CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Motivering lokale normenkader.pdf

gemeenteraad 26 maart 2024, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Windenergie Vaanplein2.685 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Barendrecht NOTITIE Betreft Locatie Opdrachtgever Contactpersoon Werknummer Datum

Motivering lokale normen en kaders windenergie Vaanplein Barendrecht Gemeente Barendrecht Dhr. H. van der Linden 623.142.60 25 januari 2024

Waarom lokale normen en kaders? In de Zuid-Hollandse omgevingsverordening is een gebied ten noorden van het Vaanplein aangewezen als locatie voor windenergie. Het omgevingsplan van de gemeente Barendrecht laat windturbines in dat gebied niet toe. Ter uitvoering van het provinciale beleid is wijziging van het omgevingsplan noodzakelijk. Een ontwikkelaar van windturbines kan de gemeente Barendrecht verzoeken om het omgevingsplan te wijzigen of om een omgevingsvergunning te verlenen in afwijking van het omgevingsplan. Om op voorhand duidelijkheid te verschaffen over de kaders waarbinnen Barendrecht bereid is dit te doen, stelt de gemeenteraad lokale normen en kaders vast. Barendrecht wil hiermee duidelijkheid verschaffen aan zowel een ontwikkelaar, als aan omwonenden, de provincie Zuid-Holland en andere belanghebbenden. Specifiek voor windparken met drie of meer windturbines geldt dat de windturbinebepalingen uit het (tot 1 januari 2024 geldende) Activiteitenbesluit milieubeheer als gevolg van een gerechtelijke uitspraak sinds 30 juni 2021 niet langer van toepassing zijn. Ze kunnen dus niet als gegeven beschouwd worden bij de afweging van de ruimtelijke aanvaardbaarheid van nieuwe windparken. Totdat het Besluit windturbines leefomgeving1 in werking treedt, gelden er voor windparken van drie of meer windturbines geen nationale regels.

Wel kan de gemeenteraad met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties zelf gekozen normen hanteren.2 Voor maximaal twee windturbines gelden sinds 1 januari jl. de regels uit het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en paragraaf 22.3.18 van zogenaamde 'Bruidsschat Omgevingswet', welke paragraaf van rechtswege onderdeel uitmaakt van (het tijdelijk deel van) het omgevingsplan. Niettemin is het ook voor maximaal twee windturbines mogelijk om zelf gekozen normen te hanteren, mits dit goed wordt gemotiveerd. Wat is de status van de lokale normen en kaders? Met de vaststelling van de lokale normen en kaders geeft de gemeente aan hoe ze invulling zal geven aan de bevoegdheid om het omgevingsplan te wijzigen. Het zijn geen algemeen verbindende voorschriften. Er worden geen rechtstreekse verplichtingen aan burgers of 1

Dit is een Algemene maatregel van bestuur tot wijziging van het Besluit activiteiten leefomgeving, het Besluit kwaliteit leefomgeving en het Omgevingsbesluit. Naar verwachting zal dit besluit niet eerder dan per 1 juli 2025 in werking treden. 2 Het Besluit kwaliteit leefomgeving bevat wel de verplichting dat in het omgevingsplan rekening wordt gehouden met veiligheidsrisico’s, geluid door activiteiten en slagschaduw door windturbines.

Gemeente Barendrecht bedrijven opgelegd. Het is geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Tegen de vaststelling van de lokale normen en kaders staan als zodanig dan ook geen rechtsmiddelen open. De lokale normen en kaders kunnen worden aangemerkt als een beleidsregel in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Daarmee zijn ze bindend voor de gemeenteraad zelf. Bij het besluit om het omgevingsplan te wijzigen en/of een omgevingsvergunning te verlenen, waarmee windturbines bij het Vaanplein worden toegestaan, zal de gemeente deze normen en kaders volgen. Hiervan zal alleen gemotiveerd afgeweken kunnen worden. Tegelijkertijd zal de gemeente de lokale normen en kaders ook gemotiveerd toepassen. Dat wil zeggen dat het besluit om windturbines toe te staan niet simpelweg een verwijzing zal bevatten naar de lokale normen en kaders, maar voorzien zal worden van een actuele en op zichzelf staande motivering. Indien bij het nemen van het besluit een alternatief voor de normen en kaders voor één van de belanghebbenden de voorkeur geniet en dat alternatief op gelijkwaardige wijze de hinder voor de omgeving minimaliseert, dan kan de gemeente dat alternatief volgen.

