Nadere regeling Sociaal Innovatiefonds Barendrecht 2021-2023.pdf
Tekst van het document
Versie 08-02-2021 Nadere regeling Sociaal Innovatiefonds gemeente Barendrecht 2021 – 2023 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Barendrecht Gelet op het bepaalde in de Algemene subsidieverordening, titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht de artikelen 149 en 156 van de Gemeentewet, Besluit vast te stellen de: Nadere regeling Sociaal Innovatiefonds gemeente Barendrecht 2021- 2023 Hoofdstuk1 Algemene bepalingen Artikel1 Begripsomschrijvingen In deze nadere regeling wordt verstaan onder: ASV: Beoordelingscommissie:
College: Gemeente: Initiatief: Innovatief:
Pitch: Maatschappelijk rendement:
Maatschappelijke jury:
Ondernemend: Sociaal Domein:
Algemene subsidieverordening Barendrecht 2014; commissie bestaande uit ambtenaren betrokken bij de voor deze regeling relevante thema’s en door de gemeente aangewezen maatschappelijke partners, die de subsidieaanvragen in het kader van deze subsidieregeling beoordeelt en het college van burgemeester en wethouders adviseert over te verlenen subsidies; het college van burgermeester en wethouders van de gemeente Barendrecht; gemeente Barendrecht; de activiteit of het initiatief waarvoor in het kader van deze subsidieregeling een subsidiebijdrage wordt aangevraagd; de mate waarin een initiatief nieuw is: niet eerder, of niet op deze wijze in de gemeente is uitgevoerd.
Het kan hierbij ook gaan om een initiatief dat wordt uitgevoerd door een nieuw samenwerkingsverband (bij voorkeur tussen inwoners en ondernemers of instellingen), of een initiatief voor een combinatie van doelgroepen bijvoorbeeld uit verschillende domeinen; pitch van het beoogde initiatief inclusief het projectplan en het te behalen resultaat van het initiatief, verzorgd door de aanvrager van de subsidiebijdrage; het resultaat van het initiatief, dat een aantoonbare kwalitatieve verbetering of meerwaarde van diensten , producten of activiteiten inhoudt, en daardoor op de korte of langere termijn (maximaal 4 jaar), leidt tot een besparing van structurele uitgaven binnen het Sociaal Domein van de gemeente Barendrecht; jury, bestaande uit ambtenaren betrokken bij de voor deze regeling relevante thema’s en door de gemeente aangewezen maatschappelijke partners die de pitchen van aanvragers beoordeelt en het college adviseert over te verlenen subsidies; kansen signalerend, actief en resultaat gericht handelen. Handelen dat waarde creëert voor een doelgroep uit het Sociaal domein; de beleidsterreinen: de Jeugdhulp, de WMO, Participatiewet, Welzijn en Armoede & Schulden van de gemeente Barendrecht.
Artikel 2 Doel van de regeling 1. Het Sociaal Innovatiefonds is ondersteunend aan de doelen die zijn geformuleerd in het Beleidsplan Wmo 2015, het Meerjaren beleidskader Jeugdhulp en het collegeprogramma 2018-2022 Barendrecht Toekomstbestendig.
1
Versie 08-02-2021 Deze subsidieregeling is gericht op het nog meer stimuleren van de zelfredzaamheid en transformatie (verandering van de gehanteerde werkwijze) in het Sociaal Domein. 2. Deze subsidieregeling wil inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties stimuleren om zich in te zetten voor de lokale samenleving door hen uit te nodigen te komen met innovatieve oplossingen en initiatieven, die inwoners in staat stellen om te kunnen (blijven) deelnemen in én bijdragen aan de samenleving. 3. Het verbinden van formele en informele als ook minder vanzelfsprekende partijen bij het ontwikkelen en uitvoeren van nieuwe initiatieven gericht op het Sociaal Domein in de gemeente. 4. De uitvoering van initiatieven die bijdragen aan een transformatie in het Sociaal Domein op een wijze die maatschappelijk rendement oplevert. Dit houdt in dat voor het initiatief, aan de hand van een nulmeting en minimaal één tussentijdse en afrondende evaluatie, aantoonbaar inzicht wordt gegeven in het behaalde resultaat. De voorkeur gaat hierbij uit naar initiatieven met een langdurig maatschappelijk rendement. Artikel 3 Doelgroep en aanvragers van een bijdrage van de regeling 1.
