CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Beeldkwaliteitsplan natuurinclusieve erven Zuidpolder fase 2, deel 4.pdf

commissie Ruimte 17 september 2024, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Zuidpolder fase 2 (adviserend)3.706 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

weergegeven. weergegeven. weergegeven.

UITGANGSPUNTEN ERF ONTSLUITING & PARKEREN ONTSLUITING • Ontsluiting waar mogelijk over bestaande erven • Ontsluiting voegt zich naar het landschap, zo minimaal mogelijk vormgegeven. • Ontsluiting conform KPVE Zuidpolder.

27 27 27

Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2 Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2

4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023

Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2

PARKEREN • De parkeerplaatsen worden zo landschappelijk mogelijk vormgegeven; door de plaatsen bijvoorbeeld te omzoomen met groen en te voorzien van bomen. Door de verharding uit te voeren in grasstenen ontstaat een groene, waterdoorlatende verharding. • De parkeerplaatsen liggen zo veel mogelijk uit het zicht; door de parkeerplaatsen te omzoomen met groen en zoveel mogelijke achter gevellijnen te plaatsen. • De materialisatie van de parkeerplaatsen is niet te licht van kleur. Er dienen natuurlijke kleuren gebruikt te worden. • De parkeerplaatsen worden geclusterd. AFVALINZAMELING • Afvalcontainers niet in het zicht. • Ondergrondse afvalcontainers mee ontwerpen in erfopzet en terreininrichting.

Figuur 25: uitgangspunten parkeren op erven Figuur 25: uitgangspunten parkeren op erven

Uitgangspunten bouwvolumes Figuur 25: uitgangspunten parkeren op erven Uitgangspunten bouwvolumes Voor het volume van de bebouwing geldt het volgende: Uitgangspunten bouwvolumes

Voor het volume van de bebouwing geldt het volgende: • hetAlle volumes uit 1 bouwlaag een kap. Voor volume vanbestaan de bebouwing geldt hetmet volgende: Alle volumes bestaan uit11bouwlaag bouwlaagmet metkap, een dit kap. •• Grotere volumes blijven betekent dat een groter Allekrijgt. volumes bestaan uit11bouwlaag bouwlaagmet metkap, een dit kap.betekent dat een groter • kap Grotere volumes blijven Grotere volumes blijven bouwlaag met kap, dit betekent dat een groter kap krijgt. Figuur 24: uitgangspunten Figuur 24: uitgangspunten ontsluiting Figuur 24: ontsluiting erfuitgangspunten met referenties erf metontsluiting referentieserf met referenties •• De kap ligt in dezelfde lijn1als het landschap kap krijgt. De kap ligt indient dezelfde lijnmin als mogelijk het landschap •• Het volume met zo uitstekende delen (dakkappelen/sc De kap ligt in dezelfde lijn als het landschap • worden Het volume dient met zo min mogelijk uitstekende delen (dakkappelen/s uitgevoerd • worden Het volume dient met zo min mogelijk uitstekende delen (dakkappelen/s uitgevoerd worden uitgevoerd

ParkerenParkeren

Parkeren

Voor het Voor parkeren het parkeren op deVoor erven ophet de gelden parkeren ervendegelden volgende op dedeerven volgende uitgangspunten: gelden uitgangspunten: de volgende uitgangspunten: • • • •

Parkeerplaatsen • Parkeerplaatsen liggen • op Parkeerplaatsen liggen de erven op de erven liggen op de erven Parkeerplaatsen • Parkeerplaatsen worden • Parkeerplaatsen zo worden landschappelijk zo landschappelijk worden mogelijk zo landschappelijk mogelijk vormgegeven vormgegeven mogelijk Figuur 26: uitgangspunten bouwvolumes ervenvormgegeven Figuur 26: uitgangspunten bouwvolumes erven Parkeerplaatsen • Parkeerplaatsen liggen • zo Parkeerplaatsen liggen veel mogelijk zo veel mogelijk uit liggen het zicht zouit veel hetmogelijk zicht uit het zichterven Figuur 26: uitgangspunten bouwvolumes Parkeerplaatsen • Parkeerplaatsen worden • Parkeerplaatsen geclusterd worden geclusterd worden geclusterd

41

*Referenties zijn dienend voor het specifieke element benoemd met tekst in de afbeelding. Positionering massa’s en keuze uitstraling zijn niet gerelateerd aan uiteindelijke uitwerking erven. Afbeeldingen dienen als voorbeeld.

