Ondertekend raadsbesluit Verordening reinigings- en afvalstoffenheffing 2022.pdf
Tekst van het document
Verordening Onderwerp
Gemeenteraad
BBVnr
Verordening reinigings- en afvalstoffenheffing 2022
21 december2021
388482
Commissie Planning & Control 29 november 2021
De raad van de gemeente Barendrecht; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet en artikel 15.33 van de Wet milieubeheer: gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders 9 november 2021; gelet op het advies van de commissie Planning en Control van 29 november 2021; besluit
:
vast te stellen de volgende VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN AFVALSTOFFENHEFFING EN REINIGINGSRECHTEN 2022
Hoofdstuk I Algemene bepalingen Artikel 1 Inleidende bepaling Krachtens deze verordening worden geheven: a. een afvalstoffenheffing; b. reinigingsrechten.
Artikel 2 Definities Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder grof bedrijfsafval: afvalstoffen, met uitzondering van autowrakken. afkomstig van bedrijven en instellingen, welke door aard, omvang of hoeveelheid niet periodiek worden ingezameld.
8
è d
Pagina 1 van 8
Hoofdstuk II Afvalstoffenheffing Artikel 3 Aard van de belasting en belastbaar feit 1.
Onder de naam 'afvalstoffenheffing’wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer.
2.
De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.
Artikel 4 Voorwerp van de belasting 1.
Voorwerp van de belasting is een perceel
2.
Als perceel wordt aangemerkt: a.
de onroerende zaak, bedoeld in artikel 16, onder a, c, d en f, van de Wet waardering onroerende zaken
b.
de roerende zaak, welke duurzaam een aan plaats gebonden is. een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt d. een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zaken of in onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die. naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren. e. het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in c.
onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld samenste I.
Artikel 5 Belastingplicht 1. De belasting wordt gehevenvan degene die naar de omstandighedenbeoordeeldal dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel
2. Voor de toepassingvan het eerste lid wordt onder 'gebruik maken’verstaan gebruik makenin de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer.
Artikel 6 Vrijstelling Inwoners die als gevolg van een chronische ziekte of handicap van hem of haar zelf of van personen die behoren tot zijn/haar huishouden extra afvalstoffen van substantiële omvang aanbieden kunnen op aanvraag, aanspraak maken op vermindering van het aantal aanbiedingen. 1 Met betrekking tot ontgrendeling van een ondergrondse inzamelcontainer is de vermindering van toepassing: • vanaf 105 tot en met 208 klepbewegingen. 2
Met betrekkingtot ledigingvan een minicontaineris de verminderingvan toepassing: • vanaf 27 tot en met 52 ledigingen,
Artikel 7 Maatstaf van heffing en belastingtarief De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in hoofdstuk 1.1 en hoofdstuk 1.2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.
Pagina 2 van 8
Artikel 8 Belastingtijdvak Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven is het belastingjaar gelijk aan het
kalenderjaar. Artikel 9 Wijze van heffing 1. De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 en hoofdstuk 1.2, onderdelen 1.2.1 en 1.2.2 van de tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag. 2. De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.2, onderdelen 1.2.3 t/m 1.2.11 van de tarieventabel wordt geheven door middel van een mondelinge dan wel een schriftelijke gedagtekende kennisgeving. Het gevorderd bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.
Artikel 10 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naartijdsgelang 1.
De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven . 3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing van de belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan
€9
4. 5. 6.
7.
Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een ander perceel gebruik maakt. Belastingbedragen van minder dan € 9,-- worden niet geheven. Voor de toepassing van de bepalingen in het derde en het vijfde lid, wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen aangemerkt als één belastingbedrag. De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.2, onderdelen 1.2.3 t/m 1.2.11 is verschuldigd bij de
aanvang van de dienstverlening. Artikel
11
Termijnen van betalen 1. 2.
3.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de aanslag worden betaald uiterlijk drie maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekeningvan het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. De belasting moet worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in artikel 8, tweede lid: a. mondeling wordt gedaan, op het moment van doen van de kennisgeving;
Pagina 3 van 8 g
B 6
b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen twee weken na dagtekening van de kennisgeving. 4. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in voorgaande leden gestelde termijnen.
Hoofdstuk III Reinigingsrechten Artikel 12 Belastbaarfeit Onder de naam “reinigingsrechten” worden rechten geheven zowel voor het genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten als voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde
gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn.
Artikel 13 VOOIwerp van de belasting 1. 2.
Voorwerp van de belasting is een perceel. Als perceel wordt aangemerkt: a.
de onroerende zaak, bedoeld in artikel 16, onder a, c, d en f, van de Wet waardering onroerende zaken b. de roerende zaak, welke duurzaam een aan plaats gebonden is. c. een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt d. een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zaken of in onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren. e. het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld samenstel.
Artikel 14 Belastingplicht De rechten worden gehevenvan degeneop wiens aanvraagdan wel ten behoevevan wie de dienst wordt verrichtof van degene die van de bezittingen,werken of inrichtingengebruik maakt.