Het Sociaal Innovatiefonds is gericht op inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties gevestigd in de gemeente, van wie de door hen ontwikkelde initiatieven zijn gericht op het Sociale Domein in de gemeente. Overeenkomstig het voorgaande kan ook een beroep op de regeling worden gedaan door natuurlijke personen of rechtspersonen die niet in de gemeente Barendrecht woonachtig of gevestigd zijn. Voorwaarde is dat de door deze aanvragers ingediende aanvraag eveneens is gericht op én positief effect heeft in het Sociaal Domein in de gemeente. 2. Een bijdrage uit het Sociaal Innovatiefonds kan worden aangevraagd door natuurlijke personen en rechtspersonen, al dan niet in een samenwerkingsverband. Daarnaast kunnen initiatieven worden aangedragen, die vervolgens door anderen, dan de bedenker van het initiatief, in het kader van deze regeling worden uitgevoerd. De subsidieaanvraag wordt door de uitvoerende en daarmee verantwoordelijke partij ingediend. Artikel 4 Subsidiecriteria 1. Om in aanmerking te komen voor een bijdrage uit het Sociaal Innovatiefonds dient een aanvraag ingediend te worden: - aan de hand van het aanvraagformulier Sociaal Innovatiefonds Gemeente Barendrecht 2021- 2023; - te voldoen aan de doelstellingen zoals opgenomen in artikel 2 van deze regeling. 2.
De aanvraag is bedoeld voor een initiatief dat bijdraagt aan een transformatie in het Sociaal Domein voor de thema’s: samenleven/ wonen, voorkomen van zorg, duurzaamheid, innovatie eenzaamheid, jeugd, schulden en armoede. 3. Het initiatief waarvoor subsidie wordt aangevraagd, wordt uitgevoerd in de gemeente Barendrecht. 4. Volledige subsidieaanvragen worden beoordeeld op de volgende onderdelen: a. maatschappelijk rendement; b. de mate waarin het initiatief innovatief en ondernemend is; c. de mate waarin het initiatief ook na de eenmalige bijdrage uit het fonds, duurzaam kan worden uitgevoerd; d. in hoeverre er met andere partijen wordt samengewerkt. 5. De betreffende aanvraag is SMART geformuleerd: - Specifiek: de werkwijze van het initiatief en het te bereiken resultaat zijn helder beschreven; - Meetbaar: een nulmeting, een tussentijdse en afrondende evaluatie tonen de beginsituatie en het resultaat van het uit te voeren initiatief aan; - Activerend: het initiatief heeft een stimulerend effect op de doelgroep; - Realistisch: het beschreven doel is daadwerkelijk haalbaar; - Tijdgebonden: het initiatief heeft een duidelijke start- en einddatum. 6. Het initiatief heeft tot gevolg dat uiteindelijk minder uitgaven in de vorm van bijvoorbeeld uitkeringen of subsidies nodig zijn in het Sociaal Domein.
2
Versie 08-02-2021 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13.
In aanvulling op artikel 6 van de Algemene Subsidieverordening overlegt de aanvrager – indien deze daar is ingeschreven - een KvK uittreksel dat ten tijde van het overleggen ervan niet ouder is dan 2 maanden. Een rechtspersoon die voor de eerste maal subsidie bij de gemeente Barendrecht aanvraagt voegt een exemplaar van de oprichtingsakte, de statuten, alsmede van het jaarverslag, de jaarrekening en de balans van het voorgaande jaar aan de aanvraag toe. De subsidieaanvraag is voorzien van een projectplan en een begroting. De aanvrager beschikt over voldoende kennis en ervaring om het initiatief uit te (laten) voeren. Het initiatief heeft een duurzaam karakter. Dit betekent dat uit de aanvraag blijkt hoe het initiatief ook na de eenmalig ontvangen subsidiebijdrage (langdurig) kan worden voortgezet. De aanvraag is niet bedoeld als financiering van tekorten in een exploitatie of voor persoonlijke kosten van de aanvrager. De aanvrager doorloopt succesvol de aanvraagprocedure zoals omschreven in artikel 5 van deze regeling.
