gevaar van eigen belang, als de nieuwe organisatie te dicht bij (een van) de instellingen zou staan. Structureel gericht op samenwerking Geen incidenten aanpak, maar werken aan een duurzame relatie met de culturele en maatschappelijke partners Cultureel ondernemerschap Kansen zien en (laten) realiseren, efficiency nastreven, lange en korte termijndoelen met elkaar blijven verbinden. Lean and mean Zelf uitvoeren is niet het primaire doel, maar verbinden, laten ontwikkelen en laten uitvoeren.
Momenteel is het ‘Cultuurplatform’ een van de gremia waarin de samenwerking tussen de culturele instellingen vorm krijgt. De gesprekspartners, waarmee wij interviews hielden hebben een wisselende, niet al te positieve kijk op en waardering van dit platform. Een dergelijk platform kent een aantal functies: 1. Strategische visieontwikkeling 2. Agenda voeren (jaar, maand, week) 3. Samenwerkingsprojecten entameren Er is zeker behoefte aan een strategische visie op cultuur in Barneveld, maar geïnterviewden zijn niet van mening dat deze substantieel vorm krijgt binnen dit platform. Het is daarvoor te vrijblijvend. De behoefte aan agendavoering en aan afstemming wordt breed gedragen. Samenwerkingsprojecten ontstaan vanuit een structurele visie op cultuurbeleid. De projecten die binnen het platform ontwikkeld worden zijn –hoe waardevol ookincidenteel van karakter. Daarvoor is een dergelijk platform niet noodzakelijk. Cultuurplatform Barneveld blijft in ons advies een netwerkorganisatie. Elke (amateur) culturele aanbieder, vereniging, organisatie kan lid worden. Een of meerdere keren per jaar organiseert CP1 een bijeenkomst. Hier is een prominente rol voor de Cultuurmakelaar weggelegd.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
2.4.2
De vorm Als einddoel4 adviseren wij het oprichten van een onafhankelijke stichting: Met een brede raad van bestuur (vanuit culturele en maatschappelijke partners), die twee keer per jaar bijeenkomt om het strategisch beleid te formuleren. De bestuursverantwoordelijkheid zorgt voor het vermijden van vrijblijvendheid en het aangaan van duurzame verbindingen. Met een dagelijks bestuur, dat zes tot acht keer per jaar bijeenkomt om het strategisch beleid te vertalen in tactische en operationele doelen. Leden gerekruteerd uit de professionele culturele instellingen. Een klein, maar slagvaardig team. In ieder geval met een (nieuw) aan te trekken onafhankelijk Cultureel Ondernemer aan het hoofd en teamleden, die vanuit hun verschillende expertise vanuit bestaande organisaties werkzaam zijn voor CP1. Die teamleden zijn flexibel inzetbaar al naar gelang de activiteiten dat vergen. De Cultuurcoach educatie en de Cultuurmakelaar maken hiervan onderdeel uit, terwijl ze vanwege de integraliteit van sociaal beleid verbonden blijven aan Be-Creative. Administratie en financieel beheer onder te brengen bij Muziekschool of Theater In het gebouw aan het plein zijn dan vier verschillende organisaties in teamverband werkzaam, waarvan: De regisseur CP1 is, waarbinnen ook het domein Participatie ondergebracht wordt, met een belangrijke rol voor de Cultuurmakelaar.
De Educatie binnen- en buitenschools voornamelijk verzorgd wordt door de Muziekschool en de Cultuurcoach educatie, in een uitbreiding van disciplines in samenwerking met andere culturele partners De Presentatie: programmering en het beheer voornamelijk verzorgd wordt door het theater. De Harmonie een gewaardeerde bewoner is, zonder veel uitvoerende taken in het nieuwe beleid, hetgeen de vereniging immers niet ambieert. Onderzoeksvraag 2: in welke (juridische) constructie kan Stichting CP1 opgezet worden. Met de vraagstelling is het antwoord al gegeven. Ook wij adviseren een stichtingsvorm in de structuur, zoals hierboven omschreven. Het is onze stellige overtuiging dat de inwonende partners – met behoud van hun eigen corebusinesszich con amore en niet vrijblijvend moeten verbinden met het nieuwe te vormen integrale beleid. Deelname aan de stichting CP1, bestuurlijk en organisatorisch is daar voorwaarde voor. Omdat het echter vooral gaat om het vormgeven van nieuwe verbanden, zal de nieuwe Culturele Ondernemer, die de leiding heeft over CP1 onafhankelijk moeten kunnen functioneren. We beschouwen deze constructie als een stip op de horizon. Voor de fasering, zie onder dat hoofdstuk.
Onderzoeksvraag 3: Op welke wijze kan samenwerking tussen de partners in deze stichting vormgegeven worden? De brede raad van bestuur als gremium voor het strategisch beleid, het dagelijks bestuur voor de vertaling van de strategische doelen in haalbare operationaliteit. Beide gremia worden gerekruteerd uit maatschappelijke en culturele partners (zie boven).
