CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. Transitievisie Warmte 2024

commissie Ruimte 1 april 2025, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Energietransitie (oriënterend)(doorgeschoven naar commissie Ruimte 8 april 2025)16.204 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Juli 2024

TRANSITIEVISIE WARMTE 2024  | Transitievisie Warmte 2024

| 1

Inhoudsopgave Voorwoord

3

4.4

Samenvatting

4

Eigendomssituatie

23

5

Afwegingskader warmtetechnieken

26

5.1

Clusters

26

5.2

Kansrijkheid warmtebronnen

30

1

Inleiding

7

1.1

Aanleiding

7

5.3

Voorkeursoplossing

30

1.2

TVW 2024

10

6

All-electric in Barendrecht

35

6.1

All-electric varianten

35

1.3

Leeswijzer

10

6.2

Overige woningaanpassingen

35

2

Waar staat Barendrecht nu?

12

7

Financiering en ondersteuning bewoners

38

2.1

Energiebesparing

12

2.2

Warmte

12

Bijlage 1: Aanpassingen ten opzichte van de TVW 2020

41

2.3

Netcongestie

12

Bijlage 2: Gesprekken met stakeholders

43

14

Gesprekken met warmtebedrijven en warmteproducenten

43

3.1 Toelichting (rest)warmtebronnen en warmtetechnieken

14

Gesprekken met overige stakeholders

43

3.2

Warmtebronnen in Barendrecht

17

Bijlage 3: Verdieping toelichting warmtebronnen- en technieken

45

4

Wijkanalyse

20

4.1

Woningtypen en bouwjaren

20

Bijlage 4: Afwegingskader voorkeursoplossingen

49

4.2

Stedelijkheid

21

Bijlage 5: Eindgebruikerskosten en maatschappelijke kosten

52

4.3

Energielabels

21

3

Warmtebronnenanalyse

Inhoudsopgave | Transitievisie Warmte 2024

| 2

Voorwoord

‘Transitie’: een modewoord dat in overheidsland zo vaak in de mond wordt genomen dat het z’n betekenis dreigt te verliezen. Desondanks leggen we u deze herijkte Transitievisie Warmte voor. Wanneer we voorbij het jargon kijken en ons richten op de essentie van deze transitie, dan is het meer dan een document. Het is een routekaart naar een wereld(dorp) waarin we niet langer afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. Om de wettelijk voorgeschreven klimaatdoelen te behalen, koersen we ook in Barendrecht af op volledig aardgasvrij wonen in 2050. De uitvoering van de warmtetransitie vraagt om maatwerk, omdat elke wijk anders is. Als gemeente nemen we hierin het voortouw, omdat we – samen met onze partners - als geen ander weten wat er lokaal speelt en welke aanpak bij Barendrecht past. Echte verandering vereist meer dan een modewoord; het vereist actie, vastberadenheid en de moed om oude gewoonten te doorbreken. De mouwen opstropen en gewoon doen! En dat gebeurt. Neem bijvoorbeeld woningbouwvereniging Patrimonium die in recordtempo aan de slag is gegaan om de komende jaren duizenden woningen op te waarderen naar een hoger energielabel. In de Milieuopgave is opgenomen dat uitgangspunt van beleid is dat we ontwikkelingen volgen en daarop inspelen. Daarom ligt deze herijking van de Transitievisie Warmte nu aan u voor.

Technologische ontwikkelingen op dit gebied gaan razendsnel, dat blijkt wel uit dit document. Nog maar

vier jaar geleden stelde onze gemeenteraad de Transitievisie Warmte 2020 vast, met daarin een koers richting een aardgasvrij Barendrecht in 2050. Maatschappelijke ontwikkelingen zijn dusdanig snel gegaan dat de destijds beschreven oplossingsrichting voor de warmtevoorziening van Barendrecht niet meer realistisch lijkt. De koers zoals beschreven in 2020 richtte zich grotendeels op grootschalige warmtenetten om de woningen in ons dorp te verwarmen. Dit blijkt niet de meest haalbare en kansrijke oplossing te zijn. Na deze herijking richten we ons volledig op ‘all-electric’. In plaats van een grootschalig warmtenet gaan we dus voor kleinschalige oplossingen, vaak in combinatie met warmtepompen. Ook op dat gebied zijn er ontwikkelingen: de inkt van het Hoofdlijnenakkoord is net droog, waarin staat dat de cv-ketel vanaf 2026 toch niet verplicht wordt vervangen door een warmtepomp. Wat voor effect dit heeft op onze aanpak, is nog niet bekend. Mijn conclusie: 2050 is nog ver weg en er zal ongetwijfeld nog regelmatig een herijking volgen. Onze basisinzet is en blijft uiteraard onveranderd: een betaalbare en doordachte overstap naar aardgasvrij mét behoud van wooncomfort, heldere informatie, een betrouwbare oplossing en plannen die haalbaar en uitvoerbaar zijn. Lennart van der Linden Wethouder

Voorwoord | Transitievisie Warmte 2024

| 3

Samenvatting In het kader van de nationale doelstellingen, zoals vastgelegd in het Klimaatakkoord, is de ambitie geformuleerd dat alle woningen in Nederland tegen het jaar 2050 aardgasvrij zijn. De gemeente Barendrecht staat, net als vele andere gemeenten, voor een uitdagende opgave om deze transitie vorm te geven vanwege het groot aantal woningen dat nog van aardgas gebruik maakt. Een belangrijke randvoorwaarde is dat onze bewoners niet meer gaan betalen dan ze nu in de huidige situatie doen. Een andere belangrijke voorwaarde is dat het wooncomfort er niet op achteruit gaat. In 2020 is in de eerste Transitievisie Warmte (TVW) een beeld geschetst van toekomstige warmtealternatieven passend bij de wijken in Barendrecht en een daarbij behorende planning. Met het ontbreken van een aantal belangrijke thema’s, zoals de warmtebronnenanalyse, en belangrijke landelijke en lokale ontwikkelingen is de keuze gemaakt om de TVW te actualiseren. Dit document is hiervan het resultaat (hierna: TVW 2024). Landelijk is er onder andere sprake van nieuwe weten regelgeving en zijn er veel nieuwe subsidies beschikbaar. In Bijlage 1 zijn de belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de TVW 2020 opgenomen. Isoleren is een belangrijke stap richting een aardgasvrije woning.

Ons doel is daarom dat in 2050 alle woningen zijn opgewaardeerd naar minimaal energielabel C en dat er gemiddeld over de gemeente energielabel B gerealiseerd is. In onze vastgestelde Milieuopgave is eveneens opgenomen dat er in 2025 geen woningen meer zijn met energielabel E, F en G en nog maximaal 50 procent van de woningen met energielabel D. Onze gemeente richt zich specifiek op de woningen met een slecht energielabel (energielabel E, F of G). Er zijn verschillende acties en subsidies (landelijk en gemeentelijk) beschikbaar om woningen te isoleren. Ook pakt Patrimonium, als grootste woonstichting in de gemeente, de isolatieop-

gave aan met groot onderhoud (de GO-trein) bij de eigen woningvoorraad. Hierbij worden de woningen opgewaardeerd naar energielabel A en A+. Voor het opstellen van de TVW 2024 zijn een uitgebreide warmtebronnenanalyse en wijkanalyse uitgevoerd. Vervolgens is een kwantitatieve en kwalitatieve afweging gemaakt welke warmteoplossing goed past bij een wijk of cluster. Er zijn grofweg drie warmtetechnieken beschikbaar, namelijk midden temperatuur warmtenet, lage temperatuur warmtenet en all-electric. De warmtetechniek ‘duurzaam gas’ is verder niet meegenomen, omdat deze warmtetechniek niet kansrijk geacht wordt binnen onze gemeente. Dit komt onder andere door het ontbreken van bronnen. In de TVW 2020 is een groot aantal wijken geïdentificeerd als geschikt voor een midden temperatuur warmtenet. Echter, uit het recente onderzoek naar lokale warmtebronnen blijkt dat de benodigde warmtelevering voor een midden temperatuur warmtenet niet realiseerbaar is door een gebrek aan nabijgelegen warmtebronnen. Het grootschalige warmtenet van Vattenfall wordt niet uitgebreid richting Barendrecht en daarnaast zijn er geen kansrijke kleinschalige warmtebronnen. De huidige onderzoeksresultaten in de TVW 2024 laten zien dat all-electric warmtetechnieken de meest gunstige verwarmingsoplossingen voor de wijken in onze gemeente zijn.

