Besluit (1)
Tekst van het document
BESLUIT Onderwerp: Reactie Wensen en behoeften m.b.t. de GRJR n.a.v. wijziging Wgr
Gemeenteraad: 26 september 2023
Zaaknummer:
Commissie Algemene Zaken en Financiën BD 11 september 2023
De commissie algemene zaken en financiën bd van de gemeente Barendrecht; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders op 22 augustus 2023; gezien het advies van Commissie Algemene Zaken en Financiën BD op 11 september 2023;
BESLUIT: 1. De reactie aan het dagelijks bestuur van de GR Jeugdhulp Rijnmond over mogelijke aanpassingen in de gemeenschappelijke regeling vast te stellen en te versturen.
Raadsvoorstel Onderwerp: Reactie Wensen en behoeften m.b.t. de GRJR n.a.v. wijziging Wgr
College van burgemeester en wethouders 22 augustus 2023
Portefeuillehouder Miranda de Hoop
Commissie Algemene Zaken en Financiën BD 11 september 2023
Openbaar
Gemeenteraad 26 september 2023
Geadviseerd besluit 1. De reactie aan het dagelijks bestuur van de GR Jeugdhulp Rijnmond over mogelijke aanpassingen in de gemeenschappelijke regeling vast te stellen en te versturen.
Raadsvoorstel Inleiding Met ingang van 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regelingen (hierna: Wgr) gewijzigd. Een aantal wijzigingen is in werking getreden op 1 juli 2022, maar een deel zal later, maar vóór 1 juli 2024 opgenomen moeten zijn in de diverse gemeenschappelijke regelingen. In zijn brief van 13 juli 2023 geeft het algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (hierna: GRJR) inzage in deze veranderingen. De gemeenteraad wordt in de gelegenheid gesteld om voor 22 september 2023 een reactie te geven op een vijftal vragen over mogelijke aanpassingen met betrekking tot de Gemeenschappelijke Regeling GRJR. Beoogd effect De reactie op de brief GR Jeugdhulp Rijnmond over mogelijke aanpassingen in de gemeenschappelijke regeling kenbaar te maken aan het dagelijks bestuur van de GRJR. Relatie met beleidskaders Gemeenschappelijke regeling Jeugdhulp Rijnmond Integraal Beleid Sociaal Domein Argumenten 1.1 De nadelen van extra zienswijzeprocedures wegen zwaarder dan de voordelen. In de wet staat al dat de raden hun zienswijze kunnen geven op een ontwerpbegroting. Nieuw is nu dat het een verplichting is om een afweging te maken in de gemeenschappelijke regeling. Een zienswijzeprocedure is omslachtig en kost veel tijd.
Bij de keuze welke voorgenomen besluiten voor een zienswijze voorgelegd zouden moeten worden, zal de raad mede moeten afwegen het belang van het besluit, ook in relatie tot de bestuurlijke drukte die door een zienswijzeprocedure ontstaat en de invloed van een zienswijze. Zoals bij elk instrument is het een afweging tussen informatie, inspanning en invloed die de raad moet maken om te bepalen of de inzet van een instrument ook nuttig is. Levert de inzet van een instrument geen invloed op, dan is het ook niet heel efficiënt om dat middel in te zetten. Maar voor méér invloed is wel altijd meer inspanning nodig en ook goede informatie. De kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraad is voldoende geborgd, in die zin dat de raad, ook als er geen zienswijze is afgesproken, het betrokken collegelid altijd ter verantwoording kan roepen op grond van de Gemeentewet. 1.2 Een periodieke evaluatie van de GRJR maakt sturing makkelijker. Het is verplicht in de gemeenschappelijke regelingen (hierna: GR) afspraken op te nemen over het wel of niet evalueren van de GR. Een periodieke evaluatie van de GRJR ligt voor de hand. De evaluatie zou moeten gaan over de samenwerking zelf en de regeling. Hierbij kan worden onderzocht of doelstellingen bereikt zijn en waar nog verbeterpunten zitten.
