Raadsvoorstel Herijking Verordening Jeugdhulp 2026
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp: Herijking Verordening Jeugdhulp 2026
College van burgemeester en wethouders 16 december 2025
Zaaknummer 2025-033143
Portefeuillehouder Roeland Bol
Commissie Samenleving 13 januari 2026
Openbaar
Opsteller: Oscar Osendarp
Gemeenteraad 27 januari 2026
Geadviseerd besluit 1. De Verordening Jeugdhulp 2026 vast te stellen en te bepalen dat deze in werking treedt op 1 maart 2026.
Raadsvoorstel Inleiding Het Actieplan Jeugd en Gezin 2025–2026 vormt de directe aanleiding voor de herijking van de Verordening Jeugdhulp 2026. In het Actieplan is opgenomen dat de juridische en inhoudelijke kaders moeten worden geactualiseerd om een duidelijke en rechtmatige toegang, een doelmatige inzet van voorzieningen en een betere beheersing van de jeugdhulpuitgaven te realiseren. De herijking van de verordening is daarmee een expliciete uitvoeringsstap binnen de transformatieopgave van het Actieplan. Daarnaast is deze actualisatie noodzakelijk vanwege recente jurisprudentie en landelijke ontwikkelingen. Bepalingen over toegang en beoordeling moeten op grond van jurisprudentie volledig in de verordening worden opgenomen, waardoor de Nadere Regels Jeugdhulp 2024 vervallen. Parallel worden de Beleidsregels Jeugdhulp 2026 geactualiseerd zodat duidelijk is hoe de verordening in de uitvoering wordt toegepast. Bij de herijkte verordening 2026 is een uitgebreide toelichting toegevoegd als bijlage. Met deze herijking ontstaat één actueel, juridisch houdbaar en uitvoerbaar kader dat aansluit op de beleidsdoelen uit het Actieplan en duidelijkheid biedt aan inwoners, professionals en de gemeente over de toegang tot jeugdhulp.
Beoogd effect De verordening zorgt voor een juridisch robuust en uitvoerbaar kader dat duidelijk maakt voor welke hulpvragen en op welke manier jeugdhulp wordt ingezet. Dit ondersteunt een rechtmatige en doelmatige uitvoering en draagt er aan bij dat de jeugdhulpmiddelen worden ingezet waar dit nodig en helpend is. Relatie met beleidskaders Deze herijking volgt uit actielijn 3 van het Actieplan Jeugd en Gezin 2025–2026 en sluit aan bij de Jeugdwet, de Hervormingsagenda Jeugd, jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep en regionale afspraken binnen de GRJR. Overleg gevoerd met De verordening is afgestemd met projectleider, beleidsadviseurs, juridische adviseurs, het wijkteam, een vertegenwoordiging van huisartsen, onderwijsinstellingen, CJG en de Maatschappelijke Adviesraad Barendrecht. De herziening is gedaan in samenwerking met de gemeente Albrandswaard. De Maatschappelijke Adviesraad Barendrecht heeft advies uitgebracht. De adviesraad wordt voorzien van een reactiebrief van het college (bijlage). Argumenten 1.1 De nieuwe verordening zorgt voor een juridisch houdbaar en actueel kader dat bijdraagt aan de beleidsdoelstellingen. De verordening is geactualiseerd op basis van recente jurisprudentie, waardoor de aanvraagprocedure en beoordelingsstappen juridisch correct zijn vastgelegd.
De rol van het wijkteam en de afbakening tussen algemene en individuele voorzieningen zijn verduidelijkt. Ook is de beoordeling van eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen aangescherpt, in lijn met de Jeugdwet en het Burgerlijk Wetboek, waarbij expliciet is opgenomen dat ook jeugdigen die 24/7 ondersteuning nodig hebben maar nog geen Wlz-toegang hebben, jeugdhulp kunnen ontvangen om ernstig nadeel te voorkomen. Daarnaast zijn bepalingen toegevoegd over samenwerking met onderwijs, waaronder de rol van schoolcontactpersonen en de afstemming richting volwassenheid. Hierdoor sluit de verordening beter aan op de uitvoeringspraktijk en op de beleidsdoelen uit het Actieplan Jeugd en Gezin. 1.2 De nieuwe verordening maakt een doelmatige en beter beheersbare inzet van jeugdhulp mogelijk. Door aanscherping van de pgb-criteria, het verduidelijken van eigen mogelijkheden en een scherpere afbakening tussen algemene en individuele voorzieningen worden aanvragen gerichter beoordeeld. Dit maakt het mogelijk onnodige aanvragen beter te herkennen en af te wijzen en ondersteunt een doelmatige inzet van zorg. De gelijkstelling van pgb-tarieven met zorg in natura draagt bij aan een realistische en consistente bekostiging. Hiermee wordt verwacht dat de jeugdhulpuitgaven beter kunnen worden beheerst, in lijn met de doelstellingen van het Actieplan.
