Begroting 2024 GR BAR nieuwe stijl.pdf
Tekst van het document
27
o
ICT vraagstukken Alles is erop gericht om de vier nieuwe organisaties in staat te stellen om op 1 januari 2024 te kunnen laten werken. Dat vraagt om forse aanpassingen in de ICT-infrastructuur en het applicatielandschap. Maar op 1 januari zijn we er nog niet. Ook in 2024 en 2025 is extra inzet nodig om knelpunten op te lossen en technische vraagstukken op te pakken. Het is daarbij belangrijk om snel te kunnen schakelen om de continuïteit van de dienstverlening van de gemeenten te kunnen blijven garanderen.
o
Datagedreven werken De - realistische - verwachting is dat er meer lokaalgebonden vragen komen om dashboards en rapportages. Waar nu veelal sprake is van één integraal dashboard voor bepaalde thema’s, zullen dit er straks twee of drie worden.
o
Overige thema’s Naast de bovengenoemde heel duidelijk te identificeren thema’s is de verwachting, dat er nog meer extra inzet nodig is op het gebied van inkopen en aanbesteden, op het gebied van contractbeheer, mogelijke facilitaire vraagstukken in de gemeentehuizen en behoefte aan tijdelijke extra ondersteuning op het gebied van financiën en control.
Om deze extra last op te vangen stellen we voor een tijdelijk budget op te nemen van € 500.000. Met dit budget kan de BAR-organisatie in de opbouwfase van de vier nieuwe organisaties, als het nodig is, snel schakelen om te voorzien in tijdelijke extra behoefte aan ondersteuning vanuit de drie gemeenten. Dat komt de uitvoering van de taken in de primaire processen en de dienstverlening van de gemeenten sterk ten goede. Deze 5 noodzakelijke budgetverhogingen tellen op tot € 1.431.000.
28
Overzicht van baten en lasten Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) worden in dit overzicht de baten en lasten per programma weergegeven. Onze GR BAR heeft echter maar één programma: Bedrijfsvoering. Wel zijn de baten en de lasten gerubriceerd naar enkele kostensoorten. Lasten Salariskosten (incl. inhuurkosten) Opleidingen Overige personeelslasten Huisvestingskosten ICT Wagenpark inkl.gereedschap/machines Vennootschapsbelasting Overige bedrijfsvoering Totaal lasten
Jaarrekening Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 2022 78.597.200 22.884.700 22.261.300 22.261.300 22.261.300 745.800 459.200 459.200 459.200 459.200 1.785.800 1.253.200 1.253.200 1.253.200 1.253.200 15.700 3.658.100 3.560.700 3.548.100 3.547.900 3.547.900 1.261.800 900 3.500 3.500 3.500 3.500 7.655.600 5.432.800 4.977.500 4.938.500 5.121.900 93.720.900 33.594.100 32.502.800 32.463.600 32.647.000
Baten Salariskosten (incl. inhuurkosten) Opleidingen Overige personeelslasten Huisvestingskosten ICT Wagenpark inkl.gereedschap/machines Vennootschapsbelasting Overige bedrijfsvoering
-1.450.300 -108.000 -2.436.100
-401.700 -73.500 -79.900
-401.700 -73.500 -79.900
-401.700 -73.500 -79.900
-401.700 -73.500 -79.900
Bijdragen deelnemende gemeenten: - Barendrecht - Albrandswaard - Ridderkerk Totaal baten Totaal saldo van baten en lasten GEREALISEERD RESULTAAT
-34.466.200 -18.425.300 -36.835.000 -93.720.900 -
-13.441.300 -6.906.700 -12.691.000 -33.594.100 -
-12.715.100 -6.865.600 -12.367.000 -32.502.800 -
-12.699.500 -6.857.200 -12.351.800 -32.463.600 -
-12.772.500 -6.896.600 -12.422.800 -32.647.000 -
Saldo Salariskosten (incl. inhuurkosten) Opleidingen Overige personeelslasten
Jaarrekening Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 2022 77.146.900 22.483.000 21.859.600 21.859.600 21.859.600 745.800 459.200 459.200 459.200 459.200 1.785.800
