CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting bij presentatie Doelgroepenvervoer - Comissie samenleving 14-06-2022.pdf

commissie Samenleving 14 juni 2022, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Aanbesteding Doelgroepenvervoer 20234.043 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting bij presentatie Doelgroepenvervoer Commissie Samenleving Barendrecht 14 juni 2022

1

Inleiding Deze bijlage geeft een overzicht van de visie op, uitgangspunten van en voorwaarden aan het doelgroepenvervoer dat de gemeente Barendrecht in 2023 wil gaan inkopen. De uitgangspunten zijn gebaseerd en een nadere uitwerking van de beleidsnota Integraal Beleid Sociaal Domein 2021.

Leeswijzer Deze bijlage bij de presentatie neemt de lezer achtereenvolgens mee langs de volgende thema’s en aandachtspunten:

1.

Planning aanbesteding Doelgroepenvervoer ..................................................................... 3

2.

Gemeentelijke opdracht en doelgroepen .......................................................................... 4

3.

Missie.................................................................................................................................. 6

4.

Trends en ontwikkelingen .................................................................................................. 7

5.

Kwaliteitsdoelen en ontwikkelpotentieel aanbesteding ................................................. 11

6.

Organisatie en samenwerking .......................................................................................... 16

7.

Bijlagen ............................................................................................................................. 16

2

1. Planning aanbesteding Doelgroepenvervoer Doordat de overeenkomst van de regiecentrale in 2021 met één jaar is verlengd lopen alle doelgroepenvervoerovereenkomst tegelijkertijd af op 1 augustus 2023. Eind 2021 is een werkgroep gestart met de voorbereidingen van de aanbesteding. Tijdens de voorbereiding analyseren we de huidige werkwijze, wegen we verschillende scenario’s zorgvuldig, maken we gedegen keuzes op basis van een marktanalyse en benchmark en leggen deze keuzes vast in lokale verordeningen, de inkoopstrategie en aanbestedingsbestek. Hierbij houden we rekening met de Barendrechtse lokale praktijk. Deze doelstellingen willen we realiseren met onderstaande planning:

3

2. Gemeentelijke opdracht en doelgroepen Binnen de gemeente maken zowel jeugdigen als volwassenen gebruik van het doelgroepenvervoer. Onder het vervoer voor jeugdigen verstaan wij het leerlingenvervoer (LLV) en jeugdwetvervoer. Onder het vervoer voor volwassenen verstaan wij het Wmo vraagafhankelijk vervoer (VAV), ook wel collectief vervoer genoemd, het Wmo routegebonden vervoer naar dagbesteding en het woon-werkvervoer vanuit de Participatiewet. De gemeente heeft verschillende vanuit wetten de opdracht gekregen te voorzien in vervoer voor jeugdigen en volwassenen. Onderstaand noemen we de belangrijkste hoofdlijnen van deze wetten en wordt de doelgroep per type vervoer beschreven.

2.1.Leerlingenvervoer en Jeugdwetvervoer Het leerlingenvervoer is erop gericht alle leerlingen in staat te stellen onderwijs te volgen en daarmee te voldoen aan de leerplicht. De regels rond het leerlingenvervoer zien dan ook toe op het bereikbaar maken van het onderwijs voor leerlingen die zonder deze ondersteuning geen gelijke toegang hebben tot onderwijs. Gemeenten hebben de (wettelijke) opdracht om (bekostiging van) leerlingenvervoer te faciliteren. Dit betekent dat leerlingen aanspraak kunnen maken op leerlingenvervoer wanneer dit nodig is om hen te laten voldoen aan de leerplicht. De doelgroep die gebruik maakt van Leerlingenvervoer is divers. Zoals hierboven beschreven wordt het leerlingenvervoer ingezet wanneer een leerling door een beperking niet zelfstandig naar school kan reizen. In de verordening Leerlingenvervoer is opgenomen wanneer een leerling in aanmerking komt voor (bekostiging van) een vervoersvoorziening. Een van de zaken waar rekening mee wordt gehouden is de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van de leerling en die van het gezin. De doelgroep omvat leerlingen met gedragsproblematiek, lichamelijke beperking of een handicap. Ook wordt leerlingenvervoer ingezet naar aanleiding van geloofs- of levensovertuiging. Gemeenten hebben vanuit de wet een jeugdhulpplicht.

