CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Besluit

commissie Ruimte 13 april 2021, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Kansenkaart Zon10.415 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

BESLUIT Onderwerp: Kansenkaart Zon

Gemeenteraad: 11 mei 2021

Zaaknummer: 290767

Commissie Ruimte 13 april 2021

De raad van de gemeente Barendrecht; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders op 23 maart 2021; gezien het advies van Commissie Ruimte op 13 april 2021; gelet op N.v.t.

BESLUIT: 1. De Kansenkaart Zon vast te stellen als beleidskader voor de opwekking van zonne-energie. 2. 2. Hiermee de motie ‘Prioritering gebieden zonnepanelen’ van 9 juli 2019 als afgedaan te beschouwen.

Kansenkaart Zon Gemeente Barendrecht

maart 2021

Colofon

In opdracht van: Gemeente Barendrecht Binnenhof 1, 2991 AA Barendrecht Postbus 501, 2990 EA Barendrecht

Opgesteld door: BAR-organsiatie

Contact: energietransitie@barendrecht.nl

1. Inleiding

Onze aarde warmt op, mede door menselijk handelen. We produceren te veel broeikasgassen, waardoor het klimaat verandert, met grote gevolgen voor flora en fauna, oogsten en waterstanden. De belangrijkste gassen die de aarde opwarmen zijn koolstofdioxide (CO2), methaan (CH4) en lachgas (N2O). Vooral de grote hoeveelheid CO2 in de lucht is een probleem. Deze hoeveelheid stijgt door het gebruik van fossiele brandstoffen, zoals olie en gas. De toename van methaan en lachgas komt met name voort uit de (intensieve) veehouderij. Op internationaal, nationaal en regionaal niveau zijn er afspraken gemaakt om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Zo zet de Nederlandse overheid in op het terugdringen van de CO2-uitstoot met 49% in 2030 (ten opzichte van 1990). De maatregelen die moeten worden genomen om dit doel te bereiken zijn vastgelegd in het Nationaal Klimaatakkoord. In 2050 moet de CO2uitstoot met 95% verminderd zijn. Om de klimaatdoelen te halen, moeten wij inzetten op energiebesparing en het gebruik van fossiele brandstoffen stoppen. In 2050 komt alle energie van duurzame bronnen: zon, wind, en aardwarmte zoals bijvoorbeeld geothermie. Om aan deze opgave te voldoen is maximale inzet op lokale opwek naast regionale en landelijke inzet noodzakelijk. Met de Kansenkaart Zon brengen we de mogelijkheden en onmogelijkheden in beeld voor het opwekken van zonne-energie.

De kansen voor de opwek van zonne-energie hebben we samen met de raad in een brainstormsessie verkend. De raad heeft hierbij ook expliciet gebieden aangewezen, waarbinnen de ontwikkeling van zonneparken niet gewenst is. In de week van Omgevingsvisie zijn we aan de hand van interactieve workshops met een aantal inwoners in gesprek gegaan om deze (on)mogelijkheden nog verder te verkennen. De Kansenkaart Zon is een nadere uitwerking van de ruimtelijke verkenning zonneparken, die begin 2020 door het college is vastgesteld.

2 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 3

2. Relatie met overig beleid

RES Om de afspraken uit het Nationaal klimaatakkoord te realiseren is maatwerk nodig. Voor de duurzame energieopwekking op land krijgt de regio een grote rol. Elke regio krijgt de ruimte zelf te bepalen hoe zij de doelen haalt om meer duurzame energie op te wekken. Er zijn dertig regio’s benoemd die elk een Regionale Energie Strategie (RES). In juli 2021 moeten de regionale energiestrategieën (RES 1.0) klaar zijn.

In het kader van de RES zullen we drie zoekgebieden uitwerken c.q. onderzoeken:

Barendrecht maakt onderdeel uit van de regio Rotterdam-Den Haag. In onze regio werken 23 gemeenten, de Provincie Zuid-Holland, de waterschappen en overige stakeholders samen aan een Regionale Energie Strategie (RES). De RES geeft een beeld van het energielandschap in 2050, die de basis vormt voor de uiteindelijke route die ook de afzonderlijke gemeenten gaan nemen.

In Juni 2020 is de motie ‘Nee tegen wind’ aangenomen, waarin de raad zich heeft uitgesproken tegen het plaatsen van windturbines van meer dan 100 meter hoog op Barendrechts grondgebied. Voor de zoekgebieden binnen de RES zetten we dan ook in op het opwekken van zonneenergie en niet op windenergie (met uitzondering van de door de provincie Zuid-Holland ruimtelijk mogelijk gemaakte locaties voor windmolens, ter hoogte van Vaanplein en BT Oost).

In onze regio is de vraag naar elektriciteit groter dan de regio zelf duurzaam op zou kunnen wekken. Dit geldt ook voor Barendrecht als aparte entiteit binnen die regio. Zelfs bij een maximale inzet op een warmtenet, blijft de elektriciteitsvraag groot. Voor de opwek van duurzame elektriciteit staat dan ook niet onze energievraag centraal, maar de draagkracht van het landschap! De 30 regio’s moeten samen 35 TWh aan duurzame energie (op het land) opwekken in 2030. Binnen de regio Rotterdam-Den Haag streven wij naar het opwekken van 2,8 – 3,2 TWh aan grootschalige wind- en zonne-energie (tot 2030). Dit komt neer op circa 8 a 9 % van de totale nationale opgave. In de concept RES/ RES 1.0 zijn op hoofdlijnen zoekgebieden benoemd voor de opwek van duurzame energie (zon en wind). Het is aan de afzonderlijke gemeenten om deze zoekgebieden verder uit te werken.

•

Zon op grootschalige daken van bedrijfspanden *

•

Zonneparken langs infrastructuur (bermen, geluidsschermen, verkeersknooppunten)

•

Overkappen van (grootschalige) parkeerterreinen

Omgevingsvisie In de omgevingsvisie worden de grote lijnen voor de toekomstige ontwikkelingen in de gemeente vastgelegd. De omgevingsvisie raakt aan de fysieke leefomgeving in de breedste zin van het woord. Kort samengevat is een omgevingsvisie een integrale visie op de fysieke leefomgeving. Barendrecht staat aan de vooravond van (grote) inbreidings- en transformatieopgaven, omdat de ruimte schaars is geworden. Dit terwijl Barendrecht komt uit een periode van (op grote schaal) uitbreiden. De beperkt beschikbare ruimte leidt tot diverse ruimtelijke vraagstukken die in de omgevingsvisie aandacht moeten krijgen.

In deze Kansenkaart Zon worden deze zoekgebieden verder uitgewerkt. De Kansenkaart geeft hiermee inzicht in de concrete bijdrage die de gemeente Barendrecht kan leveren aan de regionale opgave.

* Zowel in het Klimaatakkoord als in de RES wordt onderscheid gemaakt tussen de kleinschalige productie van Zon-PV bij voornamelijk huishoudens en de meer grootschalige productie op land en op daken, zoals op dit moment gestimuleerd wordt met behulp van de SDE++. Zonnepanelen op daken van woningen en kleine bedrijfspanden (aansluitingen kleiner dan 15 KWp) leveren uiteraard een belangrijke bijdrage in het opwekken van duurzame energie. Deze hoeveelheid opgewekte energie telt echter niet mee in ‘het bod’ van de RES.

4 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 5

Klimaatopgave Barendrecht In september 2019 is de Klimaatopgave Barendrecht door de raad vastgesteld. Deze visie is de lokale vertaling van het (Nationale) Klimaatakkoord. In de Klimaatopgave is onderstaande doelstelling voor het opwekken van duurzame energie geformuleerd: ‘Het resultaat van deze opgave moet zijn dat in 2050 alle beschikbare dakoppervlakken en alle, ruimtelijk acceptabele, vrije ruimte is voorzien van energie producerende installaties, zowel voor eigen gebruik maar ook voor voeding aan het algemene net’. Recent is het Uitwerkingsprogramma Klimaatopgave Barendrecht opgesteld. Dit document is een nadere uitwerking van de visie ‘Klimaatopgave Barendrecht’. Het opstellen van de Kansenkaart is hierin benoemd als één van de actiepunten. Met de Kansenkaart kunnen we de markt gericht uitdagen en stimuleren om duurzame energie op te wekken. Dit draagt bij aan onze doelstellingen om CO2 te besparen.