4 zie fasering
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
2.4.3
Governance De huidige juridische constructie op Theaterplein 1 behoeft in dat kader wel enige aanpassing. In onze visie moet er een transparant onderscheid zijn in de verschillende functies die beheer en exploitatie van de organisatie mogelijk maken. In de paragraaf huisvesting komen we daarop terug. Hier dient primair opgemerkt te worden dat onzes inziens een helder onderscheid dient te zijn tussen: 1. Gebouweigenaar 2. Subsidient 3. Huurder(s)/gebruikers(s) In de huidige constructie lopen vooral bij het theater de verschillende (bestuurlijke) rollen door elkaar. We adviseren daar een separaat traject voor te ontwikkelen om de huidige constructie aan de gewenste bestuurlijke governance code te laten voldoen. Onderzoeksvraag 4: is de huidige constructie met drie eigenaren (MTB, Gemeente Barneveld, Muziekgezelschap De Harmonie) toekomstbestendig voor de plannen van CP1? Deze constructie behoeft naar ons idee aanpassing naar een heldere governance structuur. Zie ook onder ‘Huisvesting’.
2.5
Activiteiten Uiteindelijk is de kern van CP1 gelegen in de activiteiten, die binnen- en buitenshuis worden georganiseerd. Eerder hebben we het schema van de culturele keten gepresenteerd. We structureren het programma-aanbod langs deze lijn. Onze samenleving verandert in snel tempo. Culturele instellingen kunnen daarbij niet achterblijven en zullen permanent moeten innoveren om aan te blijven sluiten bij wat de samenleving van hen vraagt. Door samenwerking kunnen de verschillende competenties van diverse instellingen worden benut en kunnen de ontwikkelingen die de komende jaren op ons afkomen omgezet worden in nieuwe producten en diensten. In een netwerkorganisatie kunnen medewerkers elkaar inspireren tot innovatie. Het verschil tussen “hoge” en “lage” cultuur verdwijnt. Was er vroeger sprake van een door de “elite” bewust in stad gehouden scheiding tussen “echte kunst” en “vermaak”, tegenwoordig vermengen de diverse kunstdisciplines zich moeiteloos. Cross-over (mix van stijlen, disciplines) speelt een belangrijke rol in de beleving en waardering van kunst en cultuur en draagt ook bij aan de toegankelijkheid daarvan. De grote populariteit van veelal multidisciplinaire festivals is hier een voorbeeld van. Het maakt de moderne consument ook tot een “cultuuromnivoor”. De ene dag naar een museum, de volgende dag naar een musical of popconcert. Ook nieuwe doelgroepen ontstaan.
De verbinding met andere maatschappelijke domeinen is groeiend. Ontmoeting, verbinding, persoonlijke en sociale ontwikkeling, zingeving en gemeenschapszin, cultuur is in toenemende mate daarin een nadrukkelijk aanwezige factor.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
2.5.1
Functies en geen organisaties CP1, als voorziening, brengt de activiteiten onder in drie functionele afdelingen, presentatie, educatie en participatie. Die functies staan in principe los van de juridische constructie van CP1, maar weerspiegelen de inhoud ervan. Aan de ‘achterkant’ is de juridische constructie en de organisatie werkzaam. Aan de voorkant ziet de klant producten en diensten, vanuit een gemeenschappelijke entiteit vormgegeven. Op de langere termijn kan ook de juridische constructie onderwerp van doorontwikkeling zijn (bestuurlijke en/of toezichthoudende eenheid). We beschrijven hieronder kort de verschillende functies.
2.5.2
Participatie Het begrip ‘participatie’ is voor velerlei uitleg vatbaar. Enerzijds is het een equivalent voor ‘beoefening’, dat wil zeggen spelen in een orkest, een toneelgroep, dansgezelschap, maken van beeldende kunst etc. een onderdeel van de Culturele keten, zie bladzijde 3. Anderzijds is het inmiddels een term die gebruikt wordt voor projecten, die bijdragen aan sociale emancipatie middels cultuur. Vaak is het onderscheid kunstmatig, want zijn beide elementen in samenhang aanwezig. Alleen de start en insteek is verschillend. We hanteren dit onderscheid niet strikt. CP1 staat voor de inclusieve samenleving. Door cultuurprojecten biedt zij inwoners van Barneveld de mogelijkheid actief deel te nemen aan cultuur en daarmee aan de maatschappij. Jongeren, ouderen en andere doelgroepen krijgen ondersteuning bij het organiseren van eigen evenementen en kunnen daarvoor gebruik maken van studio's, podia en andere ruimtes van CP1. Ze worden waar mogelijk betrokken bij de activiteiten van CP1 en doen zo ervaring op met het organiseren van culturele activiteiten. CP1 ondersteunt amateurverenigingen met kennis en expertise en biedt hun leden de mogelijkheid tot een gedegen opleiding en bijscholingscursussen. Bovendien biedt CP1 amateurverenigingen een plek op één van haar podia. CP 1 zet zich in voor een duurzame koppeling van culturele activiteiten aan het sociale domein.