Daarbij wordt expliciet aangegeven wanneer vervoer onder de jeugdhulp valt: “Voorzieningen op het gebied van jeugdhulp omvatten voor zover naar het oordeel van het college noodzakelijk in verband met een medische noodzaak of beperkingen in de zelfredzaamheid, het vervoer van een jeugdige van en naar de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden.” Het staat de gemeente vrij om dit naar eigen inzicht te organiseren. Het beveiligd (gesloten) vervoer van jeugdigen, dat ook onder de Jeugdwet valt, wordt uitgevoerd door VWS en is geen gemeentelijke verantwoordelijkheid. De doelgroep die doorgaans gebruik maakt van jeugdwetvervoer betreft net zoals hierboven beschreven de jeugdigen waarbij er sprake is van gedragsproblematiek of een lichamelijke beperking of handicap welke gebruik maken van jeugdhulp. In veel gevallen gaat dit om vervoer naar dagbehandeling en/of (arbeidsmatige) dagbesteding waar zij niet zelfstandig heen kunnen reizen.

4

2.2.Wmo-vraagafhankelijk vervoer (hierna VAV) Vanuit het wettelijk kader voor het Wmo-vervoer (zie bijlage 1 wettelijke kaders) heeft de gemeente de opdracht om een netwerk van algemene- en maatwerkvoorzieningen te creëren dat er gezamenlijk aan bij draagt dat mensen zo lang mogelijk op eigen kracht en vanuit de eigen woning deel kunnen nemen aan de samenleving. Wmo VAV speelt een belangrijke rol bij het ondersteunen van inwoners met een beperking zodat zij zelfredzamer zijn en kunnen participeren in de samenleving Het Wmo vraagafhankelijke vervoer wordt ook wel het “regio-taxi’ vervoer of collectief vervoer genoemd. De voorziening bestaat er uit dat een taxi op afroep beschikbaar is om iemand in de directe leefomgeving te verplaatsen. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om sociaalrecreatief vervoer. Mensen kunnen hiermee naar de kaartclub, naar de winkel of op bezoek bij vrienden of familie.

5

3. Missie Missie vanuit het Integraal beleid Sociaal Domein De gemeente heeft met betrekking tot het sociaal domein de volgende missie: ‘Samen met inwoners en maatschappelijke partners wil de gemeente werken aan een vitale samenleving waarin iedereen mee kan doen. Voor inwoners die (tijdelijk) hulp en ondersteuning nodig hebben is een vangnet aanwezig.’ Deze visie wil de gemeente ook met het doelgroepenvervoer realiseren. Het doelgroepenvervoer speelt immers een belangrijke rol in het mogelijk maken van participatie van inwoners die een beperking hebben. Het doelgroepenvervoer draagt (in)direct bij aan de gestelde maatschappelijke doelstellingen in het IBSD. Het doelgroepenvervoer maakt onderwijs, zorg, werk, sociale interactie en andere bestemmingen toegankelijk. Dit maakt mogelijk inwoners zich optimaal te ontwikkelen. Zij hebben hierdoor gelijke kansen om mee te doen, kunnen zichzelf en hun naasten ondersteunen, blijven langer vitaal en gezond en kunnen zo lang mogelijk veilig thuis wonen. Daar waar dat kan leren inwoners zo veel mogelijk op eigen benen te staan en zo zelfstandig mogelijk te deel te nemen aan het maatschappelijk verkeer. In de afgelopen jaren is in de gemeente ingezet op het verhogen van de kwaliteitstandaard van het doelgroepenvervoer. Deze kwaliteit wordt goed gewaardeerd1. Dat moet zo blijven.