1.253.200
1.253.200
1.253.200
15.700
-
-
-
-
ICT
3.550.100
3.487.200
3.474.600
3.474.400
3.474.400
Wagenpark inkl.gereedschap/machines
1.261.800
-
-
-
-
900
3.500
3.500
3.500
3.500
5.219.500
5.352.900
4.897.600
4.858.600
5.042.000
89.726.500
33.039.000
31.947.700
31.908.500
32.091.900
- Barendrecht
-34.466.200
-13.441.300
-12.715.100
-12.699.500
-12.772.500
- Albrandswaard
-18.425.300
-6.906.700
-6.865.600
-6.857.200
-6.896.600
- Ridderkerk
-36.835.000
-12.691.000
-12.367.000
-12.351.800
-12.422.800
TOTAAL BIJDRAGEN Totaal saldo van baten en lasten Reservemutaties - Stortingen - Onttrekkingen - Saldo GEREALISEERD RESULTAAT
-89.726.500
-33.039.000
-31.947.700
-31.908.500
-32.091.900
-
-
-
-
-
-
500.000 500.000 0 -
Huisvestingskosten
Vennootschapsbelasting Overige bedrijfsvoering Gesaldeerde bedragen (excl. bijdragen gemeenten)
1.253.200
Bijdragen deelnemende gemeenten:
memorie memorie
memorie memorie -
memorie memorie -
-
29
Gemeentelijke bijdragen De gemeenten Barendrecht en Ridderkerk storten beide een bedrag van € 250.000 in de reserve, dit is bestemd voor het op bladzijde 27 genoemde budget voor “extra ondersteuning bij opbouw gemeentelijke organisaties”. De overige lasten van de begroting van de BAR-organisatie nieuwe stijl worden over de gemeenten verdeeld naar rato van inwoneraantallen.
3.2
Gronden waarop de ramingen zijn gebaseerd
Net als vorige jaren hebben de volgende kaders gegolden als uitgangspunt voor het opstellen van de begroting: Ontwikkeling personele kosten De afgesloten cao’s worden gevolgd. De BAR-organisatie nieuwe stijl wordt door de gemeenten gecompenseerd voor de cao, gestegen werkgeverspremies, gestegen kosten dienstreizen en gestegen opleidingskosten. Ontwikkeling overige kosten bedrijfsvoering * Voor het te hanteren inflatiepercentage voor 2024 wordt gebruik gemaakt van prognoses van het Centraal Planbureau. De GR BAR wordt door de gemeenten gecompenseerd voor de inflatie. * Voor de meerjarenraming (2025-2027) worden constante prijzen gehanteerd. Risico's De risico’s van de BAR-organisatie nieuwe stijl worden, na aftrek van het saldo van de reserve van de GR BAR, opgenomen in de individuele risicoprofielen van de gemeenten. Verrekenen * Bij de jaarrekening: het standaardpakket wordt volgens de afgesproken procentuele verdeelsleutel naar rato van inwoneraantallen in rekening gebracht. de door de individuele gemeente ingebrachte budgetten worden separaat met de betreffende gemeente afgerekend.
-
-
-
-
-
* Bij aanvullende diensten: De GR BAR bespreekt dit vooraf met het desbetreffende college. Wettelijke nieuwe taken Het uitgangspunt is dat de GR BAR financieel wordt gecompenseerd door de gemeenten voor nieuwe taken die volgen uit nieuwe en gewijzigde wetgeving. Investeringen bedrijfsvoering * In de begroting wordt jaarlijks een meerjarig investeringsschema opgenomen. * De meerjarige dekking van de nieuwe kapitaallasten vindt in principe plaats binnen de vrijval van de bestaande kapitaallasten. 10% opslag voor overhead bij formatie-uitbreiding Bij een uitbreiding van de formatie wordt een gemiddeld percentage van 10% voor overhead in rekening gebracht bij de gemeenten. (dit percentage wordt in de volgende begroting opnieuw bezien) Opleidingskosten Het jaarlijkse opleidingsbudget is gefixeerd op 2% van de begrote loonkosten. Autorisatieniveau Het autorisatieniveau van de begroting van de BAR-organisatie nieuwe stijl ligt op het niveau van de totaalbedragen van de baten en lasten. Financieel toezicht door Provincie Uitgangspunt is repressief toezicht.