Deze all-electric benadering, waarbij de volledige energiebehoefte van woningen elektrisch wordt ingevuld, maakt gebruik van technologieën zoals warmtepompen (eventueel in combinatie met bodembronnen). Deze kunnen zowel op één of meerdere woningen worden toegepast. Indien een oplossing voor meerdere woningen wordt gebruikt, wordt dit ook wel een collectief systeem genoemd. Afhankelijk van de lokale situatie kan het financieel en energetisch gunstiger zijn voor bewoners om een collectieve all-electric warmtetechniek toe te

Samenvatting | Transitievisie Warmte 2024

| 4

Aanpassingen figuren 1, 7, 9, 10, 13, 14 passen. Daarnaast kunnen er andere aanpassingen in de woning nodig zijn, zoals de toevoeging van isolatie, vervanging van de kookplaat en aanpassingen aan het warmteafgiftesysteem en ventilatiesysteem. De wijk Gaatkensoog is hierop een uitzondering en wordt niet als all-electric wijk benaderd. Hier ligt namelijk al een warmtenet van Eneco. Eneco neemt stappen om te onderzoeken of de bron van dit warmtenet verduurzaamd kan worden. In Figuur 1 worden de toekomstige oplossingsrichtingen in Barendrecht weergegeven.

All-electric warmtetechniek Bestaand warmtenet

Figuur 1: De toekomstige oplossingsrichting in Barendrecht is de all-electric warmtetechniek.

Figuur 1: De toekomstige oplossingsrichting in Barendrecht is de all-electric warmtetechniek. De roodgemarkeerde ge De roodgemarkeerde gebieden zijn bedrijventerreinen. zijn bedrijventerreinen.

Samenvatting | Transitievisie Warmte 2024

| 5

1 Inleiding

Inleiding | Transitievisie Warmte 2024

| 6

1 Inleiding 1.1

Aanleiding

Vanuit het landelijk Klimaatakkoord zijn afspraken gemaakt om de gehele bebouwde omgeving in 2050 aardgasvrij te krijgen. Alle woningen zijn dan overgeschakeld op een duurzame energiebron, dit zijn oplossingen zoals een warmtenet, duurzaam gas of all-electric. Daarom hebben voor eind 2021 alle gemeenten verplicht vanuit het Rijk een Transitievisie Warmte (TVW) opgeleverd. Een TVW geeft de richting en route aan in de transitie van de woningvoorraad naar een aardgasvrije energievoorziening. De TVW moet elke vijf jaar herijkt worden. In onze Milieuopgave Barendrecht 2023-2026 zijn de belangrijkste randvoorwaarden gesteld om de komende jaren de milieuopgave in Barendrecht aan te pakken. Een doelstelling rondom het thema warmte is de actualisatie van de TVW 2020. Dit document is daarvan het resultaat. 1.1.1 TVW 2020 In 2020 is de TVW door de gemeenteraad vastgesteld. In deze visie is de route naar een aardgasvrij Barendrecht in 2050 toegelicht. In de TVW 2020 komen drie hoofdrichtingen naar voren voor alternatieve warmteoplossingen: warmtenetten, allelectric oplossingen en gasnetten in combinatie met duurzaam gas. Energiebesparing door onder meer isolatie pakken we gemeentebreed aan. In de TVW 2020 ontbreken een aantal belangrijke thema’s waaronder de warmtebronnenanalyse.

Daarnaast zijn er in de afgelopen jaren meerdere verdiepende studies uitgevoerd die een beter beeld geven van de uitdagingen die voor ons liggen. De TVW 2020 beschrijft hoe drie startwijken kunnen overstappen op een aardgasloze warmtetechniek. Gezien de lokale ontwikkelingen in onze gebouwde

omgeving, zoals woningbouw, en het ontbreken van een warmtebronnenanalyse in de TVW 2020 is een herijking noodzakelijk. Om deze redenen is besloten om de TVW 2024 op te stellen. Dit heeft geleid tot andere inzichten. De uitgangspunten uit de TVW 2020 zijn onveranderd, deze zijn in de TVW 2024 wederom van toepassing. De volgende uitgangspunten worden gehanteerd en vormen de basis voor de overgang naar een aardgasvrije gebouwde omgeving in Barendrecht: Een betaalbare overstap en behoud van wooncomfort

We willen dat de overstap naar aardgasvrij voor iedereen mogelijk is en dat de totale kosten voor de transitie zo laag mogelijk zijn. Kosten en baten moeten op een eerlijke manier verdeeld worden. Betaalbare woonlasten en het behoud of de verbetering van wooncomfort staan daarbij voorop. Betaalbaarheid en investeringszekerheid voor vastgoedeigenaren en eindgebruikers is essentieel om voortgang mogelijk te maken. Heldere informatievoorziening

Het is belangrijk dat er duidelijk gecommuniceerd wordt naar inwoners over de plannen en wat die plannen voor hen betekenen. Waar duidelijkheid is, moet dat ook geboden worden. Transparante, objectieve informatievoorziening is continu nodig om keuzes tijdens de planvorming begrijpelijk te maken. Op deze manier is er duidelijkheid over het proces en de uitvoering, waardoor vastgoedeigenaren en andere investeerders een goed onderbouwde afweging kunnen maken. Plannen die haalbaar en uitvoerbaar zijn

We willen realistische plannen maken. Daarom is het belangrijk om al in deze fase van de transitie rekening te houden met de tijd, het geld, de capaciteit en de ruimte

Inleiding | Transitievisie Warmte 2024

| 7

die nodig is voor de uitvoering. Bovendien willen we de uitvoering zo efficiënt mogelijk realiseren met zo min mogelijk impact op de wijken, door werkzaamheden waar mogelijk te combineren en door desinvesteringen zoveel mogelijk te voorkomen. We werken samen met partners binnen en buiten onze eigen gemeente om van elkaar te leren en oplossingen op elkaar af te stemmen. Een duurzame en betrouwbare oplossing

De transitie naar aardgasvrij is geen doel op zich. We willen toe naar een CO2-neutrale gebouwde omgeving, door voor de eerste wijkplannen nu te kiezen voor efficiënte, bewezen alternatieven die op termijn de grootste kans op een fossielvrije manier van verwarmen bieden. Daarom zoeken we naar duurzame en betrouwbare bronnen voor de toekomst én naar maatregelen die op korte termijn al energie besparen. Daarnaast hebben we met de projectgroep randvoorwaarden benoemd die ingevuld moeten worden om de warmtetransitie mogelijk te maken: Capaciteit en middelen bij de gemeente, de stakeholders en uitvoerende partijen zijn nodig om na de TVW tempo te kunnen maken. Er is een gedeelde verantwoordelijkheid in de uitvoering van de warmtetransitie in Barendrecht. Betaalbaarheid en een eerlijke verdeling van kosten en baten zijn essentieel om de warmtetransitie mogelijk te maken. Dit kan niet alleen door de gemeente geregeld worden. Op Rijksniveau vraagt dit om uitwerking van financiële instrumenten en het wegnemen van juridische barrières.

Inleiding | Transitievisie Warmte 2024

| 8

1.1.2 Duurzaamheid In dit document verwijst ‘duurzaamheid’ of ‘verduurzaming’ naar de transitie van woningen en gebouwen naar een aardgasvrije energiebron. Tijdens de overgang naar aardgasvrije en efficiënte warmtetechnieken worden traditionele cv-ketels vervangen door een aardgasvrij alternatief. Voor het realiseren van een aardgasvrije woning zijn (afhankelijk van de situatie) aanvullende maatregelen nodig, zoals het verbeteren van de isolatiegraad, het vernieuwen van het verwarmingssysteem en het overstappen op elektrisch koken met bijvoorbeeld een inductiekookplaat. 1.1.3 Landelijke ontwikkelingen Er zijn diverse landelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op de warmtetransitie: • Er verandert de komende jaren veel qua wet- en regelgeving in Nederland. Vanaf 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Daarnaast wordt de Wet collectieve warmte (WCW) vermoedelijk op 1 januari 2025 in werking gesteld. De Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (WGIW) is aangenomen in de Tweede Kamer en is pas definitief nadat de Eerste Kamer ermee instemt en het gepubliceerd is in de Staatscourant. Het is de bedoeling dat deze wet per 1 januari 2025 van kracht is. • De WCW geeft gemeenten instrumenten in handen om de regierol op te nemen door warmtekavels te bepalen en warmtebedrijven aan te wijzen.

Dit leidt uiteindelijk tot publiek aandeelhouderschap, verduurzaming van de warmtebronnen van warmtenetten en ontkoppeling van de tariefregulering van de gasprijs. • Landelijk is vastgelegd dat eind 2028 alle woningcorporaties een inspanningsverplichting hebben om slecht geïsoleerde woningen te verduurzamen. Vanaf 2030 mogen er geen huurwoningen met een label E of lager verhuurd worden, ook niet door particuliere verhuurders.