Daarom streeft de gemeente naar het borgen van deze kwaliteit en de kosten die hierbij horen. Hierbij houden we rekening met lokale én landelijke trends en ontwikkelingen (zie hoofdstuk 4). Deze trends en ontwikkelingen verhogen in de komende jaren de druk op het doelgroepenvervoer, maar bieden ook kansen. Om deze kansen te benutten en de druk op het systeem op te vangen stelt de gemeente zich kwaliteitsdoelen en zetten we in op het benutten van ontwikkelpotentieel (zie hoofdstuk 5). Zo kunnen wij onze dienstverlening van hoogwaardige kwaliteit tegen beheersbare kosten toekomstbestendig blijven aanbieden. Mede door het doelgroepenvervoer kunnen inwoners met een mobiliteitsbeperking zo goed mogelijk participeren in het maatschappelijk verkeer en komen zo in hun eigen kracht.

1

Eerste en tweede tussenevaluatie Doelgroepenvervoer

6

4. Trends en ontwikkelingen In de afgelopen jaren is in de gemeente ingezet op het verhogen van de kwaliteitstandaard van het doelgroepenvervoer. Op 1 augustus 2019 zijn de nieuwe overeenkomsten ingegaan bestaande uit de Regiecentrale, het Leerlingen- en Jeugdwetvervoer (inclusief vervoer naar en van schakelklassen) en het Wmo-collectief vervoer. De gemeenten Barendrecht, Albrandswaard en Barendrecht hebben deze dienst gezamenlijk aanbesteed. In de aanbesteding is gekozen voor een structuur waarbij één partij de regie over al het vervoer heeft en twee andere partijen het vervoer uitvoeren. De reden voor deze keuze was het beter kunnen sturen op kwaliteit en het bereiken van meer efficiëntie in het doelgroepenvervoer. De beoogde effecten van de keuze voor een regiecentrale waren: het mogelijk maken van een zorgvuldige klachtenafhandeling en meer flexibiliteit in de ritplanning. Door die flexibiliteit sluit het vervoer beter aan bij de behoefte van de reizigers. Dat leidt tot een uitvoering van het doelgroepenvervoer op een kwalitatief hoger niveau. Naast deze kwaliteitsoverwegingen speelden ook (kosten) efficiëntie en duurzaamheidsredenen mee. Vanuit de cijfers van de evaluatie doelgroepenvervoer 2021 mag geconcludeerd worden dat de kwaliteit van de uitvoering van het doelgroepenvervoer goed is2.

Er zijn relatief weinig klachten, de gemiddelde geplande ritduur ligt met circa 32 minuten3 veel lager dan het gestelde maximum van 90 minuten en de stiptheid van het WMO-vervoer ligt rond de 97%4. Dat moet zo blijven. Voor het beheersen van de kosten zijn de afgelopen jaren een aantal beheersmaatregelen voor ingesteld. Tijdige aanmelding en afmelding heeft het mogelijk gemaakt dat ritten efficiënter konden worden ingepland waardoor de capaciteit van de auto’s beter werd benut. Uit de tweede tussenevaluatie van het doelgroepenvervoer 2021 blijkt dat hierdoor de roostering met 18.3% naar beneden is bijgesteld ten opzichte van augustus 2020.

4.1.Demografische-, maatschappelijke- en marktontwikkelingen De gemeente streeft naar het borgen van de kwaliteit en kosten van het doelgroepenvervoer. Bij de keuzes die hierbij horen houden we ook rekening met de algemene landelijke trends en ontwikkelingen5. Deze trends en ontwikkelingen verhogen in de komende jaren de druk op het doelgroepenvervoer, maar bieden ook kansen:  De bevolking groeit en vergrijst. De verwachting is dat het percentage 65- en 75-plussers in de jaren 2020 tot 2030 zal groeien van 17.5% naar 24.1% en tot 2040 verder zal toenemen tot 29.5% .  Ouderen blijven langer thuis wonen. Landelijk gezien wonen nog maar 5% van de 70+’ers in een verzorgings- of verpleeghuis (vs. 11% in 1997)6.  Schaalvergroting in het onderwijs en de zorg dragen eraan bij dat men steeds langere afstanden moet reizen naar school of het ziekenhuis.