6 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 7

3. Kansen voor opwek zonne-energie Kansenkaart Onze openbare ruimte is schaars en moet in veel behoeften voorzien. Het is een puzzel om in onze beperkte (openbare) ruimte alles zijn plek te geven.

3

Grondgebonden zonnepanelen in veldopstellingen (zonneparken) vragen veel ruimte en kunnen een behoorlijke impact op de omgeving hebben. Het opwekken van zonne-energie op daken heeft dan ook de voorkeur vanwege het dubbele ruimtegebruik (zon op dak). Zo kunnen we onze beperkte (open) ruimtes ontzien en/of gebruiken voor andere grote opgaven, zoals klimaatadaptatie of woningbouw.

3 6

8

6

5

2 3

1

2

3

2

2 1

3

3

3 3 9

9

4

4 3

2

4

5

3 5 7

7 1

7

3

Naast zon op daken zetten we in op alle mogelijke vormen van dubbel ruimtegebruik, zoals zonnepanelen op geluidsschermen, het overkappen van openbare parkeerterreinen met zonnepanelen en het inzetten van onbenutte terreinen (bermen, knooppunten) langs snelwegen. In het buitengebied hebben zonneparken vooralsnog geen hoge prioriteit, omdat het “ laadvermogen ” van het open landschap in onze gemeente daarvoor beperkt is in relatie tot andere opgaven.

Zon op daken

1 1

Bestaande zonneparken en zonneparken 1in ontwikkeling 3 3

3

Zonnepanelen op daken op bedrijventerreinen

2 2

Kansrijk gebied4 voor de aanleg van een zonnepark 2

4

Zonnepanelen op daken in woongebieden

5 5

Integrale afweging Omgevingsvisie noodzakelijk 9 5

9

Beschermd dorpsgezicht

6 6

Gebied waar zonnepark in principe niet gewenst is: 6 Nee, tenzij...

7 7

4 9

Gebied waar zonnepark niet gewenst is

7

Geluidswal naast infrastructuur

8 8

Overkappen van grote parkeerterreinen

We gaan actief in gesprek met Rijkswaterstaat, die veelal (grond)eigenaar is van de gronden langs de snelweg, om zo de bermen, geluidsschermen en restruimtes rondom verkeersknooppunten te benutten voor de opwek van zonne-energie. Rijkswaterstaat zal hierbij in beweging moeten komen. Tenslotte dagen we de markt en lokale/regionale energiecoöperatie(s) uit om grondgebonden zonneparken te ontwikkelen in gebieden waar een zonnepark ruimtelijk goed kan worden ingepast. Zo houden we als gemeente regie op deze ruimtelijke ontwikkelingen. Kortom, we hebben als gemeente een proactieve houding om de opwek van zonne-energie voor elkaar te krijgen!

Voor het opwekken van zonne-energie zetten we in op de volgende gebieden: •

Zon op daken

•

Zonneparken langs infrastructuur (bermen, geluidsschermen, verkeersknooppunten)

•

Overkappen van (grootschalige) parkeerterreinen

7

Grondgebonden zonneparken

te bieden. Inwoners gebruiken hiervoor het energieloket van de WoonWijzerWinkel. Bedrijven worden proactief benaderd door de Energieke Regio in samenwerking met Enerless.

Om dit voor elkaar te krijgen zijn we soms zelf aan zet (zoals bv. zonnepanelen op gemeentelijk vastgoed), maar veel vaker is het juist onze rol om andere partijen in beweging te krijgen. Samen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties staan we voor deze uitdagende opgave! Dit betekent niet dat wij als gemeente afwachten totdat andere partijen in actie komen en aan de slag gaan. Samen met het Rijk en de Provincie Zuid-Holland stimuleren en faciliteren we gebouweigenaren om zonnepanelen te plaatsen door o.a. het beschikbaar stellen van duurzaamheidsleningen (gemeente) en subsidies (Rijk en Provincie). We gaan actief in gesprek met gebouweigenaren en proberen inwoners en ondernemers zo veel mogelijk te ontzorgen door bv. energiepotentieelscans aan

8 windmolens) Onderzoek combi zon en wind (VRM gebied

8 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 9

4. Zon op daken Zon op daken

Ambitie Onze voorkeur gaat uit naar het zoveel mogelijk opwekken van zonne-energie op daken (en gevels) van gebouwen. We hebben de ambitie om 50 % van de geschikte daken in 2030 te benutten voor de opwek van zonne-energie. Voor 2050 is dit streven zelfs 100%. De totale hoeveelheid elektriciteit die op onze (geschikte) daken kan worden opgewekt is 212.475 MWh per jaar. Ter illustratie: dit komt overeen met het verbruik van circa 77.830 huishoudens (gemiddeld jaarlijks verbruik van 2.730 kWh, bron Nibud 2021). Let op: dit betekent niet dat we zelfvoorzienend (kunnen) zijn; onze bedrijven verbruiken immers ook een grote hoeveelheid elektriciteit! Grofweg kunnen we hiermee een kwart van ons totale elektriciteitsverbruik opwekken. Het opwekken van zonne-energie op 100% van de geschikte daken levert een CO2-reductie van 87.000 Kiloton op (kengetal 0,41 kg CO2-reductie per opgewekte kWh zonne-energie). Uiteraard zijn er al daken voorzien van zonnepanelen. Op dit moment wordt er jaarlijks 9.138 MWh opgewekt. Dit is 4,3 % van onze totale potentie. Dit komt overeen met een reductie van 3.750 Kiloton aan CO2uitstoot.

Onze rol als gemeente Zonnepanelen op daken op bedrijventerreinen Zonnepanelen op daken in woongebieden Beschermd dorpsgezicht

Als gebouweigenaar van het gemeentelijk vastgoed zetten we in op het maximaal benutten van onze geschikte daken. In het Uitwerkingsprogramma Klimaatopgave Barendrecht is de ambitie vastgesteld dat alle geschikte daken van het gemeentelijk vastgoed in 2021/ 2022 zijn voorzien van zonnepanelen.

Met name bij bestaande bouw bestaan er geen sturingsmiddelen om het plaatsen zonnepanelen af te dwingen. Voor nieuwbouw bestaan hiervoor meer mogelijkheden. Vanaf 1 januari 2021 moeten nieuwe gebouwen voldoen aan de BENG-norm. Dit staat voor ‘Bijna Energieneutrale Gebouwen’. In deze norm worden eisen gesteld aan de isolatie en de hoeveelheid energie die er nodig is voor een pand, maar moet ook een verplicht deel hernieuwbare energie worden opgewekt. Voor nieuwe gebouwen is het aanbrengen van zonnepanelen (of een andere vorm van energie opwekken) dus verplicht. Voor bedrijfspanden (ook voor maatschappelijk vastgoed) geldt een uitvoeringsplicht (Wet Milieubeheer) voor het uitvoeren van duurzame maatregelen, die een terugverdientijd van 5 jaar of korter hebben. De terugverdientijd van zonnepanelen is sterk afhankelijk van de prijs/ kwaliteit verhouding. Gemiddeld ligt de terugverdientijd rond de zeven jaar. Het toepassen van deze maatregel is uiteraard raadzaam, maar kan hierdoor niet altijd worden afgedwongen in het kader van de Wet Milieubeheer. Het plaatsen van zonnepanelen is vergunningsvrij, mits aan bepaalde regels wordt voldaan. Dit betekent dat wij niet kunnen sturen op de wijze waarop de zonnepanelen worden geplaatst. Uiteraard kunnen we onze inwoners en bedrijven via de Woonwijzerwinkel en de Energieke Regio wel inspireren door goede voorbeelden te tonen.

We stimuleren gebouweigenaren om te investeren in de plaatsing van zonnepanelen op hun gebouwen. Hiervoor zetten we al onze communicatiemiddelen in en gaan we actief in gesprek met gebouweigenaren. We proberen hen zo veel mogelijk te ontzorgen en bieden subsidies (Rijk, Provincie) en duurzaamheidsleningen (binnen Barendrecht alleen voor inwoners) aan. Ondanks al deze inspanningen blijft onze invloed relatief beperkt; het is uiteindelijk aan de gebouweigenaar om wel of niet te investeren in zonnepanelen. Op dit moment is een wetswijziging in voorbereiding waarmee gemeenten mogelijkheden krijgen om zonnepanelen op daken van inwoners en bedrijven af te dwingen. Het is nog niet duidelijk wanneer deze wetgeving wordt vastgesteld.

