CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitieve Nota Integraal Beleid Sociaal Domein Barendrecht

commissie Samenleving 12 januari 2021, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Nota Integraal Beleid Sociaal Domein29.091 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Aantal uitkeringsgerechtigden op meetdatum van 12 juni 2020. De aantallen in de laatste maanden zijn door de duur van administratieve processen later nog veranderd.

In de grafiek hieronder wordt vanaf de ingangsdatum van de Participatiewet de bestandsontwikkeling en de geïndiceerde bestandsontwikkeling in Barendrecht weergegeven en afgezet tegen de ontwikkeling van objectieve referentiegemeenten31 en Nederland.

31

Dit zijn gemeenten met een vergelijkbare opbouw als Barendrecht. De referentiegemeenten zijn Zuidplas, Woerden, Utrechtse Heuvelrug, Peel en Maas, Nijkerk, Krimpenerwaard, Houten, Horst aan de Maas, GoereeOverflakkee, Ronde Venen.

89

Vanaf 2015 is het bestand in Barendrecht gestegen met +14%. Dit wijkt 1200 1000 scherp af van de 800 landelijke trend die een 600 daling met -4% laat zien ( 400 zie Figuur 2). In de 200 0 objectieve referentiegemeenten van Barendrecht3 is ook een Barendrecht volume toename te zien (+8%), maar veel minder sterk Frontin Buig objectieve referentiegemeenten volume dan in Barendrecht. Nederland volume Uitgesplitst naar type bijstandshuishouden valt de sterke stijging van het aantal alleenstaanden in de bijstand op: +29%. Ter vergelijking: landelijk daalt het aantal alleenstaanden in de bijstand met -2%. De ontwikkeling van het aantal paren wijkt nog meer af. In Barendrecht +57% en landelijk +5%. Bij de eenouderhuishoudens zien we het omgekeerde: in Barendrecht een daling met -23% en landelijk een daling met -16%. okt-19

jul-19

jan-19

apr-19

okt-18

jul-18

apr-18

jan-18

jul-17

okt-17

apr-17

jan-17

okt-16

jul-16

jan-16

apr-16

okt-15

jul-15

apr-15

jan-15

Barendrecht

Deze ontwikkelingen hebben ertoe geleid dat het niveau van het bijstands-bestand anno 2019 naar verhouding iets hoger ligt (+2%) dan gemiddeld in vergelijkbare referentiegemeenten. Daarbij ligt het bestand alleenstaanden iets lager in Barendrecht (-4%) dan Figuur 1: Geïndexeerde bestandsontwikkeling Barendrecht, de objectieve in de referentiegemeenten van Barendrecht en Nederland, 2015 -2019. referentiegemeenten. Het bestand paren daarentegen ligt flink hoger (+15%). En dat geldt ook voor het bestand eenouderhuishoudens (+16%), ondanks de relatief sterke daling van deze groep in de voorgaande jaren. Alleenstaanden vormen 57% van het bestand, paren 23% en eenouderhuishoudens 21%. Leeftijd 20% van de bijstandshuishoudens in Barendrecht is jonger dan 30 jaar (of heeft tenminste één lid jonger dan 30). 43% is ouder dan 50 jaar. Qua leeftijd is er geen noemenswaardig verschil met de BAR-organisatie als geheel. En ook niet met Nederland als geheel (19% jonger dan 30, 42% ouder dan 50).

90

64% van de bijstandshuishoudens is van buitenlandse herkomst (of heeft tenminste één lid van buitenlandse afkomst), waarvan 55% niet-westers. 29% van de bijstandshuishoudens in Barendrecht zijn statushouders (dit is een benadering. Het percentage betreft bijstandshuishoudens met herkomst Afghanistan, Irak, Syrië, Iran, Somalië, Eritrea en overig Afrika (exclusief Ghana). 36% is autochtoon. Het bestand in Barendrecht telt meer huishoudens van niet-westerse herkomst en minder autochtone huishoudens dan de andere twee gemeenten in de BAR-organisatie. In Nederland is 44% van de bijstandshuishoudens van autochtone herkomst. In 56% van de huishoudens is ten minste een persoon van allochtone herkomst. 46% is van niet- westerse herkomst. Opleiding 75% van de bijstandshuishoudens in Barendrecht is laagopgeleid. Dit komt nagenoeg overeen met de omvang van het aantal laagopgeleide bijstandshuishoudens in Ridderkerk en Albrandswaard. Ook in Nederland is 75% van de bijstandshuishoudens laag opgeleid. Gezondheidsproblemen 46% van de bijstandshuishoudens in Barendrecht heeft gezondheidsproblemen. Dit komt nagenoeg overeen met de omvang van het aantal laagopgeleide bijstandshuishoudens in Ridderkerk en Albrandswaard. Ook in Nederland als geheel is 46% van de bijstandshuishoudens laag opgeleid.