30
Verrekensystematiek In de Notitie Bekostiging BAR-organisatie Nieuwe Stijl 2023 zijn afspraken gemaakt over de wijze waarop de gemeenten de totale kosten van de GR BAR met elkaar verrekenen. In de verrekensystematiek wordt onderscheid gemaakt tussen standaard en maatwerk diensten. De standaard diensten worden voor alle gemeenten gelijk uitgevoerd waardoor de uitvoering efficiënt kan worden ingericht en gemeenten dus besparen op hun uitvoeringskosten. Daarnaast is er de mogelijkheid voor maatwerk. Hierbij wordt de dienst volledig naar wens van de betreffende gemeente ingericht en kan een gemeente maximaal invulling geven aan haar specifieke behoefte (‘couleur locale’). Omdat dit ten koste gaat van een efficiënte uitvoering wordt deze maatwerkdienstverlening apart met de betreffende gemeente ‘afgerekend’ zodat andere gemeenten niet mee betalen aan de extra kosten van lokaal maatwerk. Het standaardpakket wordt volgens de verdeelsleutel naar rato van inwoneraantal verrekend. Voor de manier van werken van het toerekenen van maatwerk zullen nog nadere afspraken worden gemaakt. De percentages van de verdeelsleutel voor het standaard pakket worden jaarlijks geactualiseerd op basis van de actuele inwoneraantallen per gemeente zoals gerapporteerd door het CBS. - Barendrecht: - Albrandswaard: - Ridderkerk:
39,80% 21,49% 38,71%
Overeengekomen is onderstaande uitgangspunten te hanteren voor de bekostiging van de BARorganisatie nieuwe stijl. 1. De gemeenten garanderen dat zij gedurende 5 jaar (minimaal tot eind 2028) de taken zoals die bij de ontvlechting zijn overeengekomen zullen afnemen van de BAR-organisatie nieuwe stijl. Deze afspraak wordt uiteindelijk opgenomen in de nog te wijzigen tekst van de gemeenschappelijke regeling. 2. Gevolgen van cao-wijzigingen worden bij de gemeenten in rekening gebracht. 3. Indexatie van de budgetten vindt plaats op basis van het Centraal Economisch Plan van het Centraal Planbureau. 4. Voor opleidingen wordt 2% van de loonsom begroot. Hiermee wordt vastgehouden aan de landelijke norm. 5. Uitbreiding van de formatie van de gemeente of langdurige inhuur op projecten leidt tot een verhoging van de bijdrage aan de GR BAR. Deze bijdrage ziet niet alleen op de kosten voor de faciliteiten van de extra medewerker(s) maar ook op de indirecte kosten. Er wordt uitgegaan van een percentage van 10%. Bij de volgende begroting wordt dit percentage herijkt. 6. Bij uitbreiding van de (wettelijke)taken van de gemeente(n) hoort een uitbreiding van de formatie van de bedrijfsvoering. In voorkomende gevallen worden hierover nadere afspraken gemaakt.
31
7. Als gevolg van de verwachte toename van maatwerk kan een grote administratieve druk ontstaan door jaarlijks af te rekenen op basis van de boekhoudkundige jaargrens (kalenderjaar) in plaats van op het moment van het einde van het project. Deze administratieve druk is ongewenst; zowel aan de zijde van de gemeente als aan de kant van de GR BAR. Maatwerkopdrachten kunnen daarom jaaroverschrijdend zijn. De verantwoording van deze jaaroverschrijdende posten vindt volledig plaats bij de GR BAR. 8. In de komende periode zullen prestatieafspraken worden opgesteld. Voor de financiën zal de reeds bestaande indicator “een meerjarig sluitende exploitatie” opnieuw worden opgenomen. Dit betekent dat de budgetafwijking in de rekening van de GR BAR ten opzichte van de begroting niet meer dan 1% mag zijn. 9. Ons bekostigingsmodel streeft ernaar bestuurlijke drukte te minimaliseren. Ook willen we onnodige administratieve lasten vermijden. Dus niet voor elke kleine vraag terug naar colleges en raden. Dit is eenvoudig op te lossen door de afspraak dat de GR BAR een reserve mag aanhouden. Daarmee wordt de GR BAR tevens intrinsiek gemotiveerd om efficiënt en zuinig te werken om zo financiële ruimte te houden en makkelijker in te kunnen spelen op incidentele risico’s en vragen vanuit de gemeenten. Het voorstel is om deze reserve 2% van de BAR-begroting te laten zijn.