10 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 11

Regels en inrichtingsprincipes voor zonnepanelen op daken

Algemene regels zonnepaneel en zonnecollector Het plaatsen van zonnepanelen of zonnecollectoren op een dak is vergunningsvrij mits wordt voldaan aan onderstaande randvoorwaarden: 1. De zonnecollector of het zonnepaneel moet op een dak worden geplaatst. 2. De collector of het paneel moet een geheel vormen met de installatie voor het opslaan van het water respectievelijk het opwekken van elektriciteit. Als dat niet het geval is, dan moet die installatie binnen in het betreffende gebouw worden geplaatst.

Aanvullende inrichtingsprincipes Als er wordt voldaan aan bovenstaande voorwaarden is er geen omgevingsvergunning noodzakelijk. Er geldt ook geen meldplicht. Hierdoor is het niet mogelijk om extra regels op te leggen. Toch is het soms wenselijk om aanvullende inrichtingsprincipes mee te geven. Deze inrichtingsprincipes kunnen juridisch niet worden afgedwongen, maar kunnen wel ter inspiratie (bv. via de Woonwijzerwinkel of de Energieke Regio) worden aangeboden. •

3. Komt de zonnecollector of het zonnepaneel op een schuin dak, dan geldt dat: •

De collector of het paneel niet mag uitsteken en dus aan alle kanten binnen het vlak van het dak moet blijven.

•

De collector of het paneel in of direct op het dakvlak moet worden geplaatst de hellingshoek van de collector of het paneel hetzelfde moet zijn als die van het dakvlak waarop het staat.

4. Komt de zonnecollector of het zonnepaneel op een plat dak, dan geldt dat de collector of het paneel ten minste net zo ver verwijderd moet blijven van de dakrand als de collector of het paneel hoog is. Is het hoogste punt van de collector bijvoorbeeld 50 centimeter, dan moet de afstand tot de dakrand(en) ook minimaal 50 centimeter zijn.

Om het zicht op de zonnepanelen te beperken worden de zonnepanelen op platte daken bij voorkeur liggend (landscape) geplaatst. De zonnepanelen mogen bij voorkeur niet hoger dan 1 meter boven de dakrand uitkomen.

•

De bekabeling naar de meterkast mag niet buitenom via de muur worden aangebracht.

•

Een eventuele extra meterkast moet inpandig worden aangebracht.

•

De omvormers zijn bij voorkeur gekoppeld aan de zonnepanelen, zodat deze minder opvallen.

• •

Kies voor een terughoudende vormgeving en kleurstelling van de technische installaties. Alle technische voorzieningen hebben bij voorkeur dezelfde kleurstelling.

Inrichtingsprincipes voor nieuwbouw Voor nieuwbouw moet een verplicht deel hernieuwbare energie worden opgewekt. Dit zegt echter niets over de wijze waarop de zonnepanelen en/of zonnecollectoren moeten worden geplaatst. Hiervoor gelden voor nieuwbouw dezelfde regels als bij bestaande bouw. Indien de nieuwbouw wordt ontwikkeld op grond van de gemeente, kunnen wij als eigenaar en/of opdrachtgever extra eisen stellen. In die situatie hanteren wij de volgende regels/ richtlijnen: •

Daken maximaal benutten voor opwek zonne-energie.

•

Zonnepanelen zijn bij voorkeur een geïntegreerd onderdeel van de architectuur van de daken of worden aangelegd in een eenduidige en symmetrische figuratie.

•

De woningen (en hiermee de daken) zodanig positioneren, dat de zonnepanelen op de daken op het zuiden of het westen zijn georiënteerd*.

•

Bij het plaatsen van nieuwe bomen wordt rekening gehouden met de bezonning van de daken i.v.m. (toekomstige) zonnepanelen.

•

Bij gestapelde bouw kan de dakopstand net iets hoger worden gemaakt, waardoor de zonnepanelen op het dak minder zichtbaar zijn vanaf het maaiveld.

Alleen als voldaan wordt aan alle genoemde voorwaarden mag de zonnecollector of het zonnepaneel zonder vergunning worden geplaatst. Voor monumenten en panden binnen het beschermd dorpsgezicht gelden afwijkende regels (zie ‘Zon op cultureel erfgoed’).

Seriematig gebruik van zonnepanelen op daken

Zonnepanelen geïntegreerd tussen de dakpannen

Bron: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

*Zonnepanelen die op het zuiden zijn gericht leveren maximale energie. Een westelijke oriëntatie sluit echter beter aan bij de energiebehoefte. Aan het einde van de middag en het begin van de avond hebben huishoudens (vaak) de grootste energiebehoefte. Door zonnepanelen een westelijke oriëntatie te geven wordt energie opgewekt op de momenten dat het nodig is.

12 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 13

5. Zon op cultureel erfgoed

Meer mogelijkheden voor zonnepanelen op erfgoed Gemeenten hebben de mogelijkheid een vergunning te verlenen voor het plaatsen van zonnepanelen op erfgoed in het zicht, als plaatsing uit het zicht niet mogelijk is. De criteria voor het verlenen van een vergunning zijn voortaan de mate van visuele verstoring van het erfgoed en of er sprake is van een zorgvuldig afgewogen ontwerp. Dat staat in het nieuwe adviesbeleid van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Zo kunnen gemeenten bijdragen aan het landelijke beleid dat past binnen het Klimaatakkoord.

Dit is nieuw: in het zicht Dit blijft hetzelfde: uit het zicht

Voor een vergunning: a. Het is niet mogelijk om zonnepanelen uit het zicht te plaatsen b. Elders opwekken voor eigen gebruik is niet mogelijk of rendabel c. Er wordt er geen cultuurhistorische groenaanleg gekapt d. Er is een zorgvuldig ontworpen plan opgesteld en visuele verstoring wordt voorkomen

Industrieel erfgoed

Voor een vergunning: a. De panelen zonder spiegelrand zijn zorgvuldig geplaatst b. Er gaan geen cultuurhistorische waarden verloren

Het benutte dakvlak in dit voorbeeld is zichtbaar vanuit de openbare ruimte. Alleen mogelijk met een zorgvuldig ontworpen plan.

Kerk

Landhuis/buitenplaats

De bijzondere dakvorm, dakbedekking en cultuurhistorische waarden maken zonnepanelen in het zicht hier niet wenselijk.

Soms is het mogelijk om de zonnepanelen elders op het perceel te plaatsen zonder waardevolle groenaanleg aan te tasten.

Pandeigenaren: vergunning aanvragen bij gemeente

Zonnepanelen voor eigen gebruik zijn mogelijk als de panelen niet zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte en ze volledig zwart van kleur zijn. Is het niet mogelijk om de panelen uit het zicht te plaatsen? Denk dan aan zonnepanelen op eigen erf, zoals bij een landgoed. In sommige situaties zijn zonnepanelen ín het zicht ook mogelijk, mits het niet anders kan, er een zorgvuldig afgewogen ontwerp is opgesteld, de kleur is aangepast aan het dak, en de cultuurhistorische waarden niet worden verstoord (bron: www.cultuurerfgoed.nl/ duurzaam).

14 Kansenkaart Zon

Grachtenpanden

Jaren 30-woningen

De matzwarte panelen in dit voorbeeld zijn zorgvuldig uit het zicht geplaatst.

In dit voorbeeld zijn rode panelen op de rode daken geplaatst volgens een seriematig ontwerp.

a. Voor het plaatsen van zonnepanelen is altijd een vergunning nodig b. Het beleid van de gemeente is altijd leidend en kan afwijken van het beleid van de RCE c. Bij bijzondere panden kan de RCE gevraagd worden om advies

Ga voor alle voorwaarden en categorieën naar de publicatiereeks zonne-energie en erfgoed: www.cultureelerfgoed.nl/duurzaam

Ook monumenten kunnen een bijdrage leveren om energieverbruik, materiaalgebruik en CO2-uitstoot terug te dringen. Ze vragen echter wel om een andere aanpak. Monumenten vereisen maatwerk, passend bij hun traditionele prestaties en met oog voor hun bijzondere mogelijkheden. Wij volgen hierbij de richtlijnen van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, zowel voor Rijksmonumenten als ook voor gemeentelijke monumenten. (zie onderstaande illustratie)

Naast deze algemene richtlijnen kan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit aanvullende eisen meegeven, gebaseerd op de specifieke kenmerken van een monument (bij Rijksmonumenten). Voor monumenten wordt voor elk afzonderlijk gebouw beoordeeld of er een vergunning nodig is voor het plaatsen van zonnepanelen/ -collectoren. Dit kan aan de orde zijn als het dak monumentale waarde heeft.