• In het hoofdlijnenakkoord 2024-2028 dat op 16 mei 2024 is gepresenteerd staat beschreven dat er geen verplichte energielabelsprongen komen voor koopwoningen. Een andere opvallende wijziging is dat de verplichting om vanaf 2026, bij het vervangen van de cv-ketel, een duurzamer alternatief (bijvoorbeeld een hybride warmtepomp) te moeten installeren, wordt geschrapt. 1.1.4 Van TVW naar Warmteprogramma Dit document, de TVW 2024, is een opmaat voor het Warmteprogramma. In de WGIW is opgenomen dat het Warmteprogramma voor 31 december 2026 vastgesteld moet worden. Net als de TVW moet Warmteprogramma vanuit de wetgeving iedere vijf jaar geactualiseerd worden. Deze wetgeving is op 23 april 2024 vastgesteld in de Tweede Kamer. De WGIW is pas definitief als de Eerste Kamer ook instemt en de wet in de Staatscourant wordt gepubliceerd. Het verschil tussen een Warmteprogramma en een TVW is dat het Warmteprogramma concreter is en projecten beschrijft om de warmtetransitie te realiseren. Voor elk gebied (wijk-, buurt- of clusterniveau) wordt de (voorkeurs)warmtetechniek en de planning bepaald. Nog niet alle randvoorwaarden rondom het Warmteprogramma zijn duidelijk, wel weten we dat keuzes in de wijk gemaakt moeten worden op basis van de laagste eindgebruikerskosten en de laagste totale kosten voor de maatschappij. Dit hebben wij in deze TVW 2024 daarom ook meegenomen.

Met ingang van de WGIW heeft onze gemeente ook aanwijsbevoegdheid gekregen over de wijkgerichte aanpak. Dit betekent dat we als gemeente een bepaalde energietechniek kunnen aanwijzen voor een wijk. Daarvoor moet dit eerst worden vastgelegd in het omgevingsplan van onze gemeente. Dat geeft inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen, verhuurders en netbeheerders een duidelijk tijdspad wanneer de transitie van aardgas naar een duurzaam alternatieve

Inleiding | Transitievisie Warmte 2024

| 9

energievoorziening gaat plaatsvinden. Het Warmteprogramma is onderdeel van de Omgevingswet. Daarmee moet het meer dan een visie zijn en bereikbare doelen bevatten waar de gemeente zich aan moet houden.

2. Verdiepende gesprekken met marktpartijen en aanbieders van restwarmte om de kansrijkheid van warmtetechnieken en warmtebronnen te toetsen. 3. Landelijke en lokale ontwikkelingen en inzichten uit studies.

Ook wordt steeds duidelijker dat de warmtetransitie onderdeel is van de bredere energietransitie. Het Warmteprogramma is van grote invloed op de benodigde netverzwaring in de wijken en isolatieaanpakken dienen rekening te houden met de ecologische gevolgen en de eisen van de provincie rondom het (Pre-)soortenmanagementplan.

In de TVW 2024 zijn de bovenstaande thema’s en de maatschappelijke ontwikkelingen rondom de grootschalige aanpak van het bezit van Patrimonium verwerkt. In de TVW 2024 richten wij ons op het nadrukkelijk wel benoemen van mogelijke warmtebronnen, de effecten daarvan en de eerdergenoemde maatschappelijke ontwikkelingen. In Bijlage 1 worden de belangrijkste verschillen tussen de TVW 2020 en TVW 2024 benoemd.

Het Warmteprogramma is in de meeste gevallen plan-MER-plichtig. Dit is bijvoorbeeld het geval bij toepassing van warmtenetten voor de aanleg van infrastructuur voor stoom of warm water. Omdat in Barendrecht de all-electric warmteoplossing van toepassing wordt zal de plan-MER naar verwachting beperkt blijven of zelfs niet benodigd zijn. De precieze verplichtingen omtrent plan-MER voor all-electric zijn nog niet duidelijk, wij houden dit in de gaten.

1.2

TVW 2024

In dit document zijn een aantal thema’s verder uitgewerkt: 1. Het onderzoeken en toevoegen van een warmtebronnenanalyse. Een warmtebronnenanalyse is een analyse van de beschikbaarheid en kansrijkheid van (rest) warmtebronnen binnen onze gemeente. Warmte kan bijvoorbeeld uit de ondergrond onttrokken worden (geothermie) of vrijkomen als restwarmte van een industrieel proces. Deze warmte kan vervolgens gebruikt worden voor het verwarmen van woningen. In de TVW 2020 zijn al enkele warmtebronnen geïdentificeerd. Echter is er nog geen onderzoek gedaan naar de potentie van deze warmtebronnen.

1.3

Leeswijzer

Hoofdstuk 2 beschrijft de huidige situatie van Barendrecht, inclusief inzicht in de veranderingen ten opzichte van de TVW 2020. Vervolgens beschrijft shoofdstuk 3 de warmtebronnenanalyse, gevolgd door de uitvoering van de wijkanalyse in hoofdstuk 4, inclusief beschrijvingen van de eerste bevindingen. In hoofdstuk 5 beschrijven we de gevormde clusters van wijken, het afwegingskader voor de verschillende warmtetechnieken en de oplossingsrichting. In hoofdstuk 6 wordt de all-electric oplossingsrichting in Barendrecht beschreven. Hoofdstuk 7 geeft een toelichting op de beschikbare financieringsopties en overige ondersteuning van bewoners.

Inleiding | Transitievisie Warmte 2024

| 10

2 Waar staat Barendrecht nu?

Waar staat Barendrecht nu? | Transitievisie Warmte 2024

| 11

2 Waar staat Barendrecht nu? Sinds de oplevering van de TVW in 2020 is in de gemeente Barendrecht gewerkt aan diverse opgaves, waaronder het vaststellen van een groot aantal energielabels (energielabel aanpak). Ook is gewerkt aan de aanpak en verbetering van particuliere woningen met een laag energielabel. Door met name de woningbouwvereniging Patrimonium is gewerkt aan een planmatige verbetering van hun woningbezit. Deze aanpak is inmiddels in uitvoeringsfase. Er is niet aan wijkuitvoeringsplannen gewerkt. In 2023 is de Milieuopgave Barendrecht 2023-2026 opgesteld, hierin zijn de belangrijkste randvoorwaarden gesteld om de komende jaren de milieuopgave in Barendrecht aan te pakken. De doelstellingen uit onze Milieuopgave omtrent warmte en energiebesparing zijn in deze TVW 2024 meegenomen.

2.1

Energiebesparing

Om woningen van het aardgas af te koppelen, is het belangrijk om de energiebehoefte per woning te verminderen. Warmte die we niet gebruiken hoeven we immers ook niet op te wekken. Op deze manier maken we optimaal gebruik van beschikbare warmtebronnen. Het isoleren van vloeren, daken en spouwmuren van gebouwen leidt tot veel energiebesparing. Isoleren is een belangrijke stap richting een aardgasvrije woning. In onze Milieuopgave is opgenomen te streven het hoogst haalbare (gemiddeld B, met minimum C) energielabel te bereiken (per 1 januari 2050). Dit geldt voor de gehele gebouwde omgeving in Barendrecht. Daarnaast is het streven opgenomen dat er in 2025 geen woningen meer zijn met energielabel E, F en G en nog maximaal 50 procent van de woningen met energielabel D. Monumenten worden voor zover mogelijk aangepast naar verbeterde energielabels en krijgen een afzonderlijke aanpak. Onze gemeente richt zich op dit moment specifiek op de woningen met een slecht ener-

gielabel (energielabel E, F of G). Er zijn verschillende acties en subsidies (landelijk en gemeentelijk) beschikbaar om woningen te isoleren.

2.2

Warmte

In de Milieuopgave is opgenomen dat de gebouwde omgeving eind 2025 voor 10 procent onafhankelijk is van fossiele bronnen voor de opwek van warmte ten opzichte van 1 juli 2018. In 2030 is 20 procent van de gebouwde omgeving onafhankelijk van fossiele bronnen. Het streven is in 2024 te starten met de ontwikkeling van een tweetal pilots om te kunnen komen tot de warmtetransitie voor een bepaalde wijk.

2.3

Netcongestie

Steeds meer woningen stappen van het gas af. Daartegenover staat wel een hoger gebruik van elektriciteit. Daarnaast wekken we steeds meer duurzame elektriciteit op met zonnepanelen en windmolens. Deze ontwikkelingen kunnen leiden tot netcongestie. Netcongestie is in feite een “file” op het elektriciteitsnet door een te hoge elektriciteitsvraag en/of -levering. Om te kunnen voldoen aan de elektriciteitsbehoefte van alle woningen, moet het elektriciteitsnetwerk worden verzwaard en moet er slim om worden gegaan met ons elektriciteitsverbruik. Stedin werkt aan een buurtgerichte aanpak (de buurtaanpak) om het elektriciteitsnetwerk te verzwaren door het bijplaatsen van transformatorstations (trafohuisjes). Dit gebeurt met de focus op het toekomstscenario waarin alle woningen all-electric verwarmd worden (scenario met de hoogste elektriciteitsvraag). Er worden 163 transformatorstations toegevoegd of aangepast in Barendrecht. In Nieuweland is Stedin inmiddels gestart met de werkzaamheden.