De structurele samenwerking met organisaties uit het sociale domein zijn daarvoor randvoorwaardelijk. Last but not least is een van de grootste muziekverenigingen in Barneveld bewoner van CP1. De vereniging kan een belangrijke rol spelen in de toeleiding naar activiteiten en in structurele samenwerking met de Muziekschool worden talenten de kans geboden in een van de orkesten van De Harmonie te musiceren. Waar in CP1 in de afdeling Presentatie de programmeur de centrale rol vervult als het om de inhoud gaat, de Cultuurcoach bij de binnenschoolse educatie, bij Participatie speelt een Cultuurmakelaar een belangrijke rol (de bemiddelaar tussen vraag en aanbod). We gebruiken hier deze term, niet als taak- en functieomschrijving van de huidige Cultuurmakelaar, maar om de werkwijze te etaleren binnen dit domein.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
Een cultuurmakelaar: 1. is de (zichtbare!) aanjager binnen elk programma maar vooral ook naar de mensen met wie hij/zij werkt. Dat kunnen scholen of zorgcentra zijn maar ook jongeren of vrijwilligers. Hij/zij inspireert, daagt uit, nodigt uit om grenzen te verleggen en nieuwe mogelijkheden te verkennen. Hij is de verbinding tussen partner, klant en uitvoerende. 2. Signaleert kansen en ondersteunt partners waar nodig ook in hun eigen organisaties 3. Organiseert en bewaakt de kwaliteit 4. Kent de financiële kansen en beperkingen en handelt daar naar 5. Zorgt voor (ver)binding met partners: draagt bij aan de regionale ambitie 6. Voelt voor klanten (kinderen, jongeren, ouderen maar vooral ook partners) als warm, dichtbij, innovatief en creatief Deze manier van werken, waarbij co-creatie met partners centraal staat, vereist veel flexibiliteit. Enerzijds van de Cultuurmakelaar als persoon omdat hij/zij altijd de klant centraal moet stellen en niet zijn/haar eigen kennis en vaardigheden. Terwijl hij die kennis en vaardigheden wel heel hard nodig heeft om de vraag van de klant leidend te laten zijn en altijd klanten te kunnen prikkelen grenzen te verleggen en te verkennen. Maar zeker zo belangrijk is de flexibiliteit die deze manier van werken van de organisatiestructuur vraagt.
De cultuurcoach moet samen met zijn gesprekspartners vrijelijk alle projecten kunnen inrichten en daarvoor uitvoerders en vrijwilligers kunnen inzetten die voor de inhoud van het project nodig zijn. De kern is dus niet het aanbieden van producten maar het inspireren, op een hoger plan tillen en (helpen) organiseren van co-creatie. 2.5.3
Educatie Cultuureducatie is een steeds belangrijker en substantiëler onderdeel geworden van de opgave voor het onderwijs om jonge mensen voor te bereiden op de samenleving van nu en die van de toekomst. In de bovenstaande paragraaf is daaraan al uitgebreid aandacht besteed. Het beleid dat de gemeente Barneveld daarin middels de Cultuurcoach educatie en het aanbod Cultuureducatie hanteert wordt door het onderwijs met gemiddeld een ruime 8 gewaardeerd5. In totaal werden in het eerste jaar 2020-2021 27 scholen bereikt met in totaal ongeveer 7.000 leerlingen6. Voor een samenhangend beleid tussen binnen- en buitenschoolse educatie is de verbondenheid van de Cultuurcoach educatie met CP1 van belang. Daarnaast is de kunsteducatie buitenschools (lessen muziek, theater, dans, beeldende kunst, media) enerzijds belangrijk voor de instandhouding van het culturele klimaat, anderzijds voor de persoonlijke ontwikkeling van de deelnemers. CP1 vervult met de activiteiten van de Muziekschool daar momenteel al een belangrijke rol in, maar wil deze uitbreiden7:
5 6 7
Evaluatie Cultuureducatie Barneveld, juli 2021 Overzicht Resultaten CEB 2020-2021, 21 juli 2021 Beleidsplan 2019-2022 Muziekschool Barneveld
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
1. De uitbreiding van het aantal muziekleerlingen naar 800 in 2022, middels: a. Uitbreiding van het aantal groepslessen b. Uitbreiding van het aantal ensembles (participatie doelstelling) c. Verdubbeling van het aantal popbands, zowel voor jongeren, als voor 50 plussers. 2. Verbreding van het aanbod a. Nieuwe instrumenten b. Nieuwe disciplines, zoals cursusaanbod Dans, Musical, Acteren en Beeldende Kunst c. Vervolglessen in de ‘vrije tijd’ op het binnenschoolse aanbod Cultuureducatie. In het kader van de visie dat CP1 een netwerkorganisatie is, zal de verbreding van het aanbod niet anders kunnen dan in nauwe samenwerking met culturele partners, die daar nu al in werkzaam zijn. 2.5.4
Presentatie De theaterzalen in CP1 zijn dé plek in Barneveld en omgeving waar het gaat om de programmering en organisatie van voorstellingen en andere kunstuitingen. Het theater heeft de kennis in huis voor een brede programmering in alle mogelijke disciplines. Met zo’n 80-100 presentaties per jaar voor 40.000 bezoekers wordt voorzien in een evidente behoefte. De kleine organisatie van de theaterpoot van CP1 is ingericht om alle vormen van presentatie te faciliteren, van professionele voorstelling tot en met de presentatie van amateurverenigingen, producten uit de educatie en participatieafdelingen, actuele maatschappelijke opiniecafés etc. Het CP1 streeft ernaar om zoveel mogelijk inwoners van Barneveld (en de regio) te laten genieten van cultuur, theater, film en muziek. Een bijzondere uitdaging voor CP1 ligt in het verder ontwikkelen van duurzame culturele evenementen. De ontwikkeling binnen het culturele veld laat een nog steeds groeiende interesse voor evenementen zien. Ze zijn enerzijds belangrijk voor een brede zichtbaarheid van de culturele instellingen, anderzijds voorzien ze in een publieke behoefte en dragen ze bij aan de leefbaarheid van de stad. De Centrumvisie maakt al gewag van het feit dat Barneveld op dit gebied wat achterblijft t.o.v. andere gemeentes.