Kansenkaart Zon 15

6.

Parkeerterreinen overkappen

Parkeerterreinen overkappen

Voor het opwekken van zonne-energie zetten we zoveel mogelijk in op multifunctioneel gebruik. Naast zonnepanelen op daken, kan hierbij ook worden gedacht aan bijvoorbeeld openbare parkeerruimte in combinatie met overkappingen met zonnepanelen. Een andere mogelijkheid is het combineren van het opwekken van zonne-energie met zogenoemde (te ontwikkelen) mobility- en energy hub’s. Dit zijn plekken waar het elektrisch opladen van voertuigen gecombineerd kan worden met deelvoertuigen, flexwerken, vergaderplekken, boodschappen en pakketdiensten.

Niet elke straat en niet elke plek is hetzelfde. Een woonstraat wordt anders ingericht dan een centrum waar vele mensen samen komen. De betekenis van een plek of straat komt tot uiting in de inrichting, de keuze voor de materialen en in het onderhoud. Het overkappen van het parkeerdek bij Station Barendrecht vraagt dan ook om een andere vormgeving dan bijvoorbeeld het overkappen van een carpoolplek. Kortom, het overkappen van parkeerterreinen vereist maatwerk! Het is dan ook niet mogelijk om algemene inrichtingsprincipes op te stellen.

Ambitie Onze ambitie is om de carpoolplekken en alle openbare parkeerterreinen bij sportvoorzieningen te voorzien van een overkapping met zonnepanelen.

Onze rol als gemeente Op enkele uitzonderingen na, zijn de parkeerterreinen over het algemeen in eigendom en beheer van de gemeente. Dit betekent dat we als grondeigenaar en vergunningverlener optimaal kunnen sturen. Om onze ambitie te behalen ondernemen we de volgende acties:

Overkapping van grote parkeerterreinen

•

Uitvoeren haalbaarheidsonderzoek

•

Opstellen uitvraag marktpartij(en)

•

Samenwerking zoeken met energiecoöperatie

•

Actief in gesprek met bv. sportverenigingen voor lokaal eigendom

Inrichtingsprincipes voor het overkappen van parkeerterreinen Er dient sprake te zijn van een zorgvuldige inpassing en passende vormgeving. Om de sociale veiligheid te borgen moet de constructie van de overkapping hoog genoeg zijn en moet de constructie met aandacht worden vormgegeven.

16 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 17

7. Zon langs infrastructuur

Zon langs infrastructuur

De infrastructuur is een landschap op zichzelf. Het is een functionele wereld waarin de industriële uitstraling van een zonnepark goed is in te passen en zichtbaar mag zijn. De bermen langs de snelwegen en spoorlijnen zijn veelal onbenut en bieden ruimte voor de aanleg van zonneparken. Juist op deze plekken mogen zonnepanelen zichtbaar zijn. Naast de bermen bieden ook de restruimtes (zowel groen als water) onder en rondom de verkeersknooppunten van de snelwegen (vanuit ruimtelijk perspectief) een kans om nieuwe energielandschappen te ontwikkelen. Rijkswaterstaat beheert in totaal 800 km aan geluidsschermen; een deel daarvan ligt in Barendrecht. Ruimtelijk bieden deze geluidsschermen mogelijkheden om zonnepanelen te plaatsen of te integreren.

Ambitie Onze ambitie is om de bermen, knooppunten en geluidsschermen langs snelwegen in te zetten voor de opwek van zonne-energie (indien technisch en financieel haalbaar).

Onze rol als gemeente

Kansrijk gebied voor de aanleg van een zonnepark Geluidswal naast infrastructuur

De bermen, knooppunten, afritten en geluidsschermen zijn veelal in eigendom en beheer van Rijkswaterstaat (RWS). We gaan actief in gesprek met Rijkswaterstaat om onze ambitie te verzilveren.

Rol van Rijkswaterstaat In 2018 is het Pilotprogramma hernieuwbare energie op Rijks(waterstaats)gronden gestart. Dit programma heeft als doel om eerste ervaringen op te doen met de opwek van hernieuwbare elektriciteit op Rijksgronden. Het gaat hier om 10 pilotprojecten. Dit is echter niet voldoende om een substantiële bijdrage te leveren aan de klimaatdoelen. Aanvullend is een structurele inzet van Rijksgronden en -wateren noodzakelijk. Recent heeft het Rijk dan ook het Programma Opwek van Energie op Rijksvastgoed (OER) opgezet. Doel is om te komen tot 80 kansrijke locaties, waarvan daadwerkelijk ongeveer de helft gerealiseerd kan worden. De verwachting is dat een deel van de 80 locaties nog zal afvallen bij nader onderzoek.

18 Kansenkaart Zon

De aanpak van het programma OER is om binnen de RES, samen met de partners in de regio, snel te komen tot kansrijke locaties voor energie-opwek op Rijksvastgoed en daarmee bij te dragen aan de doelen van de RES (deze kansrijke gebieden liggen overigens niet binnen de gemeente Barendrecht). Om energieopwekking op gronden/eigendom van RWS te ontwikkelen is een vergunning vanuit Wet beheer Rijkswaterstaatswerken of de Waterwet noodzakelijk. Daarnaast is een privaatrechtelijke overeenkomst vanuit het Rijksvastgoedbedrijf nodig.

Aandachtspunten Langs de rijkswegen bieden bermen, knooppunten en afritten veel ruimte voor zonnepanelen. Om op deze locaties zonnepanelen te plaatsen, moet er worden voldaan aan de randvoorwaarden van Rijkswaterstaat. Zo moeten onder andere de verkeersveiligheid, de doorstroming en de eisen van de Wet beheer rijkswaterstaatwerken (Wbr) altijd zijn gewaarborgd. Het opwekken van zonne-energie op geluidsschermen is een relatief nieuwe ontwikkeling; zowel wereldwijd als in Nederland. Het is een innovatief concept, dat nog in de kinderschoenen staat. RWS is recent gestart is met onderzoek naar de technische haalbaarheid op verschillende systemen (rechte panelen, lichtgebogen etc.), de potentiële opwekcapaciteit en de effecten voor geluid. Op basis van deze bevindingen zal het plaatsen c.q. integreren van zonnepanelen op geluidsschermen verder worden doorontwikkeld, zo ook binnen Barendrecht. De restruimtes bij afritten en verkeersknooppunten zijn veelal slecht bereikbaar en sterk versnipperd. De vraag is dan ook of het ontwikkelen van dergelijke energielandschappen (financieel) rendabel is. Een ander belangrijk aandachtspunt is de mogelijke ligging van kabel- en leidingtracés in de bermen langs de snelwegen. Deze gaan vaak gepaard met strenge eisen, die beperkingen kunnen opleggen voor de ontwikkeling van een zonnepark.

Kansenkaart Zon 19

Voor het tracé van de A15 heeft Rijkswaterstaat een zogenoemd DBFM contract (Design-Build-FinanceMaintain) afgesloten met een looptijd tot 2035. Dit is een contractvorm, waarbij de uitvoering van diverse onderdelen van een infrastructuur project aan één private opdrachtnemer wordt overgelaten. Dit contract biedt in de huidige vorm geen ruimte voor de realisatie van energieopwekking. Al en al zijn er behoorlijk wat aandachtspunten voor de opwek van zonne-energie langs infrastructuur. Ruimtelijk zijn deze onbenutte terreinen zeer geschikt voor het ontwikkelen van een compleet energielandschap. Technisch, contractueel en financieel is dit mogelijk nog een uitdaging. Met name de technische haalbaarheid zal per locatie, samen met RWS, moeten worden onderzocht. Deze innovatie vraagt inzet en onderzoeken.

Inrichtingsprincipes zonnepanelen op geluidswering De wijze waarop de zonnepanelen op de geluidswering worden geplaatst vereist maatwerk. Dit is afhankelijk van het type geluidswering en de randvoorwaarden (technische mogelijkheden, geluid, verkeersveiligheid) van Rijkswaterstaat. Zonneparken in bermen, knooppunten en afritten Hiervoor gelden de algemene inrichtingsprincipes voor grondgebonden zonneparken (zie hoofdstuk 8).