Barendrecht doet mee, maar impact op omgeving moet minimaal zijn Het gemeentebestuur van Barendrecht heeft met de provincie Zuid-Holland een bestuursovereenkomst gesloten, waarin het zich verplicht zich in te spannen om windturbines bij het Vaanplein gerealiseerd te krijgen. De gemeente is bereid deze verplichtingen na te komen, op voorwaarde dat onaanvaardbare gevolgen uitgesloten zijn en de negatieve gevolgen voor het woon- en leefklimaat minimaal zijn. Deze voorwaarde wordt gesteld omdat de omgeving van het Vaanplein intensief wordt gebruikt, waardoor er reeds vele negatieve effecten op het woon-, werk- en leefklimaat zijn. Een sterke toename van de milieubelasting van de omgeving door realisatie van windturbines is om die reden niet te verantwoorden. Voldoen aan de minimumeis is het maximaal haalbare Het zo veel als mogelijk beperken van negatieve gevolgen voor de leefomgeving betekent dat het gemeentebestuur alleen medewerking verleent aan windturbines, voor zover dat nodig is om te voldoen aan de minimumeis voor wat betreft het opgesteld vermogen. In de bestuursovereenkomst is voor de locaties Vaanplein en Bedrijventerrein-Oost gezamenlijk een totaal opgesteld vermogen van 12 MW vastgelegd. Na verdere verfijning van de uitgangspunten is overeengekomen dat op de locatie Vaanplein minimaal 9 MW aan windenergie gerealiseerd zou moeten worden.

Barendrecht kiest daarom voor een opstelling die voldoet aan dit minimum aan vermogen, die geen onaanvaardbare situatie oplevert en tegelijkertijd de negatieve gevolgen voor de leefomgeving zo klein mogelijk houdt. Omwille van de gezondheid en het welzijn van de inwoners van Barendrecht en Rotterdam meent het gemeentebestuur van Barendrecht dat alleen deze optie in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Lokale normen en kaders onderbouwd door beleidsmatige afweging en milieuonderzoek De lokale normen en kaders zijn in de eerste plaats gebaseerd op het bovenstaande beleidsstandpunt. In de tweede plaats worden ze nader onderbouwd door een milieueffectrapportage, uitgevoerd in 20223. Dit betreft een onderzoek naar de milieueffecten van windturbines bij knooppunt Vaanplein. Door het onderzoek is een goed beeld verkregen van de te verwachten milieueffecten die optreden wanneer op deze locatie windturbines worden gebouwd. In aanvulling hierop is een berekening uitgevoerd om de jaaropbrengst en de opbrengstderving in beeld te brengen bij verschillende geluidsnormen. Deze berekening is uitgevoerd voor een extra alternatief waarin twee windturbines met een tiphoogte van 180 3

Bosch & van Rijn (2022), planMER Windturbines Vaanplein, 11 november 2022

Gemeente Barendrecht meter worden gebouwd. Zo nodig zal ter onderbouwing van de wijziging van het omgevingsplan nog ander aanvullend onderzoek worden uitgevoerd, indien dit nodig is om de toestemming voor de bouw van windturbines volgens de lokale normen en kaders goed te motiveren. Nadere uitwerking per regel van lokale normen en kaders Hieronder volgt per regel van de lokale normen en kaders een nadere uitwerking van de motivering. •

ruimtelijk binnen de in de Visie Ruimte en Mobiliteit vastgelegde locatie de mogelijkheid te bestemmen tot realisatie van twee windturbines aan de noordwestzijde van het Vaanplein met een totaal opgesteld vermogen van minimaal 9 MW;

