B16 Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2
Tekst van het document
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma
projectnummer 0471174.100 definitief revisie 04 25 maart 2025
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma
projectnummer 0471174.100 definitief revisie 4 25 maart 2025
Auteurs F. van den IJssel
Opdrachtgever Gemeente Barendrecht Binnenhof 1 2991 AA BARENDRECHT
Gecontroleerd:
datum 25 maart 2025
beschrijving definitief
vrijgave T. Artz
Inhoudsopgave
Blz.
1
Inleiding
1
1.1 1.2 1.3
Aanleiding Aanvulling van het MER voor deze uitbreiding Opzet van deze aanvulling (leeswijzer)
1 2 2
2
Huidige situatie en referentiesituatie van de twee percelen
3
2.1 2.2 2.3 2.4
Huidige situatie Referentiesituatie De twee locaties in MER De Stationstuinen Wat betekent de uitbreiding voor de ontwikkeling van De Stationstuinen
3 4 4 4
3
Effecten van de uitbreiding van het programma
5
3.1 3.1.1 3.1.2 3.2 3.3 3.4
Effecten op verkeer Uitgangspunten Effecten op de verkeersafwikkeling Effecten op stikstofdepositie Effecten op luchtkwaliteit Effecten op geluid
5 5 7 9 12 14
4
Effecten van de uitbreiding van het plangebied
17
4.1 4.1.1 4.1.2 4.2
Mogelijkheden voor herinrichting Fresh2You-locatie ProRail-locatie Aandachtspunten vanuit gebiedsaspecten
17 17 18 19
5
Toetsing bestemmingsplan Fase 2
21
5.1 5.2 5.2.1 5.2.2 5.2.3 5.2.4 5.2.5 5.2.6
Toelichting op het bestemmingsplan Beoordeling per thema Mobiliteit Milieu en gezondheid Duurzaamheid Ruimtelijke kwaliteit Water, bodem en ondergrond Natuur
21 22 22 24 26 27 27 29
6
Conclusie
30
6.1 6.2
Uitbreiding plangebied en programma Toetsing van bestemmingsplan fase 2
30 30
Bijlage I – AERIUS Rekenbestand plansituatie zonder saldering
Bijlage II – AERIUS Rekenbestand plansituatie met saldering
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
1
Inleiding
1.1
Aanleiding MER De Stationstuinen De gemeente Barendrecht wil het gebied ten oosten van station Barendrecht herontwikkelen tot gemengd woon-werkgebied: De Stationstuinen. Het gebied moet ruimte bieden aan minimaal 3.500 woningen, een bijbehorend voorzieningenaanbod met ongeveer 67.500 m2 bedrijfsoppervlak. Voor de ontwikkeling heeft de gemeente allereerst een gebiedsvisie opgesteld. Deze visie wordt nu vertaald naar ruimtelijke kaders. Voor de eerste fase van de ontwikkeling is een bestemmingsplan opgesteld. Voor de ontwikkeling van De Stationstuinen is de m.e.r.procedure doorlopen en een MER opgesteld. Het MER is procedureel gekoppeld aan het bestemmingsplan voor fase 1 dat op 1 maart 2023 als ontwerp-besluit gepubliceerd is. Nieuwe uitgangspunten voor De Stationstuinen Na het ontwerp-besluit voor fase 1 hebben nieuwe ontwikkelingen en inzichten geleid tot herijking van de uitgangspunten voor De Stationstuinen. Door de uitbreiding van het plangebied ontstaat er ruimte om het woningbouwprogramma van De Stationstuinen uit te breiden naar ca. 4.500 woningen. De voornaamste aanleiding voor de wijziging van uitgangspunten is het beschikbaar komen van twee percelen binnen en direct grenzend aan het plangebied van De Stationstuinen. Figuur 1.1 toont de twee toe te voegen percelen aan de ontwikkeling van De Stationstuinen.
Fresh2You
ProRail
Figuur 1.1 Begrenzing van MER De Stationstuinen en de twee toe te voegen percelen binnen en naast het plangebied
Blad 1 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Het perceel aan de noordoostkant is op dit moment in gebruik door het bedrijf Fresh2You. De ontwikkelaar van De Stationstuinen heeft dit perceel opgekocht voor de ontwikkeling tot woonwerkgebied. Het perceel is ongeveer 1 ha groot. Het perceel aan de zuidwestkant van het plangebied was oorspronkelijk beoogd als nieuw oefenterrein en uitvalsbasis voor ProRail. Hiervoor was destijds een vergunningaanvraag ingediend. Het perceel ligt binnen de begrenzing van De Stationstuinen, maar doordat hier geen woningbouwontwikkeling en bestemmingsplanwijziging voorzien was, maakte het perceel geen onderdeel uit van het planvoornemen. Het bedrijf ProRail heeft echter aangegeven een locatie buiten Barendrecht te zoeken, waardoor het perceel binnen De Stationstuinen beschikbaar komt om mee te nemen in het planvoornemen. Het perceel is ongeveer 1,5 ha groot.
1.2
Aanvulling van het MER voor deze uitbreiding Uitgangspunten van het MER De beoogde uitbreiding van het plangebied en het woningbouwprogramma past niet binnen de uitgangspunten van het MER. Het MER gaat uit van 3.500 woningen. De betreffende percelen zijn in het MER meegenomen als bedrijfspercelen (ProRail binnen het plangebied, Fresh2You grenzend aan het plangebied) waar geen woningbouwontwikkeling voorzien is. Het MER heeft op basis van deze uitgangspunten de te maken keuzes voor de ontwikkeling van De Stationstuinen en de effecten op de leefomgeving onderzocht en beoordeeld. Wijziging van uitgangspunten kan leiden tot andere keuzes en/of andere effecten op de leefomgeving. Doel van de aanvulling Het doel van deze aanvulling op het MER is om te bepalen of de gewijzigde uitgangspunten voor De Stationstuinen leiden tot andere conclusies voor het MER. Deze aanvulling beschrijft de impact van het toevoegen van de twee percelen en de uitbreiding van het programma voor de keuzes uit het MER en voor de effecten op de leefomgeving.
1.3
Opzet van deze aanvulling (leeswijzer) Deze aanvulling van het MER gaat -na dit inleidende hoofdstuk- in hoofdstuk 2 in op het huidig ruimtegebruik van de twee percelen. Hier is beoordeeld of dit leidt tot aandachtspunten of aanvullende spelregels voor de ontwikkeling van De Stationstuinen. In hoofdstuk 3 zijn de effecten op de leefomgeving beschreven en beoordeeld. Hoofdstuk 4 bevat de conclusie.
Blad 2 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
2
Huidige situatie en referentiesituatie van de twee percelen
2.1
Huidige situatie Planologische situatie De twee percelen zijn opgenomen in het bestemmingsplan Bedrijventerrein Barendrecht Noordoost. Dit bestemmingsplan is in juni 2013 vastgesteld. De locaties zijn bestemd als bedrijventerrein. Op de Fresh2You-locatie zijn (via een functieaanduiding) bedrijven tot en met milieucategorie 3.2 toegestaan. Op de ProRail-locatie zijn bedrijven tot en met milieucategorie 3.1 toegestaan. Vergunde situatie Het bedrijf Fresh2You heeft een milieuvergunning voor een categorie 3.1 bedrijf. Voor de ProRaillocatie is geen vergunning verleend. Huidig ruimtegebruik Figuur 2.1 toont luchtfoto’s van de twee percelen.
Figuur 2.1 Luchtfoto van de Fresh2You-locatie (links) en de ProRail-locatie (rechts)
Fresh2You is een groothandel voor groente en fruit. Het bedrijf is gelegen op de hoek van de Spoorlaan en de Koopliedenweg. Het terrein is aan de westkant ontsloten via de Koopliedenweg, Aan deze zijden zijn de laaddocks aanwezig. Overige activiteiten vinden inpandig plaats. Het perceel van de ProRail-locatie is gelegen langs Zuideinde, ter hoogte van het station. Aan de zuidkant is een inrit vanaf deze weg gecreëerd. Het perceel is op dit moment niet in gebruik. Vooruitlopend op de bouw en ingebruikname van het terrein door ProRail is het perceel bouwrijp gemaakt.
