CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen bp Middeldijk 28 Barendrecht.pdf

commissie Ruimte 6 december 2022, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Middeldijk 2825.979 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bijlagen bij bestemmingsplan Middeldijk 28 Barendrecht

-Verkennend bodemonderzoek (Dordrecht Research, 21 augustus 2020, nr. 200711) -Quick scan Flora&Fauna (Breur Ecologie&Onderzoek, 5 oktober 2020, nr. QS20048v01) -Nader Onderzoek Vleermuis Gierzwaluw Huismus (Grofalex, 19 mei 2022, NO-VmGzHm-02) -Archeologisch advies (BOOR, 1 juni 2021, nr. AS21/06851-21/0009985) -Akoestisch onderzoek (Kraaij akoestisch advies, 23 augustus 2021, nr. VL. 2135.R01) -AERIUS-berekening (Ad Fontem, 3 juni 2022, nr. 21AF143)

VERKENNEND BODEMONDERZOEK MIDDELDIJK 28 BARENDRECHT

Dordrecht Research B.V. Vissersdijk Beneden 33 3319 GW Dordrecht 078 - 6310466 i.o.v.

JP Projectontwikkeling Beukengaarde 19 3344 PT Hendrik-Ido-Ambacht Onderzoeknr. 200711 21 augustus 2020

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

INHOUDSOPGAVE

1. INLEIDING ................................................................................................................................... 3 2. INVENTARISATIE ....................................................................................................................... 4 2.1 SITUATIEBESCHRIJVING .................................................................................................. 4 2.2 HISTORISCH- EN VOORONDERZOEK ............................................................................. 4 2.3 GEOHYDROLOGIE ............................................................................................................. 5 2.4 HYPOTHESE ....................................................................................................................... 6 3. OPZET VAN HET ONDERZOEK ................................................................................................ 7 4. VELDWERK................................................................................................................................. 9 4.1 UITVOERING VAN HET VELDWERK ................................................................................. 9 4.2 RESULTATEN VAN HET VELDWERK ............................................................................. 10 5.

CHEMISCH-ANALYTISCH ONDERZOEK ............................................................................... 11 5.1 UITVOERING VAN HET CHEMISCH-ANALYTISCH ONDERZOEK ............................... 11 5.2 TOETSINGSCRITERIA...................................................................................................... 13 5.3 INTERPRETATIE ANALYSERESULTATEN ..................................................................... 14 5.3.1 GROND ............................................................................................................... 14 5.3.2 ASBESTONDERZOEK ....................................................................................... 15 5.3.3 GRONDWATER .................................................................................................. 16 5.3.4 OVERIG ............................................................................................................... 17 6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ..................................................................................... 18

BIJLAGEN 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Locatiekaart Situatieschets met boor/graafposities Boorprofielen met verklaringenblad en foto’s Getoetste analyseresultaten Analyserapporten Betrouwbaarheid onderzoek

-2-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

1. INLEIDING In opdracht van JP Projectontwikkeling heeft Dordrecht Research B.V. een verkennend bodemonderzoek verricht op de locatie Middeldijk 28 te Barendrecht. De regionale ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven in bijlage 1. Doel van het onderzoek is het vaststellen van de bodemkwaliteit in grond en grondwater op bovengenoemde locatie ten behoeve van de voorgenomen aanvraag van een omgevingsvergunning. Op de locatie bevinden zich een historische boerderij (woonhuis met aangebouwde stal/schuur) en een vrijstaande loods. De aangebouwde stal/schuur zal worden verbouwd tot appartementen. De schuur zal worden gesloopt en ter plaatse zullen woningen worden gerealiseerd. Als uitgangspunt voor de opzet van het onderzoek wordt de NEN 5740+A1 "Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond” gehanteerd. In de volgende hoofdstukken zal worden ingegaan op de inventarisatie van de reeds bekende gegevens, de verrichte veld- en laboratoriumwerkzaamheden en de resultaten van het uitgevoerde onderzoek. Tot slot worden de verzamelde gegevens over de kwaliteit van de bodem getoetst aan de huidige richtlijnen en worden er indien noodzakelijk, aanbevelingen geformuleerd.

-3-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

2. INVENTARISATIE

2.1

SITUATIEBESCHRIJVING

De onderzoekslocatie bevindt aan de noordzijde van de Middeldijk, aan de zuidzijde van de kern Barendrecht. Op deze onderdijkse locatie bevinden zich een historische boerderij (woonhuis+ aangebouwde schuur/voormalige stal). Medio 1986 is op de oostelijke helft van het erf een nieuwe loods gebouwd. Het erf is gedeeltelijk geasfalteerd (afrit vanaf de dijk, voorterrein en gedeelte tussen boerderij en schuur). Het noordelijk gedeelte van het erf is voorzien van een uit breekpuin bestaande halfverharding. Het resterend gedeelte van het perceel is onverhard (gras/gazon en tuin). De locatie is kadastraal bekend als gemeente Barendrecht, Sectie B, perceelnummer 2670. De kadastrale oppervlakte van de locatie bedraagt 4470 m². De rijksdriehoekscoördinaten van een centraal punt binnen de onderzoekslocatie zijn X= 96.024, Y= 429.118. De regionale ligging van de locatie wordt weergegeven in bijlage 1.

2.2

HISTORISCH- EN VOORONDERZOEK

Uit voorafgaand aan het bodemonderzoek uitgevoerd vooronderzoek conform NEN 5725 (deskresearch) is het volgende gebleken: Bron: TopoTijdreis, Map5NL, Kadaster • Op oude topografische kaarten (begin 19e eeuw en ouder) wordt de locatie al als bebouwd weergegeven. Volgens historische kaarten bevindt zich ter plaatse, naast het toenmalige ‘Kerkepad’ de Hoeve Voorzorg. De loop van het toemalige Kerkepad is in het huidige stratenpatroon nog goed te herkennen; • Binnen de onderzoekslocatie zijn geen sloten gedempt. De op historische kaarten weergegeven kavelsloot ten westen van de locatie is nog steeds aanwezig; • Op de locatie bevond zich geen boomgaard. •

•

• •

Bron: Bodemloket / DCMR Milieudienst Rijnmond Bij het digitaal provinciaal register (Bodemloket) zijn geen registraties ten aanzien van de onderhavige locatie aanwezig. Volgens de site van DCMR Milieudienst Rijnmond is d.d. 01-011982 een ondergrondse 2000 l. dieseltank verwijderd. Op 01-01-1992 is op de locatie een 3000 l. bovengrondse dieseltank geplaatst; Voor het overige zijn geen gegevens geregistreerd. Er is voor zover bekend nooit eerder bodemonderzoek uitgevoerd. Bron: Bodemkwaliteitskaart Ridderkerk en Barendrecht, MWH d.d. 6 juni 2014 Op de ontgravingskaart wordt de bovengrond van deelgebied BWL 07, Middeldijk lintbebouwing, ingedeeld in de klasse Wonen. De ondergrond is ingedeeld in de klasse Achtergrondwaarde (AW). De bodemfunctie ter plaatse is ‘wonen’; De locatie bevindt zich niet binnen enig grondwaterbeschermingsgebied.

-4-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

•

2.3

Locatiebezoek d.d. 8 juli 2020 Tijdens het locatiebezoek en gesprek met eigenaar/gebruiker is het volgende vastgesteld: o De locatie is al generaties in familiebezit en heeft altijd een agrarische bestemming gehad. Heel vroeger tevens voor de veehouderij, maar de laatste decenia uitsluitend als akkerbouwbedrijf; o Voor zover bekend hebben nimmer calamiteiten plaatsgevonden op basis waarvan verontreiniging van de bodem verwacht kunnen worden; o De bovengrondse tank staat in een lekbak (onder een overkapping aan de noordzijde van de aangebouwde schuur/stal) en bevindt zich globaal op de plaats waar zich vroeger de ondergrondse tank bevond; o De loods is gebruikt voor de opslag van aardappels en landbouwwerktuigen. De volledig van een gesloten betonvloer voorziene loods wordt thans gedeeltelijk gebruikt voor de stalling van werktuigen t.b.v. het bezanden van sportvelden; o In de uiterste noord-oosthoek van de loods bevindt zich de bestrijdingsmiddelenopslag; o Voor zover bekend bevinden zich onder de loods en onder het asfalt (sterk) puinhoudende bodemlagen. Dit puin is afkomstig van de sloop van oude opstallen ter plaatse.

