CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conclusies raadsbrede onderwerpen n.a.v. Verkenningsfase

gemeenteraad 12 mei 2026, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Benoeming leden werkgroepen (rechtstreeks op de raadsagenda geplaatst)1.224 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Conclusies raadsbrede onderwerpen n.a.v. Verkenningsfase Inleiding Tijdens de verkenningsfase met de politieke partijen zijn verschillende, raadsbrede, thema’s besproken. In het advies van de verkenner is geadviseerd om raadsbreed het gesprek aan te gaan over de betreffende thema’s en daar uiterlijk 1 mei conclusies aan te verbinden. Naar aanleiding van het informatiedebat is afgesproken dit advies op te volgen. Allereerst is op 9 april met de lijsttrekkers een nadere afstemming geweest over de onderwerpen en zijn afspraken gemaakt. Deze notitie gaat hier op in alsmede op het vervolg. De thema’s Overall wordt gesteld dat er aandacht wenselijk is voor de politieke cultuur. Er is behoefte om de huidige gepolariseerde cultuur te veranderen in een meer op samenwerking gerichte, met als doel een verhoging van de effectiviteit en stabiliteit van de gemeenteraad en een betere samenwerking tussen raad, college en ambtelijke organisatie. Iedere cultuurverandering vraagt tijd en aandacht. Uitgangspunt is daarom dat de behandeling van de politieke thema’s en de organisatie van de gemeenteraad bijdraagt aan de wenselijke verandering in de cultuur. De thema’s die in de verkenningsfase zijn genoemd, betreffen: 1. De organisatie van de raad en de commissies; 2.

Afspraken om de raad meer sturend vooraf te positioneren, bijvoorbeeld via startnotities bij beleidsvorming en ruimtelijke procedures; 3. Afspraken over communicatie tussen raad, college en organisatie, bijvoorbeeld ten aanzien van de actieve informatieplicht van het college; 4. Het verder invullen van het recent vastgestelde participatiebeleid; 5. Het beleid ten aanzien van de omgeving van Barendrecht en de regionale samenwerking(sverbanden); 6. De totstandkoming van financiële beleidskaders en afspraken met betrekking tot de financiële onderbouwing van voorstellen; 7. Het ontwikkelen van een nieuwe toekomstvisie voor Barendrecht die door de vorige raad aan de nieuwe is overgelaten. 1. De organisatie van de raad en de commissies Inmiddels is hier aandacht aan gegeven tijdens de afstemming over het Reglement van Orde en de Verordening op de Commissies. In deze twee documenten zijn de spelregels voor de organisatie van de gemeenteraad en haar commissies opgenomen. Vanuit alle fracties neemt een afvaardiging deel aan de voorbereiding van beide documenten in de werkgroep Verordeningen. De werkgroep heeft 2 bijeenkomsten, 16 april en 6 mei. De planning is om in de raadsvergadering van 12 mei het nieuwe RvO en de nieuwe VC vast te stellen. Tijdens het eerste overleg van de werkgroep op 16 april zijn de thema’s die aandacht behoeven besproken en op 6 mei heeft dit zijn vervolg.

De verwachting is dat de planning van vaststelling op 12 mei gehaald wordt. Daarmee is dit thema afgerond.

2. Afspraken om de raad meer sturend vooraf te positioneren, bijvoorbeeld via startnotities bij beleidsvorming en ruimtelijke procedures De gemeenteraad heeft over dit onderwerp op 11 april een brainstormsessie gehouden. De uitkomsten hiervan waren enigszins gemêleerd, waarbij vragen zich met name richtten op nut en noodzaak van een startnotitie, de relatie van de inzet van startnotities tot gemaakte afspraken in het coalitie-/ collegeprogramma, helderheid creëren over momentum van inzet en de vereisten rondom startnotities. Het advies is om in het presidium, voor het zomerreces het vervolg te bespreken en afspraken te maken. 3. Afspraken over communicatie tussen raad, college en organisatie, bijvoorbeeld ten aanzien van de actieve informatieplicht van het college Ook bij dit onderwerp heeft de gemeenteraad stilgestaan op 11 april. De uitkomsten hiervan waren eenduidig en richtten zich vooral op tijdigheid, volledigheid, transparantie en heldere KPI’s bij vaststellen van beleid/visie. Ook de processen rondom vertrouwelijke informatie is aan bod gekomen. Het betreft met name verscherpingen van bestaande afspraken en het advies is om dit in het presidium af te hechten, uiterlijk in juni 2026. 4. Het verder invullen van de recent vastgestelde participatieverordening Begin dit jaar is de participatieverordening vastgesteld.

Hiervoor is verdere uitwerking benodigd door het college, waarover afspraken zijn gemaakt, inclusief afspraken over monitoring hiervan. Ook worden eerder vastgestelde verordeningen (burgerinitiatief en – agendering) op basis hiervan herijkt. Inmiddels is afgesproken dat de raadswerkgroep wordt gecontinueerd (met een andere samenstelling). De werkgroep begint na het zomerreces en beoogd wordt om dit jaar de verdere uitwerking van de participatieverordening afgerond te hebben. 5. Het beleid ten aanzien van de omgeving van Barendrecht en de regionale samenwerking(sverbanden). Het beleid t.o.v. de regio heeft een inhoudelijk aspect (Wat is de visie van Barendrecht op de regio, wat betekent dit voor regionale samenwerking en wat voor de huidige/gewenste samenwerkingsverbanden?) Met betrekking tot de inhoudelijke terreinen die door de regionale samenwerkingsverbanden worden behartigd (bv. Openbaar vervoer, beheer buitengebied) zou Barendrecht meer kaderstellend vooraf kunnen optreden. Het ligt voor de hand om de mogelijkheden daarvoor mee te nemen in het coalitieakkoord en hier is inmiddels aandacht voor gevraagd voor de coalitie-onderhandelingen. De meer instrumentele kant van de regionale samenwerking (hoe gaan we om met vertegenwoordiging, hoe is het onderling samenspel van vertegenwoordigers, hoe verhouden ze zich tot de raad?) kan worden meegenomen in de rol van de raad.

Afgesproken is inmiddels dat de regionale samenwerking standaard op de agenda van de commissies wordt geagendeerd en dat informatie aan de commissieleden wordt gedeeld. Ook wordt het functioneren van de raad t.o.v. de regionale samenwerkingsverbanden periodiek door het presidium beoordeeld. Deze werkwijzen zijn inmiddels geëffectueerd. Tot slot is afgesproken om het huidige beleid te gaan herijken. Beoogd wordt om dit uiterlijk in 2027 te doen. 6. Totstandkoming van financiële beleidskaders en afspraken m.b.t. financiële onderbouwing van voorstellen. Bij dit thema zijn verschillende aspecten naar voren gekomen, zoals: - Financiële beleidskaders en onderbouwing van voorstellen; - Spelregels financieel beleid / structureel evenwicht; - Integraliteit bij budgettoekenning; - Planning van de P&C Producten; - Mate van bijsturingsmogelijkheden. Vanwege de thematiek is besloten om hiervoor een werkgroep Financiën in te richten, waarbij de wethouder Financiën als adviseur deelneemt. Inmiddels is een eerste aanzet gegeven voor de bespreekagenda. Beoogd is om met ingang van de P&C cyclus van 2028 de afspraken en de uitwerking gereed te hebben. Hiervoor wordt een werkgroep ingesteld, die tot kaders komt rondom financiële beleidskaders en afspraken m.b.t. financiële onderbouwing van voorstellen.

De werkgroep bestaat uit een afvaardiging uit de gemeenteraad, waarbij de wethouder financiën als adviseur aan de commissie deelneemt. 7. Ontwikkelen van een nieuwe Toekomstvisie. Aangegeven is dat de afweging gemaakt moet worden voor het formuleren van een toekomstvisie, met daarbij in elk geval de onderdelen: - Algemene ontwikkeling en wenselijke ontwikkeling; - De ontwikkelingen van en het beleid ten aanzien van de omgeving van Barendrecht en de regionale samenwerking(sverbanden), waaronder toekomst NRIJ, GRNR en MRDH. Er wordt verschillend gedacht over de waarde van een toekomstvisie, waarbij enerzijds scepsis is over (de meerwaarde van) een toekomstvisie. Benadrukt is dat concreetheid en inhoudelijkheid randvoorwaardelijke kaders zijn voor een kwalitatieve en nuttige toekomstvisie. Anderzijds zijn toekomstige ontwikkelingen als economische ontwikkeling van het gebied, ontwikkeling welzijn, vergrijzing, technologische ontwikkelingen relevant voor het bepalen van de nu te varen koers. Naar aanleiding van het overleg met de fractievoorzitters op 9 april is afgesproken dat een oriënterende bijeenkomst onder leiding van een externe partij wordt georganiseerd om de waarde van een toekomstvisie te onderzoeken, met daarbij de volgende deelvragen:

-

Welke informatie over de toekomst heb je nodig om beslissingen in het heden kwalitatief te kunnen maken? Wat is de meerwaarde t.o.v. de omgevingsvisie? Heb je een toekomstvisie nodig? Wie betrek je bij het maken van een toekomstvisie?

De bijeenkomst wordt na het zomerreces gepland.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16924974/2