BD Zuidpolder Fase 2 Bijlagenboek deel 2
Tekst van het document
6.4. Vegetarisch landschap met begrazing Het beheer en onderhoud zal als basisvoorziening worden gestart met behulp van aaneengesloten extensieve natuurbegrazing. Waar gewenst worden enkele enclaves voor natuur-inclusieve voedselproductie vrijgehouden en/of hooiland voor bijv. Kleine Duiker. Dit beheer maakt het mogelijk om het publieke toegankelijkheid te optimaliseren. Er is veel ervaring met dit type beheer in tal van natuurontwikkelingsgebieden in ons land, de kosten zijn relatief beperkt en de natuur- en belevingswaarden groot. Ongewenste struikvorming door natuurlijke successie wordt handmatig bijgestuurd.
48
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Wat betreft de keuze voor grazers kan dit nader worden uitgewerkt. De mogelijkheid zou kunnen zijn extensieve jaarrondbegrazing met zelfredzame runderen, paarden of schapen. Niet zozeer de rassenkeuze maar de keuze voor sociale kuddes zijn bepalend, de voorkeur gaat uit naar groepen dieren met een familiestructuur. Op dit type bodems moet bij jaarronde begrazing door runderen gedacht worden aan een dichtheid van 1 dier per 1,5 of 2 hectare begraasbaar gebied.
Figuur 43: grazers in de Zuidpolder (zomer 2020)
6.5. Peilbeheer Het peilbeheer geschiedt zoals in het hoofdstuk Water is benoemd, met een gevarieerd peilbeheer waarbij het stuwbeheer bij de stuw aan de Kilweg wordt gestuurd.
Figuur 44: de Grote Duiker, vanaf de Derde Barendrechtse weg
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
49
7. Omgevingsproces en communicatie We volgen een uitgebreid omgevingsproces (e.e.a. vooruitlopend op het kader van Omgevingswet). Dit zorgt ervoor dat het draagvlak zo goed mogelijk blijft en de communicatie helder verloopt. • • • • • • •
Informatiebrief naar direct aanwonenden (Achterzeedijk binnen en buiten projectgebied) (verstuurd juni 2020); Informatieavond voor bewoners in het gebied (dinsdag 1 september 2020 en 31 mei 2021); Informatieavond voor alle belangstellenden (dit volgt na behandeling in de raad); Werksessies met werkorganisatie gemeente Barendrecht en provincie Zuid-Holland gezamenlijk d.d. 24-11-2020, 18 maart 2021, 22 april 2021 Werksessie met alleen werkorganisatie gemeente Barendrecht d.d. 4 maart 2021, 3 juni 2021 en 24 juni 2021 Overleg/afstemming waterschap Hollandse Delta/Provincie Zuid-Holland; Website (volgt in volgende fase)
Afstemming Provincie Met de provincie zijn meerdere gespreken gevoerd. Al dan niet in combinatie met de gemeente Barendrecht. Hierin heeft GKB het plan toegelicht, is er gekeken naar inrichtingsmogelijkheden en koppelkansen. Opmerkingen uit de gesprekken/overleggen zijn meegenomen in het Schetsontwerp. Op 18 maart 2021 heeft er een gesprek plaats gevonden met gedeputeerde mevr. Anne Koning. Zij is enthousiast over het plan. Dit heeft er in geresulteerd dat de gemeente Barendrecht een verzoek heeft ingediend bij de provincie voor plaatsing van het projectgebied op de zogenaamde 3 Ha kaart. Met plaatsing op de 3-ha. kaart geeft Provinciale Staten aan op voorhand geen bezwaar te zien in een ruimtelijke ontwikkeling in het landelijk gebied (of buiten bestaand stad- en dorpsgebied). Bij het doorlopen van de ruimtelijke procedures (richting bestemmingsplan) dient de ontwikkeling overigens nog wel te worden getoetst aan het provinciaal omgevingsbeleid. De behandeling van dit verzoek is geparkeerd in afwachting van de uitkomst van behandeling van dit Visiedocument in de gemeenteraad van Barendrecht (medio sept. 2021).
Afstemming gemeente Barendrecht Met de ambtenaren van de gemeente Barendrecht zijn meerdere gespreken/werksessies gevoerd. Dit heeft er in geresulteerd dat deze Gebiedsvisie een gezamenlijk gedragen document is geworden.
Afstemming Waterschap Hollandse Delta Hiermee is overleg gevoerd in het najaar en de winter van 2020 en in februari, maart en op 20 mei 2021 (zie ook hoofdstuk 4.3 Water).
Overleg bewoners De overleggen met direct aanwonende bewoners op 1 september 2020 en 31 mei 2021 verliepen in een prettige en constructieve sfeer. Overwegend bestaat er enthousiasme om het gebied meer natuurlijk en recreatief in te richten. Er moet goed gekeken worden naar de zonering en privacy ten opzichte van de nieuwe erven alsmede de verkeersafwikkeling op de Achterzeedijk.
50
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Een en ander is naar aanleiding daarvan ingepast in het schetsontwerp. Dit betreft onder andere de afstand van nieuwe erven en paden tot bestaande bebouwing, plaatsing van groenbuffers en het vrijhouden van een zone rondom bestaande woningen.
Overleg grondeigenaren Met vier van de vijf grondeigenaren welke actieve bedrijfsvoering voeren in het gebied is overeenstemming over verkoop van gronden. Met de vijfde eigenaar zijn meerdere gesprekken gevoerd. Hij kiest er vooralsnog voor om zijn bedrijfsvoering voort te blijven zetten. Deze keuze is verwerkt in het plan.
Conclusie Bovenstaande aanpak en overleggen hebben geleid tot onderhavig document waar draagvlak voor is bij de gemeente Barendrecht, de provincie Zuid-Holland, de grondeigenaren en de bewoners in het gebied.
51
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
8. Samenvatting/speerpunten Zuidpolder fase 2 is een participatieve gebiedsontwikkeling in de gemeente Barendrecht die vanuit de grondeigenaren wordt gedragen. Initiatiefnemer GKB is een maatschappelijk betrokken Barendrechts familiebedrijf (geen projectontwikkelaar). GKB heeft de handschoen van de gemeente Barendrecht (n.a.v. dialoogtafel in 2018) opgepakt en heeft een plan gemaakt waarbij de huidige agrarische inrichting wordt omgevormd naar openbaar natuur- en recreatiegebied. In dat kader is het document Gebiedsvisie opgesteld in overleg met de gemeente Barendrecht en de Provincie Zuid-Holland.
Speerpunten plan 1. Laatste schakel van ca 52 ha in de herinrichting van gehele Zuidpolder als natuur- en recreatiegebied (aansluitend bij de Omgevingsvisie Zuid Holland) 2. Inrichting als openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied met robuuste struinnatuur (ca 48 ha) 3. Aanleg (doorgaande) fiets, wandel-, struin en kanoroutes 4. Ruimte voor vestiging maatschappelijke organisaties welke voorzien in o.a. groene beschutte dagbesteding, leertraject uitvallers onderwijs, begeleiding en coaching. Vormen van bijvoorbeeld wonen met zorg, seniorenwoningen, zorgboerderij 5. Afmaken klimaatbufferverplichting uit plan van 2015 6. Vergroten klimaat adaptieve inrichting (onder andere: opvangen waterfluctuatie) 7. Ruimte voor circulaire land- en tuinbouw (natuur inclusieve landbouw incl. eventuele begrazing door schapen/runderen) 8. Behoud van ‘historische’ waarden (fietspad/trambaan/sloten WSHD oude haven/polderstructuur) 9. Landschappelijk inpassing van geclusterd wonen (passend binnen Barendrechts Buitenboek van gemeente: polderstructuur, bestaande erven combineren met nieuwe, verschillende soorten plekken: water/natuur/bos) 10. Robuuste onderlegger voor verdere detaillering inrichting waarmee toekomstbestendigheid wordt beoogd 11. Ruimtelijke inpassing bestaande ondernemingen (tuinders en boerderijwinkel) welke bedrijfsvoering willen voortzetten 12.
Onderhoud- en beheer door cliënten van maatschappelijke organisaties welke in het gebied een plek krijgen. Dit bijvoorbeeld in het kader van dagbesteding en/of therapie. 13. Einde onzekerheid voor huidige tuinders/agrariërs over toekomst gebied (verkoopbaarheid gronden) 14. Draagvlak onder huidige grondeigenaren voor participatie/verkoop i.p.v. onteigening (einde patstelling/beperken gemeentelijke externe en interne kosten) 15. Geen stijging van onderhoudslasten voor gemeente en/of provincie. Deze komen namelijk voor rekening van de toekomstige bewoners
Vervolg Na vaststelling van deze Gebiedsvisie door de gemeenteraad en plaatsing op de 3Ha kaart door de Provincie wordt het plan verder uitgewerkt. Dit wordt in gezamenlijkheid met de gemeente gedaan. Leidend daarbij zijn de uitgangspunten zoals verwoordt in hoofdstuk 3 Uitgangspunten. Om meerwaarde te verkrijgen in het gebied worden de inwoners van Barendrecht door GKB uitgedaagd d.m.v. een prijsvraag om ideeën aan te dragen.