2

Eerste en tweede tussenevaluatie Doelgroepenvervoer Cijfer van maart 2022, afkomstig uit dashboard BAR-regiecentrale 4 Cijfer van februari 2022, afkomstig uit dashboard BAR-regiecentrale 5 It’s public, ‘TOEKOMSTBESTENDIG DOELGROEPENVERVOER’ (Juni 2021) 6 CBS, ‘Prognose: Bevolking blijft komende 50 jaar groeien’ (16 dec. 2020) 3

7

 

De verduurzaming van mobiliteitssystemen. Ten opzichte van 1990 moet in 2030 Nederland minimaal 49% minder broeikasgassen uitstoten7. Barendrecht wil een inclusieve gemeente zijn. Met het opstellen van de Lokale Inclusie Agenda zetten wij ons in om drempels voor personen met een beperking zoveel mogelijk weg te nemen zodat de maatschappij toegankelijker is. Mensen met een beperking kunnen en willen graag deelnemen aan de maatschappij. In Nederland gebruikt 13% van de mensen met een lichamelijke beperking het OV nog niet, maar zou dat wel willen; 66% is al tevreden over het OV. Het Rijk en vervoerregio’s hebben de ambitie om het OV toegankelijker te maken. Innovaties en technische ontwikkelingen bieden steeds meer mogelijkheden.

Om deze ontwikkelingen te benutten en de druk op het systeem op te vangen zetten wij in op het ontwikkelpotentieel. Zo kunnen wij dienstverlening van hoogwaardige kwaliteit tegen beheersbare kosten toekomstbestendig blijven aanbieden. Inwoners met een mobiliteitsbeperking kunnen hierdoor zo goed mogelijk participeren in het maatschappelijk verkeer en komen zo in hun eigen kracht.

Kostenontwikkeling Doelgroepenvervoer €1.000.000,00 €900.000,00 €800.000,00 €700.000,00 €600.000,00 €500.000,00 €400.000,00 €300.000,00 €200.000,00 €100.000,00 €2018 Leerlingenvervoer

2019 Jeugdwet vervoer

2020

2021 Wmo regiotaxi

Een aantal ontwikkelingen veroorzaken de stijging in de kosten van het doelgroepenvervoer. Naast de ontwikkeling in aantallen (zie hiervoor hoofdstuk 4) speelt natuurlijk ook de prijsontwikkeling en systeemkeuze een rol. Het aanbestedingsresultaat 2019, indexering van het tarief (2020: 6,7%, 2021: 1%, 2022: 3,5%), regiekosten en coronakosten (2020 en 2021) maken samen de som van de totale uitgaven per jaar.

7

Klimaatakkoord, juni 2019

8

4.2.Evaluatiecijfers In onderstaande tabellen zijn de volgende punten opgenomen: - Gebruikersaantallen per doelgroep (WMO, Leerlingenvervoer (LLV) en Jeugd) - Geplande ritduur gemiddeld (in minuten) - Stiptheid WMO - Aantallen klachten WMO vervoer - Aantallen klachten Leerlingen- en jeugdhulpvervoer - Percentage gegronde klachten t.o.v. het aantal ritten (WMO) - Percentage geronde klachten t.o.v. het aantal ritten (Leerlingen- en jeugdhulpvervoer) - Klachtencategorie (tabel voor WMO en tabel voor leerlingen- en jeugdhulpvervoer) Een klanttevredenheidsonderzoek wordt jaarlijks uitgevoerd, in oktober 2022 zal de regiecentrale hiervoor een uitvraag onder de gebruikers doen.

9

Vanuit de cijfers vanuit bovenstaande tabellen mag geconcludeerd worden dat de kwaliteit van de uitvoering van het doelgroepenvervoer goed is. Er zijn relatief weinig klachten (minder dan de gestelde eis van maximaal 3 gegronde klachten die gerelateerd zijn aan de vervoerder per 1000 ritten per maand, de gemiddelde geplande rit duur ligt lager dan het gestelde maximum van 90 minuten en de stiptheid van het WMO vervoer ligt in de meeste maanden rond de 96%.