Blad 3 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
2.2
Referentiesituatie In de referentiesituatie zijn geen relevante wijzigingen van het ruimtegebruik voorzien. In het MER is bij de referentiesituatie uitgegaan van ontwikkeling en ingebruikname van de ProRail-locatie. Dit is echter niet meer van toepassing.
2.3
De twee locaties in MER De Stationstuinen De twee percelen zijn opgenomen in de referentiesituatie van het MER. Dit houdt in dat rekening gehouden is met de impact op de woningbouwontwikkeling door de bedrijfsactiviteiten en de verkeersgeneratie van de percelen. Impact op de ontwikkeling op basis van milieucategorie In het MER voor De Stationstuinen komen de twee percelen wel voor, maar niet als locatie voor woningbouw. Het ProRail-perceel is als bedrijfslocatie (milieucategorie 3.1) opgenomen in het MER. Op basis van deze milieucategorie is de impact op de beoogde woningbouwontwikkeling van De Stationstuinen onderzocht. Het perceel van Fresh2You is eveneens als milieucategorie 3.1 opgenomen in het MER. Verkeerscijfers van het MER In het MER is de verkeersgeneratie van de ontwikkeling van De Stationstuinen ten opzichte van de verkeersgeneratie van de referentiesituatie bepaald. De twee percelen maken onderdeel uit van de referentiesituatie. In het verkeersonderzoek is voor beide percelen de verkeersgeneratie bepaald op basis van de bedrijfsactiviteiten.
2.4
Wat betekent de uitbreiding voor de ontwikkeling van De Stationstuinen De uitbreiding van het plangebied voor De Stationstuinen biedt nieuwe ruimte voor herontwikkeling. De percelen kunnen ingezet worden voor woningbouw of andere functies die passen bij de ontwikkeling tot gemengd woon-werkgebied. De gemeente wil de extra ruimte in ieder geval gebruiken om het woningbouwprogramma uit te breiden. Die uitbreiding kan onder andere mogelijk gemaakt worden door functies binnen het gebied te ‘verschuiven’. In feite leidt de uitbreiding van het plangebied tot twee aanpassingen voor De Stationstuinen: 1. Uitbreiding van het programma 2. Verschuiving van functies binnen De Stationstuinen
Blad 4 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
3
Effecten van de uitbreiding van het programma De uitbreiding van het programma voor De Stationstuinen leidt tot toename van effecten op de omgeving. Dit betreft met name verkeerseffecten en effecten op thema’s die gerelateerd zijn aan verkeer (geluid, lucht en stikstof).
3.1
Effecten op verkeer
3.1.1
Uitgangspunten Planuitgangspunten en verkeersnetwerk Om de effecten van de uitbreiding van het programma op de verkeersafwikkeling te onderzoeken zijn berekeningen met het regionaal verkeersmodel gemaakt. Hiervoor zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: Het totale woningbouwprogramma voor De Stationstuinen bedraagt 4.500 woningen1. De doorgaande verbinding aan de oostkant van het station vervalt. De route vanuit Donk en Zuideinde eindigt bij het parkeerdek van het station. Het parkeerdek van het station kan niet meer als doorgaande route gebruikt worden.
Figuur 3.1 Autonetwerk in de autonome situatie (links) en in de plansituatie (rechts). De stippellijn is een mogelijke verbinding die onderzocht is
Parkeerbeleid van De Stationstuinen Voor De Stationstuinen worden parkeervoorzieningen aan de randen van het gebied gerealiseerd. Dit betekent dat parkeerplaatsen op enige afstand (uitgangspunt 100 meter) van de woningen gelegen zijn. Onder andere de verplaatsing van de mobiliteitshub naar de Fresh2You-locatie draagt Het voorzieningenniveau groeit mee met het aantal woningen. Dit is in het verkeersonderzoek vertaald naar aantal arbeidsplaatsen. 1
Blad 5 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
hieraan bij. Gemiddeld moeten bewoners zes minuten lopen om de auto te bereiken. In het verkeersonderzoek is hier rekening mee gehouden door deze tijd als ‘vertraging’ toe te voegen aan de voedingslinks. Ten opzichte van andere modaliteiten wordt de auto dan een minder aantrekkelijk alternatief.
Figuur 3.2 Beoogde inrichting van de mobiliteitsstructuur binnen De Stationstuinen
Blad 6 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Dit parkeerbeleid gaat verder dan de uitgangspunten ten behoeve van het MER. Met de uitbreiding van het plangebied ontstaan er mogelijkheden om parkeervoorzieningen en ontsluitingswegen meer aan de randen van het gebied te positioneren. Het gebied wordt daardoor meer autoluw en de grotere afstand tot parkeervoorzieningen draagt bij aan het stimuleren van OV en fiets in het gebied.
3.1.2
Effecten op de verkeersafwikkeling Figuur 3.3 toont de resultaten van het verkeersonderzoek voor De Stationstuinen met ruim 4.500 woningen (Plan 2.0). Tabel 3.1 bevat de bijbehorende etmaalintensiteiten. Ter vergelijking zijn ook de resultaten van de verkeersberekeningen ten behoeve van het MER opgenomen in de tabel (Plan 1.0). De kolom ‘verschil’ toont de verschillen ten opzichte van de berekeningen van het MER.
Figuur 3.3 Thermometerpunten in en rond De Stationstuinen Tabel 3.1 Etmaalintensiteiten in de referentiesituatie en plansituatie voor De Stationstuinen
1
Spoorlaan (oostzijde)
Ref. Etm. 4.250
Blad 7 van 32
Plan 1.0 Etm. Abs.
Plan 2.0 Etm.
2.940
5.380
7.190
Verschil Abs. %
-1.810
-25%
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19
Spoorlaan (midden) Spoorlaan (westzijde) Zuideinde (zuidzijde) Gebroken Meeldijk Klimaatstraat Zuideinde (noordzijde) Donk Dierensteinweg (westzijde) Dierensteinweg (oostzijde) Oprit A15 richting Dordrecht Oprit A15 richting Rotterdam Verbindingsweg Veren Ambachtseweg Voorweg Rijksstraatweg Tuindersweg Boezemweg (oostzijde) Boezemweg (westzijde)
3.980 2.570 1.330 2.040 n.v.t. 1.820 2.690 17.880 20.880 19.980 12.350 19.130 17.220 3.510 3.290 15.030 8.120 10.730
7.070 6.150 0 5.740 3.190 5.470 7.570 17.560 22.610 20.870 13.720 20.970 22.190 3.890 3.530 12.610 10.810 11.870
3.090 3.580 -1.330 3.700 3.190 3.650 4.880 -320 1.730 890 1.370 1.840 4.970 380 240 -2.420 2.690 1.140
4.000 790 2.360 8.180 17.640 25.070 21.230 13.000 18.790 19.480 3.640 3.190 16.590 8.020 11.240
-7.070 -6.150 0 -1.740 -2.400 -3.110 610 80 2.460 360 -720 -2.180 -2.710 -250 -340 3.980 -2.790 -630
-100% -100% -30% -75% -57% 8% 0% 11% 2% -5% -10% -12% -6% -10% 32% -26% -5%
De resultaten van het verkeersonderzoek laten een vergelijkbaar beeld zien als bij het MER. Toenames van verkeer zijn te zien op de Gebroken Meeldijk, Veren Ambachtseweg en op de noordelijke route via Donk en Dierensteinweg richting de IJsselmondse Knoop. Ten opzichte van het MER zijn er overwegend afnames te zien. Dit komt voornamelijk door het gewijzigde parkeerbeleid en de verplaatsing van mobiliteithubs naar de randen van het gebied. Alleen aan de noordkant van het plangebied, bij Donk en Dierensteinweg liggen de intensiteiten ca. 10% hoger. Op de Tuindersweg is een toename van ca. 30% berekend. Dit komt door de verplaatsing van (de aansluiting van) de mobiliteithub aan de zuidkant van het plangebied. Ten opzichte van de verkeersberekening van het MER zijn de knelpunten op kruispunten enigszins afgenomen. Het kruispunt Donk – Dierensteinweg en de aansluiting op de IJsselmondse Knoop blijven een aandachtspunt. Voor de IJsselmondse Knoop betreft het knelpunt de capaciteit op de oprit van de A15 richting Nijmegen. Hiervoor wordt door de gemeente Barendrecht en Ridderkerk binnen de MIRT-verkenning Oeververbinding Rotterdam onderzoek gedaan naar maatregelen.
