CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Advies Klankbordgroep Project Windenergie Vaanplein - 8 maart 2024.pdf

commissie Ruimte 19 maart 2024, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Windenergie Vaanplein (adviserend)1.264 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan

: College van Burgemeester en Wethouders Gemeente Barendrecht t.a.v. Wethouder van der Linden

Betreft : Advies inzake lokale normen en omgevingsparticipatie windenergie Vaanplein

Barendrecht, 8 maart 2024

Geacht college, geachte heer van der Linden, Op 2 februari heeft de Klankbordgroep deelgenomen aan de tweede werksessie met de Provincie, Statkraft, gemeenten Barendrecht en Rotterdam, de DCMR en Kuiper Compagnons. Tijdens dat gesprek zijn weer de lokale normen voor geluid, slagschaduw, veiligheid, tiphoogte en participatie besproken, alsmede de verantwoording en de onderbouwing van die normen. De laatste versie van de notitie ‘Motivering lokale normen en kaders windenergie Vaanplein’ en de resultaten van het overleg hierover geven ons aanleiding om u op drie onderwerpen te adviseren. Aanvulling op de geluidsnorm: 39 db volgens de LAeq methodiek. Wij hebben tijdens de laatste werksessie van de DCMR begrepen dat toepassing van de LAeq methodiek goede mogelijkheden biedt om de feitelijke geluidsproductie van de windturbines te meten. Dat is belangrijk omdat daarmee de afgesproken geluidsnormen beter kunnen worden gehandhaafd. Wij adviseren u dus om deze norm te gebruiken en die voor de nacht (tussen 23:00 en 7:00 uur) te stellen op 39 db LAeq.max, aanvullend op de eerder gestelde geluidsnormen (39 dB Lnight ’s nachts en 45 db Lden overdag). Dat is een terechte aanscherping van de eerdere geluidsnormen. Het resultaat is dat de straal van gehinderde bewoners in de directe omgeving van de windturbines zo klein mogelijk is.

Bovendien kan dan de geluidsproductie ’s nacht tot een minimum worden beperkt, namelijk door de windturbines stil te zetten indien deze in een bepaald tijdsbestek (bv 10 minuten) toch meer geluid zouden produceren dan de afgesproken norm. Wij stellen vast dat de gemeente Barendrecht nu ook uitgaat van een geluidsnorm van 39 db LAeq.max voor de nacht. Wij zijn daar tevreden over en adviseren u om aan die norm vast te houden. De tiphoogte: niet hoger dan 180 meter. Tijdens de werksessie van 2 februari bleek dat de exploitant Statkraft steeds aandringt op een tiphoogte die hoger is dan 180 meter. Hun inzet komt er op neer dat zij aan alle gestelde normen kunnen voldoen maar dat de tiphoogte dan wel hoger moet zijn (220 of 250 meter). De argumentatie daarbij is dat “het ontwikkelen van turbines van 180 meter niet uitkomt en dat deze (turbines van 180 meter) niet meer ontwikkeld worden in de markt”. De Klankbordgroep betwijfelt dat ten zeerste. Niet alleen zijn moderne windturbines met een tiphoogte van 180 meter gewoon in de markt beschikbaar; ze zijn bovendien rendabel te

exploiteren. Statkraft heeft nergens aangetoond of onderbouwd dat windturbines met een maximale tiphoogte van 180 meter niet rendabel zouden zijn. Daarbij speelt ook nog de discussie dat het juist bij hogere windturbines mogelijk zou zijn om lichthinder en geluidsoverlast te verminderen ten opzichte van turbines van maximaal 180 meter hoog. Ook hiervoor geldt dat nergens is aangetoond dat dit klopt. En dan nog is dat in hoge mate afhankelijk van het type windturbine (i.c. de afmetingen en de vorm van de wieken). Cruciaal is dat hogere windturbines een extra hinderlijk beeld opleveren in het landschap. De woonbebouwing is immers relatief dichtbij, zodat hogere windturbines een dominant en onaangenaam beeld vanuit de woningen zullen geven. We steunen de stellingname van het college van Barendrecht dat een tiphoogte van 180 meter echt het maximum toelaatbare is. Omgevingsparticipatie: lokaal maatwerk. Financiële participatie door omwonenden, in welke vorm dan ook, is belangrijk. Door dat goed te regelen is het mogelijk om draagvlak en zeggenschap te creëren en ervoor te zorgen dat bewoners niet alleen hinder van de windturbines ondervinden maar ook de voordelen ervaren en grip hebben op wat er in hun woonomgeving gebeurt. De vraag is hoe een goede regeling eruit ziet.