VISUEEL DOORLOPENDE GOOT EN VOLUME

GROEN DAK ALS ONDERDEEL VAN DE ARCHITECTUUR

VISUEEL DOORLOPEND DAKVLAK 42

DAKKAPEL OPGETROKKEN VANUIT DAKVLAK

MODERNE INTERPRETATIE SCHUURVOLUME

MARKERING ENTREEZONE

MODERNE ARCHITECTUUR

• • •

Grotere volumes blijven 1 bouwlaag met kap, dit betekent dat een groter volume en grotere kap krijgt. De kap ligt in dezelfde lijn als het landschap Het volume dient met zo min mogelijk uitstekende delen (dakkappelen/schoorstenen) te worden uitgevoerd

4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023

UITGANGSPUNTEN BEBOUWING BOUWVOLUMES WAT KENMERKT EEN SCHUUR? Een schuur bevat een grote mate van gaafheid. Een langgerekt volume van één laag met een kap, met weinig addities. Het dakvlak is prominent aanwezig, een schilddak is kenmerkend. Ingrepen/addities werden gedaan waar nodig, er is geen herkenbaar patroon zichtbaar in deze addities. Een schuur heeft geen seriematige uitstraling, er is weinig tot geen herhaling in de gevel. Schuren hadden vaak grote hoogte in verband met de opslagfunctie. Vaak gaf een schuur onderdak aan meerdere functies (boerenfamilie, vee, hooi, wagens, werktuigen). BOUWVOLUMES • Het bestemmingsplan is leidend wat betreft maatvoering. • Bouwmassa: eenvoudige schuurvorm of boerderij. • Bouwhoogte: één laag met een kap. Grotere volumes blijven 1 bouwlaag met kap, dit betekent dat een groter volume een grotere kap krijgt. Verhoudingen van bouwvolumes en goothoogtes moeten altijd onderzocht worden in verhouding tot de breedte en diepte van het erf. • De lengte van een bouwblok dient aan te sluiten bij het idee van een erf met daarop schuurtypologie. • Goothoogte: min 2,0 m - max 4,0 m. Goothoogte aan de voorkant mag afwijken van de goothoogte aan de achterkant (tuinzijde). De goot aan de achterkant mag in die situatie lager liggen dan de goot aan de voorkant (erfzijde).

Ter plaatse van belangrijk onderdeel van de woning is een afwijking van de goothoogte mogelijk. De goothoogte wordt bepaald door de primaire bouwmassa, de goothoogte van een dakkapel mag afwijken van bovengenoemde hoogte. • Kapvorm: zadeldak, zadeldak met wolfseinde. Op kavel 1b geldt de uitzondering om een mansardekap toe te passen. • Kaprichting: met de lengterichting van het landschap mee. Kleine uitzonderingen zijn mogelijk. • Kaphelling maximaal 55 graden. • Daklijnen dienen continue te zijn. Zo wordt de hoofdvorm van de massa met kap behouden. • Gevelopbouw: gevel en kap. • Gevel: de gevel dient een seriematige uitstraling zo veel mogelijk uit de weg te gaan. De architect dient opzoek te gaan naar het breken van de regelmaat dat seriematig bouwen uitstraalt. • Het volume dient met zo min mogelijke uitstekende delen (dakkapellen/ schoorstenen) te worden uitgevoerd. • Dakkapellen: aan voorzijde met uitsnede geaccepteerd ter verbijzondering entree en ligging aan erf; Dakkapellen: aan de achtergevel dakkapel geaccepteerd, mits dakvlak in tact blijft. Dakkapellen hebben een hellend dakvlak. Zo zetten de dakkapellen zich minder af t.o.v. het dakvlak. • Dakkapellen in grote aantallen verstoren het beeld van de architectuur, deze wordt hierdoor te seriematig en het dakvlak wordt teveel onderbroken.