52
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Bijlage 1: Motie 2 juni 2020
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
53
Bijlage 2: Ecologie Watersysteem en ecologie Uit de monitoring van de Blauwe Verbinding door bureau Stadsnatuur9 blijkt dat de Zuidpolder in 2013 goed is onderzocht voor wat betreft waterplanten, macrofauna en vissen. In de Zuidpolder liggen waterpartijen van circa 10 en 80 meter breed en circa 1,10 tot 1,40 m diep en verbrede sloten van circa 7 meter met steile oevers. Het doorzicht is 30 tot 50 cm, de oevers zijn ten dele begroeid met oeverplanten.
9
Visfauna Blauwe Verbinding, inventarisatie, inrichtings- en beheeradvies, verwachtingen, Bureau stadsnatuur, Niels Godijn 2013, rapport 213
54
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Ecologie Amfibieën kwamen in 2013 in de Zuidpolder nauwelijks voor.
55
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
56
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Figuur overzicht van de aangetroffen hogere planten (incl waterplanten)
De waterinlaat bij Heerjansdam is een hevel, en is visvriendelijk ingericht. De in-en uitlaat bij de Koedood is niet visvriendelijk.
57
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Van de 16 in de Blauwe Verbinding aangetroffen vissoorten komen in de Zuidpolder het merendeel voor, met vooral opvallende populaties van het Vetje, die in kleine polderslootjes voorkomt. Verder zijn ruisvoorn, kleine modderkruiper, tiendoornige stekelbaars en blankvoorn goed vertegenwoordigd. Opvallend afwezige is de Aal. Dit wordt geweten aan gebrekkige migratie met de buitenwateren van de Oude Maas.
58
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
59
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Bijlage 3: Klimaatbufferschets 2013
60
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Bijlage 4: Motie Ouderenwonen
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
61
Bijlage 5: Participanten Mogelijke maatschappelijke participanten voor invulling bebouwing •
• • • •
Horses & Co Heerjansdam (zorgboerderij, https://www.horses-enco.nl/) zoekt locatie voor gezinshuis (gecombineerde bestemming van maatschappelijk met wonen) om invulling te geven aan groene beschutte dagbesteding, leertraject uitvallers onderwijs, logeren/ verblijf max. 24 jongen, begeleiden, coachen en behandelen; Distinto logeerhuizen en groepsaccommodaties: zelfde als Horses & Co. Doelgroep verschillend van Horses &Co Legers des heils (heeft inmiddels intentie uitgesproken om zich te vestigen in het gebied) Seniorenhuisvesting (Barendrechtse initiatiefnemers, zie motie 28 januari 2020 bijlage 4) Zorgwonen (div. partijen)
Daarnaast zijn er gesprekken gevoerd met diverse andere (maatschappelijke) partijen. Deze hebben te kennen gegeven zeer geïnteresseerd te zijn maar vinden het nog te vroeg om aan te haken. Dit vanwege het nog niet concreet genoeg zijn van de planning.
Overige partijen • •
Meesterbakker Piet Bienefelt Particulier (woninghuis)
Afgevallen • • •
Dhr. Hoogenraad (visvijver, afgesloten terrein) Sumowala (verblijfsrecreatieconcept) Herenboeren (samen duurzaam voedsel produceren, min. 20 ha)
Mogelijke partners (nog niet gesproken) • • • •
Ark Natuurontwikkeling (klimaatbuffer); De Kleine Duiker (werkbedrijf, onderhoud); SBB/ voorheen recreatieschap IJsselmonde (koppeling met beheer overig gebied); Zorgcentrum de Nes Ridderkerk (doelgroep volwassenen).
Bijlage 6: Schetsontwerp A3
Bijlage 2 Beeldkwaliteitsplan, RoosRos Architecten, 3 november 2023
-*/%&-00' 56*/&/-"/%4$)"14"3$)*5&$5&/#7
BEELDKWALITEITSPLAN NATUURINCLUSIEVE ERVEN ZUIDPOLDER FASE 2 BARENDRECHT 3 NOVEMBER 2023
2
ZUIDPOLDER BARENDRECHT
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
ZUIDPOLDER FASE 2 BARENDRECHT Project:
Zuidpolder fase 2, te Barendrecht
Onderdeel: Beeldkwaliteitsplan Projectnummer:
4639
Datum:
3 november 2023
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2 te Barendrecht Definitieve versie v1.3 26-8-2021
Auteur: RoosRos Architecten Bezoekadres: L.J. Costerstraat 2 3261 LH Oud-Beijerland Postadres: Postbus 1631 3260 BC Oud-Beijerland
[t] 0186 691580
[w] www.roosros.nl Samenstelling:
ir. H.C. (Henk) de Gelder Architect Partner
ir. J.M. (Jeroen) Beerens Architect
Opdrachtgever: GKB Groep Middelweg 1 2992 SP Barendrecht
Contactpersonen: Arjan Kraaijeveld & Dirk Baron GKB Groep
Met bijdragen van:
A. (Arjan) Kraaijeveld Directeur GKB
ing. D. (Dirk) Baron Projectleider GKB
ing. J (Jos) van de Lindeloof Landschapsarchitect BNT - Lindeloof Tuin- en Landschapsarchitecten B.V.
ing. W. (Wouter) Vroom Landschapsontwerper - Lindeloof Tuin- en Landschapsarchitecten B.V. J. (Joost) de Vos JP Projectontwikkeling
P. (Peter) van den Herik JP Projectontwikkeling
3
4
ZUIDPOLDER BARENDRECHT
INHOUD 1 2 3
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
VOORAFGAAND INLEIDING LOCATIE historische ontwikkeling huidige situatie
4
STEDENBOUWKUNDIG PLAN uitgangspunten landschapssstructuur landschap thema’s karakteristieke doorsneden
5
UITGANGSPUNTEN DEELGEBIEDEN deelgebied a - noorden deelgebied b - open middenstuk deelgebied c - zuidrand
6
UITGANGSPUNTEN ERFINRICHTING erfopzet standaardprofielen afscheiding overgangen erf met omgeving beplanting verharding tuin ontsluiting & parkeren
7
UITGANGSPUNTEN BEBOUWING bouwvolumes architectuur & materialisatie bouwwerken duurzaamheidsambities
5
12
Barendrechts Buitenboek
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Figuur 7: Landschapsstructuurkaart
kwaliteitsdocument buitengebied
De vier belangrijkste punten van het ontwerp zijn:
1:
Eerste herziening 1 maart 2016
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2 te Barendrecht Definitieve versie v1.3 26-8-2021
Richting van de polder als structuurdrager van ontwikkelingen
Het plangebied is onderdeel van de historische Zuidpolder welke een karakteristieke verkaveling heeft die noord-zuid is georiënteerd (zie figuur 7 Landschapsstructuurkaart). Deze verkavelingsstructuur en de openheid in het centrale deel van gebied wordt de structuurdrager van fase 2. De slotenstructuur is overgenomen en verschillende elementen van water en bos zijn ingepast binnen deze kavelstructuur. Vanaf de randen (Kilweg en Achterzeedijk) van het gebied komen diverse zichtlijnen/doorzichten naar dezeZuidpolder open ruimte. fase 2Enkele verkavelingslijnen worden versterkt: De oude 13 Gebiedsvisie Haven met een wandelpad en het centrale fietspad met een bomenlaan. De verkavelingsstructuur van de polder past zo bij de ambities van het Barendrechts Buitenboek.
2:
3: Ontwikkeling recreatief netwerk Gevarieerde natuurlijke landschappelijke inrichting
Het hele gebied wordt recreatief ontsloten met wandelpaden, struinroutes, fietspaden en een Het plangebied wordt natuurlijk en gevarieerd ingericht door langs de zuid- en noordrand van gebied kanoroute. Deze worden zo goed mogelijk aangesloten op de bestaande routestructuur naar de natuurlijk grasland, water met plasdras oevers, weides en afwisselende natuurbossen met bebouwde kom van Barendrecht, aangrenzende stukken van de Zuidpolder en de Vredepolder/Oude mantelvegetaties en coulissen te ontwikkelen. Er ontstaat zo een afwisselend landschap met veel Maas. Ook gaan er wandelroutes door de nieuwe erven zodat er een open en zeer goed toegankelijk ecologische variatie. De natuurwaarden in het gebied worden vergroot en het gebied wordt gebied ontstaat. Bewoners van Barendrecht en bezoekers kunnen zo optimaal genieten van dit deel aantrekkelijk voor bezoekers door de aanwezige variatie. van de Zuidpolder.