Allereerst over het proces: in de notitie van de gemeente Barendrecht over de lokale normen staat letterlijk: “De klankbordgroep zal in samenspraak met de ontwikkelaar hierover tot overeenstemming dienen te komen”. De klankbordgroep is echter ingesteld als adviseur van het gemeentebestuur, dus een resultaatverplichting om met de ontwikkelaar tot overeenstemming te komen past daar niet bij. Mogelijk is de klankbordgroep bereid om in de toekomst bij de dragen aan de invulling van de bewonersparticipatie, maar dat is wel een geheel andere rol. Wij pleiten er voor dat de gemeente bepaalt dat Statkraft als ontwikkelaar een participatieplan opstelt waaruit blijkt hoe in overleg met de omgeving de financiële participatie wordt uitgewerkt. Uitgangspunt daarbij is: minimaal 50% lokaal eigendom en/of een gebiedsfonds en/of financiële vergoeding voor omwonenden in welke vorm dan ook. Als indicatie van de financiële ruimte voor deze bijdrage stellen wij voor een richtbedrag van € 0,50 per MWh aan te houden met een jaarlijkse correctie voor de inflatie. Onderdeel van dat participatieplan moet ook zijn: goede afstemming en communicatie met de omgeving en zeggenschap van bewoners. Wij pleiten er bovendien voor dat deze regeling wordt uitgevoerd door een coöperatie van omwonenden of met directe zeggenschap van de omwonenden.

Verder is nog van belang dat zo’n coöperatie al snel, dus nog vóór de feitelijke bouw van de windturbines van start kan gaan, zodat eventuele aan Statkraft te betalen management fees en andere vergoedingen tot een minimum beperkt blijven. Het is belangrijk dat de gemeente op het gehele proces strakke regie voert. De klankbordgroep wil daarbij graag betrokken zijn en adviseren. Wij wijzen er nog op dat ook voor de Provincie Zuid-Holland een goede participatieparagraaf belangrijk is. Dan is het nog de vraag hoe we de financiële participatie moet worden ingevuld. Wij pleiten voor maatwerk, dus voor een aanpak die rekening houdt met de kenmerken van de bewoners die in de buurt van de windturbines wonen. Voor Rotterdam betekent dat: relatief veel huurwoningen en lagere inkomens. In Barendrecht zijn dat vaker koopwoningen en iets hogere inkomens. Maatwerk betekent ook: rekening houden met het feit dat de windturbines worden gerealiseerd in een bebouwde, bewoonde en dus kwetsbare omgeving. Dat betekent dat een aanpak waarbij bewoners via het kopen van aandelen of certificaten zelf risicodragend deelnemen in het project ongewenst is. Zo’n aanpak sluit een groot aantal bewoners bij voorbaat uit.

Een aanpak waarbij een bestaande coöperatie wordt ingeschakeld is eventueel mogelijk, maar dan is het ongewenst dat zo’n coöperatie de opbrengsten gebruikt om weer in andere windenergieprojecten te investeren. Uitgangspunt moet zijn dat de omwonenden die te maken hebben met de effecten van de windturbines direct profiteren van de opbrengsten. Mogelijkheden zijn dan: • Een omgevingsfonds of gebiedsfonds. Een kenmerk van een gebiedsfonds is dat er geld beschikbaar is om maatschappelijke doelstellingen in de directe omgeving te realiseren. Voorbeelden van bestedingen: een hogere kwaliteit en onderhoudsniveau van de openbare ruimte, meer financiële ruimte voor jeugdzorg, thuiszorg, scholing. • Directe financiële vergoedingen aan bewoners. Naast een direct in geld uit te keren vergoeding kan bij deze aanpak ook gedacht worden aan een korting op de energierekening voor alle huishoudens (dus per huisaansluiting). Andere mogelijkheden: vergoedingen voor (geluids-) isolatie van de woningen, verhuiskostenvergoedingen, warmte-isolatie zonder huurverhoging. Het voordeel van deze aanpak is dat ook bewoners met lagere inkomens rechtstreeks profiteren van de opbrengsten. Te overwegen is dat de hoogte van de vergoeding afhankelijk is wordt gemaakt van de feitelijke afstand tussen de woning en de windturbines.

Wij hebben een uitdrukkelijke voorkeur voor de laatstgenoemde aanpak, omdat die het meest directe voordeel voor de omwonenden oplevert en dus maatwerk is. Wij stellen voor dat hierover met direct omwonenden overleg wordt gevoerd. Wij vertrouwen er op dat u ons advies zult betrekken bij de besluitvorming in de Gemeenteraad van 29 maart a.s. Met vriendelijke groet,

Klankbordgroep Project Windenergie Vaanplein M.W. Stein (voorzitter)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13907107/1