CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

B39 Nota van Beantwoording zienswijzen

commissie Ruimte 28 november 2023, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Bestemmingsplan De Stationstuinen 1ste fase23.448 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Nota beantwoording zienswijzen Bestemmingsplan ‘Stationstuinen 1ste fase Barendrecht’ en MER

Inhoudsopgave 1

2

Inleiding

4

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

4 4 4 5 6

Het plan Procedure Zienswijzen Ontvankelijkheid Leeswijzer

Zienswijzen en beantwoording

6

2.1

6

Beantwoording enkele terugkerende thema’s 2.1.1 Privacy, reflectie van zonlicht, horizonvervuiling, lichtvervuiling en woongenot

6

2.1.2 Te hoge bebouwing

7

2.1.3 Verkeer(sveiligheid) en parkeren westzijde spoor

8

2.1.4 Gevolgen van de ontwikkeling voor de bereikbaarheid van het plangebied en de omgeving

2.2

10

Beantwoording per binnengekomen zienswijze

11

Zienswijze 1

11

Zienswijze 2

14

Zienswijze 3

15

Zienswijze 4

21

Zienswijze 5

27

Zienswijze 6

28

Zienswijze 7

29

Zienswijze 8

29

Zienswijze 9

30

Zienswijze 10

35

Zienswijze 11

38

Zienswijze 12

38

Zienswijze 13

39

Zienswijze 14

44

Zienswijze 15

47

Zienswijze 16

49

Zienswijze 17

50

Zienswijze 18

50

Oktober 2023

2

3

Zienswijze 19

51

Zienswijze 20

52

Zienswijze 21

55

Zienswijze 22

55

Zienswijze 23

56

Zienswijze 24

56

Zienswijze 25

56

Zienswijze 26

60

Zienswijze 27

61

Zienswijze 28

62

Zienswijze 29

62

Zienswijze 30

63

Zienswijze 31

63

Zienswijze 32

64

Zienswijze 33

64

Zienswijze 34

65

Zienswijze 35

67

Overzicht wijzigingen 3.1 Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen 3.2 Ambtshalve wijzigingen

71 71 72

Bijlage 1: Analyse woongenot

Oktober 2023

3

1

Inleiding

1.1

Het plan

De gemeente Barendrecht heeft op 15 december 2020 de gebiedsvisie voor de ‘Stationstuinen’ vastgesteld. Deze visie gaat over de gebiedsontwikkeling die direct grenst aan de oostzijde van he treinstation Barendrecht. De Stationstuinen slaat een brug tussen het dorp Barendrecht, het agrofood-bedrijventerrein Dutch Fresh Port, het stadse leven in Rotterdam en het recreatielandschap van de Zuidpolder en rondom de Waal. Het heeft alle potentie om te transformeren naar een bruisende plek waar wonen, werken, leren en recreëren samenkomen. Met ruimte voor nieuwe woningen en een succesvol bedrijfsleven. De Stationstuinen zal in fasen tot stand komen, te beginnen bij het gebied nabij de hoofdentree van het treinstation. Vanuit daar kan het groeien langs de Spoorlaan en tot aan de Gebroken Meeldijk en langzaam naar de uitlopers van de nieuwbouw wijk. Om de eerste fase te kunnen ontwikkelen dient een nieuw bestemmingsplan te worden opgesteld, omdat het geldende bestemmingsplan de geplande nieuwbouw niet mogelijk maakt.

1.2

Procedure

De vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan vindt plaats volgens artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Als onderdeel van deze procedure heeft het ontwerpbestemmingsplan ‘De Stationstuinen 1ste fase’ met bijbehorende MER gedurende een termijn van 6 weken ter inzage gelegen zienswijzen van 6 april tot en met 18 mei 2023.

1.3

Zienswijzen

Gedurende de inzage termijn zijn er 36 zienswijzen ingediend afkomstig van:

1) 2) 3) 4) 5) 6) 7) 8) 9) 10) 11) 12) 13)

Reclamant 1 bij brief van 26 april 2023 en ingekomen op 26 april 2023 Reclamant 2 bij brief ingekomen tijdens de ter inzage termijn Gedeputeerde Staten provincie Zuid-Holland bij brief van 12 mei 2023 en ingekomen op 15 mei 2023 College van burgemeester en wethouders gemeente Ridderkerk bij brief ingekomen op 17 mei 2023 Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid bij brief van 17 mei 20023 en ingekomen op 17 mei 20023 Reclamant 6 bij brief van 17 mei 2023 en ingekomen op 19 mei 2023 Reclamant 7 bij brief van 18 mei 2023 en ingekomen op 19 mei 2023 Reclamant 8 bij brief van 18 mei 2023 en ingekomen op 19 mei 2023 Reclamant 9 bij brief van 17 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Blokhuis B.V. bij brief van 11 mei 2023 en ingekomen op 24 mei 2023 Reclamant 11 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 24 mei 2023 Reclamant 12 bij brief van 16 mei 2023 en ingekomen op 24 mei 2023 Flier Systems B.V. bij brief van 16 mei 2023 en ingekomen op 17 mei 2023

Oktober 2023

4

14) 15) 16) 17) 18) 19) 20) 21) 22) 23) 24) 25) 26) 27) 28) 29) 30) 31) 32) 33) 34) 35) 36)

Frukar B.V. bij brief van 11 mei 2023 en ingekomen op 17 mei 2023 Reclamant 15 bij brief van 16 mei 2023 en ingekomen op 24 mei 2023 Reclamant 16 bij brief van 17 mei 2023 en ingekomen op 24 mei 2023 Reclamant 17 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 18 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 19 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Prorail B.V. en Railinfratrust B.V. van 16 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 21 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 22 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 22 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 24 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Spring! Housing bij brief van 17 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 26 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 27 bij brief van 15 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 28 bij brief van 16 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 29 bij brief van 16 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 30 bij brief van 16 mei 2023 en ingekomen op 23 mei 2023 Reclamant 31 bij brief van 16 mei 2023 en ingekomen op 17 mei 2023 Reclamant 32 bij brief van 16 mei 2023 en ingekomen op 17 mei 2023 Reclamant 33 bij brief van 16 mei 2023 en ingekomen op 17 mei 2023 Reclamant 34 bij brief van 16 mei 2023 en

ingekomen op 17 mei 2023 Reclamant 35 bij brief van 7 mei 2023 en ingekomen binnen de termijn van ter inzage legging Reclamant 36 bij brief van 15 mei 2023 (Pro Forma) en definitief ingekomen op 12 juni 2023

Reclamant 36 heeft zijn zienswijzen ingetrokken. Ter bescherming van de persoonsgegevens van de reclamanten is deze Nota beantwoording zienswijzen geanonimiseerd. Iedere reclamant krijgt bericht welk nummer betrekking heeft op zijn zienswijze.

1.4

Ontvankelijkheid

Een zienswijze is ontvankelijk als deze uiterlijk de laatste dag van de periode van ter inzage legging is verzonden en binnen één week na deze dag is ingekomen (artikel 6:9 lid 2 Awb). De 35 zienswijzen zijn binnen deze periode binnengekomen en zijn ontvankelijk.

Oktober 2023

5

1.5

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 van deze nota zijn de zienswijzen samengevat en beantwoord in twee verschillende paragrafen. Meerdere reclamanten hebben zienswijzen ingebracht over hetzelfde thema. Deze thema’s komen paragraaf 2.1 aan de orde. In paragraaf 2.2 wordt een antwoord gegeven op elke zienswijze afzonderlijk. Als deze betrekking heeft op een thema dat is behandeld in paragraaf 2.1 wordt daarnaar verwezen. In paragraaf 2.2. wordt ook steeds aangegeven wat de gevolgen zijn van de zienswijzen voor het bestemmingsplan. Dat de zienswijzen samengevat zijn weergegeven, betekent niet dat deze slechts gedeeltelijk zijn beoordeeld; bij de beantwoording zijn de volledige zienswijzen betrokken. In hoofdstuk 3 is vervolgens een overzicht gegeven van de wijzigingen op het ontwerpbestemmingsplan en het MER naar aanleiding van zienswijzen.

