Beeldkwaliteitsplan natuurinclusieve erven Zuidpolder fase 2, deel 1.pdf
Tekst van het document
-*/%&-00' 56*/&/-"/%4$)"14"3$)*5&$5&/#7
BEELDKWALITEITSPLAN NATUURINCLUSIEVE ERVEN ZUIDPOLDER FASE 2 BARENDRECHT 3 NOVEMBER 2023
2
ZUIDPOLDER BARENDRECHT
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
ZUIDPOLDER FASE 2 BARENDRECHT Project:
Zuidpolder fase 2, te Barendrecht
Onderdeel: Beeldkwaliteitsplan Projectnummer:
4639
Datum:
3 november 2023
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2 te Barendrecht Definitieve versie v1.3 26-8-2021
Auteur: RoosRos Architecten Bezoekadres: L.J. Costerstraat 2 3261 LH Oud-Beijerland Postadres: Postbus 1631 3260 BC Oud-Beijerland
[t] 0186 691580
[w] www.roosros.nl Samenstelling:
ir. H.C. (Henk) de Gelder Architect Partner
ir. J.M. (Jeroen) Beerens Architect
Opdrachtgever: GKB Groep Middelweg 1 2992 SP Barendrecht
Contactpersonen: Arjan Kraaijeveld & Dirk Baron GKB Groep
Met bijdragen van:
A. (Arjan) Kraaijeveld Directeur GKB
ing. D. (Dirk) Baron Projectleider GKB
ing. J (Jos) van de Lindeloof Landschapsarchitect BNT - Lindeloof Tuin- en Landschapsarchitecten B.V.
ing. W. (Wouter) Vroom Landschapsontwerper - Lindeloof Tuin- en Landschapsarchitecten B.V. J. (Joost) de Vos JP Projectontwikkeling
P. (Peter) van den Herik JP Projectontwikkeling
3
4
ZUIDPOLDER BARENDRECHT
INHOUD 1 2 3
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
VOORAFGAAND INLEIDING LOCATIE historische ontwikkeling huidige situatie
4
STEDENBOUWKUNDIG PLAN uitgangspunten landschapssstructuur landschap thema’s karakteristieke doorsneden
5
UITGANGSPUNTEN DEELGEBIEDEN deelgebied a - noorden deelgebied b - open middenstuk deelgebied c - zuidrand
6
UITGANGSPUNTEN ERFINRICHTING erfopzet standaardprofielen afscheiding overgangen erf met omgeving beplanting verharding tuin ontsluiting & parkeren
7
UITGANGSPUNTEN BEBOUWING bouwvolumes architectuur & materialisatie bouwwerken duurzaamheidsambities
5
12
Barendrechts Buitenboek
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Figuur 7: Landschapsstructuurkaart
kwaliteitsdocument buitengebied
De vier belangrijkste punten van het ontwerp zijn:
1:
Eerste herziening 1 maart 2016
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2 te Barendrecht Definitieve versie v1.3 26-8-2021
Richting van de polder als structuurdrager van ontwikkelingen
Het plangebied is onderdeel van de historische Zuidpolder welke een karakteristieke verkaveling heeft die noord-zuid is georiënteerd (zie figuur 7 Landschapsstructuurkaart). Deze verkavelingsstructuur en de openheid in het centrale deel van gebied wordt de structuurdrager van fase 2. De slotenstructuur is overgenomen en verschillende elementen van water en bos zijn ingepast binnen deze kavelstructuur. Vanaf de randen (Kilweg en Achterzeedijk) van het gebied komen diverse zichtlijnen/doorzichten naar dezeZuidpolder open ruimte. fase 2Enkele verkavelingslijnen worden versterkt: De oude 13 Gebiedsvisie Haven met een wandelpad en het centrale fietspad met een bomenlaan. De verkavelingsstructuur van de polder past zo bij de ambities van het Barendrechts Buitenboek.
2:
3: Ontwikkeling recreatief netwerk Gevarieerde natuurlijke landschappelijke inrichting
Het hele gebied wordt recreatief ontsloten met wandelpaden, struinroutes, fietspaden en een Het plangebied wordt natuurlijk en gevarieerd ingericht door langs de zuid- en noordrand van gebied kanoroute. Deze worden zo goed mogelijk aangesloten op de bestaande routestructuur naar de natuurlijk grasland, water met plasdras oevers, weides en afwisselende natuurbossen met bebouwde kom van Barendrecht, aangrenzende stukken van de Zuidpolder en de Vredepolder/Oude mantelvegetaties en coulissen te ontwikkelen. Er ontstaat zo een afwisselend landschap met veel Maas. Ook gaan er wandelroutes door de nieuwe erven zodat er een open en zeer goed toegankelijk ecologische variatie. De natuurwaarden in het gebied worden vergroot en het gebied wordt gebied ontstaat. Bewoners van Barendrecht en bezoekers kunnen zo optimaal genieten van dit deel aantrekkelijk voor bezoekers door de aanwezige variatie. van de Zuidpolder.
4:
Ontwikkeling nieuwe erven langs Achterzeedijk
Langs de Achterzeedijk worden enkele compacte erven ingepast binnen de verkavelingsstructuur en de bestaande bebouwing. Het landelijke karakter van de Achterzeedijk wordt zoveel mogelijk behouden door de erven waar mogelijk achter bestaande bebouwing te plaatsen en door zichtlijnen naar de open polder te creëren. De erven worden binnen de groenstructuur ingepast en zo ontstaat er een groene en aantrekkelijke woonomgeving.
2.4. Deelgebieden Het landschap in het ontwerp is opgedeeld in drie deelgebieden. Dit betreft het Noorden (kleine en grote duiker met fietspad), het Open middenstuk en de Zuidrand (lint met bospercelen met de nieuw ingepaste erven).
25
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Figuur 8: Schetsontwerp landschap (een vergrote versie is opgenomen als bijlage)
Noorden Aan de noordkant is een open gebied met veel grasland en ruigtenatuur. Langs de noordelijke rand is de Grote Duiker verbreed tot een aantrekkelijke kanoroute met veel natuuroevers en een flexibel Basisprincipe
NEEM BEBOUWING OP IN HET BOSRAND Individualiteit Landelijke bebouwing bestaat uit losse gebouwen die
Basisprincipes/Bebouwing/Dijken
helder en eenduidig zijn vormgegeven. Elk gebouw is anders, elke woning is uniek. Dit is erg bepalend voor het kleinschalige karakter van het buitengebied. Er mag dan ook niet seriematig gebouwd worden.
Kavel In het beste geval heeft een landelijk huis een ruim kavel
Naoorlogse en nieuwe boerenerven
tot zijn beschikking waardoor het gebouw goed tot zijn recht komt. Dit betekent dat het gebouw vrij op de kavel ten en andere bebouwing. Het hoofdgebouw is meestal
Vlaamse schuurtype is er sprake van een representatieve
haaks op de weg georiënteerd en in de lengte van de kavel geplaatst. Een uitzondering op deze regel vormen
en formele ‘groene’ voorzijde en van grootschalige en
de dijkwoningen en dijkboerderijen, deze zijn langs op de dijk gepositioneerd en hebben vaak ook een veel kleinere
Uitgangspunten erfopzet
meer bedrijfsmatige ‘versteende’ achterzijde. De randen
kavel ter beschikking.
Hoofdvorm
Voor de bebouwing van de erven zijn een aantal uitgangspunten van toepassing. Voor de verkaveling van de erven zijn de volgende punten van toepassing:
zijn vaak aan de zijkanten voorzien van een forse dichte
Landelijke bebouwing heeft een eenvoudige en heldere hoofdvorm van één bouwlaag met een ruim
beplanting die zorgt voor een karakteristiek contrast met
bemeten kap. Traditioneel hebben huizen op IJsselmonde Zo is het goed! Voorbeeld voor landelijke gebouwen die met aandacht voor streekeigen karakteristieken zijn geplaatst.
Figuur 23: Bestaande bebouwing in Zuidpolder
staat met de schuren op het achtererf. Net als bij het
is gepositioneerd, op ruime afstand van watergangen, slo-
een zadeldak (eventueel met wolfseind) met een steile
• • • •
op en weidse agrarische productielandschap.
dakhelling van meer dan 45 graden. Door deze grote kap valt de bebouwing minder op en trekt zich terug in zijn de omgeving. De daken van de schuren hebben geen onderbrekingen.
90 Barendrechts Buitenboek
De goothoogte van het woongebouw en de schuren is
Architectuur van de bebouwing
maximaal 4 meter.
Het woonhuis bestaat vaak uit twee bouwlagen en
De gevelindeling van het woongebouw is eenvoudig en
flauwe kap en heeft daardoor meer het karakter van een
bestaat uit grote ramen (luiken ontbreken). Het ontbreken van detailleringen in kleur en metselwerk is kenmerkend voor de bebouwing op het moderne boerenerf. De schuren verschillen in materiaalgebruik en detaillering; deze is eenvoudiger dan die van het woon-
rijtjeshuis dan dat van een boerenwoning. Later zijn er ook (grotere) woonhuizen gebouwd van één bouwlaag
gebouw.
met een steile kap die daarmee beter aansluiten bij het
De laatste jaren vindt er door de behoefte aan grotere
agrarische karakter van het boerenerf. Bij de ontwikkeling
bedrijfsruimten op veel moderne boerenerven een flinke schaalvergroting plaats. De oudere houten schuren worden vervangen door grote loodsen die slecht passen bij het landelijke agrarische karakter van het moderne boerenerf.
29
daarom de voorkeur.
Erfbeplanting
soms baksteen voor de wanden en kunststof voor de daken. De dakhelling van deze schuren is meestal beperkt en niet meer 20° tot 25°. Het kleurgebruik varieert van geel, groen, bruin en zwart voor de damwandprofielen
Een mooi ingepaste traditionele schuur
74 Barendrechts Buitenboek
tot rood, oranje, groen en zwart voor de daken. Door de Een lage goothoogte zodat er een dak-gevelverhouding van 2:1 ontstaat heeft daarom de voorkeur. Door deze lage dakgoot krijgen de schuren ook “geaardheid” en horen meer bij het veld. Verder gaat het om robuuste, niets verhullende architectuur met een eenvoudig vorm. Een schuur kent geen dakkapellen, balkons of erkers, de abstracte pure vorm spreekt voor zich. In het streven naar eenvoud is het van belang architectuur te maken waarin de achterliggende gedachte, het concept van de gebiedseigen boerenschuur, zichtbaar is. Deze werkwijze
De schuren hebben vaak een groter volume dan de woning en bestaan uit een bouwlaag met één kap. Op elk modern boerenerf bevindt zich tenminste één schuur die De bouwmassa’s van het woongebouw en de schuren bestaan uit één bouwlaag en een kap. De bebouwing heeft een zadeldak met een (bij voorkeur) steile dakhelling van circa 45° die aansluit bij de karakteristieken van
Traditionele boerderijen Barendrechts Buitenboek 73
historiserend te zijn. Bewezen kwaliteiten en oplossingen uit het verleden kunnen worden ingezet in nieuwe ontwerpen die
Uitgangspunten bij erfbeplanting zijn: • De erven krijgen een groen en natuurlijk karakter (erfbeplanting met hagen, struiken en fruitbomen). Ze worden ingepast met veel groen op het erf en water waardoor ze minder aanwezig zijn in het open landschap. • Beplanting wordt op het te ontwikkelen erf zelf geplant. De uitzondering hierop is als de erfontsluiting niet over het bestaande erf loopt en er geen doorzichten worden doorkruist. • Tussen de erfgrens en nieuwe gebouwen zit minimaal 4 meter ten behoeve van erfbeplanting • Gebruik inheemse soorten • Zorg voor afwisseling in soorten of cultivars • Kies voor toekomstgerichte en duurzame soortenkeuze
Figuur 23: schematische weergave uitgangspunten erfopzet
groter is dan het woongebouw.
leidt tot architectuur die verwijst naar de context zonder
Compositie van de erven
klaar zijn voor de toekomst. Het ontwerp kan op een moderne manier “spelen” met historische karakteristieken
Het meest voorkomende boerderijtype op IJsselmonde
van boerenschuren door deze abstracter te maken, bijvoorbeeld door ze op een nieuwe manier toe te passen of uit te vergroten.
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
van nieuwe woongebouwen heeft deze laatste variant
Het materiaalgebruik bestaat uit damwandprofielen en
Goed ingepaste nieuwe eigentijdse schuren bij bestaande bebouwing
Het erf volgt de richting van het landschap Gebouwen staan aan het erf Woningen aan de Achterzeedijk verbijzonderen door gebiedseigen stijl of kaprichting Geen voortuinen en stoepen
Basisprincipes/Bebouwing/Polder
is het Vlaamse schuurtype. Deze zijn karakteristiek voor de uitstraling van de dijklinten en het silhouet van het
waardoor deze zich kan invoegen in een landschappelijke
52 Barendrechtsstructuur. BuitenboekBouwen in een uitgekleed open landschap leidt tot verrommeling, bebouwing opgenomen in een
landschap. De boerderijen van het Vlaamse schuurtype
Bebouwing in de open polder (hier zelfs op een voetstuk geplaatst) is heel aanwezig.
kunnen op twee verschillende manieren in het landschap
bosrand kan zelfs wat toevoegen aan de ruimtelijke
worden geplaatst; op een boerenerf aan de dijk of op
kwaliteit. En als de bebouwing in de lengterichting van de bosrand ligt dan kan het dak de bosrand nog eens extra
een boerenerf achter de dijk. Beide boerenerven hebben
benadrukken.
elk een eigen opzet en compositie die karakteristiek zijn
Wat af en toe wel in de polder voorkomt zijn boerenschuren. Soms lagen de boerderijen te ver van de
voor IJsselmonde. Naast verschillen tussen beiden zijn er
velden zodat het handig kon zijn om landbouwwerktuigen dichterbij te kunnen opbergen. Deze schuurtjes hebben
ook overeenkomsten. Kenmerkend bij beide erven is het
een bescheiden en eenvoudig uiterlijk dat zich subtiel invoegt in de landschappelijke context. In principe dus liever geen bebouwing in de polder maar als het
onderscheid tussen het ‘voor’ en ‘achter’. ‘Voor’ is de zijde
Beplanting heeft een camouflerende effect
recreatieve gebruik het toevoegen van bebouwing
waar zich de woning bevindt en was netjes en geordend.
noodzakelijk maakt, dan willen wij teruggrijpen op de streekeigen typologie van de boerenschuur.
Hier bevonden zich de bleek, de waterput en de siertuin.
Maar wat maakt een boerenschuur tot een
‘Achter’ is de zijde waar zich de schuur bevindt en was
boerenschuur? Schuren hebben een informeel karakter,
Basisprincipe en een typologie die zich leent voor meerdere functies.
grootschaliger. De maat der dingen werd hier bepaald
Neem bebouwing op in de bosrand
Dat is altijd zo geweest: wonen, werken, stallen
enzovoorts — alles onder één kap. Het beeld van een
door het boerenbedrijf (o.a. het vee en de wagens). De
boerenschuur wordt dus ook bepaald door het dak.
Bebouwing in de polder
siertuin had meestal een eenvoudige opzet en bevond
In een open polderlandschap gebouwen Buitenboek Barendrechtszijn 51 van verre zichtbaar. Bebouwing wordt daarom in een open
zich altijd voor de voorgevel van de woning. De moestuin
landschap ook vaak als storend element ervaren. Maar de soms schreeuwende zichtbaarheid van bebouwing is niet
en een kleine boomgaard lagen, afhankelijk van de situ-
de enige reden waarom er liever niet in het open veld zou moeten worden gebouwd. De natte polderbodem
atie, meestal voor, opzij of achter de boerderij.
is geen geschikte plek om te bouwen. Traditioneel zoekt men voor bebouwing juist de droge plekken langs de
Boerenerven achter de dijk
dijken op. Bouwen in het open veld ligt dus niet in de logica van het polderlandschap zelf.
Deze boerenerven hebben een ruime entree die in
Maar de karakteristieke openheid van het poldergebied in Barendrecht verandert met de aanleg van het natuur-
verbinding staat met de inrijdeuren van de boerenschuur.
en recreatiegebied Zuidpolder in een landschap waarin de langgerekte polderkavels deels worden ingevuld
Moderne eigentijdse variant van het Vlaamse Schuurtype
met opgaande beplanting zoals bomen. In het Zuidelijk Randpark is deze ontwikkeling al gebeurd: het landschap is niet langer meer in een keer te overzien, elkaar afwisselende open en gesloten velden laten verrassende ruimtelijke momenten ontstaan. In een landschap waar bossen aanwezig zijn is bebouwing beter in te passen, omdat de bomen zelf al een opgaande ruimtelijke structuur vormen. Het bos vormt een driedimensionaal kader voor de bebouwing
50 Barendrechts Buitenboek
6
68 Barendrechts Buitenboek
Vaak wordt het erf aan meerdere zijden omringd door
Figuur 29: Uitgangspunten erfbeplanting en referenties
VOORAFGAAND
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
Dit beeldkwaliteitsplan is opgesteld om richting te geven aan de kwaliteit van architectuur, openbaar toegankelijke ruimte en natuur in de Zuidpolder van Barendrecht. Het document dient ter inspiratie en geeft uitgangspunten aan ontwerpers. Daarnaast vormt het beeldkwaliteitsplan een toetsingskader voor de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Bij de toets op dit beeldkwaliteitsplan is de tekst leidend en het beeld aanvullend. Voor de ontwikkeling van de Zuidpolder fase 2 wordt een nieuw bestemmingsplan opgesteld. Het bestemmingsplan vormt een juridisch bindend kader voor de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van het gebied. Dit beeldkwaliteitsplan omvat zowel fase 2 als fase 2.1. Zuidpolder fase 2 is een participatieve gebiedsontwikkeling in de gemeente Barendrecht die in de afgelopen jaren in samenwerking met een aantal grondeigenaren tot stand is gekomen door GKB. Aanleiding daarvoor vormde een door de gemeente georganiseerde dialoogtafel in mei 2018 over de afronding van de totale Zuidpolder (182 ha). De gebiedsvisie voor fase 2 is op 21 september 2021 unaniem vastgesteld door de gemeenteraad. Recreatie, water en natuur vormen daarbij de belangrijkste bestanddelen. Om het geheel te kunnen bekostigen is gedacht aan maatschappelijke functies, zoals zorg en wonen.
De gebiedsvisie omvat de beleidskaders uit Barendrechtse Buitenboek, de structuurvisie Barendrecht (2012) en het Landschapspark Eiland IJsselmonde en sluit aan op de provinciale Omgevingsvisie 2020 en het convenant Klimaatadaptief Bouwen. Leeswijzer Het beeldkwaliteitsplan geeft eerst een inleiding op het gehele plangebied, de historie en de huidige situatie. Vervolgens worden de stedenbouwkundige en landschappelijke karakteristieken en plannen benoemd. In het beeldkwaliteitsplan wordt de landschappelijke en architectonische kwaliteit uitgewerkt aan de hand van principedoorsneden, uitgangspunten en referentiebeelden. Om de kwaliteit te waarborgen van de overgangen tussen deze deelgebieden met eigen karakteristieken zijn verschillende principedoorsneden uitgewerkt. Achtereenvolgend worden de uitgangspunten voor het landschap rondom de erven, de inrichting van de erven en de bebouwing geformuleerd. De architectonische en landschappelijke uitgangspunten worden uiteengezet in woord en beeld.
7
N��������� IJ���������
Legenda Buitendijkse natuur Natura 2000 Getijdenatuur maken Binnenwateren Biodiversiteit versterken Primaire kering Overige dijken Uitzichtpunten Belangrijke waterverbindingen Verbindingen over water
8
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
INLEIDING Zuidpolder fase 2 is het laatste gedeelte van het project Zuidpolder. In de afgelopen 20 jaar is de Zuidpolder heringericht. Er heeft een omvorming plaats gevonden van land- en tuinbouw naar natuur en recreatie. Voor het laatste gedeelte, Zuidpolder fase 2, is echter geen budget meer beschikbaar voor herinrichting. De laatste agrarische bedrijven zijn in afwachting van mogelijke toekomstige ontwikkelingen. Zij hebben last van wildvraat en zijn beperkt in hun bedrijfsvoering vanwege afnemende perceelgroottes door gedwongen verkoop aan gemeente van perceelkoppen. GKB en JP Projectontwikkeling heeft een schets voor de Zuidpolder voorgelegd aan de huidige particuliere eigenaren. Er is draagvlak voor het verwerven van de resterende gronden. Alle eigenaren hebben te kennen gegeven dat zij positief staan tegenover het ontwerp en mogelijke verkoop/deelname. Zij hebben aangegeven dat zij hun bedrijfsvoering in het gebied (op termijn) willen beëindigen. Het project is zo een initiatief vanuit de samenleving geworden. Het beleidskader vanuit de provincie Zuid-Holland is verwoord in de Omgevingsvisie en de provinciale verordening. In deze visie is het gebied aangewezen als Groene buffer en Grootschalige recreatieve ontwikkelingen. De herinrichting van fase 2 en 2.1 wordt integraal opgepakt.
Figuur 4: Eigendomssituatie per 11 maart 2021 (geanonimiseerd)
1.3. Bestaand beleidskader Provincie Zuid-Holland Het beleidskader vanuit de provincie Zuid-Holland is verwoordt in de Omgevingsvisie van de provincie. Deze is in werking getreden op 1 augustus 2020. In deze visie is het gebied aangewezen 1 als Groene buffer en Grootschalige recreatieve ontwikkelingen (zie onderstaand figuur 5).
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
het kader van het Droomfondsproject Haringvliet. Eén van de daar bestaande plannen bevat een gebiedsontwikkeling met beperkte bouw van natuurwoningen en inrichting als natuur en recreatie.
Figuur 2: fasering Zuidpolder
1.2. Dialoogtafel 2018 Op 29 mei 2018 heeft de gemeente Barendrecht een bijeenkomst over de Zuidpolder gehouden met bewoners en betrokkenen van de Zuidpolder (de dialoogtafel). Dit gebeurde naar aanleiding van verzoek van gemeenteraad om te kijken of het niet mogelijk is om de gronden minnelijk te verwerven. Hierbij werd geschetst wat de stand van zaken was (patstelling tussen eigenaren en gemeente i.v.m. het ontbreken van financiële middelen voor aankoop gronden en gewenste natuuren recreatieontwikkeling). Hierbij werden betrokkenen opgeroepen om te kijken of er ideeën zijn voor de herinrichting/ontwikkeling van het gebied.
GKB heeft een schets voor de Zuidpolder voorgelegd aan de huidige particuliere eigenaren. Er is draagvlak voor het verwerven van de resterende gronden. Alle eigenaren (op één na ) hebben te kennen gegeven dat zij positief staan tegenover het ontwerp en mogelijke verkoop/deelname. Zij hebben aangegeven dat zij hun bedrijfsvoering in het gebied willen beëindigen. Het project is zo een initiatief van onderaf geworden (gebied/samenleving).
Naar aanleiding van de dialoogtafel heeft GKB gekeken naar mogelijkheden qua herinrichting van het gebied (creëren van gezamenlijke meerwaarde). Uitgangspunt hierbij was dat er voldoende kostendragers zijn voor uitkoop van bestaande eigenaren en integrale herinrichting van het gebied 2 (natuur en recreatie). Als inspiratie diende dergelijke gebiedsontwikkeling langs het Haringvliet, in
9
Achterzeedijk 48 10
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
HISTORISCHE ONTWIKKELING In dit hoofdstuk worden de cultuurhistorische waarden van de Zuidpolder en omgeving beschreven. Het betreft een waardering van de nog aanwezige landschappelijke structuren, historische bebouwing en civiele werken. De dijken, waaronder de Achterzeedijk, vertellen het verhaal van de landaanwinning op de rivier, de aanleg van de polders en de ruimtelijke ontwikkeling van 1483 tot nu. Onderstaande tekst is een samensmelting van cultuurhistorisch onderzoek uit: Rijk aan dijken, Dijkenvisie Barendrecht (september 2016). In 1649 werd de Zuidpolder ten zuiden van de Middeldijk drooggelegd. De zeekleipolder wordt begrensd door inpolderingsdijken langs de Oude Maas. Dijken, polderwegen en de Oude Haven zijn de belangrijkste historische structuren in de polders. Alle bewoning en economische activiteit concentreerde zich op en langs de dijken. De Velofabriek aan de Achterzeedijk staat symbool voor deze opkomende handel en industrie. De bewoning was voornamelijk geconcentreerd aan de binnenzijde van de dijk. Door de polders heen lagen polderwegen zoals de Carnisseweg en de Barendrechtseweg. De Oude Haven is met de aanleg van nieuwe dijken steeds mee gegaan. Op een kaart uit 1572 ligt buiten de Middeldijk de haven van de Vliet. Na de bedijking van de Zuidpolder komt die haven aan het eind van de Oude Haven aan de Oude Maas te liggen.
1890
1980
1920
2000
1960
2021
De Achterzeedijk ontstond na de inpoldering van de Zuidpolder rond 1649. De dijk heeft zijn naam te danken aan het feit dat het de achterste dijk ten opzichte van de Middeldijk en de Voordijk is waar eb en vloed van de zee merkbaar zijn. Na de Watersnoodramp van 1953 is het dijklichaam verzwaard en verhoogd. Karakteristiek aan de Zuidpolder is het polderlandschap met langgerekte kavelstructuur. In het verlengde van de Zuidpoldersche boezem lopen kreken zoals de Groote- en Kleine Duiker, dienende als structuurdrager van oost naar west. Rond de 18e eeuw werd er een boerderij aan de Achterzeedijk gebouwd, deze boerderij op nummer 48 is nog steeds intact en is een Rijksmonument. In het verlengde van de Vliet (de Oude Haven) werd in 1871 een stoomgemaal gebouwd voor de bemaling van de Zuidpolder en de polder Buitenland. Dit gemaal werd in 1929 vervangen door het elektrisch gemaal De Bastemeijerij aan de Achterzeedijk. De functie van dit gemaal werd op zijn beurt weer overgenomen door het gemaal Breeman aan de Koedood uit 1957 dat als gevolg van de watersnoodramp en de samenvoeging van polderbesturen werd gebouwd. Alle Barendrechtse polders worden nog steeds door dit gemaal bemalen. Het gemaal De Bastemeijerij is een gemeentelijk monument sinds 5 september 2023. Deze sluizen en gemalen zijn onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis van Barendrechtse dijken en polders.
Daarnaast zijn de beide gemalen ook van architectuurhistorische betekenis. Bij de Achterzeedijk werd ten behoeve van de stoomtram (1898) een deels betonnen brug over de dijksloot gebouwd van baksteen en beton. Het tracé van de stroomtram, dat tot 1956 dienst heeft gedaan, werd omgevormd tot een regionaal fietspad. In dat verband is ook de betonnen kilometerpaal in het talud van de Achterzeedijk van cultuurhistorische waarde. Dit deel van de Achterzeedijk maakte deel uit van de provinciale weg van Rotterdam via de Barendrechtsebrug naar de Hoeksche Waard. Vanaf 1969 verandert de Zuidpolder van vorm. De komst van de snelweg A29 en de Kilweg deelt de polder op in kleinere eenheden. Ten westen van de snelweg komt met Carnisselande een nieuwe woonwijk gedeeltelijk in de polder te liggen. Aan de oostzijde van de snelweg komen de wijken Vrouwenpolder, Lagewei en Ter Leede in de polder te liggen. Hierdoor wordt de Zuidpolder kleiner. Met de komst van de nieuwe natuur- en recreatiegebieden vanaf 2012 ten oosten van de 3e Barendrechtseweg verandert het agrarische landschap definitief van kleur.
11
KILW
2
EG
A
B C
D
E
F
G
1
ACH T
ERZ
EED
1a
IJK
H
I
J
K L
M
1b 2 3
4
5
BARENDRECHTSEWEG
A29
3
6
Achterzeedijk 48 4
LEGENDA projectgrens erfgrens
5
Plankaart Schaal 1:5.000
100
200
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
HUIDIGE SITUATIE Karakteristiek aan het gebied is het polderlandschap met dijken en langgerekte kavelstructuur, die bij de inpoldering zijn gemaakt in de vruchtbare zeeklei. In het verlengde van de Zuidpoldersche boezem lopen kreken zoals de Groote- en Kleine duiker dienende als structuurdrager van oost naar west. De Achterzeedijk en de Koedood worden aan de kant van de Oude Maas omsloten door hooggelegen buitendijks gebied met zwaar bosplantsoen. Het zicht op de rivier wordt hierdoor ontnomen. Het plangebied wordt begrenst door de snelweg A29 (westzijde), de Kilweg (noordzijde), de Barendrechtseweg (oostzijde) en de Achterzeedijk (zuidzijde).
1
2
In verband met de waterkerende functie heeft het dijklichaam van de Achterzeedijk een forse hoogte met brede groene dijkhellingen. De boomloze Achterzeedijk is de waterkering in de oorspronkelijke zin. De uitstraling wordt vooral bepaald door functionaliteit en veiligheid. De rijbaan bevindt zich halverwege of onderaan het dijktalud. Het landelijke groene karakter wordt aan de noordzijde bepaald door het polderlandschap en aan de zuidzijde door het recreatielandschap van de Oude Maas. Tussen de Zuider Carnisseweg en de Oude Haven loopt de weg aan de voet van de dijk, daarna verder op de kroon. De Achterzeedijk is alleen incidenteel bebouwd, waarbij rond het Velo bedrijventerrein sprake is van een kleine buurtschap. Verder bevindt zich bebouwing in de buurt van de Barendrechtseweg en langs de achterkade in de richting van de Noldijk. Aan de noordzijde van de dijk is de bebouwing beneden aan de dijk gesitueerd. De landelijke villa’s en boerenerven worden via duikers over de dijksloot heen ontsloten. Tussen de bebouwing zijn grote open stukken met vrij uitzicht over de Zuidpolder. Met uitzondering van het Veloterrein is er aan de zuidzijde nauwelijks bebouwing. Hier is sprake van typische dijkwoningen die boven aan de dijk staan. Het Velo-terrein met de monumentale schoorsteen vormt een belangrijke oriëntatiepunt langs de dijk.
ZICHT VANAF WESTZIJDE NAAR ZUIDPOLDER
3
Open Noorden Groote Duiker en de akkers zijn goed zichtbaar vanaf de Kilweg en het parallelle fietspad. Hier reiken de gemengde akkerbouw- en volle grond-tuinbouwpercelen tot aan de brede watergang. In het oostelijke deel van het plangebied is vanaf de Kilweg de oude haven goed zichtbaar. Deze historische haven, samen met kade en jaagpad, deed lange tijd dienst als goederentransportroute en kerkepad tussen de Oude Maas en het historische centrum van het dijkdorp Barendrecht. De Groote Duiker is onderdeel van de zogenaamde Blauwe verbinding, waarmee schoon water vanuit de Waal wordt doorgevoerd in de richting van de Koedood en het Zuiderpark. Deze route wordt recreatief gebruikt met kano’s en bevat goed ontwikkelde water- en oevervegetaties met helder water. Aan de oostzijde grenst het gebied aan het Barendbos, aan de westzijde aan het circa 10 jaar geleden ingerichte recreatiegebied met het parkeerterrein. Het Middenstuk In het middenstuk ligt tenminste één (en wellicht nog meerdere) oude kreekrug, die boven het omliggende maaiveld uitsteekt. Het huidige grondgebruik is agrarisch en varieert van jaar tot jaar. Het gebied is verder niet toegankelijk en vooral beleefbaar vanaf de Trambaan, die in het verleden een belangrijke verbindingsweg tussen de Hoeksche waard en Rotterdam vormde en aansloot op de verkeersbrug over de Oude Maas.
De smalle watergangen zijn diep gelegen met een waterpeil van ca. 0,8 m onder maaiveld.
BOSSAGE NOORDZIJDE
4
OUDE HAVEN VANAF KILPAD
5
ACHTERZEEDIJK 48 - MONUMENTALE BOERDERIJ
6
De Zuidrand De zuidrand is een aantrekkelijke woonomgeving voor de bestaande erven, die ontsloten worden door de weg op en ten dele langs de Achterzeedijk. De bebouwing is ten dele gekoppeld aan het agrarische grondgebruik met schuren en kassen, ten dele aan de waterhuishouding en bestaan uit een los van elkaar staande ruime huiskavels en landschappelijke erven. Aan de oostelijke zijde ligt de met groen omgeven begraafplaats op een opgehoogde bodem.
ZICHT VANAF ACHTERZEEDIJK
OUDE TRAMBAAN - FIETSPAD NOORD-ZUID 13