Nota van wijzigingen ontwerpbestemmingsplan Perceel Dudokdreef.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Nota van ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan Gemeente Barendrecht 16-12-2020 Toelichting: - Aangepast: stikstofdepositie-onderzoek bijgewerkt met nieuwe AERIUS-2020-berekeningen; de bijbehorende aangepaste notitie opgenomen als bijlage bij de toelichting i.p.v. de vorige notitie, in het losse bijlagenboek; in paragraaf 4.2 van de toelichting de verwijzingen aangepast, de uitkomsten zijn niet gewijzigd; - Aangepast: waterparagraaf (5.2): verharding toekomstige situatie bijgewerkt n.a.v. de aanpassingen in de bestemmingsgrenzen op de verbeelding; tabel 5.2 en 5.3 en de verwijzingen daarnaar in de tekst zijn hierop aangepast; de benodigde watercompensatie is daarbij gewijzigd van 114,05 m2 in 111,7 m2; - Verwijderd: verwijzingen in de toelichting naar de voorheen opgenomen afwijkingsbevoegdheid t.b.v. de watergang (‘terugvaloptie’) verwijderd; o Verwijderd: p. 6: “In voorliggend … worden nageleefd.” o Verwijderd: p. 21: “In dit … worden nageleefd.” o Verwijderd: p. 43: “Na demping … kan worden.”
Regels: - Artikel 3 Groen: Aangepast: formulering artikel 3.4.1 Specifieke vorm van groen – groenstrook: o
o
-
Artikel 4 Tuin: Verwijderd: bepalingen m.b.t. de functieaanduiding ‘afwijkingsbevoegdheid watergang’ (artikel 4.4 en 4.5b); bepaling m.b.t. parkeren (artikel 4.4a) (dit wordt geregeld in Algemene gebruiksregels): o
-
Was: Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen - groenstrook' dient te worden voorzien in de realisatie en instandhouding van een groenstrook, ter afscheiding tussen het plangebied en de omliggende percelen c.q. openbare ruimte. Het is in elk geval niet toegestaan deze gronden te betrekken bij en in gebruik te hebben als een tuin. Wordt: Onder strijdig gebruik met dit bestemmingsplan wordt begrepen het gebruik van de gronden voor de doeleinden zoals genoemd in lid 3.1, zonder dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen groenstrook' wordt voorzien in de realisatie en instandhouding van een groenstrook ter afscherming tussen het plangebied en de omliggende percelen c.q. openbare ruimte, overeenkomstig het beplantingsplan zoals opgenomen in Bijlage 2. Het is in elk geval niet toegestaan deze gronden te betrekken bij en in gebruik te hebben als een tuin.
Verwijderd: 4.4 Specifieke gebruiksregels Voor de bestemming 'Tuin' zijn de volgende specifieke gebruiksregels van toepassing: a. het aantal parkeervoorzieningen zoals bedoeld in lid 4.1 onder c in overeenstemming is met de gemeentelijke parkeernota; b. watergangen zijn niet toegestaan. 4.5 Afwijken van de gebruiksregels Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.1 teneinde ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van tuin – afwijkingsbevoegdheid watergang' een watergang toe te staan, in plaats van gebruik van de grond voor tuinen.
Artikel 5 Verkeer – Verblijfsgebied: Verwijderd: bepaling m.b.t. parkeren (artikel 5.4.1):
o
-
Verwijderd: 5.4 Specifieke gebruiksregels 5.4.1 Parkeren Voor het gebruik van de gronden met de bestemming Verkeer - Verblijfsgebied geldt dat dient te worden voorzien in de aanleg en instandhouding van het aantal openbare parkeerplaatsen benodigd bij het aantal en type woningen binnen het plangebied, conform de gemeentelijke parkeernota.