3.2
Effecten op stikstofdepositie Voor de ontwikkeling van 4.500 woningen zijn de effecten op stikstofdepositie onderzocht. Hiervoor zijn de cijfers van het verkeersonderzoek, zoals beschreven in paragraaf 3.1 gebruikt. De effecten op stikstofdepositie zijn berekend met behulp van het rekenprogramma AERIUS. Hier zijn de relevante bronnen met stikstofemissies gemodelleerd. Afbakening van de berekening Voor de modellering van de verkeerseffecten van de ontwikkeling worden de wegen meegenomen waar een relevante toe- of afname van verkeer te verwachten is. Het verkeersmodel berekent het
Blad 8 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
aantal voertuigen over heel Nederland. Niet alle wegen hoeven meegenomen te worden in deze berekening. Als uitgangspunt geldt het principe dat verkeer meegenomen wordt tot het ‘opgaat in het heersende verkeersbeeld’. Dit komt er op neer dat alleen wegen meegenomen moeten worden waar de toe- of afname merkbaar is in het verkeersbeeld. Om hoeveel voertuigen of hoeveel procent toe- of afname dit gaat is niet gedefinieerd. Voor dit onderzoek zijn wegen met een toeof afname van meer dan 2% opgenomen. De afbakening sluit hiermee aan bij de afbakening van het stikstofonderzoek van het MER.
Figuur 3.4 Afbakening van het wegennet voor de berekening van de effecten op stikstofdepositie
Saldering met huidige emissies In de berekening van de effecten op stikstofdepositie wordt op twee manieren rekening gehouden met stikstofemissies die in de huidige situatie en referentiesituatie aanwezig zijn. Emissies van verkeer in de referentiesituatie, zoals verkeer van en naar bedrijven binnen het plangebied, zijn meegenomen in de verkeerscijfers van de referentiesituatie. In de plansituatie verdwijnt dit verkeer en komt er verkeer van en naar De Stationstuinen voor terug. In de huidige situatie zijn er ook bedrijfsactiviteiten. In het stikstofonderzoek in het MER zijn voor emissies van bedrijfsactiviteiten bronnen gemodelleerd. De bedrijfsactiviteiten zijn geïnventariseerd op basis van de vergunde milieucategorie. Voor de modellering van emissies is gebruik gemaakt van kengetallen per milieucategorie. Voor de berekening van deze aanvulling is dezelfde systematiek gehanteerd.
Blad 9 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
De twee percelen die nu toegevoegd zijn aan het plangebied zijn ook toegevoegd aan de bronnen van stikstofemissies. Figuur 3.5 toont de bedrijfspercelen met de bijbehorende milieucategorie.
Figuur 3.5 Bedrijfspercelen binnen het plangebied van De Stationstuinen en de bijbehorende (vergunde) milieucategorie
Realisatiefase In het MER is ook het effect van de realisatiefase van de ontwikkeling op stikstofdepositie berekend. Omdat effecten op stikstofdepositie per jaar berekend worden, wordt het effect van de realisatiefase voornamelijk bepaald door het bouwtempo. De uitbreiding van het woningbouwprogramma leidt naar verwachting niet tot een hoger bouwtempo, maar eerder tot een langere bouwtijd. De volledige ontwikkeling van De Stationstuinen duurt hierdoor enkele jaren
Blad 10 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
langer. De uitbreiding van het programma heeft hierdoor geen invloed op de effecten van de realisatiefase op stikstofdepositie. Resultaat van de berekening Berekening zonder saldering Onderstaande tabel toont het resultaat van de berekening zonder saldering met bestaande bedrijfsactiviteiten.
De tabel laat zien dat er een kleine toename van 0,01 mol/ha/jaar berekend is op de Biesbosch. De toename is berekend op ca. 21 ha van het Natura 2000-gebied. Berekening met saldering Onderstaande tabel toont het resultaat van de berekening waarbij bestaande bedrijfsactiviteiten toegevoegd zijn aan de referentiesituatie (saldering).
De tabel geeft geen resultaat. Dit betekent dat er geen toe- of afname van stikstofdepositie berekend is.
3.3
Effecten op luchtkwaliteit Doordat wegverkeer één van de voornaamste bronnen van luchtverontreiniging is, werken de effecten op verkeer ook door op luchtkwaliteit. De concentraties stikstofdioxide (NO2), fijn stof (PM10) en zeer fijn stof (PM2,5) kunnen veranderen door de verkeerseffecten van de uitbreiding van het plan. Voor de beoordeling van de uitbreiding van De Stationstuinen op luchtkwaliteit is allereerst gekeken naar de resultaten van het onderzoek bij het MER. De figuren en tabellen die getoond worden zijn afkomstig uit het luchtkwaliteitsonderzoek bij het MER. Op basis van deze resultaten en de effecten van de uitbreiding op verkeer, zoals beschreven in paragraaf 3.1, zijn de effecten op luchtkwaliteit beschouwd. Luchtkwaliteit in het MER In het MER zijn de effecten van de ontwikkeling op de luchtkwaliteit in en rond het plangebied onderzocht. Figuur 3.6 toont de concentraties stikstofdioxide, fijn stof en zeer fijn stof voor de referentiesituatie en de plansituatie zoals berekend bij het luchtkwaliteitsonderzoek van MER De Stationstuinen.
Blad 11 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Figuur 3.6 Resultaten van het luchtkwaliteitsonderzoek ten behoeve van MER De Stationstuinen
In en rond het plangebied zijn enkele meetpunten inzichtelijk gemaakt. Figuur 3.4 laat zien dat aan de oostkant van de Spoorlaan, bij Zuideinde en aan de westkant van de Gebroken Meeldijk toenames van 1 à 2 μg/m3 stikstofdioxide berekend zijn. Voor fijn stof ligt de toename rond de 0,5 μg/m3. De toenames zijn het gevolg van de verkeerseffecten van de ontwikkeling van 3.500 woningen met bijbehorend mobiliteitsbeleid zoals beschreven in het MER. De verkeersresultaten in paragraaf 3.1 laten zien dat op de Spoorlaan, Zuideinde en de Gebroken Meeldijk de omvang van verkeer afneemt ten opzichte van de berekeningen van het MER. De concentraties luchtverontreiniging in het gebied zullen daardoor lager liggen dan de resultaten die figuur 3.6 laat zien. Bij de wegen waar toename van verkeer berekend is, zijn geen gevoelige objecten in de directe omgeving aanwezig. Op basis van deze resultaten is te concluderen dat de luchtkwaliteit in en rond het plangebied voldoet aan de wettelijke grenswaarden uit de Wet milieubeheer. De WHO-advieswaarden van 2021 worden niet gehaald.