10

5. Kwaliteitsdoelen en ontwikkelpotentieel aanbesteding De afgelopen jaren hebben we onze inwoners die zijn aangewezen op het doelgroepenvervoer een kwalitatief goed vervoersproduct geboden. Dat willen we ook in de toekomst blijven doen. De kwaliteit van het vervoer willen we behouden, maar de trend in de kostenontwikkeling (zie hoofdstuk 3) in combinatie met autonome ontwikkeling in demografie en prijspeil is op de (midden)lange termijn niet houdbaar. Dat maakt dat we nu keuzes moeten maken die richting geven aan de kwaliteit en kosten van het doelgroepenvervoer van de toekomst. Hiervoor kijken we hieronder per doelgroep en vervoerstroom naar de best passende kwaliteitsdoelen en ambitieniveaus. We zien bij elke vervoerstroom ontwikkelpotentieel dat we in combinatie met de kwaliteitsdoelen willen benutten.

5.1.Leerlingenvervoer (LLV) De kwaliteit van het leerlingenvervoer wordt door verschillende vervoerselementen bepaald. Denk aan de stiptheid van het vervoer, de ritduur, de kwaliteit van de chauffeur en de vaste structuur waarbinnen het vervoer wordt uitgevoerd. Uit de uitvraag die onder ouders/verzorgers van gebruikers van het Leerlingenvervoer is gehouden blijkt dat de kwaliteit van de chauffeur, het hebben van een vaste chauffeur en de stiptheid van de rit het belangrijkst wordt gevonden. De ritduur en communicatie over de rit volgen hier op. Milieuvriendelijkheid van de taxi vinden deelnemers het minst belangrijk (zie ook bijlage 2). Bij het uitvoeren van het vervoer zijn dit de punten waar we willen dat actief op wordt gestuurd. Mijn perfecte rit? De rit is kort met weinig tussenstops, de taxi komt op tijd en de chauffeur is kundig, vriendelijk en bij voorkeur een vast gezicht. Respondent nr.71

5.1.1. Kwaliteitsdoelen Omdat de kwaliteit nu als goed wordt ervaren8 sluiten we bij het formuleren van de kwaliteitsdoelen zo veel mogelijk aan op de kwaliteitskaders van de huidige uitvoeringspraktijk in het leerlingenvervoer. De uitvoering van het leerlingenvervoer moet tenminste voldoen aan de volgende kwaliteitsdoelen: - De margetijden9 bedragen maximaal 10 minuten. - De individuele reistijd per leerling in het voertuig is zo kort mogelijk en gelimiteerd tot 90 minuten per enkele reis, tenzij het door de afstand niet mogelijk is om binnen de maximale tijdsduur te blijven. - Het vervoer van leerlingen naar een speciaal basisonderwijs (SBO), (Voortgezet) Speciaal Onderwijs (cluster 3 en cluster 410) en de schakelklassen wordt uitgevoerd door vaste chauffeurs en maximaal 3 vervangers. De vaste chauffeur maakt vooraf persoonlijk kennis met de leerlingen en hun ouders/verzorgers. 8

Tussen de verschillende vervoerselementen varieert het persetage respondenten dat (zeer)ontevreden is over de kwaliteit tussen de 2 en 17% (bijlage 2 – Resultaten Enquête Doelgroepenvervoer, blz. 2) 9 Een margetijd van 10 minuten houdt in dat een leerling maximaal 10 minuten voor aanvang van de lessen afgezet mag worden op school (nooit later dan aanvang lessen) en dat elke leerling ook binnen 10 minuten na afloop van de lessen opgehaald moet worden om naar huis gebracht te worden. 10 Cluster 3: lichamelijk gehandicapte en/of verstandelijk gehandicapte en langdurig zieke leerlingen (somatisch). Cluster 4: kinderen met psychische stoornissen en gedragsproblemen. Cluster 3 en 4 scholen zijn onderdeel van de samenwerkingsverbanden passend onderwijs.

