CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Reactie Tegen Wind tbv normering definitief.pdf

Oriënterende commissie Ruimte 3 oktober 2023, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Windenergie Vaanplein947 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo reactie op ‘Opzet lokale regels IWT’s Barendrecht’ – Tegen Wind Nederland 24-04-2023 Op 29 maart 2023 heeft Tegen Wind Nederland (dhr. Alteveer & Bron) inbreng gegeven aan de wethouder voor het winddossier Vaanplein. Op de ingebrachte punten wordt door het projectteam in deze memo reactie gegeven. Randvoorwaarden In de opzet wordt gereageerd op een normering voor het Vaanplein. Hierbij wordt voornamelijk in gegaan op de tussenuitspraak van de Raad van State (RvS) over Delfzijl Zuid Uitbreiding (DZZU) (30 juni 2021) en dat daarmee de normering uit het activiteitenbesluit ongeschikt zijn. Daarnaast wordt verwezen naar de EU SMB-richtlijn. De gemeente erkent de uitspraken van de ABRvS, echter geeft de recente uitspraak van de ABRvS over DZZU aan dat de m.e.r.-plicht die ervoor gezorgd heeft dat het Activiteitenbesluit buiten werking is gesteld niet geldt voor lokale milieunormen. Conform de recente uitspraak is geconcludeerde dat de m.e.r.-plicht geldt voor het normenkader, het activiteitenbesluit zelf. Op basis van deze recente uitspraak maar ook eerdere uitspraken kunnen lokale normen gesteld worden, ook al als er geen planMER en/of projectMER is uitgevoerd. De lokale geluidsnormen moeten nog steeds zijn voorzien van een actuele, deugdelijke en op de lokale situatie toegesneden motivering.

Hiermee zijn de lokale geluidsnormen in Delftzijl rechtmatig bevonden (Lden 47 dB en Lnight 41 dB). Het is aan het bevoegd gezag om een belangenafweging te maken om het belang van de nieuwe ontwikkeling te wegen t.o.v. de bestaande situatie. In het geval van Vaanplein is er wel een planMER uitgevoerd waardoor de effecten op de bestaande situatie inzichtelijk gemaakt zijn en hiermee de gemeente de belangenafweging mee onderbouwd. Opzet ontwikkeling lokale IWT regels In het stuk van Tegen Wind wordt een aantal vragen gesteld en worden alternatieve normen geopperd. Hieronder wordt ingegaan op de meest relevante opmerkingen. Garantie van ontwikkelaar betreffende een nul situatie. Een ontwikkelaar kan niet garanderen dat de nul situatie (huidige situatie) blijft, immers de ontwikkelaar heeft geen invloed op andere autonome ontwikkelingen. Het bevoegd gezag moet borgen dat de milieusituatie niet ontoelaatbaar verslechtert dan wel welke milieusituatie niet meer toelaatbaar wordt. De ontwikkelaar is ten alle tijden verplicht om zich aan de gestelde kaders te houden. Of alle relevante aspecten onderzocht zijn. Er worden voorbeelden gegeven over effecten van windturbines, zoals slijtage, verstoring en gebruik van giftige stoffen. Het is niet aan de ontwikkelaar om dit te garanderen dat er geen giftige stoffen vrijkomen.

Windturbines mogen alleen gebouwd worden als dat type is gecertificeerd. Uit onderzoek (Erbrink Stacks Consult, 14 juli 20171) blijkt dat erosie-emissies gering zijn (het onderzoek uit juli 2021 waardoor dit onderwerp voor het voetlicht kwam baseert zich op onjuiste aannames en onderzoeksmethoden). Uit het onderzoek van 2017 blijkt dat windturbines nauwelijks effect hebben op bestaande geur- en fijnstofconcentraties. Het toont aan dat er enige vermenging van luchtlagen optreedt. Voor geur- en 1

https://www.commissiemer.nl/projectdocumenten/00004429.pdf

fijnstofbronnen op lage hoogte betekent dit dat windturbines zelfs een verlaging van de geur- en fijnstofconcentratie aan het aardoppervlak veroorzaken. Alleen bij bronnen op grote hoogte (bv. schoorstenen) kan er een (zeer kleine) verhoging van deze concentraties optreden. Deze bronnen zijn niet in de nabijheid van de turbines aanwezig. Op de andere genoemde zaken is in het planMER op in gegaan. Zeker op basis van het feit dat er sprake is van een planMER als onderbouwing voor de ruimtelijke procedure is er in deze fase ruim voldoende milieu informatie bekend. Calamiteiten In het stuk van Tegen Wind wordt geen aanzet gegeven voor alternatieve normeringen betreffende calamiteiten. Afhankelijk van de advisering vanuit de Veiligheidsregio wordt mogelijkerwijs bij de omgevingsvergunning hierover nadere eisen gesteld. Het mag duidelijk zijn dat dit geen onderdeel kan zijn van de planvorming gezien het specifieke karakter van de mogelijke veiligheidseisen gekoppeld aan de daadwerkelijke realisatie. Lawaai Het stuk van Tegen Wind geeft aan dat het voorkomen van hinder en schade het uitgangpunt is, dat er extra sancties opgenomen moeten worden voor de hinderlijkheid en dat er vooraf gemeten moet worden. Ten eerste, hinder moet zoveel mogelijk worden voorkomen, maar het is niet zo dat elke toename van hinder leidt tot een onaanvaardbare situatie.

Over de extra sancties: de hinderlijkheid van windturbinegeluid is reeds verdisconteerd in de geluidsnorm (45 dB Lden), die veel strenger is dan voor andere geluidsbronnen. Vanuit de onderzoeken blijkt dat de toename van ernstig gehinderden zeer beperkt blijft bij de nu geformuleerde kaders. Als de windturbines er eenmaal staan is het op zich prima mogelijk om de nieuwe situatie te vergelijken met de nul situatie door de windturbines tijdelijk stil te zetten. Deze aanpak heeft als voordeel dat de omstandigheden meer gelijk zijn gedurende de metingen met en zonder windturbinegeluid. Op basis van een dergelijke meting kan door de ontwikkelaar ook worden aangetoond dat de turbines binnen de gestelde kaders blijven. VROM handreiking industrielawaai en vergunningsverlening 1998 De reactie van Tegen Wind geeft aan de handreiking industrielawaai te gebruiken in plaats van reguliere geluidnormen voor windturbines. Zeker gelet op de zeer recente uitspraak van de Raad van State is deze methode zeker ongewenst. Uitgangspunt in de kaderstelling zijn aangescherpte geluidsnormen zoals de Lden, LAeq en de Vercammen curve om de geluidshinder zoveel mogelijk te beperken binnen juridisch houdbare kaders. Het toepassen van industrielawaai normering leidt tot onzekerheid in houdbaarheid en zou kunnen leiden tot hogere geluidbelasting op de geluidgevoelige bestemmingen.

Reactie Tegen Wind op planMER De aangegeven punten door Tegenwind op het planMER geven bij een beoordeling door de diverse deskundigen geen aanleiding om het planMER te wijzigingen. Overigens moet nog wel worden opgemerkt dat bij het volgen van de ruimtelijke procedure er alle mogelijkheden open staan voor het indienen van zienswijzen, bezwaar en beroep.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13137376/1