GEOHYDROLOGIE

Op basis van de grondwaterkaart van Nederland, kaartblad 37 oost van de Dienst grondwaterverkenning van TNO en op basis van eerder in de omgeving van de onderzoeklocatie uitgevoerd bodemonderzoeken is de geohydrologische situatie van de onderzoekslocatie bepaald. Het maaiveld op de locatie ligt rond NAP -0,80 m. De deklaag ter plaatse heeft een dikte van ca. 13 m. en bestaat uit zandige klei tot ca. 2,0 m.-mv. gevolgd door kleiig fijn zand tot ca. 3,0 m.-mv. gevolgd door veen tot ca. 4,0 m.-mv. gevolgd door zandige klei tot einde deklaag. Hieronder volgt het ca. 12 m. dikke, uit grof zand bestaande eerste watervoerend pakket, kD-waarde ca. 250 m²/dag. De polderpeilen in de omgeving worden gehandhaafd op ca. NAP -2,1 m. Het freatisch grondwater op de locatie bevindt zich rond 1,9 m.-mv. De grondwaterstijghoogte in het eerste watervoerend pakket ligt eveneens rond NAP -1,9 m. Op de locatie is derhalve sprake van een overgangssituatie tussen kwel en inzijging. De horizontale grondwaterstromingsrichting in de deklaag is vermoedelijk diffuus als gevolg van de nabijgelegen dijk en rond de locatie liggende watergangen. Aangenomen wordt dat de stromingsrichting overwegend noordelijk gericht is naar de rond het perceel liggende watergangen. De horizontale grondwaterstromingsrichting in het eerste watervoerend pakket is west-noordwest gericht.

De locatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermings- of waterwingebied. In de directe omgeving vinden geen grootschalige industriële onttrekkingen plaats.

-5-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

2.4

HYPOTHESE

In het kader van de NEN 5740+A1 is een hypothese opgesteld over het karakter van de onderzoekslocatie. Op basis van de gegevens uit het vooronderzoek (oude lintbebouwing, gebruik van breekpuin uit sloopafval van oude bebouwingen ter plaatse) wordt in het kader van de NEN 5740+A1, voor deze locatie op hoofdlijn uitgegaan van een onderzoekstrategie voor een niet lijnvormige verdachte locatie met heterogeen verdeelde kans op verontreiniging (strategie VED-HE-NL). Hierbij zal tevens bijzondere aandacht worden geschonken aan de opstelplaatse van de huidge bovengrondse tank voor dieselolie (tevens de voormalig locatie van de ondergrondse opslagtank) en de bestrijdingsmiddelenopslag.

-6-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

3. OPZET VAN HET ONDERZOEK Ten behoeve van de vastlegging van de milieukundige situatie van de bodem wordt uitgegaan van de NEN 5740+A1, "Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond" van het Nederlands Normalisatie-Instituut (NNI; ICS 13.080.05 d.d. april 2016). Op basis van de gegevens uit het vooronderzoek wordt in het kader van de NEN 5740+A1, voor deze locatie op hoofdlijn uitgegaan van een onderzoekstrategie voor een niet lijnvormige verdachte locatie met heterogeen verdeelde kans op verontreiniging (strategie VED-HE-NL). In verband met het verdachte karakter als gevolg van het gebruik van niet gecertificeerd breekpuin als halfverharding zal in overeenstemming met de vigerende regelgeving eveneens een onderzoek naar asbest in bodem plaats vinden conform de NEN 5707+C2 (Bodem-Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond; ICS 13.080.01 d.d. december 2017). Met inachtneming van bovenstaande uitgangspunten wordt de in tabel 1 weergegeven onderzoekopzet noodzakelijk geacht.

Tabel 1: onderzoekopzet bodemonderzoek Aantal boringen OpperLocatie tot max. èn boring tot in vlakte 0,5 m.-mv. het grondwater in m²

èn boring met peilbuis

Aantal te analyseren (meng)monsters Bovengrond Ondergrond Grondwater

Verhard incl. bebouwingen

2700

8

2

1

1

1

1

Onverhard

1770

6

2

1

1

1

1

Totaal

4470

14

4

2

2

2

2

Tijdens de uitvoering van het veldwerk zal conform de vigerende regelgeving bijzondere aandacht worden geschonken aan de aanwezigheid van asbestverdachte materialen op- of in de bodem. Indien onder het asfalt en/of betonverharding van de loods bodenvreemde bijmengingen worden aangetroffen, zal hier eveneens aanvullend onderzoek naar de aanwezigheid van asbest worden uitgevoerd. Bij de positionering van de boringen en peilbuizen wordt rekening gehouden met de aandachtspunten als weergegeven in het historisch onderzoek en locatiebezoek (voormalig onder- en huidig bovengrondse tank en bestrijdsingsmiddelenkast). Het veldwerk zal, indien niet anders vermeld in de rapportage, uitgevoerd worden volgens de BRL SIKB 2000 met bijbehorende protocollen, waarbij het vrijkomende boormateriaal voortdurend zintuiglijk zal worden beoordeeld en beschreven in boorstaten. De grond- en grondwatermonster(s) zullen, worden geanalyseerd op de vigerende NEN-analysepakketten.

-7-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

Bovengenoemde pakketten omvatten de volgende parameters: NEN-pakket voor grond: - droogrest, lutum en organische stof - polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK; 10 van VROM) - polychloorbifenylen (PCB’s) - minerale olie (G.C.) - zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). NEN-pakket voor grondwater: - pH (zuurgraad), Ec (elektrisch geleidingsvermogen) - minerale olie - vluchtige aromatische koolwaterstoffen (benzeen, ethylbenzeen, tolueen, xylenen, styreen) - (vluchtige) halogeen koolwaterstoffen (17 verbindingen incl. vinylchloride en tribroommethaan) - polycyclische aromatische koolwaterstoffen (naftaleen) - zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). In verband met recent ontwikkeld overheidsbeleid ((tijdelijk) Handelingskader voor PFAS houdende grond en baggerspecie) dienen de vigerende NEN-analysepakketten uitgebreid te worden met analyses op PFAS en GenX. Grond(meng)monsters van de bovengrond en ondergrond ter plaatse van de boven (en voormalig ondergrondse) tank zullen tevens worden geanalyseerd op minerale olie. Het grondwater ter plaatse wordt onderzocht op de aanwezigheid van minerale olie en vluchtige aromatische koolwaterstoffen (Benzeen, Tolueen, Ethylbenzeen, Xylenen en het PAK-component naftaleen).

De grond(meng)monsters van de bovengrond en het grondwater ter plaatse van de bestrijdingsmiddelenkast zullen tevens worden geanalyseerd op chloorbestrijdingsmiddelen (OCB’s). Van de overwegend uit gebroken puin bestaande halfverharding zullen de mengmonsters op asbest worden geanalyseerd. De grond- en grondwatermonsters zullen conform accreditatieprogramma AS3000 geanalyseerd worden door een RvA-geaccrediteerd milieulaboratorium. De van toepassing zijnde relevante onderzoeksparameters zullen chemisch-analytisch bepaald en getoetst worden aan de geldende richtwaarden uit de Circulaire bodemsanering (vigerende versie) van het Ministerie van VROM.

-8-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

4. VELDWERK

4.1

UITVOERING VAN HET VELDWERK

Het veldwerk is uitgevoerd op 23 en 24 juli 2020. Het veldwerk is uitgevoerd onder procescertificaat BRL SIKB 2000 versie 6.0 d.d. 01-02-2018, protocol 2001, versie 6.0 d.d. 01-02-2018 (handboringen peilbuizen grondmonsters classificatie en inmeten) door de hiervoor gekwalificeerde medewerker N. Luksen en onderzoeksassistent T. van Engelen van Dordrecht Research B.V.