20 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 21

8. Grondgebonden zonneparken

Grondgebonden zonneparken

We willen maximaal inzetten op zon op daken en dubbel ruimtegebruik. Dat wil niet zeggen dat we grondgebonden zonneparken volledig uitsluiten. De redenen hiervoor kunnen meerledig zijn zoals: niet alle grote daken zijn (technisch) geschikt voor zonnepanelen, niet alle geluidsschermen hebben de juiste (zon)ligging en er ligt niet altijd een aansluitmogelijkheid op het net in de nabije omgeving. We hebben zonneparken dan ook nodig om tijdig te voldoen aan de nationale doelen wat betreft het verhogen van het aandeel duurzame energie. Gezien onze beperkte ruimte en onze ruimtelijke vraagstukken, ligt de focus voor de aanleg van zonneparken in eerste instantie op de onbenutte terreinen (bermen, knooppunten) langs de snelwegen. Zonneparken in het buitengebied hebben vooralsnog geen hoge prioriteit, omdat het “laadvermogen ”van het open landschap in onze gemeente daarvoor beperkt is in relatie tot andere opgaven. Op de Kansenkaart hebben we een onderverdeling gemaakt in gebieden waarbinnen zonneparken ruimtelijk goed ingepast kunnen worden en gebieden waarbinnen zonneparken niet gewenst zijn. Dit bepaalt ook de mate van inspanning van de gemeente: van een proactieve houding, naar een afwachtende houding tot een afwijzende houding.

Bestaande zonneparken en zonneparken in ontwikkeling Kansrijk gebied voor de aanleg van een zonnepark Integrale afweging Omgevingsvisie noodzakelijk Gebied waar zonnepark in principe niet gewenst is: Nee, tenzij... Gebied waar zonnepark niet gewenst is Onderzoek combi zon en wind (VRM gebied windmolens)

22 Kansenkaart Zon

Onze rol als gemeente Grondpositie Over het algemeen hebben wij als gemeente niet of nauwelijks grond in eigendom. Binnen de gemeente hebben wij (op dit moment) geen actief grondbeleid. Dit betekent dat ons grondbeleid er niet op is gericht om actief gronden te verwerven. We zijn dus afhankelijk van de medewerking van grondeigenaren voor de ontwikkeling en aanleg van zonneparken. Met de Kansenkaart kunnen we de markt wel gericht uitdagen en stimuleren om duurzame energie op te wekken. De daadwerkelijke aanleg van zonneparken laten we (vooralsnog) aan de markt over. Voor de grondgebonden zonneparken zetten we in op de gronden langs onze infrastructuur. Deze gronden zijn over het algemeen in eigendom van Rijkswaterstaat. We gaan dan ook actief in gesprek met Rijkswaterstaat om zo de bermen, knooppunten en geluidswering te benutten voor de opwek van zonne-energie. Ruimtelijke Ordeningsprocedure Voor het aanleggen van zonneparken is een vergunning noodzakelijk. De gemeente is hiervoor het bevoegde gezag. Op gronden van Rijkswaterstaat is nog aanvullend een vergunning vanuit Wet beheer Rijkswaterstaatswerken of de Waterwet noodzakelijk. Daarnaast is een privaatrechtelijke overeenkomst vanuit het Rijksvastgoedbedrijf nodig. De bestemmingsplannen binnen Barendrecht voorzien niet in het plaatsen van grondgebonden zonne-installaties.

Er zijn twee routes te bewandelen: de initiatiefnemer kan een uitgebreide omgevingsvergunning indienen of het bestemmingsplan wordt gewijzigd. In het eerste geval wordt er afgeweken van het bestemmingsplan. De raad moet hiermee akkoord gaan en een ‘Verklaring Van Geen Bedenkingen’ afgeven. Bij een bestemmingsplanwijziging wordt de bestemming gewijzigd of kan er voor worden gekozen om de huidige bestemming (bv. groen/ agrarisch) hetzelfde

Kansenkaart Zon 23

te houden en de bestemming ‘zonnepark’ als een extra aanduiding toe te voegen. In de RES wordt de voorkeur uitgesproken om de bestemming niet te veranderen. Als gemeente sluiten we ons daarbij aan. Beide procedures duren ongeveer een half jaar tot een jaar. Overigens wordt de gehele doorlooptijd van de planvorming niet alleen bepaald door de officiële procedure, maar juist door het voortraject waarin afspraken worden gemaakt tussen de initiatiefnemer en de gemeente over de exacte locatie, de ruimtelijke inpassing en de wijze van participatie voor onze inwoners en bedrijven (lokaal eigendom). De beoordeling van elke aanvraag is maatwerk. Samen met de initiatiefnemer kijken we welke mogelijkheden er binnen de kaders zijn. Door een plan vroegtijdig te bespreken en waar nodig aan te passen, verloopt een eventuele planprocedure sneller. De verwachting is dat de Omgevingswet vanaf 1 januari 2022 in werking treedt. Hierdoor zullen bovengenoemde procedures wellicht iets wijzigen. Onder de Omgevingswet wordt het omgevingsplan gewijzigd of moet een omgevingsvergunning met planafwijking (OPA: omgevingsplanactiviteit) worden doorlopen. Bouwleges We onderzoeken of de leges die verbonden zijn aan het project pas bij financial close in rekening gebracht kunnen worden dan wel als het project gestaakt wordt (uitstel betekent geen afstel).

24 Kansenkaart Zon

Het ruimtelijk proces

Initiatief

Samen de koers bepalen

Bestaande zonneparken Binnen de gemeente zijn twee zonneparken aangelegd en is één zonnepark in ontwikkeling. Het Zonnepark A15 (0,5 hectaren) en Zonnepark De Punt (planfase, circa 2 hectaren) zijn beiden gelegen op benutte terreinen van de gemeente. De stroom wordt terug geleverd aan het elektriciteitsnet. Voor inwoners en (kleine) bedrijven is het mogelijk om financieel te participeren door het aankopen van zonnecertificaten en zo te profiteren van de opbrengst. Het zonnepark langs de A29 ligt op grondgebied van het Waterschap. De opgewekte stroom wordt hier benut voor de eigen bedrijfsprocessen van het waterschap.

Indienen plan

Aanleg zonnepark

Opwekking duurzame energie

Kansenkaart Zon 25

Ja, mits…… Nadere aanduiding gebieden Zonneparken langs infrastructuur Langs de rijkswegen bieden bermen, knooppunten en afritten veel ruimte voor zonnepanelen. Ondanks alle (mogelijke) beperkingen willen we hier als gemeente vol op in zetten. Uiteraard kan dit alleen in samenwerking met RWS, die veelal grondeigenaar is. Om op deze locaties zonnepanelen te plaatsen, moet er in ieder geval worden voldaan aan de randvoorwaarden van Rijkswaterstaat.

Kansrijk gebied voor de aanleg van een zonnepark

Voor deze gebieden staan wij positief tegenover initiateven om zonne-energie op te wekken. Dat wil niet zeggen dat elk initiatief per definitie wordt goedgekeurd. Elk initiatief wordt afzonderlijk getoetst en moet minimaal voldoen aan de algemene inrichtingsprincipes en de aanvullende inrichtingsprincipes die voor het betreffende gebied of de specifieke locatie zijn opgesteld.

26 Kansenkaart Zon

Initiatiefnemers dienen omwonenden te betrekken bij het voorbereiden van projecten en te voldoen aan de richtlijnen voor het realiseren van minimaal 50% lokaal eigendom.

Kansenkaart Zon 27

Nee, tenzij...

Nadere aanduiding gebieden Zuidelijk Randpark Gebaseerd op de oude polderstructuur is met het Zuidelijk Randpark een recreatiegebied gecreëerd waarin bossen, open plekken en enkele waterplassen elkaar afwisselen. Het park is opgedeeld in vijf deelgebieden, elk met een eigen karakter: het Clarabos, de Molenstee, het Vrijenburgbos, het Vaanbos en het Kooiwalbos. Voor fietsers en wandelaars uit Rotterdam en Barendrecht biedt het park een uitgebreid netwerk. Het gebied is een belangrijk uitloopgebied voor korte bezoeken voor de inwoners uit de directe woonomgeving. In principe is de aanleg van zonneparken in het Zuidelijk Randpark niet gewenst. Toch is het niet zo, dat een initiatief in dit gebied per definitie wordt afgewezen. Het Zuidelijk Randpark heeft (over het algemeen) een wat verouderde inrichting. Het park biedt een enorme potentie op het gebied van natuurontwikkeling en verblijfskwaliteit. Op onderdelen is er behoefte aan herinrichting of het creëren van een nieuwe structuur om de ruimtebeleving te verbeteren (betere verhouding tussen open en meer dichte bosgebieden).