Blad 12 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
3.4
Effecten op geluid Voor de effecten op geluid is naar twee aspecten gekeken: de geluidbelasting ter plaatse van de toe te voegen percelen en de effecten van de uitbreiding op wegverkeerslawaai. Voor de beoordeling van de uitbreiding van De Stationstuinen op wegverkeerslawaai is allereerst gekeken naar de resultaten van het onderzoek bij het MER. De resultaten die getoond worden zijn afkomstig uit het geluidonderzoek bij het MER. Op basis van deze resultaten en de effecten van de uitbreiding op verkeer, zoals beschreven in paragraaf 3.1, zijn de effecten op wegverkeerslawaai beschouwd. Geluidbelasting op de nieuwe locaties Figuur 3.7 toont de resultaten voor wegverkeerslawaai van het geluidonderzoek van het MER op 4,5 en 19,5 meter hoogte.
Figuur 3.7 Resultaten van de berekeningen voor wegverkeerslawaai binnen De Stationstuinen
Met de uitbreiding van het plangebied en het programma wijzigen twee zaken voor wegverkeerslawaai: de omvang van het verkeer op de wegen en de ligging van de wegen. In de nieuwe inrichting van het gebied komt de doorgaande weg (Klimaatstraat) meer naar het oosten te liggen. Een extra deel van de Spoorlaan wordt hierdoor dan autovrij. Tabel 3.1 laat zien dat het aantal voertuigen op de Klimaatstraat aanzienlijk afneemt ten opzichte van de berekening bij het MER. Dit komt onder andere doordat meer autoverkeer ‘afgevangen’ wordt aan het begin van de Spoorlaan. Er rijdt hierdoor minder verkeer door het gebied. De geluidbelasting door wegverkeer van de Klimaatstraat neemt hierdoor af. Bij Donk, Dierensteinweg en Tuindersweg is een (lichte) toename van verkeer ten opzichte van de berekening van het MER te zien. De toename van 30% op de Tuindersweg leidt tot ongeveer 1 dB
Blad 13 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
toename van wegverkeerslawaai. Met het akoestisch onderzoek voor woningbouw in de omgeving van de Tuindersweg dient rekening gehouden te worden met de geluidbelasting door wegverkeer.
Figuur 3.8 Cumulatieve geluidbelasting op basis van het geluidonderzoek ten behoeve van MER De Stationstuinen
Bij de cumulatieve geluidbelasting is de invloed van bedrijvenlawaai goed zichtbaar. Binnen het gebied springt de geluidbron van ProRail eruit. Hier ligt de cumulatieve geluidbelasting boven de 60 dB. Door de uitbreiding van het plangebied met woningbouw op dit perceel verdwijnt deze geluidbron. Dit is positief voor de omliggende ontwikkelvelden, de geluidbelasting door bedrijvenlawaai neemt hierdoor af. Op de Fresh2You-locatie verdwijnt eveneens de geluidbron van het bedrijf. Ook dit is positief voor de omliggende ontwikkellocaties. Voor woningbouw op de locatie zelf dient wel aandacht te zijn voor bedrijvenlawaai vanuit de bedrijven aan de oostkant. In het geluidonderzoek van het MER is de geluidbelasting op de Fresh2You-locatie niet onderzocht. Bij het ruimtelijk besluit voor deze locatie moet de geluidbelasting van omliggende bedrijven onderzocht worden om te beoordelen of hier sprake is van een goed woon- en leefklimaat conform het geluidbeleid van de gemeente Barendrecht. Dit is geborgd in de spelregels voor geluid. Deze spelregel is ook van toepassing als op de twee toe te voegen locaties geluidgevoelige objecten mogelijk gemaakt worden. Geluidbelasting bij bestaande geluidgevoelige objecten De ontwikkeling van De Stationstuinen leidt tot toename van verkeer op wegen in de omgeving van het plangebied.
Dit kan tot toename van geluidbelasting door wegverkeer bij bestaande geluidgevoelige objecten leiden. In het MER is dit onderzocht. Uit de berekeningen blijkt dat alleen bij de woningen langs de Gebroken Meeldijk toenames van geluid zijn berekend. De toename bedraagt minder dan 1 dB. Op woningen langs de Rijksstraatweg zijn geen effecten berekend. De resultaten va de nieuwe verkeersberekeningen (tabel 3.1) laten zien dat de toename van verkeer op de Gebroken Meeldijk lager is dan de berekeningen van het MER. Ook op de
Blad 14 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Rijksstraatweg is de omvang van verkeer nu lager. Ten opzichte van het MER leidt de uitbreiding van het programma en het plangebied daarom niet tot toename van geluidbelasting door wegverkeer.
Blad 15 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
4
Effecten van de uitbreiding van het plangebied Met de uitbreiding van het plangebied worden twee percelen toegevoegd aan de ontwikkeling van De Stationstuinen. In het MER zijn deze percelen niet als ontwikkellocatie meegenomen. Of de locaties geschikt zijn voor herontwikkeling tot woningbouwlocatie is onder andere afhankelijk van de inrichting van de locatie. De mogelijkheden voor herinrichting zijn in paragraaf 4.1 kort beschreven. Paragraaf 4.2 beschouwt enkele aandachtspunten vanuit het MER voor deze locaties.
4.1
Mogelijkheden voor herinrichting De wens van de gemeente is om de mobiliteitshub aan de westkant te verplaatsen naar het perceel van Fresh2You en op de plek van de mobiliteitshub woningen te ontwikkelen. De mobiliteitshub komt dan aan de rand van het gebied te liggen, grenzend aan bedrijvigheid. De locatie van Fresh2You is minder geschikt voor woningbouw omdat hier hogere geluidbelastingen te verwachten zijn. Een mobiliteitshub is niet geluidgevoelig en kan mogelijk als afscherming dienen voor geluid vanuit de bedrijven richting de woonlocaties.
4.1.1
Fresh2You-locatie De gewenste invulling van het perceel van Fresh2You leidt tot een verplaatsing van de mobiliteitshub. Binnen het bestemmingsplangebied leidt dit tot een functiewijziging en uitbreiding van woningbouw. Met de transformatie van het perceel van Fresh2You verdwijnt een geluidbron in de directe omgeving van De Stationstuinen. Dit heeft positieve effecten op de geluidbelasting in het gebied. Figuur 4.1 toont een mogelijke stedenbouwkundige invulling van dit deel van De Stationstuinen. De Fresh2You-locatie betreft het perceel waar het kantoor of hotel en een deel van de mobiliteitshub voorzien is. Vanwege de directe nabijheid van bedrijven met milieucategorie 3.2 of hoger aan de oostkant en de ligging langs de ontsluitingswegen van De Stationstuinen, zijn nietgeluidgevoelige objecten op deze locatie beter geschikt. De verschuiving van de mobiliteitshub vanuit het oostelijk gelegen perceel zorgt ervoor dat op die locatie ruimte ontstaat voor woningbouw. De niet-woonfuncties en de mobiliteitshub op dit perceel kunnen tevens als afscherming dienen voor geluidbronnen aan de oostkant van het plangebied. Bovendien komt de mobiliteitshub hiermee verder aan de rand van het plangebied te liggen, waardoor er minder verkeer door het gebied en langs nieuwe woningen hoeft te rijden.
De verwachting is dat de functiewijziging positieve effecten heeft op het woon- en leefklimaat van De Stationstuinen.
Blad 16 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Figuur 4.1 Mogelijke invulling van het deelgebied waar de Fresh2You-locatie onderdeel van uitmaakt (bron: Structuurplan Fruit Packing District, oktober 2023)
4.1.2
ProRail-locatie Op deze locatie is in het MER een bedrijfsperceel van ProRail voorzien. Als het perceel meegenomen wordt in de ontwikkeling van De Stationstuinen ontstaan er kansen om centraal in het gebied en direct grenzend aan het station meer woningen te ontwikkelen. In het Structuurplan is reeds verkend wat de mogelijkheden zijn voor dit perceel. Als aangesloten wordt bij het programma van de omliggende ontwikkelvelden is hier ruimte voor ca. 300 woningen. Door dit perceel te betrekken bij de ontwikkeling kan De Stationstuinen beter aangesloten worden op de fietsverbinding met de rest van Barendrecht aan de westkant van het station. Ook de ontwikkelvelden ten zuiden van de ProRail-locatie komen dan minder geïsoleerd te liggen, waardoor De Stationstuinen meer een geheel als woon-werkgebied wordt.