Bij het uitvoeren van de boringen en de bemonstering is rekening gehouden met de waargenomen veldkenmerken. In totaal zijn 22 boringen verricht. Tevens zijn ter plaatse van asbest-verdachte daken (in een smalle strook bodem onder de afwateringzijde van deze daken) 3 veldmengmonsters van de bovengrond samengesteld (ASBMM 01 t/m ASBMM 03). De boringen 01 (bij de tank) en 14 (bij de bestrijdingsmiddelenkast) zijn afgewerkt met een peilbuis ten behoeve van het nemen van de grondwatermonsters. De boorposities worden weergegeven in bijlage 2. Het vrijgekomen boormateriaal is zintuiglijk beoordeeld op geur, kleur en samenstelling en beschreven in boorprofielen (zie bijlage 3). Van de bij het boren vrijgekomen grond zijn in totaal 49 grondmonsters genomen. Het grondwater is op 30 juli 2020 bemonsterd. De bemonstering van het grondwater is uitgevoerd conform procescertificaat BRL SIKB 2000 versie 6 d.d. 01-02-2018, SIKB-protocol 2002, versie 6 d.d. 01-02-2018 (het nemen van grondwatermonsters) door hiervoor gekwalificeerde medewerker N. Luksen van Dordrecht Research B.V.

Asbestonderzoek Ter plaatse van het met gebroken puin verharde terreingedeelte is een asbest in bodemonderzoek uitgevoerd. Het verkennend asbest in bodem bodemonderzoek (conform de NEN 5707+C2) is uitgevoerd om na te gaan of de verdenking op een bodemverontreiniging met asbest terecht is. Het veldwerk is uitgevoerd op 30 juli 2020. Voorafgaand aan het bodemonderzoek is een visuele inspectie van het maaiveld gedaan. Op het maaiveld zijn geen asbest verdachte materialen aangetroffen. Het veldwerk is onder procescertificaat BRL SIKB 2000 versie 6 d.d. 01-02018, SIKB-protocol 2018, versie 6,0 (Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem) uitgevoerd door de hiervoor gekwalificeerde medewerker P.v.Weert van Dordrecht Research B.V.

Het opgegraven bodemmateriaal is uitgespreid met een maximale laagdikte van 5 cm. Hierna is het vrijgekomen boormateriaal van de inspectiegaten gezeefd, zintuiglijk beoordeeld op geur, kleur, samenstelling en voorkomen van asbest-verdacht materiaal, bemonsterd en beschreven in boorprofielen (zie bijlage 3). De graafposities worden weergegeven in bijlage 2. Op het halfverharde achterterrein zijn 4 inspectiegaten gegraven waarvan per inspectiegat een -9-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

monster is genomen Tenslotte is er van de puinfundatie onder het asfalt een mengmonster samengesteld.

4.2

RESULTATEN VAN HET VELDWERK

Bij aanvang van het veldwerk is een inspectieronde over de locatie gemaakt. Bij de inspectieronde is vastgesteld dat geen regengoten aanwezig zijn of waren ter plaatse van een drietal als asbestverdacht aangemerkte daken. Op het maaiveld is (buiten het puin) nergens asbestverdacht materiaal vastgesteld. Het aangetroffen globale bodemprofiel op de onderzoekslocatie bestaat overwegend matig zandige klei tot ca.2,5 m.-mv. gevolgd door veen tot maximaal geboorde diepte op 3,5 m.-mv. Ter plaatse van boring 01 is klei aangetroffen tot maximaal geboorde diepte op 3,5 m.-mv. Met name op het noordelijk terreingedeelte wordt een tussenliggende uit kleiig zand bestaande bodemlaag aangetroffen. In de bovengrond onder de asbest-verdachte daken zijn sporen metselpuin aangetroffen. Ter plaatse zijn in een strook van circa 1 meter breed van de bovengrond (vanaf maaiveld tot ca. 0,1 m.-mv.) monsters genomen die in het veld tot drie grondmengmonsters zijn samengesteld (ASBMM01/03). Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn 4 inspectiegaten gegraven ter plaatse van de uit gebroken baksteen bestaande halfverharding op het noordelijk terreingedeelte. Hiervan zijn 4 monsters genomen (ASB01/04). Van de fundatielaag van gebroken puin onder het asfalt is ten behoeve van de analyse op asbest, een aanvullend monster genomen (02+03 (0,1-0,4)).

Voor het overige zijn er zintuiglijk (passieve geurwaarneming, kleur en samenstelling) geen afwijkende kenmerken van het verwachten bodemprofiel waargenomen. De grondwaterstand, zuurgraad (pH), elektrische geleidbaarheid (Ec) en troebelheid (FTU) zoals deze zijn waargenomen in de peilbuizen op d.d. 30 juli 2020 worden in onderstaande tabel weergegeven. Tabel 2: veldwaarnemingen grondwater PEILBUIS

Filterstelling in m.-mv.

Grondwaterstand in m.-mv.

Zuurgraad (pH)

Elektrische geleidbaarheid (Ec) in μS/cm

Troebelheid (FTU)

01

2,5 – 3,5

1,6

6,18

1670

3,51

14

2,5 - 3,5

2,2

6,24

1430

2,41

Opgemerkt wordt dat het inmeten van de grondwaterstand een momentopname is en afhankelijk van diverse factoren (o.a. seizoensinvloeden) kan fluctueren. De in het veld gemeten zuurgraad en elektrische geleidbaarheid en troebelheid (FTU) zijn normaal voor de omgeving en geven geen aanleiding tot het maken van opmerkingen. Tijdens het afpompen van het grondwater is aan dit water geen afwijkende geur of kleur waargenomen die duidt op de aanwezigheid van verontreiniging.

-10-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

5. CHEMISCH-ANALYTISCH ONDERZOEK

5.1

UITVOERING VAN HET CHEMISCH-ANALYTISCH ONDERZOEK

Voor de beoordeling van de kwaliteit van grond , grondwater en puin worden de monsters chemischanalytisch onderzocht. Uit de genomen grondmonsters zijn 17 grondmonsters geselecteerd waaruit op basis van boorpositie, diepte van monstername, ligging van het freatisch grondwaterniveau, textuur, en zintuiglijke waarnemingen 7 grond(meng)monsters zijn samengesteld. De samenstelling van de grond(meng)monsters en de parameters waarop is geanalyseerd staan vermeld in tabel 3. Tabel 3: analyseprogramma grond(meng)monsters MENGMONSTER

BORING

DIEPTE m.-mv.

ANALYSEPROGRAMMA

OMSCHRIJVING

01

01

0.05-0.5

Minerale olie

Toplaag tanklocatie

02

01

2.0-2.5

Minerale olie

Onderlaag tanklocatie

03

14

0.0-0.5

NEN5740+ A1 pakket OCB

Toplaag nabij bestrijdingsmiddelenkast

04

06 15 17 18

0.3-0.8 0.0-0.5 0.0-0.5 0.0-0.5

NEN5740 + A1 pakket PFAS/GenX

Kleiige toplaag oostzijde terrein

05

11 12 14 21

0.05-0.5 0.3-0.8 0.5-1.0 0.0-0.5

NEN5740 + A1 pakket PFAS/GenX

Noordwestzijde terrein kleiige bodemlaag met sporen baksteen en/of puin

06

09 20

0.3-0.8 0.0-0.5

NEN5740 + A1 pakket PFAS/GenX

Sterk puinhoudende kleilaag

07

04 09 10 16

1.0-1.5 1.0-1.5 1.0-1.5 1.0-1.5

NEN5740 + A1 pakket PFAS/GenX

Matig fijn zandige onderlaag

001

02 03

0.1-0.4

Asbest

Fundatielaag onder asfalt

002

ASBMM01 ASBMM02 ASBMM03

0.0-0.3

Asbest

Mengmonster toplaag onder asbestverdachte dakrand

003

ASB01 ASB02 ASB03 ASB04

0.0-0.3

Asbest

Halfverharding noordelijk terreindeel

 Zie voor de samenstelling van de NEN-pakketten Hoofdstuk 3 Opzet van het Onderzoek.

-11-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

Van de grondmengmonsters (NEN-pakket) is ten behoeve van de vaststelling van de bodemafhankelijke referentiecriteria tevens het gehalte aan lutum en organische stof bepaald. De verrichte analyses op de grondwatermonsters staan vermeld in tabel 4. Tabel 4.: analyseprogramma grondwatermonsters PEILBUIS

FILTERDIEPTE m.-mv.