Gebied waar zonnepark in principe niet gewenst is: nee, tenzij...

Voor deze gebieden wordt het principe nee, tenzij gehanteerd. Dat wil zeggen dat een zonnepark in dit gebied in principe niet gewenst is. Het is echter niet zo dat een vergunningaanvraag in een oranje gebied per definitie wordt afgewezen. Wellicht kan het initiatief een bijdrage leveren aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit van het Zuidelijk Randpark.

De aanleg van een zonneveld kan worden ingezet om de inrichting van het park te verbeteren. Dit kan bijvoorbeeld door een omgevingsfonds op te richten, waarmee de herinrichting van (een deel van) het park kan worden bekostigd. Ook kan de groene omkadering van een zonneveld worden ingezet om (bestaande) structuurlijnen in het landschap te versterken of met elkaar te verbinden. Met name ter hoogte van de VRM locaties (3 windturbines) liggen er koppelkansen. De combi windmolens en zonnepanelen levert namelijk een voordeel op: als het hard waait, schijnt de zon meestal niet. En als de zon vrij spel heeft, gaat de wind vaak liggen. Hierdoor kunnen beide technieken grotendeels gebruik kunnen maken van dezelfde netaansluiting en infrastructuur. De mogelijkheid om op deze plek zonneenergie op te wekken wordt meegenomen in de bestemmingsplanwijziging t.b.v. de plaatsing van de windturbines.

28 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 29

Nee…

Nadere aanduiding gebieden Natuur- en recreatiegebieden Oude Maas Initiatieven voor deze gebieden worden in principe afgewezen. Hier kunnen zonnepanelen alleen worden ingezet als kunstwerk of als iconisch element. Een dergelijk iconisch element kan dienen als een verfraaiing en markering van een recreatieknooppunt of als een oriëntatiepunt. Een dergelijk icoon levert geen noemenswaardige bijdrage aan de energieopgave, maar draagt wel bij aan een stukje bewustwording. Zuidpolder De beschikbare ruimte in ons buitengebied is schaars en de druk is hoog. De Zuidpolder heeft een belangrijke functie als uitloopgebied voor Barendrecht en de regio. Er wordt veel waarde gehecht aan het groene karakter van de resterende open polders en het deel van de Zuidpolder, dat de laatste jaren is omgevormd naar een (extensief) recreatie- en natuurgebied. De raad heeft unaniem een motie aangenomen om geen zonneparken in de Zuidpolder te ontwikkelen. Om deze reden is de Zuidpolder niet benoemd als kansrijk gebied en wordt ook niet als zoekgebied binnen de RES uitgewerkt. Initiatieven worden dan ook in principe afgewezen.

Gebied waar zonnepark niet gewenst is

Voor deze gebieden wordt een initiatief afgewezen (zon op daken is uiteraard wel mogelijk binnen dit gebied).

Waaloever De Waal is een uniek stukje van IJsselmonde, met een rijke historie en bijzondere kwaliteiten. We streven naar het beter zichtbaar en publiek toegankelijk maken van de Waal en de oevers. De doorzichten en open plaatsen langs het water worden beschermd en vrijgehouden van bebouwing. De focus ligt op de beleving van het water, natuurontwikkeling en recreatie op en langs het water. De aanleg van zonneweides doet afbreuk aan deze waarden en ambities. Om deze reden zien wij geen mogelijkheden voor de aanleg van zonneparken langs de Waal.

30 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 31

Misschien… Nadere aanduiding gebieden Ziedewijdse polder Binnen de Ziedewijdse Polder spelen diverse ruimtelijke ontwikkelingen. Zo zijn er bijvoorbeeld plannen om zo’n 10 ha in te richten als natuur- en belevingsgebied, met een voedselbos en voedseltuin (Natuurgoed Ziedewij). Gelet op deze ontwikkelingen is een integrale benadering van dit poldergebied noodzakelijk.

Door de nabijheid van het spoor en de hoogspanningsmasten leent dit gebied zich ook prima voor de ontwikkeling van een (kleinschalig) zonnepark, mits goed ingepast in het groen. De gebrekkige verkeersontsluiting hoeft voor de aanleg van een zonnepark geen belemmering te zijn.

In dit poldergebied hebben zonneparken vooralsnog geen hoge prioriteit. De aanleg van een zonnepark wordt echter niet per definitie uitgesloten. Wellicht is het mogelijk om een zonneweide als educatief element aan het natuurgoed toe te voegen. In aansluiting op het natuurgoed zijn er ook mogelijkheden voor een zonneweide met een lage dichtheid met veel ruimte voor recreatie en natuurontwikkeling.

Mogelijk kunnen deze percelen ook tijdelijk worden ingezet voor de aanleg van een zonnepark, in afwachting van de definitieve ontwikkeling voor dit gebied.

In de omgevingsvisie (of omgevingsplan) moet het gewenste toekomstperspectief voor dit gebied worden geschetst.

Dordtsestraatweg Langs het spoor, ten noorden van de A15, liggen enkele agrarische percelen ingeklemd tussen de bedrijventerreinen Hordijk in Rotterdam en Reijerwaard in Barendrecht. Een deel hiervan is in eigendom van de gemeente Rotterdam en de gemeente Barendrecht.

Integrale afweging Omgevingsvisie noodzakelijk

Voor deze gebieden is een integrale afweging binnen de omgevingsvisie noodzakelijk. De mogelijke aanleg van een zonnepark wordt in de omgevingsvisie afgewogen tegen andere ruimtelijke belangen.

32 Kansenkaart Zon

In de structuurvisie van Barendrecht is dit gebied aangewezen als potentiële locatie voor de ontwikkeling van een bedrijventerrein, in aansluiting op de bestaande bedrijventerreinen. Een belemmerende factor is de verkeersaansluiting, die op dit moment niet optimaal is voor de ontwikkeling van bedrijvigheid. Recent is dit gebied benoemd als mogelijke locatie voor bedrijven ter compensatie van de ontwikkeling van de Stationstuinen (transformatie van bedrijventerrein naar woningbouwlocatie, ten oosten van Station Barendrecht). Compensatie is verplicht indien er, zoals in de Stationstuinen, vierkante meters bedrijfsterrein worden onttrokken voor ander gebruik (in dit geval grotendeels wonen).

Kansenkaart Zon 33

Algemene richtlijnen grondgebonden zonneparken Wij vragen initiatiefnemers een plan op te stellen waarin aandacht is voor de ruimtelijke fysieke context. Aandacht voor een samenhangend ontwerp, meerwaarde voor het gebied en inrichting van de randen zijn hierbij belangrijke aspecten. Juist aan de randen vinden we het belangrijk dat wordt ingespeeld op de omgeving en de kernkwaliteiten in het gebied. Hiervoor gelden algemene richtlijnen. Deze algemene richtlijnen kunnen worden aangevuld met specifieke inrichtingsprincipes voor een specifieke plek. Sluit aan bij het landschap •

De omvang van een zonneweide sluit in maat en schaal aan bij het omringende landschap.

•

De vorm van de zonneweide voegt zich naar de structuur van het landschap.

•

De kavelrichting van het landschap is bepalend voor de richting van de zonnepanelen. De zonnepanelen staan bij voorkeur haaks op de lengterichting van de kavel.

•

Waardevolle houtopstanden mogen niet worden aangetast door de aanleg van een zonneweide.

Denk na over de zichtbaarheid •

•

Begrenzing

De mate van zichtbaarheid van het zonneveld is afhankelijk van het type landschap. Op sommige plekken, zoals bijvoorbeeld langs infrastructuur, is het gewenst het zonneveld te ‘etaleren’, als toonbeeld van duurzaamheid. In meer open poldergebieden is het wenselijk om het zicht op de zonnepanelen zoveel mogelijk te beperken.

•

De randen van de zonneweides hebben bij voorkeur een landschappelijke groene uitstraling.

•

Hekwerken zijn vaak een eis vanuit de verzekeraar, maar ook landschappelijke oplossingen zoals een brede watergang zijn vaak mogelijk. Hekwerken als begrenzing zijn niet gewenst, tenzij het echt niet anders kan.

Er mag bij voorkeur geen zicht zijn op de achterzijde (constructie) van de panelen. De achterzijde kan worden ingepakt met hoger opgaande (inheemse) beplanting.

•

De groene randen van een zonnepark bieden een kans om de groenstructuur van het landschap te versterken.

