CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Inspreekbijdrage dhr. Stein namens Klankbordgroep Project Windenergie Vaanplein.pdf

gemeenteraad 26 maart 2024, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Windenergie Vaanplein1.268 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Advies Klankbordgroep t.b.v. Commissievergadering 19 maart 2024

Mijn naam is Marco Stein, voorzitter van de Klankbordgroep. Die groep heeft de taak om - gevraagd én ongevraagd - het gemeentebestuur te adviseren over het project windenergie Vaanplein. De groep bestaat uit bewoners van de wijken rondom het plangebied Vaanplein van uit Barendrecht en Rotterdam. Misschien is het een open deur, maar ik zeg het toch: de gekozen locatie is een kwetsbaar gebied, omdat er in de directe omgeving van het plangebied Vaanplein wordt gewoond. De afstand tot de woonbebouwing aan de Rotterdamse kant is relatief klein en aan de overzijde van de A15 is de Barendrechtse woonbebouwing, ook op beperkte afstand van de beoogde windturbines. In de omgeving van het Vaanplein hebben we bovendien het verkeer over de A15 en de A29 en het goederenvervoer over de spoorlijnen. Deze groene strook heeft bovendien een functie als recreatiegebied. Je kunt je gerust afvragen of dit stedelijke gebied wel zo geschikt is voor de plaatsing van windturbines. Al met al veel redenen om alles te doen om overlast voor bewoners en gebruikers van dit gebied tot het uiterste minimum te beperken. Dat vraagt om strenge lokale normen om hinder in de omgeving te voorkomen. Die lokale normen van de gemeente liggen er nu en die zijn gelukkig ook streng. Onze adviezen over die normen zijn steeds gericht op het voorkomen van overlast.

We zijn tevreden met de wijze waarop het gemeentebestuur onze adviezen heeft verwerkt in de normen die nu aan u zijn voorgelegd. Dat geldt voor de normen t.a.v. slagschaduw en lichthinder, voor de geluidsnormen, obstakelverlichting, geluidsproductie, laagfrequent geluid enz. De onderbouwing van de gemaakte keuzes voor de lokale normen is nu ook sterk verbeterd ten opzichte van de vorige bespreking in uw Raad. Wat betreft de technische normen haal ik twee zaken er uit.  De beoogde exploitant Statkraft komt steeds met de wens dat de tiphoogte van de windturbines hoger moet zijn dan 180 meter. Het idee van de exploitant lijkt te zijn dat hinderlijke effecten net zo goed of zelfs beter kunnen worden voorkomen met hogere windturbines (220 of 250 meter). Hun stelling is bovendien: “De eis van 180m tiphoogte en de afstandsnorm van 2 keer de tiphoogte maken dat er geen windturbines op het Vaanplein mogelijk zijn”.

Wij hebben daarvan geen enkele onderbouwing gezien. Wij denken dat 2 turbines met een tiphoogte van 180 meter rendabel zijn, zowel in geld als in energieopbrengst. Maar afgezien daarvan: 2 windturbines van 180 meter hoog is al heel bepalend voor het uitzicht. Geen feest om naar te kijken. Windturbines van 220 of 250 meter hoog… dat zijn monsterlijke objecten in dat gebied. Wij hebben in ons advies van 8 maart geadviseerd om de geluidsnorm voor de nacht te stellen op 39 dB LAeq.max, waarbij wij uitgingen van dezelfde waarde als bij toepassing van de Lden norm waarvan eerder sprake was. Nu is in het belang van een goede meetbaarheid gekozen voor toepassing van LAeq norm.

Die meetbaarheid is belangrijk omdat daarmee de handhaving veel beter mogelijk is. Op advies van de DCMR is voor de nacht nu gekozen voor toepassing van een norm van 41 dB LAeq.max 10min. Die waarde komt overeen met bepalingen in de wet geluidshinder. Een klein verschil, maar wat ons betreft prima. Dan nog een paar opmerkingen over de participatie: Financiële participatie door omwonenden, in welke vorm dan ook, is belangrijk. Als je dat goed regelt is het mogelijk om draagvlak en zeggenschap te creëren en ervoor te zorgen dat bewoners niet alleen hinder ondervinden van de windturbines maar ook de voordelen ervaren en grip hebben op wat er in hun woonomgeving gebeurt. De vraag is hoe een goede regeling eruit ziet.  Eerst over het proces en de rolverdeling: Wij pleiten er voor dat de gemeente strakke regie voert op de financiële participatie, op het beheer van het gebiedsfonds en op de wijze waarop de opbrengsten ten goede komen aan de bewoners. Eerste stap is dat de gemeente bepaalt dat Statkraft als ontwikkelaar een participatieplan opstelt. Uitgangspunt daarbij is: minimaal 50% lokaal eigendom en/of een gebiedsfonds en/of financiële vergoeding voor omwonenden in welke vorm dan ook. Als indicatie van de financiële ruimte voor deze bijdrage stellen wij voor een richtbedrag van € 0,50 per MWh aan te houden met een jaarlijkse correctie voor de inflatie.