Bij de begroting 2024 vindt een eerste storting plaats van € 500.000 wat is bestemd voor het op bladzijde 26 genoemde budget voor “extra ondersteuning bij opbouw gemeentelijke organisaties”. De BAR-organisatie nieuwe stijl kan zelf deze reserve aanvullen uit eventuele jaarresultaten. Een inzet van de reserve wordt verantwoord in de jaarrekening. Wij zijn ons er van bewust dat er bestuurlijke uitspraken liggen dat de huidige BARorganisatie geen reserve mag hebben. Wij constateren echter dat in de nieuwe werkelijkheid de situatie anders is. De omvang van de begroting is fiks kleiner. Alle inhoudelijke formatie zit bij de gemeenten. Met een kleinere omvang van de begroting is het complexer om risico’s op te vangen of snel in te kunnen spelen op acute gemeentelijke wensen. Die mogelijkheid ontstaat wel met een beperkte reservepositie. Waarbij we niet voor elke kleine vraag terug hoeven naar de gemeenten. En we snel en flexibel de drie gemeenten kunnen bedienen. 10. De gemeenten zijn continu in ontwikkeling en er zijn veel externe ontwikkelingen. Het is noodzakelijk dat de bedrijfsvoering mee kan ontwikkelen en innoveren. Daar zijn middelen voor nodig. Ook zijn middelen nodig om op basis van businesscases maatregelen in de bedrijfsvoering door te voeren. Zodat op termijn besparingen kunnen worden gerealiseerd of voldaan kan (blijven) worden aan de eisen van modern werkgeverschap.
We willen werken met een strategische agenda waarbij ontwikkelingen in de bedrijfsvoering kunnen komen vanuit de GR BAR en/of de gemeenten. Hiertoe wordt jaarlijks een budgetaanvraag ingediend bij de begroting. Na afstemming daarover met de individuele gemeenten. Dit kunnen maatwerkafspraken zijn passend bij de behoefte van de individuele gemeente. 11. Als blijkt dat de capaciteit onvoldoende is, dan wel de werkdruk te hoog, zullen we het gesprek met de gemeenten voeren om de dienstverleningsovereenkomst (DVO) aan te passen naar beschikbare werkcapaciteit of uitbreiding van de formatie (met bijbehorend extra budget). 12. “Kolom-4”. Medewerkers die (ten tijde van de ontvlechting per 1 januari 2024) niet geplaatst worden, blijven/komen in dienst van de BAR-organisatie nieuwe stijl. Deze medewerkers
32
worden ondergebracht in een tijdelijke 4e kolom in de organisatie. Begeleiding naar (ander) werk wordt voor hen geregeld. De kosten die hiermee verband houden kunnen niet worden begroot, maar zullen wel in rekening worden gebracht bij de gemeenten Barendrecht en Ridderkerk. De gemeente Albrandswaard neemt wel deel in de rekening voor de langdurig zieke medewerkers die eveneens in de BAR-organisatie worden geplaatst.
3.3
Overzicht incidentele baten en lasten
Structurele lasten dienen gedekt te worden door structurele baten wil er sprake zijn van een structureel evenwicht. Om vast te kunnen stellen dat er sprake is van een structureel evenwicht is inzicht nodig in welke baten en lasten incidenteel zijn en welke structureel. Daarom is voorgeschreven dat in de begroting een overzicht van de incidentele baten en lasten wordt opgenomen. Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) geeft geen scherpe definitie voor wat incidenteel en structureel is. In de Notitie structurele en incidentele baten en lasten van de commissie BBV staat dat bij het beoordelen of baten en lasten incidenteel of structureel zijn gekeken moet worden naar de aard van de begrotingspost, ofwel naar de soort of de eigenschap van de post. - Structurele baten en lasten zijn periodiek opgenomen in de jaarlijkse begroting, voor onbepaalde tijd en er is (nog) geen einddatum bekend. - Bij incidentele baten en lasten gaat het om eenmalige zaken, (meerjarige) projecten en subsidies die een tijdelijk karakter, c.q. een eindig doel hebben. In de Toelichting op het BBV is incidenteel omschreven als: baten en lasten die zich gedurende maximaal drie jaar of minder voordoen. Dit kan als hulpmiddel worden gebruikt. Maar het hierboven geschetste criterium van soort of eigenschap van een begrotingspost gaat boven dit hulpmiddel.
In deze begroting zijn de volgende incidentele lasten opgenomen: 1. € 100.000: extra formatie administratie Sociaal Domein 2. € 500.000: extra ondersteuning bij opbouw gemeentelijke organisaties 3. € 400.000: ontvlechting BAR-organisatie De budgetten 1 en 2 zijn toegelicht op respectievelijk de bladzijden 26 en 27. Budget 3 betreft een budget van in totaal € 3.500.000 dat in de 1e Tussenrapportage 2023 beschikbaar is gesteld door de gemeenten Barendrecht en Ridderkerk voor de verwachte kosten van de ontvlechting van de BAR-organisatie. Hiervan werd € 3.100.000 geraamd in 2023 en € 400.000 in 2024. Tegenover deze incidentele lasten staan incidentele baten in de vorm van hogere gemeentelijke bijdragen.