Artikel 5 Aanvraagprocedure 1. Een aanvraag voor een bijdrage wordt ingediend door middel van het aanvraagformulier Sociaal Innovatiefonds Gemeente Barendrecht 2021-2023. Aanvragen kunnen worden ingediend voor: Categorie 1: een subsidiebijdrage van minimaal € 300,- tot maximaal € 5000,Categorie 2: en subsidiebijdrage vanaf € 5000,- tot maximaal € 75.000,-. 2. Het aanvraagformulier wordt voor beide voornoemde categorieën, ingediend met een projectplan dat in ieder geval ziet op: 1. de aanleiding, het doel en de omschrijving en motivering van het initiatief; 2. een nulmeting van situatie waarop het initiatief is gericht; 3. het verwachte langdurige resultaat van het initiatief; 4. een begroting van de kosten en opbrengsten van het initiatief; 5. te doorlopen evaluatiemomenten en rapportage, waarbij in ieder geval een tussentijdse- en een eindevaluatie dient te zijn opgenomen. 3. De gemeente stelt een format voor een projectplan beschikbaar. 4. Voor de aanvraag uit categorie 2 wordt een aanvullende aanvraagprocedure doorlopen zoals verder in artikel 6 en artikel 7 omschreven. 5. Natuurlijke personen komen alleen in aanmerking voor een subsidie uit categorie 1. 6. Aanvragen zullen alleen in behandeling worden genomen als deze volledig zijn. Artikel 6 Beoordelingscommissie 1.
Nadat een volledig aanvraagformulier en alle aan te leveren bijlagen zijn ontvangen, zal de aanvraag worden beoordeeld door een onpartijdige beoordelingscommissie. De beoordelingscommissie adviseert het college over de te verlenen subsidies. 2. De ingediende subsidieaanvragen worden beoordeeld op de mate waarin een aanvraag scoort op de in artikel 4 lid 4 genoemde onderdelen. Per onderdeel kan een maximale score van 3 punten worden behaald. Het college stelt hiertoe een beoordelingsformulier vast 3. Ten aanzien van aanvragen met een score lager dan 4 punten zal het college door de beoordelingscommissie worden geadviseerd om de subsidieaanvraag af te wijzen. De commissie verstrekt een conceptadvies aan de aanvrager met een score van 4-6 punten. Deze aanvragers worden gelijktijdig uitgenodigd om een kennissessie te doorlopen met gemeentelijke ambtenaren, kennispartners, relevante adviseurs van lokale maatschappelijke organisaties, (maatschappelijke) ondernemers. Tijdens de kennissessies komen onderwerpen aan bod als: de lokale maatschappelijke situatie; marketing en communicatie; effectmeting van het initiatief; bedrijfsvoering gericht op een duurzame uitvoering; samenwerking/ afstemming met gemeente en lokale partners;
3
Versie 08-02-2021 Deze verdiepende kennissessies zijn bedoeld om aanvragers te ondersteunen bij het opstellen van het projectplan en hun plan naar een hoger niveau te kunnen brengen op de in artikel 4 lid 4 genoemde onderdelen. De aanvrager kan binnen 4 weken na de datum van de kennissessie de aanvraag aanvullen waarna de commissie een definitief advies vaststelt. 4. De beoordelingscommissie adviseert met redenen omkleed binnen 13 weken na ontvangst van de adviesaanvraag aan het college. Deze termijn kan met hoogstens één keer 6 weken worden verlengd. 5. Het college stelt in een regeling regels vast over onder andere: -de samenstelling van de beoordelingscommissie; - de benoeming van de leden van de commissie; - de bezoldiging/ vergoeding van kosten van de leden die niet in dienst zijn van de BAR-organisatie of een van de deelnemende gemeenten en -de werkwijze van de commissie. Artikel 7: Presentatie tegenover de maatschappelijke jury 1. De aanvragers van aanvragen met een minimale score van 7 punten worden uitgenodigd om een pitch te geven van het beoogde het initiatief. Deze presentatie zal worden gegeven tijdens een door de gemeente georganiseerd feestelijk presentatiemoment ten overstaan van een maatschappelijke jury die de presentaties beoordeelt. 2. De maatschappelijke jury adviseert het college over de te verlenen subsidies.