Dit overzicht van bestandskenmerken illustreert dat een groot deel van het bestand in Barendrecht kenmerken heeft die belemmerend zijn voor arbeidsparticipatie, zoals een lage opleiding, gebrekkige taalvaardigheid (gelet op herkomst) en gezondheidsproblemen. Afstand tot de arbeidsmarkt In de onderstaande tabel is de verdeling van de uitkeringsgerechtigden eind 2019 weergegeven naar de afstand tot de arbeidsmarkt.32 De afstand tot de arbeidsmarkt wordt op basis van diverse factoren bepaald, zoals opleidingsachtergrond, werkervaring, gezondheid (fysiek, psychisch), beheersing van de Nederlandse taal, het hebben van financiële problemen etc. Uitkeringsgerechtigden in het segment jobready en nog-niet-jobready kunnen naar verwachting binnen 1 jaar toegeleid worden naar een betaalde baan: dat zijn er 106 uitkeringsgerechtigden. Zij kunnen uitstromen naar werk, opleiding, zelfstandigheid of een garantiebaan/beschut werk. Door life-events (verhuizing, ziekte etc.) lukt dat echter niet voor iedereen.

32

De groep niet-uitkeringsgerechtigden –vooral mensen die tot de doelgroep garantiebaan en nieuw beschut werk behoren- zijn in deze analyse niet meegenomen.

91

Gecombineerde inzet van instrumenten Om inwoners naar de arbeidsmarkt toe te leiden worden verschillende instrumenten ingezet, zoals een werkervaringsplaats of een opleiding. Heel vaak worden de instrumenten in combinatie ingezet. Over een periode van bijna 3 jaar blijkt dat als instrument een werkervaringsplaats het meest frequent wordt ingezet, in totaal 870 keer33. Heel vaak (295 keer) in combinatie met een of meer andere instrument. Andere veel gebruikte instrumenten zijn vrijwilligerswerk (691 keer, waarvan 309 in combinatie met een of meer andere instrumenten) en Scholing (488 keer, waarvan 300 in combinatie met een of meer andere instrumenten). Het totaal aantal instromers vanaf 1-1-2016 tot 1-8-2019 bedraagt 1930. Een Zorgtraject wordt in de beschouwde periode 439 keer ingezet. 85% van de inzet van Zorgtrajecten betreft cliënten die Niet Jobready zijn (zonder 51% of met groeipotentieel 34%).

Ontwikkeling werkloosheid

33

Deze aantallen zijn voor Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk samen. Omdat beleid en dienstverlening met elkaar overeenkomt is het beeld over de inzet van de instrumenten hetzelfde.

92

In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de werkloosheid in Barendrecht weergegeven ten opzichte van Nederland.

Ontwikkeling werkloosheid 8 7 6 5 4 3 2 1 0

Bron: CBS Eenhe 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 Arbeid id: % sdeeln ame