Uit een rekenexercitie, uitgevoerd in 2022, is gebleken dat het mogelijk is om met twee windturbines een opgesteld vermogen te bereiken van 12,0 MW (6,0 MW per windturbine4). De negatieve effecten die gepaard gaan met een opstelling van drie windturbines worden daarom niet geaccepteerd. Daarmee komt de gemeente de afspraken na, die zij in de bestuursovereenkomst met de provincie Zuid-Holland heeft gemaakt omtrent het aantal MW te realiseren windenergie in de gemeente. Om de afstand tot woningen en woonwagenstandplaatsen zo groot mogelijk te laten zijn, moeten beide windturbines aan de noordwestzijde van het Vaanplein worden geplaatst. • de maximale tiphoogte te beperken tot 180 m; Op grond van de genoemde marktverkenning is gebleken dat het mogelijk is om met twee turbines met een tiphoogte van maximaal 180 m een opgesteld vermogen te bereiken van 12,0 MW (6,0 MW per windturbine). De negatieve effecten die gepaard gaan met de plaatsing van hogere windturbines worden daarom niet geaccepteerd. •

de minimale afstand tussen turbine en geluidgevoelige objecten cnf. de definitie zoals opgenomen in de wet Geluidhinder te bepalen op twee maal de tiphoogte;

In het ontwerpbesluit Windturbines leefomgeving5 wordt voorgesteld deze afstandsnorm toe te voegen aan het Besluit kwaliteit leefomgeving. Vooruitlopend hierop wordt deze afstandsnorm lokaal al gesteld. De gemeente kiest ervoor niet soepeler te zijn dan het Rijk naar verwachting binnenkort zal zijn. Bij het toepassen van deze afstandsnorm blijven de turbines op een redelijke afstand tot de gevoelige bebouwing en is er een afweging gemaakt rond de invloed van deze ontwikkeling in relatie tot de gevoelige objecten. Hiermee speelt de landschappelijke inpassing eveneens een rol waarbij deze afstand als acceptabel wordt beoordeeld. In algemene, niet locatieafhankelijke zin wordt voor de inhoudelijke motivering verwezen naar de Nota van toelichting bij het landelijke ontwerpbesluit. In het planMER Vaanplein zijn de landschappelijke effecten benoemd rond een aantal opstellingen van minimale invulling qua hoogte tot maximale hoogte die dan de “hoeken van het speelveld” definiëren. De nu voorgestelde opstelling valt binnen deze hoeken.

4 5

https://www.vestas.com/en/products/enventus-platform/v150-6-0 https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2023-27607.html

Gemeente Barendrecht Opstellingen vanuit het planMER Vaanplein en rekenexercitie Alternatief

Voordelen

Nadelen

3 keer klein (tiphoogte 150 m)

Lager; minder zichtbaarheid

Een windturbine extra, extra ernstig gehinderden: 49 (bron: rekenexercitie)

2 keer middel (tiphoogte 180m)

Opgesteld vermogen voldoet aan convenant, relatief acceptabele zichtbaarheid (bron: klankbordgroep), minst aantal extra ernstig gehinderden (bron: rekenexercitie).

Lagere financiële opbrengst. extra ernstig gehinderden: 47 (bron: rekenexercitie)

2 keer groot (tiphoogte 250 m)

Opgesteld vermogen voldoet aan convenant, meer energieopbrengst

Hoger, meer zichtbaarheid, extra ernstig gehinderden: 83 (bron: rekenexercitie)

3 keer groot (tiphoogte 250 m)

Opgesteld vermogen voldoet aan convenant, meer energieopbrengst

Hoger, meer zichtbaarheid, een windturbine extra, extra ernstig gehinderden: 118 (bron: rekenexercitie)

4 keer zeer klein (tiphoogte 100 m)

Lager; minder zichtbaarheid

Twee windturbines extra, (financieel niet haalbaar)

Gemeente Barendrecht •

de geluidimmissie ter plaatse van geluidgevoelige objecten cnf. de definitie uit de wet Geluidhinder te beperken tot een waarde van 45 dB Lden conform de grens zoals naar

verwachting zal worden opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving; De geluidnorm wordt vastgesteld op 45 dB Lden, omdat dit naar verwachting aansluit bij de strengere norm die doorgevoerd zal worden in het Besluit kwaliteit leefomgeving. Vooruitlopend hierop wordt deze norm lokaal al gesteld. De gemeente kiest ervoor niet soepeler te zijn dan het Rijk naar verwachting binnenkort zal zijn. Tegelijkertijd is dit strenger dan de norm van de huidige windturbinebepalingen. Daarnaast is op basis van het uitgevoerde planMER vast komen te staan dat met deze norm weliswaar het aantal extra ernstig gehinderden marginaal toeneemt, maar dat daarbij ook nog een realisatie mogelijk blijft. Beoordeling uit het planMER Alternatief