De voorzitter van de maatschappelijke jury legt het advies binnen 2 weken na de datum waarop het presentatiemoment heeft plaatsgevonden voor aan het college. 3. Het college stelt in een regeling regels vast over onder andere: - De samenstelling van de jury; - de benoeming van de leden van de jury; - de bezoldiging/ vergoeding van kosten van de leden die niet in dienst van de BAR-organisatie of een van de deelnemende gemeenten zijn en - de werkwijze van de jury . 4. Het presentatiemoment wordt voorafgegaan door een door de gemeente opgezette communicatiecampagne. Deze campagne zal gedurende de gehele looptijd van de regeling, periodiek diverse uitingen doen aangaande de initiatieven. Deze presentaties zijn te volgen en of kunnen worden bijgewoond door inwoners van Barendrecht. Artikel 8. Besluitvorming door het college 1. Het college neemt binnen een termijn van 13 weken na de dag van ontvangst van een volledige aanvraag voor een subsidie uit categorie 1, een beslissing over de toekenning hiervan. 2.
Het college houdt de behandeling van een aanvraag voor een subsidie in categorie 2 aan in afwachting van de adviezen van de beoordelingscommissie en de maatschappelijke jury en neemt vervolgens een beslissing op de aanvraag binnen: - 8 weken na de dag waarop het definitieve advies door de beoordelingscommissie als bedoeld in artikel 6 is uitgebracht of - binnen 8 weken na de dag waarop de prestatie tegenover de jury zoals bedoeld in artikel 7 heeft plaatsgevonden. 3. 4.
Het college baseert de besluiten op de aanvragen voor subsidies in categorie 2 op de adviezen van de beoordelingscommissie en de maatschappelijke jury. De initiatieven die een subsidiebijdrage hebben ontvangen worden meegenomen in een communicatiecampagne van de gemeente. Aanvragers communiceren in samenwerking met de gemeente periodiek over het verloop van de uitvoering van hun initiatief en zullen door de
4
Versie 08-02-2021 gemeente worden betrokken bij relevante communicatie-uitingen die raken aan het initiatief van de aanvrager. Artikel 9 Weigerings-en afwijzingsgronden Onverminderd het bepaalde in de Algemene Subsidieverordening Barendrecht wordt subsidie geweigerd dan wel afgewezen indien: a. het subsidiebedrag hoger is dan de inzet voor de uitvoeringskosten voor het initiatief; b. de subsidiabele kosten niet zien op directe uitvoeringskosten van het initiatief; c. de aanvraag is gericht op persoonlijk of bedrijfsmatig winstbejag; d. het initiatief niet aansluit bij de doelstelling van deze nadere subsidieregels zoals gesteld in artikel 2; e. niet wordt voldaan aan (een van) de subsidiecriteria in artikel 4. f. het college de aanvrager niet uitgenodigd heeft voor een presentatie voor de jury als bedoeld in artikel 7. g. de aanvrager van een categorie 2-subsidie als bedoeld in artikel 5 een natuurlijk persoon is. Artikel 10 Subsidieplafond 1. Het totale maximale subsidieplafond voor het Sociaal Innovatiefonds bedraagt € 338.000,voor de gehele looptijd van de subsidieregeling, aldus de periode 2021-2023. 2. De subsidieaanvragen worden behandeld op volgorde van ontvangst. Zodra een subsidieaanvraag is ontvangen en volledig is, kan deze in behandeling worden genomen. 3.