Werkloosheid Barendrecht

4,2

3,9

4,6

6,2

6,4

5,8

5

4,4

3,5

2,7

Werkloosheid Nederland

5

5

5,8

7,3

7,4

6,9

6

4,9

3,8

3,4

Werkloosheid Barendrecht

Werkloosheid Nederland

Arbeidsmarkt34 Inwoners van onze gemeente werken vooral in de regio Zuid-Holland. Werkgevers in de provincie ZuidHolland kampten tot de Coronacrisis in het algemeen met personeelstekorten. Medio 2019 geeft 22% van de ondernemers in deze provincie aan dat zij productiebelemmeringen ervaren door personeelsgebrek (Conjunctuurenquête Nederland). Dit geldt ook voor Groot-Rijnmond. Het aandeel werkgevers dat belemmeringen ervaart, groeide de afgelopen jaren flink. Met een aanhoudende economische groei namen de personeelstekorten tot de Coronacrisis niet af. De economie groeide weliswaar niet meer in de mate waaraan Nederland de afgelopen jaren gewend raakte, maar er bleef sprake van een bescheiden groei. In september 2019 ging het Centraal Planbureau (CPB) uit van 1,8% economische groei in 2019 en 1,5% in 2020. Inmiddels is dat op korte termijn omgeslagen in een krimp, maar op de lange termijn gaat men nog steeds uit van herstel. Afbeelding 1.1 Spanningsindicator arbeidsmarkt 35 arbeidsmarktregio’s (landkaart) en Rijnmond naar beroepsklasse (tabel), 2e kwartaal 2019

34

Deze informatie is uit het rapport ‘Regio in beeld Rijnmond 2019’ van het UWV van vóór de Covid19 maatregelen. De verwachting is echter dat bij het herstel van de arbeidsmarkt deze analyse weer actueel wordt. 93

Totaal alle beroepen 2 kwartaal 2 0 1 9

Rijnmond Beroepsklasse

Typering

ICT Technisch

zeer krap krap

Economisch en administratief Pedagogisch

krap krap

Zorg en welzijn

krap

Commercieel

krap

Transport en logistiek

krap

Dienstverlenend

gemiddeld

Openbaar bestuur Managers

gemiddeld gemiddeld

Creatief en taalkundig

ruim

Totaal

krap

e

Afbeelding 1.1 Spanningsindicator arbeidsmarkt (bron: UWV) 35 arbeidsmarktregio’s (landkaart) en Rijnmond naar beroepsklasse (tabel), 2e kwartaal 2019

In Rijnmond neemt vooral het aantal banen in de zorg & welzijn toe. Deze sector is groot en groeit sterk. Ook detailhandel, uitzendbureaus & arbeidsbemiddeling en de ICT dragen stevig bij aan de regionale banengroei. De ICT- sector kent relatief de sterkste groei en zorgt, ondanks dat dit een nog vrij kleine sector is, er mede voor het positieve effect op de totale banengroei Rijnmond. Vergrijzing Vergrijzing veroorzaakt vervangingsvraag. De afbeelding hieronder toont het aandeel 60-plussers in werknemersbanen voor 35 arbeidsmarktregio’s (links) en het aantal 60-plussers in Rijnmond naar sector (rechts). Rijnmond behoort met een aandeel 60-plussers in de werkgelegenheid van 6,6% tot de iets minder vergrijsde regio’s in Nederland (6,8%). Dit kan de komende jaren leiden tot vervanging van zo’n 38.800 in de regio woonachtige werknemers; gemiddeld 7.770 per jaar. Vooral zorg & welzijn, de zakelijke diensten en de industrie krijgen de komende jaren volop te maken met vervangingsvraag door pensionering.

94

Steeds meer vacatures staan - voor kortere of langere tijd - open. In Rijnmond nam het aantal openstaande vacatures sinds begin 2016 toe met 65% tot 16.500 eind 2018. Bovenstaande afbeelding toont het verloop van de openstaande vacatures per kwartaal in de periode 2016 – medio 2019. Openstaande vacatures en mismatch De volgende afbeelding toont de openstaande vacatures in Rijnmond medio 2019 naar beroepsklasse en – niveau. De indeling naar beroepsniveau is op basis van de internationale ISCO-classificatie, die een indeling van niveau in vier categorieën kent: - beroepsniveau 1: eenvoudige routinematige taken, waarvoor elementair of lager onderwijs volstaat; - beroepsniveau 2: weinig tot middelmatig complexe taken, waarvoor lager of middelbaar onderwijs vereist is; -beroepsniveau 3: complexe taken, waarvoor middelbaar of hoger onderwijs vereistis; - beroepsniveau 4: zeer complexe gespecialiseerde taken, waarvoor hoger of wetenschappelijk onderwijs vereist is. Voor technische beroepen staan in Rijnmond de meeste vacatures open. Het gaat hier vooral om beroepen op beroepsniveau 2- zoals hulpkrachten in bouw en industrie en assemblagemedewerkers maar ook metaalarbeiders, bouwvakkers en elektriciens.