2

Zienswijzen en beantwoording

2.1

Beantwoording enkele terugkerende thema’s

2.1.1

Privacy, reflectie van zonlicht, horizonvervuiling, lichtvervuiling en woongenot

Inhoud zienswijzen Meerdere reclamanten voorzien hinder als het gaat om reflectie van zonlicht, horizonvervuiling en lichtvervuiling. Het vrije zicht wordt ontnomen, (ochtend)zonlicht wordt geblokkeerd en slagschaduw gecreëerd. Ook voorzien zij inbreuk op privacy, (individueel) woongenot en leefruimte. Daarbij gaat het om de volgende adressen: Reclamant

Adres

Reclamant

Adres

1

Wilhelminastraat 21, Barendrecht

21

Stationsweg 30, Barendrecht

6

Stationsweg 32, Barendrecht

24

Stationsweg 46, Barendrecht

7

Stationsweg 38, Barendrecht

29

Stationsweg 44, Barendrecht

8

Stationsweg 38, Barendrecht

30

Stationsweg 28, Barendrecht

15

Stationsweg 26, Barendrecht

34

Stationsweg 40, Barendrecht

16

Wilhelminastraat 39, Barendrecht

35

Stationsweg 42, Barendrecht

19

Stationsweg 46, Barendrecht

Oktober 2023

6

Antwoord gemeente Als bijlage bij deze Nota van Beantwoording is een ‘Analyse woongenot’ gevoegd als het gaat om de genoemde aspecten. De uitzichten zijn gevisualiseerd ter hoogte van de hoek Devel/Stationsweg, de Donge en Stationsweg 36 (halverwege de woningen gelegen aan de Stationsweg 26 t/m 46). Daarnaast zijn er twee doorsnedes gemaakt vanaf de hoek Devel/Stationsweg en de Donge. Uit deze analyse kunnen de volgende conclusies getrokken worden: 1. Op bepaalde punten is er zicht is op de geplande nieuwbouw aan de oostzijde van de spoorwal. Vanaf de Stationsweg en de Donge is deze minimaal. Vanaf de hoek Devel/Stationsweg is meer zicht op de appartementencomplexen. Maar in samenhang met de grote afstand waarop de nieuwe bebouwing is gelegen (155 meter of meer) komt de gemeente na afwegen van alle belangen tot de conclusie dat er geen sprake van een onaanvaardbare inbreuk op vrij uitzicht, onaanvaardbare hinder vanwege reflectie zonlicht en onaanvaardbare horizonvervuiling, lichtvervuiling, slagschaduw dan wel blokkade van (ochtend)zonlicht. 2. Vanaf de hogere delen van de appartementencomplexen is zicht op de percelen van reclamanten en andere delen van de Oranjewijk. Echter hier zijn de afstanden ook zo groot, dat geen sprake is van een onaanvaardbare inbreuk op de privacy. 3. Het woongenot en de leefruimte wordt dus niet op onaanvaardbare wijze aangetast. 4.

Er is geen schaduwwerking van de nieuwbouw ter hoogte van de woningen van degenen die een zienswijze hebben ingediend. Deze zienswijzen leiden niet tot wijzigingen van het bestemmingsplan.

2.1.2

Te hoge bebouwing

Inhoud zienswijzen Meerdere reclamanten vinden de nieuwe gebouwen te hoog. Drie woontorens worden maar liefst 50 meter hoog. Dit past niet in de omgeving en het straatbeeld van Oud Barendrecht. Het contrasteert teveel met de bebouwing in andere woonwijken in Barendrecht en doet afbreuk aan het groene, open, en laagbouw-gedomineerde karakter van die woonwijken. Altijd is het criterium geweest om niet hoger te bouwen dan de dorpskerk en de watertoren. Daarvan wordt nu ten onrechte afgeweken. De omgeving zal aanzienlijk veranderen ten opzichte van de afgelopen 54 jaar. Voorgesteld wordt om te kiezen voor maximaal 5 bouwlagen. Antwoord gemeente Het is een bewuste keuze van de gemeente geweest om aan de oostelijke zijde van het spoor te bouwen aan “het nieuwe groene dorp van morgen. Een bruisende plek waar wonen, werken, leren en recreëren samenkomen. De nieuwe wijk biedt straks ruimte aan circa 3.500 nieuwe woningen met voorzieningen, bedrijven, onderwijs, horeca en recreatie op hoog niveau. De Stationstuinen levert een aanzienlijke bijdrage aan de toekomst van Barendrecht, maar ook aan de regio” (citaat uit de Woonvisie 2023 - 2027 van de gemeente. Gelet op deze doelstelling en de omvang van het te herontwikkelen gebied kan het niet anders dan dat er hoog gebouwd gaat worden om het beoogde programma daadwerkelijk te kunnen realiseren. De gemeente wil dit ook graag.

Inderdaad zal de omgeving aanzienlijk veranderen. Maar naar de overtuiging van de gemeente: ten goede. En daarbij zijn alle belangen, dus ook die van de bewoners aan de westzijde van het spoor, zorgvuldig meegewogen. Een en ander is vertaald in het Ontwikkelkader (dat weer voortbouwt op de Gebiedsvisie 2020), nader uitgewerkt in het Structuurplan en Beeldkwaliteitsplan en vastgelegd in de regels en verbeelding. Er wordt uitgegaan van maximale hoogtes met op bepaalde plekken (vastgelegd op de verbeelding) hoogteaccenten. Hierop is het ontwerpbestemmingsplan aangepast. De kwaliteitscommissie beoordeelt uiteindelijk of het bouwplan in overeenstemming is met het Beeldkwaliteitsplan.

Oktober 2023

7

Deze zienswijzen leiden tot wijziging van het bestemmingsplan (regels en verbeelding). In het bestemmingsplan zijn de maximale hoogtes en de hoogteaccenten nu beter geborgd door het opnemen van (meer) maximale bouwhoogten en het vastleggen van de locatie en maximale hoogte van de hoogteaccenten.

2.1.3

Verkeer(sveiligheid) en parkeren westzijde spoor

Inhoud zienswijzen over verkeersoverlast gebruiksfase Opgemerkt wordt dat de toenemende verkeersintensiteit in de Oranjewijk en de Stationswijk onvoldoende is onderzocht. Het plan zal leiden tot extra verkeersoverlast in de gebruiksfase. Het gevolg van de ontwikkeling van De Stationstuinen zal zijn dat automobilisten op zoek gaan naar sluiproutes en die zullen of via de westzijde naar het station gaan of vanaf de oostzijde over het parkeerdek naar de westzijde. Om ook de westzijde van het station verkeersluw te maken wordt de suggestie gedaan om de beide opgangen naar het parkeerdek af te sluiten voor verkeer en de parkeerplaatsen en/busstation naar de Noordzijde van het station te verplaatsen naar o.a. het PRO-rail terrein waar in combinatie met een nieuwe verkeershub en toegang naar het station aan de Zuid-oostzijde vooruitlopende op de realisatie al een aanzienlijk betere veiligere en gezondere en milieuvriendelijkere verkeerssituatie ontstaat rondom het station. Antwoord gemeente Bij de voorbereiding van de plannen voor de Stationstuinen is uitgebreid stilgestaan bij effecten daarvan voor het verkeer ten westen van het spoor. Nu wordt het parkeerdek boven de spoorlijn gebruikt als sluiproute voor autoverkeer. Indien hier niets aan zou gebeuren dan zou het gebruik van deze route intensief gaan toenemen.

Dat is niet gewenst vanwege de impact op de leefomgeving van de bestaande woningen aan de westzijde en vanwege de veiligheid rondom het stationsplein. In het Ontwikkelkader is al vastgelegd dat op het parkeerdek een vorm van betaald parkeren wordt ingevoerd. Om dit te handhaven wordt de toegang tot het parkeerdek ook gecontroleerd. Daarmee is het mogelijk om doorgaand verkeer over het parkeerdek te voorkomen. Hierdoor gaat er geen verkeer vanuit het centrum van Barendrecht via de westzijde van het station naar De Stationstuinen. Mogelijk gaan meer mensen via de westzijde naar de P+R. De omvang daarvan is op voorhand niet te bepalen. Uit metingen blijkt echter dat er in de huidige situatie een grote hoeveelheid voertuigen het parkeerdek als doorgaande route gebruiken. Het weren van het doorgaande verkeer compenseert ruimschoots een eventuele toename van de verkeersstroom richting het parkeerdek via de westzijde. De doorgang over het parkeerdek blijft wel beschikbaar voor hulpdiensten en buurtbussen. Gelet op het bovenstaande wordt het niet noodzakelijk geacht extra onderzoek te doen naar de effecten van De Stationstuinen eerste fase op het verkeer ten westen van het station. Deze zienswijzen leiden niet tot wijzigingen van het bestemmingsplan.