Is een aanvraag onvolledig, dan geldt de datum van de ontvangen aanvulling als officiële datum van ontvangst van de aanvraag. 4. Indien er meer volledige en honoreerbare aanvragen zijn ontvangen op één dag, waarbij toekenning van al deze aanvragen zou leiden tot overschrijding van het subsidieplafond wordt, de onderlinge rangorde van die aanvragen door loting vastgesteld. Artikel 11 Subsidiabele kosten 1. Alle organisatiekosten die direct toe te rekenen zijn aan de uitvoering van het initiatief, zijn subsidiabel. 2. Niet voor subsidie in aanmerking komen: a. onvoorzienbare kosten die meer dan 5% van de totale begroting bedragen; b. kosten die ten behoeve van de in aanmerking komende initiatieven gemaakt worden voorafgaand aan de datum van toekenning; c. kosten die ten behoeve van de in aanmerking komende initiatieven gemaakt worden na de einddatum van de uitvoerig van het initiatief. 3. Het college kan besluiten andere dan in dit artikel genoemde kosten als subsidiabel aan te merken. Artikel 12 Indieningstermijn aanvragen 1. Een aanvraag voor een subsidie kan gedurende het gehele jaar worden ingediend tot en met uiterlijk 30 april 2023. Artikel 13 Betaling en bevoorschotting 1. Subsidie categorie 1 worden bij de verlening hiervan direct vastgesteld. 2. Voor meerjarige subsidies wordt minimaal 1 tussentijdse evaluatie ingediend. 3.
Subsidies uit categorie 2 kunnen volgens een nader in de verleningsbeschikking te bepalen bevoorschottingsregime, worden verleend. De subsidiebijdragen worden volgens dit bevoorschottingsregime uitbetaald. 4. Wanneer een subsidie na de vaststelling hiervan lager wordt vastgesteld wordt het verschil teruggevorderd.
5
Versie 08-02-2021 Artikel 14 Eindverantwoording en vaststelling subsidie 1. Subsidies uit categorie 1 worden direct vastgesteld. 2. Voor subsidies uit categorie 2 dient de ontvanger een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in. 3. De aanvraag tot vaststelling van de subsidie dient uiterlijk 3 maanden na afloop van het initiatief waarvoor de subsidie is verleend, te worden ingediend. 4. Voor de aanvraag tot vaststelling wordt in ieder geval overlegd: -
een nulmeting, tussentijdse en afrondende evaluatie van het initiatief waaruit mede blijkt dat de aangegeven doelstellingen zijn behaald en of en hoe het initiatief zal worden voortgezet na de subsidieverlening; een verantwoording van de inkomsten en uitgaven ten behoeve van de overzicht van het gesubsidieerde initiatief; voor de eindverantwoording van subsidies van meer dan € 50.000, wordt een controleverklaring van een onafhankelijke accountant toegevoegd. Deze kosten kunnen ten laste van het subsidiebudget worden gebracht overzicht van de gerealiseerde besparing op uitgaven in het Sociaal Domein. dit overzicht dient input te kunnen leveren om in samenwerking met de gemeente een inschatting te maken van de bespaarde kosten voor diensten, activiteiten of producten, die de gemeente met subsidies of andere regelingen zonder het gesubsidieerd initiatief anders op de korte en of langere termijn zou moeten maken.
Artikel 15 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op de eerste dag na haar bekendmaking. Artikel 16 Hardheidsclausule In bijzondere gevallen is het college gerechtigd af te wijken van het bepaalde in deze regeling. Dit zal mogelijk zijn in die gevallen waarin onverkorte toepassing van het bepaalde in deze regeling tot een onevenredige benadeling zal leiden van een aanvrager of subsidieontvanger. Artikel 17 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Nadere regeling Sociaal Innovatiefonds 2021. Toelichting op de regeling Aanleiding Vanaf 2015 hebben veel veranderingen plaats gevonden op het gebied van jeugd, zorg en werk door de komst van de Participatiewet, Wmo 2015 en de decentralisatie van Jeugdzorg naar de gemeente. Deze veranderingen hebben geleid tot uitdagingen binnen het sociaal domein om een van een toekomstbestendige keten in de volle breedte te kunnen organiseren. Dit vraagt anders denken en doen van de gemeente, maatschappelijke organisaties, inwoners en de samenleving. Er wordt daarom ook een beroep gedaan op eigen kracht van inwoners en het(verder) versterken van hun zelforganiserend vermogen en het blijven meedoen in de samenleving. In het collegeprogramma van Barendrecht is opgenomen dat iedereen wordt aangesproken en gestimuleerd om het maximale uit zichzelf te halen.