Voordelen

Nadelen

Lden 47 dB

(meer energieopbrengst)

Te veel (ernstig) gehinderden

Lden 45 dB

Relatief minder ernstig gehinderden t.o.v. Lden 47 dB

Beperking op energieopbregst

Lden 43 dB

Minder (ernstig) gehinderden

(financieel niet haalbaar)

Lden 42 dB

Minder (ernstig) gehinderden

(financieel niet haalbaar)

Lden 37 dB

Minder (ernstig) gehinderden

(financieel niet haalbaar)

Gemeente Barendrecht •

voor de nachtperiode (23:00-7:00 uur) de geluidimmissie ter plaatse van geluidgevoelige objecten cnf. de definitie uit de wet Geluidhinder te beperken tot 41 dB LAeq,max 10 min.;

Voor de nachtperiode wordt een lokaal aanvullende norm gesteld van 41 dB LAeq,max 10 min. Juist in de nacht is goede bescherming tegen geluidhinder belangrijk. Niet alleen vanwege de negatieve effecten vanwege slaapverstoring, maar ook omdat het geluid van windturbines in de nacht even hoog kan zijn als overdag. Geluid van weg- en spoorverkeer neemt ’s nachts juist flink af ten opzichte van overdag. Voor deze norm wordt gekozen om met name in de nachtperiode een haalbaar en met name handhaafbaar geluidsniveau vastgesteld te hebben. Overigens begint het stellen van deze norm meer praktijk te worden, zeker gezien de handhaafbaarheid. Zo is bij het bestemmingsplan Windturbines Haringvlietdam Hellevoetsluis dezelfde norm gesteld. Grenzen uit het planMER ontwerpbesluit Windturbines Leefomgeving Alternatief

Voordelen

Nadelen

Lnight 41 dB

(meer energieopbrengst)

Te veel (ernstig) gehinderden en slaapverstoring

Lnight 39 dB

Sluit aan bij landelijke normering

Alleen te beoordelen in combinatie met langjaargemiddelde meteorologische gegevens

Gemeente Barendrecht •

de turbines dienen in het kader van laagfrequent geluid te voldoen aan de Vercammencurve ter plaatse van de gevoelige objecten cbf. de definitie uit de wet Geluidhindcer;

Hinder als gevolg van laagfrequent geluid moet worden vermeden. Uit het milieuonderzoek is gebleken dat geen van de onderzochte opstellingen een overschrijding van de Vercammencurve zou veroorzaken. Deze norm kan dan ook redelijkerwijs worden gehanteerd. Bovendien blijkt uit de algemene toelichting bij het voorgestelde Besluit Windturbines leefomgevingen met name uit het onderzoek naar laagfrequent geluid van het RIVM dat bij toepassing van het afstandscriterium hinder als gevolg van laagfrequent geluid niet te verwachten valt. Grenzen uit het planMER ontwerpbesluit Windturbines Leefomgeving

•

Alternatief

Voordelen

Nadelen

Geen norm voor laagfrequent en infrasoon geluid

meer keuze in het fabricaat en type windturbine

Onvoldoende verzekering tegen veranderingen van het geluidspectrum van windturbines.

Aanvullende norm: Het niveau van laagfrequent en infrasoon geluid 0-160 Hz binnenshuis mag de grens van 20 dB niet overschrijden, berekend en gemeten in dB lineair en narrow band

Strenger dan Vercammencurve6

Binnenwaarde complex om te meten, niet handhaafbaar.

obstakelverlichting dient tot een minimum beperkt te worden inclusief toepassing van naderingsdetectie;

Om lichthinder tot een minimum te beperken moet obstakelverlichting tot een minimum worden beperkt. Voor zover de richtlijnen van de Inspectie Leefomgeving en Transport dit toelaten, moet gebruik worden gemaakt van naderingsdectectie om het aantal uur dat de verlichting brandt te verminderen. In het ontwerpbesluit Windturbines leefomgeving wordt voorgesteld om aan het Besluit activiteiten leefomgeving de verplichting toe te voegen dat windturbines moeten worden voorzien van obstakelverlichting. Op verzoek van de exploitant van de windturbine kan naderingsdetectie als gelijkwaardige maatregel worden toegepast. Een voorwaarde voor het aanvaarden van naderingsdetectie is een positief advies van de Inspectie Leefomgeving en Transport. Om met name lichthinder in deze dicht bebouwde omgeving te beperken wordt dit kader gesteld.