3.4
Beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
De BAR-organisatie nieuwe stijl mag een reserve aanhouden. Hiermee wordt efficiënt en zuinig werken gepromoot om zo financiële ruimte te houden. In de begroting vind een eerste storting van € 500.000 plaats. De reserve mag maximaal 2% van de BAR-begroting zijn.
33
3.5
Geprognosticeerde meerjarenbalans
Deze geprognosticeerde balans geeft inzicht in de ontwikkeling van de investeringen, het aanwenden van reserves en voorzieningen en de financieringsbehoefte. De indeling is hetzelfde als de balans in de rekening, maar niet zo gedetailleerd. Activa Omschrijving
1-1-2024
1-1-2025
1-1-2026
1-1-2027
1-1-2028
Vaste activa * Materiële activa - economisch nut * Materiële activa - maatschappelijk nut
4.951.700 4.951.700 0
4.717.900 4.717.900 0
4.457.400 4.457.400 0
4.583.100 4.583.100 0
4.025.300 4.025.300 0
Totaal activa
4.951.700
4.717.900
4.457.400
4.583.100
4.025.300
Passiva Omschrijving
1-1-2024
1-1-2025
1-1-2026
1-1-2027
1-1-2028
Vaste passiva * Reserves (eigen vermogen) * Voorzieningen * Langlopende schulden
351.800 0 334.400 17.400
345.300 memorie 334.400 10.900
338.700 memorie 334.400 4.300
334.400 memorie 334.400 0
334.400 memorie 334.400 0
Vlottende passiva * Kortlopende schulden
4.599.900 4.599.900
4.372.600 4.372.600
4.118.700 4.118.700
4.248.700 4.248.700
3.690.900 3.690.900
Totaal Passiva
4.951.700
4.717.900
4.457.400
4.583.100
4.025.300
3.6
EMU-saldo
Het EMU-saldo is ingevoerd door de Europese Unie om vergelijkingen tussen de verschillende eurolanden te kunnen maken. Het is het vorderingensaldo op transactiebasis. Is het saldo positief dan is er sprake van een vorderingenoverschot. Is het saldo negatief, dan spreekt men van een vorderingentekort. Het tekort mag niet hoger zijn dan 3% van het bruto binnenlands product. Deze 3% geldt voor de Nederlandse overheid in haar geheel (Rijk en decentrale overheden). Om de afzonderlijke provincies en gemeenten een beeld te geven wat dit voor hen betekent publiceert het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties jaarlijks individuele EMUreferentiewaarden. Dit betreft geen norm maar geeft een indicatie van het aandeel van een provincie of gemeente in de gezamenlijke tekortnorm. Gemeenschappelijke regelingen hebben geen individuele referentiewaarde. Het EMU-saldo van een gemeenschappelijke regeling maakt onderdeel uit van het EMU-saldo van de deelnemende gemeenten. In het geval van onze GR BAR dus van Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk.