11

-

Ouders/verzorgers en scholen moeten op de hoogte zijn van de voortgang van de ritten en moeten op de hoogte zijn indien er iets onverhoopt wijzigt in de planning. De zorgvraag van de kinderen maakt dat het van belang is dat de chauffeurs goede inhoudelijke kennis hebben over de doelgroep en vaardigheden hebben om met de doelgroep om te gaan. Daarom moeten alle chauffeurs de leergang Leerlingenvervoer van het Sociaal Fonds Mobiliteit met goed gevolg doorlopen hebben voordat de chauffeur ingezet mogen worden op het Leerlingenvervoer. Voor chauffeurs die ingezet worden op specialistische doelgroepen worden aanvullende opleidingseisen gesteld wanneer dit nodig is.

5.1.2. Ontwikkelpotentieel Naast deze kwaliteitsdoelen willen we ook inzetten op het benutten van het ontwikkelpotentieel.

Zelfstandig reizen We vinden het belangrijk dat leerlingen zo zelfstandig mogelijk naar school kunnen reizen. Daarom zetten we in op het stimuleren van zelfstandig reizen. Wanneer de leerling de leeftijd van negen jaar bereikt11, kan de gemeente in overleg met de ouders/verzorgers en eventueel de leerling, in overeenstemming met het ontwikkelingsperspectief een persoonlijk vervoersontwikkelingsplan opstellen. In dit plan staat de weg naar zelfstandig reizen naar school beschreven en de mogelijkheden van de leerling. Voor veel leerlingen geldt namelijk dat zij op de lange termijn veel meer zijn geholpen als zij hebben geleerd om zelf te kunnen reizen en niet afhankelijk zijn van taxivervoer.

Onderwijs-zorgcombinaties Sinds de decentralisatie van de jeugdwet zien we steeds meer tussenvormen ontstaan tussen onderwijs en (jeugd)zorg, de zogenoemde onderwijs-zorgcombinaties. Hierdoor ontstaat een grijs gebied tussen Leerlingenvervoer en Jeugdwetvervoer. Dit maakt de beoordeling van een vervoersvraag en de bekostiging ervan onduidelijk. We zetten in op het bieden van maatwerk en betrekken de vervoersvraag vroegtijdig in het zoeken naar de meest passende oplossing. Hierdoor voorkomen we dat de vervoersvoorziening het sluitstuk wordt van een traject.

Thuisnabij onderwijs Reisafstanden worden ook bepaald door de bestemming waar leerlingen het dichtstbijzijnde beschikbare passende onderwijs kunnen volgen. Daarom zetten we de komende jaren samen met het samenwerkingsverbanden RiBA, Koers VO en Berséba in op het aanbieden van meer passende onderwijsplekken binnen de eigen regio.

Actuele reisinformatie Ouders/verzorgers en scholen geven aan veel belang te hechten aan actuele informatie over ritten en wijzigingen. Daarom zetten we in op het ontwikkelen van snellere en betere communicatielijnen. We willen dat ouders/verzorgers én scholen actiever op de hoogte kunnen zijn van de uitvoering van het vervoer en (dus) beter kunnen anticiperen op eventuele knelpunten daarin. Dat biedt extra rust en structuur wat voor de doelgroep heel belangrijk is.

11

VNG, ‘Model Verordening bekostiging leerlingenvervoer’: artikel 4 lid 5 (nieuw model, december 2020)

12

5.2.Jeugdwetvervoer Het vervoer dat vanuit de Jeugdwet wordt ingezet betreft routegebonden vervoer voor jeugdigen naar begeleiding en/of behandeling vanuit de Jeugdwet. Hier gelden dezelfde uitgangspunten als voor het leerlingenvervoer. Mijn perfecte rit? Chauffeur die zich voorstelt aan zowel kind als aan ouders. Chauffeur bekend is en daadwerkelijk weet met welk soort kinderen zij te maken hebben want dit ontbreekt enorm. Op tijd ophalen en betere communicatie met ouders. Respondent nr.33