2/4
Kanttekeningen 1.1 Het effect van de verordening hangt mede samen met de andere ontwikkelingen in het stelsel zoals samenwerking met de regio, onderwijs, capaciteit van het wijkteam en de inkoop van jeugdhulp. De verordening biedt een juridisch kader, maar de daadwerkelijke impact op instroom en ondersteuning hangt af van factoren zoals beschikbare wijkteamcapaciteit, de mate van integrale samenwerking en afspraken over inkoop en toegang. Deze elementen worden buiten de verordening vormgegeven en beïnvloeden de mate waarin de verordening kan bijdragen aan beheersing van de jeugdhulp en verbetering van de dienstverlening. Financiën Er zijn geen kosten verbonden aan de invoering van de verordening. Wel is de verwachting dat hiermee de jeugdhulpkosten beter beheersbaar zijn, met name doordat de nadruk meer komt te liggen op normalisering, het gebruik maken van voorliggende voorzieningen en de eigen kracht van ouders duidelijker is omschreven. De verwachting is daarmee dat dure, specialistische hulp vaker voorkomen wordt en de uitgaven verschuiven naar lichtere vormen van hulp of voorliggende voorzieningen. Juridische zaken De herziende verordening is juridisch getoetst en voldoet aan de Jeugdwet en actuele jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep. De verordening treedt in werking op 1 maart 2026.
Met ingang van die datum vervallen de Nadere Regels Jeugdhulp 2024 en de Beleidsregels Jeugdhulp 2022. Communicatie/participatie na besluitvorming De verordening wordt conform wettelijke vereisten gepubliceerd. Het wijkteam en relevante ketenpartners worden actief geïnformeerd over de wijzigingen. Uitvoering/vervolgstappen De verordening treedt in werking op 1 maart 2026. Tot die datum blijft het huidige juridische kader van kracht. De organisatie wordt voorbereid op de nieuwe werkwijze, waaronder bijstelling van werkprocessen, instructie aan het wijkteam en publiekscommunicatie. Voorafgaand aan de inwerkingtreding stelt het college via een separaat besluit de geactualiseerde dienstencatalogus en tarievenlijst vast. Deze worden aansluitend gepubliceerd. Daarbij worden ook de ZIN-tarieven vastgesteld, op basis waarvan de maximale pgb-tarieven worden afgeleid zoals opgenomen in artikel 7, tweede lid van de verordening. Deze tariefstelling is noodzakelijk om de verordening correct te kunnen uitvoeren. Evaluatie/monitoring De effecten van de verordening worden gemonitord binnen de reguliere beleidscyclus. Hierbij wordt gekeken naar uitvoerbaarheid, rechtmatigheid, financiële effecten en eventuele signalen van knelpunten. Indien nodig worden verbetermaatregelen voorbereid en voorgelegd voor bestuurlijke besluitvorming.
Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5.
Verordening Jeugdhulp gemeente Barendrecht 2026.docx Toelichting Verordening Jeugdhulp gemeente Barendrecht 2026.pdf Was-wordt tabel Verordening Jeugdhulp gemeente Barendrecht 2026.pdf Advies MAB - Verordening Jeugdhulp 2026.pdf Reactiebrief Maatschappelijke adviesraad Barendrecht.docx
3/4
CONCEPT RAADSBESLUIT Onderwerp: Herijking Verordening Jeugdhulp 2026
Gemeenteraad: 27 januari 2026
Zaaknummer:
Commissie samenleving 13 januari 2026
De raad van de gemeente Barendrecht, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders op 16 december 2025, gezien het advies van Commissie Samenleving op 13 januari 2026, gelet op
;
BESLUIT: 1. De Verordening Jeugdhulp 2026 vast te stellen en te bepalen dat deze in werking treedt op 1 maart 2026.
4/4