CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Verordening parkeerbelastingen gemeente Barendrecht 20250527.pdf

commissie Planning en Control 12 mei 2025, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Verordening parkeerbelastingen gemeente Barendrecht (Niet behandeld)1.402 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verordening parkeerbelastingen gemeente Barendrecht De raad van de gemeente Barendrecht; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 22 april 2025; gelet op artikel 156 en artikel 225 van de Gemeentewet en de geldende Parkeerverordening gemeente Barendrecht; besluit: vast te stellen de volgende verordening: Verordening parkeerbelastingen gemeente Barendrecht

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In dit besluit wordt verstaan onder ‘verordening’: de geldende Parkeerverordening. De begrippen zoals omschreven in artikel 1 van de verordening zijn van overeenkomstige toepassing.

Artikel 2. Belastbaar feit

Onder de naam 'parkeerbelastingen' worden de volgende belastingen geheven: a) Een belasting voor het parkeren van een motorvoertuig op een bij, dan wel krachtens deze verordening in de daarin aangewezen gevallen door het college te bepalen plaats, tijdstip en wijze. b) Een belasting voor een van gemeentewege verleende vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze.

Artikel 3. Belastingplicht

1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven van de degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd. 2. Als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt mede aangemerkt: a. degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of heeft gegeven de belasting te willen voldoen; b. zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel 2, onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het voertuig, met dien verstande dat: i. indien een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren ingevolge deze overeenkomst de huurder van het motorvoertuig was, niet de houder maar de huurder wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd; ii. indien blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten staan ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd. 3. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven van degene die ingevolge het tweede lid, onderdeel b, van dit artikel is aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd, indien deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het parkeren een ander tegen zijn wil van het motorvoertuig heeft gebruik gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen. 4.

De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven van degene die de vergunning heeft aangevraagd.

Artikel 4. Vrijstelling

De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven ter zake van: 1. Ambulances, dierenambulances, gemeentelijke dienstvoertuigen en voertuigen van politie en 1

brandweer voor zover deze voertuigen voor het uitoefenen van de dienst worden gebruikt, mits deze voertuigen als zodanig herkenbaar zijn; 2. Gehandicaptenvoertuigen; 3. Voertuigen voorzien van een geldige gehandicaptenparkeerkaart, mits deze parkeerkaart met de daartoe bestemde zijde op een van buitenaf duidelijk leesbare plaats direct achter de voorruit van het voertuig is geplaatst; 4. Voertuigen van huisartsen en verloskundigen die visites maken, mits deze voertuigen als zodanig herkenbaar zijn.

Artikel 5. Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak

De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel.

Artikel 6. Ontstaan van de belastingschuld

1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren. 2. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.

Artikel 7. Wijze van heffing, termijnen van betaling en restitutie

1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven door voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt aangemerkt: a. het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de door het college gestelde voorschriften; b. het bij aanvang van het parkeren inbellen of aanmelden op een centrale computer op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de door het college gestelde voorschriften. 2. De belasting als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte en moeten worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend dan wel vóór het in de vergunning aangegeven tijdstip. 3. De belasting als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt bij aanvang van de belastingplicht berekend vanaf de 1e dag van de maand van verlening van de vergunning. 4. Indien de belastingplicht bedoeld in artikel 2, onderdeel b, in de loop van de vergunningperiode eindigt, bestaat het recht op restitutie over zoveel volle kalendermaanden als er in die periode na het tijdstip van de belastingplicht nog resteren. 5. Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.

Artikel 8. Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen

De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen betaling van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, mag worden geparkeerd, geschiedt in alle gevallen door het college bij openbaar te maken besluit.