Ook voor economische & administratieve beroepen staan veel vacatures open op beroepsniveau 2, zoals voor administratief medewerkers en voor minimaal beroepsniveau 3 voor financieel specialisten als controllers, accountants en belastingadviseurs. Op beroepsniveau 1 staan veel vacatures open in transport & logistiek en dienstverlening. Het gaat hierbij om horecapersoneel en beroepen als vrachtwagenchauffeurs, laders en lossers. In de beroepsgroep commerciële beroepen zoeken werkgevers vooral verkoopmedewerkers en callcentermedewerkers. Openstaande vacatures in zorg & welzijn zijn er vooral op minimaal beroepsniveau 3 voor beroepen als verzorgenden of woonbegeleider en op beroepsniveau 4 waarbij het met name gaat om (gespecialiseerd) verpleegkundigen. 95

Het aantal openstaande vacatures neemt niet alleen toe doordat er meer vacatures ontstaan, maar ook doordat vacatures steeds moeilijker vervulbaar zijn. Knelpunten in de personeelsvoorziening kunnen het gevolg zijn van mismatch; een verzamelbegrip met vele gezichten. Vanuit werkgeversperspectief zijn er vier typen mismatches te onderscheiden, die vaak in combinatie met elkaar voorkomen. Verticale mismatch. Het opleidingsniveau sluit niet goed aan bij het gevraagde niveau voor eenbaan. Horizontale mismatch. De opleidingsrichting sluit niet goed aan bij de gevraagde richting voor een baan. Deze situatie doet zich bijvoorbeeld voor bij docenten in het voortgezet onderwijs. Tot 2023 blijven er tekorten voor exacte vakken, terwijl er geen of nauwelijks tekorten zijn voor docenten maatschappijleer, aardrijkskunde en geschiedenis. Kennisveroudering. De kwalificaties van werkenden en werkzoekenden sluiten op een specifiek moment niet meer voldoende aan bij het veranderende werk. Geografische mismatch. Er zijn specifieke regionale knelpunten waardoor vraag en aanbod niet goed op elkaar aansluiten.

Zo bestaan er momenteel vooral tekorten aan basisschoolleraren in de Randstad, terwijl er in noordelijke en oostelijke regio’s juist nog relatief veel werkzoekenden per vacature zijn Naast de conjuncturele ontwikkelingen, die in hoofdstuk 1 zijn beschreven, beïnvloeden ook structurele ontwikkelingen (trends) de arbeidsmarkt in Rijnmond. Mismatch en kansen door de krapte op de arbeidsmarkt Vanwege de vraag naar personeel en de mismatch bij de sectoren techniek, ICT, zorg en onderwijs liggen hier kansen voor werkzoekenden. Ook in andere sectoren kunnen voor bepaalde beroepen tekorten blijven bestaan als de arbeidsmarkt weer aantrekt. Zo kan bijvoorbeeld de sterke vergrijzing in de transport zorgen voor een grote vervangingsvraag doordat personeel met pensioen gaat. De krapte in veel technische beroepen blijft de komende jaren aanhouden. Dit heeft te maken met: Vergrijzing. De komende jaren gaan veel technische vakmensen met pensioen. Te weinig instroom in technische opleidingen, vooral op het mbo. Dit hangt deels samen met het beeld dat veel mensen van het werken in technische beroepen hebben. Bovendien leek een technische opleiding door de vele ontslagen tijdens de crisis voor jongeren minder aantrekkelijk. En vooral in de bouw daalde het 96