•

Bij meerdere zonneweides in het landschap is het van belang om te zorgen voor afwisseling in de sfeer van de groene randen (riet, struweel, bomenrij, hakhout).

•

Speel met de afstand van de zonneweides ten opzichte van de wandel- en fietspaden.

Medegebruik •

Zonneweides zijn klimaat adaptief en dragen bij aan de vergroting biodiversiteit. De aanleg mag geen negatief effect hebben op de afwatering van de grond en op het bodemleven.

•

De mogelijkheden van recreatief/educatief/ agrarisch medegebruik zijn per landschap (en soms zelfs per locatie) verschillend.

•

Geef eventuele restruimtes betekenis, bijvoorbeeld voor waterberging, natuurontwikkeling of als recreatief rustpunt of uitzichtpunt.

Zicht op de constructie geeft een onrustig beeld.

34 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 35

Biodiversiteit •

Er worden geen bestaande bomen of waardevolle houtopstanden gekapt voor de aanleg van zonneparken.

•

Kies voor de begroeiing onder en tussen de zonenpanelen voor een kruidenrijk mengsel behorend bij de grondsoort.

De Universiteit Wageningen heeft onlangs onderzoek verricht naar de biodiversiteit van grondgebonden zonneparken. Op basis van dit onderzoek zijn onderstaande richtlijnen geformuleerd, die wij aan de initiatiefnemer willen meegeven. •

Een te voedselrijke odem (stikstof) door landbouwkundig gebruik is de belangrijkste oorzaak voor een lage biodiversiteit. Verschraling van voedselrijke bodem is essentieel om de biodiversiteit te verhogen. Dit kan door de toplaag af te graven of door regelmatig te maaien en het maaisel af te voeren. Het advies is om minimaal de eerste 5 jaar te maaien en het maaisel af te voeren. Voor kleigrond wordt een frequentie van 3 keer per jaar maaien als richtlijn aangehouden.

36 Kansenkaart Zon

•

Zuid-opstelling | Uit het onderzoek blijkt dat een oost-westopstelling voor biodiversiteit veel nadelen heeft in vergelijking met een zuidopstelling. Zo komt er veel minder licht onder de zonnepanelen. Oostwestopstellingen worden dan ook afgeraden.

•

Afstand tafels | Hoe meer ruimte er is tussen de zonnepanelen, hoe meer kansen voor biodiversiteit. Met 250 tot 300 centimeter tussen de tafels met zonnepanelen is er ook voldoende ruimte voor het maaien.

•

•

Inpassen bijkomende voorzieningen

Opslag van energie

Naast de zonnepanelen zelf kent een zonneveld een aantal bijkomende elementen zoals de ontsluiting, omvormers, trafo’s, inkoopstation, camera-systemen en eventuele hekwerken en toegangspoorten. De ruimtelijke impact van al deze technische voorzieningen moet zo veel mogelijk worden beperkt. Dit doen wij door de volgende principes toe te passen:

Naast het opwekken van zonne-energie willen wij ook nadrukkelijk kijken naar mogelijkheden om opgewekte stroom op te slaan. De ambitie is om nieuwe zonneparken standaard te voorzien van batterijen.

•

Omvormers, trafo’s en het inkoopstation moeten zo compact mogelijk worden uitgevoerd.

Breedte en hoogte tafels | Onder smalle tafels komt meer licht op de bodem dan onder brede. In dat opzicht is een wat groter aantal smalle tafels te verkiezen boven minder, maar bredere tafels.

•

Kies voor een terughoudende vormgeving en kleurstelling.

•

Alle technische voorzieningen hebben bij voorkeur dezelfde kleurstelling.

Neerslagverdeling | Om een betere verdeling van de neerslag te krijgen, dient er een ruimte van minimaal 1 centimeter tussen de zonnepanelen te zijn. Door de zonnepanelen ‘landscape’ te plaatsen, liggen de ruimtes dichter bij elkaar en is de neerslagverdeling nog beter.

•

Integreer de technische voorzieningen in het ontwerp en in lijn met het zonneveld, zodat ze minder zichtbaar zijn.

•

Plaats de omvormers, trafo’s en inkoopstations zo veel mogelijk volgens een helder ruimtelijk principe.

•

De omvormers zijn bij voorkeur gekoppeld aan de panelen, zodat deze minder opvallen.

•

Trafo’s moeten bij voorkeur worden opgenomen in de groene begrenzing van het zonneveld.

Kansenkaart Zon 37

9.

De initiatiefnemer doorloopt samen met de omgeving een proces om te komen tot een

Procesparticipatie in het project

wenselijke en haalbare vormgeving van participatie. Hieruit volgen afspraken over het ontwerp van het energieproject, over de ruimtelijke inpassing en/of over financiële participatie en opbrengsten voor de omgeving.

Omwondenden profiteren

Omwondenden nemen

Een deel van de

Directe omwonenden

mee als mede-eigenaar

risicodragend deel aan een

opbrengsten komt

ontvangen voordeel,

van een wind-of

project, bijvoorbeeld door

ten goede aan

bijvoorbeeld in de vorm van

zonneproject, via een

aandelen, certificaten of

maatschappelijke doelen

verduurzaming van hun

vereniging of coöperatie.

obligaties.

in de buurt, zoals een sportclub of wijkvereniging.

Mede-eigenaarschap

Bron: Participatiewaaier

Financiële deelneming

Omgevingsfonds

woning of korting op groene stroom.

Omwonendenregeling

Participatie in projecten

Ambitie Nationaal Klimaatakkoord: 50% lokaal eigendom

Wat verstaan wij als gemeente onder lokaal eigendom?

Met de komst van lokale, schone energiebronnen als zon en wind wordt onze energievoorziening steeds zichtbaarder. Draagvlak en acceptatie onder onze inwoners en bedrijven zijn daarbij van cruciaal belang. In het Klimaatakkoord is daarom afgesproken in te zetten op een grotere mate van participatie van de lokale omgeving bij het opwekken van duurzame energie.

Er zijn vele manieren waarop inwoners en bedrijven kunnen participeren in lokale duurzame energieprojecten. Dit kan bijvoorbeeld doordat buurtbewoners voor de helft eigenaar worden van het zonnepark. Het kan ook betekenen dat een deel van de opbrengst van het zonnepark wordt geïnvesteerd in buurtprojecten of wordt ingezet om de kwaliteit van de omgeving te verbeteren. In dit voorbeeld zijn de buurtbewoners dan geen eigenaar van het zonnepark, maar kunnen zo wel profiteren van de lusten en dragen niet alleen maar de lasten.

In het Klimaatakkoord is afgesproken dat er sprake moet zijn van “een evenwichtige eigendomsverdeling in een gebied waarbij gestreefd wordt naar 50 % eigendom van de productie van de lokale omgeving (burgers en bedrijven). Investeren in een zon- en/ of windproject is ondernemerschap. Dat vergt ook mee-investeren en risico lopen. Het streven voor de eigendomsverhouding is een algemeen streven voor 2030. Er is lokaal ruimte om hier vanwege lokale projectgerelateerde redenen van af te wijken.” Bron: Klimaatakkoord

In het klimaatakkoord wordt gesproken over eigenaarschap van de lokale omgeving in duurzame energieprojecten. De RES hanteert een iets ruimere definitie en spreekt over medezeggenschap.

Definitie lokaal eigenaarschap RES NML Eigenaarschap betekent voor ons medezeggenschap van de omgeving bij de ontwikkeling van het initiatief, waarbij de omgeving van A tot Z als gelijkwaardige partner bij het initiatief betrokken is. Betrokkenheid van een coöperatie is hiervoor een geëigend middel. Omdat de leden van een coöperatie vrijwel altijd in de omgeving wonen is daarmee ook sprake van lokaal eigenaarschap.

Voor ons als gemeente is het belangrijkste uitgangspunt, dat de inwoners en bedrijven in de gelegenheid worden gesteld om te kunnen profiteren van de opbrengsten van een duurzaam energieproject in hun omgeving. Dit kan betekenen dat buurtbewoners letterlijk (mede)eigenaar worden van het zonnepark, maar ook andere vormen van (direct of indirect) financieel profiteren worden gezien als ‘lokaal eigendom’. We hanteren hierbij de volgende mogelijkheden van directe of indirecte financiële participatie: •

Mede-eigenaarschap (via vereniging, coöperatie, stichting of andere vorm)

•

Financiële deelneming (d.m.v. obligaties of aandelen)

•

Omgevingsfonds

•

Omwonendenregeling

•

Financiële bijdrage aan een algemeen gemeentelijk fonds of reserve energietransitie

Er is een onderscheid tussen procesparticipatie en financiële participatie van de omgeving (omwonenden, bedrijven, maatschappelijke organisaties).