Netwerkorganisatie CP1 kan in die behoefte voorzien in samenwerking met haar culturele en maatschappelijke partners. Onderzoeksvraag 1: Op welke wijze kan CP1 samenwerken met culturele en maatschappelijke partners (met name Museum Nairac en de Bibliotheek Barneveld en daarnaast andere culturele partners) om elkaar te versterken. In bovenstaande paragraaf geven wij aan dat binnen de drie domeinen samenwerking met de partners voorwaarde is voor het ontwikkelen van nieuw beleid. We adviseren daarbij vooral te focussen op de domeinen Participatie en Educatie.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
2.6
Huisvesting Voor de uitvoering van bovengenoemde plannen zal een meer optimaal gebruik van het pand noodzakelijk zijn. Het visiedocument verwijst al daarnaar. De ‘muren’ tussen de verschillende huidige gebruikers moeten figuurlijk geslecht worden. Alle drie de gebruikers zijn van mening dat zulks noodzakelijk en mogelijk is. De huidige eigendoms- en gebruikssituatie is daarvoor niet optimaal. We wezen in de paragraaf ‘organisatie’ al op het governance karakter van deze constructie. In kort bestek de huidige situatie: 1. De gemeente Barneveld, als verhuurder van het bouwdeel voor Muziekschool Barneveld 2. Muziek Theater Barneveld BV, eigendom van een houdsterstichting, waarin de gemeente Barneveld en Fonds 1845 bestuurders zijn, aldus aandeelhouders respectievelijk voor 78,5% en 21,5%. MTB BV verhuurt ‘hun’ deel van de accommodatie aan Schaffelaartheater BV. 3. Muziekgezelschap De Harmonie Barneveld, als eigenaar van hun eigen bouwdeel. Alle betrokken geïnterviewden (gebruikers en gemeente) zijn het erover eens dat deze constructie aan verandering toe is. De motieven waarom destijds voor deze constructie gekozen is, zijn wellicht niet meer opportuun. De drie gebruikers hebben geen van alle de ambitie om eigenaar van het gebouw te zijn of worden.
De Harmonie geeft aan mee te willen werken aan een verandering omdat deze vereniging er primair is om muziek te maken en niet om een gebouw te exploiteren. De stellers van het visiedocument geven drie mogelijkheden aan om met deze situatie om te gaan: Behoud van de constructie, met open deuren en waardebepalingen voor gebruik Een eigenaar voor alle functies/huurders Een mengvorm met eventuele herverdeling van eigenaarschap en gebruik. Voor een duurzame, efficiënte en transparante ontwikkeling van CP1 adviseren wij te kiezen voor optie 2. Eén eigenaar, die het pand verhuurt aan de gebruikers, in gezamenlijk gebruik, niet in separate gebouwdelen. De huurder kan in dit geval de al eerdergenoemde stichting CP1 zijn. Gebruik en exploitatie van de ruimtes wordt op basis van heldere afspraken gemaakt. Gezien de ontwikkeling van CP1 kunnen deze jaarlijks onderhevig zijn aan wijzigingen.
De Governance structuur is helder, een duidelijk onderscheid tussen eigenaar, subsidient en huurder/gebruiker. Geen ingewikkelde verrekeningen en conflicten omtrent gebruik van ‘elkaars’ ruimte. Heldere afspraken tussen eigenaar en huurder met betrekking tot demarcatie meerjarig onderhoud. Heldere beheer constructie Flexibiliteit in gebruik van de accommodatie.
Vanzelfsprekend is een dergelijke constructie niet binnen afzienbare tijd te realiseren. Daarvoor is een separaat traject noodzakelijk, dat gestart kan worden na besluitvorming over de koers en vorm van CP1.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
Dat wil niet zeggen, dat voor de ontwikkeling van CP1 daarop gewacht moet worden. In de tussentijd kan deze op basis van betrouwbare afspraken onderling verder vormgegeven worden. De Harmonie geeft aan, haar ruimtes voor de ontwikkeling van CP1 ter beschikking te willen stellen, De Muziekschool zet haar ruimtes al in hiervoor. Het theater doet dat deels, maar heeft qua exploitatie daartoe beperkte mogelijkheden. Er zit immers een behoorlijke verdienopdracht in de begroting van de BV ten behoeve van de exploitatie. We komen daar bij het hoofdstuk financiën op terug. Onderzoeksvraag 4: is de huidige constructie met drie eigenaren (MTB, Gemeente Barneveld, Muziekgezelschap De Harmonie) toekomstbestendig voor de plannen van CP1? Advies: kies voor een ontwikkeling naar een eigenaar, zie hierboven. 2.6.1
Horeca Het is evident dat een goed functionerende horeca van belang is voor de ontwikkeling van CP1. Op termijn van ontwikkeling immers zal het gebouw dagelijks vanaf de ochtend tot en met de avond voor een groot deel bezet zijn met activiteiten. Veel van deze activiteiten zijn gebaat bij een goede horecaservice, omdat deze deel uitmaakt van een aangenaam verblijfs- en werkklimaat in het pand. De huidige horecavoorziening wordt medio 2021 geüpdatet. De voorziening is daarom adequaat. De vraagstelling betreft het beheer van de horeca. In eigen beheer of verpacht? Met onze onderzoeken bij diverse culturele accommodaties hebben wij de ervaring dat het uitbesteden van de horeca aan een externe exploitant op termijn leidt tot wrijving en conflict. De culturele corebusiness vraagt een andere horecamodus dan een in principe op winst georiënteerd horecabedrijf. Wij adviseren de horeca, zoals nu, in eigen beheer te blijven houden, professioneel georganiseerd met kwaliteitsproducten F&B, aangepast aan de wensen van klanten en gebruikers. Als de horeca lean and mean georganiseerd wordt is een (bescheiden) verdienmodel daarin zeker haalbaar. We verwijzen naar de paragraaf financiën.