Waar staat Barendrecht nu? | Transitievisie Warmte 2024

| 12

3 Warmtebronnen­ analyse

Warmtebronnen­analyse | Transitievisie Warmte 2024

| 13

3 Warmtebronnenanalyse Dit hoofdstuk biedt een algemeen inzicht in warmtebronnen die inzetbaar zijn voor het duurzaam verwarmen van woningvoorraad. Daarnaast geven we een overzicht van warmtebronnen, die zich zowel binnen de gemeente als in de nabije omgeving bevinden. Hoofdstuk 5 licht de kansrijkheid van deze warmtebronnen toe. Bijlage 2 geeft een overzicht van gesprekken met de belangrijkste stakeholders.

3.1 Toelichting (rest)warmtebronnen en warmtetechnieken 3.1.1 Warmtebronnen Er zijn diverse warmtebronnen die ingezet kunnen worden om onze woningen te verwarmen. Denk aan warmte uit de bodem of warmte die bij industriële processen vrijkomt. Tabel 1 geeft een overzicht van de mogelijke warmtebronnen. Tabel 1: Overzicht van warmtebronnen. Warmtebron

Toelichting

WKO

Warmte- en Koude Opslag (WKO) is een methode om energie in de vorm van warmte of koude op te slaan in de bodem. De techniek wordt gebruikt om gebouwen te verwarmen en/of te koelen. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen open en gesloten bodem bronsystemen, waarbij de open bronsystemen direct warmte onttrekken uit de bodem en gesloten bronsystemen indirect warmte onttrekken door middel van een warmtewisselaar.

Aquathermie

Aquathermie is de verzamelterm voor duurzaam verwarmen en koelen van gebouwen met behulp warmte en koude uit oppervlaktewater (TEO), afvalwater (TEA) en drinkwater (TED).

Warmtebron

Toelichting

Geothermie

Geothermie is thermische energie, ofwel warmte uit de diepe ondergrond. Er kan energie worden gewonnen door warmte te onttrekken aan diep onder het aardoppervlak gelegen warmtereservoirs.

Restwarmte

Restwarmte is warmte die als restproduct vrijkomt bij onder meer industriële productieprocessen, datacenters en koel- of vrieshuizen.

Biomassa

Biomassa is een term voor materiaal van plantaardige of dierlijke herkomst, zoals hout, maïs, mest, voedselresten of plantaardige olie. Het kan worden verbrand of omgezet worden in duurzaam geproduceerd biogas.

3.1.2 Warmtetechnieken Naast bovenstaande warmtebronnen zijn er verschillende warmtetechnieken. Warmtetechnieken zorgen voor verplaatsing van de warmte van de bron naar de woningen (warmtenetten) of omzetting van warmte naar een andere bron (all-electric of duurzaam gas). In Tabel 2 en Figuur 2 is een toelichting gegeven op de warmtetechnieken. Tabel 2: Overzicht van warmtetechnieken. Warmtetechniek

Toelichting

Warmtenet (MT)

Een warmtenet, ook wel stadsverwarming genoemd, is een collectieve oplossing om gebouwen te verwarmen. Een warmtenet is onderdeel van een totaal energiesysteem. Dit systeem is op te delen in een warmtebron, distributienet en een afleverset in de woning. Een midden temperatuur (MT) warmtenet bevat warmte met een temperatuur van 55°C tot 70°C.

Warmtebronnen­analyse | Transitievisie Warmte 2024

| 14

Warmtetechniek

Toelichting

Warmtenet (LT)

Een lagetemperatuur (LT) warmtenet is technisch vergelijkbaar met een MT warmtenet, alleen is de temperatuur van de warmtebron lager. De warmte in een LT warmtenet heeft een temperatuur tot 55°C.

All-electric

Bij all-electric oplossingen wordt de volledige warmtevraag van woningen elektrisch ingevuld. Een all-electric oplossing werkt meestal met een warmtepomp. De all-electric warmtetechniek kan bij één of meerdere woning worden toegepast.

Duurzaam gas via

Duurzaam gas kan zowel waterstofgas als groen gas zijn. Waterstofgas

bestaand gasnet

is een energiedrager die aardgas kan vervangen met beperkte aanpassingen aan het gasnet en apparatuur. De duurzaamheid van waterstof hangt af van de (groene) productiewijze. Groen gas is een gas op basis van biogas. Door verbetering en zuivering van het biogas, heeft groen gas dezelfde eigenschappen als aardgas en kan het worden getransporteerd door de bestaande gasleidingen. In Nederland zijn duurzame gassen (waterstof, biogas en groen gas) in beperkte mate beschikbaar voor het verwarmen van gebouwen, ook na 2030.

Warmtebronnen­analyse | Transitievisie Warmte 2024

| 15

All-electric All-electric MT warmtenet All-electricMT warmtenet LT MTwarmtenet warmtenet MT LTwarmtenet warmtenet Duurzaam LT warmtenet gas viaDuurzaam gas Duurzaam via gas Duurzaam via All-electric LT warmtenet gas via Meerdere woningen Meerdere woningen Meerdere woningen Eén of meerdere Eén of Meerdere meerdere Eén woningen of meerdere Meerdere woningen Meerdere woningen bestaand gasnet bestaand gasnet bestaand gasnet All-electric MT warmtenet LT warmtenet Meerdere woningen Duurzaamgasnet gas via bestaand Eén of meerdere Meerdere woningen bestaand woningen woningen woningen woningen Eén of meerdere woningen Meerdere woningen Meerdere woningen gasnet Volledig elektrisch Volledig met MTelektrisch restwarmte Volledig metvan elektrisch MT industrie restwarmte met LT MT van restwarmte restwarmte industrie van LT bijv. industrie restwarmte Hernieuwbaar LT van restwarmte bijv. gas Hernieuwbaar van bijv. Hernieuwbaar gas Volledig lektrisch metvan MT restwarmte van industrie LT restwarmte van bijv. gas Hernieuwbaar gas •warmtepomp Volledig elektrisch metGeothermie MT restwarmte van industrie • LT restwarmte van bijv.

riool• Hernieuwbaar gas rioolwaterzuiveringsrioolwaterzuiveringsrioolwaterzuiverings(gevoed warmtepomp warmtepomp (gevoed •Geothermie (gevoed Geothermie Waterstof met (hybride) Waterstof met Waterstof (hybride) met (hybride) rioolwaterzuiveringswarmtepomp (gevoed Geothermie Waterstof met (hybride) installatie (RWZI), installatie (RWZI), installatie (RWZI), door individuele of door individuele Biomassa door of individuele Biomassa of Biomassa warmtepomp warmtepomp warmtepomp warmtepomp (gevoed door • Geothermie waterzuiverings-installatie • Waterstof met (hybride) installatie (RWZI), door individuele of Biomassa warmtepomp datacenters, koel- datacenters, en koeldatacenters, en koelen collectieve opwekking) collectieve opwekking) collectieve opwekking) datacenters, koelen collectieve opwekking) individuele of collectieve • Biomassa vrieshuizen (RWZI), datacenters, koel- en warmtepomp vrieshuizen vrieshuizen Kleinschalige Kleinschalige Kleinschalige vrieshuizen Kleinschalige opwekking) vrieshuizen Aquathermie Aquathermie Aquathermie Aquathermie collectieve collectieve collectieve collectieve WKO WKO warmtepomp warmtepomp warmtepomp •warmtepomp Kleinschalige collectieve •WKO Aquathermie WKO Grootschalige collectieve GrootschaligeGrootschalige collectieve collectieve Zon-thermie Zon-thermie Zon-thermie Zon-thermie Grootschalige collectieve warmtepomp WKO warmtepomp warmtepomp

•warmtepomp warmtepomp • Zon-thermie •Collectieve Grootschalige collectievezon-thermie Collectieve zon-thermie Collectieve zon-thermie zon-thermie Collectieve Figuur 2: Beschikbare warmtetechnieken. Figuur 2: Beschikbare Figuurwarmtetechnieken. 2: Beschikbare warmtetechnieken. Figuur 2: Beschikbare warmtetechnieken.

warmtepomp • Collectieve zon-thermie

3.2 Warmtebronnen 3.2 Warmtebronnen 3.2 in Warmtebronnen Barendrecht in Barendrecht in Barendrecht 3.2 Warmtebronnen in Barendrecht In onze gemeenteIn zijn onze diverse gemeente mogelijke In onze zijngemeente warmtebronnen diverseInmogelijke zijn diverse aanwezig. warmtebronnen mogelijke Indiverse deze warmtebronnen aanwezig. paragraaf In wordt deze aanwezig. ingegaan paragraaf In deze opaanwezig. wordt deparagraaf ingegaan wordt op paragraaf de ingegaan wordt op deingegaan op de onze gemeente zijn mogelijke warmtebronnen In deze