aanbod van trajecten in de beroepsbegeleidende leerweg (bbl) tijdens de crisis fors, waardoor minder jongeren een opleiding konden doen. Groeiende rol techniek. Techniek speelt op steeds meer terreinen een belangrijke rol. Bijvoorbeeld bij de energietransitie, installatie van laadpalen voor elektrische auto’s en domotica (smart homes), om ouderen langer thuis te laten wonen of energie tebesparen. De veranderende eisen die aan werknemers gesteld worden. Zo is er toenemende behoefte aan mensen die interdisciplinair samen kunnen werken aan complexe vraagstukken, binnen een continu veranderende context en veranderende technologie. Op dit moment is de arbeidsmarkt in Rijnmond zeer krap voor ICT-beroepen, veel werkgevers ervaren problemen om aan personeel te komen. Aangezien ICT-werkzaamheden in alle sectoren voorkomen, heeft vrijwel elke sector dus te maken met dit wervingsprobleem. In de ICT speelt zich een duidelijke kwalitatieve mismatch af. Ondanks de grote personeelstekorten zijn er nog steeds werkzoekende ICT’ers met een uitkering. Dit komt deels doordat zij relatief vaak laag en middelbaar opgeleid zijn, terwijl er vooral vraag is naar hoger opgeleiden. Bovendien is het in de ICT heel belangrijk om specifieke, up-to-date kennis en ervaring te hebben. Gevraagde competenties en kennis veranderen in hoog tempo.

Er is meer vraag naar mensen met goede communicatieve vaardigheden, die interdisciplinair kunnen samenwerken, inzicht hebben in bedrijfsprocessen en klantwensen kunnen vertalen naar ICT-oplossingen en -producten. Doorstroom WW-bijstand naar gemeente De gunstige economische ontwikkelingen tot Corona hadden een dempend effect op de doorstroom van WW naar bijstand. Het is voor werkzoekenden gemakkelijker om werk te vinden. Het percentage personen dat na beëindiging van de WW- uitkering een beroep deed op de bijstand nam in Rijnmond af van 8,1% in 2015 tot 6,1% in 2017. Dit laatste percentage lag nog boven het landelijke doorstroompercentage van 4,6% in 2017. De doorstroom van de WW naar de bijstand is – vanuit de WW bezien – relatief beperkt. Dit vereist echter wel een nuancering; vanuit de bijstand gezien is het voor gemeenten een belangrijk deel van de nieuwe bijstandsuitkeringen.

G oeree- Overflakkee

Doorstroom abs.

Doorstroom %

Nederland Rijnmond

19.280 2.180

4,6% 6,1%

Albrandswaard Barendrecht

10 20

2,6% 2,5%

Brielle

<10

2% tot 4%

Capelle aan den IJssel

120

7,1%

Goeree-Overflakkee

20

3,4%

Hellevoetsluis

50

5,8%

Hoeksche Waard Krimpen aan den IJssel

40 20

3,4% 3,8%

Maassluis

20

2,3%

Nissewaard

150

7,0%

Ridderkerk

30

2,9%

Rotterdam

1.490

7,6%

Schiedam Vlaardingen

90 80

3,6% 4,0%

Westvoorne

<10

2% tot 4%

Zuidplas

30

3,9%

97

Bron: UWV

In Rijnmond varieerde het doorstroompercentage van WW naar bijstand in 2017 van 2% in Westvoorne en Brielle tot 7,6% in Rotterdam. In onze gemeente is dat 2,5%. Verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt van bijstandsgerechtigden We proberen stapsgewijs de afstand tot de arbeidsmarkt van werkzoekenden te verkleinen. Het kan dan gaan om het stimuleren van maatschappelijke participatie of het laten opdoen van werkritme. Het hebben van zelfs een bescheiden parttime baan blijkt uiteindelijk voor bijstandsgerechtigden een effectieve opstap te zijn naar uitkeringsonafhankelijkheid Beroep

Aantal

Totaal 64.340 Productiemedewerkers 9.940 Schoonmakers in kantoren en bedrijven 4.260 Ondersteunende secretariële medewerkers 1.970 Magazijn- en expeditiemedewerkers 1.960 Helpenden 1.480 Receptionisten en telefonisten 1.340 Medewerkers kinderopvang 1.120 Huishoudelijk medewerkers (hotel, 1.110 instelling) Medewerkers bediening horeca 1.090 Verkoopmedewerkers detailhandel mode 1.030 Top 10 Geregistreerde werkzoekenden UWV met bijstandsuitkering naar beroep van inschrijving Rijnmond, december 2018 (bron: UWV)