Onderzoeksvraag 10: Welk verdienmodel zou ten grondslag kunnen liggen aan de horeca/verhuur functie van het gebouw ten einde een optimale bezettingsgraad en gastvrijheid te kunnen bieden? De horecafunctie in eigen beheer is onontbeerlijk voor de brede serviceverlening van CP1. De rendabiliteit daarvan is niet het primaire doel, maar wel een gunstig neveneffect. Zie het hoofdstuk ‘financiën’. Onderzoeksvraag 11: Op welke wijze verhoudt dat zich met de huidige theaterexploitatie, dan wel exploitatie van CP1. We adviseren de horeca door te ontwikkelen vanuit huidige organisatie. Onder het hoofdstuk ‘financiën’ komen we nog terug op de verhouding ‘huidig’ versus ‘toekomst.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
2.6.2
Het pand Hoewel onderzoeksvragen m.b.t. eventuele aanpassingen in het pand niet zijn opgenomen, ontkomen we niet aan een aantal aanbevelingen dienaangaande. Gastvrije inloop: De twee gescheiden entrees van het pand zijn nauwelijks uitnodigend voor een gastvrije inloop. De entree van de Muziekschool is louter vindbaar en bruikbaar voor de leerlingen en nodigt niet uit voor spontane inloop. De entree van het theaterdeel botst bij de ingang al gelijk op de kassa. Wij adviseren op korte termijn het realiseren van een gezamenlijks gastvrije toegang naar het gebouw, die na de noodzakelijke klimaatsluis terechtkomt in de ontvangstruimte, waar ook de horeca is gevestigd. Gebruik en uitbreiding: Wij adviseren in de aanvangsfase van CP1 te starten met een zo intensief mogelijk gebruik van de bestaande accommodatie. Op basis van de ontwikkeling van CP1 kan vervolgens in de loop van de tijd bezien worden of uitbreiding wenselijk en mogelijk is. Ook de eigendom situatie zal tegen die tijd naar verwachting zijn vereenvoudigd, hetgeen een dergelijke revitalisatie makkelijker mogelijk maakt. Investeren op termijn: Het complex ligt nu aan de rand van het centrum en maakt (net) geen deel uit van het gedefinieerde centrumgebied. In diverse interviews kwam de wens naar voren van het plein een aantrekkelijker verblijfsgebied te maken en zo meer te verbinden met het centrumgebied.
Wij onderkennen deze kans en adviseren daar op de middellange termijn beleidsmatig aandacht aan te besteden. Het herinrichten van het plein met een aantrekkelijke parkachtige vergroening met mogelijkheden voor grootschalige evenementen en uitbreiding van de horeca van het complex met een terras zijn veelgenoemde elementen van een wenselijke ontwikkeling van het plein. De huidige bestemming als louter parkeerterrein zal dan aan verandering onderhevig moeten zijn. Voor een optimale toegankelijkheid en verblijfskwaliteit van CP1 zou dat zeer wenselijk zijn.
2.7
Exploitatie
2.7.1
Ruimtegebruik Het is evident dat het ter beschikking stellen van ruimte voor de bovengenoemde functies in CP1 ten koste gaat van de huidige verdiencapaciteit van het Schaffelaartheater. Om de exploitatie van deze partner op peil te houden zal daar compensatie voor moeten worden gezocht. In de gesprekken hebben we daar meermaals bij stilgestaan. We kunnen echter in deze paragraaf slechts op hoofdlijnen de consequenties voor deze exploitatie weergeven, omdat het ons aan valide informatie omtrent de inkomsten uit verhuur van het Schaffelaartheater ontbreekt. De nieuwe meerjarenbegroting van het Schaffelaartheater is aanvang december 2021 pas gereed. We baseren ons -voorlopig- op de eerdere boekjaren. De jaarrekening 2016-2017 laat een bedrag zien uit ‘verhuur’ van € 68.000,- en die van 2017-2018: € 75.000,-
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
Van de horeca gerelateerde saldi hebben wij geen kennis. We kunnen dus geen betrouwbare inschatting van het inkomensverlies maken. In een volgende fase zal deze nader in kaart gebracht moeten worden. 2.7.2
Organisatie Zoals boven onder het hoofdstuk ‘Organisatie’ vermeld, gaan we uit van lean and mean. Het is o.i. wel noodzakelijk dat er op termijn een onafhankelijk Cultureel Ondernemer wordt aangesteld, die in samenwerking met de huidige bewoners vorm gaat geven aan CP1. We ramen de kosten daarvan grofmazig op € 70.000,- voor een full time functie op jaarbasis. In de hieronder staande fasering kan worden uitgegaan van een groeimodel, startend bij minimaal 3 dagen per week. Onderzoeksvraag 6: Welke personele consequenties hebben de ambities voor Schaffelaartheater en Muziekschool Barneveld? De belangrijkste personele consequentie voor het huidige personeel betreft het samenwerken aan de voorkant in één organisatie. In een matrixvorm dragen (sommige) medewerkers bij aan deze organisatie en verrichten tevens werkzaamheden voor de nieuwe organisatie. Onderzoeksvraag 7: Zijn er meer mogelijkheden om tot een grotere efficiency te komen in de samenwerking met (culturele) partners? In de gesprekken is de toekomstvisie om te groeien naar één organisatie aan de orde gekomen. Dat is echter een perspectief op de langere termijn. In een dergelijke structuur kan de grootst mogelijk efficiency behaald worden.