Figuur 2:mogelijke Beschikbare warmtetechnieken. warmtebronnen mogelijkeinwarmtebronnen Barendrecht. mogelijke warmtebronnen De in kansrijkheid Barendrecht. invan Barendrecht. De de kansrijkheid bronnen Deisvan kansrijkheid in de hoofdstuk bronnen van 5.2 isdebenoemd. inbronnen hoofdstuk is in 5.2hoofdstuk benoemd.5.2 benoemd.

mogelijke warmtebronnen in Barendrecht. De kansrijkheid van de bronnen is in hoofdstuk 5.2 benoemd. Hieronder zijn deze Hieronder warmtebronnen zijnHieronder deze kort warmtebronnen toegelicht. zijn deze warmtebronnen kortzijn toegelicht. kort toegelicht. kort toegelicht. Hieronder deze warmtebronnen

3.2.1

Warmte3.2.1 Koude Opslag Warmte 3.2.1 (WKO) Koude Warmte Opslag Koude (WKO) OpslagKoude (WKO)Opslag (WKO) 3.2.1 Warmte

WKO-systemen zijn WKO-systemen in heel Barendrecht WKO-systemen zijn in heel mogelijk. Barendrecht zijn Wel in heel moet mogelijk. Barendrecht erzijn rekening mogelijk. moet gehouden er Wel rekening worden moet gehouden er metrekening restrictieworden gehouden restrictieworden met restrictieWKO-systemen in Wel heel Barendrecht mogelijk. Wel moet er met rekening gehouden worden met restrictieaandachtsgebieden aandachtsgebieden (zie Bijlage aandachtsgebieden 3). (zie Bijlage 3).(zie Bijlage 3). (zie Bijlage 3). aandachtsgebieden

3.2.2

Aquathermie 3.2.2

Aquathermie 3.2.2 Aquathermie 3.2.2 Aquathermie

Warmtebronnen­analyse | Transitievisie Warmte 2024

| 16

3.2

Warmtebronnen in Barendrecht

In onze gemeente zijn diverse mogelijke warmtebronnen aanwezig. In deze paragraaf wordt ingegaan op de mogelijke warmtebronnen in Barendrecht. De kansrijkheid van de bronnen is in hoofdstuk 5.2 benoemd. Hieronder zijn deze warmtebronnen kort toegelicht. 3.2.1 Warmte Koude Opslag (WKO) WKO-systemen zijn in heel Barendrecht mogelijk. Wel moet er rekening gehouden worden met restrictie- aandachtsgebieden (zie Bijlage 3). 3.2.2

drinkwater (TED) genoemd. In onze gemeente is geen drinkwaterzuiveringsinstallatie van Evides aanwezig waar warmte uit gehaald kan worden. 3.2.3 Geothermie Geothermie biedt de mogelijkheid om op gemeentelijk niveau gebouwen van warmte te voorzien. Technisch gezien is de bodem rond Barendrecht geschikt voor geothermie. De (voor)investeringen in een geothermie systeem zijn hoog. Om een geothermie systeem financieel haalbaar te maken is het belangrijk dat een groot aantal woningen met een (relatief) hoge stedelijkheid (woningdichtheid) aangesloten wordt.

Aquathermie

Oppervlaktewater uit diverse waterpartijen en de rivier

3.2.4

Het water van de Oude Maas kan theoretisch gebruikt worden als warmtebron voor woningen. De term voor deze warmtebron is thermische energie uit oppervlakte (TEO). Deze rivier stroomt ten zuiden van onze gemeente en is een lage temperatuur warmtebron van circa 15-20°C. Ook bevinden zich enkele waterpartijen rond Carnisselande. Deze waterpartijen hebben een kleiner volume in vergelijking met de Oude Maas en het water stroomt (vrijwel) niet.

Koelhuizen

Rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI)

Het water uit de RWZI van Barendrecht biedt potentieel voor woningverwarming. Dit wordt ook wel thermische energie uit afvalwater (TEA) genoemd. Momenteel wordt onderzocht of de Warmte-Kracht-Koppeling (WKK) centrale van Eneco hiermee verduurzaamd kan worden. Drinkwaterleidingen Evides

In onze gemeente loopt een hoofdleiding van het drinkwatersysteem. Hier kan mogelijk warmte uit onttrokken worden. Dit wordt ook wel thermische energie uit

Restwarmte

In de omgeving van Barendrecht zijn diverse bedrijventerreinen met bedrijven die restwarmte genereren. Verschillende onderzoeksbureaus hebben studies uitgevoerd naar de restwarmte afkomstig van deze bedrijventerreinen, met name uit koelopslagfaciliteiten, ofwel koelhuizen. Volgens schatting genereren deze bedrijven restwarmte van 30°C tot 40°C. Met behulp van een warmtepomp kan dit opgewaardeerd worden naar 60°C tot 80°C. Het bedrijventerrein BT-oost heeft veel gekoelde distributiecentra op het terrein waardoor dit theoretisch een restwarmtebron zou kunnen zijn. 3.2.5 Biomassa Biomassa kan warmte op woning of wijkniveau leveren. Bij het verbranden van biomassa komt CO2 vrij. De Rijksoverheid wil dat zoveel mogelijk beperken. Daarom moet de biomassa die wordt verbrand in energiecentrales of woningen aan strenge eisen voldoen, ook omtrent de uitstoot van fijnstof. Vanwege de schaarste van

Warmtebronnen­analyse | Transitievisie Warmte 2024

| 17

biomassa heeft het kabinet aangegeven biomassa zo beperkt en hoogwaardig mogelijk in te zetten voor de verwarming van de gebouwde omgeving 1. In de context van kleinschalig gebruik van biomassa, voor met name de buitengebieden in Barendrecht, kan het een passende oplossing zijn om lokale warmtevoorziening op woningniveau te realiseren. Dit kan bijdragen aan de verduurzaming van de energievoorziening in deze gebieden, mits het gepaard gaat met een zorgvuldig beleid (flankerend beleid) dat de milieu-impact minimaliseert. 3.2.6

Warmtenet Vattenfall

WKK Eneco

MT warmtenet

Aansluiten warmtenet Vattenfall

Het Rotterdamse warmtenet van Vattenfall loopt langs (ten noorden van) onze gemeente, zie Figuur 3. De warmte in dit warmtenet is een mogelijke voorziening om onze woningen van warmte te voorzien. WKK warmtenet Eneco

In onze gemeente bezit Eneco een warmtenet, aangesloten op een WKK. Op dit warmtenet zijn 678 woningen aangesloten, zie Figuur 3. Eneco richt zich met name op het verduurzamen van de warmtebron (een industriële cv-ketel) van het warmtenet dat er ligt. Figuur 3: Warmtenetten in en rondom de gemeente Barendrecht.

Figuur 3: Warmtenetten in en rondom de gemeente Barendrecht.

1

Rijksoverheid stimuleert ontwikkeling bio-energie | Duurzame energie | Rijksoverheid.nl

Warmtebronnen­analyse | Transitievisie Warmte 2024

| 18

4 Wijkanalyse

Wijkanalyse | Transitievisie Warmte 2024

| 19

4 Wijkanalyse Dit hoofdstuk geeft overzicht van alle wijk- en woningkenmerken binnen onze gemeente. Met de wijk- en woningkenmerken kan de kansrijkheid voor het toepassen van bepaalde warmtebronnen- en technieken in onze gemeente beter worden bepaald. Gegevens zoals woningtype, eigendom, stedelijkheid, netcongestie, geografische ligging of de isolatiegraad van woningen kunnen namelijk invloed hebben op de kansrijkheid van een warmtebron- en techniek. Om een goed beeld van de huidige situatie te krijgen is een dataanalyse uitgevoerd met behulp van diverse databronnen 2,3,4,5,6.

Figuur Figuur Figuur Figuur 4:4:Verdeling Verdeling 4: 4: Verdeling Verdeling van vanwoningen woningen van van woningen woningen inbouwjaarklassen. bouwjaarklassen. in in bouwjaarklassen. bouwjaarklassen.

Figuur Figuur Figuur 55geeft geeft 5 geeft een eenoverzicht een overzicht overzicht van vande van dekarakteristieken karakteristieken de karakteristieken van vande van dewoningen woningen de woningen ininde de ingemeente gemeente de gemeente Barendrec Barendre Baren 88 woningtypen woningtypen woningtypen isishet het isVIVET het VIVET VIVET model model model gebruikt gebruikt gebruikt . . 88.