5.2.1. Kwaliteitsdoelen De uitvoering van het Jeugdwetvervoer moet tenminste voldoen aan de volgende kwaliteitsdoelen: - Er wordt bij aanbieders gestuurd op consistentie van chauffeurs om vertrouwen op te bouwen met deze kwetsbare groep. - De chauffeurs hebben kennis en ervaring in de omgang met de doelgroep. Marktconforme ervarings- en trainingseisen zijn van toepassing. - Waar mogelijk moet gestuurd worden op het gecombineerd uitvoeren van meerdere ritten, bijvoorbeeld in combinatie met het leerlingenvervoer of het Wmo vraagafhankelijk vervoer. Is combineren niet mogelijk of is individueel vervoer noodzakelijk, bijvoorbeeld in geval van specialistische problematiek, dan wordt de jeugdige individueel vervoerd. - Ouders/verzorgers en scholen moeten op de hoogte zijn van de voortgang van de ritten en moeten op de hoogte zijn indien er onverhoopt iets wijzigt in de planning.

5.2.2. Ontwikkelpotentieel Partnerschap We zien ontwikkelpotentieel in het afstemmen van afspraaktijden van zorg trajecten met onze zorgaanbieders. Beter afstemming hiervan zou op termijn kunnen leiden tot meer combinatiemogelijkheden en daarmee lagere kosten, zonder kwaliteitsverlies.

Actuele reisinformatie In de uitgevoerde enquête onder gebruikers van het jeugdwetvervoer geven ouders/verzorgers aan veel belang te hechten aan actuele informatie over ritten en wijzigingen (4 van de 4 ingebrachte reacties). Om hieraan tegemoet te komen zetten we bij de komende aanbesteding in op het ontwikkelen van snellere en betere communicatielijnen tussen ouders en vervoerder. Zo kunnen zij beter anticiperen op eventuele wijzigingen die onverhoopt voorkomen. Dat biedt de extra rust die voor de doelgroep heel belangrijk is.

13

5.3.Wmo vraagafhankelijk vervoer (VAV) Uitgangspunt is dat alle inwoners van Barendrecht mobiel zijn en deel kunnen nemen aan het maatschappelijk verkeer. Bij het gebruik van Wmo VAV is het versterken van de eigen kracht het uitgangspunt. Daarom streven we ernaar dat inwoners zo veel mogelijk gebruik kunnen maken van toegankelijk en inclusief openbaar vervoer en andere voorliggende voorzieningen en dat zij indien noodzakelijk gebruik kunnen maken van het Wmo VAV vervoer. We willen dat mensen die zijn aangewezen op het Wmo-vervoer kunnen reizen binnen hun eigen leefomgeving. Voor lange ritten (vanaf 5 zones) zorgen we dat het Wmo-vervoer aansluit bij het Valysvervoer dat door het Rijk wordt georganiseerd. De ervaren kwaliteit van het Wmo vraagafhankelijk vervoer wordt door verschillende vervoerselementen bepaald. De kwaliteit van de chauffeur en de stiptheid van de rit worden het meest belangrijk gevonden. Communicatie over de rit volgt hier kort op. Aan de ritduur en korte reserveringstijd wordt in verhouding minder belang gehecht. Milieuvriendelijkheid van de taxi vinden deelnemers het minst belangrijk van de vervoerselementen waar naar is gevraagd. Mijn perfecte rit? “Binnen acceptabele tijd opgehaald en op de plaats van bestemming gebracht worden, telefoontje als de chauffeur er bijna is, zodat hij niet lang hoeft te wachten.” Respondent nr.10

5.3.1. Kwaliteitsdoelen De uitvoering van het Wmo vraagafhankelijk vervoer moet tenminste voldoen aan de volgende kwaliteitsdoelen: - Inwoners kunnen tot 1 uur van te voren een rit reserveren. - Tijdig aan- en afmelden van ritten wordt gestimuleerd, zodat ritten zo efficiënt mogelijk kunnen worden gepland. - Gebruikers van het WMO-vervoer moeten kunnen rekenen op stipt vervoer dat uitgevoerd wordt door behulpzame en rijvaardige chauffeurs. - De eigen bijdrage die we vragen van de reizigers stemmen we af op de landelijk afgesproken tarieven voor het openbaar vervoer.