Artikel 15 Maatstafvan heffing en belastingtarief 1. 2. 3.
De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in hoofdstuk 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. De tarieven, genoemd in dit hoofdstuk van de tarieventabel zijn exclusief BTW.
Artikel 16 Belastingtijdvak Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.
Pagina 4 van 8
Artikel 17 Wijze van heffing De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel worden geheven bij wege van aanslag.
Artikel 18 Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten 1.
2.
3.
De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht voor de rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel in de loop van het belastingjaar aanvangt, zijn de rechten verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht voor de rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tadeventabel in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan
€9 4.
Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in gebruik neemt.
5.
Ter zake van de belastingals bedoeld in hoofdstuk2 van de tarieventabelworden
6-
belastingbedragen van minder dan € 9,-- niet geheven . Voor de toepassing van de bepalingen in het derde en het vijfde lid, wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen aangemerkt als één belastingbedrag.
Hoofdstuk IV Aanvullende bepalingen Artikel 19 Inwerkingtreding en citeertitel 1.
2. 3.
4.
De “Verordening reinigingsheffingen 2021“ wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022.
Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening reinigingsheffingen 2022".
Aldus besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Barendrecht, gehouden op 21
december 2021.
Pagina 5 van 8 g
è d
De grëffi
De voorzitter,
Pagina 6 van 8
Tarieventabel Reinigingsheffingen REINIGINGSHEFFINGEN 2022
2022 behorende bij de VERORDENING
Hoofdstuk 1.1 Maatstaven en iaarliikse tarieven afvalstoffenheffing 1.1.1 De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar voorn éénpersoonshuishouden De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar voor een tweepersoonshuishouden De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar voor een huishouden
€ 168,48 € 269,52 € 301.44
met meerdan twee personen Het aantal personendat gebruikmaakt van het perceelwordt bepaald naar de situatie per 1 januari van het belastingjaardan wel op het moment van het ontstaan van de belastingplicht
Hoofdstuk 1.2 Maatstaven en overige tarieven afvalstoffenheffing 1.2.1
1.2.2
1.2.3 1.2.4
1.2.5
1.2.6 1.2.7 1.2.8
Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1.1 bedraagt de belasting per lediging van een rninicontainer bestemd voor Plastic, Blik, Drankkartons PMD} en Restafval. Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1.1 bedraagt de belasting per ontgrendeling van een ondergrondse inzamelcontainer voor PMD/Restafval. Het recht voor het op de aangegeven dag op verzoek verwijderen van grof huishoudeliik afval bedraagt per keer (max. 3m3 per keer' Het recht voor het op de aangegeven dag op verzoek vert grove tuinafvatstoffen per aanvraag (max. 3m3 per keer) buiten de lenlande inzamelrondes Indien kwijtschelding gemeentelijke belasting is verleend, wordt restitutie voor het inzamelen van grof huishoudelijk of grof tuinafval verleend voor maximaal € 40.- ( 2 keer € 2CY Eenmalig kwijtschelding voor het inzameler na overliiden. Het op aanvraag omwisselen van een minicontainer, voor de eerste keer ratis en daarna per keer Voor het op aanvraag verstrekken van eee
€ 3,00
€ 0,75
€ 20,00 € 20,00
€ 75,00 € 75,00
levojqvan beschadjgjngof verliesdoor ejgen schuld 1.2.10
Voor het verstrekken van een minicontainer Onverminderd het bepaalde in de vorige artikelen, bedraagt de belasting
mo
1.2.11
voor het verstrekken van een nieuwe afvaIDas, OP aanvraag van inwoner kostbaarheden uit de ondergrondse container
€ 75,00
1.2.9
€ 75.00
halen
Pagina 7 van 8 8
è 6
Hoofdstuk 2 2.1.
Maatstaven en iaarliikse tarieven reiniginasrechten Het recht als bedoeld in artikel 12 voor het al dan niet periodiek aanbieden van restafval en grondstoffen in de daarvoor bestemde voorzieningen en gebruik van het afval aanbiedstation voor bedrijfsafval van beperkte ir om of hoeveelheid,bedraa Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 2.1 bedraagt de belasting per lediging van een minicontainer bestemd voor Plastic, Blik, Drankkanons (PMD) en Restafval. Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 2.1 bedraagt de belasting per ontgrendeling van een ondergrondse inzamelcontainer voor PMD/Restafval
Exclusief BTW € 301,44
€ 3,00 € 0,75
Inwerkingtreding en citeertitel 1 De ''Tarieventabel reinigingsheffingen2021“ wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2. Deze tarieventabel treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 3.
De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022
4.
Deze verordening wordt aangehaald als “Tarieventabel reinigingsheffingen 2022’'.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Barendrecht v rn 21 december 2021
De voorztftér.
/
6 mw. mf. G.E. Figge
Pagina 8 van 8