Om nieuwe initiatieven te stimuleren en om mensen zelf beter in staat te stellen oplossingen te bedenken en te blijven participeren in de samenleving wordt een Sociaal Innovatiefonds ingesteld. Met dit fonds nodigt de gemeente inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties uit om innovatieve initiatieven te ontwikkelen die duurzame oplossingen bieden voor de uitdagingen binnen het Sociaal Domein. Voor de uitvoering van deze regels nodigt de gemeente ook met name ondernemers uit om in het kader van deze regeling innovatieve initiatieven te ontwikkelen die bijdragen aan de doelstelling van de regeling. In economische uitdagende tijden zijn het vaak ondernemers die met hun inventieve creativiteit in staat zijn succesvolle nieuwe initiatieven op te zetten en soms ook hele nieuwe bewegingen in gang zetten. Een voorbeeld hiervan is de wijze waarop in een korte tijd diverse gezamenlijke lokale verkooppunten zijn opgezet om de Coronacrisis het hoofd te kunnen bieden. Maar ook zijn juist in
6
Versie 08-02-2021 deze tijd diverse burgerinitiatieven ontstaan om bijvoorbeeld het gemis aan sociaal contact op te lossen of aangepaste (boodschappen)hulpacties om buurtgenoten te ondersteunen. Het Sociaal Innovatiefonds wil juist op deze vindingrijkheid een beroep doen om initiatieven te kunnen ondersteunen. Doel van de regeling De regeling is gericht op nieuwe, creatieve ideeën of initiatieven voor de gemeente Barendrecht waarbij ook de regeling zelf is op nieuwe manier opgezet. Nieuw in die zin dat innovatieve plannen voor een bijdrage in aanmerking komen. Initiatieven worden voor deze regeling gezien als innovatief als ze nog niet eerder in de gemeente zijn uitgevoerd, doordat er bijvoorbeeld sprake is van een samenwerking leidt tot oplossingen op meerdere gemeentelijke domeinen, als er gebruik wordt gemaakt van middelen die niet of niet eerder op deze wijze zijn ingezet binnen het Sociaal Domein. Of door een geheel nieuwe aanpak van een bepaald probleem of de betrokkenheid van een partner van buiten de gemeente Barendrecht. Ook is het mogelijk dat een eerder uitgevoerd na gebleken succes nu voor een andere doelgroep wordt uitgevoerd. De gemeente moedigt initiatiefnemers ook aan initiatieven te ontwikkelen waarin tussen verschillende gemeentelijk domeinen wordt samengewerkt.
Bijvoorbeeld door de ontwikkeling van plannen om jongeren te betrekken bij initiatieven op het gebied van de energietransitie of het vergroten van hun financiële kennis en zelfredzaamheid. De initiatieven die in aanmerking komen voor een bijdrage dienen een positieve maatschappelijke impact hebben voor inwoners van Barendrecht. Het initiatief helpt om het dagelijks leven van inwoners op een positieve manier te beïnvloeden; In gaat in het kader van deze regeling om planen die duurzaam te zijn. Dit wil zeggen dat gesubsidieerde initiatieven ook na de bijdrage uit het fonds op eigen benen kunnen blijven staan en het initiatief langdurig kan worden uitgevoerd. De regeling is er ook voor bedoeld om een grotere diversiteit aan aanvragers een subsidiebijdrage toe te kunnen kennen. De subsidieregeling is ook opengesteld voor aanvragers van buiten de gemeente. De gemeente Barendrecht is zich er namelijk goed van bewust dat op het gebied van sociale innovatie al heel veel wordt ondernomen in het gehele land. Daarom staat het Sociaal Innovatiefonds niet alleen open voor burgers, bedrijven en organisaties uit Barendrecht. Ook burgers, bedrijven en organisaties van buiten de gemeentegrenzen kunnen een beroep doen op de regeling. Voorwaarde hierbij is dat het initiatief dat zij willen ontwikkelen is gericht op Barendrecht en haar inwoners en in deze gemeente zijn positief effect heeft.