Inhoud zienswijzen over parkeren Reclamanten stellen, dat er ongetwijfeld parkeeroverlast ontstaat in de bestaande wijken omdat er maar heel weinig parkeermogelijkheden zullen zijn in het nieuwe plan. Autobezit is namelijk niet te verbieden. De gevolgen omtrent de toenemende parkeerbehoefte in de Oranjewijk en de Stationswijk zijn niet of in onvoldoende onderzocht. Antwoord gemeente De Stationstuinen kent een hoogstedelijke dichtheid en wordt een autoluwe wijk. Dit is noodzakelijk om in de wijk een buitenruimte van een hoogwaardige kwaliteit te kunnen realiseren. Daarom wordt in De Stationstuinen anders naar autobezit en -gebruik gekeken dan elders in Barendrecht. Dit betekent dat in dit gebied een (voor Barendrecht) lage parkeernorm geldt en parkeervoorzieningen op afstand van de woning liggen. Voor meer achtergrondinformatie hierover en voor de berekening van de parkeerbehoefte wordt verwezen naar paragraaf 3.3. van het Ontwikkelkader (bijlage 1 bij de toelichting van het bestemmingsplan).

Oktober 2023

8

In het ontwikkelkader is aangegeven dat vanwege de regulering van het parkeren in De Stationstuinen flankerend beleid moet worden toegepast in de omliggende gebieden. Gelijktijdig met het invoeren van betaald en gereguleerd parkeren in de nieuwe wijk wordt ook het parkeren op het parkeerdek gereguleerd. Consequentie van het invoeren van betaald en gereguleerd parkeren is dat er het gevaar op uitwijkgedrag naar omliggende gebieden ontstaat. Dat is niet gewenst. Daarom is eind oktober, begin november 2023 gesproken met bewoners en bedrijven over de gevolgen voor de omliggende woon- en werkgebieden. Daarbij zijn voorstellen gepresenteerd om het uitwijkgedrag naar de omliggende gebieden te voorkomen. De voorstellen moeten er aan bijdragen dat er geen extra parkeerdruk in de omliggende gebieden ontstaat. Begin 2024 is nadere besluitvorming in de raad hierover voorzien. Handhaving is een belangrijk onderdeel binnen het parkeerconcept. Bij het vaststellen van het parkeerbeleid wordt ook de aanpak ten aanzien van handhaving meegenomen. Voor het in De Stationstuinen te realiseren programma zal volgens de in het Ontwikkelkader vermelde parkeernormen worden voorzien in parkeerruimte. Voor een beperkt deel van de woningen geldt een parkeernorm van 0,5. De toekomstige bewoners van deze woningen zullen hierover en de beschikbaarheid van o.m. deelmobiliteit tijdig geïnformeerd worden.

Vanuit kwalitatieve overwegingen wordt gestreefd naar een maximale afstand tussen de woonblokken en de parkeervoorzieningen van 200 meter. Bij aanvang ontwikkeling is het gebruik van parkeervoorzieningen in De Stationstuinen gereguleerd. De parkeercapaciteit zal gefaseerd, steeds vanaf het moment van ingebruikname van nieuwe ontwikkelingen, conform de in het Ontwikkelkader vermelde parkeernormen, toenemen. De voor De Stationstuinen geldende parkeernormen in het Ontwikkelkader zijn gebaseerd op de parkeernota Barendrecht 2018 waarbij gezien de uitgangspunten van het mobiliteitsconcept op een aantal punten gemotiveerd is afgeweken.

a.

Bij de bepaling van de parkeernormen voor de sociale huurwoningen is op basis van de lage aftoppingsgrens en liberalisatiegrens onderscheid gemaakt in een categorie primair en secundair gebruik gemaakt van onderzoek van de gemeente Haarlem.

b.

Bij de bepaling van de parkeernorm van het ROC is in het Ontwikkelkader rekening gehouden met een gecombineerd onderwijstype (avond- en dag). Vanwege het verschil in het aanwezigheidspercentage tussen deze twee onderwijstypes is de parkeernorm aangepast.

c.

Het aantal deelauto’s en de verhouding van de vervanging is gebaseerd op andere ontwikkelingen in Nederland. De voor bezoekers aangepaste parkeernorm is gebaseerd op onderzoek naar het gebruik van bezoekersparkeerplaatsen in andere steden. Middels monitoring van het gebruik zal gestuurd worden op een optimale inzet van de deelmobiliteit en de beschikbaarheid van parkeerruimte.

Deze zienswijzen leiden niet tot wijzigingen van het bestemmingsplan Zienswijzen veiligheid westzijde fietstunnel onder het spoor Er wordt gesteld, dat de effecten van De Stationstuinen op de bestaande langzaam verkeersroute (fietstunnel onder het spoor) zijn niet inzichtelijk gemaakt. De onoverzichtelijke kruising (incl hoogteverschillen) bij de Stationsweg aan het einde van fietstunnel geeft nu al onveilige situaties. De ontwikkeling van De Stationstuinen zal tot meer fietsverkeer leiden (ook door bezorgdiensten), waarbij de bestaande fietstunnel de enige verbinding met de rest van Barendrecht vormt. Zonder aanvullende maatregelen verwachten wij hier in de toekomst een toename van onveilige situaties

Oktober 2023

9

Antwoord gemeente De ontwikkeling van De Stationstuinen zal inderdaad leiden tot een toename van het gebruik van de fietsroute over de Gebroken Meeldijk. Het gaat hier om twee richtingen fietspaden en er is een voorrangsregeling. Er zijn voldoende faciliteiten ten behoeve van de (extra) fietsers. Veiligheidsmaatregelen zijn meer een uitvoeringsaspect, dat in het kader van het bestemmingsplan nog niet geheel uitgewerkt hoeft te worden. De situatie zal door de gemeente worden gemonitord en zo nodig zullen extra maatregelen getroffen worden om de veiligheid te borgen. Zie ook beantwoording zienswijze 4i over het fietsverkeer. Deze zienswijzen leiden niet tot wijzigingen van het bestemmingsplan

2.1.4

Gevolgen van de ontwikkeling voor de bereikbaarheid van het plangebied en de omgeving

Inhoud zienswijze Gesteld wordt, dat voor vaststelling van het plan inzichtelijk dient te zijn of voldoende rekening is gehouden met de Stationstuinen, 1ste fase voor de bereikbaarheid. Dat is (nog) niet het geval in de ontwerpfase. In het ontwerpbestemmingsplan staat dat er knelpunten zijn voor de verkeersafwikkeling en dat hiervoor vervolgonderzoek nodig is. Het gaat dan om de IIsselmondse Knoop en het kruispunt Veilingweg/Dierensteinweg en de rotonde Verlengde Voorweg/Spoorlaan. Antwoord gemeente Al in 2021 is binnen het samenwerkingsverband Dutch Fresh Port (DFP) een onderzoek uitgevoerd naar de bereikbaarheid van DFP. Binnen DFP werken Ridderkerk, Rotterdam, Barendrecht, Provincie Zuid-Holland, Nieuw-Reijerwaard en de bedrijven samen aan het verbeteren van de bereikbaarheid van dit gebied. Bij de onderzoeken die in 2021 zijn uitgevoerd is al rekening gehouden met ontwikkeling van De Stationstuinen als geheel. Om de effecten van De Stationstuinen specifieker in beeld te brengen is aanvullend op het onderzoek voor DFP een onderzoek door bureau RHDHV uitgevoerd naar de impact van De Stationstuinen op het omliggend wegennet. Dit onderzoek is als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen (zie bijlage 22). De inhoud van de zienswijzen zijn ook gebaseerd op dit onderzoek.

Uit het onderzoek van RHDHV blijkt inderdaad dat twee kruispunten rondom De Stationstuinen in de toekomst moeten worden aangepakt om de toekomstige verkeersstromen te verwerken na de realisatie van de gehele Stationstuinen. Het gaat dan om de rotonde Verlengde Spoorlaan/Spoorlaan en het kruispunt Veilingweg/Dierensteinweg. Deze conclusie kwam ook al uit de onderzoeken die in het kader van DFP zijn uitgevoerd. Daarom zijn nadere onderzoeken aan deze kruispunten opgenomen in de mobiliteitsagenda van DFP (zie bijlage 35 bij de toelichting) en heeft de gemeente Barendrecht deze acties op zich genomen. Bij de uitwerking worden de gemeente Ridderkerk en andere betrokken partijen binnen DFP betrokken. Uit het onderzoek van bureau RHDHV blijkt verder dat de IJsselmondse knoop de extra verkeersstromen van en naar De Stationstuinen kan verwerken. Enige voorwaarde daarbij is dat de toerit en het weefvak naar de A15 richting knooppunt Ridderkerk wordt verbreed naar 2 rijstroken. Deze aanpassing was al voorzien als onderdeel van de herinrichting van de IJsselmondse knoop. Barendrecht en Ridderkerk (samen met de gemeenschappelijke regeling Nieuw-Reijerwaard, Rotterdam en het Waterschap) werken daarom ook samen om deze verbreding gerealiseerd te krijgen.