Blad 17 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Zo lang de percelen ten zuiden van het ProRail-locatie nog in gebruik zijn voor bedrijfsdoeleinden geldt voor de ProRail-locatie eveneens de spelregel dat bij het ruimtelijk besluit de mogelijke hindercontouren over het perceel geïnventariseerd moeten worden.
Figuur 4.2 Mogelijke stedenbouwkundige invulling van de ProRail-locatie (bron: Structuurplan Fruit Packing District, oktober 2023)
4.2
Aandachtspunten vanuit gebiedsaspecten Naast verkeer en de verkeergerelateerde aspecten zijn er in het MER andere thema’s en aspecten van de fysieke leefomgeving onderzocht. De locatie van Fresh2You is daarin niet meegenomen, die lag buiten het plangebied. De locatie van ProRail is als (bestaand) bedrijventerrein meegenomen. In het MER zijn diverse gebiedsaspecten onderzocht en geïnventariseerd. Voor de relevante thema’s en aspecten zijn spelregels voor de verdere ontwikkeling van De Stationstuinen opgesteld. In onderstaande tabel zijn de relevante bevindingen voor de twee percelen beschouwd en is aangegeven in hoeverre de spelregels van het MER van toepassing zijn.
Blad 18 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Aspect Mobiliteit Milieuhinder Geluid Luchtkwaliteit Externe veiligheid Trillingen Geur
Gezondheid Energie Klimaatadaptatie Circulariteit Archeologie
Cultuurhistorie Ruimtelijke aspecten Bodem en ondergrond
Waterstaat
Beschermde gebieden Biodiversiteit Bouwfase Algemeen Ambitie Groen en bewust Ambitie gezond bereikbaar
Bevindingen van het MER / Spelregels Zie paragraaf 3.1 Bij de inventarisatie van bedrijven en milieuzonering ten behoeve van het ruimtelijk besluit worden deze percelen ontwikkellocatie meegenomen. Voor inpassing van nieuwe activiteiten gelden de spelregels uit het MER. Zie paragraaf 3.4 Zie paragraaf 3.3 Uit de inventarisatie van het MER blijkt dat er geen relevante aandachtsgebieden van risicobronnen over de percelen liggen. Eventuele gevaarcontouren volgen uit de verplichte bedrijven- en milieuzonering ten behoeve van het ruimtelijk besluit. Voor de ProRail-locatie geldt de verplichting voor onderzoek naar trillingshinder. Met bestemmingsplan fase 2 wordt het bedrijf Renes met geurcontour van 100 meter wegbestemd. Voor de ProRail-locatie zijn geen geurcontouren aanwezig. Mogelijke geurhinder bij de Fresh2You-locatie volgt uit de verplichte bedrijven- en milieuzonering ten behoeve van het ruimtelijk besluit. Voor gezondheid gelden de spelregels vanuit het MER voor beide percelen. In de stedenbouwkundige uitwerking wordt een integraal beeld voor het hele gebied opgesteld. Voor dit aspect gelden de spelregels vanuit het MER. Voor dit aspect gelden de spelregels vanuit het MER. Voor dit aspect gelden de spelregels vanuit het MER. Voor bede percelen geldt een archeologische verwachtingswaarde voor ingrepen dieper dan 60 cm.
Op basis van de verdere uitwerking van het plan en het archeologisch vooronderzoek ten behoeve van het ruimtelijk besluit wordt dit aspect verder onderzocht. De conclusie van het MER voor dit aspect (geen spelregels) zijn ook van toepassing op de twee percelen. Voor de twee percelen geldt de spelregel om een breder stedenbouwkundig ontwerp op te stellen en te onderzoeken op ruimtelijke aspecten zoals windhinder (bij hoogbouw van meer dan 30 meter) en bezonning. Beide percelen zijn opgenomen in het historisch bodemonderzoek ten behoeve van bestemmingsplan fase 1. De conclusies van deze onderzoeken dienen meegenomen te worden in de verdere besluitvorming over deze percelen. Het perceel van ProRail is opgenomen in het onderzoeksgebied van de quickscan ontplofbare oorlogsresten. Het gebied is als niet-verdacht bestempeld. De Fresh2You-locatie is slechts gedeeltelijk onderzocht. Bij het ruimtelijk besluit is vervolgonderzoek aan te bevelen. Voor beide percelen gelden de eisen en spelregels voor verharding en waterberging. Het ProRail-perceel is vrijwel geheel onverhard, hier is compensatie nodig voor toe te voegen verharding. Dit kan gezocht worden in de aangrenzende groenstructuur aan de oostkant. De aanleg van de nieuwe watergang door het gebied heeft geen invloed op de twee percelen.
De aanleg geldt wel als randvoorwaarde voor de ontwikkeling van de percelen, vanwege de compensatieopgave voor de ontwikkeling. Zie paragraaf 3.2 voor de effecten op stikstofdepositie. Andere mogelijke verstoringsfactoren voor beschermde natuurgebieden zijn vanwege de afstand van de twee percelen tot deze gebieden uit te sluiten. Voor beide percelen dient ten behoeve van het ruimtelijk besluit een (geactualiseerde) natuurtoets uitgevoerd te worden. Spelregels voor de natuurvriendelijke inrichting van het gebied gelden ook voor deze percelen. Hiervoor zijn de algemene spelregels uit het MER van toepassing. Voor beide percelen zijn de algemene spelregels van toepassing. De spelregels voor de ambitie Groen en bewust zijn op beide percelen van toepassing. De spelregels voor de ambitie Gezond bereikbaar zijn op beide percelen van toepassing.
Blad 19 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
5
Toetsing bestemmingsplan Fase 2
5.1
Toelichting op het bestemmingsplan Het bestemmingsplan maakt de tweede fase van de ontwikkeling van ‘De Stationstuinen’ mogelijk. Het bestemmingsplan maakt het volgende programma (maximaal) mogelijk: a) maximaal 1.050 woningen; b) detailhandel, niet zijnde een supermarkt, maximaal 600 m² bvo totaal; c) supermarkt van maximaal 2.000 m2 bvo; d) horeca, categorie 1 en 2, maximaal 400 m² bvo; e) hotel tot een maximum van 4.000 m2 bvo; f) kantoren en dienstverlening, maximaal 6.500 m² bvo; g) overige niet-woonfuncties (maatschappelijk, onderwijs, kinderdagopvang), maximaal 3.400 m²; h) sportvoorzieningen tot een maximum van 600 m2 bvo; i) op twee plaatsen een mobiliteitshub met bijbehorende voorzieningen, detailhandel en andere niet-woonfuncties; j) een parkachtige groenvoorziening (bestemd als ‘groen’). Dit wordt gerealiseerd binnen de gebieden die zijn gemarkeerd als bestemmingsplanwijziging en afwijkingslocatie (rood en groen), zoals weergegeven in onderstaande figuur 5.1.
Figuur 5.1 Bouwblokken binnen fase 2 van De Stationstuinen
Blad 20 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Figuur 5.2: bestemmingsplan ‘Stationstuinen, tweede fase’
Omdat het programma (nog) niet verdeeld is over de verschillende ontwikkelvelden is er voor gekozen om de ontwikkelvelden te voorzien van de bestemming ‘gemengd’. De hoofdwegenstructuur heeft de bestemming ‘verkeer’. De zone langs bestemmingsplan fase 1 heeft de bestemming ‘groen’. Waar nodig is dit specifiek gemaakt met functieaanduidingen en bouwaanduidingen.