Onderzoeksvraag 8: In welke mate is deze samenwerking tussen de partners wenselijk en mogelijk om meer efficiency te bereiken? De samenwerking moet in hoge mate gewenst zijn, zowel door de top van de organisatie, als door de medewerkers zelf. Onderzoeksvraag 10: Welk verdienmodel zou ten grondslag kunnen liggen aan de verhuur/horeca functie van het gebouw teneinde een optimale bezettingsgraad en gastvrijheid te kunnen bieden? Het spreekt voor zich dat de horeca bij een groeiende bezetting een grotere verdiencapaciteit kan genereren. Een en ander is wel afhankelijk van de samenstelling van de verschillende doelgroepen. Een levendig centrum met een aantrekkelijke uitstraling en een dito programma zal zeker nieuw publiek trekken. Een uitbreiding van de horeca op de langere termijn met een eventuele herinrichting van het plein biedt zeker kansen. Onderzoeksvraag 11: Op welke wijze verhoudt zich dat met de huidige theaterexploitatie, dan wel exploitatie van de constructie Cultuurplein-1? Een deel van de exploitatie van Schaffelaartheater BV zal ‘verlegd’ worden naar CP1. Het betreft dan met name de verhuur en (een deel van) de horeca. Gezien het ontbreken van valide cijfers is de omvang in dit stadium niet benoembaar. Onderzoeksvraag 12: Welke financiële consequenties hebben de verschillende scenario’s?
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
Deze zijn in de eerste fase beperkt te noemen. Uitzetting van subsidie/additionele verdiencapaciteit zal noodzakelijk zijn. Het eerste jaar betreft het voornamelijk de kosten van de kwartiermaker en een deel van de compensatie van verliezen Schaffelaartheater BV. Onderzoeksvraag 13: Welke initiële kosten kunnen verwacht worden? Zie vorige vraag Onderzoeksvraag 15: Hoe is eigen cultureel ondernemerschap zo optimaal mogelijk in te zetten in de gewenste organisatievorm en wat is hiervoor nodig? We zijn daarop uitgebreid ingegaan in het hoofdstuk ‘organisatie’.
2.8
Fasering Op 13 september en 15 november presenteerden wij in twee gesprekken de concept rapportage aan de drie opdrachtgevers. We constateerden mét de opdrachtgevers dat de ambitie van CP1 een horizon aangeeft, waarbij het gewenste einddoel nog ver verwijderd is van de huidige situatie. Toch blijft deze ambitie en de ontwikkeling daarheen een pad dat de moeite waard is om te bewandelen. Cultuurplein-1 is een zeer waardevol initiatief. Het zou eeuwig zonde zijn om het elan dat daaruit spreekt verloren te laten gaan. Wij adviseren de drie partners om met elkaar en de gemeente Barneveld aan tafel te gaan en na te denken over een vorm van samenwerking en een businesscase met de volgende uitgangspunten en aannames: Werk aan een samenwerkingsvorm, die (vooralsnog) geen nieuwe rechtsvorm vereist. Dat kan later, zie fasering. Maak afspraken over missie/visie/doelen/activiteiten/financiën en leg deze vast. Benoem daarbij met elkaar welke partij waarvoor het ondernemersrisico draagt. Of creëer een gezamenlijk fonds Werk aan de organisatie (menskracht) die daaraan moet vormgeven. Zoek daarin ook vooral naar de dwarsverbanden door de organisaties heen. Benoem verantwoordelijkheidsgebieden en hang daar organisaties en/of functionarissen aan. Gooi alle deuren van het pand zo snel mogelijk open, zodat er optimaal gebruik van kan worden gemaakt.
Maak haalbare huurtarieven en zoek naar dekking voor mogelijke exploitatietekorten ten gevolge daarvan. Schrijf fondsen aan voor bijdragen. Maak met andere partners in de cultuur en het sociaal domein bondgenootschappen En last but not least: overleg met de gemeente Barneveld hoe zij deze ontwikkeling beleidsmatig en financieel kunnen ondersteunen.
2.8.1
Uitgangspunten
Neem de tijd Investeer allereerst en vooral in samenwerking en vertrouwen Start bij laaghangend fruit, Zie kansen en maak ze waar Zet de resultaten voortdurend in de etalage.