6

Plan-MER Windturbinebepalingen, bijlage 4, Normen voor laagfrequent geluid

Gemeente Barendrecht •

slagschaduw ter plaatse van woningen en andere gevoelige objecten te beperken tot maximaal 1 uur per object per jaar;

De norm wordt gehandhaafd door een voorziening te treffen, die de windturbines automatisch stilzet wanneer normoverschrijdende slagschaduw zou optreden. Zo’n stilstandvoorziening leidt tot een lagere jaarlijkse energieproductie en dus minder opbrengst per windturbine. Bij een strengere norm wordt de windturbine vaker stilgezet. In het milieueffectrapport (paragraaf 8.3.3) staat beschreven wat het opbrengstverlies is voor verschillende normen voor slagschaduw. De reguliere norm is maximaal 6 uur per object per jaar. Voor de verschillende onderzochte opstellingen (met een verschillend aantal gevoelige objecten in de omgeving) varieert het opbrengstverlies tussen 0,31% en 1,48%. Bij de norm van maximaal 1 uur per object per jaar varieert dit tussen 0,82% en 2,57%. Dit verschil is dusdanig klein dat toepassing van de stengere norm aanvaardbaar wordt bevonden. Uitgangspunt conform de resultaten uit het planMER

•

Alternatief

Voordelen

Nadelen

Norm van maximaal 17 dagen per jaar meer dan 20 minuten per dag slagschaduw

(minder opbrengstverlies)

Slagschaduw van minder dan 19 minuten per dag telt in totaal niet mee

Norm van maximaal 6 uur per jaar

Duidelijke norm

Nog altijd merkbare slagschaduw

aangetoond moet worden dat door slijtage, verstoring en het gebruik van giftige stoffen geen negatieve gezondheidseffecten optreden gedurende de exploitatieperiode;

Zorgen over de gezondheidseffecten door het gebruik van giftige stoffen moeten worden weggenomen. Hiervoor moet daarom expliciet aandacht zijn. De fabrikanten van windturbines moeten aan kwaliteitseisen voldoen. Die kwaliteitseisen moeten onder andere gericht zijn op het voorkomen van negatieve gezondheidseffecten door slijtage, verstoring en het gebruik van giftige stoffen. Middels een keurmerk en/of certificering kan worden aangetoond dat de windturbines aan de kwaliteitseisen voldoen.

Gemeente Barendrecht •

Met de mogelijke initiatiefnemer worden afspraken gemaakt rond: ● het instellen van een gebiedsfonds; ● financiële participatie, waarbij minimaal 50% lokaal eigendom wordt nagestreefd conform de uitgangspunten van de gedragscode NWEA"

Door het instellen van een gebiedsfonds kunnen de energieopbrengsten worden aangewend voor verbetering van de leefomgeving. Zo kunnen lokale negatieve effecten worden gecompenseerd door lokale positieve effecten. In overleg met de Klankbordgroep wordt bepaald waaraan de baten uit het fonds besteed zullen worden. Als omwonenden voordeel ervaren van de energieopbrengsten kan dit bijdragen aan de acceptatie van de windturbines. Lokaal eigenaarschap is daarbij in met name het beleid van de provincie een uitgangspunt. Hoe het lokaal eigenaarschap vorm moet krijgen, moet de komende tijd nader onderzocht worden. De Klankbordgroep zal in samenspraak met de ontwikkelaar hierover tot overeenstemming dienen te komen. Lokaal eigendom is in het Klimaatakkoord naar voren geschoven als na te streven doel met het oog op het bevorderen van acceptatie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13942840/1