Hiervoor is deze verbreding door Barendrecht, Ridderkerk en het Waterschap aangemeld als meekoppelkans binnen de MIRT-verkenning Oeververbindingen (incl. verbreding A16). Daarbij is ook zicht gegeven op financiering van deze maatregel. In reactie daarop is verzocht om aanvullend onderzoek te doen naar het wegontwerp, de kostenraming en de verkeerseffecten op het hoofdwegennet. Dit onderzoek wordt momenteel uitgevoerd door bureau RHDHV in samenwerking met alle stakeholders. In oktober 2023 zijn nieuwe verkeersberekeningen opgeleverd door Caubergh Huiygen (CH) (zie bijlage 36 bij de toelichting). Het doel van deze berekeningen is om de impact van De Stationstuinen op het omliggende wegennet meer gedetailleerd in beeld te brengen. In deze berekeningen voor planjaar 2040 is voor de totale ontwikkeling van De Stationstuinen berekend welke impact dat heeft op het omliggende weggennet. In de studie is gerekend met een planvariant met en zonder mobiliteitsmaatregelen. De mobiliteitsmaatregelen bevatten in deze een weergave

Oktober 2023

10

van het parkeren op afstand van de woningen en aanbod van goed openbaar vervoer en deelmobiliteit. Uit de berekeningen zonder mobiliteitsmaatregelen blijkt dat de verkeersafwikkeling op de IJsselmondse knoop en kruispunt Donk-Dierensteinweg een aandachtspunt is. Uit de berekeningen met mobiliteitsmaatregelen komt alleen de IJsselmondse knoop als aandachtspunt naar voren. De uitkomsten van dit onderzoek laten namelijk een toename van de verkeersintensiteit op de toeritten en afritten van de aansluiting Barendrecht op de A15 zien. De toenames ten opzichte van de autonome situatie in 2040 liggen tussen de 3% en 7%. In deze berekening is het verbreden van de toerit zuid als uitgangspunt opgenomen. Uit de analyse van de I/C-waarden is zichtbaar dat de extra intensiteiten op de aansluiting geen nieuwe knelpunten qua verkeersafwikkeling opleveren. Wel is de afrit van de A15 aan de noordzijde in de autonome situatie tijdens de ochtendspits al een mogelijk knelpunt. De extra intensiteiten als gevolg van de ontwikkeling van De Stationstuinen zorgen op dit punt voor een extra verkeersdruk. De I/C-waarde komt met toevoeging van het verkeer richting De Stationstuinen echter niet boven 90%. Daarmee levert dit geen nieuw knelpunt op.

Kort samengevat blijkt uit de aanvullende berekeningen van Goudappel Coffeng, dat na uitvoering van de mobiliteitsmaatregelen voor De Stationstuinen als geheel het kruispunt Veilingweg/Dierensteinweg en de rotonde Verlengde Voorweg/Spoorlaan geen aandachtspunten meer zijn voor nader onderzoek. Wat betreft de IJsselmondse Knoop geldt dat de Stationstuinen als geheel zorgt voor een extra verkeersdruk. Maar de I/C-waarde komt met toevoeging van het verkeer richting De Stationstuinen echter niet boven 90%. Dus de Stationstuinen als geheel zorgt niet voor extra problemen op de IJsselmondse Knoop. De Stationstuinen als geheel levert geen nieuw knelpunt op. Onderhavig bestemmingsplan heeft betrekking op slechts een deel van de Stationstuinen (fase 1). Als de totale ontwikkeling van de Stationstuinen qua verkeersafwikkeling niet tot knelpunten leidt in de omgeving van dit nieuwe woon- en werkgebied zal dit zeker ook niet het geval zijn bij ontwikkeling van de eerste fase alleen. Bovendien weegt de behoefte aan de realisatie van de nieuwe woningen zwaarder dan de drukte op de IJsselmondse Knoop dat op termijn ook zal worden aangepast zodat het bestaande knelpunt wordt opgelost. Deze zienswijzen leiden dan ook niet tot wijzigingen van de regels en verbeelding van het bestemmingsplan. Wel is de toelichting aangepast en zijn de bijlagen 35 en 36 bij de toelichting gevoegd.

2.2

Beantwoording per binnengekomen zienswijze

In dit hoofdstuk wordt elke zienswijze samengevat en voorzien van een antwoord. Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

Zienswijze 1

Reclamant 1 bij brief van 26 april 2023

1a

De plannen tot bouw van de torens met 13-15 etages

Wat betreft de hoogte van de nieuwbouw wordt verwe-

past volgens reclamant niet in het straatbeeld van oud

zen naar paragraaf 2.1.2 van deze nota.

en ingekomen op 26 april 2023 Zie paragraaf 2.1.2

Barendrecht. Niet hoger dan de dorpskerk of watertoren

1b

Oktober 2023

is altijd een criterium in dit deel geweest van Barend-

Wat betreft hinder omtrent reflectie van zonlicht, hori-

recht. Daarbij voorziet reclamant hinder omtrent reflectie van zonlicht, horizonvervuiling en lichtvervuiling.

zonvervuiling en lichtvervuiling wordt verwezen wordt

Reclamant voorziet verkeersoverlast tijdens de gebruiks-

Verwezen wordt naar paragraaf 2.1.3

naar paragraaf 2.1.1 van deze nota. Zie paragraaf 2.1.3

11

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

fase van het plan, met name aan westzijde van het plangebied. De gevolgen omtrent de toenemende verkeersintensiteit en parkeerbehoefte zijn niet of in onvoldoende mate meegenomen in het verkeersonderzoek. Toename en overbelasting verkeersbewegingen in de Oranjewijk én de Stationswijk (sluiproute). Omdat er maar heel weinig parkeermogelijkheden zullen zijn in het nieuwe plan zal er ongetwijfeld parkeeroverlast ontstaan in de bestaande wijken. Autobezit is namelijk niet te verbieden. 1c

Reclamant vraagt zich af op welke manier de oplevering van bebouwing tot stand komt. Eerst woningen en daarna de (groen)voorzieningen of gelijktijdig? Nabije voorzieningen zouden niet in staat zijn om de behoefte op te vangen indien de woningen eerst worden opgeleverd en daarna pas de voorzieningen. Dit leidt ook weer tot extra verkeersbewegingen en overlast in de bestaande wijken. In aanvulling daarop voorziet reclamant overlast van

Grote gebieden zoals deze worden altijd in fasen gerealiseerd. Wat wij belangrijk vinden is dat de mensen die er al wonen altijd een zo aangenaam mogelijk woonplek hebben. Leefbaarheid is voor ons uitgangspunt. Hier houden we rekening mee in routing maar ook de tijdelijke invulling van nog niet gerealiseerde plekken draagt hier aan bij.

In de regels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen binnen de bestemming ‘Gemengd’.

Uitgangspunt is dat we de wijk uit werken vanaf de locatie dicht bij het station. Hierdoor wordt de overlast voor de toekomstige bewoners zoveel mogelijk beperkt.

scholieren en hangjongeren met de komst van de geplande middelbare school, wanneer de oplevering van voorzieningen niet juist is afgestemd.

Bij het opleveren van de woningen zullen delen van de openbare ruimte niet meteen definitief kunnen worden ingericht. Met tijdelijke middelen zal deze ruimte wel goed toegankelijk en (be)leefbaar gemaakt worden. Wat betreft het groen is een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor de aanleg van het groen. De fasering van de woningbouwontwikkeling en de realisatie van de niet-woonfuncties wordt niet vastgelegd in

Oktober 2023

12

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

het bestemmingsplan. Ongetwijfeld zullen er voorzieningen zijn, die pas na de ingebruikname van de woningen zullen worden gerealiseerd. In deze overgangsperiode zal een beroep gedaan worden op bestaande voorzieningen elders met daarmee gepaard gaande extra verkeersbewegingen. In paragraaf 2.1.3 wordt ingegaan op het toekomstige verkeer. Daar wordt duidelijk gemaakt dat door het nemen van maatregelen geen korte (sluip)routes zijn voor gemotoriseerd verkeer tussen de aan weerszijden van de spoorlijn gelegen gebieden. De extra verkeersbewegingen zullen zich dus niet concentreren op een paar wegen ten westen van het spoor, maar zich verspreiden over een veel groter gebied, zodat eventuele overlast op een acceptabel niveau zal zijn. 1d

Reclamant stelt dat het ontbreken van de realisatie van

Verwezen wordt naar zienswijze 1c.

Zie zienswijze 1c

een basisschool of kinderopvang in de Stationstuinen,

1e

voor (langzaam)verkeersoverlast zorgt naar nabij gelegen wijken.