5.2
Beoordeling per thema
5.2.1
Mobiliteit Spelregels Aspect Spelregels Wegenstructuur en Toepassen van de ontwerpprincipes van Duurzaam Veilig bij het opstellen van verkeersveiligheid wegprofielen Borging van de afsluiting voor wegverkeer rond het station door middel van verkeersbesluit(en) Locaties en tijden voor vrachtverkeer instellen Gefaseerde aanpak voor de mobiliteitsmaatregelen (monitoring) Verkeersafwikkeling Nader onderzoek naar de verkeersafwikkeling op de IJsselmondse Knoop
Blad 21 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Duurzame mobiliteit
Uitgangspunten voor verkeersmodellering vastleggen in ruimtelijke besluiten Vervolgonderzoek naar verkeersafwikkeling op kruispunten Aanleg van nieuwe fietsvoorzieningen in het gebied Aansluiting bij omliggende fietsverbindingen
Wegenstructuur & verkeersveiligheid Binnen fase 2 wordt de nieuwe weg tussen de Spoorlaan en de Gebroken Meeldijk aangelegd. Deze weg loopt langs de oostkant van het plangebied. Figuur 5.3 toont de wegenstructuur voor autoverkeer in fase 2 van De Stationstuinen. De figuur laat zien hoe de mobiliteitshubs ontsloten zijn. Deze ontsluitingswegen worden ingericht als 30 km/uur-wegen conform de principes van Duurzaam Veilig. Doorgaand verkeer over de Spoorlaan richting het station wordt met deze herinrichting onmogelijk gemaakt. Doordat de ontsluitingswegen aan de rand van het gebied gelegen zijn, zijn kruisingen met langzaam verkeer beperkt. Binnen en tussen de ontwikkelvelden zijn geen autowegen aanwezig die een barrière (kunnen) vormen voor langzaam verkeer. Dit is positief voor de verkeersveiligheid in het gebied. Voor vrachtverkeer wordt gekeken naar de mogelijkheid voor venstertijden. Figuur 5.3 Wegenstructuur voor autoverkeer in Fase 2
Verkeersafwikkeling De verkeersafwikkeling voor Fase 2 is onderzocht in het verkeersonderzoek voor De Stationstuinen (Goudappel Coffeng, november 2023). In het onderzoek zijn verschillende verkeersmodellen doorgerekend die de netwerkeffecten van de ontwikkeling inzichtelijk maken. In de verschillende varianten zijn toenames te verwachten op de Spoorlaan, Donk en Dierensteinweg (tussen Donk en IJsselmondse Knoop). Deze toename leidt niet tot knelpunten voor de I/C-waarden of de doorstroming op kruispunten. Het mobiliteitsconcept van de nieuwe wijk leidt tot een verschuiving van modaliteiten naar meer fiets- en OV-gebruik. Ook zorgt de transformatie van verandering van de verkeersstromen van en naar de IJsselmondse Knoop. Bij het bedrijventerrein is er in de ochtend een grotere inkomende stroom, in de avondspits een uitgaande stroom. Bij een woongebied is deze stroom omgedraaid. Uit het verkeersonderzoek van Goudappel blijkt dat dit leidt tot afname van de doorstromingsknelpunten bij de IJsselmondse Knoop.
Blad 22 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Duurzame mobiliteit Binnen het plangebied zijn twee mobiliteitshubs beoogd. De hub aan de noordoostkant betreft een verplaatsing van de hub uit fase 1. Deze wordt uitgebreid zodat er voldoende parkeergelegenheid voor het hele gebied is. Deze hubs moeten er voor zorgen dat er, in samenhang met een nieuw aan te leggen fietsstructuur, voorzien kan worden in een mobiliteitsshift. Dit volgt uit de nadere keuze voor duurzame mobiliteit. De hubs zijn in het bestemmingsplan vastgelegd door middel van een functieaanduiding. Parkeren Parkeren binnen De Stationstuinen vindt plaats onder de gebouwen en in centrale parkeerhubs aan de randen van het gebied. Deze zijn in figuur 5.3 weergegeven.
5.2.2
Milieu en gezondheid Spelregels Aspect Milieuhinder
Geluid Luchtkwaliteit
Externe veiligheid
Trillingen Geur Gezondheid
Spelregels Toetsing aan de VNG-milieuzoneringssystematiek of vergelijkbaar voor bedrijvigheid binnen De Stationstuinen Inventariseren van bedrijfsactiviteiten per ruimtelijk besluit Akoestisch onderzoek op basis van een stedenbouwkundig ontwerp Maatregelen om lokale luchtverontreiniging te voorkomen of te beperken Gevoelige bestemmingen in de eerste lijnsbebouwing langs drukke wegen uitsluiten Goed geventileerde woningen Geen nieuwe risicovolle inrichtingen binnen het woongebied Geen BRZO-inrichtingen binnen het plangebied Beperkte verantwoording van het groepsrisico opnemen Advies inwinnen bij de Veiligheidsregio ten aanzien van zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid Geen zeer kwetsbare functies binnen 200 meter van het spoor Onderzoek naar trillingshinder bij woningbouw binnen 100 meter van het spoor Geurhinderonderzoek bij woningbouw binnen geurcontouren van omliggende bedrijven Gezond gedrag stimuleren Toetsing van het stedenbouwkundig ontwerp op ruimtelijke aspecten Maatregelen om een gezonde leefstijl te bevorderen
Bedrijven en milieuzonering Bij bestemmingsplan fase 2 is een inventarisatie van de bedrijven en milieuzoneringen rond het plangebied opgenomen. Vanuit de uitgevoerde analyse zijn er een aantal aandachtspunten: over het plangebied lopen diverse milieucontouren. Dit betreft met name de bedrijven aan de oostkant van het plangebied. Het relevante hinderaspect betreft geluid. voor de mobiliteitshub geldt een richtafstand van 10 meter. De locaties van de mobiliteitshubs zijn vastgelegd door middel van functieaanduidingen. Er is minimaal 10 meter afstand gehouden tot bouwvlakken waar woningen toegestaan zijn. Dit is in de regels en op de verbeelding van het bestemmingsplan vastgelegd. de beoogde voorzieningen kunnen binnen de vlakken met de bestemming ‘Gemengd’ worden gerealiseerd als er wordt voldaan aan de voorwaarden voor functiemenging. Akoestiek
Blad 23 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Voor het bestemmingsplan fase 2 is akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de relevante geluidbronnen en de cumulatieve geluidbelasting hiervan. Het plan is ook getoetst aan het gemeentelijk beleid. Omdat bij het bestemmingsplan fase 2 nog geen besluit genomen is over het perceel van ProRail is dit bedrijf ook meegenomen in het geluidonderzoek. Het onderzoek leidt tot de volgende bevindingen/resultaten voor wegverkeer- en railverkeerslawaai: De geluidbelasting ten gevolge van de gezoneerde wegen Spoorlaan, Gebroken Meeldijk, Koopliedenweg en Ziedewij bedraagt ten hoogste respectievelijk 38 dB, 46 dB, 45 dB en 46 dB (inclusief 5 dB aftrek conform artikel 110g uit de Wet geluidhinder). De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt niet overschreden. Voor de Veren Ambachtseweg/Tuindersweg is een beperkte overschrijding van de voorkeursgrenswaarde berekend op de hogere lagen van bouwvlakken D en F. De geluidbelasting is ten hoogste 49 dB. Vanwege de beperkte overschrijding is het treffen van maatregelen niet doelmatig. De kosten wegen niet op tegen de beperkte winst voor geluid. Hiervoor worden hogere waarden vastgesteld. De gecumuleerde geluidbelasting van alle wegen bedraagt ten hoogste 47 dB.