38 Kansenkaart Zon

Kansenkaart Zon 39

Bij procesparticipatie gaat het om de inhoudelijke betrokkenheid van de omgeving bij het besluitvormingsproces voor het project. Procesparticipatie bestaat uit o.a. het actief informeren van stakeholders en burgers en het ophalen van input over het project, bijvoorbeeld via inspraakavonden of het inrichten van klankbordgroepen. Het kan ook resulteren in afspraken over financiële participatie. Bij financiële participatie investeert de omgeving in het project en/of ervaart de voordelen van de opbrengsten van het project. Dit kan bijvoorbeeld via financiële obligaties, eigendomsparticipatie, een omgevingsfonds of een combinatie hiervan. Mede-eigenaarschap (via vereniging, coöperatie, stichting of andere vorm) of financiële deelneming (d.m.v. obligaties of aandelen) vraagt een investering van de inwoners en/of (kleinere) bedrijven. Het is van belang om hierbij ook rekening te houden met mensen met een smalle beurs. Zo kunnen coöperaties een laagdrempelig lidmaatschap aanbieden of kleine aandelen of obligaties uitgeven. Via het omgevingsfonds (volledig of gedeeltelijk gevuld door de initiatiefnemer) kan worden geïnvesteerd in de directe omgeving en kan iedereen profiteren. Bijvoorbeeld door de aanleg van een glasvezelnetwerk of investeringen in recreatie of speelvoorzieningen.

Het omgevingsfonds wordt niet beheerd door de initiatiefnemer of door de gemeente, maar bijvoorbeeld door een stichting. Met een omwonendenregeling kan gericht voordeel worden gegeven aan direct omwonenden, zoals bijvoorbeeld gratis zonnepanelen of een fonds voor het verduurzamen van woningen. Tenslotte kan de initiatiefnemer een financiële bijdrage aan een algemeen gemeentelijk fonds of de reserve energietransitie doen. In dit geval hoeft er niet persé in de directe omgeving te worden geïnvesteerd, maar kan de investering ook elders in de gemeente worden ingezet. Het kan ook worden ingezet voor maatschappelijke doeleinden waar de gehele gemeenschap in Barendrecht van mee kan profiteren. Dit fonds en deze reserve worden door de gemeente beheerd. Op dit moment is er nog geen algemeen (duurzaamheids)fonds. Deze moet worden aangemaakt om deze vorm van participatie mogelijk te maken.

40 Kansenkaart Zon

Voor welke vorm(en) van participatie wordt gekozen is mede ingegeven door de businesscase, en de wensen en de (financiële) mogelijkheden van de omwonenden. Het is daarom belangrijk dat de initiatiefnemer al bij de start van een project direct in gesprek gaat met de omwonenden om de gewenste vorm van (financiële) participatie te onderzoeken.

Wat kunnen we juridisch eisen? Initiatiefnemers zijn primair verantwoordelijk voor de participatie bij de ontwikkeling van zonneparken. Als gemeente willen we erop toezien dat het streven naar lokaal eigendom ook daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Er zijn echter grenzen aan het beleid en het stellen van regels. De gemeente kan de initiatiefnemer niet juridisch verplichten om de omgeving financieel te laten participeren in de ontwikkeling of exploitatie van een energieproject. Dit betekent dat wij een omgevingsvergunning voor een zonnepark niet mogen weigeren als de initiatiefnemer de mogelijkheden naar (financiële) participatie niet heeft verkend, maar het project verder wel passend is binnen ons ruimtelijk beleid. De vraag is dus in hoeverre het mogelijk is, om in beleid, regelgeving of bij (project)besluiten dwingende randvoorwaarden te stellen aan de mate van participatie door een initiatiefnemer bij duurzame energieprojecten. In de fase voorafgaand aan de formele besluitvormingsprocedure maken wij samen met de initiatiefnemer (in een private overeenkomst) afspraken over de wijze waarop de omgeving bij het project wordt betrokken en de wijze waarop belanghebbenden kunnen participeren. De initiatiefnemer moet aangeven op welke manier omwonenden en lokale bedrijven kunnen meedenken en meedoen in de voorbereidende fase, de inpassing en de opbrengst van het zonneveld.

De initiatiefnemer moet laten zien hoe hij 50% lokaal eigendom nastreeft. Hierbij wordt in ieder geval één van de participatievormen, zoals hierboven omschreven, aangeboden. Wij zullen als gemeente erop aansturen en controleren of de initiatiefnemer zijn best heeft gedaan om de omgeving te informeren en draagvlak te creëren of te vergroten. Het is echter geen resultaatsverplichting, maar een inspanningsverplichting. Wij kunnen (juridisch) niet eisen dat de inspanningen die verricht worden ook daadwerkelijk resulteren in afspraken met omwonenden over de locatie, vormgeving en ontwikkeling van het project. Indien we als gemeente zelf eigenaar zijn van de grond, dan bestaat er meer ruimte om eisen en randvoorwaarden te stellen bij het uitschrijven van een tender om een initiatiefnemer in aanmerking te laten komen voor het huren of kopen van de grond.

Voor welke projecten gelden de richtlijnen? Het streven om 50% lokaal eigendom te realiseren heeft in principe betrekking op alle grootschalige wind- en zonneprojecten op land. Indien de opgewekte elektriciteit volledig wordt benut voor eigen gebruik van de grondeigenaar (zowel voor privé-gebruik als voor gebruik bedrijfsprocessen) zien wij dit als 100% lokaal eigendom. In dit geval is de grondeigenaar dan ook niet verplicht om de omgeving financieel mee te laten profiteren van de opbrengsten. Uiteraard moet de inpassing van een zonneweide ook dan voldoen procedures, onze ruimtelijke randvoorwaarden en moet de initiatiefnemer (in dit geval de grondeigenaar) de omwonenden en overige belanghebbenden informeren en betrekken bij het ontwerpproces. Bij de ontwikkeling van zonneparken op gemeentegrond streven we naar 100% lokaal eigendom, bij voorkeur in samenwerking met een lokale energiecoöperatie. Om de omgeving optimaal van de opbrengsten te laten profiteren, hanteren we hierbij het uitgangspunt dat de gemeente de gronden verhuurt tegen een maatschappelijk tarief (minimaal kostendekkend). De richtlijnen voor lokaal eigendom/ participatie gelden niet voor kleinschalige opwek van zonneenergie op daken (particuliere woningen en kleinere bedrijfspanden). Dit kan immers al worden gezien als 100% lokaal eigendom.

In het Klimaatakkoord is het streven om 50% lokaal eigendom te realiseren specifiek benoemd voor grondgebonden zon- (en wind)projecten en niet voor grootschalige opwek van zonne-energie op grote bedrijfsdaken. Dit betekent niet dat lokaal eigendom wordt uitgesloten of niet mogelijk is op grote bedrijfsdaken. Er liggen wel degelijk kansen om deze daken te benutten voor financiële participatie van de omgeving/ inwoners van Barendrecht. In veel gevallen is niet het gehele dakoppervlakte nodig voor het opwekken van het eigen energieverbruik van een bedrijf. Hierdoor liggen er kansen om een deel van het dak te verhuren c.q. ter beschikking te stellen aan een lokale energiecoöperatie of bijvoorbeeld VVE’s de mogelijkheid te bieden om hier zonne-energie op te wekken.

Kansenkaart Zon 41

10. Slotwoord

De Kansenkaart Zon schetst de mogelijkheden voor de opwekking van zonne-energie en geeft onze focus aan voor de komende jaren. De Kansenkaart is op basis van de huidige inzichten en actualiteiten ontwikkeld. Dit betekent dat dit document geen statisch document is. De benoemde zoekgebieden voor de ontwikkeling van zonneparken zijn nog niet getoetst op technische en financiële haalbaarheid. Zo kunnen geluidsschermen bijvoorbeeld niet de juiste (zon)ligging hebben en er ligt niet altijd een aansluitmogelijkheid op het net in de nabije omgeving. Ook het draagvlak bij onze inwoners is nog niet op grote schaal getoetst. Tenslotte zijn we natuurlijk ook afhankelijk van de medewerking van de grondeigenaren. Concreet betekent dit dat er bij de verdere uitwerking nog zoekgebieden kunnen afvallen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10042422/1