ANALYSEPROGRAMMA

OPMERKINGEN

01

2,5 - 3,5

NEN-pakket* grondwater

tanklocatie

14

2,5 - 3,5

NEN-pakket* grondwater OCB

nabij bestrijdingsmiddelenkast

 Zie voor de samenstelling van de NEN-pakketten Hoofdstuk 3 Opzet van het Onderzoek.

Bij uitvoering van het onderzoek zijn tevens analyses uitgevoerd op overig materiaal. De analyses zijn weergegeven in de volgende tabel. Tabel 5.: analyseprogramma grondwatermonsters Monster

Traject

ANALYSEPROGRAMMA

Asfalt 02

0-0.1

Pak marker (teerhoudendheid)

Asfalt 03

0-0.1

Pak marker (teerhoudendheid)

Asfalt 04

0-0.1

Pak marker (teerhoudendheid)

Asfalt 08

015-0.3

Pak marker (teerhoudendheid)

MM 08 09 12

Samenstelling en uitloging

OPMERKINGEN

Halfverharding

0-0.15 0-0.3 0-0.3

De verkregen analyseresultaten getoetst aan de toetsingscriteria uit de “Circulaire Bodemsanering 1 juli 2013 (Staatscourant 16675, 27 juni 2013)” worden vermeld in bijlage 4.1 (grond) en 4.2 (grondwater).

-12-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

5.2

TOETSINGSCRITERIA

Grond en grondwater Voor het inschatten van de risico's voor de volksgezondheid en het milieu wordt gebruik gemaakt van de richtlijnen van het Ministerie van VROM (“Circulaire bodemsanering 2013", Staatscourant 16675, d.d. 27 juni 2013). De analyseresultaten, getoetst aan de (berekende- generieke) toetsingscriteria uit deze circulaire staan vermeld in bijlage 4. In bijlage 5 worden de analyserapporten weergegeven. In de circulaire zijn toetsingscriteria vermeld voor de meest voorkomende verontreinigingen. Bij dit toetsingskader wordt een onderscheid gemaakt tussen een tweetal concentratieniveaus: Achtergrondwaarde (AW): Deze waarde geeft het niveau aan waar beneden grond voor de betreffende stof als schoon beschouwd kan worden en wordt voor grond in het algemeen bepaald aan de hand van het gehalte organische stof en lutum in de bodem. Interventiewaarde (I-waarde): Deze waarde geeft het niveau aan waarboven sprake is van een sterke bodemverontreiniging en wordt voor grond in het algemeen bepaald aan de hand van het gehalte organische stof en lutum in de bodem. De interventiewaarden zijn gebaseerd op uitgebreide studies naar zowel humaan- als ecotoxicologische effecten van bodemverontreinigende stoffen.

Bij een overschrijding van de interventiewaarde is mogelijk sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging conform de Wet Bodembescherming en daarmee samenhangend in principe sprake van een saneringsnoodzaak. Er is pas daadwerkelijk sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging indien het boven de interventiewaarde verontreinigde bodemvolume groter is dan 25 m3 (bij verontreiniging van de grond). Indien van nature gehaltes in de bodem boven de vastgestelde achtergrond- of interventiewaarde voorkomen, dan kunnen deze gehaltes aangehouden worden als achtergrondwaarde. Indien de gemeente, waar het onderzoek is uitgevoerd, de beschikking heeft over een goedgekeurde bodemkwaliteitskaart, waarin lokale achtergrondwaarden zijn opgenomen, zijn de analyseresultaten zo mogelijk tevens getoetst aan deze lokale achtergrondgehalten. Overschrijding van het gemiddelde van achtergrondwaarde (AW) en interventiewaarde [½(A+I)] wordt gehanteerd als criterium op basis waarvan tot een nader onderzoek besloten dient te worden. Indien gehalten tussen achtergrond- en interventiewaarden worden aangetroffen, zullen op basis van een risicoanalyse beperkingen gesteld kunnen worden aan gebruik van de bodem, dan wel kan sanering van de bodem noodzakelijk geacht worden.

Asbest Voor het inschatten van de risico's voor de volksgezondheid en het milieu wordt gebruik gemaakt van de richtlijnen van het Ministerie van VROM (“Circulaire bodemsanering 2013). Hierin is een interventiewaarde voor asbest van 100 mg/kgds vastgelegd. Bij de gewogen norm wordt de serpentijn asbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfibool asbestconcentratie. De ½ x interventiewaarde (50 mg/kg. d.s.) wordt als toetsingscriterium voor nader bodemonderzoek gehanteerd. In hoofdstuk 5.3 zijn de analyseresultaten getoetst aan bovengenoemde richtlijnen. -13-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

5.3

INTERPRETATIE ANALYSERESULTATEN

Tabel 6 geeft een overzicht van de interpretatie van de analyseresultaten van de grond(meng)monsters. Indien er gehalten zijn aangetroffen groter dan de achtergrondwaarde, zijn tevens de gehalten vermeld (in mg/kg.d.s.- PCB, OCB en PFAS/GenX in µg/kg.d.s.). De volgende aanduidingen zijn bij de interpretatie gebruikt: ++ ++ +++ blanco

: kleiner dan of gelijk aan de streef-/achtergrondwaarde of detectiegrens, : groter dan de achtergrondwaarde; kleiner dan tweemaal de achtergrondwaarde (alleen voor grondmonsters), : groter dan de streef-/achtergrondwaarde, : groter dan de [½(streef-/achtergrondwaarde+interventiewaarde)], : groter dan de interventiewaarde, : niet geanalyseerd.

5.3.1

GROND

Tabel 6.: interpretatie analyseresultaten van de grond(meng)monsters getoetst aan criteria Wbb MM

BORING

TRAJECT m.-mv.

Ba

Cd

Co

Cu

Hg

Pb

Mo

Ni

Zn

PAK

PCB

M.O.

OCB

PFAS

01

01

0.05-0.5

-

02

01

2.0-2.5

-

03

14

0.0-0.5

-

-

-

-

-

+62

-

-

-

-

-

-

04

06 15 17 18

0.3-0.8 0.0-0.5 0.0-0.5 0.0-0.5

-

-

-

-

-

+65

-

-

-

+ 15.1

-

-

+ PFOA 1.8

05

11 12 14 21

0.05-0.5 0.3-0.8 0.5-1.0 0.0-0.5

-

-

-

-

-

+ 103

-

-

-

+1.88

-

-

+ PFOA 1.3

06

09 20

0.3-0.8 0.0-0.5

-

+0.6

-

-

-

+ 114

-

-

+ 189

+ 4.52

-

-

+ PFOA 2.2

07

04 09 10 16

1.0-1.5 1.0-1.5 1.0-1.5 1.0-1.5

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Afkortingen van de onderzoeksparameters: zie hoofdstuk 3.

In de grondmonsters van de toplaag en de onderlaag ter plaatse van de tanklocatie (grondmonsters 01 (0.05-0.5m-mv) en 01 (2.0-2.5) is geen verhoogd gehalte aan minerale olie vastgesteld; de achtergrondwaarde wordt in geen van beide grondmonsters overschreden. In het grondmonster van de toplaag nabij de bestrijdingsmiddelenkast is het gehalte aan lood licht doch niet significant verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarde. De toetsingswaarde ten behoeve van nader onderzoek (helft van de som van de achtergrondwaarde en interventiewaarde) wordt niet benaderd. Geen van de gehalten van de overige geanalyseerde parameters zijn verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden. -14-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

In het grondmengmonster van de kleiige toplaag op het oostelijk terreindeel MM4 is het gehalte aan PAK verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarde. De toetsingswaarde ten behoeve van nader onderzoek wordt niet overschreden. Het gehalte aan gehalte aan lood is licht doch niet significant verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarde. De toetsingswaarde ten behoeve van nader onderzoek wordt niet benaderd. In het grondmonster is een licht verhoogd gehalte aan PFOA vastgesteld. Het gehalte bevindt zich boven de toepassingswaarde voor de bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur maar onder de bodemkwaliteitsklasse voor wonen/industrie. Geen van de gehalten van de overige geanalyseerde parameters zijn verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden. In het grondmengmonster van de kleiige toplaag met sporen puin en baksteen MM5 zijn de gehalten aan PAK en lood verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden. De toetsingswaarden ten behoeve van nader onderzoek worden niet benaderd. In het grondmonster is een licht verhoogd gehalte aan PFOA vastgesteld. Het gehalte bevindt zich boven de toepassingswaarde voor de bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur maar onder de bodemkwaliteits-klasse voor wonen/industrie. Geen van de gehalten van de overige geanalyseerde parameters zijn verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden.

In het grondmengmonster van de sterk puinhoudende kleilaag MM6 zijn de gehalten aan cadmium, lood, zink, PAK verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden. De toetsingswaarden ten behoeve van nader onderzoek worden niet overschreden. In het grondmonster is een licht verhoogd gehalte aan PFOA vastgesteld. Het gehalte bevindt zich boven de toepassingswaarde voor de bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur maar onder de bodemkwaliteits-klasse voor wonen/industrie. Geen van de gehalten van de overige geanalyseerde parameters zijn verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden. In het grondmengmonster van de fijnzandige onderlaag MM7 zijn geen van de gehalten van de geanalyseerde parameters verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden.

5.3.2

ASBESTONDERZOEK

In tabel 7 zijn de analyseresultaten getoetst aan de interventiewaarde voor asbest. De gehalten, indien aangetoond, worden vermeld in mg./kg. d.s. gewogen. Tabel 7. Analyseresultaten grond/puinmonsters asbest Mengmonster

Inspectiegat

Traject

ASBESTGEHALTE (mg./kg. ds.)

001

02 03

0.1-0.4

-

002

ASBMM01 ASBMM02 ASBMM03

0.0-0.3

-

003

ASB01 ASB02 ASB03 ASB04

0.0-0.3

-

Uit de resultaten blijkt dat in geen van de geanalyseerde (meng)monsters asbest is aangetoond. Het originele analysecertificaat wordt weergegeven in bijlage 5.3.

-15-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

De gemeten gehalten alsmede de relevante naar lutum en organische stof gecorrigeerde toetsingscriteria worden weergegeven in bijlage 4.1. Het originele analysecertificaat worden weergegeven in bijlage 5.1. Het originele analysecertificaat worden weergegeven in bijlage 5.1. 5.3.3

GRONDWATER

Tabel 8 geeft een overzicht van de interpretatie van de analyseresultaten van het grondwater (gehalten in ug/l). Tabel 8.: interpretatie analyseresultaten van de grondwatermonsters PB

Ba

Cd

Co

Cu

Hg

Pb

Mo

Ni

Zn

VAK

PAK

01

+ 250

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

14

+ 270

-

-

-

-

-

-

+ 30

-

+Xyl. 0,34

+Naft 0.02

14

GHK

M.O.

OCB

-

-

-

+++ Som DDD DDE DDT 0.055

Herbemonstering OCB : -

Afkortingen van de onderzoeksparameters: zie hoofdstuk 3.

Uit de resultaten blijkt dat in het grondwatermonster uit peilbuis 01, het gehalte aan barium licht verhoogd is ten opzichte van de streefwaarde. Geen van de overige geanalyseerde parameters zijn verhoogd ten opzichte van de streefwaarden. In het grondwatermonster uit peilbuis 14 zijn de gehalten aan barium, nikkel, xylenen en naftaleen licht verhoogd ten opzichte van de streefwaarden. In het grondwatermonster is concentratie aan DDT vastgesteld van 0,02 ug/l. Dit gehalte bevindt zich net boven de detectiegrens. De som aan DDD, DDE en DDT komt hierdoor boven de interventiewaarde te liggen. Besloten is tot herbemonstering van het grondwater. De hetbemonstering is uitgevoerd op 12 augustus 2020. Bij analyse van het grondwatermonster zijn geen gehalten boven de detectiegrens vastgesteld. Het in eerste instantie vastgestelde verhoogde gehalte aan DDT wordt derhalve als niet representatief gezien. Geen van de overige geanalyseerde parameters zijn verhoogd ten opzichte van de streefwaarden. De gemeten gehalte worden weergegeven in bijlage 4.2. Het originele analysecertificaat wordt weergegeven in bijlage 5.2.

-16-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

5.3.4

OVERIG

In tabel 9 is een overzicht weergegeven van de overige uitgevoerde analyses. Tabel 9.: analyseprogramma grondwatermonsters Monster

Traject

Teerhoudend / fluoriscentie

Asfalt 02

0-0.1

Nee

Asfalt 03

0-0.1

Nee

Asfalt 04

0-0.1

Nee

Asfalt 08

015-0.3

Nee

MM 08 09 12

0-0.15 0-0.3 0-0.3

Samenstelling en Uitloging

Toepasbaar

Blijkens de analyseresultaten is het asfalt niet teerhoudend. Het puin van de halfverharding is volgens de samenstelling en uitlogingsproef volgens het Besluit bodemkwaliteit toepasbaar. De volledige analyseresultaten zijn weergegeven op bijlage 5.

-17-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN In opdracht van JP Projectontwikkeling heeft Dordrecht Research B.V. een verkennend bodemonderzoek verricht op de locatie Middeldijk 28 te Barendrecht. Doel van het onderzoek is het vaststellen van de bodemkwaliteit in grond en grondwater op bovengenoemde locatie ten behoeve van de voorgenomen aanvraag van een omgevingsvergunning. De onderzoekslocatie bevindt aan de noordzijde van de Middeldijk, aan de zuidzijde van de kern Barendrecht. Op deze onderdijkse locatie bevinden zich een historische boerderij (woonhuis en aangebouwde schuur/voormalige stal). De locatie is kadastraal bekend als gemeente Barendrecht, Sectie B, perceelnummer 2670. De kadastrale oppervlakte van de locatie bedraagt 4470 m². Op de locatie zijn een bovengrondse tank (in een lekbak) en een bestrijdingsmiddelenopslag aanwezig. Op grond van de beschikbare gegevens (historische gegevens, zintuiglijke waarnemingen gedaan tijdens het veldwerk en de analyseresultaten) wordt als volgt geconcludeerd: •

Het aangetroffen globale bodemprofiel op de onderzoekslocatie bestaat overwegend matig zandige klei tot ca.2,5 m.-mv. Met name op het noordelijk terreingedeelte wordt een tussenliggende uit kleiig zand bestaande bodemlaag aangetroffen.

•

Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden is, naast de uit gebroken baksteen bestaande halfverharding op het noordelijk terreingedeelte, tevens een uit puin bestaande funderingslaag onder het asfalt aangetroffen. Van deze funderingslaag zijn ten behoeve van de analyse op asbest, aanvullende monsters genomen.

•

In de bovengrond onder de asbest-verdachte daken zijn sporen metselpuin aangetroffen.

Grond • In de grond zijn enkele zeer lichte tot lichte verontreinigingen vastgesteld met cadmium, lood, zink en PAK. De mate van verontreiniging is dermate gering dat uitvoering van nader onderzoek niet noodzakelijk is; • In de grond zijn lichte concentraties aan PFOA aangetoond. De gehalten liggen boven de toepassingswaarde voor klasse landbouw/natuur maar binnen de toepassingswaarde voor wonen/industrie (Tijdelijk handelingskader van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat). • Ter plaatse van de bovengrondse tank is geen verontreiniging met minerale olie in de grond vastgesteld. • Ter plaatse van de bestrijdingsmiddelenkast is geen verontreiniging met OCB in de grond vastgesteld. • In de puinhoudende grond en in de fundatielaag onder het asfalt is geen asbestverontreiniging vastgesteld. Grondwater • Het grondwater ter plaatse is licht verontreinigd met barium, xylenen en naftaleen. De mate van verontreiniging is dermate gering dat nader onderzoek niet noodzakelijk is. • Ter plaatse van de bovengrondse tank is geen verontreiniging met minerale olie vastgesteld. -18-

R/200711/cvge d.d. 21 augustus 2020

•

Ter plaatse van de bestrijdingsmiddelenkast is in eerste instantie DDT aangetroffen in een concentratie net boven de detectiegrens. Daardoor overschreed het gehalte aan som DDD,DDT en DDE de interventiewaarde. Bij herbemonstering is dit verhoogde gehalte niet meer aangetroffen. Het in eerste instantie vastgestelde gehalte aan DDT wordt derhalve als n iet representatief beschouwd. Nader onderzoek is derhalve niet noodzakelijk.

Overig • Het asfalt ter plaatse is niet teerhoudend • Het puin van de halfverharding op het achterterrein is op basis van samenstelling- en uitlogingsonderzoek toepasbaar. De conform de NEN 5740+A1 gestelde hypothese voor uitvoering van een bodemonderzoek voor een verdachte locatie dient door de aangetroffen (zeer) licht verhoogde gehalten in grond en grondwater te worden geaccepteerd. De aangetroffen gehalten zijn echter van dien aard dat er, met betrekking tot de bodemkwaliteit, geen nader onderzoek noodzakelijk is. Er zijn geen factoren aanwezig die een belemmering kunnen vormen voor de voorgenomen aanvraag van een omgevingsvergunning. Grond die om civieltechnische redenen afgevoerd dient te worden, kan alleen toegepast worden op terreinen met vergelijkbare of hogere concentraties aan PFOA. Het onderhavige onderzoek betreft geen partijkeuring als bedoeld in het Besluit Bodemkwaliteit. Voor toepassing elders van eventueel vrijkomende grond kunnen door de acceptant aanvullende kwaliteitseisen, zoals een partijkeuring gevraagd worden.

-19-

Bijlage 1 Locatiekaart

Kadastrale kaart

Uw referentie: 200711

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 1000

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Barendrecht B 2670

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 8 juli 2020 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

Bijlage 2 Situatieschets met boorposities

-2-

20

20

22

ASBMM03

19

11

ASB01+09

ASB02

10

ASBMM02

13

ASB01+04

01

03

ASB03+09

02

18

05

04

07

bestrijdingsmiddelenkast

06

14

ASBMM01

ASBMM01

16

15

17

Boorposities

Project Projectnummer Plaats Opdrachtgever Datum Schaal Formaat Getekend door

5m

10m

20m

25m

Middeldijk 28 200711 Barendrecht JP Projectnontwikkeling augustus 2020 1:500 A3 pvw

15m

Legenda = boring tot max. 2,0 m-mv = boring tot max. 1,0 m-mv = peilbuis = inspectiegat

0m

Bijlage 3 Boorprofielen + verklaringsblad

-3-

1

0

01

t egel, m aaiveld

0

0

02

asfalt , m aaiveld

edelm an -5

1

zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal beige, bruin, edelm an

50

0

edelm an -10

volledig puin/zand, edelm an 50

1

2

-30

klei, zwak zandig, neut raal grijs, grijs, edelm an -80

100

-100

zand, m at ig fijn, kleiig, neut raal grijs, beige, edelm an

3 150

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

-150

neut raal grijs, grijs, edelm an

4 200 5 250

250

-250

veen, st erk kleiig, neut raal bruin, grijs, edelm an

6 300

-300

veen, m ineraalarm , neut raal bruin, bruin, edelm an

7 350

350

-350

t ype p e ilb u is m e t 1 f ilt e r dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

0

03

asfalt , m aaiveld

0

0

04

asfalt , m aaiveld

edelm an -10

-10

volledig puin/zand, edelm an 50

1 -40

1

50

klei, m at ig zandig, neut raal grijs, grijs, edelm an

volledig grind, edelm an -20

klei, st erk zandig, neut raal grijs, grijs, edelm an 2

-90 100

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

0

edelm an

-50

zand, m at ig fijn, kleiig, neut raal grijs, grijs, edelm an

3 150 4 200

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

M id d e ld ijk 2 8 200711 N EN 5 1 0 4

-200

0

05

bet on, m aaiveld

0

0

06

bet on, m aaiveld

edelm an

0

edelm an -15

1 50

klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, edelm an

-30 50

1

klei, st erk zandig, neut raal grijs, grijs, edelm an

-65 -80

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

0

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

07

bet on, m aaiveld

0

0

08

puin, m aaiveld

edelm an -20 1 50

zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal beige, bruin, edelm an

-15

volledig asfalt , edelm an 50

1

-50 2

klei, m at ig zandig, neut raal grijs, grijs, edelm an

100

100

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

2 -100

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

M id d e ld ijk 2 8 200711 N EN 5 1 0 4

0

edelm an -30

zand, m at ig grof, zwak silt ig, neut raal beige, bruin, edelm an -60

klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, edelm an -100

0

09

puin, m aaiveld

0

0

10

braak, m aaiveld

volledig puin/zand, edelm an 1

-30 50

1

klei, st erk zandig, neut raal bruin, bruin, st erk puin, edelm an

50 2

-80 2 100

klei, st erk zandig, neut raal bruin, beige, edelm an

100

-100 3

zand, m at ig fijn, kleiig, neut raal beige, grijs, edelm an

4

zand, m at ig fijn, kleiig, neut raal grijs, grijs, edelm an

-100 3 150

zand, m at ig fijn, kleiig, neut raal grijs, beige, edelm an

150

-150

4 200

-200

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

0

200

-200

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

11

bet on, m aaiveld

0

0

12

puin, m aaiveld

edelm an 1 50

0

klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, edelm an

0

edelm an -5

klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, sporen puin, edelm an

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

-30 50

1

-50 100

2

klei, m at ig zandig, donker grijs, grijs, m at ig puin, sporen m et selpuin, m at ig bakst een, edelm an

-80

klei, st erk zandig, neut raal grijs, grijs, edelm an -130

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

M id d e ld ijk 2 8 200711 N EN 5 1 0 4

0

13

bet on, m aaiveld

1

0

0

14

gras, m aaiveld

edelm an -10 1 50

zand, m at ig grof, zwak silt ig, m at ig grindig, neut raal beige, bruin, edelm an

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

1 50

-60

2 100 3

klei, st erk zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, beige, st erk bakst een, edelm an klei, m at ig zandig, zwak grindig, zwak hum eus, neut raal bruin, beige, sporen bakst een, edelm an

0

-50

-100

klei, st erk zandig, neut raal bruin, beige, edelm an

150 4 -170 5 200 6 250

veen, m ineraalarm , neut raal bruin, bruin, edelm an

-210

klei, zwak zandig, neut raal grijs, grijs, edelm an

250 7 300

350

350

-350

t ype p e ilb u is m e t 1 f ilt e r dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

0

15

gras, m aaiveld 1

0

0

16

klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, beige, edelm an

50

1 -50

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

gras, m aaiveld

50 2

klei, m at ig zandig, zwak grindig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, edelm an

-100 3

zand, m at ig fijn, kleiig, neut raal beige, grijs, edelm an

150

-150 4

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

M id d e ld ijk 2 8 200711 N EN 5 1 0 4

-50

klei, st erk zandig, neut raal beige, bruin, edelm an

100

200

0

klei, m at ig zandig, neut raal grijs, grijs, edelm an -200

0

17

gras, m aaiveld 1

0

50

-50

gras, m aaiveld

0

klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, beige, edelm an

50

-50

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

19

gras, m aaiveld 1

0

0

20

klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, beige, edelm an

50

50

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 M id d e ld ijk 2 8 200711 N EN 5 1 0 4

gras, m aaiveld 1

-50

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

onderzoek project code get ekend conform

18 1

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

0

0

klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, beige, edelm an

klei, m at ig zandig, zwak grindig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, st erk bakst een, edelm an

0

-50

0

21

gras, m aaiveld klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, sporen bakst een, edelm an

1 50

0

gras, m aaiveld

-50

0

klei, m at ig zandig, zwak hum eus, neut raal bruin, beige, edelm an

50

-50

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

ASBM M 01 0 1

gazon, m aaiveld klei, st erk zandig, zwak grindig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, sporen m et selpuin, m at ig puin, m at ig bakst een, edelm an

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

22 1

t ype g r on d b or in g dat um 2 3 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

t ype g r on d b or in g dat um 2 4 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

0

M id d e ld ijk 2 8 200711 N EN 5 1 0 4

0

ASBM M 02 0 1

-30

t ype g r on d b or in g dat um 2 4 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

t egel, m aaiveld

0

edelm an -5

klei, m at ig zandig, zwak grindig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, m at ig bakst een, m at ig puin, sporen m et selpuin, edelm an

-30

ASBM M 03 0 1

t ype g r on d b or in g dat um 2 4 -0 7 -2 0 2 0 boorm eest er V e ld w e r k e r

braak, m aaiveld klei, st erk zandig, zwak grindig, zwak hum eus, neut raal bruin, bruin, sporen m et selpuin, m at ig puin, m at ig bakst een, edelm an