4:
Ontwikkeling nieuwe erven langs Achterzeedijk
Langs de Achterzeedijk worden enkele compacte erven ingepast binnen de verkavelingsstructuur en de bestaande bebouwing. Het landelijke karakter van de Achterzeedijk wordt zoveel mogelijk behouden door de erven waar mogelijk achter bestaande bebouwing te plaatsen en door zichtlijnen naar de open polder te creëren. De erven worden binnen de groenstructuur ingepast en zo ontstaat er een groene en aantrekkelijke woonomgeving.
2.4. Deelgebieden Het landschap in het ontwerp is opgedeeld in drie deelgebieden. Dit betreft het Noorden (kleine en grote duiker met fietspad), het Open middenstuk en de Zuidrand (lint met bospercelen met de nieuw ingepaste erven).
25
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Figuur 8: Schetsontwerp landschap (een vergrote versie is opgenomen als bijlage)
Noorden Aan de noordkant is een open gebied met veel grasland en ruigtenatuur. Langs de noordelijke rand is de Grote Duiker verbreed tot een aantrekkelijke kanoroute met veel natuuroevers en een flexibel Basisprincipe
NEEM BEBOUWING OP IN HET BOSRAND Individualiteit Landelijke bebouwing bestaat uit losse gebouwen die
Basisprincipes/Bebouwing/Dijken
helder en eenduidig zijn vormgegeven. Elk gebouw is anders, elke woning is uniek. Dit is erg bepalend voor het kleinschalige karakter van het buitengebied. Er mag dan ook niet seriematig gebouwd worden.
Kavel In het beste geval heeft een landelijk huis een ruim kavel
Naoorlogse en nieuwe boerenerven
tot zijn beschikking waardoor het gebouw goed tot zijn recht komt. Dit betekent dat het gebouw vrij op de kavel ten en andere bebouwing. Het hoofdgebouw is meestal
Vlaamse schuurtype is er sprake van een representatieve
haaks op de weg georiënteerd en in de lengte van de kavel geplaatst. Een uitzondering op deze regel vormen
en formele ‘groene’ voorzijde en van grootschalige en
de dijkwoningen en dijkboerderijen, deze zijn langs op de dijk gepositioneerd en hebben vaak ook een veel kleinere
Uitgangspunten erfopzet
meer bedrijfsmatige ‘versteende’ achterzijde. De randen
kavel ter beschikking.
Hoofdvorm
Voor de bebouwing van de erven zijn een aantal uitgangspunten van toepassing. Voor de verkaveling van de erven zijn de volgende punten van toepassing:
zijn vaak aan de zijkanten voorzien van een forse dichte
Landelijke bebouwing heeft een eenvoudige en heldere hoofdvorm van één bouwlaag met een ruim
beplanting die zorgt voor een karakteristiek contrast met
bemeten kap. Traditioneel hebben huizen op IJsselmonde Zo is het goed! Voorbeeld voor landelijke gebouwen die met aandacht voor streekeigen karakteristieken zijn geplaatst.
Figuur 23: Bestaande bebouwing in Zuidpolder
staat met de schuren op het achtererf. Net als bij het
is gepositioneerd, op ruime afstand van watergangen, slo-
een zadeldak (eventueel met wolfseind) met een steile
• • • •
op en weidse agrarische productielandschap.
dakhelling van meer dan 45 graden. Door deze grote kap valt de bebouwing minder op en trekt zich terug in zijn de omgeving. De daken van de schuren hebben geen onderbrekingen.
90 Barendrechts Buitenboek
De goothoogte van het woongebouw en de schuren is
Architectuur van de bebouwing
maximaal 4 meter.
Het woonhuis bestaat vaak uit twee bouwlagen en
De gevelindeling van het woongebouw is eenvoudig en
flauwe kap en heeft daardoor meer het karakter van een
bestaat uit grote ramen (luiken ontbreken). Het ontbreken van detailleringen in kleur en metselwerk is kenmerkend voor de bebouwing op het moderne boerenerf. De schuren verschillen in materiaalgebruik en detaillering; deze is eenvoudiger dan die van het woon-
rijtjeshuis dan dat van een boerenwoning. Later zijn er ook (grotere) woonhuizen gebouwd van één bouwlaag
gebouw.
met een steile kap die daarmee beter aansluiten bij het
De laatste jaren vindt er door de behoefte aan grotere
agrarische karakter van het boerenerf. Bij de ontwikkeling
bedrijfsruimten op veel moderne boerenerven een flinke schaalvergroting plaats. De oudere houten schuren worden vervangen door grote loodsen die slecht passen bij het landelijke agrarische karakter van het moderne boerenerf.
29
daarom de voorkeur.
Erfbeplanting
soms baksteen voor de wanden en kunststof voor de daken. De dakhelling van deze schuren is meestal beperkt en niet meer 20° tot 25°. Het kleurgebruik varieert van geel, groen, bruin en zwart voor de damwandprofielen
Een mooi ingepaste traditionele schuur
74 Barendrechts Buitenboek
tot rood, oranje, groen en zwart voor de daken. Door de Een lage goothoogte zodat er een dak-gevelverhouding van 2:1 ontstaat heeft daarom de voorkeur. Door deze lage dakgoot krijgen de schuren ook “geaardheid” en horen meer bij het veld. Verder gaat het om robuuste, niets verhullende architectuur met een eenvoudig vorm. Een schuur kent geen dakkapellen, balkons of erkers, de abstracte pure vorm spreekt voor zich. In het streven naar eenvoud is het van belang architectuur te maken waarin de achterliggende gedachte, het concept van de gebiedseigen boerenschuur, zichtbaar is. Deze werkwijze
De schuren hebben vaak een groter volume dan de woning en bestaan uit een bouwlaag met één kap. Op elk modern boerenerf bevindt zich tenminste één schuur die De bouwmassa’s van het woongebouw en de schuren bestaan uit één bouwlaag en een kap. De bebouwing heeft een zadeldak met een (bij voorkeur) steile dakhelling van circa 45° die aansluit bij de karakteristieken van
Traditionele boerderijen Barendrechts Buitenboek 73
historiserend te zijn. Bewezen kwaliteiten en oplossingen uit het verleden kunnen worden ingezet in nieuwe ontwerpen die
Uitgangspunten bij erfbeplanting zijn: • De erven krijgen een groen en natuurlijk karakter (erfbeplanting met hagen, struiken en fruitbomen). Ze worden ingepast met veel groen op het erf en water waardoor ze minder aanwezig zijn in het open landschap. • Beplanting wordt op het te ontwikkelen erf zelf geplant. De uitzondering hierop is als de erfontsluiting niet over het bestaande erf loopt en er geen doorzichten worden doorkruist. • Tussen de erfgrens en nieuwe gebouwen zit minimaal 4 meter ten behoeve van erfbeplanting • Gebruik inheemse soorten • Zorg voor afwisseling in soorten of cultivars • Kies voor toekomstgerichte en duurzame soortenkeuze
Figuur 23: schematische weergave uitgangspunten erfopzet
groter is dan het woongebouw.
leidt tot architectuur die verwijst naar de context zonder
Compositie van de erven
klaar zijn voor de toekomst. Het ontwerp kan op een moderne manier “spelen” met historische karakteristieken
Het meest voorkomende boerderijtype op IJsselmonde
van boerenschuren door deze abstracter te maken, bijvoorbeeld door ze op een nieuwe manier toe te passen of uit te vergroten.