Bij toepassing van dakkapellen is het van belang dat een seriematige uitstraling wordt vermeden. • Het dakvlak bepaalt in grote mate de uitstraling van de schuurwoning. Daarom zijn onderbrekingen zoals dakkapellen, schoorstenen en terugliggende geveldelen ondergeschikte elementen. Hierbij is het van belang dat deze toevoegingen niet seriematig in het dakvlak terugkomen om de uitstraling van de schuur te behouden. • Kopgevels vereisen een verbijzondering, deze mogen niet functioneren als zijgevel. • Ambitie is om ramen en dakkapellen in eenzelfde bouwblok niet repeterend voor te laten komen. Seriematig wonen dient weinig afleesbaar te zijn in de gevel. • Uitzondering bouwmassa op Erf 2 vanwege programma maatschappelijke functie. Bouwmassa mag bestaan uit 2 bouwlagen met flauwe kap. • Bouwmassa erf 2 bestaat uit een plint, middendeel en groen dak uitgevoerd in een moderne interpretatie van een schuurvolume.

MODERNE INTERPRETATIE

ORIGINELE UITVOERING

Figuur 26: uitgangspunten bouwvolumes erven

externe houten constructie

luiken galerij

uitsnede met visueel visueel doorlopende dakkap

uitsnede met dakkapel

wolfskap

dakkapel met hellend dakvlak

VO O

BOU RGE

VEL

BOU

WST

ENE

N LA

ACH T

NGS

ERG

WST

ENE

NK

OPG

EVE

schuifdeur

L

E VEL

GEV

EL 43

*Referenties zijn dienend voor het specifieke element benoemd met tekst in de afbeelding. Positionering massa’s en keuze uitstraling zijn niet gerelateerd aan uiteindelijke uitwerking erven. Afbeeldingen dienen als voorbeeld.

DOORZETTEN DAKVLAK ALS UITBOUW GOOT UITBOUW MINIMAAL OP 2 M

AANBOUW IN VERLENGDE VAN VORM MASSA

PERGOLA LAAT BOUWVOLUME IN TAKT - DEMONTABELE AANBOUW

AANBOUW MET HELLEND DAKVLAK 44

AANBOUW MET HELLEND DAKVLAK (20 GRADEN)

DUIDELIJKE VORMENTAAL

In de voorste strook langs de Achterzeedijk staan representatieve gebouwen met een gebiedseigen stijl of afwijkende kaprichting • Landelijke ligging maakt dit een bijzondere woonlocatie, de architectuur van de bebouwing moet dit ondersteunen Er wordt gebruik gemaakt van natuurlijke materialen (zie www.mooiijsselmonde.nl) •

UITGANGSPUNTEN BEBOUWING ARCHITECTUUR & MATERIALISATIE ARCHITECTUUR • De woningen aan het erf zijn onderdeel van een ensemble. Dit betekent dat de woningen op elkaar lijken, maar niet hetzelfde zijn. • In de voorste strook langs de Achterzeedijk staan representatieve gebouwen met een gebiedseigen stijl of afwijkende kaprichting. • Landelijke ligging maakt dit een bijzondere woonlocatie, de architectuur van de bebouwing moet dit ondersteunen. • Sturing op samenhang: Er worden geen kavelpaspoorten uitgegeven, omdat de totale ontwikkeling per erf wordt ontwikkeld. Hierdoor zal er een samenhang gecreëerd worden, waarbij afstemming plaatsvindt tussen architect en Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Per erf (m.u.v. grote erven, zie volgende kopje onder kleur- en materiaalgebruik) dient één thema/sfeer gekozen te worden: bijv. traditioneel of modern. KLEUR- EN MATERIAALGEBRUIK • Materialisatie dient per erf op elkaar afgestemd te worden en uit eenzelfde kleurenpallet te worden opgebouwd. • Algemeen beeld: baksteenarchitectuur (uitstraling van baksteen) met moderne elementen, houten accenten en verbijzonderingen; houten schuurvolumes met traditionele en moderne uitstraling (afhankelijk van gekozen identiteit). • Mogelijke kleuren van de baksteen uitstraling zijn rood, roodbruin en geel, als verwijzing naar vroegere ijsselsteen.