Bijstandsgerechtigden die parttime werken stromen gemiddeld drie keer vaker uit naar werk dan bijstandsgerechtigden die geen parttime werk verrichten. Dit effect is nog groter bij alleenstaande ouders, vrouwen en 40-plussers. Als zij parttime werken, stromen ze zelfs vier keer vaker uit. De samenhang tussen parttime werk en de uitstroom naar werk is op meerdere manieren te verklaren. Mensen met een kortere afstand tot de arbeidsmarkt vinden gemakkelijker een baan. Daarnaast kan parttime werk leiden tot meer uren of meer verdiensten en vervolgens uitstroom naar werk.

98

BIJLAGE 2 Overzicht taakvelden begroting 2020 In onderstaand overzicht zijn de taakvelden uit de begroting 2020 weergegeven die betrekking hebben op deze nota ‘Integraal Beleid Sociaal Domein Barendrecht’. De taakvelden zijn een één op één weergave uit de begroting 2020. In dit overzicht zijn niet de algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds opgenomen. Het overzicht geeft een beeld van de reikwijdte en de omvang die het ‘Integraal Beleid Sociaal Domein Barendrecht’ beslaat. Overzicht taakvelden 'Nota Integraal Beleid Sociaal Domein Barendrecht' 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 5.1 sportbeleid en activering 5.3 cultuur presentatie, -productie en -participatie 5.6 media 6.1 samenkracht en burgerparticipatie 6.2 wijkteams 6.3 inkomensregelingen 6.4 begeleide participatie 6.5 abeidspart. –instrumenten gericht op toeleiding naar werk 6.6 maatwerkvoorzieningen Wmo 6.71 maatwerkdienstverlening 18+ 6.72 maatwerkdienstverlening 186.81 geëscaleerde zorg 18+ 6.82 geëscaleerde zorg 187.1 volksgezondheid Totaal Bron: Begroting gemeente Barendrecht 2020

99

Begroting 2020 lasten baten 2.123.000 736.100 617.300 0 1.751.400 288.200 1.117.900 121.000 3.014.900 165.900 2.981.500 0 10.356.800 7.939.500 33.000 0 1.878.100 0 1.412.700 0 6.206.300 215.500 7.422.800 0 155.500 0 1.679.100 0 1.939.400 69.100 42.689.700 9.535.300

BIJLAGE 3 Beleidsmonitor Hieronder is een beleidsmonitor per maatschappelijk effect uit de beleidsnota ‘Integraal Beleid Sociaal Domein’ weergegeven. In deze beleidsmonitor zijn per maatschappelijk effect de (sub)doelstellingen, onderliggende ambities en een eerste inventarisatie van mogelijke indicatoren geformuleerd die aansluiten bij de richting en gewenste ‘outcome’ van dit ‘Integraal Beleid Sociaal Domein’. De monitor vormt voor de komende jaren de basis voor het volgen van de resultaten van dit beleid. De monitor is geen statisch geheel maar zal door de gemeente samen met partners door worden ontwikkeld op basis van o.a. voortschrijdend inzicht, (snelheid van) beschikbaarheid van data en de inbreng van gemeente en partners aan de opgavetafels. In de monitor zijn geen streefcijfers opgenomen. Het is de wens van de gemeente om eventuele streefwaarden steeds meer onderdeel uit te laten maken van de jaarlijkse planning & control-cyclus. De eventuele streefwaarden sluiten op die manier het beste aan op de actuele situatie in de gemeente. De opbouw van elke monitor is weergegeven zoals hieronder in de tabel afgebeeld. = maatschappelijk effect = doelen = ambities = indicator

In de monitor zijn diverse afkortingen gebruikt. Hieronder is de lijst van afkortingen weergegeven. LIJST VAN AFKORTINGEN SSD

Suite Sociaal Domein

SHV PW WSJG GI IVH CEO Poh j-ggz

Schuld Hulp Verlening Participatiewet Waar staat je gemeente Gecertificeerde Instelling Intensief Vrijwillige Hulpverlening Cliëntervaringsonderzoek Praktijkondersteuner jeugd ggz

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9579706/1