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
van nieuwe woongebouwen heeft deze laatste variant
Het materiaalgebruik bestaat uit damwandprofielen en
Goed ingepaste nieuwe eigentijdse schuren bij bestaande bebouwing
Het erf volgt de richting van het landschap Gebouwen staan aan het erf Woningen aan de Achterzeedijk verbijzonderen door gebiedseigen stijl of kaprichting Geen voortuinen en stoepen
Basisprincipes/Bebouwing/Polder
is het Vlaamse schuurtype. Deze zijn karakteristiek voor de uitstraling van de dijklinten en het silhouet van het
waardoor deze zich kan invoegen in een landschappelijke
52 Barendrechtsstructuur. BuitenboekBouwen in een uitgekleed open landschap leidt tot verrommeling, bebouwing opgenomen in een
landschap. De boerderijen van het Vlaamse schuurtype
Bebouwing in de open polder (hier zelfs op een voetstuk geplaatst) is heel aanwezig.
kunnen op twee verschillende manieren in het landschap
bosrand kan zelfs wat toevoegen aan de ruimtelijke
worden geplaatst; op een boerenerf aan de dijk of op
kwaliteit. En als de bebouwing in de lengterichting van de bosrand ligt dan kan het dak de bosrand nog eens extra
een boerenerf achter de dijk. Beide boerenerven hebben
benadrukken.
elk een eigen opzet en compositie die karakteristiek zijn
Wat af en toe wel in de polder voorkomt zijn boerenschuren. Soms lagen de boerderijen te ver van de
voor IJsselmonde. Naast verschillen tussen beiden zijn er
velden zodat het handig kon zijn om landbouwwerktuigen dichterbij te kunnen opbergen. Deze schuurtjes hebben
ook overeenkomsten. Kenmerkend bij beide erven is het
een bescheiden en eenvoudig uiterlijk dat zich subtiel invoegt in de landschappelijke context. In principe dus liever geen bebouwing in de polder maar als het
onderscheid tussen het ‘voor’ en ‘achter’. ‘Voor’ is de zijde
Beplanting heeft een camouflerende effect
recreatieve gebruik het toevoegen van bebouwing
waar zich de woning bevindt en was netjes en geordend.
noodzakelijk maakt, dan willen wij teruggrijpen op de streekeigen typologie van de boerenschuur.
Hier bevonden zich de bleek, de waterput en de siertuin.
Maar wat maakt een boerenschuur tot een
‘Achter’ is de zijde waar zich de schuur bevindt en was
boerenschuur? Schuren hebben een informeel karakter,
Basisprincipe en een typologie die zich leent voor meerdere functies.
grootschaliger. De maat der dingen werd hier bepaald
Neem bebouwing op in de bosrand
Dat is altijd zo geweest: wonen, werken, stallen
enzovoorts — alles onder één kap. Het beeld van een
door het boerenbedrijf (o.a. het vee en de wagens). De
boerenschuur wordt dus ook bepaald door het dak.
Bebouwing in de polder
siertuin had meestal een eenvoudige opzet en bevond
In een open polderlandschap gebouwen 51 van Barendrechtszijn Buitenboek verre zichtbaar. Bebouwing wordt daarom in een open
zich altijd voor de voorgevel van de woning. De moestuin
landschap ook vaak als storend element ervaren. Maar de soms schreeuwende zichtbaarheid van bebouwing is niet
en een kleine boomgaard lagen, afhankelijk van de situ-
de enige reden waarom er liever niet in het open veld zou moeten worden gebouwd. De natte polderbodem
atie, meestal voor, opzij of achter de boerderij.
is geen geschikte plek om te bouwen. Traditioneel zoekt men voor bebouwing juist de droge plekken langs de
Boerenerven achter de dijk
dijken op. Bouwen in het open veld ligt dus niet in de logica van het polderlandschap zelf.
Deze boerenerven hebben een ruime entree die in
Maar de karakteristieke openheid van het poldergebied in Barendrecht verandert met de aanleg van het natuur-
verbinding staat met de inrijdeuren van de boerenschuur.
en recreatiegebied Zuidpolder in een landschap waarin de langgerekte polderkavels deels worden ingevuld
Moderne eigentijdse variant van het Vlaamse Schuurtype
met opgaande beplanting zoals bomen. In het Zuidelijk Randpark is deze ontwikkeling al gebeurd: het landschap is niet langer meer in een keer te overzien, elkaar afwisselende open en gesloten velden laten verrassende ruimtelijke momenten ontstaan. In een landschap waar bossen aanwezig zijn is bebouwing beter in te passen, omdat de bomen zelf al een opgaande ruimtelijke structuur vormen. Het bos vormt een driedimensionaal kader voor de bebouwing
50 Barendrechts Buitenboek
6
68 Barendrechts Buitenboek
Vaak wordt het erf aan meerdere zijden omringd door
Figuur 29: Uitgangspunten erfbeplanting en referenties
VOORAFGAAND
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
Dit beeldkwaliteitsplan is opgesteld om richting te geven aan de kwaliteit van architectuur, openbaar toegankelijke ruimte en natuur in de Zuidpolder van Barendrecht. Het document dient ter inspiratie en geeft uitgangspunten aan ontwerpers. Daarnaast vormt het beeldkwaliteitsplan een toetsingskader voor de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Bij de toets op dit beeldkwaliteitsplan is de tekst leidend en het beeld aanvullend. Voor de ontwikkeling van de Zuidpolder fase 2 wordt een nieuw bestemmingsplan opgesteld. Het bestemmingsplan vormt een juridisch bindend kader voor de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van het gebied. Dit beeldkwaliteitsplan omvat zowel fase 2 als fase 2.1. Zuidpolder fase 2 is een participatieve gebiedsontwikkeling in de gemeente Barendrecht die in de afgelopen jaren in samenwerking met een aantal grondeigenaren tot stand is gekomen door GKB. Aanleiding daarvoor vormde een door de gemeente georganiseerde dialoogtafel in mei 2018 over de afronding van de totale Zuidpolder (182 ha). De gebiedsvisie voor fase 2 is op 21 september 2021 unaniem vastgesteld door de gemeenteraad. Recreatie, water en natuur vormen daarbij de belangrijkste bestanddelen. Om het geheel te kunnen bekostigen is gedacht aan maatschappelijke functies, zoals zorg en wonen.
De gebiedsvisie omvat de beleidskaders uit Barendrechtse Buitenboek, de structuurvisie Barendrecht (2012) en het Landschapspark Eiland IJsselmonde en sluit aan op de provinciale Omgevingsvisie 2020 en het convenant Klimaatadaptief Bouwen. Leeswijzer Het beeldkwaliteitsplan geeft eerst een inleiding op het gehele plangebied, de historie en de huidige situatie. Vervolgens worden de stedenbouwkundige en landschappelijke karakteristieken en plannen benoemd. In het beeldkwaliteitsplan wordt de landschappelijke en architectonische kwaliteit uitgewerkt aan de hand van principedoorsneden, uitgangspunten en referentiebeelden. Om de kwaliteit te waarborgen van de overgangen tussen deze deelgebieden met eigen karakteristieken zijn verschillende principedoorsneden uitgewerkt. Achtereenvolgend worden de uitgangspunten voor het landschap rondom de erven, de inrichting van de erven en de bebouwing geformuleerd. De architectonische en landschappelijke uitgangspunten worden uiteengezet in woord en beeld.
7
N��������� IJ���������
Legenda Buitendijkse natuur Natura 2000 Getijdenatuur maken Binnenwateren Biodiversiteit versterken Primaire kering Overige dijken Uitzichtpunten Belangrijke waterverbindingen Verbindingen over water
8
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
INLEIDING Zuidpolder fase 2 is het laatste gedeelte van het project Zuidpolder. In de afgelopen 20 jaar is de Zuidpolder heringericht. Er heeft een omvorming plaats gevonden van land- en tuinbouw naar natuur en recreatie. Voor het laatste gedeelte, Zuidpolder fase 2, is echter geen budget meer beschikbaar voor herinrichting. De laatste agrarische bedrijven zijn in afwachting van mogelijke toekomstige ontwikkelingen. Zij hebben last van wildvraat en zijn beperkt in hun bedrijfsvoering vanwege afnemende perceelgroottes door gedwongen verkoop aan gemeente van perceelkoppen. GKB en JP Projectontwikkeling heeft een schets voor de Zuidpolder voorgelegd aan de huidige particuliere eigenaren. Er is draagvlak voor het verwerven van de resterende gronden. Alle eigenaren hebben te kennen gegeven dat zij positief staan tegenover het ontwerp en mogelijke verkoop/deelname. Zij hebben aangegeven dat zij hun bedrijfsvoering in het gebied (op termijn) willen beëindigen. Het project is zo een initiatief vanuit de samenleving geworden. Het beleidskader vanuit de provincie Zuid-Holland is verwoord in de Omgevingsvisie en de provinciale verordening. In deze visie is het gebied aangewezen als Groene buffer en Grootschalige recreatieve ontwikkelingen. De herinrichting van fase 2 en 2.1 wordt integraal opgepakt.
Figuur 4: Eigendomssituatie per 11 maart 2021 (geanonimiseerd)
1.3. Bestaand beleidskader Provincie Zuid-Holland Het beleidskader vanuit de provincie Zuid-Holland is verwoordt in de Omgevingsvisie van de provincie. Deze is in werking getreden op 1 augustus 2020. In deze visie is het gebied aangewezen 1 als Groene buffer en Grootschalige recreatieve ontwikkelingen (zie onderstaand figuur 5).