6262 procent procent 62 62 procent procent 7 77procent procent 77 procent procent 5 5procent procent 555procent procent 2626procent procent 26 26 procent procent 62 procent procent 26 procent Rijwoningen Rijwoningen Rijwoningen Rijwoningen Twee-onder-één-kap Twee-onder-één-kap Twee-onder-één-kap Twee-onder-één-kap Vrijstaande Vrijstaande Vrijstaande Vrijstaande woningen woningen woningen woningen Meergezinswoningen Meergezinswoningen Meergezinswoningen Meergezinswoningen Rijwoningen Twee-onder-één-kap Vrijstaande woningen Meergezinswoningen Figuur Figuur Figuur Figuur 5:5:Woningen Woningen 5: 5: Woningen Woningen gecategoriseerd gecategoriseerd gecategoriseerd gecategoriseerd ininwoningtypen. woningtypen. in in woningtypen. woningtypen.

Figuur 5: Woningen gecategoriseerd in woningtypen.

All-electric warmtetechniek Bestaand warmtenet

4.1

Woningtypen en bouwjaren

Figuur 1: De toekomstige oplossingsrichting in Barendrecht is de all-electric warmtetechniek. De roodgemarkeerde gebieden zijnDe bedrijventerreinen. woningvoorraad van de gemeente Barendrecht bestaat in totaal uit 20.055

woningen per 1 mei 2024. Figuur 4 geeft een overzicht van de bouwjaren.

Buurtenergieinfo Buurtenergieinfo Buurtenergieinfo (Gas(Gas&(Gas(Gas&Elektragebruik, Elektragebruik, & & Elektragebruik, Elektragebruik, Percentage Percentage Percentage Percentage Huur/Koop, Huur/Koop, Huur/Koop, Huur/Koop, Inwonersaantal, Inwonersaantal, Inwonersaantal, Inwonersaantal, Woningcorporatiebezit) Woningcorporatiebezit) Woningcorporatiebezit) Woningcorporatiebezit) - RVO, --CBS, RVO, RVO, CBS,TNO CBS, CBS, TNO- TNO WFS: -TNO WFS: -- WFS WFS Het22 Buurtenergieinfo overgrote deel van de woningvoorraad bestaat uit rijwoningen en is het - RVO, https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? Cijfers Cijfers Cijfers Cijfers opopbasis basis op opvan basis basis vanpeiljaar peiljaar van van peiljaar peiljaar 2024 2024 2024 2024 aandeel van de restrictiegebieden woningvoorraad gebouwd ná 1975.

3 3 grootste 33 Restwarmtebronnen Restwarmtebronnen Restwarmtebronnen Restwarmtebronnen & &WKO WKO & &restrictiegebieden WKO WKO restrictiegebieden restrictiegebieden - RVO - RVO -- RVO WFS: RVO - WFS: --https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? WFS: WFS: https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? Cijfers Cijfers Cijfers Cijfers opopbasis basis op opvan basis basis vanpeiljaar peiljaa van van pp 4 4 44 Congestiegebieden Congestiegebieden Congestiegebieden Congestiegebieden - Netbeheer - Netbeheer -- Netbeheer Netbeheer Nederland Nederland Nederland Nederland https://capaciteitskaart.netbeheernederland.nl/ https://capaciteitskaart.netbeheernederland.nl/ https://capaciteitskaart.netbeheernederland.nl/ https://capaciteitskaart.netbeheernederland.nl/ Cijfers Cijfers Cijfers Cijfers opopbasis basis op opvan basis basis vanpeiljaar peiljaar van van peiljaar peiljaar 2024. 2024.2024. 2024.

5 5 55 Eindgebruikerskosten Eindgebruikerskosten Eindgebruikerskosten Eindgebruikerskosten - ECW - ECW --(Dashboard ECW ECW (Dashboard (Dashboard (Dashboard Eindgebruikerskosten Eindgebruikerskosten Eindgebruikerskosten Eindgebruikerskosten TNO) TNO)https://www.expertisecentrumwarmte.nl/eindgebruikerskosten/defa TNO) TNO) https://www.expertisecentrumwarmte.nl/eindgebruikerskosten/de https://www.expertisecentrumwarmte.nl/eindgebruikerskoste https://www.expertisecentrumwarmte.nl/eindgebruikerskoste opopbasis basis op opvan basis basis vanpeiljaar peiljaar van van peiljaar peiljaar 2023 2023 2023 2023 6 6 66 Informatie Informatie Informatie Informatie over overdede over over woningen: woningen: de de woningen: woningen: VIVET: VIVET: VIVET: VIVET: betere betere betere betere informatievoorziening informatievoorziening informatievoorziening informatievoorziening energietransitie energietransitie energietransitie energietransitie | CBS, | CBS, ||cijfers CBS, CBS, cijfersop cijfers cijfers opbasis basis op opvan basis basis vanpeiljaar peiljaar van van peiljaar peiljaar 2020, 2020,registratie 2020, 2020, registratie registr registr ene februari februari februari februari 2023 2023(vanuit 2023 2023 (vanuit (vanuit (vanuit EP-online). EP-online). EP-online). EP-online). 2 2

18 18 18 2 Buurtenergieinfo (Gas- & Elektragebruik, Percentage Huur/Koop, Inwonersaantal, Woningcorporatiebezit) - RVO, CBS, TNO - WFS: https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? Cijfers op basis van peiljaar 2024 3 Restwarmtebronnen & WKO restrictiegebieden - RVO - WFS: https://rvo.b3p.nl/geoserver/WarmteAtlas/wfs? Cijfers op basis van peiljaar 2024 4 Congestiegebieden - Netbeheer Nederland https://capaciteitskaart.netbeheernederland.nl/ Cijfers op basis van Figuur 2: Verdeling van woningen in bouwjaarklassen. Figuur 4: Overzicht van verdeling van woningen in de bouwjaarklassen.

peiljaar 2024. 5 Eindgebruikerskosten - ECW (Dashboard Eindgebruikerskosten TNO) https://www.expertisecentrumwarmte.nl/

Figuur 5 geeft een overzicht van de karakteristieken van de woningen in de gemeente Barendrecht. Voor de woningtypen is het VIVET model gebruikt8.

eindgebruikerskosten/default.aspx Cijfers op basis van peiljaar 2023 6 Informatie over de woningen: VIVET: betere informatievoorziening energietransitie | CBS, cijfers op basis van peiljaar 2020, registratie energielabels tot 2 februari 2023 (vanuit EP-online).

Wijkanalyse | Transitievisie Warmte 2024 | 20

Hoog stedelijke gebieden maken met name collectieve warmteoplossingen kansrijk, bijvoorbeeld warmtenetten. Onze gemeente heeft een gemiddelde stedelijkheid. In onze gemeente verschilt de stedelijkheid op clusterniveau, zie Tabel 3 in hoofdstuk 5.

4.3 Energielabels

4.2

Stedelijkheid

Figuur 6 geeft de bekende en ingeschatte energielabels van de woningen in Barendrecht weer en in Figuur 7 is de geografische spreiding hiervan te zien7,8. In onze gemeente is het grootste deel van de woningen (relatief) goed geïsoleerd, circa 92 procent van de woningen heeft een energielabel A, B of C. Niet alle energielabels zijn bekend (geregistreerd), deze energielabels zijn ingeschat (42 procent) op basis van het bouwjaar en woningtype. De plannen van Patrimonium om de woningen te verduurzamen zijn ook meegenomen in de energielabels (dit wordt verder uitgelegd in hoofdstuk 4.4). In deze TVW worden alle energielabels die beter zijn dan A (bijvoorbeeld A+) gegroepeerd onder energielabel A. 12000

Stedelijkheid verwijst naar de dichtheid van woningen in een bepaald gebied. Dit wordt gemeten aan de hand van het aantal adressen per vierkante kilometer. Er zijn drie niveaus van stedelijkheid: • Hoog stedelijk: > 1.500 adressen per km2 • Gemiddeld stedelijk: 1.000 – 1.500 adressen per km2 • Laag stedelijk: < 1.000 adressen per km2

Aantal woningen

10000

Hoog stedelijke gebieden maken met name collectieve warmteoplossingen kansrijk, bijvoorbeeld warmtenetten. Onze gemeente heeft een gemiddelde stedelijkheid. In onze gemeente verschilt de stedelijkheid op clusterniveau, zie Tabel 3 in hoofdstuk 5.