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
2.8.2
Routeplan
Jaar 1 en 2: verkenning en vormgeving door een kwartiermaker (eventueel later CO CP1). Om uitwerking te geven aan de uitgangspunten van bovengenoemd advies is de termijn van twee jaar na besluitvorming daarvoor zeker nodig. We denken aan een formatieomvang van minimaal drie dagen. De kwartiermaker kan op projectbasis worden aangesteld. De taken van de kwartiermaker zijn: o Uitwerken visie, formuleren doelstellingen domeinen (educatie, participatie, presentatie, horeca) incorporeren visie door sleutelfunctionarissen o Netwerken, netwerken en netwerken o Eerste laaghangend fruit, win vertrouwen en laat zien dat het kan werken o Organisatorisch vormgeven aan de nieuwe samenwerking o Juridisch vormgeven aan de nieuwe organisatievorm o Uitwerken geconsolideerde begroting, met (meerjarige) subsidieaanvraag gemeente o Fondswerving en sponsoring extern o i.s.m.
eigenaren doorontwikkelen gebouw eigenaarschap Benodigd additioneel budget (bij benadering, nader te onderbouwen in een subsidieaanvraag): drie dagen kwartiermaker € 40.000,- en € 40.000 activiteitenbudget en derving verhuurinkomsten theater = € 80.000,Jaar 3: ‘formele’ start CP1, oriëntatie en implementatie o Strategisch beleid door RVB bepaald en DB vormgegeven o Samenwerkingsafspraken met partners, ook op het gebied van personeel en financiën o Fondswerving o Uitvoering Benodigd additioneel budget nader te bepalen, maar een indicatie van voortzetting van jaar 1 en 2 is reëel. Jaar 4: bestendiging en uitbouw o Verbreding middelen (fondsen en sponsors), o Verbreding activiteiten o Verbreding organisatie o Structurele evaluatie i.s.m. RVB en gemeente (als subsidient).
Onderzoeksvraag 5: Welk scenario is voor een toekomstbestendig Cultuurplein-1 het meest geschikt, gezien de ambities van de partners? Het hierboven geschetste scenario achten wij, als onderzoekers, het meest geschikt voor het welslagen van CP1. Duurzaam en met verantwoorde stappen ontwikkelen is wenselijk. Additioneel budget is noodzakelijk. Onderzoeksvraag 14: Op welke termijn is een sluitende begroting te realiseren? Dat is een cryptische vraag. In principe kan de begroting vanaf moment één sluitend zijn, mits de extra kosten vanuit de markt en/of subsidie gedekt kunnen worden. Het meerjarig exploitatieplan, dat we gereed voorzien aan het eind van het tweede jaar zal zeker een betrouwbaar beeld over de toekomst moeten opleveren. Onderzoeksvraag 16: Welke fasering is wenselijk/mogelijk om de plannen van Cultuurplein-1 te realiseren? Zie boven
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
3
Tot slot persoonlijk Wij hebben met veel genoegen gewerkt aan deze opdracht om een onafhankelijk advies te geven over jullie plannen, uiteengerafeld in een twintigtal vragen. Het materiaal dat we hebben opgehaald en het advies dat wij naar aanleiding daarvan hebben opgesteld zal jullie -en de gemeente en jullie externe partnershopelijk kunnen bijstaan bij het in onderlinge samenwerking realiseren van de plannen. Wij wensen jullie daarbij alle succes. Dirk Eekma Bart Vaessen
Eindrapportage Onderzoek Cultuurplein-1
Aan: Wethouder André van de Burgwal, Ferdi Schukking, Ronald de Wilde CC: Merit Veldhuizen, Bart Vaessen, Dirk Eekma
Barneveld, 30 november 2021
Muziekgezelschap De Harmonie Barneveld Theaterplein 1 3772 KX Barneveld 0342 – 421 587 info@deharmoniebarneveld.nl www.deharmoniebarneveld.nl KVK 40119410 IBAN NL68 RABO 0151 1926 34 BTW NL002715132.B01
Betreft: Reactie De Harmonie op Rapportage Onderzoek Cultuurplein-1
Beste André, Ferdi en Ronald, De afgelopen maanden hebben we ons gebogen over de toekomst van cultureel Barneveld, en de kansen die het gebouw op het Theaterplein hierin biedt. De Harmonie is, zoals meermalen toegelicht, ervan overtuigd dat: 1) er in Barneveld behoefte is aan een breed cultureel aanbod op het gebied van participatie, educatie en presentatie, en 2) het gebouw op het Theaterplein hierbij veel intensiever gebruikt kan worden. Vanuit die overtuiging zijn we in gesprek geraakt met Muziekschool Barneveld over het gebruik van elkaars accommodatie, en hebben we een vijfjarige overeenkomst gesloten met Schaffelaartheater over de huur van de kleine theaterzaal als repetitieruimte. In die gesprekken is ook naar voren gekomen dat onze beide “buren” ideeën hebben het aanbod te verbreden. Hiermee genieten meer Barnevelders van cultuur op het Theaterplein 1: voor deze gelegenheid hernoemd naar Cultuurplein-1. Een beweging die wij als cultuuraanbieder toejuichen voor Barneveld. Aanleiding vanuit De Harmonie voor Cultuurplein-1 De Harmonie is sinds de realisatie zeer betrokken bij de ontwikkelingen die zich in het gebouw afspelen. Tegelijkertijd zien wij dat de huisvesting van onze vereniging in het gebouw steeds weer een hoofdpijn dossier is, dat ons afleidt van onze primaire activiteit: samen muziek maken en vereniging zijn.