Kleurtinten mogen per bouwmassa genuanceerd van elkaar afwijken, binnen hetzelfde kleurenpallet. Dit mogen geen harde afwijkingen zijn. Onder harde afwijkingen worden contrasterende kleurstellingen bedoeld, waaronder het gebruik van wit gestucte gevels. • Bij het moderne erf dient bij keuze van houten gevelbekleding een genuanceerde houtkleur uitgekozen te worden passend: een lichte onverzadigde kleur, bijv. vergrijsd of lichtbruin hout. De kleur dient aan te sluiten bij het overige kleurenspectrum. • De kleur zwart mag worden toegepast bij het gedraaide volume, het uitzonderingsvolume. Dit volume mag zwart gepotdekseld zijn. Het uitzonderingsvolume in zwart dient als verwijzing naar schuren van vroeger van zwart gepotdekselt hout. De detaillering mag op een moderne manier. • Uitgangspunt is het gebruik van pure materialen. Voorbeeld: houten gevelbekleding is gemaakt van echt hout. • Kozijnen: in neutrale kleur, bijv. antraciet. • Dak: gebakken matte pannen; riet als dakmateriaal is mogelijk maar in afstemming met de sfeer van het erf. Bij het uitzonderingsvolume mag de materialisatie van het dakvlak afwijken. Bij het moderne erf mag de materialisatie van het dakvlak afwijken. • Er dient een 3D model per erf te komen, waarin de afstemming van de sfeer afleesbaar is, wetende dat ieder erf in één keer ontwikkeld wordt.

• Bij grote erven mogen twee sferen gecombineerd worden zolang de sferen goed op elkaar afgestemd worden. Een voorbeeld kan zijn erf 5. Erf 5 is een diep erf, opgesplitst in twee kleinere clusteringen van woningen. De voorste clustering kan worden uitgevoerd in rode baksteen uitstraling met zwarte daken; de achterste clustering in gele baksteen uitstraling met zwarte daken óf moderne uitvoering met rode kleurstelling. Zo liggen de sferen bij elkaar, maar zit er toch een verschil in identiteit per clustering. • Op de volgende pagina’s worden de sferen toegelicht.

4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023

Figuur 28: uitgangspunten architectuur erven

• • • •

Indien er bij een schuurwoning gekozen wordt om een dakoverstek te maken, dan dient de vorm van de kopgevels in takt te blijven. Zo blijft het schuurvolume afleesbaar. Dakoverstek kan eventueel als pergola constructie worden ingezet, dan al niet half opengewerkt, mits de daklijn doorloopt. Een Dakkapel is onderdeel van de gekozen architectuurstijl; zie omschrijving bij bouwvolumes. Dakkapellen in grote aantallen verstoren het beeld van de architectuur, deze wordt hierdoor te seriematig en het dakvlak wordt teveel onderbroken. Bij toepassing van dakkapellen is het van belang dat een seriematige uitstraling wordt vermeden.

DETAILLERING • Klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen zijn wenselijk, bijvoorbeeld toepassing van ingebouwde nestkasten. Deze maatregelen dienen mee ontworpen te worden met de architectuur. • Hemelwaterafvoer wordt mee ontworpen en is passend bij de architectuur. HWA ligt zo veel mogelijk uit het zicht.