De geluidsbelasting van railverkeer op de geplande woongebouwen bedraagt ten hoogste 47 dB en blijft hiermee onder de voorkeursgrenswaarde van 55 dB; Op basis van de bedrijven- en milieuzonering is onderzoek gedaan naar de geluidbelasting van omliggende bedrijven op de ontwikkelvelden van fase 2. Het langtijdgemiddelde geluidniveau overschrijdt op bouwvlak A, D, E en F de grenswaarde van 50 dB (A). Bij bouwvlak A is een geluidbelasting van maximaal 52 dB(A) berekend, op bouwvlak F is de langtijdgemiddelde geluidbelasting maximaal 55 dB(A). Bij bouwvlakken D en E ligt de geluidbelasting boven 65 dB. Voor de bedrijven die de hoge geluidbelasting op bouwvlak D en E veroorzaken zijn maatregelen zoals afscherming van (koel)installaties of het toepassen van walstroom voor vrachtauto’s nader onderzocht. Deze maatregelen blijken niet afdoende om aan de grenswaarde van 50 dB(A) te voldoen. Aan de oostkant van het plangebied zijn maatregelen nodig om de geluidbelasting op de gevels te verminderen: o In bouwvlak B en C zijn geen geluidgevoelige objecten voorzien. Deze gebouwen worden zo gepositioneerd en gedimensioneerd dat bouwblok A en een deel van F voldoende afgeschermd worden; o Voor bouwblok D wordt aan de oostzijde een vliesgevel toegepast.
Hier worden geen eenzijdig georiënteerde woningen toegestaan, waardoor deze woningen aan de westzijde een geluidluwe gevel hebben; o Voor bouwblok E worden dove gevels toegepast aan de oostzijde. De gebouwen worden zo gepositioneerd dat de er aan de westzijde geluidluwe gevels ontstaan. Voor het maximale geluidniveau zijn geen overschrijdingen te verwachten Met de maatregelen voor bedrijvenlawaai en het hogere waardenbesluit wordt voldaan aan de spelregels uit het MER. De bouwblokken met een dove gevel hebben aan de westkant een geluidluwe zijde. Ook is er binnen 100 meter een geluidluwe buitenruimte (de groenblauwe structuur door het gebied) aanwezig. Bij de aanvraag voor de omgevingsvergunning wordt de verdere inrichting van de bouwblokken getoetst, onder andere op de ligging van de slaapkamers en het binnenniveau. Dit is opgenomen in de regels van het bestemmingsplan.
Blad 24 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Luchtkwaliteit In het luchtkwaliteitsonderzoek dat is uitgevoerd is geconcludeerd dat de ontwikkeling van de tweede fase voldoet aan de gestelde grenswaarden die worden gesteld in het besluit NIBM. In het plangebied zijn geen aandachtsgebieden voor luchtkwaliteit. Externe veiligheid In het bestemmingsplan is een verantwoording voor het groepsrisico opgenomen. Dit is voorgelegd aan de veiligheidsregio, de veiligheidsregio heeft hier positief over geadviseerd. Het aspect externe veiligheid leidt niet tot belemmeringen voor het bestemmingsplan. Trillingen Het bestemmingsplan voor fase 2 maakt geen gevoelige objecten binnen 100 meter van het spoor mogelijk. Geur Het bedrijf met de relevante geurcontour (Renes Afvalverwerking) wordt met dit bestemmingsplan ‘wegbestemd’. Voor gevoelige objecten in de omgeving (woningen Gebroken Meeldijk) neemt de geurhinder hierdoor af. In de omgeving van het plangebied zijn verder geen bedrijven met relevante geurcontouren aanwezig. Gezondheid Maatregelen voor gezondheid zijn opgenomen in het Ontwikkelkader en het Structuurplan. Deze plannen gelden als toetsingskader voor bestemmingsplan fase 2.
5.2.3
Duurzaamheid Aspect Energie Klimaatadaptatie Circulariteit
Spelregels Vastleggen van BENG-eisen Beheersmaatregelen voor overstromingsrisico’s Minimaal percentage houtbouw vastleggen in ruimtelijke besluiten Toetsing van het inrichtingsplan voor ondergrondse containers Scheiden hemelwater en vuilwater in aan te leggen rioleringssysteem Onderzoek naar capaciteit van het afvalwaterriool
Energie Voor de ontwikkeling zijn BENG-eisen vastgelegd in het Ontwikkelkader. Deze zijn van toepassing op fase 2 van De Stationstuinen. Klimaatadaptatie In het Ontwikkelkader zijn randvoorwaarden gesteld voor de gehele gebiedsontwikkeling op het gebied van klimaatadaptatie en natuurinclusiviteit. Dit is opgesteld om te conformeren aan het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DRA). In het ontwikkelkader wordt aandacht besteedt aan de volgende thema’s: wateroverlast, dit betreffen eisen over het opvangen, verwerken en vertraagd afvoeren van hemelwater; droogte en bodemdaling, dit betreffen eisen over de grondwaterstand en infiltratie; hittestress, dit betreffen eisen over schaduw, tegengaan van opwarming en verkoeling; biodiversiteit, dit betreffen eisen om habitatten voor bepaalde soorten te creëren.
Blad 25 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Voor klimaatadaptatie zijn de maatregelen uit het Convenant Klimaatadatief Bouwen vertaald naar gebiedspecifieke eisen. Dit is vastgelegd in een Ambitiedocument voor Klimaatadaptatie. De eisen gelden als voorwaarde voor bestemmingsplan fase 2. Circulariteit In het Ontwikkelkader is een minimaal percentage houtbouw vastgelegd. De inrichting van het (afval)watersysteem wordt verder bepaald aan de hand van de watertoets bij het bestemmingsplan. Afkoppelen van het bestaande hemelwaterriool (scheiden van hemelwater en vuilwater) is het uitgangspunt voor de ontwikkeling. Daarnaast is er in het Ontwikkelkader vastgelegd dat er wordt gewerkt aan de hand van de vijf kaderstellende strategieën volgens de Circulariteitsprestatie Gebouw (CPG).
5.2.4
Ruimtelijke kwaliteit Aspect Spelregels Cultuurhistorie en Archeologische vervolgonderzoek binnen dubbelbestemmingen archeologie Ruimtelijke Windhinderonderzoek bij hoogbouw boven 30 meter aspecten Bezonningstudie bij vervolgfasen voor De Stationstuinen Onderzoek naar mogelijke bronnen van lichthinder
Cultuurhistorie en archeologie Ten behoeve van het bestemmingsplan is archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd naar de potentiële archeologische waarden binnen het plangebied. Uit het archeologisch onderzoek blijkt dat de verwachtingswaarde voor heel het gebied laag is. Door de aanwezige bebouwing is de verwachting dat de bodem tot een meter onder maaiveld ook grotendeels geroerd is. Het advies is dan ook om het gebied vrij te geven. Ruimtelijke aspecten In het Structuurplan is een eerste verkenning van windhinder en bezonning in het gebied opgenomen. De exacte effecten van deze aspecten worden bepaald door de uiteindelijke stedenbouwkundige inrichting. Voor windhinder en bezonning is in het bestemmingsplan een voorwaardelijke verplichting opgenomen. Lichthinder binnen het plangebied is niet te verwachten. In de omgeving van het plangebied zijn geen relevante bronnen van lichthinder aanwezig.