34
De GR BAR heeft net als gemeenten het boekhoudstelsel van baten lasten. Om tot het EMU-saldo te komen is de volgende berekening nodig: Omschrijving
2023
2024
2025
2026
2027
0
0
0
0
0
1.728.300
1.457.800
1.457.800
1.457.800
1.457.800
-1.345.000
-1.025.000
-1.160.000
-1.060.000
-950.000
383.300
432.800
297.800
397.800
507.800
Exploitatiesaldo voor toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Bij: afschrijvingen ten laste van de exploitatie Af: investeringen in (im)materiële activa die op de balans worden geactiveerd EMU-saldo
35
Bijlagen
36
Bijlage Investeringen Vanwege de ontwikkelingen rondom onze BAR-organisatie is deze keer een beleidsarme begroting opgesteld. In dat kader zijn bij dit onderdeel Investeringen alleen de onontkoombare vervangingsinvesteringen opgenomen. Investeringsplan 2024-2027
2024
2025
2026
2027
400.000
400.000
400.000
400.000
400.000
400.000
400.000
400.000
500.000
500.000
500.000
500.000
500.000
500.000
500.000
500.000
Audio visuele middelen
55.000
25.000
Vervanging kantoormeubilar / werkplekken
70.000
235.000
160.000
50.000
Totaal facilitair
125.000
260.000
160.000
50.000
Totaal generaal
1.025.000
1.160.000
1.060.000
950.000
Diverse hardware Totaal Automatisering Diverse software Totaal Informatie management
37
Bijlage Taakvelden Dit is een verplichte bijlage bij de begroting. De begroting is daarvoor gesplitst in directe kosten die naar deze Bijlage Taakvelden gaan en in kosten van overhead die naar het hierna volgende Overzicht Overhead gaan. Taakvelden zijn 53 - in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten - voorgeschreven zorggebieden die betrekking hebben op taken en daaraan gerelateerde activiteiten. De directe kosten zijn naar de taakvelden verdeeld op basis van verdeelsleutels gebaseerd op de staat van personeelslasten en een opgave van de managers en teamleiders over de werkzaamheden die de medewerkers verrichten. De cijfers zijn indicatief. De verdeling is bewust eenvoudig gehouden. Totalen per taakveld begroting 2024
BAR Gemeenten Baten Barendrecht Albrandswaard Ridderkerk 50.400 20.100 10.800 19.500 167.100 66.500 35.900 64.700 29.803.200 -543.100 11.937.200 6.094.900 11.228.000 31.900 12.700 6.900 12.300 66.900 26.600 14.400 25.900 16.800 6.700 3.600 6.500 28.500 11.300 6.200 11.000 105.300 -1.000 41.500 22.400 40.400 130.700 -1.300 51.500 27.800 50.100 55.800 22.200 12.000 21.600 911.400 362.700 195.900 352.800 73.600 29.300 15.800 28.500 73.600 29.300 15.800 28.500 605.800 241.100 130.200 234.500 42.300 16.800 9.100 16.400 42.300 16.800 9.100 16.400 42.200 16.800 9.100 16.300 42.200 16.800 9.100 16.300 28.300 11.300 6.000 11.000 28.300 11.300 6.000 11.000 28.300 11.300 6.000 11.000 28.300 11.300 6.000 11.000 28.300 11.300 6.000 11.000 28.300 11.300 6.000 11.000 33.900 13.500 7.300 13.100 23.500 9.400 5.000 9.100 81.800 -800 32.200 17.400 31.400 48.100 -600 18.900 10.200 18.400 502.000 -5.000 197.800 106.800 192.400 101.100 -1.000 39.800 21.600 38.700 343.900 -2.300 136.000 73.400 132.200 33.594.100 -555.100 13.441.300 6.906.700 12.691.000
Lasten 0.1 Bestuur 0.2 Burgerzaken 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.61 OZB woningen 0.62 OZB niet-woningen 0.9 Vennootschapsbelasting 2.1 Verkeer, wegen en water 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen 6.3 Inkomensregelingen 6.4 WSW en beschut werk 6.5 Arbeidsparticipatie instrumenten gericht op toeleiding naar werk 6.6 Maatwerk-voorzieningen (WMO) 6.72a Jeugdhulp begeleiding 6.72b Jeugdhulp behandeling 6.72c Jeugdhulp dagbesteding 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig 6.73a Pleegzorg 6.73b Gezinsgericht 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 6.74a Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf 6.74c Gesloten plaatsing 6.82a Jeugdbescherming 6.82b Jeugdreclassering 7.2 Riolering 7.4 Milieubeheer 8.1 Ruimtelijke ordening 8.2 Grondexploitatie 8.3 Wonen en bouwen Totaal
38
Bijlage Overzicht Overhead Dit is een verplichte bijlage bij de begroting. De begroting is daarvoor gesplitst in directe kosten die naar de Bijlage Taakvelden gaan (zie de bijlage hiervoor) en in kosten van overhead die naar dit Overzicht Overhead gaan. Overhead is gedefinieerd als: De kosten die verband houden met de sturing en de ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Dit betreft de hiërarchisch leidinggevenden, financiën, control, HRM, inkoop, communicatie, juridische zaken, bestuurszaken en bestuursondersteuning, ICT, facilitaire zaken, huisvesting, DIV en managementondersteuning. De cijfers zijn indicatief. Er is bewust voor gekozen de verdeling eenvoudig te houden.
Overhead Salariskosten, opleidingen en overige personeelslasten Personele benodigdheden ICT benodigdheden Implementatie omgevingswet Kantoorbenodigdheden Stelposten Totaal overhead
Lasten Baten 19.943.300 -469.600 1.371.700 4.739.500 -73.500 112.200 2.290.800 1.345.700 29.803.200 -543.100
39