Zoals de plannen er nu zijn zal in fase 2 een basisschool

Reclamant stelt dat met de geplande komst van 10.000

Verwezen wordt naar paragraaf 2.1.3

Zie paragraaf 2.1.3

Reclamant stelt dat door de huidige wettelijke afspraken

In de woonvisie 2023 – 2027 wil de gemeente – om de

Geen gevolgen

waarbij 25% van sociale woningen wordt toegeschreven

lokale doorstroming op gang te krijgen - gebruik gaan

aan bewoners uit Barendrecht, te weinig woningen di-

maken van de ruimte die huidige en toekomstige regels

rect beschikbaar zijn voor mensen uit Barendracht.

bieden ten aanzien van lokaal maatwerk (bijvoorbeeld

Doordat het overige deel wordt toegeschreven aan bewoners van buiten Barendrecht, vreest reclamant dat dit

de wijziging van de Huisvestingswet met ruimte voor 50% lokaal maatwerk).

met bso worden opgericht.

inwoners de verkeersbewegingen omtrent bezorgdiensten zodanig toeneemt dat ter plaatse van de stationstunnel een onveilige situatie ontstaat. 1f

Oktober 2023

13

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

ten nadele is van de cohesie in de wijk. Zienswijze 2

Reclamant 2 bij twee brieven ingekomen tijdens de ter

2a

Reclamant stelt dat tegenstrijdige informatie is verstrekt

De bestaande toegangen naar het parkeerdek blijven

omtrent de toegangswegen naar het stationsdek tijdens

bestaan. Wel zal het parkeerterrein alleen nog via slag-

de informatieavond op 19 april 2023 en zoals opgeno-

bomen bereikbaar zijn omdat er betaald parkeren op het

men in het ontwerpbestemmingsplan.

stationsdek zal worden ingevoerd.

De reclamant wenst het behoud van de twee bestaande

Verder wordt verwezen naar paragraaf 2.1.3

inzage termijn Zie paragraaf 2.1.3

toegangen tot de parkeerdek op het station, zoals ook is opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan. 2b

Door het invoeren van betaald parkeren in de parkeer-

Verder wordt verwezen naar paragraaf 2.1.3

Zie paragraaf 2.1.3

hubs en met name ook op het stationsdek zal een hernieuwde vlucht en overlast ontstaan op het parkeren, met zijn huidige (2023) blauwe parkeerzone, in de buurten aan de westzijde van het station. In avonden, nachten, ochtenden en weekenden zal er extra parkeeroverlast ontstaan doordat het stationsdek dan als betaald parkeer functie is voorzien voor de bewoners van de stationstuinen. Deze parkeer overlast is te verwachten zodra de eerste huizen c.q. bedrijfspanden en andere voorzieningen worden opgeleverd (medio 2025?). Reclamant wenst daarom dat de huidige blauwe zone wordt aangepast c.q. uitgebreid naar 24/7, met behoud van de maximale parkeertijd van 2 uur. En dat dit zonder voorbehoud, voor de oplevering van de eerste woningen, bedrijven of functies wordt ingevoerd. Dit conform het ontwikkelkader.

Oktober 2023

14

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

Zienswijze 3

Gedeputeerde Staten provincie Zuid-Holland bij brief

3a

Compensatie bedrijventerrein

van 12 mei 2023 en ingekomen op 15 mei 2023 GS van Zuid-Holland stelt dat in reactie op vooroverleg

De gemeente Barendrecht hecht grote waarde aan

is aangegeven dat een compensatieplan is opgesteld

hoogwaardige bedrijventerreinen. Met Vaanpark en

voor de Stationstuinen, betreffende op welke wijzen het

Dutch Fresh Port (DPF) leveren we met onze partners

te transformeren (planologische) terrein wordt gecom-

een goede bijdrage aan de regionale behoefte. In het

penseerd. GS van Zuid-Holland stelt dat de aanpassin-

gebied van Nieuw Reijerwaard hebben zich nieuwe be-

gen op het ontwerpbestemmingsplan inclusief het bijge-

drijven gevestigd en er zijn bedrijven verhuisd naar deze

voegde compensatieplan onvoldoende zekerheid geven

moderne locatie.

De toelichting is aangevuld.

over het te compenseren bedrijventerrein. De gemeente wil het cluster rond Dutch Fresh Port verEr is niet aangetoond dat na transformatie voldoende

sterken met de ontwikkeling van een gemengd gebied:

bedrijventerrein in de regio beschikbaar zal blijven afge-

De Stationstuinen. Naast wonen is (voor alle fases van

zet tegen de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte. Ook

de Stationstuinen) ruimte voor een campus met onder-

is er geen door ons college aanvaarde regionale bedrij-

wijs en bijbehorende voorzieningen, detailhandel voor

venterreinvisie, dus kan er geen compensatie plaatsvin-

inwoners en bezoekers van de campus en ondersteu-

den op basis van feitelijk gebruik. Wij zien dan ook geen

nende bedrijven (voor De Stationstuinen en voor DFP).

reden om af te zien van de gevraagde planologische compensatie van circa 2,3 hectare voor reguliere HMC

In haar reactie wijst de provincie op het moeten com-

bedrijvigheid.

penseren van 2,3 ha bedrijventerrein met een hoge milieucategorie. Inmiddels kan volstaan worden met de

Oktober 2023

In de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) heb-

compensatie van 1.1 ha. Dit is in ambtelijk overleg (6 ok-

ben wij, op basis van de Behoefteraming bedrijventerrei-

tober 2023) bevestigd. De reden hiervoor is dat de “Stra-

nen Zuid-Holland (Stec, november 2022) een disbalans

tegie Bedrijventerreinen” van de MRDH is aanvaard

geconstateerd in vraag en aanbod. Er is een grote vraag

door GS. De 1.2 ha die bestemd was voor hoge milieu-

naar ruimte voor verschillende segmenten aan bedrijvig-

categorie, maar feitelijk gebruikt werd voor logistieke ac-

heid. Er is echter te weinig ruimte aan de aanbodkant

tiviteiten (met een lage milieucategorie) hoeft niet meer

hiervoor. Inmiddels is er een regionale bedrijventerrei-

gecompenseerd te worden. Daarmee resteert 1.1 ha die

nenvisie door de Metropoolregio Rotterdam Den Haag vastgesteld (Bedrijventerreinenstrategie MRDH 2023 tot

gecompenseerd moet worden. Eerder heeft het adviesbureau STEC een compensatieplan opgesteld waarin

15

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

en met 2030, d.d. oktober 2022). Deze visie is thans nog

meerdere locaties verkend zijn op hun huidige en toe-

niet aanvaard door de provincie. Deze visie onderschrijft

komstige milieucategorie. Op lange termijn zijn er di-

overigens de disbalans in vraag en aanbod en biedt

verse mogelijkheden in Barendrecht, op korte termijn is

daar, in ogen van de provincie, nog onvoldoende oplos-

het aanbod beperkter. De gemeente ziet 2 opties om op

sing voor. In gezamenlijk overleg wordt deze visie thans

korte termijn te compenseren:

nader uitgewerkt. Onderhavig plan loopt daarop vooruit

a.

Gevolgen voor bestemmingsplan

Ten westen (ca 0.7 ha) en ten oosten (minstens 1

en kan derhalve uitsluitend doorgang vinden als sprake

ha) van de Beren is ruimte voor een bedrijventerrein

is van planologische compensatie van verloren HMC ter-

met een hoge milieucategorie. Voor de locatie ten

rein, om vraag- en aanbod niet verder in disbalans te

westen wordt momenteel een bestemmingsplanwij-

brengen.

ziging voorbereid.

b.

Op Vaanpark eindigt het gasverdeelstation haar ac-

Bedrijventerreinen zijn heel waardevol voor de econo-

tiviteiten in 2028. Er komt hier in totaal 3.5 ha be-

mie van Zuid-Holland. Vanuit de optiek is dit een plek

schikbaar. Naar verwachting komt er in 2024 al 0.5

waar bedrijvigheid gevestigd kan worden waar we als

ha beschikbaar. Vooruitlopend daarop is B&W be-

provincie ook grote waarde aan hechten (HMC). Van-

voegd om de bestemming van deze locatie te wijzi-

wege dit belang is planologische compensatie van het

gen (via een wijzigingsbevoegdheid in het vige-

verloren deel HMC bedrijventerrein noodzakelijk.

rende bestemmingsplan). Echter er zijn naar verwachting ook andere ruimtelijke wensen voor dit gebied. Met een B&W besluit om hier minimaal 1.1 ha te reserveren voor bedrijfsactiviteiten met een hoge milieucategorie voldoet Barendrecht aan de verplichting van de provincie. Gezien de ligging zal deze locatie weinig tot geen bezwaren oproepen vanuit de nabije omgeving. Aan het college is voorgesteld om op 7 november het volgende te besluiten:

1.