4.3

6000

4000

2000

Energielabels

Figuur 6 geeft de bekende en ingeschatte energielabels van de woningen in Barendrecht weer en in Figuur 7 is de geografische spreiding hiervan te zien7,8. In onze gemeente is het grootste deel van de woningen (relatief) goed geïsoleerd, circa 92 procent van de woningen heeft een energielabel A, B of C. Niet alle energielabels zijn bekend (geregistreerd), deze energielabels zijn ingeschat (42 procent) op basis van het bouwjaar en woningtype. De plannen van Patrimonium om de woningen te verduurzamen zijn ook meegenomen in de energielabels (dit wordt verder uitgelegd in hoofdstuk 4.4). In deze TVW worden alle energielabels die beter zijn dan A (bijvoorbeeld A+) gegroepeerd onder energielabel A.

8000

0

A

B

C

D

E

F

G

Figuur 6: Aantal energielabels per woningper in de gemeente Figuur 6: Aantal energielabels woning in Barendrecht. de gemeente Barendrecht. Informatie over de woningen: VIVET: betere informatievoorziening energietransitie | CBS, cijfers op basis van peiljaar 2020, registratie energielabels tot 2 februari 2023 (vanuit EP-online). 8 Informatie over de energielabels: https://www.ep-online.nl/ Cijfers over energielabels op basis van peildatum 2 februari 2023. 7

In onze gemeente is een groot deel van de woningen goed geïsoleerd met een hoog energielabel (A of B). In de wijken Centrum, Molenvliet, Buitenoord en delen van de wijken Voordijk en Paddewei zijn de energielabels gemiddeld label C of D. De Oranjewijk en de buitengebieden hebben een relatief groot aandeel woningen 19 met een energielabel E, F of G. Vanuit de isolatieopgave Barendrecht liggen in deze wijken aanzienlijke mogelijkheden voor verbetering van de isolatie.

7 Informatie over de woningen: VIVET: betere informatievoorziening energietransitie | CBS, cijfers op basis van peiljaar 2020, registratie energielabels tot 2 februari 2023 (vanuit EP-online). 8 Informatie over de energielabels: https://www.ep-online.nl/ Cijfers over energielabels op basis van peildatum 2 februari 2023.

Barendrecht heeft 402 dijkwoningen. Dit zijn vaak oudere woningen met veelal lagere energielabels (energielabel D, E, F en G). Dijkwoningen hebben (vaak) specifieke karakteristieke eigenschappen, zoals een groot geveloppervlak, erkers en

Wijkanalyse | Transitievisie Warmte 2024

| 21

Figuur 8: De dijken in Barendrecht.

Figuur 7: Geografische spreiding van energielabels in de gemeente Barendrecht.

Figuur 8: De dijken in Barendrecht.

Figuur 3: Geografische spreiding van energielabels in de gemeente Barendrecht.

glas-in-lood. Daarom behoeven dijkwoningen extra aandacht om verduurzaamd te worden. Figuur 8 toont de locatie van onze dijken en in Figuur 9 zijn de locaties en energielabels van de dijkwoningen te zien.

Wijkanalyse | Transitievisie Warmte 2024 | 22

4.4

Eigendomssituatie

In onze gemeente zijn ongeveer 68 procent van de totale woningvoorraad koopwoningen, ongeveer 22 procent van de totale woningvoorraad zijn sociale huurwoningen en ongeveer tien procent van de totale woningvoorraad zijn particuliere huurwoningen. Ongeveer 2.300 woningen zijn onderdeel van een VvE. Daarnaast is een deel van de woningen in het bezit van woningcorporaties. Binnen onze gemeente zijn de volgende woningcorporaties actief: • Patrimonium • Havensteder • Woonzorg Nederland • Wooncompas • Maaswonen

Figuur 9: Dijkwoningen in Barendrecht D, E, F of G energielabel. Figuur 4: Dijkwoningen in Barendrecht met een D, E, Fmet of G een energielabel.

Patrimonium is bezig met het grootschalig duurzaam renoveren van de woningportefeuille (GO-trein). De renovaties zijn gericht op het verbeteren van de gebouwschil en ventilatie. Er wordt (nog) geen aardgasloze warmtebron toegevoegd. De energielabels van deze woningen worden opgewaardeerd naar energielabel A+. Figuur 10 laat zien om welke woningen van Patrimonium het gaat. Dit wordt als uitgangspunt gehanteerd voor de analyses in de volgende hoofdstukken. Daarnaast wil Patrimonium 1.000 woningen realiseren in Barendrecht. Naast Patrimonium zijn ook de andere woningcorporaties bezig met verduurzaming van het eigen woningbezit.

Wijkanalyse | Transitievisie Warmte 2024 | 23

Figuur 5: Woningen Patrimonium die vanuit dedie GO-trein verduurzaamd worden naar energielabel A+. Figuur 10: Woningen Patrimonium vanuit de GO-trein verduurzaamd worden naar ener-

gielabel A+.

Wijkanalyse | Transitievisie Warmte 2024

| 24

5 Afwegingskader warmtetechnieken

Afwegingskader warmtetechnieken | Transitievisie Warmte 2024 | 25

5 Afwegingskader warmtetechnieken In dit hoofdstuk worden de warmtebronnenanalyse en wijkanalyse bij elkaar gebracht. Dit leidt tot clustering van wijken en uiteindelijk een oplossingsrichting voor de warmtevoorziening van onze woningvoorraad. Dit gebeurt op basis van een kwalitatief en kwantitatief afwegingskader.

5.1 Clusters

5 Afwegingskader warmtetechnieken

Op basis van de wijkanalyse (Hoofdstuk 4) is een overzicht gemaakt van kansrijke clusters in onze gemeente. Een cluster wordt gevormd door één of meerdere CBS buurten9 met vergelijkbare buurtkarakteristieken en overeenkomstige geografische ligging. De clusters zijn weergegeven in Figuur 11 en worden onder de figuur verder toegelicht.

In dit hoofdstuk worden de warmtebronnenanalyse en wijkanalyse bij elkaar gebracht. Dit leidt tot clustering van wijken en uiteindelijk een oplossingsrichting voor de warmtevoorziening van onze woningvoorraad. Dit gebeurt op basis van een kwalitatief en kwantitatief afwegingskader.

5.1

Clusters

Op basis van de wijkanalyse (Hoofdstuk 4) is een overzicht gemaakt van kansrijke clusters in onze gemeente. Een cluster wordt gevormd door één of meerdere CBS buurten9 met vergelijkbare buurtkarakteristieken en overeenkomstige geografische ligging. De clusters zijn weergegeven in Figuur 11 en worden verder toegelicht. 5.1.1

Toelichting clusters

Bijdorp/Dorpzicht

Dit cluster bestaat uit CBS buurten Bijdorp (568 woningen) en Dorpzicht (205 woningen) in het noordoosten van Barendrecht. De woningen zijn goed geïsoleerd met veelal een energielabel B en zijn voornamelijk na 1992 gebouwd. Een aantal woningen zijn in bezit van Havensteder (60 woningen). De overige woningen in dit cluster zijn koopwoningen. Centrum Noord

Het cluster Centrum Noord bestaat uit de CBS buurten Noord 1, Noord 2, Binnenland, Centrum West en Centrum Oost. Dit cluster bestaat uit 1.662 woningen in het oosten van Barendrecht en hebben (na verduurzaming van Patrimonium) over het algemeen een goed energielabel (894 woningen met label A). Het grootste gedeelte van de woningen is tussen 1946 en 1991 gebouwd (67 procent van de woningen). Ongeveer 50 procent van de woningen is in handen van woningcorporaties. In dit cluster zijn vooral rijwoningen, hoekwoningen en appartementen aanwezig.

Figuur 11: Clustering van de buurten op in basis Barendrecht op basis karakteristieken. Let op: uit hettwee Figuur 11: Clustering van de buurten in Barendrecht van karakteristieken. Let van op: het cluster Centrum Noord bestaat gebieden.

cluster Centrum Noord bestaat uit twee gebieden.

9

CBS data: https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/85318NED/table?ts=1686751652728

24

9

CBS data: https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/85318NED/table?ts=1686751652728

Afwegingskader warmtetechnieken | Transitievisie Warmte 2024 | 26

Centrum

Het cluster Centrum bestaat uit de CBS buurten Buitenoord 1, Buitenoord 2, Buitenoord 3, Centrum, Molenvliet 1, Molenvliet 2 en Paddewei. Dit cluster bestaat uit 3.826 woningen in het centrum van Barendrecht en de woningen hebben over het algemeen een gemiddeld energielabel C (2.315 woningen). Het grootste gedeelte van de woningen is tussen 1946 en 1991 gebouwd (94 procent van de woningen). 25 procent van de woningen is in handen van woningcorporaties. Hier zijn vooral rijwoningen, hoekwoningen en appartementen aanwezig. Patrimonium is bezig met het verduurzamen van de corporatiewoningen in het Centrum. In Buitenoord 1 wordt een pilot uitgevoerd door Patrimonium gericht op het zogenaamde ‘gespikkeld bezit’, wat verwijst naar particuliere woningen die ingeklemd staan tussen de woningen van de corporatie. Patrimonium onderzoekt of de eigenaren van deze particuliere woningen hun woning gelijktijdig met de corporatiewoningen kunnen en willen verduurzamen.

lage energielabels in Oranjewijk 1 (44 procent van de woningen heeft een label D, E, F of G). Dit cluster bevat zowel vrijstaande woningen als rijwoningen als appartementen. De woningen in Oranjewijk 1 zijn vooral voor 1964 gebouwd en in Oranjewijk 2 tussen 1975 en 1991. 89 procent van de woningen is in particulier bezit. Meerwede

Het cluster Meerwede bestaat uit de CBS buurten Meerwede Noordoost, Meerwede Noordwest, Meerwede Zuidoost, Meerwede Zuidwest, Havenkwartier, Riederhoek en Waterkant. Dit cluster lig in het zuidwesten van Barendrecht. Dit cluster bestaat uit 4.528 woningen. De woningen zijn na 1996 gebouwd en hebben een energielabel A of B. Dit cluster bestaat voor het grootste gedeelte uit appartementen en rijwoningen. 54 procent van de woningen is particulier bezit. 25 procent is particuliere huur en 21 procent is in handen van stichting Havensteder.