45

*Referenties zijn dienend voor het specifieke element benoemd met tekst in de afbeelding. Positionering massa’s en keuze uitstraling zijn niet gerelateerd aan uiteindelijke uitwerking erven. Afbeeldingen dienen als voorbeeld.

DETAILLERING PASSEND BIJ TRADITIONELE KARAKTER

ZWART (GEPOTDEKSELD) HOUT BIJ AFWIJKENDE BOUWRICHTING 46

VERHARD ERF MET LOSSE GROENE INRICHTING

DUIDELIJKE SCHEIDING GEVEL EN DAKVLAK

UITGANGSPUNTEN BEBOUWING ARCHITECTUUR & MATERIALISATIE HET TRADITIONELE ERF Dit erf krijgt een uitstraling van een traditioneel erf. Dit houdt in dat het op een traditionele manier gematerialiseerd zal worden, met de uitstraling van baksteen. Denk hierbij aan de uitstraling van een gele of licht rode IJsselstenen met antraciet matte gebakken dakpannen en houten elementen. Hierbinnen mag met enige nuance gevarieerd worden met (opengewerkt) metselverband of kleurtint. Mogelijke kleuren zijn rood, roodbruin en geel, als verwijzing naar vroegere IJsselsteen.

4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023

bebouwing dwarsrichting zwart (gepotdekseld) hout/metselwerk ongeglazuurd antraciet keramiek dak

Het uitzonderingsvolume mag worden uitgevoerd in zwarte gevel en zwart dakvlak en wijkt af van de bouwvolumes die de richting van het erf volgen. Het eventueel gedraaide uitzonderingsvolume in zwart dient als verwijzing naar schuren van vroeger van zwart gepotdekselt hout. Dit volume mag in materialisatie afwijken van steen, bijv. zwart gepotdekselt. De detaillering mag op een moderne manier.

bebouwing langsrichting baksteen uitstraling als rode ijsselsteen ongeglazuurd antraciet keramiek dak

Op het traditionele erf wordt middels materialisatie en vormentaal een duidelijk onderscheid gemaakt tussen gevel en dakvlak. Het dak kan aan de kopgevels en/of langsgevels een stuk uitsteken ten opzichte van het hoofdvolume. Bouwkundige uitzonderingen op het bouwvolume, zoals raampartijen, dakkapellen en dakgoten worden zodanig in materialisatie en afmetingen uitgevoerd dat ze passen bij het traditionele karakter van het erf.

bebouwing dwarsrichting zwart (gepotdekseld) hout/metselwerk ongeglazuurd antraciet keramiek dak

bebouwing langsrichting baksteen uitstraling als gele ijsselsteen ongeglazuurd antraciet keramiek dak

*positionering massa’s en keuze uitstraling zijn niet gerelateerd aan uiteindelijke uitwerking erven. Afbeelding dient als voorbeeld. Uitstraling per erf moet nog bepaald worden.

47

*Referenties zijn dienend voor het specifieke element benoemd met tekst in de afbeelding. Positionering massa’s en keuze uitstraling zijn niet gerelateerd aan uiteindelijke uitwerking erven. Afbeeldingen dienen als voorbeeld.

MODERNE DETAILLERING

ENSEMBLE VAN ARCHITECTUUR MODERN METSELVERBAND

MODERNE DETAILLERING GEVELOPENINGEN 48

GEVEL EN DAK VORMEN ÉÉN GEHEEL

UITGANGSPUNTEN BEBOUWING ARCHITECTUUR & MATERIALISATIE HET MODERNE ERF Het moderne erf is ingericht als een erf met een meer abstracte uitstraling. Met abstract wordt bedoeld dat gevel en dak één geheel vormen of onderscheid met een groen dak, ten opzichte van het traditionele erf waar juist een duidelijk verschil zit tussen dakvlak en gevel. Gevel en dak worden in eenzelfde uitstraling / kleur uitgevoerd, een verholen goot moet wel mogelijk zijn.