Voorbeelden hiervan zijn het faillissement van de aannemer tijdens de bouw, verkoop van aandelen om de theaterexploitatie een impuls te geven en de recente onderhandeling over de huur van de kleine zaal voor onze orkestrepetities. Wij stellen tevens vast dat de kosten voor huisvestiging van onze vereniging buitenproportioneel zijn, en op termijn mogelijk zelfs onbetaalbaar. Dit is, samen met onze eerdere genoemde overtuigingen de aanleiding geweest om als Harmonie, in harmonie, mee te schrijven aan het visiestuk Cultuurplein-1 en het formuleren van de onderzoeksvragen. Reactie op het onderzoeksrapport Het onderzoeksrapport, opgesteld door 4Advies legt wat De Harmonie betreft de vinger op de juiste plek: het Barneveldse culturele veld is versnipperd 1, en partijen zijn vooral bezorgd over het verlies van hun eigen positie wanneer de grotere culturele partijen nieuwe mogelijkheden verkennen.
1 Zie Rapportage Onderzoek Cultuurplein-1 , versie 3, november 2021, pagina 3. Pagina 1 van 3
De Harmonie kan zich goed vinden in het door 4Advies geschetste eindplaatje van netwerk organisatie, waarbij een onafhankelijke stichting wordt opgericht. Met een slagvaardig team aangevoerd door een onafhankelijke derde partij 2, waarin op alle culturele aspecten – participatie, educatie, presentatie – wordt ingezet. Wij zijn van mening dat dit de enige oplossing is om de versnippering en eigen belangen te doorbreken en cultureel Barneveld de nodige en gewenste impuls te geven. Wij onderstrepen het belang om niet langer dan strikt noodzakelijk te wachten met het realiseren van dit eindplaatje. We zijn ons ervan bewust dat dit betekent dat heilige huisjes moeten worden afgebroken. Wij staan open voor ieder gesprek wanneer dit op ons van toepassing is. Opdrachtgevers zijn niet even enthousiast In de aanloop naar het eindrapport hebben we tevens vastgesteld dat de drie opdrachtgevers van 4Advies het geschetste scenario niet met hetzelfde enthousiasme hebben ontvangen. We hebben er begrip voor dat het toevoegen van bijvoorbeeld een onafhankelijke cultureel ondernemer op korte termijn te veel onzekerheid biedt voor de exploitatieresultaten. Echter vinden wij dat er vooral naar de langere termijn moet worden gekeken.
Om dat te bewerkstelligen vinden wij dat er een goede inschatting moet worden gemaakt van de financiële consequenties voor de exploitatie van alle drie de gebruikers van het gebouw, op zowel de korte als de lange termijn. Zodra deze consequenties inzichtelijk zijn kan er een stappenplan worden opgesteld waarin in kleine stapjes wordt toegewerkt naar het door 4Advies bedoelde eindplaatje. Wij denken dat hulp nodig is vanuit de gemeente om tot dit stappenplan te komen, in de vorm van een coördinator / kwartiermaker. Deze functionaris kan tevens het visiestuk Cultuurplein-1 vertalen in een bondige missie en visie voor Cultuurplein-1, het in kaart brengen van het huidige culturele aanbod, etc. Vervolgens wordt deze door vertaald in (nieuwe) activiteiten waarin zowel Schaffelaartheater als Muziekschool Barneveld, maar ook andere cultuuraanbieders een rol hebben. Het spreekt voor zich dat initiatiefnemers van Cultuurplein-1 éérst kijken of activiteiten door bestaande aanbieders kan worden uitgevoerd, en daarna pas zelf ontwikkeld wordt. Wat ons betreft is dit essentieel. Geen plek voor De Harmonie in deze fase Zoals toegelicht was en is onze huisvesting een belangrijke reden om mee te denken over Cultuurplein-1. In het adviesrapport is aangegeven dat juist dit onderwerp een separaat traject verdient3.
Wij zijn niet voornemens onze activiteiten te verbreden en daarmee meer mensen te bedienen. Wel heeft De Harmonie belang bij een goed draaiend, onafhankelijk Cultuurplein-1. Daarin verschillen wij niet van welke andere cultuuraanbieder in Barneveld dan ook. Graag benadrukken wij dat er voor een toekomstbestendige huisvesting van onze vereniging niet te lang moet worden gewacht met het in het eindrapport genoemd separate traject. Dat betekent dat wij met de oplevering van het eindrapport van 4Advies niet meer in gesprek zullen gaan over de totstandkoming van Cultuurplein-1. Op het moment dat een Barneveldse cultuuraanbieder gebruik wenst te maken van onze accommodatie, dan zijn wij net zoals nu graag bereid deze wens tegemoet te komen. In dat geval gaan we in gesprek met de betreffende aanbieder over de mogelijkheden en voorwaarden. Feitelijk bouwen daarmee verder aan de met de Muziekschool Barneveld ingeslagen weg.
2 De Cultureel Ondernemer: zie Rapportage Onderzoek Cultuurplein-1 , versie 3, november 2021, pagina 8. 3 Zie Rapportage Onderzoek Cultuurplein-1 , versie 3, november 2021, pagina 12. Pagina 2 van 3
We zijn blij dat we hebben mogen meedenken over een Cultuurlpein-1 en hebben met veel plezier onze bijdrage geleverd. We kijken uit naar een separaat traject over de huisvesting en staan open voor het gesprek hierover. Tot slot willen we 4Advies bedanken voor het uitgevoerde onderzoek en opgestelde adviesrapport. Ik wens u allen succes met de vervolgstappen en kijken uit naar een bruisend Cultuurplein-1, waarbij iedere Barneveldse cultuuraanbieder tot haar recht kan komen en Barnevelders kunnen genieten van het rijke culturele landschap. Intussen gaan wij ons richten op samen muziek maken en vereniging zijn.