5.2.5
Water, bodem en ondergrond Aspect Bodem en ondergrond Waterstaat
Spelregels Bodemonderzoek en -sanering passend bij de gewenste functie
Onderzoek naar bestaande kunstwerken Vastleggen van eisen voor waterberging Uitvoeren van grondwateronderzoek Natuurvriendelijke oevers als uitgangspunt Aanleg van de tijdelijke situatie voor de peilgebieden
Blad 26 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Inrichting van de waterstructuur binnen het plangebied in de eerste fase
Bodem en ondergrond Voor de volledige gebiedsontwikkeling is historisch bodemonderzoek uitgevoerd om de bodemkwaliteit ter plaatse van het plangebied in kaart te brengen. Hierbij zijn gedeelten van het plangebied van fase 2 aangemerkt als verdachte locatie voor bodemverontreiniging. Voor deze locaties is een verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) uitgevoerd. In de bovengrond zijn licht verhoogde gehalten van zware metalen (kwik, lood en zink), minerale olie en PAK aangetoond. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Asbestverdachte locaties zijn niet aanwezig in het gebied. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties barium, zink en xylenen aangetoond. De vastgestelde milieu hygiënische bodem- en grondwaterkwaliteit vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan. Uit het historisch onderzoek blijkt dat op de verdachte locaties verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd, voor de overige gronden wordt nog verkennend onderzoek uitgevoerd. Water Voor het bestemmingsplan is een watertoets opgesteld. Hierin zijn de eisen voor waterberging vastgelegd. Het onderzoek naar grondwaterstanden wordt door de gemeente uitgevoerd. Eisen voor de inrichting van de waterstructuur en de oevers zijn opgenomen in het Ontwikkelkader. Voor de tijdelijke situatie wordt de nieuwe watergang door De Stationstuinen aangelegd.
Fase 2 maakt dit mogelijk door middel van de groenbestemming op deze locatie. De nieuwe watergang loopt door het plangebied van het bestemmingsplan en dient ook als compensatie voor de waterbergingsopgave van het plan. De watergang wordt aangelegd voordat de ontwikkeling van fase 2 start. Doordat binnen fase 2 een groot deel van de nieuwe groen- en waterstructuur aangelegd wordt, leidt de ontwikkeling tot een afname van verhard oppervlak ten opzichte van de huidige situatie. De nieuw aan te leggen watergang en groenstructuur vormt ook een deel van de waterbergingsopgave voor fase 1 van De Stationstuinen. Tabel 5.1 Verhard en onverhard terrein in de huidige situatie en na ontwikkeling van Stationstuinen Fase 2 Huidig
Toekomstig
Toename/afname
(m2)
(m2)
(m2)
Verhard
65.965
50.670
-15.295
Bebouwing
26.595
Paden, trottoir (& weg)
39.370
Onderdeel
25.860 1.980*
Verkeer
&
14.210**
8.620
Onverhard
4.490
19.545
Groen
4.490
9.260
Oeverzone rivier
9.695*
&
+15.055 590**
Oppervlaktewater
1.125
1.365
+240
Totaal
71.580
71.580
0
Blad 27 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Uit grondwateronderzoek ter plaatse van het plangebied blijkt dat de grondwaterstanden tussen de NAP -1,35 m (gemiddelde laagste grondwaterstand) en NAP -0,9 m (gemiddelde hoogste grondwaterstand) ligt. Het maaiveld ligt tussen de NAP-0,8 m en NAP -1,3 m. De grondwaterstanden liggen hierdoor dicht onder het maaiveld. Voor de ontwikkeling is -afhankelijk van de gewenste functie- een ontwateringsdiepte van 0,5 – 1 meter nodig. Ophoging van het plangebied is nodig om aan deze eisen te voldoen. De hoge grondwaterstanden en de slecht doorlatende toplaag van de bodem maken dat mogelijkheden voor lokale infiltratie van hemelwater beperkt zijn. Maatregelen zoals groene daken kunnen een deel van de waterbergingsopgave invullen. Voor het gebied dient rekening gehouden te worden met oppervlakkig afstromen van hemelwater richting het oppervlaktewater.
5.2.6
Natuur Aspect Beschermde gebieden Biodiversiteit
Spelregels Stikstofonderzoek uitvoeren voor de ruimtelijke besluiten voor De Stationstuinen
Uitvoeren van natuurtoets bij ruimtelijke besluiten Eisen voor natuurvriendelijke inrichting vastleggen
Beschermde natuurgebieden Voor de voorgenomen ontwikkeling is er een onderzoek uitgevoerd naar de invloed van de ontwikkeling op beschermde natuurgebieden. Wat betreft mogelijke effecten op Natura 2000gebieden is een stikstofonderzoek uitgevoerd. Het onderzoek toont aan dat de tweede fase (bestemmingsplan) niet leidt tot een toename van stikstofdepositie als gevolg van de ontwikkeling. Hierbij is ook de realisatiefase onderzocht. Negatieve effecten op de andere beschermde natuurgebieden (Natuurnetwerk Nederland, Weidevogelgebieden en Provinciaal Landschap Midden Delfland) zijn op basis van de natuurtoets, die in het kader van dit bestemmingsplan is opgesteld, uitgesloten. Biodiversiteit Om de effecten van de ontwikkeling op aanwezige natuurwaarden in en rond het plangebied in beeld te brengen is een natuurtoets uitgevoerd. De bevindingen uit de natuurtoets zijn: Bij bebouwing langs de Gebroken Meeldijk zijn nestlocaties van huismus en gierzwaluw en verblijfplaatsen van vleermuizen niet uit te sluiten. Dit dient nader onderzocht te worden; Voor algemene broedvogels dient verwijdering van nestlocaties buiten het broedseizoen plaats te vinden; Vervolgonderzoek naar de mogelijke aanwezigheid van nestlocaties van de huismus is uitgevoerd. Hieruit blijkt dat deze soort geen nestlocaties heeft in het plangebied. Aanvragen van ontheffing is niet nodig.
Voor gierzwaluw en vleermuizen is tussen ontwerp en vaststelling van het plan vervolgonderzoek uitgevoerd. Voor de gierzwaluw is een nestlocatie aangetroffen in een te slopen gebouw. Er zijn twee zomerverblijfplaatsen en één zomer- en paarverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis
Blad 28 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
aangetroffen in panden die gesloopt dienen te worden. Hiervoor wordt een vergunning aangevraagd.
Blad 29 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
6
Conclusie In deze aanvulling op het MER De Stationstuinen zijn de effecten van de uitbreiding van het plangebied en het programma voor De Stationstuinen onderzocht. Een deel van de uitbreiding vindt plaats binnen bestemmingsplan fase 2. Voor dit bestemmingsplan bevat deze aanvulling de toetsing aan het spelregelkader.
6.1
Uitbreiding plangebied en programma Het gebied voor woningbouwontwikkeling wordt uitgebreid met twee percelen. Het woningbouwprogramma kan hierdoor uitbreiden tot ca. 4.500 woningen voor heel De Stationstuinen. De gemeente koppelt nieuw parkeerbeleid (passend bij de hogere stedelijkheid) aan deze uitbreiding. Het aandeel langzaam verkeer en OV neemt hierdoor toe. Uit het verkeersonderzoek blijkt dat de toename van 1.000 woningen ten opzichte van de 3.500 woningen hierdoor niet leidt tot een toename van verkeer. De uitbreiding leidt hierdoor niet tot grotere effecten op verkeer en verkeergerelateerde thema’s geluid, luchtkwaliteit en stikstof. Voor de toe te voegen percelen aan het plangebied van De Stationstuinen zijn in het Structuurplan stedenbouwkundige invullingen uitgewerkt. Hiermee is geborgd dat de percelen integraal onderdeel uitmaken van de ontwikkeling en op een goede manier aansluiten bij de omliggende ontwikkellocaties. Voor de verdere uitwerking en inrichting van de percelen gelden de spelregels uit het MER.
6.2
Toetsing van bestemmingsplan fase 2 In deze aanvulling is beschreven hoe met bestemmingsplan fase 2 invulling is gegeven aan het spelregelkader vanuit MER De Stationstuinen. Het bestemmingsplan geeft invulling aan de spelregels door onderzoeken uit te voeren en waar nodig maatregelen te treffen.
Blad 30 van 32
Aanvulling MER De Stationstuinen Fase 2 Aanvulling t.b.v. uitbreiding plangebied en programma projectnummer 0471174.100 25 maart 2025 Gemeente Barendrecht
Bijlage I – AERIUS Rekenbestand plansituatie zonder saldering
Blad 31 van 32
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: