CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage A - Akoestisch onderzoek planMER Windenergie Vaanplein 0.4 220616

commissie Ruimte 4 oktober 2022, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Ontwerpbestemmingsplan Windenergie Vaanplein9.095 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bosch & van Rijn Franz-Lisztplantsoen 220 3533 JG Utrecht 030 – 677 6466

Auteurs Daan Booij MSc.

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Opdrachtgever Gemeente Barendrecht

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Datum

16 juli 2022

Versie

0.4

Auteur

Daan Booij

Tweede lezer

Steven Velthuijsen

Bosch & Van Rijn Franz-Lisztplantsoen 220 3533 JG Utrecht Tel: Mail: Web:

030-677 6466 info@boschenvanrijn.nl www.boschenvanrijn.nl

© Bosch & Van Rijn 2022 Behoudens hetgeen met de opdrachtgever is overeengekomen, mag in dit rapport vervatte informatie niet aan derden worden bekendgemaakt. Bosch & Van Rijn BV is niet aansprakelijk voor schade door het gebruik van deze informatie

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Inhoudsopgave H OOFDSTUK 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6

H OOFDSTUK 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

H OOFDSTUK 3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6

H OOFDSTUK 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6

H OOFDSTUK 5 5.1 5.2

H OOFDSTUK 6 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5

H OOFDSTUK 7 BIJLAGE A A.1

BIJLAGE B BIJLAGE C BIJLAGE D BIJLAGE E

INLEIDING

3

Aanleiding Windturbines Toelichting vaktermen Wettelijke norm Meten en rekenen Beoordelingscriteria MER

3 3 5 5 6 6

REKENMETHODE

7

Bodemabsorptie en -reflectie Spectrale verdeling Windaanbod Rekenmethode Laagfrequent geluid

7 7 8 8 9

ALTERNATIEVEN

FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD.

Contouren Aantal woningen binnen de geluidscontouren Aantal woningen binnen de geluidscontouren – relatief Geluidsbelasting op recreatiegebieden, het crematorium en de kinderboerderij Nabijgelegen recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij Laagfrequent geluid

10 12 12 12 14 15

CUMULATIE

19

Geluidsbronnen Huidige cumulatieve geluidsbelasting Cumulatieve geluidsbelasting inclusief windturbines Gezondheidseffectscreening (GES) Gemeentelijk geluidsbeleid Bevindingen cumulatie

19 20 20 21 23 24

BEOORDELINGSKADER

25

Beoordelingskader Resultaten

25 26

MITIGERENDE MAATREGELEN

27

Inleiding Normgrenzen Geluidsreducerende modi Rekenresultaten geluid Opbrengstderving

27 27 30 31 33

BIJLAGEN OVERZICHT WINDTURBINEGEGEVENS

39 40

Algemene kenmerken

40

WINDAANBOD GELUIDSCONTOUREN IMMISSIEWAARDEN IN- EN UITVOER GEOMILIEU

41 42 43 51

2

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1

Aanleiding Bosch & van Rijn heeft ten behoeve van een milieueffectrapportage (MER) een akoestische studie uitgevoerd naar de geluidsimmissie bij gevoelige objecten van drie opstellingsalternatieven voor windturbines rondom het knooppunt Vaanplein in de gemeente Barendrecht. Deze studie volgt de beoordelingscriteria zoals opgenomen in de Notitie Reikwijdte en Detailniveau Windenergie Vaanplein.

1.2

Windturbines Het MER beschouwt drie alternatieven, die verschillen door het aantal en de posities van de windturbines. Per alternatief is een windturbinetype geselecteerd dat representatief is voor de betreffende klasse van windturbines. Per categorie betekent dit dat een windturbine gekozen is waarvan bekend is dat dit niet de stilste en niet de luidste in haar klasse is. Van een aantal turbines in de desbetreffende klasse is een grafiek gemaakt om inzichtelijk te maken wat de geluidsniveaus zijn van de verschillende windturbinetypen (Figuur 1). Voor de kleine variant is uitgegaan van de Vestas V126-3.45 LTq (hierna in de tekst aangeduid als V126) en voor de voor de grote variant is de Siemens SG6.6 170 aangehouden. In de figuur is ook te zien dat de geselecteerde turbines qua geluidsniveau niet de stilste of luidste types zijn in hun klasse.

Inleiding

3

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 1

Jaargemiddelde bronsterkte t.o.v. rotordiameter. De afmetingsklasse van de kleine variant is door gerekend op basis van het windaanbod op 87 meter hoogte. De afmetingsklasse van de grote variant is doorgerekend op basis van het windaanbod op 165 meter hoogte.

Jaargemiddelde bronsterkte (LE,den)

112

N163-5.X SG 6.6-170

111 110

N163/6.X

G126-2.625

SWT-3.6-130

V126-3.45 LTq

Vensys170-5600

SG 6.0-170

E-126 7,5MW

109

V162-6.0 V162-5.6

108 SWT-3.3-130

3.4M122

107

V126 -3.6

106

E-126 EP4 4.2

105 120

130

140

150

160

170

180

Rotordiameter (in m)

Ashoogte = 165 m

Ashoogte = 87 m

Figuur 2

MER-alternatieven Windenergie Vaanplein Barendrecht

De eigenschappen van de MER-alternatieven staan in onderstaande tabellen. Tabel 1

Eigenschappen windturbineopstellingen 3x klein

Inleiding

2x groot

3x groot

Aantal windturbines

3

2

3

Ashoogte (m)

87

165

165

4

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Rotordiameter (m)

126

Tiphoogte (m) Gebruikt windturbinetype

Tabel 2

170

150

250

250

Vestas V126 (3,45MW)

Siemens Gamesa SG6.6 170 (6,6MW)

Siemens Gamesa SG6.6 170 (6,6MW)

Coördinaten windturbines 3x klein

1.3

170

2x groot

3x groot

X

Y

X

Y

X

Y

94.406

431.383

94.506

431.382

93.992

431.311

94.779

431.392

95.155

431.375

94.703

431.374

95.155

431.375

95.392

431.322

Toelichting vaktermen In de voorgaande en volgende paragrafen worden diverse termen genoemd. ➢ LW,max betreft de maximale bronsterkte van een windturbine, zoals opgegeven door de fabrikant. ➢ LE is de jaargemiddelde bronsterkte, zonder periode gerelateerde straffactoren. ➢ LE,den is de jaargemiddelde bronsterkte, berekend volgens de Lden-methodiek. Ook de geluidsnorm voor (onder andere) wegverkeer is uitgedrukt in Lden. ‘den’ staat hierbij voor Day-Evening-Night. Dit is een jaargemiddelde bronsterkte, waarbij de avond- en nachtperiode zwaarder meetellen door een straffactor van respectievelijk 5 en 10 dB.

Figuur 3

Berekening LE,den, met het meetellen van de straffactoren in de avond en nacht

De jaargemiddelde bronsterkte hangt af van de ‘geluidscurve’ van de windturbine (hoeveel geluid de windturbine produceert bij elke windsnelheid) en het lokale windaanbod en is berekend met het softwarepakket GeoMilieu. De geluidscurve verschilt van type tot type.

1.4

Wettelijke norm Tot voorkort waren er rechtstreeks geldende geluidsnormen voor windparken opgenomen in het Activiteitenbesluit milieubeheer: 47 dB Lden en 41 dB Lnight. Omdat voor het Activiteitenbesluit ten onrechte geen milieueffectrapport is opgesteld zijn deze normen door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State buiten toepassing verklaard voor windturbineprojecten die vallen onder bijlage II van de

Inleiding

5

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Europese Mer-richtlijn. In de uitspraak wordt expliciet door de RvS genoemd dat een gemeenteraad niet verplicht is aan te sluiten bij de normen uit het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling. De raad kan er ook voor kiezen om eigen normen te hanteren. Die normen moeten dan zijn voorzien van een actuele, deugdelijke, op zichzelf staande en op de aan de orde zijnde situatie toegesneden motivering. In dit akoestisch onderzoek wordt hier rekening mee gehouden door te rekenen met meerdere geluidsniveaus. In de NRD is voor onder andere het thema geluid aangegeven dat er in het onderzoek een brede effectbepaling en beoordeling wordt gemaakt. Op basis van deze beoordeling kan dan gekomen worden tot een locatie specifieke normstelling. Voorafgaand daaraan wordt voor de 3 MER-alternatieven eerst berekend hoeveel geluid de windturbines op omliggende woningen en andere gevoelige objecten veroorzaken. Het mogelijk limiteren van deze immissie is een vervolgstap daarop.

1.5

Meten en rekenen Voor wat betreft het meten en berekenen van geluid wordt verwezen naar afdeling 3.2.3 van het Activiteitenbesluit milieubeheer en artikel 3.2.3 van de Activiteitenregeling milieubeheer, inclusief bijlage 4 daarbij (Reken- en meetvoorschrift windturbines). Ondanks dat de geluidsnormen niet meer gelden blijft het Reken- en Meetvoorschrift van kracht.

1.6

Beoordelingscriteria MER In het milieueffectrapport waar dit onderzoek een bijlage van is wordt het milieueffect geluid beoordeeld aan de hand van de volgende criteria komend uit de NRD: 1. Aantal geluidgevoelige objecten (zoals woningen van derden) binnen de geluidscontouren van 47 dB Lden, 42 dB Lden en 37 dB Lden (absoluut en relatief) 2. Geluidsbelasting ter plaatse van nabijgelegen recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij. 3. Toename van de som van de GES-scores1 van woningen met tenminste 37 dB Lden (absoluut en relatief). In de buurt van het plangebied zijn geen windturbines die bijdragen aan het cumulatieve geluid in de omgeving. Wel wordt het cumulatieve geluidsniveau (inclusief andere bronnen dan het windpark) behandeld in Hoofdstuk 4. Aanvullend wordt op een aantal maatgevende woningen de laagfrequente geluidsbelasting inzichtelijk gemaakt maar dit is geen onderdeel van het beoordelingskader.

1 GES staat voor gezondheideffectscreening. Zie paragraaf 0 voor nadere toelichting.

Inleiding

6

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Hoofdstuk 2 Rekenmethode 2.1

Bodemabsorptie en -reflectie De bodem van de onderzochte locatie is te kenmerken als stedelijk gebied en recreatieterreinen met in de nabije omgeving: recreatieterreinen, rijkswegen, spoorwegen, lokale wegen en woonbebouwing. Zowel aan de noordzijde als de zuidzijde van de A15 zijn woonwijken en bedrijventerreinen gevestigd. Een reflecterende bodem, zoals water, zonnepark of verharding, heeft een bodemfactor van 0. Een zachte bodem in de vorm van recreatiegebieden en grasveld in het model zijn gekenmerkt als absorberende bodem en hebben in het Reken- en meetvoorschrift Windturbines een bodemfactor van 1 (Reken- en meetvoorschrift windturbines, paragraaf 3.11.2). Onderstaande afbeelding toont de bodemfactor in de omgeving van het projectgebied.

Figuur 4

Bodemgebied

2.2

Spectrale verdeling De spectrale verdeling van een windturbine beschrijft hoe het geluid verdeeld is over de verschillende toonhoogten. Het spectrum beïnvloedt de mate waarin het geluid draagt. Lagere tonen worden in de lucht minder snel uitgedoofd. In het algemeen geldt voor windturbines dat er over een breed spectrum geluid wordt uitgezonden en dat hoge en lage tonen een kleiner aandeel hebben in de

Rekenmethode

7

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

totale geluidsemissie dan gemiddelde frequenties (ca. 250-2.500 Hz). Voor de beide typen hebben de windturbinefabrikanten de spectra bekendgemaakt. Het door SG 6.6-170 gepubliceerde spectrum reikt niet lager dan 62,5 Hz. Vandaar dat er bij de 31,5 Hz octaafband dezelfde bronsterkte wordt aangenomen als bij 62,5 Hz (dit is een worst-case aanname, aangezien bij alle windturbinetypes geldt dat de bronsterkte aan de onderkant van het spectrum afneemt bij lagere toonhoogtes). De spectra zijn hieronder weergegeven, alsook in Bijlage E. Figuur 5

Spectra van beide onderzochte windturbinetypes

2.3

Windaanbod Ten behoeve van de berekeningen is de meest recente KNMI-dataset toegepast met het windsnelheidsaanbod op basis van langjarige gemiddelden, voor zowel dag, avond en nacht.

2.4

Rekenmethode Met het softwarepakket GeoMilieu is voor nabijgelegen woningen de jaargemiddelde geluidsbelasting Lden berekend. Dit is een speciaal gemiddelde, waarbij de avond- en nachtperiode zwaarder meetellen door een straffactor van respectievelijk 5 en 10 dB. Daarnaast is onder andere een drietal contouren getekend, namelijk de drie contouren van 47, 42 en 37 dB Lden in overeenstemming met de MER-beoordelingscriteria.

Rekenmethode

8

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

2.5

Laagfrequent geluid Een gedeelte van het geluid dat windturbines produceren heeft een frequentie van 4-160 Hz en wordt daarom geclassificeerd als laagfrequent geluid. Uit zienswijzen op eerdere windprojecten is gebleken dat de vrees bestaat dat laagfrequent geluid mensen ziek maakt en dat de Nederlandse geluidsnorm onvoldoende bescherming biedt, omdat bij de vaststelling van de voorheen voor windturbinegeluid geldende norm van 47 dB op basis van Lden met deze informatie geen rekening zou zijn gehouden. Om deze reden heeft de Staatssecretaris van I&M in 2014 een brief aan de Tweede Kamer gestuurd2 met twee onderzoeken van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en een literatuurstudie naar laagfrequent geluid door Bureau LBP/Sight. Op grond van inzichten uit deze onderzoeken concludeerde de Staatssecretaris dat de omgeving bij toepassing van een norm van 47 dB Lden voldoende is beschermd tegen laagfrequent geluid. Daarmee is onderbouwd dat, bij een geluidsnorm voor windenergie van 47 dB Lden of strenger, er geen belangrijke negatieve effecten optreden als gevolg van laagfrequent geluid van windturbines. Gegeven de verwachting dat een lokale geluidsnorm voor windturbines ten minste strenger zal zijn dan 47 dB Lden bevat het planMER geen beoordelingscriteria op dit thema.

Ondanks dit standpunt wordt in dit onderzoek ook het laagfrequent geluid op nabijgelegen woningen meegenomen. Zie daarvoor paragraaf 3.6.

2 kenmerk brief: IENM/BSK-2014/44564

Rekenmethode

9

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Hoofdstuk 3 Resultaten 3.1

Contouren In deze paragraaf worden ter illustratie de 47 dB Lden, 42 dB Lden en 37 dB Lden contouren weergegeven van de alternatieven. Dergelijke contouren geven grafisch weer hoe hoog de jaargemiddelde geluidsbelasting is op elke plek rondom de onderzoeksopstellingen. Een 47 dB Lden-contour wil zeggen dat de jaargemiddelde Ldengeluidsbelasting binnen de contour hoger is dan 47 dB en erbuiten 47 dB of lager.

Figuur 6

Resultaten

Alternatief 3x klein - 47, 42 en 37 dB Lden contour.

10

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 7

Alternatief 2x groot - 47, 42 en 37 dB Lden contour

Figuur 8

Alternatief 3x groot - 47, 42 en 37 dB Lden contour

De bovenstaande geluidscontouren vertonen een uitstulping waar deze over wegen of industrie reiken. Dit heeft te maken met het feit dat een harde bodem geluid beter reflecteren, waardoor het verder draagt. Bijlage E bevat de immissiewaarden van de woningen die ten minste 45 dB Lden ontvangen bij alternatief 3x groot. Deze selectie is gemaakt omdat de lijst met alle omliggende woningen te extensief is.

Resultaten

11

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

3.2

Aantal woningen binnen de geluidscontouren De resultaten voor nabijgelegen woningen zijn samengevat in onderstaande tabel.

Tabel 3

Aantal woningen binnen de geluidscontouren

Kop 1

Alternatief 3x klein

Alternatief 2x groot

Alternatief 3x groot

6.478 1.260 13

9.462 1.753 15

16.179 4.348 106

Woningen binnen de 37 dB Lden contour Woningen binnen de 42 dB Lden contour Woningen binnen de 47 dB Lden contour

3.3

Aantal woningen binnen de geluidscontouren – relatief Om een evenwichtige vergelijking te kunnen maken tussen alternatieven is ook gekeken naar de hoeveelheid woningen in relatie tot de hoeveelheid geproduceerde energie per alternatief. Op deze wijze wordt inzichtelijk gemaakt wat de relatieve effecten per opstelling zijn. De energieopbrengst resultaten voor nabijgelegen woningen zijn per alternatief samengevat in onderstaande tabel.

Tabel 4

Aantal relatieve woningen binnen de geluidscontouren

Kop 1 Energieopbrengst (GWh/jr) Woningen/GWh/jr binnen de 37 dB Lden contour Woningen/GWh/jr binnen de 42 dB Lden contour Woningen/GWh/jr binnen de 47 dB Lden contour

3.4

Alternatief 3x klein

Alternatief 2x groot

Alternatief 3x groot

28 346 67 1

49 192 36 0

74 219 59 1

Geluidsbelasting op recreatiegebieden, crematorium en kinderboerderij In de nabije omgeving van de MER-alternatieven zijn verschillende recreatiegebieden, een crematorium en een kinderboerderij gelegen. Per MER-alternatief is de verwachte geluidsbelasting op de recreatiegebieden, het crematorium en de kinderboerderij berekend. De selectie van recreatiegebieden is gedaan op basis van enkelbestemmingen ‘recreatie’ in bestemmingsplannen en op basis van de structuurvisie Barendrecht (Vastgesteld op 2 juli 2012). De recreatiegebieden zijn in een versimpelde vorm als vlakken ingetekend in de kaart (Figuur 9). Onderstaande figuren tonen de geluidsbelasting van de alternatieven op de recreatiegebieden, het crematorium en de kinderboerderij. Op basis van deze gegevens is in Tabel 5 de minimale en maximale geluidsbelasting per gebied opgemaakt.

Resultaten

12

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 9

Alternatief 3x klein - Geluidsbelasting recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij

Figuur 10

Alternatief 2x groot - Geluidsbelasting recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij

Resultaten

13

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 11

Alternatief 3x groot - Geluidsbelasting recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij

3.5

Nabijgelegen recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij De resultaten voor nabijgelegen recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij zijn samengevat in onderstaande tabel.

Tabel 5

Geluidsbelasting nabijgelegen recreatiegebieden, het crematorium en de kinderboerderij

Kop 1

Recreatieterrein / crematorium / Kinderboerderij

Recreatieterreinen 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19

Resultaten

Alternatief 3x klein

Alternatief 2x groot

Alternatief 3x groot

Laag (dB Lden)

Hoog (dB Lden)

Laag (dB Lden)

Hoog (dB Lden)

Laag (dB Lden)

Hoog (dB Lden)

34 39 43 44 45 48 47 27 29 32 33 33 36 27 30 37 39 46 41

38 43 46 47 47 49 51 28 30 32 33 35 37 31 38 40 47 58 59

36 40 43 44 45 48 48 30 32 35 35 35 37 30 33 38 40 45 42

39 44 46 47 47 49 52 30 33 35 35 37 38 34 39 40 46 55 56

37 41 45 44 45 47 48 35 36 39 40 41 43 35 38 45 47 49 46

40 45 49 47 47 48 50 35 38 40 41 42 44 38 45 48 56 55 55

14

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER 20 21 Crematorium (22) Kinderboerderij (23)

3.6

34 26 48 45

42 49 51 48

36 29 48 45

43 49 51 49

39 34 48 45

47 50 51 48

Laagfrequent geluid Ten behoeve van de geluidsbelasting is op 4 maatgevende woningen de laagfrequente geluidsbelasting onderzocht. Het laagfrequente geluidsbronvermogen van een windturbine is gedefinieerd als de opgetelde geluidsbronvermogens in de octaafbanden 31,5; 63 en 125 Hz. De vier maatgevende woningen zijn niet de dichtstbijzijnde woningen van de vier woonwijken ten opzichte van het windpark. Ter indicatie zijn woningen op verschillende afstanden aangehouden. Tabel 6 toont de afstand van de maatgevende woning tot de dichtstbijzijnde windturbine per alternatief. Hiermee is voor verschillende afstanden indicatief inzichtelijk gemaakt hoeveel laagfrequent geluid de windturbines veroorzaken.

Figuur 12

Maatgevende woningen laagfrequent geluid

Tabel 6

Afstand maatgevende woningen tot dichtstbijzijnde windturbine per alternatief Afstand tot alternaAfstand tot alternaAfstand tot alternatief Maatgevende woning Van der Meulenstraat 4 Bijenpark 10 Gazellenburg 48 Poelenburg 18

Resultaten

tief 3x klein (m)

tief 2x groot (m)

3x groot (m)

1214 316 508 487

1214 316 549 575

986 402 469 326

15

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

3.6.1

Jaargemiddelde laagfrequente immissie

Tabel 7

Alternatief 3x klein - laagfrequent geluid (dB Lden)

Kop 1

31,5 Hz

63 Hz

125 Hz

Immissie volledig spectrum

Immissie laagfrequent

% LFG

12 24 21 20

22 33 30 30

21 35 28 28

35 42 44 44

24 30 32 32

10% 7% 7% 7%

Van der Meulenstraat 4 Bijenpark 10 Gazellenburg 48 Poelenburg 18

Tabel 8

Alternatief 2x groot - laagfrequent geluid (dB Lden)

Kop 1

31,5 Hz

63 Hz

125 Hz

Immissie volledig spectrum

Immissie laagfrequent

% LFG

26 36 32 32

26 36 32 31

25 37 31 30

37 43 44 44

30 35 36 36

23% 18% 17% 17%

Van der Meulenstraat 4 Bijenpark 10 Gazellenburg 48 Poelenburg 18

Tabel 9

Alternatief 3x groot - laagfrequent geluid (dB Lden)

Kop 1

31,5 Hz

63 Hz

125 Hz

Immissie volledig spectrum

Immissie laagfrequent

% LFG

28 35 34 36

28 35 34 36

27 37 34 35

39 49 47 49

33 41 39 40

22% 16% 16% 15%

Van der Meulenstraat 4 Bijenpark 10 Gazellenburg 48 Poelenburg 18

3.6.2

Waarnemingsdrempel Bij het beschouwen van laagfrequent geluid is de waarnemingsdrempel een belangrijk begrip. De waarnemingsdrempel is de laagste geluidsdruk waarbij een persoon een frequentie nog kan waarnemen. Onderstaande figuur toont de waarnemingsdrempel voor het (gemiddeld) menselijk oor. Hieruit kan worden opgemaakt dat het menselijk gehoor niet voor elke frequentie even gevoelig is; de waarnemingsdrempel voor laagfrequent is veel hoger dan die voor hoogfrequent geluid; dat betekent dat laagfrequent geluid harder moet zijn om waargenomen te kunnen worden.

Resultaten

16

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 13

Gemiddelde gehoordrempel van jonge, gezonde mensen.

In de tabellen hieronder wordt inzicht geboden in de maximale laagfrequente geluidsbelasting bij een viertal woningen in de omgeving van de onderzoeksopstellingen. Daarbij zijn waarden die zich onder de waarnemingsdrempel bevinden van de betreffende toonhoogte grijs weergegeven.

3.6.3

Maximale momentane laagfrequente immissie

Tabel 10

Alternatief 3x klein - laagfrequent geluid (dB (A))

Kop 1 Van der Meulenstraat 4 Bijenpark 10 Gazellenburg 48 Poelenburg 18

Tabel 11

Van der Meulenstraat 4 Bijenpark 10 Gazellenburg 48 Poelenburg 18

125 Hz

LFG totaal

12 23 20 20

21 33 29 29

20 34 27 28

24 36 32 32

31,5 Hz

63 Hz

125 Hz

LFG totaal

21 31 26 25

21 31 26 25

20 32 25 24

26 37 30 30

31,5 Hz

63 Hz

125 Hz

LFG totaal

24 31 30 32

24 31 30 32

23 33 29 31

28 37 35 36

Alternatief 3x groot - laagfrequent geluid (dB (A))

Kop 1 Van der Meulenstraat 4 Bijenpark 10 Gazellenburg 48 Poelenburg 18

Resultaten

63 Hz

Alternatief 2x groot - laagfrequent geluid (dB (A))

Kop 1

Tabel 12

31,5 Hz

17

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

3.6.4

Conclusie laagfrequent geluid Bij de alternatieven is te zien dat het aandeel laagfrequent geluid op een grotere afstand hoger is dan op een kleinere afstand. Dit komt doordat het hoogfrequente geluid eerder uitdooft in de lucht. De immissiewaarden bij 31,5 Hz en 63 Hz zijn voor alle alternatieven en alle maatgevende punten lager dan de waarnemingsdrempel bij de betreffende toonhoogte (zoals af te lezen uit Figuur 13). Geluid met een toonhoogte van 125 Hz is wel waarneembaar, maar met 12 tot 28 dB zal deze bijdrage niet significant bijdragen aan de geluidsbeleving, zeker gezien de achtergrondgeluidniveaus. Zie daarvoor ook het volgende hoofdstuk.

Resultaten

18

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Hoofdstuk 4 Cumulatie Het RIVM is in bezit van geluidkaarten per geluidsbron en heeft deze kaarten samengevoegd tot één rasterkaart met het cumulatieve geluidsniveau in Lden3. Deze openbare kaart is gebruikt om het huidige geluidsniveau bij alle geluidsgevoelige objecten in de nabije omgeving af te lezen. Alle woningen binnen 3 km van het windpark zijn meegenomen in de analyse. Zie onderstaande figuur voor de ligging van de adressen in de omgeving en de huidige cumulatieve geluidsniveaus (Lcum,oud). Figuur 14

Huidige cumulative geluidsbelasting (Lcum, oud). Bron: RIVM.

De kaart met cumulatieve geluidswaarden van het RIVM geeft aan wat de huidige geluidsbelasting is. Vervolgens wordt het windturbinegeluid van de alternatieven hierbij opgeteld, om zowel het nieuwe cumulatieve geluidsniveau alsmede de toename te tonen.

4.1

Geluidsbronnen De voornaamste geluidsdruk in de omgeving komt van wegverkeerlawaai, spoorwegen, overige wegen en industrielawaai. Er zijn geen andere windturbines in de omgeving die impact hebben op de geluidsniveaus bij de woningen.

3 https://data.overheid.nl/dataset/7133-geluid-in-nederland--lden-

Cumulatie

19

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

4.2

Huidige cumulatieve geluidsbelasting De huidige cumulatieve geluidsbelasting van industrie en wegverkeer samen wordt berekend volgens de rekenregels voor cumulatie van verschillende bronnen. De kaart biedt op globale schaal een goed beeld van de geluidkwaliteit van aandachtsgebieden zoals woonkernen, natuur- en stiltegebieden. De bijdrage aan de cumulatieve kaart door weg- en railverkeer is bepaald met een standaard rekenmethode (RIMV2012). De cumulatieve kaart is een gecombineerd totaal van de genoemde bronnen en geeft een indicatief beeld voor de geluidkwaliteit. Het verkregen resultaat wordt aangeduid met Lcum,oud: het cumulatieve geluidsniveau zonder de windturbines.

4.3

Cumulatieve geluidsbelasting inclusief windturbines Ook de geluidsbelasting als gevolg van de windturbines kan door middel van een rekenregel worden omgerekend naar equivalente geluidsniveaus, waarna deze toevoeging kan worden opgeteld bij de huidige geluidsbelasting. Zo vinden wij de cumulatieve geluidsbelasting inclusief de windturbines: Lcum,nieuw en de toename van het geluidsniveau bij elke woning. De berekening wordt voor elk variant van de MERalternatieven apart uitgevoerd. De betekenis van de kolomnamen in de tabel is als volgt: Lcum,oud Gecumuleerd geluid a.g.v. zowel industrie als wegverkeer LWT Geluid a.g.v. windturbines, voor de MERalternatieven. L*WT Geluid a.g.v. windturbines, hinderequivalent geluidsniveau Lcum,nieuw Gecumuleerd geluid a.g.v. industrie, wegverkeer én windturbines. Toename Het verschil tussen Lcum,nieuw en Lcum,oud Op de volgende pagina is per alternatief een vijftal adressen opgenomen met de hoogste cumulatieve geluidsbelasting (incl. windturbines) per alternatief waar ten minste een toename van 1 dB plaatsvindt.

Tabel 13

Alternatief 3x klein – Een vijftal adressen met de hoogste cumulatieve geluidsbelasting met een minimale toename van 1 dB. Adres

Bijenpark 6 Bijenpark 9 Bijenpark 8 Bijenpark 7 Bijenpark 5 Tabel 14

LWT

L*WT

Lcum, nieuw

Toename Lcum

61 60 60 60 60

49 49 49 49 49

60 61 60 60 60

64 63 63 63 63

3 3 3 3 3

Alternatief 2x groot - Een vijftal adressen met de hoogste cumulatieve geluidsbelasting met een minimale toename van 1 dB. Adres

Bijenpark 6

Cumulatie

Lcum, oud

Lcum, oud

LWT

L*WT

Lcum, nieuw

Toename Lcum

61

49

61

64

3

20

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Bijenpark 10 Bijenpark 9 Bijenpark 8 Bijenpark 7 Tabel 15

60 60 60 60

50 49 49 49

62 61 61 61

64 64 64 64

4 4 4 4

Alternatief 3x groot - Een vijftal adressen met de hoogste cumulatieve geluidsbelasting met een minimale toename van 1 dB. Adres

Gazellenburg 52 Gazellenburg 54 Gazellenburg 40 Gazellenburg 48 Gazellenburg 46

Lcum, oud

LWT

L*WT

Lcum, nieuw

Toename Lcum

66 66 65 65 65

47 47 47 47 47

57 57 57 57 57

67 67 66 66 66

1 1 1 1 1

Aanvullend zijn in onderstaande tabellen per alternatief een vijftal adressen opgenomen waar de grootste toename van geluid voorkomt. Tabel 16

Alternatief 3x klein – Een vijftal adressen met de grootste toename van cumulatief geluid. Adres

Voltairestraat 30 Voltairestraat 32 Voltairestraat 34 Voltairestraat 36 Voltairestraat 38

Tabel 17

Rousseaustraat 30 Rousseaustraat 32 Rousseaustraat 34 Rousseaustraat 36 Rousseaustraat 38

L*WT

Lcum, nieuw

Toename Lcum

45 45 45 45 45

54 54 54 54 54

56 56 56 56 56

5 5 5 5 5

Lcum, oud

LWT

L*WT

Lcum, nieuw

Toename Lcum

51 51 51 51 51

46 46 46 46 46

56 56 56 56 56

57 57 57 57 57

6 6 6 6 6

Alternatief 3x groot – Een vijftal adressen met de grootste toename van cumulatief geluid. Adres

Maldenburg 92 Maldenburg 90 Nijenburg 87 Nijenburg 85 Maldenburg 88

4.4

LWT

51 51 51 51 51

Alternatief 2x groot – Een vijftal adressen met de grootste toename van cumulatief geluid. Adres

Tabel 18

Lcum, oud

Lcum, oud

LWT

L*WT

Lcum, nieuw

Toename Lcum

51 51 51 51 51

48 48 48 48 48

59 59 59 59 59

60 59 59 59 59

9 8 8 8 8

Gezondheidseffectscreening (GES) GES staat voor gezondheidseffectscreening. GES is ontwikkeld om bij ruimtelijke planvorming in beeld te brengen wat de werkelijke gezondheidsrisico’s zijn rondom enkele milieufactoren, in aanvulling op wettelijke milieunormen of afspraken, die lang niet altijd voldoende zijn om risico’s en klachten te vermijden. Niet alleen de

Cumulatie

21

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

feitelijke kwaliteit in de omgeving wordt daarbij in aanmerking genomen, maar ook het aantal blootgestelde mensen. Geluid is één van de milieusegmenten die beoordeeld worden op mogelijke gezondheidseffecten. (Bron: InfoMil). Voor windenergie geldt dat geluid het enige aspect is dat in verband wordt gebracht met gezondheid. Daarom wordt bij de bepaling van de GES-score enkel de geluidsbelasting ter plaatse van omliggende woningen beschouwd. Aangezien de cumulatieregels alle geluid omrekenen naar wegverkeer-equivalente geluidsniveaus wordt de GES-beoordeling voor wegverkeer gehanteerd om het gecumuleerde geluidsniveau om te rekenen naar een GES-score. Op deze manier krijgt dus elke woning waarvoor de cumulatieve geluidsbelasting is berekend een GESscore. Een GES-score is een getal van 0 t/m 8, waarbij bij score 6 het Maximaal Toelaatbare Risico wordt overschreden. De GES-methodiek hanteert de volgende tabel: Tabel 19

Relatie tussen de cumulatieve geluidsbelasting en de GES-scores. Geluidbelasting Ernstig gehinGESMilieugezondheidkwaliteit LCUM (dB) derden (%) score < 43 43-47 48-52 53-57 58-62 63-67 68-72 ≥ 73

0 0–3 3–5 5–9 9 – 14 14 – 21 21 – 31 ≥ 31

0 1 2 4 5 6 7 8

Kleur

Zeer goed Goed Redelijk Matig Zeer matig Onvoldoende Ruim onvoldoende Zeer onvoldoende

De som van de GES-scores van de onderzochte woningen is een (versimpelde) maat voor het totale gezondheidseffect van een situatie. De toename van de opgetelde GES-scores van alle omliggende woningen is een beoordelingscriterium voor het MER. Ook de toename, gedeeld door de energieopbrengst is een beoordelingscriterium, omdat een opstelling die een klein beetje meer hinder veroorzaakt en een veel grotere energieopbrengst kent wellicht toch het beschouwen waard is. Tabel 20

Cumulatie

Aantal woningen per GES-klasse, per alternatief Klasse

Akoestische beoordeling

GES0

zeer goed

huidige situatie 0

3x klein 0

2x groot 0

3x groot 0

GES1

goed

81

56

34

14

GES2 GES4

redelijk

11055

9968

9687

8375

matig

8591

9554

9713

10305

GES5

zeer matig

3671

3813

3952

4634

GES6

onvoldoende

1514

1521

1526

1584

35

35

35

35

GES7

ruim onvoldoende

GES8

zeer onvoldoende Totaal aantal woningen

0

0

0

0

24947

24947

24947

24947

Opgetelde GES-scores

84239

86644

87421

90903

Toename t.o.v. huidig*

-

1293

1767

3917

Toename GES-score / GWh

-

46

36

53

22

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER * Het feit dat de toename van de GES-score kleiner is dan het verschil tussen de sommen van de GES-scores wordt veroorzaakt door het feit dat GES-score 3 niet bestaat. Voorbeeld: een woning die van score 1 naar score 4 gaat ondervindt een toename van 2 klassen.

4.5

Gemeentelijk geluidsbeleid De gemeenteraad van Barendrecht heeft in het milieubeleidsplan 2003-2006 besloten voor haar gemeente een geluidsbeleidsplan te laten opstellen. Onderdeel van dit beleid is om de geluidsbelasting binnen de gemeente niet te laten verhogen door middel van het “stand-still” principe. Het “stand-still” principe van de gemeente Barendrecht kan als volgt worden samengevat: Geen geluidssituaties creëeren waarbij de geluidsbelasting boven de saneringswaarde (70 dB(A)) komt te liggen; ➢ Het percentage geluidsgehinderden niet laten toenemen ten opzichte van 20064. Er zijn geen Barendrechtse woningen waar de cumulatieve geluidsbelasting (met of zonder windturbines 70 dB(A) of hoger bedraagt. ➢

Wat betreft het percentage geluidsgehinderden geldt dat in 2006 de situatie als volgt was: Tabel 21

Verdeling van geluidsbelasting

Om een vergelijking te maken zijn de cumulatieve geluidsbelastingswaarden (uit dezelfde bron als beschreven in paragraaf 4.1) berekend voor heel Barendrecht om de huidige situatie in percentage woningen per geluidsklasse inzichtelijk te maken. Vervolgens kan op basis van de cumulatieve geluidsbelasting per woning in de omgeving van de windturbines (binnen de gemeente Barendrecht) worden berekend hoe deze percentageverdeling wijzigt als gevolg van de drie MER-alternatieven: Tabel 22

Verandering van de geluidsbelasting (percentages over de gehele gemeente Barendrecht).

4

Cumulatie

Geluidsklasse

2006

huidige situatie o.b.v. RIVM-data

van 0 tot 54 dB van 55 tot 59 dB van 60 tot 64 dB van 65 tot 69 dB

72,0% 16,9% 10,5% 0,6%

66,7% 21,1% 11,0% 1,2%

met windturbines: 3x klein 2x groot 3x groot 66,3% 21,5% 11,0% 1,2%

66,0% 21,8% 11,0% 1,2%

64,3% 23,0% 11,2% 1,4%

Feitelijk geldt het stand-still principe voor geluidsbelasting vanwege het weg- en spoorwegverkeer en industrie.

23

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER 70 dB of meer

4.6

-

-

-

-

-

Bevindingen cumulatie Hoe hoger het bestaande geluidsniveau, des te kleiner is het effect van de windturbines. ➢ Bij een goede beschouwing van het windturbinegeluid bovenop het bestaande geluid zijn zowel het absolute cumulatieve geluidsniveau als de toename van belang. ➢

Cumulatie

24

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Hoofdstuk 5 Beoordelingskader 5.1

Beoordelingskader Voor de alternatieven is de geluidemissie naar de omgeving berekend conform het “Reken- en meetvoorschrift windturbines” uit bijlage 4 van de Activiteitenregeling. De geluidcontour van 37, 42 en 47 dB Lden is berekend en weergeven op de kaarten met geluidscontouren per alternatief. Daarnaast is van nabijgelegen recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij berekend wat de jaargemiddelde geluidsimmissie is. Hiermee worden de verschillen in effecten duidelijk gemaakt voor de alternatieven. Om een goede afweging te kunnen maken tussen de voor- en nadelen van windenergie wordt het thema geluid en gezondheid ook uitgedrukt in relatie tot de energieopbrengst.

Tabel 23

Tabel 24

Tabel 25

Beoordelingskader

Beoordelingscriteria geluid en gezondheid

Thema

Beoordelingscriteria

Geluid

Aantal geluidsgevoelige objecten binnen 37 dB Lden-geluidscontour (absoluut en relatief) Aantal geluidsgevoelige objecten binnen 42 dB Lden-geluidscontour (absoluut en relatief) Aantal geluidsgevoelige objecten binnen 47 dB Lden-geluidscontour (absoluut en relatief) Geluidsbelasting ter plaatse van nabijgelegen recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij

Gezondheid

Toename van de som van de GES-scores van woningen met tenminste 37 dB Lden (absoluut en relatief)

Scoretabel geluidsgevoelige objecten binnen drie geluidscontouren absoluut >37 dB Lden >42 dB Lden >47 dB Lden --

Meer dan 10.000 woningen 5000-10.000 woningen

Meer dan 2000 woningen 1000-2000 woningen

Meer dan 25 woningen 0-25 woningen

0 + ++

0-5000 woningen n.v.t. n.v.t.

0-1000 woningen n.v.t. n.v.t.

0 woningen n.v.t. n.v.t.

Beoordelingstabel geluidsgevoelige objecten binnen drie geluidscontouren relatief >37 dB Lden >42 dB Lden >47 dB Lden --

> 250 woningen/GWh/jaar

> 50 woningen/GWh/jaar

> 5 woningen/GWh/jaar

0

1-250 woningen/GWh/jaar <1 woningen/GWh/jaar

1-50 woningen/GWh/jaar <1 woningen/GWh/jaar

1-5 woningen/GWh/jaar <1 woningen/GWh/jaar

+ ++

n.v.t. n.v.t.

n.v.t. n.v.t.

n.v.t. n.v.t.

25

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Tabel 26

Beoordelingstabel geluidsbelasting recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij

Aantal locaties met een maximale geluidsbelasting > 47 dB Lden

Tabel 27

5.2

--

> 7 locaties

-

1 – 7 locaties

0

0 locaties

+

n.v.t.

++

n.v.t.

Toename van de som van de GES-scores absoluut

Absoluut

Relatief (toename/GWh/jr)

-0

Toename van meer dan 2000 Toename van 1000-2000 Toename van minder dan 1000

Toename van meer dan 50 Toename van 25-50 Toename van minder dan 25

+ ++

n.v.t. n.v.t.

n.v.t. n.v.t.

Resultaten Onderstaande tabel geeft een overzicht van de scores van de verschillende alternatieven.

Tabel 28

Beoordelingskader

Overzichtstabel effectbeoordeling Geluid Aantal woningen binnen 37 dB Lden-contour

3x klein -

2x groot -

3x groot --

Aantal woningen binnen 42 dB Lden-contour

-

-

--

Aantal woningen binnen 47 dB Lden-contour

-

-

--

Aantal woningen/GWh/jr binnen 37 dB Lden-contour

--

-

-

Aantal woningen/GWh/jr binnen 42 dB Lden-contour Aantal woningen/GWh/jr binnen 47 dB Lden-contour Recreatie/crematorium/kinderboerderij – aantal locaties met een maximale geluidsbelasting van >47 dB Lden Gezondheid Toename cumulatieve GES-score Toename cumulatieve GES-score/GWh/jr

--

0

--

-

-

--

-

-

---

26

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Hoofdstuk 6 Mitigerende maatregelen 6.1

Inleiding In de beoordeling in bovenstaand hoofdstuk is geen rekening gehouden met mitigerende maatregelen of normstelling die de immissie op omliggende woningen verlaagt. Om inzicht te krijgen in dergelijke mogelijkheden beschouwt dit hoofdstuk een aantal mogelijke normwaarden. Windturbines zullen een gedeelte van de tijd in een stillere geluidsmodus moeten draaien om aan dergelijke normgrenzen te voldoen. Daarbij wordt per MER-alternatief steeds een mitigatieschema geformuleerd waarbij aan de betreffende normgrens kan worden voldaan.

6.2

Normgrenzen De omgeving van de windturbines is zeer stedelijk en kent al een hoog achtergrondgeluidsniveau. Het MER onderzoekt voor geluid de mogelijke lokale normgrenzen van 43, 45 en 47 dB Lden. ➢ 47 dB Lden: de waarde waarbij het hinderpercentage ongeveer overeenkomt met dat voor rail- en wegverkeerslawaai (zie Figuur 15). ➢ 45 dB Lden: norm die aansluit bij de voorwaardelijke aanbeveling van de wereldgezondheidsorganisatie om een hogere milieubescherming te bieden. ➢ 43 dB Lden: zeer strenge norm om de haalbaarheid te toetsen van een windpark dat qua geluid een minimale toevoeging doet aan het hoge cumulatieve achtergrondgeluidniveau.

Dosismaat Lden5

6.2.1

Volgens richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement dient omgevingsgeluid in alle lidstaten op dezelfde wijze behandeld te worden. De geluidbelasting dient daarbij in decibel (dB) Lden of dB Lnight te worden uitgedrukt. De geluidbelasting in dB Lden wordt ook wel de dag-avond-nachtgeluidsbelastingsindicator genoemd. Lden is een berekend gewogen jaargemiddelde van de geluidsbelasting tijdens de dag-, de avond- en de nachtperiode. De avond- en nachtperiode krijgen een opslag van respectievelijk +5 en +10 omdat in deze periode geluid hinderlijker wordt ervaren en deze periodes worden derhalve zwaarder meegewogen. 5

Deze tekst is gebaseerd op een paragraaf uit ‘Onderzoek milieunormen windenergie Windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding’, Pondera, 2021.

Mitigerende maatregelen

27

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Voor bijzondere geluidbelasting situaties zijn aanvullende indicatoren tevens mogelijk. Redenen hiervoor kunnen bijvoorbeeld zijn: ➢ Combinatie van geluid uit verschillende bronnen; ➢ Relatief stille zones in het buitengebied; ➢ De lage frequentiecomponent (LFG) van het geluid is sterk; Windturbinegeluid is, ten opzichte van andere geluidbronnen, relatief constant van karakter. De maximale optredende geluidniveaus die door een windturbine worden veroorzaakt zijn circa 2-4 dB(A) hoger dan het optredende jaargemiddelde geluidniveau van een windturbine6 . Bij een geluidbelasting van 47 dB Lden op een punt is het daadwerkelijk ervaren gemiddelde geluidniveau7 op de gevel (bij hoge windsnelheden op ashoogte) circa 43-45 dB(A). De hoeveelheid geluid die een windturbine produceert is afhankelijk van het geluidsbronvermogen van de windturbine. Het geluid van een windturbine kan desgewenst worden beperkt door toepassing van een voorziening op de bladen of door het vermogen te reduceren. Dit leidt tot verlies van energieproductie. De hoeveelheid geluid heeft tevens een rechtstreeks verband heeft met de optredende windsnelheid. Tot een bepaalde windsnelheid neemt de geluidsproductie toe, vanaf deze specifieke windsnelheid blijft de geluidsproductie gelijk.

De windsnelheid is door het KNMI voor geheel Nederland op ashoogtes tussen 10 en 260 meter boven het maaiveld de windverdelingen beschikbaar gesteld. Met deze verdelingen kan een goede voorspelling per beoordelingsperiode worden gegeven van de te verwachten geluidbelasting op de omgeving. Gezien het constante karakter van windturbinegeluid (de verschillen tussen dag-, avond- en nachtperiode zijn beperkt) is er op zichzelf geen aanleiding een Lnight normering te stellen aanvullend op een Ldennormering. Bij constante geluidniveaus bedraagt het verschil tussen de geluidbelasting in dB Lden en dB Lnight circa 6 dB en biedt een aparte norm voor Lnight geen extra bescherming, tenzij deze 7 dB of meer lager is dan de Lden-normering. Daarnaast kan er op basis van onderzoeken nog geen conclusie worden getrokken over de samenhang tussen geluid van windturbines en slaapverstoring8. De WHO geeft in haar rapport van 2018 dan ook geen advies over een Lnight-norm voor windturbines.

6.2.2

Dosis-effectrelatie Een dosis-effectrelatie (ook wel dosis-hinderrelatie genoemd) is een verband tussen de hoogte van de geluidsbelasting van een bepaalde bron en het bijbehorende percentage ernstig gehinderden. Verschillende soorten geluid kennen een verschillende dosis-effectrelatie, zoals geillustreerd in onderstaande figuur. Hoe sneller een grafiek stijgt, des te hinderlijker wordt het geluid ervaren. Zoals uit de grafiek blijkt is windturbinegeluid hinderlijker dan weg- en railverkeersgeluid. Dat is ook de reden dat windturbinegeluid doorgaans een lagere normgrens kent. De hinderlijkheid 6

7

8

Nederlandse geluidsnormen in internationaal perspectief, E. Koppen, Arcadis, Windnieuws nr. 4 2015. De daadwerkelijk ervaren geluidsniveaus zijn lager dan het gewogen Lden gemiddelde omdat de Lden-waarde straffactoren bevat voor geluid in de avond en de nacht. Factsheet gezondheidseffecten van windturbinegeluid, RIVM, augustus 2021.

Mitigerende maatregelen

28

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

van windturbinegeluid wordt o.a. veroorzaakt door het kenmerkende ritmische karakter van het geluid van de wieken die de mast passeren, de zogenaamde amplitudemodulatie. Figuur 15

Relatie tussen Lden en het percentage ernstig gehinderden (binnenshuis) bij verschillende bronnen (Verheijen, et al., 2009). De normen voor railverkeer (68 dB Lden) en wegverkeer (58 dB Lden) zijn met rode cirkels weergegeven en liggen rond de 9-10%. Voor windturbinegeluid ligt een vergelijkbaar hinderpercentage ronde de 47 dB Lden.

Als onderdeel van de effectbeoordeling voor geluid is in dit onderzoek voor woningen in de wijde omtrek van het windpark de geluidsbelasting a.g.v. de windturbines berekend. De dosis-effectrelatie voor windturbinegeluid (blauwe lijn in bovenstaande figuur) kan vervolgens gebruikt worden om te berekenen hoe groot het verwachte percentage ernstig gehinderden is binnen elk van deze woningen. Daarbij zijn alle woningen betrokken met een geluidsbelasting van meer dan 37 dB Lden in tenminste 1 van de MER-alternatieven. Door vervolgens dit percentage te vermenigvuldigen met het (geschatte) aantal bewoners per pand krijgen wij het statistisch verwachte aantal ernstig gehinderden per MER-alternatief. De berekening van het hinderpercentage maakt gebruik van de polynome functie die is gegeven in (Janssen, Vos, & Eisses, A., 2008): %𝐻𝐴𝑏𝑖𝑛𝑛𝑒𝑛 = −107,6 + 9,656 𝐿𝑑𝑒𝑛 − 0,289 𝐿𝑑𝑒𝑛 2 + 0,002894 𝐿𝑑𝑒𝑛 3 Deze formule beschrijft de blauwe lijn in Figuur 15. Tevens gaan wij uit van het aantal inwoners en het aantal huishoudens van de gemeenten Barendrecht en Rotterdam om te komen tot een gemiddeld aantal bewoners per gevoelig object.

Mitigerende maatregelen

29

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Tabel 29

Demografische gegevens woningen in de gemeenten Barendrecht en omliggende gemeenten. Bron: https://allecijfers.nl, 2022.

Barendrecht

Rotterdam

Inwoners Huishoudens (hh) Inwoners per hhh % woningen met 37 dB Lden of meer

48.714 19.327 2,5 31%

655.468 328.569 2,0 69%

Gewogen gemiddelde aantal bewoners

2,16

Rekenvoorbeeld: Een woning ondervindt 45 dB Lden als gevolg van het windpark. Invullen in bovenstaande polynome functie leidt tot een percentage ernstig gehinderden van 5,4%. Bij een verwacht aantal bewoners van 2,16 leidt dat tot 0,12 ernstig gehinderden.

6.2.3

Aantal gehinderden zonder mitigatie/normstelling Onderstaande tabel toont het verwachte aantal ernstig gehinderden als gevolg van de MER-alternatieven voor wat betreft geluid, wanneer geen beperkende geluidsnorm wordt opgenomen.

Tabel 30

Verwacht aantal ernstig gehinderden a.g.v. windturbinegeluid op basis van de dosis-effectrelatie.

Aantal ernstig gehinderden (statistische verwachting) 3x klein 2x groot 3x groot

299 432 849

Wanneer geen beperkende geluidsnorm wordt opgenomen zou het aantal ernstig gehinderden als gevolg van het windturbinegeluid van windturbines bij Vaanplein dus naar verwachting liggen tussen de ca. 299 en 849.

6.3

Geluidsreducerende modi Een lokale norm van (bijvoorbeeld) 45 dB Lden betekent dat de jaargemiddelde geluidsbelasting bij alle omliggende gevoelige objecten (waaronder woningen, maar ook onderwijs- en gezondheidsintellingen) niet hoger mag zijn dan 45 dB Lden. Om aan dergelijke normen te moeten voldoen dienen windturbines in sommige gevallen ‘teruggeregeld’ te worden. Onderstaand overzicht laat voor de 3 MER-alternatieven en de 3 onderzochte normgrenzen zien welke mitigatieschema’s toegepast kunnen worden. Er zijn echter meerdere manieren waarop een windpark aan een norm kan voldoen; daarnaast hangt de aard van de reductiemodi af van het toegepaste windturbinetype.

Mitigerende maatregelen

30

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Desalniettemin geeft onderstaand voorbeeld een goed idee van de mate van terugregeling die nodig is voor de onderzoeksopstellingen. Deze mitigatieschema’s moeten worden gezien als indicatief en representatief. Tabel 31

Mitigatieschema’s om aan de 3 onderzochte normen te kunnen voldoen. Windturbines zijn oplopend van west naar oost genummerd. 47 dB Lden

45 dB Lden

43 dB Lden

3x klein

geen mitigatie nodig

WTB 3: in de nachtperiode uit

2x groot

WTB 2: 1u in de nachtperiode in N3 WTB 2: 7u in de nachtperiode in N4

WTB 1: in de nachtperiode in SO2 WTB 2: in de nachtperiode in SO2 WTB 3: 3u in de nachtperiode in SO2 WTB 3: 5u in de nachtperiode uit WTB 2: 2u in de nachtperiode in N4 WTB 2: 6u in de nachtperiode uit

3x groot

WTB 1: 5u in de nachtperiode in N2 WTB 1: 3u in de nachtperiode in N3 WTB 3: 5u in de nachtperiode in N3 WTB 3: 3u in de nachtperiode in N4

6.4

Rekenresultaten geluid

WTB 1: 1u in de nachtperiode uit WTB 1: 7u in de nachtperiode in N5 WTB 2: in de nachtperiode in N5 WTB 3: 1u in de nachtperiode uit WTB 3: 7u in de nachtperiode in N5

WTB 1: 2u in de nachtperiode in N1 WTB 2: in de dagperiode in modus 3 WTB 2: in de avondperiode in modus 3 WTB 2: in de nachtperiode uit WTB 1: 4u in de avondperiode in N1 WTB 1: 2u in de nachtperiode in N5 WTB 1: 6u in de nachtperiode uit WTB 2: in de nachtperiode in N5 WTB 3: in de nachtperiode uit

Door toepassing van de bovenstaande mitigatieschema’s maken de MER-alternatieven minder geluid. Dat is ook te zien aan de geluidscontouren. Ter illustratie is hieronder voor de onderzochte norm van 45 dB Lden de geluidscontour weergegeven, samen met de 45 dB-geluidscontour zonder toepassing van een lokale norm. De figuren van de andere onderzochte normgrenzen (43 en 47 dB Lden) zijn vergelijkbaar en omwille van de leesbaarheid niet opgenomen.

Mitigerende maatregelen

31

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 16

Alternatief 3x klein – 45 dB Lden-contour met en zonder mitigatie.

Figuur 17

Alternatief 2x groot – 45 dB Lden-contour met en zonder mitigatie.

Mitigerende maatregelen

32

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 18

Alternatief 3x groot – 45 dB Lden-contour met en zonder mitigatie.

6.4.1

Aantal ernstig gehinderden cf. dosis-effectrelatie Op basis van de dosis-effectrelatie is per normgrens en per MER-alternatief berekend hoeveel ernstig gehinderden kunnen optreden, zoals beschreven in paragraaf 6.2.2.

Tabel 32

Aantal ernstig gehinderden conform de dosis-effectrelatie voor windturbinegeluid. MER-aternatief Geen norm 47 dB Lden 45 dB Lden 43 dB Lden 3x klein 299 186 111 85 2x groot 432 279 190 127 3x groot 849 580 275 129

6.4.2

Opbrengstderving Reductiemodi die windturbines stiller laten draaien hebben doorgaans een lager vermogen. Wanneer, als gevolg van een mitigatieschema, een windturbine gedurende een bepaalde periode dagelijks stil moet staan is de opbrengst van die windturbine logischerwijs nog lager. Deze paragraaf berekent hoeveel minder elektriciteit de MER-alternatieven opbrengen wanneer moet worden teruggeregeld tot de drie onderzochte normgrenzen.

Mitigerende maatregelen

33

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Tabel 33

Tabel 34

Alternatief 3x klein - opbrengstderving Productie (GWh/jr) geen norm WTB 1 9,4 WTB 2 9,4 WTB 3 9,4 Netto parkproductie 28 Opbrengstderving Opbrengstderving (%) -

47 dB Lden 9,2 9,2 8,8 27 1 3%

45 dB Lden 9,2 9,2 7,3 26 2 9%

43 dB Lden 9,4 9,4 6,2 25 3 11%

Alternatief 2x groot - opbrengstderving Productie (GWh/jr) geen norm 47 dB Lden WTB 1 24,6 24,6 WTB 2 24,6 23,3

45 dB Lden 24,6 17,3

43 dB Lden 24,6 13,5

42 7 15%

38 11 23%

45 dB Lden 22,1 23,0 22,1 67 7 9%

43 dB Lden 17,5 23,0 15,3 56 18 24%

Netto parkproductie Opbrengstderving Opbrengstderving (%)

Tabel 35

6.4.3

49 -

48 1 3%

Alternatief 3x groot - opbrengstderving Productie (GWh/jr) geen norm 47 dB Lden WTB 1 24,6 23,8 WTB 2 24,6 24,6 WTB 3 24,6 23,3 Netto parkproductie 74 72 Opbrengstderving 2 Opbrengstderving (%) 3%

Beoordeling cf. MER-beoordelingskader De scenario’s met lokale normen leiden ook tot een kleinere toename van de cumulatieve geluidsbelasting. De berekening zoals voor de MER-alternatieven beschreven in paragraaf 4.4 is hieronder herhaald, nu inclusief de 3 onderzochte geluidsnormen.

Figuur 19

Alternatief 3x klein - toename cumulatieve GES-score Klasse Akoestische beoordeling GES0

zeer goed

GES1

goed

GES2

huidige situatie Geen norm 0

0

47 dB Lden 0

45 dB Lden 0

43 dB Lden 0

81

56

68

75

81

redelijk

11055

9968

10295

10528

10674

GES4

matig

8591

9554

9279

9100

8972

GES5

zeer matig

3671

3813

3755

3695

3671

GES6

onvoldoende

1514

1521

1515

1514

1514

GES7

ruim onvoldoende

35

35

35

35

35

zeer onvoldoende Totaal aantal woningen

0

0

0

0

0

24947

24947

24947

24947

24947

Opgetelde GES-scores

84239

86644

85884

85335

85001

Toename opgetelde GES-score

-

1293

872

563

381

GES8

Mitigerende maatregelen

34

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 20

Alternatief 2x groot - toename cumulatieve GES-score Klasse Akoestische beoordeling

Figuur 21

GES0

zeer goed

GES1

goed

GES2 GES4

huidige situatie Geen norm 0

0

47 dB Lden 0

45 dB Lden 0

43 dB Lden 0

81

34

53

68

68

redelijk

11055

9687

10027

10330

10515

matig

8591

9713

9535

9300

9144

GES5

zeer matig

3671

3952

3782

3700

3671

GES6

onvoldoende

1514

1526

1515

1514

1514

GES7

ruim onvoldoende

35

35

35

35

35

GES8

zeer onvoldoende Totaal aantal woningen

0

0

0

0

0

24947

24947

24947

24947

24947

Opgetelde GES-scores

84239

87421

86492

85757

85358

Toename opgetelde GES-score

-

1767

1197

780

566

47 dB Lden 0

45 dB Lden 0

43 dB Lden 0

Alternatief 3x groot - toename cumulatieve GES-score huidige situa- Geen Klasse Akoestische beoordeling tie norm 0 0 GES0 zeer goed 81 14 GES1 goed 11055 8375 GES2 redelijk 8591 10305 GES4 matig 3671 4634 GES5 zeer matig 1514 1584 GES6 onvoldoende 35 35 GES7 ruim onvoldoende 0 0 GES8 zeer onvoldoende 24947 Totaal aantal woningen 24947

41

68

75

9225

10037

10462

10033

9529

9190

4076

3763

3671

1537

1514

1514

35

35

35

0

0

0

24947

24946

24947

Opgetelde GES-scores

84239

90903

88470

86402

85443

Toename opgetelde GES-score

-

3917

2361

1133

605

Uit bovenstaande tabellen blijkt: ➢ dat strengere geluidsnormen leiden tot een kleinere toename van de cumulatieve GES-score; ➢ dat bij een norm van 45 dB Lden het aantal woningen met een GES-score van 6 of hoger niet toeneemt; ➢ dat bij een norm van 43 dB Lden het aantal woningen met een GES-score van 5 of hoger niet toeneemt.

Mitigerende maatregelen

35

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 22

Grafische weergave van het effect van verschillende geluidsnormen op de toename van het cumulatieve geluid, uitgedrukt als de totale toename van de GES-scores van bijna 25.000 woningen in de omgeving.

De hierboven berekende toename van de cumulatieve GES-scores en de energieopbrengst bij de verschillende normgrenzen kunnen ook gebruikt worden om te onderzoeken hoe de MER-beoordelingscriteria voor het milieuthema gezondheid (zie Tabel 27) veranderen bij toepassing van de 3 onderzochte geluidsnormen. Tabel 36

Beoordelingscriterium ‘toename cumulatieve GES-score’ bij verschillende normgrenzen. Gezondheid 3x klein 2x groot 3x groot Toename cumulatieve GES-score (geen norm) -Toename cumulatieve GES-score (norm 47 dB Lden) 0 -Toename cumulatieve GES-score (norm 45 dB Lden) 0 0 Toename cumulatieve GES-score (norm 43 dB Lden) 0 0 0

Tabel 37

Beoordelingscriterium ‘toename cumulatieve GES-score/GWh/jr’ bij verschillende normgrenzen. Gezondheid Toename cumulatieve GES-score/GWh/jr (geen norm) -Toename cumulatieve GES-score/GWh/jr (norm 47 dB Lden) Toename cumulatieve GES-score/GWh/jr (norm 45 dB Lden) 0 0 Toename cumulatieve GES-score/GWh/jr (norm 43 dB Lden) 0 0 0

6.5

Samenvatting Voor drie mogelijke normgrenzen (43, 45 en 47 dB Lden) is berekend wat de afname in hinder is, en de hoeveelheid energie die de windturbines minder produceren wanneer zij aan deze normen moeten voldoen. Onderstaande figuren laten beide effecten zien: de rode lijn schetst de afname van het aantal ernstig gehinderden bij toepassing van de onderzochte geluidsnormen (zoals ook getalsmatig opgenomen in Tabel 32); de groene balken geven het een schatting van het productieverlies (zie ook Tabel 33 t/m Tabel 35).

Mitigerende maatregelen

36

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 23

Gevoeligheidsanalyse geluidsnormen bij MER-alternatief 3x klein: aantal ernstig gehinderden o.b.v. dosis-effectrelatie (rode lijn) en productieverlies als gevolg van terugregelen/afschakelen van windturbines om aan de norm te voldoen.

Figuur 24

Gevoeligheidsanalyse geluidsnormen bij MER-alternatief 2x groot: aantal ernstig gehinderden o.b.v. dosis-effectrelatie (rode lijn) en productieverlies als gevolg van terugregelen/afschakelen van windturbines om aan de norm te voldoen.

Mitigerende maatregelen

37

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER Figuur 25

Gevoeligheidsanalyse geluidsnormen bij MER-alternatief 3x groot: aantal ernstig gehinderden o.b.v. dosis-effectrelatie (rode lijn) en productieverlies als gevolg van terugregelen/afschakelen van windturbines om aan de norm te voldoen.

Deze informatie is van belang voor het bevoegd gezag bij het maken van een weloverwogen keuze voor lokale normen. N.B. Een beschouwing van de financiële uitvoerbaarheid van windprojecten valt buiten de scope van dit onderzoek.

Mitigerende maatregelen

38

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Hoofdstuk 7 Bijlagen

Bijlagen

39

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Bijlage A Overzicht windturbinegegevens A.1 Tabel 38

Algemene kenmerken Gegevens windturbines MER t.b.v. akoestisch onderzoek

Variant

Type

Klein

Vestas V126 (3,45MW) Siemens Gamesa SG6.6 170 (6,6MW)

Groot

Ashoogte (m)

Rotordiameter (m)

LW,max

87

126

107,2

165

170

106,5

Alle invoergegevens voor de akoestische berekening, zoals bronsterkte, spectrum, windsnelheidsverdeling etc. zijn ook te vinden in de aparte bijlage. De bronnen voor de geluidsgegevens staan in onderstaande tabel.

Bijlagen

Tabel 39

Bronnen geluidsspecificaties t.b.v. akoestisch onderzoek

Kop 1

Type

Bron

Vestas V126 (3,45MW) Siemens Gamesa SG6.6 170 (6,6MW)

0055-1400_V01 - V126-3_45MW i113_4 Third Octaves D2844532_003 SGRE ON SG 6.6-170 Standard Acoustic Emission AM0

40

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Bijlage B Windaanbod Onderstaande grafiek toont op basis van KNMI-gegevens de langjarig gemiddelde windsnelheid op ashoogte voor de beide afmetingen. Figuur 26

Windverdeling (KNMI) op en meter ashoogte. 16% 14% 87 meter 12%

165 meter

Frequentie

10% 8% 6% 4% 2% 0% 1

3

5

7

9

11

13

15

17

19

21

23

25

Windsnelheid (m/s)

Bijlagen

41

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Bijlage C Geluidscontouren Onderstaande pagina’s geven de berekende geluidscontouren in groot formaat.

Bijlagen

42

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Bijlage D Immissiewaarden

Bijlagen

43

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Bijlagen

44

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Figuur 27

Alternatief 3x klein - 47, 42 en 37 dB Lden contour

45

Bijlagen

45

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Figuur 28

Alternatief 2x groot - 47, 42 en 37 dB Lden contour

46

Bijlagen

46

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Figuur 29

Alternatief 3x groot - 47, 42 en 37 dB Lden contour

47

Bijlagen

47

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Figuur 30

Alternatief 3x klein - Geluidsbelasting recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij

48

Bijlagen

48

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Figuur 31

Alternatief 2x groot - Geluidsbelasting recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij

49

Bijlagen

49

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Figuur 32

Alternatief 3x groot - Geluidsbelasting recreatieterreinen, het crematorium en de kinderboerderij

50

Bijlagen

50

Vaanplein Barendrecht Akoestisch onderzoek t.b.v. PlanMER

Bijlage E In- en uitvoer GeoMilieu

Bijlagen

51

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11882662/1