Het bestemmingplan ten westen van De Beren (Dierensteinweg, 0.7 ha) aan te passen naar een

2.

Oktober 2023

milieucategorie van 4.1. In de gebiedsvisie voor de Dierensteinweg ook het

16

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

deel ten oosten van de Beren te reserveren voor minimaal 0.4 ha voor milieucategorie 4.1. 3. 3b

minimaal 1.1 ha van de locatie “gasverdeelstation op Vaanpark” te reserveren voor milieucategorie 4.1

Detailhandel GS van Zuid-Holland stelt dat in het kader van voorover-

Vanwege voortschrijdend inzicht is besloten om het

Aanpassing van de regels. Het maximale oppervlakte

leg is opgemerkt dat de ontwikkeling is gelegen in bin-

maximale oppervlakte aan detailhandel in de regels van

aan detailhandel wordt verlaagd naar 1.000 m2 bvo.

nenstedelijk gebied met al de nodige detailhandel in de

het bestemmingsplan te verlagen naar 1.000 m2 bvo.

omgeving. De provincie gaat daarbij uit dat de vraag

Daarmee is de komst van een grote supermarkt in de

Artikelen 1.8, 1.45 en 1.57 (ontwerpbestemmingsplan)

naar fysieke winkelruimte de komende jaren verder af-

eerste fase uitgesloten. Deze zal waarschijnlijk een plek

worden geschrapt.

neemt en stelt strikte eisen aan uitbreidingsplannen.

krijgen in de tweede fase. De milieuregels voor functiemenging worden aangevuld Er is in de Gebiedsvisie 2020 aangegeven dat gewerkt

(art. 3.4.3 van het vast te stellen bestemmingsplan)

wordt aan een nieuw gemengd gebied voor wonen en werken. Daar horen ook voorzieningen voor de dagelijkse boodschappen en horeca bij. Deze concentreren we in het hart van het gebied, de Spoorlaan en worden gefaseerd toegevoegd.

i.

Er is onvoldoende onderbouwd wat het effect is van

i.

Er ligt een uitgebreid DPO ten grondslag aan

de toevoeging van detailhandel in de Stationstuinen

het bestemmingsplan fase 1 (zie bijlage 8 Lad-

op de bestaande detailhandel in de omgeving van

der ‘niet woonfuncties’ bij de toelichting). In dit

het plangebied.

dpo wordt nog uitgegaan van de komst van een supermarkt in fase 1. Uit het dpo blijk dat er ruimte is voor een nieuwe grote supermarkt en de andere detailhandel. Inmiddels is dus besloten dat er geen grote supermarkt meer komt en is het maximum oppervlakte aan detailhandel verlaagd naar 1.000 m2 bvo.

ii.

Er is onvoldoende aangetoond dat het woon- en leefklimaat niet onevenredig wordt aangetast en

Oktober 2023

ii.

De milieuregels voor functiemenging zijn aangevuld. Met deze milieuregels is geborgd dat er

17

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

geen onaanvaardbare leegstand ontstaat.

een acceptabel woon- en leefklimaat zal zijn Verwezen wordt naar het dpo (bijlage 8 bij de toelichting). Daarin is onderbouwd dat fase 1 met 815 woningen ruimte biedt voor de uitbreiding aan detailhandel (inclusief grote supermarkt) en er geen onaanvaardbare leegstand ontstaat. (Inmiddels zijn de regels aangepast en zijn grote supermarkten niet meer toegestaan). De milieuregels voor functiemenging zijn aangevuld. Met deze milieuregels is geborgd dat er een acceptabel woon- en leefklimaat zal zijn.

iii.

In het kader van de toevoeging van meer dan 2.000

iii.

Omdat nu maximaal 1.000 m2 bvo aan detailhandel mogelijk wordt gemaakt is geen advies

m² b.v.o. detailhandel is een advies van de commis-

noodzakelijk van de commissie detailhandel

sie detailhandel Zuid-Holland noodzakelijk.

Zuid- Holland. Overigens vindt overleg plaats met deze commissie over de ontwikkeling van fase 2 (in samenhang met die van fase 1). Voor de 2e fase is een bestemmingsplan in de maak, waarin meer dan 2.000 m2 bvo mogelijk wordt gemaakt.

iv.

In de ladderonderbouwing is uitgegaan van de ge-

iv.

Zie hierboven onder ii.

hele gemeente Barendrecht als verzorgingsgebied. Vervolgens is bepaald in welke mate er kwantitatieve en kwalitatieve ruimte zou zijn voor uitbreiding van het detailhandelsaanbod. Dit is geen juiste re-

Oktober 2023

18

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

denering. De nieuwe winkelvoorziening dient afgestemd te worden op alleen het toegenomen draagvlak van de nieuw te realiseren woonwijk. De uitkomst van deze som zal anders zijn. v.

Detailhandelsvoorzieningen worden niet gebundeld

v.

De detailhandelsvoorzieningen zullen worden

en geconcentreerd bij elkaar gerealiseerd waardoor

geconcentreerd in de eerste twee fasen van de

geen winkelconcentratie ontstaat. In de regels is de-

Stationstuinen. Dus er zal wel degelijk sprake

tailhandels tevens niet beperkt tot dagelijks aanbod.

zijn van concentratie van voorzieningen als de gehele Stationstuinen is gerealiseerd. Op de verbeelding is aangegeven waar in de plinten geen woningen zijn toegestaan: aan het Stationsplein en de Spoorlaan. Hier zullen de (detailhandels)voorzieningen worden geconcentreerd.

vi.

De regels van het plan bieden voor kleinschalige

vi.

Artikelen 1.8, 1.45 en 1.57 zijn geschrapt. Deze

detailhandel ruimere mogelijkheden dan de Omge-

waren per abuis opgenomen in het ontwerpbe-

vingsverordening toe staat. Zo komen de definities

stemmingsplan. Hierover zijn verder geen spe-

van 1.57 (productiegebonden detailhandel), 1.8 (be-

cifieke regels opgenomen in het bestemmings-

drijf aan huis) en 1.45 (maatschappelijke voorzie-

plan.

ningen) niet overeen met de verordening. Verzoek om het plan in overeenstemming met de verordening te brengen. 3c

Mobiliteit

Verwezen wordt naar paragraaf 2.1.4

Zie paragraaf 2.1.4

GS van Zuid-Holland stelt dat bij een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling expliciet gevraagd wordt om rekening te houden met de gevolgen van die ontwikkeling voor de bereikbaarheid.

Oktober 2023

19

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

i.

Voor vaststelling van het plan dient inzichtelijk te zijn of voldoende rekening is gehouden met die ontwikkeling voor de bereikbaarheid. Dat is (nog) niet het geval in de ontwerpfase. Dat wordt ook aangegeven in de toelichting, waarin staat dat er knelpunten zijn voor de verkeersafwikkeling en dat hiervoor vervolgonderzoek nodig is.

3d.

Externe veiligheid

i.

Het advies van de Veiligheidsregio Rotterdam

i.

Het advies van de VRR was een vooroverleg-

Paragraaf 5.6 Externe Veiligheid wordt aangevuld en

(VRR) ontbreekt in het kader van hulpverlening,

reactie. In het verslag vooroverleg is ingegaan

het advies van de VRR wordt als bijlage bij het bestem-

zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid. Het advies

op dit advies. Aangegeven is hoe zal worden

mingsplan gevoegd.

graag opnemen in het bestemmingsplan.

rekening gehouden met de verschillende adviezen. Het advies is alsnog als bijlage bij de toelichting gevoegd. In de toelichting zelf is paragraaf 5.6 aangevuld. Hier is nu ook opgeschreven hoe rekening zal worden gehouden met de adviezen.

ii.

Het advies van de Veiligheidsregio Rotterdam te waarborgen in het bestemmingsplan (of toelichten

ii.

Zie hierboven

iii.

In deze fase is nog niet bekend of er afgewe-

hoe in de uitvoering van het bestemmingsplan rekening wordt gehouden met de adviezen).

iii.

3e.

Indien wordt afgeweken van het advies van de Veiligheidsregio Rotterdam dient dit gemotiveerd te

ken zal worden van het advies. Mocht dit wel

worden in het plan.

gebeuren dan zal dat in goed overleg met de veiligheidsregio en gemotiveerd plaatsvinden.