Artikel 9. Bevoegdheid tot gebruik wielklem en wegsleepregeling

1. Tot zekerheid van de betaling van een naheffingsaanslag voor de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, kan aan het motorvoertuig een wielklem worden aangebracht. 2. Het college wijst bij openbaar te maken besluit in alle gevallen de terreinen en weggedeelten aan waar de wielklem wordt toegepast. 3. Indien na het aanbrengen van de wielklem 24 uren zijn verstreken kan het motorvoertuig naar een door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aangewezen plaats worden overgebracht en in bewaring worden gesteld. 4. De regelingen met betrekking tot de wielklem- en wegsleepregeling en de bijbehorende kosten zoals vastgesteld in artikel 10 van deze verordening zijn van toepassing na het aanbrengen van 2

een wielklem, in die zin dat de wielklem alleen verwijderd wordt respectievelijk de houder zijn motorvoertuig alleen kan terugkrijgen bij het bewaarterrein, als hij alle met betrekking tot het motorvoertuig opgelegde en openstaande naheffingsaanslagen parkeerbelasting plus de bijbehorende kosten zoals bedoeld in artikel 10 van deze verordening, plus de eventuele kosten van (dwang)invordering met betrekking tot de niet betaalde naheffingsaanslagen, heeft betaald.

Artikel 10. Kosten

1. De kosten van de naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van deze verordening zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende Tarieven- en kostentabel parkeerbelastingen. 2. De kosten van het aanbrengen en van het verwijderen van de wielklem zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende Tarieven- en kostentabel parkeerbelastingen. 3. De kosten voor het overbrengen van een motorvoertuig naar de bewaarplaats, het bewaren van een voertuig en de kosten die worden gemaakt bij het voorbereiden van de overbrenging in het geval niet tot overbrengen wordt overgegaan, zijn vastgelegd in de Wegsleepverordening Barendrecht 2021 of de opvolger hiervan.

Artikel 11. Kwijtschelding

Bij de invordering van de parkeerbelastingen wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 12. Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening parkeerbelastingen gemeente Barendrecht.

Artikel 13. Inwerkingtreding

1. Dit besluit treedt na publicatie in het elektronisch gemeenteblad op overheid.nl in werking op: 1 januari 2027. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2027.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 27 mei 2025. De voorzitter,

De griffier,

3

Bijlage 1 Tarieventabel 2026 Behorende bij en deel uitmakende van de Verordening parkeerbelastingen gemeente Barendrecht.

1. Tarieven voor parkeren bij parkeerapparatuur

Het tarief voor het parkeren bij parkeerapparatuur als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van de Verordening parkeerbelastingen gemeente Barendrecht bedraagt: Parkeerzone Parkeerzone S

Reguleringstijd Maandag tot en met zondag van 09:00 uur tot en met 23:00 uur.

Tarief Straatparkeren per 60 minuten: € 2,50 (1) Starttarief straatparkeren: € 2,00 (2) Maximum 24-uurstarief: € 20,00

(1) Tarief geldt per 60 minuten en in de eerste 60 minuten voor een gedeelte daarvan. (2) Tarief geldt enkel voor parkeren buiten een gebouwde parkeervoorziening (parkeergarage) en is aanvullend op het uurtarief.

2. Tarieven parkeervergunningen

Het tarief voor een parkeervergunning als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, van de Verordening parkeerbelastingen gemeente Barendrecht bedraagt: Parkeerzone Parkeerzone S

Vergunningsoort Eerste bewonersparkeervergunning Tweede bewonersparkeervergunning Tijdelijke parkeervergunning Gehandicaptenparkeervergunning Bedrijfsparkeervergunning Werknemersparkeervergunning Commerciële deelautoparkeervergunning

Tarief (inclusief BTW) € 784,- per kalenderjaar. € 1.045,- per kalenderjaar. € 1.045,- per kalenderjaar. € 0,00 per kalenderjaar. € 1.502,- per kalenderjaar. € 1.502,- per kalenderjaar. € 500,- per kalenderjaar.

3. Kosten

De kosten voor het opleggen van een naheffingsaanslag en het aanbrengen en verwijderen van een wielklem als bedoeld in artikel 10 van de Verordening parkeerbelastingen gemeente Barendrecht bedraagt: Kostensoort Naheffingsaanslag als bedoeld in artikel 10, 1e lid Kosten aanbrengen en verwijderen van wielklem als bedoeld in artikel 10, 2e lid

Tarief € 78,80 € 200,-

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15465256/1