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

M id d e ld ijk 2 8 200711 N EN 5 1 0 4

0

-30

PEILBUIS

BORIN G

OLIE OP W ATER REACTIE

num m er

bodem m onst er, geroerd

Geen casing

Zwak

Mat ig

St erk

Uit erst

bodem laag

GEUR IN TEN ISTEIT

bent oniet

grondwat erst and t ijdens boren

bodem m onst er, ongeroerd

filt ergrind

Geen Zeer zwak

Zwak

Mat ig

St erk

bodem laag filt ert raject grondwat erst and

links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP

GRON D SOORTEN

M ATE V AN BIJM EN GIN G

GRIND, grindig (G,g)

zwak - (0-5%)

ZAND, zandig (Z,z)

m at ig - (5-15%)

LEEM, silt ig (L,s)

st erk - (15-50%)

KLEI, kleiig (K,k)

uit erst - (> 50%)

VEEN, hum eus (V,h)

slib

V ERH ARD IN GEN

GRAD ATIE Z AN D

asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag

uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )

OV ERIG

GRAD ATIE GRIN D

bodem vreem de best andsdelen aanwezig

f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )

wat er

BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er

Zeer st erk

Bijlage 4 Getoetste analyseresultaten

-4-

Toetsing volgens BoToVa, module T.12-Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb (Toetsversie 3.0.0, toetskader WBB, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 11-08-2020 - 09:30)

Projectcode Projectnaam Monsteromschrijving Monstersoort en bodemtype Monster conclusie Analyse

Eenheid SR

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies) MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

Monstercode 13290482-001

200711 Middeldijk 28 1 Grond (AS3000)-1 Voldoet aan Achtergrondwaarde BT ST

SC BC

% g %

Ja 95.5 95.5 <1 Geen <0.5 0.5

---

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

<5 <5 <5 <5 <20

-----

Monsteromschrijving 1 1, 01: 5-50

17.5 17.5 17.5 17.5 70 70

AW T

I RBK

-----<=AW190 2595 5000 35

Toetsing volgens BoToVa, module T.12-Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb (Toetsversie 3.0.0, toetskader WBB, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 11-08-2020 - 09:30)

Projectcode Projectnaam Monsteromschrijving Monstersoort en bodemtype Monster conclusie Analyse

Eenheid SR

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies) MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

Monstercode 13290482-002

200711 Middeldijk 28 2 Grond (AS3000)-2 Voldoet aan Achtergrondwaarde BT ST

SC BC

% g %

Ja 71.6 71.6 <1 Geen 4.2 4.2

---

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

<5 <5 <5 <5 <20

-----

Monsteromschrijving 2 2, 01: 200-250

8.33 8.33 8.33 8.33 33.3 33.3

AW T

I RBK

-----<=AW190 2595 5000 35

Toetsing volgens BoToVa, module T.12-Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb (Toetsversie 3.0.0, toetskader WBB, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 11-08-2020 - 09:30)

Projectcode Projectnaam Monsteromschrijving Monstersoort Monster conclusie Analyse

200711 Middeldijk 28 3 Grond (AS3000) Voldoet aan Achtergrondwaarde Eenheid SR

BT

ST

Ja 93.0 93 3.3 Stenen 1.8 1.8

SC BC

AW

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies)

% g %

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)

% vd DS 2.4

2.4

--

METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

122 122 0.24 0.24 10.1 10.1 14.7 14.7 0.0856 0.0856 62.5 62.5 0.35 0.35 24.3 24.3 83.7 83.7

-<=AW 0.6 <=AW 15 <=AW 40 <=AW0.15 * WO 50 <=AW 1.5 <=AW 35 <=AW140

33 <0.2 3.0 7.2 0.06 40 <0.5 8.6 36

<0.01 0.007 0.02 0.02 <0.01 0.007 0.06 0.06 0.03 0.03 0.03 0.03 0.02 0.02 0.03 0.03 0.03 0.03 0.03 0.03 0.264 0.264 0.264

CHLOORBENZENEN hexachloorbenzeen

ug/kg

<1

3.5

POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 som PCB (7) (0.7 factor)

ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9

3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 24.5

CHLOORBESTRIJDINGSMIDDELEN o,p-DDT p,p-DDT som DDT (0.7 factor) o,p-DDD p,p-DDD som DDD (0.7 factor) o,p-DDE p,p-DDE som DDE (0.7 factor) som DDT,DDE,DDD (0.7 factor) aldrin dieldrin endrin som aldrin/dieldrin/endrin (0.7 factor) isodrin som aldrin/dieldrin (0.7 factor) telodrin alpha-HCH beta-HCH gamma-HCH

ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg 1.4 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg 1.4 ug/kg <1 ug/kg 2.4 ug/kg 3.1 µg/kgds 5.9 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg 2.1 ug/kg <1 µg/kgds 1.4 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg <1

3.5 3.5 7 3.5 3.5 7 3.5 12 15.5

3.5 3.5 3.5 3.5

I RBK

--

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kg fenantreen mg/kg antraceen mg/kg fluoranteen mg/kg benzo(a)antraceen mg/kg chryseen mg/kg benzo(k)fluoranteen mg/kg benzo(a)pyreen mg/kg benzo(ghi)peryleen mg/kg indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) mg/kg

3.5 3.5 3.5 10.5 3.5

T

---

-----------

3.5 -------24.5

6.8 102 115 18 290 96 68 430

920 13 190 190 36 530 190 100 720

20 0.2 3 5 0.05 10 1.5 4 20

21

40

0.35

<=AW0.0085 1.0

2

0.001

<=AW 1.5

<=AW 20

1000 4.9

950

1700 2.0

--7

7

15.5 3.5

10.5

3.5 3.5 3.5

<=AW200 --<=AW 20 --<=AW100 ---<=AW 15 ---<=AW 1.0 <=AW 2.0 <=AW 3.0

510

1701034000 1.4

1200 2300 1.4 4.2 320 1.0

2007 4000 2.1

8500 17000 1.0 801 1600 1.0 601 1200 1.0

delta-HCH som a-b-c-d HCH (0.7 factor) heptachloor cis-heptachloorepoxide trans-heptachloorepoxide som heptachloorepoxide (0.7 factor) alpha-endosulfan hexachloorbutadieen endosulfansulfaat trans-chloordaan cis-chloordaan som chloordaan (0.7 factor) Som organochloorbestrijdingsmiddelen (0.7 factor) waterbodem som organochloorbestrijdingsmiddelen (0.7 factor) landbodem MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

Monstercode 13290482-003

Monsteromschrijving 3 3, 14: 0-50

ug/kg <1 µg/kgds 2.8 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg 1.4 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg <1 ug/kg 1.4

3.5 3.5 3.5 3.5 7 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 7

--3.5

7 3.5

7

µg/kgds 17.8 ug/kg

16.4

82

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

<5 <5 <5 <5 <20

17.5 17.5 17.5 17.5 70

-<=AW0.70 --<=AW 2.0 <=AW0.90 <=AW 3.0 -- ---<=AW 2.0 --<=AW -----

70

----<=AW190

2000 4000 1.0

2001 4000 1.4 2000 4000 1.0 1.0

2001 4000 1.4

2595 5000 35

Toetsing volgens BoToVa, module T.12-Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb (Toetsversie 3.0.0, toetskader WBB, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 11-08-2020 - 09:30)

Projectcode Projectnaam Monsteromschrijving Monstersoort Monster conclusie (excl PFAS) Analyse

200711 Middeldijk 28 4 Grond (AS3000) Overschrijding Achtergrondwaarde Eenheid SR

BT

ST

BC

AW T

I RBK

% g %

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)

% vd DS 16

METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

77 108 108 0.44 0.577 0.577 6.4 8.89 8.89 24 31.9 31.9 0.09 0.104 0.104 54 65.5 65.5 <0.5 0.35 0.35 19 25.6 25.6 92 124 124

-920 20 <=AW 0.6 6.8 13 0.2 <=AW 15 102 190 3 <=AW 40 115 190 5 <=AW0.15 18 36 0.05 * WO 50 290 530 10 <=AW 1.5 96 190 1.5 <=AW 35 68 100 4 <=AW140 430 720 20