Onderdeel van dat participatieplan moet ook zijn: goede afstemming en communicatie met de omgeving en zeggenschap van bewoners. Wij pleiten er bovendien voor dat deze regeling wordt uitgevoerd door een coöperatie van omwonenden of een bestaande coöperatie met directe zeggenschap van de omwonenden. Er heeft zich al zo’n lokale coöperatie gemeld (“de Groene Stroom”) Verder is nog van belang dat zo’n coöperatie al snel, dus nog vóór de feitelijke bouw van de windturbines van start kan gaan, zodat eventuele aan Statkraft te betalen risico-fees en andere opslagen tot een minimum beperkt blijven. Nogmaals: het is belangrijk dat de gemeente strakke regie voert op dit proces en uitgangspunten voor de participatie formuleert. We willen immers niet dat de exploitant of een coöperatie naar eigen goeddunken de financiële participatie gaat invullen. De klankbordgroep wil daarbij graag betrokken zijn en adviseren. 

Dan is het nog de vraag hoe de financiële participatie moet worden ingevuld. Wij pleiten voor maatwerk, dus voor een aanpak die rekening houdt met de kenmerken van de bewoners die in de buurt van de windturbines wonen. Voor Rotterdam betekent dat: relatief veel huurwoningen en lagere inkomens. In Barendrecht zijn dat vaker koopwoningen en iets hogere inkomens. Dat betekent dat een aanpak waarbij bewoners via het kopen van aandelen of certificaten zelf risicodragend deelnemen in het project ongewenst is. Zo’n aanpak sluit een groot aantal bewoners dan bij voorbaat uit. Een aanpak waarbij een bestaande coöperatie wordt ingeschakeld is prima mogelijk, maar dan is het ongewenst dat zo’n coöperatie de opbrengsten gebruikt om weer in andere windenergieprojecten te investeren. Uitgangspunt moet zijn dat de omwonenden die te maken hebben met de effecten van de windturbines direct profiteren van de opbrengsten.

Mogelijkheden zijn dan:  Een omgevingsfonds of gebiedsfonds. Een kenmerk van een gebiedsfonds is dat er geld beschikbaar is om maatschappelijke doelstellingen in de directe omgeving te realiseren. Voorbeelden van bestedingen: een hogere kwaliteit en onderhoudsniveau van de openbare ruimte, meer financiële ruimte voor jeugdzorg, thuiszorg, scholing.  Directe financiële vergoedingen aan bewoners. Naast een direct in geld uit te keren vergoeding kan bij deze aanpak ook gedacht worden aan een korting op de energierekening voor alle huishoudens (dus per huisaansluiting). Andere mogelijkheden: vergoedingen voor (geluids-) isolatie van de woningen, verhuiskostenvergoedingen, warmte-isolatie zonder huurverhoging. Het voordeel van deze aanpak is dat ook bewoners met lagere inkomens rechtstreeks profiteren van de opbrengsten. Wij hebben een uitdrukkelijke voorkeur voor de laatstgenoemde aanpak, omdat die het meest directe voordeel voor de omwonenden oplevert en dus maatwerk is. Wij stellen voor dat hierover met direct omwonenden overleg wordt gevoerd. Wij denken dat de gemeente met deze set lokale normen én de degelijke onderbouwing daarvan, voldoet aan de afspraken die met de Provincie zijn gemaakt. Anders gezegd: de gemeente behoudt de regie en blijft in positie als bevoegd gezag.

Op die manier kan de gemeente de vervolgstappen in dit proces afstemmen op de belangen van de lokale gemeenschap. Ons advies: neem een besluit! Doet u dat niet, bij voorbeeld vanuit de gedachte dat we tegen windturbines zijn, dan lijkt dat heel stoer. Maar in feite schiet de gemeente dan in haar eigen voet omdat dan ingrijpen door de Provincie mogelijk word en de exploitant dan waarschijnlijk meer ruimte krijgt.

M.W. Stein Voorzitter Klankbordgroep Project Windenergie Vaanplein

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13942813/1