Artikel 6 Wonen: o Toegevoegd: bouwregel m.b.t. de minimale afstand van hoofdgebouwen tot de zijdelingse perceelsgrens: ▪
o
Verwijderd: bepaling m.b.t. parkeren (artikel 6.3c): ▪
-
Toegevoegd: 10.4 Verbod Tot een gebruik dat strijdig is met de in Hoofdstuk 2 gegeven bestemmingen, wordt in ieder geval gerekend het gebruik van gronden of bouwwerken waarbij niet wordt voorzien in de aanleg en instandhouding van voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig de nota 'Parkeernormen gemeente Barendrecht 2018', of de rechtsopvolger(s) daarvan, tenzij de aard en omvang van het gebruik niet leidt tot significante verkeerstoename. 10.5 Uitzondering Het verbod als bedoeld in lid 10.4 geldt niet voor bestaand legaal gebruik van gronden en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan. 10.6 Voorwaardelijke verplichting parkeren a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen, het uitbreiden of het wijzigen van de functie van gebouwen en gronden, zoals toegestaan op grond van de bestemmingen zoals bedoeld in Hoofdstuk 2, wordt slechts verleend indien wordt voorzien in de aanleg en instandhouding van voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig de nota 'Parkeernormen gemeente Barendrecht 2018', of de rechtsopvolger(s) daarvan, tenzij de aard en omvang van de omgevingsvergunning voor het bouwwerk en/of de uitbreiding en/of de wijziging van het gebruik van bouwwerken en/of gronden niet leidt tot extra parkeerbehoefte; b.
Het bepaalde onder a is niet van toepassing indien op basis van het advies van een verkeerskundige blijkt dat er op andere wijze is/wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid, of het voldoen aan het geldende gemeentelijke parkeerbeleid door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; c. Parkeergelegenheid die is gerealiseerd om te voorzien in voldoende parkeergelegenheid dient in stand te worden gehouden.
Artikel 11 Algemene afwijkingsregels: Toegevoegd: binnenplanse afwijkingsbevoegdheid m.b.t. afstand van hoofdgebouwen tot de zijdelingse perceelsgrens: o
-
Verwijderd: 6.3 Specifieke gebruiksregels c. het aantal parkeervoorzieningen is in overeenstemming is met de gemeentelijke parkeernota;
Artikel 9 Algemene bouwregels: Aangepast: artikel 9.1 en 9.2 verplaatst van artikel 8 naar artikel 9, deze stonden foutief vermeld als 8.1 en 8.2; Artikel 10 Algemene gebruiksregels: Toegevoegd: algemene bepalingen m.b.t. parkeren, ter vervanging van parkeerbepalingen onder individuele bestemmingen (artikel 10.4 Verbod, 10.5 Uitzondering, 10.6 Voorwaardelijke verplichting parkeren): o
-
Toegevoegd: 6.2.1 c: De afstand van hoofdgebouwen tot aan de zijdelingse perceelsgrens bedraagt minimaal 3 meter, behalve aan de zijde van een aangebouwd hoofdgebouw in het geval van tweeaaneengebouwde hoofdgebouwen;
Toegevoegd: 11.1 Bevoegdheid (…) d. de regels en toestaan dat de afstand van hoofdgebouwen tot aan de zijdelingse perceelsgrens minder bedraagt dan 3 meter.
Toegevoegd: Bijlage bij de regels ‘Beplantingsplan Dudokdreef Barendrecht, Riede, De Mol & Donkers, d.d. oktober 2020’, opgenomen in het bijlagenboek.
Verbeelding: - Aangepast: noordelijk bouwvlak: zuidgrens bouwvlak iets ‘teruggelegd’, gelijkgetrokken met geprojecteerde zuidelijke woning; - Aangepast: zuidelijk bouwvlak: aan de westzijde strak rondom de meest westelijke woning gelegd; zuidgrens rechtgetrokken, in lijn met de achtergevel van de twee oostelijke woningen; - Aangepast: tuinbestemming: doorgetrokken rondom de verkeersbestemming / parkeerplaatsen in het zuidelijk deel van het plangebied; eveneens doorgetrokken langs de groenbestemming in het zuidoosten; - Verwijderd: functieaanduiding ‘specifieke vorm van tuin – afwijkingsbevoegdheid watergang’; - Aangepast: tuin- en groenbestemming in het zuidwesten recht doorgetrokken (de ‘keerlus’ in de tuinbestemming die nog afkomstig was van de watergang is daarmee aangepast);
Afbeelding 1: links de nieuwe verbeelding, rechts de verbeelding uit het voorgaande ontwerpbestemmingsplan.