Risico’s van klimaatverandering In paragraaf 3.3.2 is naar aanleiding van de voorover-

Vanwege de CHW-staus van het bestemmingsplan is

legreactie toegelicht hoe rekening is gehouden met de

het mogelijk om ook regels te stellen aan de duurzame

Toevoegen van regels over de duurzaamheid

inrichting van de Stationstuinen. In de beleidsregels '

Oktober 2023

20

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

risico’s van klimaatverandering. Deze ambities zijn ech-

Duurzaamheid De Stationstuinen; Barendrecht' worden

ter niet doorvertaald naar de regels van het bestem-

regels gesteld om te voldoen aan de randvoorwaarden

mingsplan. Daarmee zijn de regels te vrijblijvend en

uit het Ontwikkelkader met betrekking tot bijvoorbeeld

wordt onvoldoende rekening gehouden met de gevolgen

hittestres en waterhuishouding. De regels zijn aangevuld

van de risico’s van klimaatverandering. Het verzoek om dit aan te passen.

met verwijzingen naar deze beleidsregel.

Op basis van de aangeboden gegevens wordt geconsta-

Het bestemmingsplan is conform bovenstaande aange-

teerd, dat het ontwerpbestemmingsplan op genoemde

vuld c.q. gewijzigd

Gevolgen voor bestemmingsplan

3f.

Toevoegen van regels over de duurzaamheid

onderdelen niet in overeenstemming is met het provinciaal (ruimtelijk) beoordelingskader en daarom wordt verzocht om het bestemmingsplan bij de vaststelling alsnog op deze punten aan te vullen. Zienswijze 4

College van burgemeester en wethouders gemeente

4a.

Algemene opmerkingen

Ridderkerk bij brief van ingekomen op 17 mei 2023 Het college van B&W stelt dat in de plantoelichting vaak

Om te voorkomen dat zaken dubbelop aan de orde ko-

wordt verwezen naar bijlagen. Opgenomen conclusies

men is er voor gekozen om in sommige gevallen recht-

zijn een samenvatting, maar zonder context – die in de

streeks te verwijzen naar het onderzoek zelf.

Toelichting is waar nodig hierop aangepast

bijlagen is te lezen - niet altijd even begrijpelijk. Advies is

4b.

om een duidelijkere en leesbaardere conclusie op te ne-

Indien de conclusie uit het onderzoek onvoldoende dui-

men in de plantoelichting, waarbij men niet de bijlagen hoeft raad te plegen.

delijk / leesbaar is hebben we de samenvatting in de

Het college van B&W stelt dat de gemeente Barendrecht

Verwezen wordt naar zienswijzen 3a

toelichting aangevuld Zie zienswijze 3a

een compensatieplicht heeft om de bedrijven van BTOost elders te huisvesten. Deze compensatie vindt nu grotendeels plaats op het bedrijventerrein Nieuw Reijerwaard. Het college stelt daarbij dat dit bedrijventerrein echter is aangewezen door het Rijk – onderbouwd met studies en het Provinciaal Inpassingsplan - als locatie voor nieuwe bedrijven en niet voor de verplaatsing van bedrijven van een naastgelegen bedrijventerrein.

Oktober 2023

21

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

Daarom de vraag voor de invulling van de compensatieplicht vooral te kijken naar ruimte op andere bedrijventerreinen in de regio dan Nieuw Reijerwaard. 4c.

De Gemeente Barendrecht heeft adviezen van DCMR

De opmerkingen van de DCMR zijn uitgebreid bespro-

Meerdere aanpassingen in MER, toelichting en onder-

Milieudienst Rijnmond ontvangen met aandachtpunten

ken met de DCMR. Waar nodig is het MER, het ont-

zoeken bij de toelichting.

voor verbetering van het ontwerpbestemmingsplan en

werpbestemmingsplan en de onderzoeken aangepast

de MER. Ridderkerk onderschrijft het belang van advise-

dan wel aangevuld.

ring door DCMR op het ruimtelijk proces en de stukken.

Ook zijn meerdere regels aangepast, evenals de verbeelding.

Het college van B&W gaat ervan uit dat de gemeente Barendrecht de stukken op basis van het advies van de DCMR aanpast. 4d.

Zienswijzen ontwerpbestemmingsplan

In het bestemmingsplan zijn geen woningen specifiek

In de plantoelichting wordt aangegeven dat met de ont-

gereserveerd voor arbeidsmigranten. In het

wikkeling een plek voor iedereen te willen creëren. Col-

Ontwikkelkader zijn afspraken gemaakt over de

lege van B&W stelt dat daarbij onvoldoende rekening is

woningbouwverdeling.

gehouden met de huisvesting van arbeidsmigranten.

In de Woonvisie 2023-2027 is aangegeven dat de

Verder is onbekend of al onderzoek is gedaan naar de

gemeente afspraken maakt met werkgevers en

haalbaarheid voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Dit is niet te herleiden uit bijlage 7 (Ladder)

huisvesters over de short- en midstay

Geen gevolgen

arbeidsmigranten om te zorgen voor voldoende huisvesting, voldoende woonkwaliteit en vermindering en vermijding van overlast. Op dit moment wordt onderzoek gedaan naar huisvesting op Nieuw Reijerwaard.

Oktober 2023

22

4e.

In de woningbehoefte wordt aangegeven 3.500 wonin-

De ontwikkeling van de Stationstuinen met 3500 wonin-

gen te willen realiseren in totaal. Dit plan ziet op de toe-

gen maakt onderdeel uit van de Regionale Realisatie-

voeging van 815 woningen. Middels een onderbouwing

agenda Wonen van de provincie Zuid-Holland.

is aangegeven dat het passend is binnen de behoefte

In dat kader zijn tussen het rijk, provincie en gemeenten

die er op dit moment is binnen de gemeente. College

afspraken gemaakt over de locaties van en het aantal

van B&W merkt echter op dat een onderbouwing voor

nieuw te bouwen woningen.

deze behoefte ontbreekt voor de toekomstige fases. Er

Ook over het aandeel sociale huur en betaalbare wonin-

lijkt sprake te zijn van een overcapaciteit: de gemeente

gen zijn afspraken gemaakt. De woningverdeling van de

wenst 3.500 woningen te realiseren, daar waar tot 2030

Stationstuinen past binnen deze afspraken.

maar 1.959 woningen wenselijk zijn. Het college van

De regionale Realisatieagenda’s Wonen zijn door alle

B&W ziet graag een onderbouwing voor het grotere

betrokken gemeenten ondertekend.

Geen gevolgen

plan opgenomen, aangezien dit ook van invloed kan zijn op Ridderkerkse woningbouw.

Verder wordt verwezen naar pagina 224 van het MER (bijlage 10), waarin ook kort wordt ingegaan op de woningmarktafspraken binnen de regio.

Oktober 2023

23

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

4f.

College van B&W stelt dat het onduidelijk is waarom - in

Voor het bepalen van het verzorgingsgebied is er geke-

het kader van de ladder voor duurzame verstedelijking

ken naar aantal verhuisbewegingen van kantoorhou-

voor niet-woonfuncties – bij horeca de gemeente Rid-

dende bedrijven van het naar Barendrecht over de peri-

derkerk wel secundair betrokken wordt, maar bij kanto-

ode 2017-2023. Uit die analyse is naar voren gekomen

ren/dienstverlening niet. College van B&W wil graag on-

dat het overgrote deel van de verhuisbewegingen bin-

derbouwd zien of het plan invloed heeft op de Ridder-

nen Barendrecht plaatsvindt. Dit is daarom aangemerkt

kerkse leegstand van kantoren

als het primair verzorgingsgebied. Daarnaast kwamen er

Geen gevolgen

behoorlijk wat bedrijven uit de gemeente Rotterdam. Dit is daarom gekozen als het secundair verzorgingsgebied. Uit de andere omliggende gemeenten, waaronder Ridderkerk kwam slechts een zeer beperkt deel. Andersom zijn er juist redelijk wat kantoorhoudende bedrijven vanuit Barendrecht naar Ridderkerk verhuisd. Het effect van dit plan op de kantorenmarkt in Ridderkerk zal zeer gering zijn en zeker niet onaanvaardbaar: 

In het plangebied wordt 4.800 bvo aan ruimte voor kantoren en dienstverlening toegevoegd. Op de kantorenmarkt van alleen Barendrecht (108.000 m² bvo) is dit een toevoeging aan de voorraad van 0,4%. In de context van de regio is de toevoeging nog geringer;

Voor Barendrecht alleen is er een behoorlijke uitbreidingsvraag naar kantoormeters voorzien. De extra kantoormeters zullen naar verwachting alleen door vraag uit de gemeente Barendrecht door de

Oktober 2023

markt kunnen worden opgenomen; Kantoren vestigen zich steeds meer rond OV

24

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

knooppunten. Dit is vanuit het perspectief van duurzaamheid ook wenselijk. Leegstand van incourante kantoormeters op de verkeerde plekken die hierdoor ontstaat, is niet per se problematisch. Oude kantoorlocaties kunnen een andere functie krijgen en bijvoorbeeld worden omgezet naar wonen. 