5.3.2. Ontwikkelpotentieel Vrijwillige vervoersnetwerken Als gemeente investeren we in het versterken van het vangnet in de wijk. Om gebruik van voorliggende voorzieningen te stimuleren sturen we actief op het (verder) ontwikkelen en verbeteren van voorliggende mobiliteitsvoorzieningen zoals het openbaar vervoer en vrijwilligersaanbod zoals bijvoorbeeld Automaatje (ANWB). In veel gemeenten worden vrijwillige vervoersnetwerken ingezet als voorliggende voorziening12 (zie ook het voorbeeld in het kader op de volgende pagina). Dit is belangrijk om ook op de lange termijn een passend en betaalbaar mobiliteitsaanbod beschikbaar te houden.

12

Zie bijv.: Kenniscentrum Vrijwilligersvervoer Noord-Holland, ‘OVERZICHT VRIJWILLIGERS VERVOER NOORDHOLLAND’ (November 2020)

14

Voorbeeld: Belbus Noordkop

Zelfstandig reizen We streven naar vervoer op maat. Voor volwassenen met perspectief op zelfredzaamheid worden korte indicaties afgegeven. Gedurende deze periode zetten we in op het versterken we de eigen kracht totdat zij (weer) gebruik kunnen maken van voorliggende voorzieningen. Wanneer meer dan een half jaar geen gebruik is gemaakt van de vervoerspas wordt er kritisch gekeken of een herindicatie nodig is.

Digitale en telefonische communicatie Om de kwaliteit en ervaring van de gebruiker te verhogen wordt gestreefd naar optimale informatievoorziening en communicatie rondom het vervoer. Wij vinden het belangrijk dat de reiziger zijn reis gemakkelijk en snel kan reserveren (telefonisch én digitaal) en dat de reiziger kan weten op welk tijdstip zijn taxi voor komt rijden (ook in geval van vertraging).

Duidelijke klachtenprocedure Ook willen we de duidelijke klachtenprocedure handhaven waarin klachten snel en goed worden afgehandeld. Daarnaast streven ernaar dat de lessen die geleerd worden uit klachten, bijdragen aan het verbeteren van het vervoer.

15

6. Organisatie en samenwerking 6.1.Organisatie en samenwerking Regie Efficiënt vervoer vraagt om aansturing. Voor het vraagafhankelijke vervoer bestaat deze aansturing uit het aannemen en inboeken van de ritopdrachten, het plannen van het vervoer en het real-time dispatchen van de routes richting de chauffeurs. Ook het routegebonden vervoer vraagt om aansturing, al vraagt die aansturing om andere werkprocessen. Voor beide vervoersvormen geldt dat de sturing op de uitvoering van het vervoer “regie” wordt genoemd. Deze regie is van wezenlijk belang bij het realiseren van kwalitatief goed, efficiënt en doelmatig vervoer. Bij het vormgeven van het doelgroepenvervoer van de toekomst positioneren we de regie zo dat het ervoor zorgt dat goed geïnformeerde reizigers middels een toegankelijk proces toegang krijgen tot het vervoer. Daarnaast moet de regie op het vervoer er aan bijdragen dat het vervoer efficiënt, stipt en tegen zo laag mogelijke kosten wordt uitgevoerd. Tenslotte moet de regie informatie opleveren voor de gemeente om te gebruiken voor het managen van de vervoerscontracten, het afrekenen van het vervoer en het sturen op kosten en kwaliteit van de voorziening.

6.2.Regiosamenwerking Een eventuele keuze voor samenwerking met regiogemeenten bij het inkopen en uitvoeren van het doelgroepenvervoer moet bijdragen aan een verhoging van het kwaliteitsniveau en/of verlaging van de kosten. Elke samenwerking moet doelmatig en effectief zijn voor de inwoners van Barendrecht.

7. Bijlagen o Bijlage 1 – Resultaten Enquête Doelgroepenvervoer o Bijlage 2 – Enquête Doelgroepenvervoer – vragenlijst o Bijlage 3 – Benchmark Doelgroepenvervoer

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11634016/1