Centrum Oost

Het cluster Centrum Oost bestaat uit de CBS buurten Noord 3 en Noord 4. Dit cluster bestaat uit 726 woningen aan de oostkant van Barendrecht. Het grootste gedeelte van de woningen is tussen 1946 en 1974 gebouwd (82 procent van de woningen). 56 procent van de woningen is in handen van woningcorporaties (Woonzorg Nederland en Patrimonium). Het gemiddelde energielabel is C (405 woningen). Hier zijn vooral rijwoningen, hoekwoningen en appartementen aanwezig. Oranjewijk

Het cluster Oranjewijk bestaat uit de CBS buurten Oranjewijk 1 en Oranjewijk 2 met 839 woningen. De energielabels lopen uiteen in dit cluster met relatief veel

Gaatkensoog

Gaatkensoog is een cluster in de gelijknamige CBS-wijk (507 woningen) waar al een warmtenet ligt. Gaatkensoog wordt daarom niet verder behandeld in deze TVW. Nieuweland

Het cluster Nieuweland bestaat uit de CBS buurten Nieuweland 1, Nieuweland 2, Nieuweland 3, Nieuweland 4 en Nieuweland 5. Dit cluster bestaat uit 1.986 woningen. 94 procent van de woningen heeft een energielabel A of B, met vooral rijwoningen en appartementen. De woningen zijn gebouwd tussen 1992 en 1999. 74 procent van de woningen is in particuliere handen. De overige woningen zijn in handen van Patrimonium of particuliere huur.

Afwegingskader warmtetechnieken | Transitievisie Warmte 2024 | 27

Kilweg

Vrijenburg

Het cluster Kilweg bestaat uit de CBS buurten Kilweg en Ter Leede met 1.064 woningen. Dit zijn nieuwbouw (tussen 2000 en 2020) woningen met vooral label A-woningen. 80 procent van de woningen zijn koopwoningen. Daarnaast zijn de overige woningen particuliere huur of in handen van woningcorporaties. Vrouwenpolder Het cluster Vrouwenpolder bestaat uit 482 nieuwbouwwoningen (2012 en nieuwer). Een groot deel is in 2018 of later gebouwd. Deze woningen hebben vaak al een aardgasloos energiesysteem. In 2023 zijn er nog 60 woningen en 65 appartementen toegevoegd aan dit cluster (project Rosa). Deze woningen worden aardgasloos verwarmd.

Het cluster Vrijenburg bestaat uit de CBS buurten Voordijk, Vrijheidsakker en Vrijenburg. Dit cluster bestaat uit 2.735 woningen. Dit cluster bestaat uit woningen die gebouwd zijn na het jaar 2000 en hebben vrijwel allemaal energielabel A (88 procent). In dit cluster zijn voornamelijk rijwoningen (56 procent van de woningen) te vinden, maar daarnaast ook appartementen (25 procent van de woningen). De overige woningen zijn vrijstaand en 2-onder-1 kap. Het woningcorporatiebezit is laag met 11 procent in bezit van voornamelijk Havensteder.

Smitshoek Oost

Het cluster Smitshoek Oost bestaat uit de CBS buurten Smitshoek 1 en Smitshoek 2. Dit cluster bestaat uit 336 woningen, voornamelijk rijwoningen. De woningen zijn gebouwd na 1996 en hebben een Label A of B. Het percentage woningcorporatie woningen in dit cluster is laag (13 procent). Smitshoek West

Het cluster Smitshoek West bestaat uit de CBS buurt Smitshoek en bestaat uit 274 woningen. De woningen zijn voornamelijk tussen 1965 en 1991 gebouwd (met een aantal woningen tussen 2015 en 2020). Na de verduurzaming van Patrimonium zullen veel woningen een label A hebben. 80 woningen hebben een label C en 41 woningen hebben nog een lager energielabel. Het woningtype is voornamelijk rijwoningen. Ook vrijstaande woningen, 2-onder-1 kap woningen en appartementen komen voor. 46 procent van de woningen is in bezit van Patrimonium.

Buitengebied

De verschillende buitengebieden in Barendrecht hebben een (zeer) laag stedelijk karakter met totaal 321 veelal oude (dijk)woningen (voor 1946). De volgende buurten vallen onder het buitengebied: • Achterzeedijk Oost • Achterzeedijk West • Dortsestraatweg • Koedood • Noldijk • Sportpark Smitshoek De buurten hebben een hoog particulier woningbezit (95 procent). Dit cluster bevat voornamelijk vrijstaande woningen en 2-onder-1 kap woningen (totaal 87 procent van de woningen). 202 woningen (63 procent van alle woningen) hebben een energielabel lager dan label D.

Afwegingskader warmtetechnieken | Transitievisie Warmte 2024 | 28

5.1.2 Samenvatting karakteristieken van de clusters In onderstaande Tabel 3 is een samenvatting van de karakteristieken per cluster weergegeven. Gaatkensoog is niet opgenomen in de tabel omdat hier al een warmtenet ligt. Tabel 3: Samenvatting van de clusterkarakteristieken in Barendrecht. Cluster Bijdorp/Dorpzicht

Aantal woningen

Stedelijkheid

773 Gemiddeld

Isolatie­niveau

Woning­ corporatiebezit

Hoog

Laag

Centrum

3.826 Hoog

Gemiddeld

Gemiddeld

Centrum Noord

1.662 Hoog

Hoog

Hoog

Centrum Oost

726 Hoog

Gemiddeld

Hoog

Oranjewijk

839 Gemiddeld

Gemiddeld

Laag

Meerwede

4.528 Hoog

Hoog

Laag

Nieuweland

1.986 Hoog

Hoog

Gemiddeld/laag

Kilweg

1.064 Gemiddeld

Hoog

Laag

Vrouwenpolder

482 Gemiddeld

Hoog

Laag

Smitshoek West

274 Gemiddeld

Hoog

Hoog

Smitshoek Oost

336 Hoog

Hoog

Gemiddeld

Vrijenburg

2.735 Hoog

Hoog

Laag

Buitengebied

321 Laag

Laag/Gemiddeld

Laag

Afwegingskader warmtetechnieken | Transitievisie Warmte 2024 | 29

5.2

Kansrijkheid warmtebronnen

De warmtebronnen zijn kwalitatief beoordeeld door experts en in gesprekken met stakeholders. Tabel 4 biedt een overzicht van deze beoordelingen. In Bijlage 3 staat een gedetailleerde toelichting van deze beoordelingen. Ook staat er in Bijlage 2 een toelichting op de gesprekken die gevoerd zijn met stakeholders. We hebben gesprekken gevoerd met (potentiële) (rest)warmteproducenten, netbeheerder Stedin en de woningcorporaties. Dit gaf ons een goed inzicht in de kansrijkheid van de warmtebronnen. Uit de warmtebronnenanalyse hieronder blijken WKO, oppervlaktewater en restwarmte vanuit de RWZI mogelijk kansrijke warmtebronnen om gebruik van te maken binnen onze gemeente. Warmte uit het warmtenet van Eneco en warmte uit de drinkwaterleiding van Evides kan nader onderzocht worden. Biomassa is alleen onder strikte voorwaarden in het buitengebied toepasbaar. Tabel 4: Overzicht kansrijke (rest)warmtebronnen. Warmtebron

Kansrijkheid

Schaalgrootte

Warmte Koude Opslag (WKO)

+

Wijkniveau

Warmte uit oppervlaktewater

+

Wijkniveau

Warmte uit RWZI

+

Wijkniveau

Uitbreiding warmtenet Eneco

+/-

Wijkniveau Individueel (alleen onder strikte

Warmte uit biomassa

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15371259/1