Het plan richt zich grotendeels op lokale dienstverlenende bedrijven en lokale kantoorhoudende bedrijven uit de foodsector; Voor grote kantoorgebruikers met een regionale scope is beperkt ruimte in het plangebied.

De huidige leegstand op de kantorenmarkt in Ridderkerk is met 6% gering. Deze zit op frictieleegstand en past bij een gezonde kantorenmarkt. Daarnaast kan de leegstand meerdere oorzaken hebben, zoals incourant aanbod en aanbod dat niet voldoet aan de eisen van de markt.

Daarnaast is de beoogde ontwikkeling regionaal (MRDH) afgestemd. 4g.

Het college van B&W stelt dat het onderzoek i.h.k.v. verkeer naar de gevolgen van De Stationstuinen op de IIsselmondse Knoop onvoldoende is. Middels dit onderzoek is niet duidelijk wat de gevolgen van het knelpunt zijn. Echter wordt wel verwezen naar oplossingen zoals beschreven in het MIRT, terwijl het project nog geen on-

Er is op dit moment geen aanleiding om de derde ontsluitingsweg door De Boomgaard te realiseren. Voor de bereikbaarheid van De Stationstuinen is deze weg niet noodzakelijk.

Zie paragraaf 2.1.4

Voor het overige wordt verwezen naar paragraaf 2.1.4

derdeel uitmaakt van het MIRT. Het college B&W verzoekt om onderzoek en maatregelen uit te werken vóórdat het vast te stellen bestemmingsplan ter in inzage gaat. Maatregelen zijn nodig aan de IJsselmondse Knoop, het kruispunt Veilingweg/Dierensteinweg en bij

Oktober 2023

Uiteraard is het de bedoeling van de gemeente Barendrecht om hierover in gesprek te blijven met de gemeente Ridderkerk om sluipverkeer in Ridderkerk te voorkomen.

25

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

de rotonde Verlengde Voorweg/Spoorlaan zoals blijkt uit de plantoelichting. Een derde ontsluitingsweg via De Boomgaard blijft onbespreekbaar voor het college. 4h.

Aanvullend op zienswijze 4g stelt het college van B&W dat de geluidbelasting op woningen of andere gevoelige bestemmingen in Ridderkerk door het te verwachten sluipverkeer verder onderzocht moet worden.

De verkeerscijfers laten vrijwel geen toename op wegen

Geen gevolgen

in of richting Ridderkerk zien (zie tabel 7 van het verkeersonderzoek (bijlage 22 van de toelichting) en paragraaf 6.12 van het MER (Bijlage 10 van de toelichting) Dus de milieueffecten zullen daar ook minimaal zijn. Nader onderzoek hiernaar wordt niet noodzakelijk geacht. Een belangrijke oorzaak van omrijbewegingen is vertraging/stagnatie. Het verkeersmodel houdt hiermee rekening. De gevolgen van die vertragingen zie je terug in de verkeerscijfers.

4i.

Het college van B&W is verbaasd over het feit dat er

In het ontwikkelingskader staat o.a dat er nieuwe fiets-

nog geen keuzes en afwegingen zijn gemaakt met be-

verbindingen aangelegd zullen worden en bestaande

trekking tot langzaam verkeer. Dit is onwenselijk vanuit

routes worden verbeterd. De Stationstuinen sluit goed

Ridderkerks perspectief. Gemeente Ridderkerk vraagt

aan op de regionale snelfietsroutes. Vanuit De Stations-

om een verdere uitwerking van langzaam verkeer, in re-

tuinen ligt er een directe fietsverbinding richting het cen-

latie tot Nieuw Reijerwaard, maar ook richting de Waal

trum van Barendrecht, Ridderkerk en Rotterdam. Voor

op Ridderkerks grondgebied (Gebroken Meeldijk).

de recreatieve fietser zijn er goede verbindingen die

Geen gevolgen

aansluiten op sportpark De Bongerd, Wevershoek, het Waaltje en het Waalbos. Verder kiest de gemeente voor het zogenaamde STOMP principe. Dit houdt in dat wordt begonnen met goede voorzieningen voor lopen en fietsen. De Stationstuinen wordt doorkruist door de fietsroutes F15 en F16. Hierdoor liggen er fietsverbindingen van hoge kwaliteit naar omliggende gebieden. Richting Nieuw-Reijerwaard sluit het plan aan op de vrijliggende fietsroute langs de

Oktober 2023

26

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

Spoorlaan-Voorweg. Ook de fietsverbinding langs de Gebroken Meeldijk blijft behouden en vormt de belangrijke verbinding richting Rijsoord en de Waal. We zien nog wel ontwerpopgaven bij de kruispunten Spoorlaan – Verenambachtseweg en Gebroken Meeldijk – Tuindersweg om daar de veiligheid voor fietsers te verbeteren. Dit zijn ontwerpopgaven die in een later stadium worden uitgewerkt. Fietsparkeren nabij station Barendrecht krijgt nadrukkelijk aandacht. Daarbij wordt ook gekeken naar bijvoorbeeld het aanbieden van deelfietsen bij station Barendrecht voor werknemers in Dutch Fresh Port / Nieuw-Reijerwaard. 4j.

Het college van B&W stelt dat in het bestemmingsplan

Bij de toelichting van het bestemmingsplan is bijlage 11

onvoldoende blijkt waarom zittende bedrijven rondom

‘Memo bedrijven en milieuzonering’ gevoegd. Deze is

het plangebied niet in hun belangen worden geschaad,

geüpdatet en aangevuld met een analyse van de plano-

uitgaande van de planologische mogelijkheden.

logische mogelijkheden van de zittende bedrijven.

Geen gevolgen

Daarbij dient overigens een onderscheid gemaakt te worden tussen bedrijven, die binnen het plangebied van de Stationstuinen als geheel zijn gelegen en de bedrijven daarbuiten. Voor de bedrijven gelegen binnen het plangebied geldt een voorbereidingsbesluit, dat op 26 september 2023 is vastgesteld (zie ook ruimtelijkeplannen.nl; NL.IMRO.0489.BPBTO20230002-VB01). Met het nemen van dit voorbereidingsbesluit is er een aanhoudingsplicht voor bouw- en aanlegactiviteiten. Het is in beginsel niet toegestaan om het gebruik van gronden of bouwwerken in dit gebied te wijzigen en/of te intensiveren ten opzichte van de vigerende bestemming.

Oktober 2023

27

Samenvatting zienswijze

Beantwoording

Gevolgen voor bestemmingsplan

Gedurende de ontwikkeltijd kunnen gebouwen en gebieden tijdelijk leeg (komen te) staan. En liggen (of komen te) gebieden braak. De gemeente vindt het belangrijk dat het gebied altijd aantrekkelijk is. Daarom denkt de gemeente graag gedurende de ontwikkeltijd samen met initiatiefnemers en ontwikkelaars in het gebied na over wat er in de tussentijd gebeurt met gronden en gebouwen die tijdelijk geen functie hebben. Het doel is om deze te benutten voor tijdelijke (gebruiks)functies. De tweede groep bedrijven zal niet in hun planologische mogelijkheden worden beperkt met uitzondering van het bedrijf aan de Transportweg 19 (Fresh2you). Maar dit bedrijf zal in het bestemmingsplan voor de tweede fase deel gaan uitmaken van de Stationstuinen en getransformeerd worden naar waarschijnlijk een Mobilityhub. 4k.

Zienswijze MER

Verwezen wordt naar paragraaf 2.1.4

Zie paragraaf 2.1.4

Verwezen wordt naar paragraaf 2.1.4

Zie paragraaf 2.1.4

Het college van B&W stelt dat vervolgonderzoek voor de verkeersafwikkeling nog nodig is en wil dat onderzoek verwerkt zien, voordat de gemeenteraad gaat besluiten over de vaststelling. Zienswijze 5

Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid bij brief van 17 mei 20023 en ingekomen op 17 mei 20023 Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid stelt dat in de toelichting en verkeersberekeningen (nog) geen voorgestelde maatregelen opgenomen zijn en daarmee ook

De rijksbelangen worden wel degelijke erkend. Hierover

geen financiële haalbaarheid of borging van de realisa-

wordt ook al geruime tijd overleg over gevoerd met o.a.

tie. Dit is eerder al in vooroverleg verzocht middels een

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13557784/1