Het eindrapport en advies kan in de raads- en collegeperiode betrokken worden bij eventuele nieuwe beleidskeuzes. Zo hebben de raden meer mogelijkheid om tussentijds te sturen. Hierdoor is een evaluatieverplichting van eens in de twee jaar wenselijk. 1.3 Inspreken bij een vergadering van het algemeen bestuur is van toegevoegde waarde. Het betrekken van inwoners en belanghebbenden bij beleid, wordt steeds belangrijker gevonden in bestuurlijk en politiek Nederland. De mogelijkheid van burgerparticipatie bij een beleidsarme GR zoals de GRJR is niet voor de hand liggend. Toch mag er meer aandacht gegeven worden aan het actief betrekken van de gebruikers van specialistische jeugdhulp over de inzet van specialistische jeugdhulp voor de gemeente Barendrecht. Dit kan door middel van het verlenen van het recht tot inspreken bij de vergaderingen van het algemeen bestuur. Regels over aanmelding, toelating en spreektijd dient het algemeen bestuur vast te stellen in een reglement van orde. 1.4 De actieve informatieplicht geeft kaders over welke informatie actief moet worden gedeeld.
Er geldt een actieve informatieplicht voor het college jegens de gemeenteraad. In de praktijk komt het echter nog weleens voor dat het ene college zijn raad wat actiever informeert en/of meer informatie verschaft dan het andere college. Binnen de gemeente Barendrecht wordt de raad zo actief mogelijk geïnformeerd door de portefeuillehouder over ontwikkelingen en bijzonderheden rondom de GRJR, door middel van raadsinformatiebrieven, de beantwoording van raadsvragen en de mondelinge beantwoording van vragen tijdens commissie- en raadsvergaderingen. Een proactieve benadering van de GRJR, met betrekking tot de informatievoorziening naar de raad, is noodzakelijk om haar controlerende en kaderstellende rol goed uit te kunnen voeren. In de regeling moeten echter afspraken worden opgenomen over het moment waarop, de wijze van en het onderwerp van de informatievoorziening. 1.5 Een adviescommissie kan helpen om de betrokkenheid van de raad verder te vergroten. Een raadsadviescommissie zou gebruikt kunnen worden om de raden met elkaar te laten overleggen, bijvoorbeeld over een gezamenlijke zienswijze. Een raadsadviescommissie zou advies kunnen geven aan de raden, maar ook aan het algemeen bestuur. Ze zou een voorbereidende rol kunnen hebben in de beleidscyclus van de GR.
De GRJR en de opdracht die er ligt ten aanzien van specialistische jeugdhulp, jeugdbescherming en reclassering, alsmede veilig thuis dienen goed aan te sluiten op het lokale beleid. De betrokkenheid van de raad is daarbij belangrijk. Een definitieve uitspraak over het gezamenlijk instellen van een adviescommissie kan nu nog niet gedaan worden. Dit zou pas mogelijk zijn, nadat de raden van de deelnemende gemeenten daar eerst onderling over overleggen. Uit het overleg zal moeten blijken of en welke raden dat willen en waarom. Dan kan na onderling overleg blijken of er voldoende draagvlak is voor een gezamenlijk verzoek. Overleg gevoerd met N.v.t. Kanttekeningen N.v.t. Uitvoering/vervolgstappen Naar aanleiding van de op deze brief ontvangen reacties, zal de GRJR een concept gewijzigde gemeenschappelijke regeling opstellen. Deze regeling wordt dan toegestuurd aan de colleges. De colleges leggen deze dan voor aan hun raad, voor een zienswijze aan het eigen college. De colleges van de deelnemende gemeenten brengen de ontvangen zienswijzen in bij de GRJR. Uiteindelijk stelt de GRJR dan de gewijzigde regeling op en verzoekt het de colleges aan hun raad te vragen of deze toestemming geeft aan het college, de nieuwe regeling vast te stellen. Na de verkregen toestemming stelt het college de regeling vast. Evaluatie/monitoring N.v.t.
Financiën De wijzigingen hebben geen financiële gevolgen voor de gemeente. Juridische zaken N.v.t. Duurzaamheid N.v.t. Inclusiviteitstoets N.v.t. Communicatie/participatie na besluitvorming De reactie wordt verstuurd aan de GRJR.
Bijlagen 1. 2. 3. 4.
Brief GRJR vragen over wijziging GR 2024.pdf Antwoordbrief aan het AB van de GRJR over wijziging gemeenschappelijke regeling.docx Bijlage WGR 2022 fractie VVD.pdf Advies openbare vergadering commissie AZ&F 11 september 2023.pdf