4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023

bebouwing beide richtingen rode baksteen uitstraling, modern gemetseld ongeglazuurd keramiek dak

Het moderne erf wordt uitgevoerd in traditionele materialen, maar dan op een moderne manier ingezet. Zo kan er bijvoorbeeld in het metselwerk een verschil in het metselverband gemaakt worden. Ook wijkt het pallet iets af van het tradionele erf. De tonen ten opzichte van het traditionele erf gaan meer richting lichte onverzadigde kleuren, die aansluiten bij het overige kleurenspectrum. De grootte en/of detaillering van de raampartijen en andere architectuurelementen kunnen op een dergelijke manier worden uitgevoerd die past bij het moderne karakter.

bebouwing beide richtingen óf volledig houten uitstraling natuurlijke uitstraling lichtoranje / lichtbruin / vergrijsd hout

Bij het moderne erf dient bij keuze van houten gevelbekleding een licht onverzadigde houtkleur uitgekozen te worden: bijv. vergrijsd of lichtbruin hout. De kleur dient aan te sluiten bij het overige kleurenspectrum. zonnepanelen

De verschillende uitvoeringen (hout en baksteen uitstraling) mogen gecombineerd worden op het erf, onder voorwaarde dat de rode licht onverzadigde kleur samenwerkt met de houten gevelbekleding. De massa’s moeten samen een ensemble vormen.

*positionering massa’s en keuze uitstraling zijn niet gerelateerd aan uiteindelijke uitwerking erven. Afbeelding dient als voorbeeld. Uitstraling per erf moet nog bepaald worden.

49

*Referenties zijn dienend voor het specifieke element benoemd met tekst in de afbeelding. Positionering massa’s en keuze uitstraling zijn niet gerelateerd aan uiteindelijke uitwerking erven. Afbeeldingen dienen als voorbeeld.

bebouwing dwarsrichting uitstraling als zwart gepotdekseld hout ongeglazuurd antraciet keramiek dak

bebouwing dwarsrichting uitstraling als zwart gepotdekseld hout ongeglazuurd antraciet keramiek dak

bebouwing langsrichting baksteen uitstraling als rode ijsselsteen ongeglazuurd antraciet keramiek dak

bebouwing beide richtingen baksteen uitstraling rode steen, modern gemetseld ongeglazuurd keramiek dak

bebouwing langsrichting baksteen uitstraling als gele ijsselsteen ongeglazuurd antraciet keramiek dak bebouwing beide richtingen óf volledig houten uitstraling natuurlijke uitstraling lichtoranje / lichtbruin / vergrijsd hout

zonnepanelen zoveel mogelijk in zelfde kleurtint als dakvlak zonnepanelen zoveel mogelijk in zelfde kleurtint als dakvlak

HET TRADITIONELE ERF - ROOD

HET TRADITIONELE ERF - GEEL

*

50

* opengewerkt metselwerk in tint van gele baksteen.

HET MODERNE ERF

4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023

UITGANGSPUNTEN BEBOUWING BOUWWERKEN pergola constructie

in contrast met hoofdgebouw bouwvolume blijft zichtbaar los van open constructie

aanbouw op kopgevel volg hoofdgebouw

aanbouw dakvlak volgt hoofdgebouw

aanbouw dakvlak helling van 20 graden

BO

UW

STE

NE

PRINCIPE BERGINGEN

<10 m

OU

<7 m

opties achterkant

<10 m

<5,5 m

KE

N

opties massa

10 m

bergingen worden in massa opgenomen - op kopgevels of tussen woningen in.

B

B

20

3 (links in tekst: optie 2)

bergingen (gebundeld per 2 woningen) in tuin, alleen mogelijk (bij oneven aantal mag er één berging los geplaatst worden)

tuin (zie pagina 43)

B

B

1

bergingen worden opgenomen in massa / aangebouwd aan massa. Bij aanbouw wordt leefkwaliteit ter discussie gelegd.

B

opties voorkant

bergingen worden opgenomen in massa alszijnde aanbouw of inbouw tot aan 2 m lijn erf.

10

ER

<5,5 m

B B

B B B B B

Schaal 1:500

B

<20 m

max 3m

2m

max 3m

<10 m

max 3m

B

B

B

WW

<5,5 m

bergingen worden opgenomen in massa alszijnde aanbouw of inbouw - let op grens maximale bouw volgens principes verharding

B B B B B

+/- 10 m

NB

UITZONDERING BEUKBREEDTE KLEINER DAN 5,5M onderzoeken in volgorde 1, 2, 3 - toetsen bij welstand

2m

AAN- EN UITBOUWEN, BIJGEBOUWEN EN OVERKAPPINGEN • Het bestemmingsplan is leidend wat betreft maatvoering. • De richting van het hellingsvlak van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde is gelijk aan de richting van het hellingsvlak van het hoofdgebouw. • Aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen alleen aansluitend aan het hoofdgebouw gebouwd worden. De maximale diepte van deze werken komt overeen met de maximale diepte van het terras aan de achterzijde. • Aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde dienen mee te gaan met de vorm/uitstraling van het hoofdgebouw. • Het dakvlak van een aanbouw heeft een minimale helling van 20 graden. Hierbij is van belang dat de minimale goothoogte van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen 2,0m is. • Aanvullend hierop mogen open aanbouwen zonder dakvlak (zoals pergola constructies) hiervan afwijken. Een open aanbouw mag alleen in hout worden uitgevoerd. Een gesloten dakvlak mag niet gerealiseerd worden, wel mag dit een tijdelijke zonwering zijn (bijv. een canvas doek gespannen tussen de pergolaconstructie). De minimale hoogte van een open aanbouw is 2,0m. De maximale hoogte is gelijk aan de goothoogte van het hoofdgebouw.

Een open constructie dient in contrast te zijn met het hoofdgebouw, zo blijft het oorspronkelijke bouwvolume zichtbaar. • Een aanbouw aan de kopgevel neemt de maatvoering van het bouwvolume over (nok- en goothoogte). Dichte delen dienen te worden voortgezet in eenzelfde materialisatie als dak- en geveloppervlak, open delen worden uitgevoerd in hout ter verbijzondering. Uiteraard is deze optie alleen mogelijk als daar maat voor is op het kavel. • Mocht de beukmaat van een rijwoning onder de 5,5m liggen dan mag er uitzondering gemaakt worden op eventuele in/aangebouwde bergingen volgens bouwbesluit i.v.m. leefkwaliteit. Als de integratie van bergingen in de bouwmassa voldoende is onderzocht en niet mogelijk blijkt te zijn (beoordeeld door Commissie Ruimtelijke Kwaliteit), zijn er twee varianten. • Optie 1: de bergingen worden gebundeld en als één schuurvolume geplaatst op het erf. • Optie 2: de bergingen per woning als los volume in de tuinen, mits deze tuinen niet langs een zichtas lopen. Bij het uitzonderingsvolume is bovenstaand niet van toepassing. • Uitstraling: • Optie 1: gebundelde bergingen dienen een schildkap te hebben; • Optie 2: bergingen in tuin dienen uitgevoerd te worden met een schildkap of lessenaarsdak. • Materialisatie dient afgestemd te worden op de architectuur van het erf, beoordeeld door Commissie Ruimtelijke Kwaliteit.

• Uitzondering voor het plaatsen van een bergingsblok geldt bij de rug-aan-rug woningen. De bergingen worden gebundeld als bergingsblok en de locatie mag afwijken van de hierboven aangedragen opties. Dit blok moet mee ontworpen worden in de inrichting van het erf en wordt als uitzondering los op het erf geplaatst.

B B B

B B

2 (links in tekst: optie 1)

bergingen gebundeld als één schuurvolume elders op erf

51

*Referenties zijn dienend voor het specifieke element benoemd met tekst in de afbeelding. Positionering massa’s en keuze uitstraling zijn niet gerelateerd aan uiteindelijke uitwerking erven. Afbeeldingen dienen als voorbeeld.

ENSEMBLE VAN ARCHITECTUUR MET KLEINE VARIATIES

HOOFDRICHTING BOUWVOLUMES 52

AUTOLUW BINNENGEBIED

TRADITIONELE ERFINRICHTING

UITGANGSPUNTEN BEBOUWING DUURZAAMHEID AMBITIES - CONVENANT KLIMAATADAPTIEF BOUWEN AANHOUDEN -

NIET ZO

4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023

TECHNIEK INTEGREREN IN ARCHITECTUUR

ENERGIE & TECHNIEK • PV panelen aaneengesloten verdelen over het dakvlak • PV-panelen vallen zo min mogelijk op • Benodigde energie is niet leidend voor het aantal zonnepanelen. Aantal zonnepanelen dient mee ontworpen te worden met architectuur • 1 richting van de zonnepanelen • Panelen in 1 vlak, geen onderbreking door ramen • Waar nodig wordt buitenunits van warmtepomp en/of airconditioning meegenomen in de architectuur • De buitenunit mag vanaf de openbare ruimte niet rechtstreeks zichtbaar zijn • Indien de buitenunit wel zichtbaar is vanaf de openbare ruimte, dan dient de buitenunit ten minste voorzien te worden van een behuizing, die aansluit bij de stijl van de woning. Bijvoorbeeld door in kleur afstemming te zoeken van het toegepaste gevelmateriaal, een schijnconstructie toe te passen (zoals een valse gevel) of het inpandig opnemen van de buitenunit • Een eventuele technische ruimte wordt architectonisch opgenomen in het totaal ontwerp van de woning • Per erf wordt waar nodig (elektrische) deelmobiliteit gerealiseerd. SOCIALE DUURZAAMHEID • Doorstroom van huishouden (levensfases) mogelijk op en tussen de erven. Faciliteren van gemakkelijke aanpasbaarheid woningen. • Collectieve buitenruimte met gedeelde faciliteiten voor sociale cohesie van het erf, bijv. bbq, schuur met gereedschap, picknicktafels, moestuin.

KLIMAAT & NATUURINCLUSIVITEIT • Water passerend en open verharding of een combinatie t.p.v. parkeren. • Veel groenvoorziening (incl. fruitbomen) voor biodiversiteit en waterhuishouding. • Integratie van de drie V’s voor al aanwezige en toekomstige natuur en biodiversiteit: vluchtplekken, voedsel en voortplanting. • Nestgelegenheid voor vogels, vleermuizen, insecten & vlinders • Voor de erven is het van belang om te zorgen voor plekken met voldoende voedsel, nesten (voortplanting) en schuilmogelijkheden (veilige beschutting tegen predatie). Dit kan door beplanting met voldoende bessen en vruchten, met hagen en struiken, en nestgelegenheid in en aan de woningen. • De woningen vormen geen belemmering voor het flexibele waterpeil door zorgvuldig onderbouwde aanleghoogte. • De ambitie is om zoveel mogelijk in CLT (cross laminated timber), HSB (houtskeletbouw) of andere CO2 neutrale bouwmethoden te bouwen. • Een ecoloog voert soortenonderzoek uit. De doelsoorten die hieruit komen bepalen de inrichting van verschillende soorten plekken en de keuze van de beplanting.

WATER PASSEREND EN OPEN VERHARDING of een combinatie

STRUIKEN VOOR VOGELS groenblijvend & met vruchten

MUUR MET NESTGELEGENHEID insecten

MOESTUINEN

NESTKASTEN oost: huismus, zwaluw west: vleermuizen, vlinders zuid: vleermuizen, insecten

FRUITBOMEN

WATER

53

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14464857/1