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kg fenantreen mg/kg antraceen mg/kg fluoranteen mg/kg benzo(a)antraceen mg/kg chryseen mg/kg benzo(k)fluoranteen mg/kg benzo(a)pyreen mg/kg benzo(ghi)peryleen mg/kg indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) mg/kg

0.02 0.02 1.3 1.3 0.23 0.23 4.7 4.7 2.5 2.5 2.3 2.3 0.91 0.91 1.6 1.6 0.77 0.77 0.79 0.79 15.1215.1 15.1

----------*

IN

POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 som PCB (7) (0.7 factor)

ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9

1.71 1.71 1.71 1.71 1.71 1.71 1.71 12

--------

<=AW 20 510 1000 4.9

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

<5 6 10 8 20

8.54 14.6 24.4 19.5 48.8 48.8

-----

----<=AW190 2595 5000 35

PER- EN POLYFLUORALKYLSTOFFEN PFBA (perfluorbutaanzuur) PFPeA (perfluorpentaanzuur) PFHxA (perfluorhexaanzuur) PFHpA (perfluorheptaanzuur) PFOA lineair (perfluoroctaanzuur) PFOA vertakt (perfluoroctaanzuur) som PFOA (0.7 factor) PFNA (perfluornonaanzuur) PFDA (perfluordecaanzuur) PFUnDA (perfluorundecaanzuur) PFDoDA (perfluordodecaanzuur) PFTrDA (perfluortridecaanzuur) PFTeDA (perfluortetradecaanzuur) PFHxDA (perfluorhexadecaanzuur) PFODA (perfluoroctadecaanzuur) PFBS (perfluorbutaansulfonzuur)

Ja 84.4 84.4 <1 Geen 4.1 4.1

SC

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies)

----

16

--

12

-toetsing uitgevoerd door SYNLAB µg/kgds 0.12 0.12 ¤ 0.12 ¤ µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds 1.7 1.7 1.7 µg/kgds 0.11 0.11 0.11 µg/kgds 1.8 1.8 ¤ 1.8 ¤ µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07

-------------

1.5

0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.14 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10

21

-----------------

40 0.35

---------------------------------

-----------------

PFPeS (perfluorpentaansulfonzuur) PFHxS (perfluorhexaansulfonzuur) PFHpS (perfluorheptaansulfonzuur) PFOS lineair (perfluoroctaansulfonzuur) PFOS vertakt (perfluoroctaansulfonzuur) som PFOS (0.7 factor) PFDS (perfluordecaansulfonzuur) 4:2 FTS (4:2 fluortelomeer sulfonzuur) 6:2 FTS (6:2 fluortelomeer sulfonzuur) 8:2 FTS (8:2 fluortelomeer sulfonzuur) 10:2 FTS (10:2 fluortelomeer sulfonzuur) MeFOSAA (n-methyl perfluoroctaansulfonamide acetaat) EtFOSAA (n-ethyl perfluoroctaansulfonamide acetaat) PFOSA (perfluoroctaansulfonamide) MeFOSA (n-methyl perfluoroctaansulfonamide) 8:2 DiPAP (8:2 fluortelomeer fosfaat diester) HFPO-DA (2,3,3,3-tetrafluor-2-(heptafluorpropoxy) propaanzuur)

Monstercode 13290482-004

µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds 0.23 0.23 µg/kgds 0.11 0.11 µg/kgds 0.34 0.34 ¤ µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07

0.07 0.07 0.07 0.23 0.11 0.34 ¤ 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07

------

0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.14 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10

-----------------

---------------------------------

-----------------

µg/kgds <0.1 0.07

0.07

-

0.10

--

---

--

Monsteromschrijving 4 4, 06: 30-80, 15: 0-50, 17: 0-50, 18: 0-50

Toetsing volgens BoToVa, module T.12-Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb (Toetsversie 3.0.0, toetskader WBB, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 11-08-2020 - 09:30)

Projectcode Projectnaam Monsteromschrijving Monstersoort Monster conclusie (excl PFAS) Analyse

200711 Middeldijk 28 5 Grond (AS3000) Overschrijding Achtergrondwaarde Eenheid SR

BT

ST

BC

AW T

I RBK

% g %

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)

% vd DS 16

METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

78 110 110 0.41 0.552 0.552 6.2 8.61 8.61 20 27 27 0.12 0.139 0.139 84 103 103 <0.5 0.35 0.35 19 25.6 25.6 96 130 130

-920 20 <=AW 0.6 6.8 13 0.2 <=AW 15 102 190 3 <=AW 40 115 190 5 <=AW0.15 18 36 0.05 * WO 50 290 530 10 <=AW 1.5 96 190 1.5 <=AW 35 68 100 4 <=AW140 430 720 20

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kg fenantreen mg/kg antraceen mg/kg fluoranteen mg/kg benzo(a)antraceen mg/kg chryseen mg/kg benzo(k)fluoranteen mg/kg benzo(a)pyreen mg/kg benzo(ghi)peryleen mg/kg indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) mg/kg

<0.010.007 0.13 0.13 0.03 0.03 0.49 0.49 0.24 0.24 0.26 0.26 0.16 0.16 0.22 0.22 0.18 0.18 0.16 0.16 1.877 1.88 1.88

----------* WO

POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 som PCB (7) (0.7 factor)

ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9

2.06 2.06 2.06 2.06 2.06 2.06 2.06 14.4 14.4

--------

<=AW 20 510 1000 4.9

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg

<5 <5 11 10 20

10.3 10.3 32.4 29.4 58.8 58.8

-----

----<=AW190 2595 5000 35

PER- EN POLYFLUORALKYLSTOFFEN PFBA (perfluorbutaanzuur) PFPeA (perfluorpentaanzuur) PFHxA (perfluorhexaanzuur) PFHpA (perfluorheptaanzuur) PFOA lineair (perfluoroctaanzuur) PFOA vertakt (perfluoroctaanzuur) som PFOA (0.7 factor) PFNA (perfluornonaanzuur) PFDA (perfluordecaanzuur) PFUnDA (perfluorundecaanzuur) PFDoDA (perfluordodecaanzuur) PFTrDA (perfluortridecaanzuur) PFTeDA (perfluortetradecaanzuur) PFHxDA (perfluorhexadecaanzuur) PFODA (perfluoroctadecaanzuur) PFBS (perfluorbutaansulfonzuur)

Ja 81.9 81.9 <1 Geen 3.4 3.4

SC

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies)

16

-----

-toetsing uitgevoerd door SYNLAB µg/kgds 0.19 0.19 ¤ 0.19 ¤ µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds 1.2 1.2 1.2 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds 1.3 1.3 ¤ 1.3 ¤ µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 0.07

-------------

1.5

0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.14 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10

21

-----------------

40 0.35

---------------------------------

-----------------

PFPeS (perfluorpentaansulfonzuur) PFHxS (perfluorhexaansulfonzuur) PFHpS (perfluorheptaansulfonzuur) PFOS lineair (perfluoroctaansulfonzuur) PFOS vertakt (perfluoroctaansulfonzuur) som PFOS (0.7 factor) PFDS (perfluordecaansulfonzuur) 4:2 FTS (4:2 fluortelomeer sulfonzuur) 6:2 FTS (6:2 fluortelomeer sulfonzuur) 8:2 FTS (8:2 fluortelomeer sulfonzuur) 10:2 FTS (10:2 fluortelomeer sulfonzuur) MeFOSAA (n-methyl perfluoroctaansulfonamide acetaat) EtFOSAA (n-ethyl perfluoroctaansulfonamide acetaat) PFOSA (perfluoroctaansulfonamide) MeFOSA (n-methyl perfluoroctaansulfonamide) 8:2 DiPAP (8:2 fluortelomeer fosfaat diester) HFPO-DA (2,3,3,3-tetrafluor-2-(heptafluorpropoxy) propaanzuur)

Monstercode 13290482-005

µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds 0.28 0.28 µg/kgds 0.11 0.11 µg/kgds 0.39 0.39 ¤ µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07 µg/kgds <0.1 0.07

0.07 0.07 0.07 0.28 0.11 0.39 ¤ 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07 0.07

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12078281/1