Met deze verruiming hoopt de gemeente optimaal gebruik te kunnen maken van de innovatieve sociale impuls die door het land waart. Aanvraagprocedure Een aanvraag voor een bijdrage uit het Sociaal Innovatiefonds wordt met behulp van een hiertoe door de gemeente ter beschikking gesteld aanvraagformulier en projectplan ingediend. Aanvragen onder een bedrag van € 5.000,- vallen onder categorie 1 en worden door het college zelf beoordeeld. Toegekende subsidieaanvragen voor subsidiebijdragen uit categorie 1 worden na de toekenning gelijk vastgesteld. Voor de subsidiebijdragen uit categorie 2 moet een aanvullende procedure doorlopen worden waarbij aanvragen ter advisering worden beoordeeld door de beoordelingscommissie en waarna een deel van de aanvragers een presentatie kunnen geven tegenover een maatschappelijke jury. Naast de subsidiecriteria worden de aanvragen en projectplannen in beide categorieën tevens beoordeeld aan de hand van de mate waarin een activiteit: : a. maatschappelijk rendement heeft; b. mate waarin een activiteit innovatief ondernemend is; c. ook na de eenmalige bijdrage uit het fonds, duurzaam kan worden uitgevoerd; d. in hoeverre er met andere partijen wordt samengewerkt.
7
Versie 08-02-2021 De beoordelingscommissie als bedoeld in artikel 6 bestaat uit ambtenaren die werkzaam zijn op het gebied van Sociaal Domein en gemeentelijke partners die goed op hoogte zijn van het reilen en zeilen in de Barendrechtse samenleving. Om aanvragers zo goed mogelijk te helpen bij het komen tot een succesvol projectplan voor hun initiatief, biedt de gemeente aanvragers met een score van minimaal 4 tot maximaal 6 punten de mogelijkheid om deel te nemen aan door de gemeente georganiseerde kennissessies. Deze sessie worden verzorgd door kennispartners op een aantal relevante thema’s zoals: bedrijfsvoering (financiën), marketing & communicatie maar ook hoe samen te werken met lokale partners en overige belangrijke partijen. Na deze kennissessies worden de aanvragers van aanvragen die ten minste 7 punten hebben gescoord gevraagd een pitch van hun initiatief te verzorgen ten overstaan van een maatschappelijke jury. Deze jury zal het college samen met de beoordelingscommissie adviseren bij het door het college te nemen besluit over de initiatieven waaraan door het college een subsidie zal worden toegekend. Communicatie Om bij te dragen aan de bekendheid en het draagvlak van de regeling, zet de gemeente eveneens een doorlopende communicatiecampagne op, waaraan ook door de aanvragers en andere belangrijke partners kan worden bijgedragen.
Op deze wijze wil de gemeente bij nog meer bijdragen aan het succes van de regeling maar vooral ook werken aan een veerkrachtig, sociaal en toekomstgericht Barendrecht. Daarnaast wordt een aan de regeling toegewijd team ter beschikking gesteld waar aanvragers gedurende gehele looptijd van hun aanvraag en initiatief terecht kunnen voor vragen en aanvullende ondersteuning bij de uitvoering van een initiatief. Aanvraagperiode Aanvragen voor een subsidie kunnen gedurende het gehele jaar worden ingediend tot en met uiterlijk 30 april 2023. Voor aanvragen uit categorie 2 geldt dat het college pas een beslissing neemt nadat het college de adviezen van de beoordelingscommissie en/ of de maatschappelijke jury heeft ontvangen. De presentatiemomenten voor de maatschappelijke jury zullen hoogstens één of enkele keren per jaar plaatsvinden.
8