Gebiedsvisie Zuidpolder fase 2
Figuur 2: fasering Zuidpolder
1.2. Dialoogtafel 2018
het kader van het Droomfondsproject Haringvliet. Eén van de daar bestaande plannen bevat een gebiedsontwikkeling met beperkte bouw van natuurwoningen en inrichting als natuur en recreatie.
Op 29 mei 2018 heeft de gemeente Barendrecht een bijeenkomst over de Zuidpolder gehouden met bewoners en betrokkenen van de Zuidpolder (de dialoogtafel). Dit gebeurde naar aanleiding van verzoek van gemeenteraad om te kijken of het niet mogelijk is om de gronden minnelijk te verwerven. Hierbij werd geschetst wat de stand van zaken was (patstelling tussen eigenaren en gemeente i.v.m. het ontbreken van financiële middelen voor aankoop gronden en gewenste natuuren recreatieontwikkeling). Hierbij werden betrokkenen opgeroepen om te kijken of er ideeën zijn voor de herinrichting/ontwikkeling van het gebied.
GKB heeft een schets voor de Zuidpolder voorgelegd aan de huidige particuliere eigenaren. Er is draagvlak voor het verwerven van de resterende gronden. Alle eigenaren (op één na ) hebben te kennen gegeven dat zij positief staan tegenover het ontwerp en mogelijke verkoop/deelname. Zij hebben aangegeven dat zij hun bedrijfsvoering in het gebied willen beëindigen. Het project is zo een initiatief van onderaf geworden (gebied/samenleving).
Naar aanleiding van de dialoogtafel heeft GKB gekeken naar mogelijkheden qua herinrichting van het gebied (creëren van gezamenlijke meerwaarde). Uitgangspunt hierbij was dat er voldoende kostendragers zijn voor uitkoop van bestaande eigenaren en integrale herinrichting van het gebied 2 (natuur en recreatie). Als inspiratie diende dergelijke gebiedsontwikkeling langs het Haringvliet, in 9
Achterzeedijk 48 10
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
HISTORISCHE ONTWIKKELING In dit hoofdstuk worden de cultuurhistorische waarden van de Zuidpolder en omgeving beschreven. Het betreft een waardering van de nog aanwezige landschappelijke structuren, historische bebouwing en civiele werken. De dijken, waaronder de Achterzeedijk, vertellen het verhaal van de landaanwinning op de rivier, de aanleg van de polders en de ruimtelijke ontwikkeling van 1483 tot nu. Onderstaande tekst is een samensmelting van cultuurhistorisch onderzoek uit: Rijk aan dijken, Dijkenvisie Barendrecht (september 2016). In 1649 werd de Zuidpolder ten zuiden van de Middeldijk drooggelegd. De zeekleipolder wordt begrensd door inpolderingsdijken langs de Oude Maas. Dijken, polderwegen en de Oude Haven zijn de belangrijkste historische structuren in de polders. Alle bewoning en economische activiteit concentreerde zich op en langs de dijken. De Velofabriek aan de Achterzeedijk staat symbool voor deze opkomende handel en industrie. De bewoning was voornamelijk geconcentreerd aan de binnenzijde van de dijk. Door de polders heen lagen polderwegen zoals de Carnisseweg en de Barendrechtseweg. De Oude Haven is met de aanleg van nieuwe dijken steeds mee gegaan. Op een kaart uit 1572 ligt buiten de Middeldijk de haven van de Vliet. Na de bedijking van de Zuidpolder komt die haven aan het eind van de Oude Haven aan de Oude Maas te liggen.
1890
1980
1920
2000
1960
2021
De Achterzeedijk ontstond na de inpoldering van de Zuidpolder rond 1649. De dijk heeft zijn naam te danken aan het feit dat het de achterste dijk ten opzichte van de Middeldijk en de Voordijk is waar eb en vloed van de zee merkbaar zijn. Na de Watersnoodramp van 1953 is het dijklichaam verzwaard en verhoogd. Karakteristiek aan de Zuidpolder is het polderlandschap met langgerekte kavelstructuur. In het verlengde van de Zuidpoldersche boezem lopen kreken zoals de Groote- en Kleine Duiker, dienende als structuurdrager van oost naar west. Rond de 18e eeuw werd er een boerderij aan de Achterzeedijk gebouwd, deze boerderij op nummer 48 is nog steeds intact en is een Rijksmonument. In het verlengde van de Vliet (de Oude Haven) werd in 1871 een stoomgemaal gebouwd voor de bemaling van de Zuidpolder en de polder Buitenland. Dit gemaal werd in 1929 vervangen door het elektrisch gemaal De Bastemeijerij aan de Achterzeedijk. De functie van dit gemaal werd op zijn beurt weer overgenomen door het gemaal Breeman aan de Koedood uit 1957 dat als gevolg van de watersnoodramp en de samenvoeging van polderbesturen werd gebouwd. Alle Barendrechtse polders worden nog steeds door dit gemaal bemalen. Het gemaal De Bastemeijerij is een gemeentelijk monument sinds 5 september 2023. Deze sluizen en gemalen zijn onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis van Barendrechtse dijken en polders.
Daarnaast zijn de beide gemalen ook van architectuurhistorische betekenis. Bij de Achterzeedijk werd ten behoeve van de stoomtram (1898) een deels betonnen brug over de dijksloot gebouwd van baksteen en beton. Het tracé van de stroomtram, dat tot 1956 dienst heeft gedaan, werd omgevormd tot een regionaal fietspad. In dat verband is ook de betonnen kilometerpaal in het talud van de Achterzeedijk van cultuurhistorische waarde. Dit deel van de Achterzeedijk maakte deel uit van de provinciale weg van Rotterdam via de Barendrechtsebrug naar de Hoeksche Waard. Vanaf 1969 verandert de Zuidpolder van vorm. De komst van de snelweg A29 en de Kilweg deelt de polder op in kleinere eenheden. Ten westen van de snelweg komt met Carnisselande een nieuwe woonwijk gedeeltelijk in de polder te liggen. Aan de oostzijde van de snelweg komen de wijken Vrouwenpolder, Lagewei en Ter Leede in de polder te liggen. Hierdoor wordt de Zuidpolder kleiner. Met de komst van de nieuwe natuur- en recreatiegebieden vanaf 2012 ten oosten van de 3e Barendrechtseweg verandert het agrarische landschap definitief van kleur.
11
KILW
2
EG
A
B C
D
E
F
G
1
ACH T
ERZ
EED
1a
IJK
H
I
J
K L
M
1b 2 3
4
5
BARENDRECHTSEWEG
A29
3
6
Achterzeedijk 48 4
LEGENDA projectgrens erfgrens
5
Plankaart Schaal 1:5.000
100
200
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
HUIDIGE SITUATIE Karakteristiek aan het gebied is het polderlandschap met dijken en langgerekte kavelstructuur, die bij de inpoldering zijn gemaakt in de vruchtbare zeeklei. In het verlengde van de Zuidpoldersche boezem lopen kreken zoals de Groote- en Kleine duiker dienende als structuurdrager van oost naar west. De Achterzeedijk en de Koedood worden aan de kant van de Oude Maas omsloten door hooggelegen buitendijks gebied met zwaar bosplantsoen. Het zicht op de rivier wordt hierdoor ontnomen. Het plangebied wordt begrenst door de snelweg A29 (westzijde), de Kilweg (noordzijde), de Barendrechtseweg (oostzijde) en de Achterzeedijk (zuidzijde).
1
2
In verband met de waterkerende functie heeft het dijklichaam van de Achterzeedijk een forse hoogte met brede groene dijkhellingen. De boomloze Achterzeedijk is de waterkering in de oorspronkelijke zin. De uitstraling wordt vooral bepaald door functionaliteit en veiligheid. De rijbaan bevindt zich halverwege of onderaan het dijktalud. Het landelijke groene karakter wordt aan de noordzijde bepaald door het polderlandschap en aan de zuidzijde door het recreatielandschap van de Oude Maas. Tussen de Zuider Carnisseweg en de Oude Haven loopt de weg aan de voet van de dijk, daarna verder op de kroon. De Achterzeedijk is alleen incidenteel bebouwd, waarbij rond het Velo bedrijventerrein sprake is van een kleine buurtschap. Verder bevindt zich bebouwing in de buurt van de Barendrechtseweg en langs de achterkade in de richting van de Noldijk. Aan de noordzijde van de dijk is de bebouwing beneden aan de dijk gesitueerd. De landelijke villa’s en boerenerven worden via duikers over de dijksloot heen ontsloten. Tussen de bebouwing zijn grote open stukken met vrij uitzicht over de Zuidpolder. Met uitzondering van het Veloterrein is er aan de zuidzijde nauwelijks bebouwing. Hier is sprake van typische dijkwoningen die boven aan de dijk staan. Het Velo-terrein met de monumentale schoorsteen vormt een belangrijke oriëntatiepunt langs de dijk.
ZICHT VANAF WESTZIJDE NAAR ZUIDPOLDER
3
Open Noorden Groote Duiker en de akkers zijn goed zichtbaar vanaf de Kilweg en het parallelle fietspad. Hier reiken de gemengde akkerbouw- en volle grond-tuinbouwpercelen tot aan de brede watergang. In het oostelijke deel van het plangebied is vanaf de Kilweg de oude haven goed zichtbaar. Deze historische haven, samen met kade en jaagpad, deed lange tijd dienst als goederentransportroute en kerkepad tussen de Oude Maas en het historische centrum van het dijkdorp Barendrecht. De Groote Duiker is onderdeel van de zogenaamde Blauwe verbinding, waarmee schoon water vanuit de Waal wordt doorgevoerd in de richting van de Koedood en het Zuiderpark. Deze route wordt recreatief gebruikt met kano’s en bevat goed ontwikkelde water- en oevervegetaties met helder water. Aan de oostzijde grenst het gebied aan het Barendbos, aan de westzijde aan het circa 10 jaar geleden ingerichte recreatiegebied met het parkeerterrein. Het Middenstuk In het middenstuk ligt tenminste één (en wellicht nog meerdere) oude kreekrug, die boven het omliggende maaiveld uitsteekt. Het huidige grondgebruik is agrarisch en varieert van jaar tot jaar. Het gebied is verder niet toegankelijk en vooral beleefbaar vanaf de Trambaan, die in het verleden een belangrijke verbindingsweg tussen de Hoeksche waard en Rotterdam vormde en aansloot op de verkeersbrug over de Oude Maas.
De smalle watergangen zijn diep gelegen met een waterpeil van ca. 0,8 m onder maaiveld.
BOSSAGE NOORDZIJDE
4
OUDE HAVEN VANAF KILPAD
5
ACHTERZEEDIJK 48 - MONUMENTALE BOERDERIJ
6
De Zuidrand De zuidrand is een aantrekkelijke woonomgeving voor de bestaande erven, die ontsloten worden door de weg op en ten dele langs de Achterzeedijk. De bebouwing is ten dele gekoppeld aan het agrarische grondgebruik met schuren en kassen, ten dele aan de waterhuishouding en bestaan uit een los van elkaar staande ruime huiskavels en landschappelijke erven. Aan de oostelijke zijde ligt de met groen omgeven begraafplaats op een opgehoogde bodem.
ZICHT VANAF ACHTERZEEDIJK
OUDE TRAMBAAN - FIETSPAD NOORD-ZUID 13
grasland
nieuw bos en voedselbos
elzenwal
bomenlaan
bomen solitair
knotwilgen
14
grasland
erf beplanting
nieuw bos en voedselbos
water
elzenwal
natuurvriendelijke oever
bomenlaan
erf
bomen solitair
locatie wolfsmelkmigratie
knotwilgen
aangepast kruidenmengsel (kreekrug)
erf beplanting
water
Landschapsplan stedenbouwkundig plan
Landschappelijke inrichting Zuidpolder te Barendrecht 2358 Schetsontwerp schaal 1: 1000, 19 oktober 2023
GEBIEDSVISIE UITGANGSPUNTEN
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
De gebiedsvisie Zuidpolder wil maatschappelijke doelen realiseren door het combineren van functies. Natuur toevoegen, recreatiegebied uitbreiden, maatschappelijke organisaties huisvesten en een bijzonder woonmilieu toevoegen. Het gebied wordt grotendeels natuur- en recreatiegebied. Bebouwing wordt ingepast in het landschap en is de kostendrager voor de ontwikkeling van het landschap. De nieuwe inrichting sluit aan op de huidige verkavelingsstructuur. Er komen recreatieve, doorgaande verbindingen met de omgeving met een klimaatadaptieve inrichting en er is ruimte voor toekomstbestendige vormen van wonen. Denk hierbij aan verzorgd wonen, zorg, wonen op een gemeenschappelijk erf, altijd in combinatie met de natuur. In de visie is dit in 4 uitgangspunten benoemd: 1. Richting van de polder als structuurdrager van ontwikkelingen 2. Gevarieerde natuurlijke landschappelijke inrichting 3. Ontwikkeling van een recreatief netwerk 4. Ontwikkeling van nieuwe erven langs de Achterzeedijk. Deze uitgangspunten zijn verder uitgewerkt in specifieke uitgangspunten voor de inrichting die de basis zijn voor dit beeldkwaliteitsplan.
HUIDIG POLDERSTRUCTUUR HUIDIGE POLDERSTRUCTUUR
LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV
15
LANDSCHAPSPLAN LANDSCHAPSSTRUCTUURKAART 1 Richting van de polder als structuurdrager van ontwikkelingen Het plangebied is onderdeel van de historische Zuidpolder welke een karakteristieke verkaveling heeft die noord-zuid is georiënteerd. Deze verkavelingsstructuur en de openheid in het centrale deel van gebied wordt de structuurdrager van fase 2. De slotenstructuur is overgenomen en verschillende elementen van water en bos zijn ingepast binnen deze kavelstructuur. Vanaf de randen (Kilweg en Achterzeedijk) van het gebied komen diverse zichtlijnen/doorzichten naar deze open ruimte. Enkele (cultuur) historische lijnen worden versterkt: De oude Haven krijgt een jaagpad (struinpad) en een kanoroute; de historische tramtracé wordt fiets- en wandelroute met bomenlaan; de historische kreekrug wordt eveneens voorzien van een fietsroute.
STRUINPAD FIETSPAD VERHARD VOETPAD WATER AUTO NATUURVRIENDELIJKE OEVER KANO
De verkavelingsstructuur van de polder past bij de ambities van het Barendrechts Buitenboek. 2 Water en natuurvriendelijke oevers Het watersysteem van de poldersloten heeft een variabel waterpeil en natuurvriendelijke plasdrasoevers. Met de vrijkomende grond uit de te (ver)graven watergangen worden de nieuwe bospercelen opgehoogd. Er ontstaat zo een afwisselend landschap met veel ecologische variatie. De natuurwaarden in het gebied worden vergroot en het gebied wordt aantrekkelijk voor bezoekers door de aanwezige variatie. Klimaatbuffer IJsselmonde Het water ontwikkelt zich tot een klimaatbuffer met uitbundige open water- en moerasvegetaties met een grote biodiversiteit aan zoetwatervissen, ongewervelde dieren, amfibieën, libellen, moeras- en watervogels en kleine zoogdieren (o.a. otter). De wateren hebben een variabel peil en de waterkwaliteit neemt steeds verder toe, ondanks de gestage temperatuurstijging en toename van het aantal warme dagen. 3 Open gebied, bos en houtwallen Het plangebied wordt natuurlijk en gevarieerd ingericht met langs de zuid- en noordrand van het gebied natuurlijk grasland, bospercelen met mantel- en zoomvegetatie. Een groot deel van het gebied wordt open veld met natuurlijk grasland dat een open karakter behoudt.
WATER EN NATUURVRIENDELIJKE OEVERS
ONTSLUITING
LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV
LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV
FIETS / WANDELAAR AUTO
Open gebied In het open gebied ontwikkelt zich een natuurlijke vegetatie met veel variatie. Van oost naar west meandert een oude kreekrug door het open veld. Deze ligt circa 40 cm hoger en de ondergrond bestaat uit zand. De vegetatie zal door het microreliëf gaan afwijken, zodat deze beter zichtbaar in het landschap wordt. Bij realisatie inzaaien met een afwijkend kruidenmengsel kan deze variatie stimuleren.
LOCATIE WOLFSMELKMIGRATIE AANGEPAST KRUIDENMENGSEL (KREEKRUG)
‘SPECIAAL’ ‘PLANK OVER DE SLOOT ‘ KANOSTEIGER
Eén perceel aan de noordzijde van het plangebied wordt ingericht voor de mitigatie van Klein wolfsmelk, een kruidachtige plant die in de huidige situatie aanwezig is. Bos Aan de noord- en zuidzijde van het te ontwikkelen gebied worden kleine natuurlijke bossen aangeplant. Door deze bossen ontstaat er een groenbuffer tussen de erven/de Kilweg en het open veld. De bossen zo natuurlijk mogelijk aangelegd met gevarieerde inheemse soorten die passen bij het gebied. Langs de randen van de bossen zijn brede stroken met mantel- en zoomvegetaties waardoor de bossen geleidelijk opgebouwd worden en er geen harde, hoge randen ontstaan. Door bloeiende ruigtes en struiken trekken de bosranden insecten en vogels aan, wat de natuurwaarden en beleving verhoogt. De genetische herkomst van de aangebrachte boom- en struiksoorten zorgt voor veerkracht qua klimaatverandering en biodiversiteit.
16
KUNSTWERKEN
KRUIDEN
LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV
LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
LANDSCHAPSPLANLANDSCHAP THEMA’S Ten westen van erf 2 en tussen erf 3 en 4 wordt bos aangeplant met een afwijkend assortiment. Hier worden soorten geplant die noten en vruchten produceren en daardoor geliefd zijn bij vogels, wild en insecten. Houtwallen Langs verschillende sloten worden houtwallen gerealiseerd, bestaande uit elzen. Zij benadrukken de lineaire verkaveling en vormen, samen met de erfbeplantingen, een zachte overgang tussen erf en polder. Een gedeelte van de houtwallen wordt aangeplant en er is ook ruimte voor spontane ontwikkeling van beplanting.
BOS BOS
LAAN LAAN ELZENWAL ELZENWAL SOLITAIRE BOOM (KNOTWILG) SOLITAIRE BOOM (KNOTWILG)
4 Ontwikkeling recreatief netwerk Het hele gebied wordt recreatief ontsloten met wandelpaden, struinroutes, fietspaden en een kanoroute. Deze worden aangesloten op de bestaande structuren (de bebouwde kom van Barendrecht, aangrenzende delen van de Zuidpolder en de Vredepolder/Oude Maas). Ook lopen er wandelroutes over de nieuwe erven zodat er een goed toegankelijk gebied ontstaat. Bewoners van Barendrecht en bezoekers kunnen hierdoor optimaal genieten van dit deel van de Zuidpolder. Het gebied wordt op verschillende manieren doorkruist met fiets-, wandel- en struinpaden die worden aangesloten op de bestaande structuren en parkeerplaatsen in de omgeving. Op een deel van het water kan worden gekanood. Ook lopen er wandelroutes over de nieuwe erven zodat er een goed toegankelijk gebied ontstaat. Zo ontstaat een netwerk van recreatieve routes die goed toegankelijk zijn voor omwonenden en bezoekers. De recreatieve routes maken het mogelijk om te sporten, te fietsen en te wandelen of met de kinderwagen of rollator op pad te gaan.
BOOMGAARD BOOMGAARD
BOOMBEPLANTING
BOOMBEPLANTING LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV
ZICHTLIJNEN ZICHTLIJNEN LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV
De aanleg van het nieuwe oost-west fietspad zorgt dat er een lang aaneengesloten fietspad ontstaat dat alle delen van Zuidpolder met elkaar verbindt. Langs de noordrand en de nieuwe erven worden de meeste wandelaars verwacht en zijn de paden halfverhard en goed toegankelijk. In het open veld worden de meeste paden als struinroute (maaipad) uitgevoerd. 5 Ontwikkeling nieuwe erven langs Achterzeedijk Langs de Achterzeedijk worden enkele compacte erven ingepast binnen de verkavelingsstructuur en de bestaande bebouwing. Het landelijke karakter wordt zoveel mogelijk behouden door de erven waar mogelijk achter bestaande bebouwing te plaatsen en door zichtlijnen naar de open polder te creëren. De erven worden binnen de groenstructuur ingepast en zo ontstaat er een groene en aantrekkelijke woonomgeving.
TOPLAAG KREEKRUG VERSCHRALEN GRONDAANVULLING (MOGELIJK)
GRONDAANVULLINGEN
ERVEN
LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV
LINDELOOF TUIN- EN LANDSCHAPSARCHITECTEN BV
17
grasland
nieuw bos en voedselbos
elzenwal
bomenlaan
bomen solitair
knotwilgen
18
grasland
erf beplanting
nieuw bos en voedselbos
water
elzenwal
natuurvriendelijke oever
bomenlaan
erf
bomen solitair
locatie wolfsmelkmigratie
knotwilgen
aangepast kruidenmengsel (kreekrug)
erf beplanting
water
Stedenbouwkundig plan Landschappelijke inrichting Zuidpolder te Barendrecht 2358 Schetsontwerp landschapsontwerp schaal 1: 1000, 19 oktober 2023
STEDENBOUWKUNDIG PLAN KARAKTERISTIEKE DOORSNEDEN
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
19
A
B
C LEGENDA Deelgebied A / noordrand Deelgebied B / middendeel Deelgebied C / zuidrand 20
Uitgangspunten deelgebieden
Landschappelijke inrichting Zuidpolder te Barendrecht 2358 Schetsontwerp schaal 1: 1000, 19 oktober 2023
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
UITGANGSPUNTEN DEELGEBIEDEN Het gebied is opgesplitst in drie deelgebieden: de Noordrand, het Middendeel en de Zuidrand. Allen met eigen karakteristiek en randvoorwaarden. Deze worden nader toegelicht op volgende pagina’s. DOORZICHTEN De doorzichten maken het uitgestrekte langwerpige karakter van het poldergebied visueel. Daardoor is het van belang deze doorzichten te waarborgen. RECREATIE-ASSEN Het gebied krijgt twee hoofdassen voor voetgangers en fietsers. De eerste as loopt noord-zuid over de voormalige tramlijn. Typerend voor deze laan is de bomenrij die zich aan weerszijden bevindt. De tweede as loopt west-oost over de kreekrug en loopt door het open middendeel. Verschillende paden sluiten aan op deze hoofdassen waardoor een fijnmazig routenetwerk ontstaat.
DOORZICHT AAN ZUIDZIJDE PLANGEBIED
DOORZICHT AAN ZUIDZIJDE PLANGEBIED
© Stroming
© Stroming
21
Uitgangspunten Deelgebied A // noordrand
Landschappelijke inrichting Zuidpolder te Barendrecht 2358 Schetsontwerp schaal 1: 1000, 19 oktober 2023
22
UITGANGSPUNTEN DEELGEBIEDEN NOORDRAND
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
Aan de noordkant is een gebied met veel bospercelen die een afscherming vormen naar de Kilweg en een duidelijke begrenzing van het open middendeel vormt. Door dit gebied loopt een wandelpad met verschillende doorzichten naar het open middendeel. In de Zuidpolder is veel oppervlaktewater aanwezig. Afgelopen jaren waren er ook perioden van droogte en water tekorten. De waterkwaliteit van de buffer is daarbij van belang, wat in droge perioden een uitdaging is. Door nieuwe inzichten van onder andere het Waterschap is gekozen om in de uitwerking van het ontwerp minder oppervlaktewater te realiseren. De strook tussen de nieuwe fietsroute en het Kilpad heeft daardoor een andere inrichting gekregen dan in het de gebiedsvisie is voorzien. De inrichting van de strook is gericht op een omvorming van de akkerlanden naar natuurakkers met een gevarieerde beplanting. De voorwaarden worden gecreëerd om spontane natuur de ruimte te geven. Geleidelijke overgangen van oppervlaktewater naar hogere, drogere delen in de vorm van flauwe, natuurvriendelijke oevers resulteert in natuurlijke gradiënten. De oevers van bestaande afwateringssloten worden op verschillende plaatsen vergraven tot natuurvriendelijke oevers. Het beheer zal gericht zijn op in mate toelaten van spontane ontwikkeling en sinusbeheer, ter bevordering van grote soortenrijkdom.
Delen worden ingezaaid om het gewenste beeld sneller te realiseren.
23
Uitgangspunten Deelgebied B // middendeel
Landschappelijke inrichting Zuidpolder te Barendrecht 2358 Schetsontwerp schaal 1: 1000, 19 oktober 2023
24
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
UITGANGSPUNTEN DEELGEBIEDEN MIDDENDEEL In het middengebied is natuurontwikkeling een belangrijk uitgangspunt. De klimaatadaptieve inrichting bestaat uit een op basis van de polderstructuur vormgegeven fijnmazige waterstructuur met rechte vormen. Dit water kan enkele decimeters fluctueren conform huidig peilbesluit. Veel oevers hebben een natuurlijke oever met oevervegetatie.
9
Vanaf de doorgaande fietsroute over de kreekrug heb je een goed zicht op het gebied. Uiteraard kunnen wandelaars en hardlopers ook gebruik maken van deze route. Door het water ontstaat er een aantrekkelijk en afwisselend landschap voor wandelaars. Verschillende struinpaden nodigen uit om het landschap verder te verkennen.
1
2
3
4 10
11 5
6
7
8 12
25
Uitgangspunten Deelgebied C // zuidrand
Landschappelijke inrichting Zuidpolder te Barendrecht 2358 Schetsontwerp schaal 1: 1000, 19 oktober 2023
26
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
UITGANGSPUNTEN DEELGEBIEDEN ZUIDRAND De Zuidrand is een afwisselend gebied. Kleine bospercelen, water, open gebieden en erven wisselen elkaar af. Er ontstaat zo een aantrekkelijke woonomgeving voor bestaande en nieuwe erven aan de Achterzeedijk. De erven zijn ingepast langs bosranden en sloten met opgaande erfbeplanting. Door enkele open plekken te houden ontstaan er zichtlijnen vanaf de Achterzeedijk de polder in waardoor de open polder beleefbaar blijft en de erven los van elkaar liggen. BOSSEN De bossen dienen als groene, geleidelijke en uniforme overgang tussen erven en open polder. De opbouw bestaat uit diverse streekeigen soorten bomen en struiken, door verschil in hoogte en door een rafelige rand ontstaan verschillende micro-milieus die positief bijdragen aan de biodiversiteit. ERVEN In het ontwerp wordt rekening gehouden met de inpassing van bebouwing die ontsloten wordt via de Achterzeedijk. Hierbij wordt voortgebouwd op een verdichting van de Achterzeedijk in de vorm van landelijke erven. Deze erven passen bij het ruimtelijk beeld en de historische structuur van bouwen in de polder. Het historische agrarische karakter wordt zo benadrukt. De inrichtingseisen zullen in het volgende hoofdstuk verder worden uitgewerkt.
kavelgrens
kavelgrens
erfgrens
middendeel
sloot
erfgrens
min. 4m
min. 4m
sloot
bossage
PRINCIPEDOORSNEDE
overgangsgroen
PRINCIPEDOORSNEDE
Schaal 1:200
5
10
27
Deelmobiliteit (elektrisch)
Openverharding t.p.v. parkeren
Doorstroomwoning
Doorstroomwoning
Energieopwekking
Toepassing groen t.b.v. stimulering biodiversiteit
Moestuin
Doorstroomwoning
Ruimte om samen te komen met communitiy bbq, speeltuin, buurtfeest, etc.
ENERGIEOPWEKKING 28
FACILITEITEN
NATUURINCLUSIEF
DOORSTROOM MOGELIJK OP ERF
• • • •
UITGANGSPUNTEN ERF ERFOPZET ERFOPZET • Het erf volgt de richting van het landschap. • Gebouwen staan aan het erf; als 1 groot schuurvolume; als meerdere volumes aan het erf meegaande in de richting van het erf en het landschap. Een enkele uitzondering van gedraaid volume wordt geaccepteerd bij grote erven om kleinschaligheid van een (enkel) erf te waarborgen. • Woningen aan de Achterzeedijk verbijzonderen door gebiedseigen stijl of kaprichting. • Geen voortuinen aan het erf, de karakteristiek van een verhard erf wordt nagestreefd. Wel kan een zone gesuggereerd worden door verschil in verharding voor de bewoners om plantenpotten / bankjes te plaatsen. • Bij woningen, zoals de rug-aan-rug woningen en de maatschappelijke doelgroepen zonder achtertuin geldt de voortuin als buitenruimte. Voor de inrichting van deze voortuinen gelden dezelfde regels als de collectieve voortuinen. Deze moeten mee ontworpen worden met de erfinrichting. • De erven zijn openbaar toegankelijk. POSITIONERING BEBOUWING • De lengterichting van de bebouwing gaat met de lengterichting van het landschap mee. Een uitzondering mag gemaakt worden om een erf af te bakenen en een kleinere schaal te waarborgen. • De afstand van de insteek tot de bebouwing is minimaal 6 tot 10 meter, afhankelijk van de breedte van het betreffende erf. Zo kan een groene buffer gemaakt worden.
Op smallere erven (tot 60 meter breed) mag minimaal 6 meter aangehouden worden, idealiter is 10 meter. Op de bredere erven (groter dan 60 meter breed) moet minimaal 10m afstand van de insteek tot massa worden aangehouden. • De zijdelingse afstand tussen massa’s (gemeten gevel tot gevel) is minimaal 8 meter. • Oriëntatie: de voorkant van de woningen ligt over het algemeen aan het erf, dan wel aan de binnenzijde van het erf. Sommige kopgevels vereisen een verbijzondering doordat deze gevels in het zicht liggen vanaf de straat (aangegeven in principeplattegrond met stippellijn). Deze verbijzondering wordt nader in de stukken toegelicht.
Het erf volgt de richting van het landschap Gebouwen staan aan het erf Woningen aan de Achterzeedijk verbijzonderen door gebiedseigen stijl of kaprichting Geen voortuinen en stoepen
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
water natuurvriendelijke oever
Figuur 23: schematische weergave uitgangspunten erfopzet
tuin
bossage & bomenrij groene verzachting overgang polder-erf
tuinafscheiding afscheiding tussen woningen eerst hekwerk dan groen als afscheiding
overgang polder bos erf
entree afscheiding d.m.v. textuur bestrating
bos
uitzondering richting massa en kapvorm ter beëindiging cluster aan massa’s
min. 4 m
uitzonderingsvolume
min. 6 m (<60 m) min. 10 m (>60 m) doorgaande recreatieve route
min. 6 m (<60 m) min. 10 m (>60 m) massa en kapvorm in richting van landschap
stippellijn positie verbijzondering in kopgevels
verbreding voor gemeenschappelijk gebruik terras diepte max 3 of 4m verhard afhankelijk van typologie
gemeenschappelijke plek op erf
tuin groeninvulling
min. 8 m
schutting diepte max 3 of 4m afhankelijk van typologie
vernauwing begrenzing erf
insteek onderhoudszone min. 6 m (<60 m) min. 10 m (>60 m) bouwvlak
heg overige tuinafscheiding groen invulling
overgang onderhoud / tuin
Schaal 1:500
10
20
29
*Referenties zijn dienend voor het specifieke element benoemd met tekst in de afbeelding. Positionering massa’s en keuze uitstraling zijn niet gerelateerd aan uiteindelijke uitwerking erven. Afbeeldingen dienen als voorbeeld.
KASSEIEN MET GRASVOEG
kken klinkers
RODE GEBAKKEN KLINKERS, KEIFORMAAT
NATUURLIJKE AFSCHEIDINGSELEMENTEN; VERDIEPING TUINEN TOV LANDSCHAP 30
OPEN VERHARDING
4639 ZUIDPOLDER BARENDRECHT 03-11-2023
UITGANGSPUNTEN ERF STANDAARDPROFIELEN ALGEMEEN • Het erf wordt ontworpen tot aan de gevel. • De overgang tussen privé grond - collectieve buitenruimte - rijweg kan gemaakt worden door bijvoorbeeld een verschil in materialisatie, een regengoot aan te leggen of te spelen met de open/dicht verhouding in de verharding, etc. • Een eventuele afscheiding tussen de overgangen kan gemaakt worden door bouwelementen en/of door inrichtingselementen. • Semi-openbare entree (2m) wordt ingevuld met een andere verharding en/of verband dan de verharding van het erf (verkeer). Door het verschil in verharding wordt de entreezone afgebakend. Bewoners mogen deze strook zelf indelen met bijvoorbeeld plantenpotten of een bankje. • Bij het midden profiel wordt ruimte gereserveerd voor gemeenschappelijke erfruimte. tuin Om zo grote • Bij het grote profiel dient ruimte te worden gecreëerd voor groen. stukken verharding (en dus hittestress) te voorkomen en infiltratie van regenwater te bevorderen. • Bewoners mogen in de eerste halve meter aan de gevel de tegels ‘wippen’ om een geveltuin aan te leggen. Het is niet de bedoeling dat er grotere voortuinen worden aangelegd. Dit gaat tegen het erfprincipe in.
tuin
woning
entree
2m
erf (verkeer)
1m
4,5 m
entree
1m
woning
tuin
2m
10,5-12 m
PRINCIPEDOORSNEDE MINIMAAL PROFIEL breedte 10,5-12 m
woning
entree
2m
erf
entree
1,5-5,5
2m
erf (verkeer)
1m
4,5 m
1m
woning
tuin
12-16 m
max 10 m
PRINCIPEDOORSNEDE MIDDEN PROFIEL breedte 12-16 m
10,5 m
tuin
Schaal 1:500
10
20
woning
entree
2m
erf (verkeer)
1m
4,5 m
1m
erf (groen)
entree
1,5-5,5
2m
16-20 m
MAXIMALE OVERLAP BIJ MINIMAAL PROFIEL
PRINCIPEDOORSNEDE GROOT PROFIEL breedte 16-20 m