CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

672996 beantwoording technische vragen Jong Vermogen BD.pdf

gemeenteraad 21 februari 2023, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Jong Vermogen3.436 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de gemeenteraad

M.S. de Hoop Wethouder

Uw brief van:

Ons kenmerk:

Uw kenmerk:

Contactpersoon: Dhr. M. Maaroufi

672996

Bijlage(n):

Cluster:

Beleid en ontwikkeling Sociaal Domein

Onderwerp:

Raadsvragen Jong Vermogen

Doorkiesnummer: 14 0180 Datum:

7 februari 2023

Geachte raadsleden, Meerdere fractie, namelijk EVB, VVD, CDA en Groen Links hebben technische vragen gesteld met betrekking tot het voorstel Jong Vermogen. Met deze brief wil ik deze vragen beantwoorden. Als algemene opmerking wil ik meegeven dat per abuis in het raadsvoorstel het beslispunt is opgenomen om een dienstverleningsovereenkomst aan te gaan tussen de gemeente Barendrecht en de nieuwe Stichting leerwerkbedrijf (Jong Vermogen) nadat deze Stichting formeel is opgericht (ingeschreven in de Kamer van Koophandel). Dit beslispunt is echter een collegebesluit en niet een raadsbevoegdheid. De dienstverleningsovereenkomst en het afwijkingsbesluit zijn per abuis toegevoegd. Nu de stukken zijn toegevoegd, zal ik wel in deze brief de gestelde vragen beantwoorden. Vraag 1. Het leerwerkbedrijf wordt gestart vanuit de BAR, een organisatie welke momenteel in een proces van ontvlechting verkeerd. Hoe verhoudt dit tot elkaar? Aanvullend is te lezen dat het realiseren van een leerwerkbedrijf binnen de eigen gemeentegrenzen een beoogd effect is. Hoe verhoudt dit tot gesprekken door drie gemeenten over een mogelijke locatie in Ridderkerk? Antwoord. Het feit dat de BAR-organisatie ontvlochten wordt, staat niet een samenwerking met een Stichting in de weg. Iedere gemeente kan individueel kandidaten plaatsen bij Jong Vermogen.

Van belang is vooral het opstarten van deze Stichting, waarvoor vanuit alle drie gemeenten een bijdrage wordt gevraagd in de huisvestingskosten. Voor de begeleiding van de kandidaten levert de arbeidsmarktregio een bijdrage. Binnen de arbeidsmarktregio wordt in clusters gewerkt, waarbij de BAR één van de clusters is (ook na de ontvlechting). Voor de start wordt gekeken naar een locatie in Ridderkerk, waarbij het wel de bedoeling is dat er wordt samengewerkt met partners in elke gemeente en hopelijk op den duur meer mensen in Barendrecht geplaatst kunnen worden.

Pagina 1 van 9

Vraag 2. Het plaatsen van de doelgroep Participatiewet gebeurde onder het vorige college bij individuele organisaties, op decentrale wijze via werkervaringsplaatsen. Het vorige college heeft expliciet afgezien van het oprichten van een leerwerkbedrijf, ook al werd dit wel geadviseerd door de Rekenkamer, in het rapport ‘In gebreke gebleven’ (2019) en ondanks het door de raad vastgestelde beleidskader ‘Samenwerken aan werk’ (2015). Kunt u de voor- en nadelen van een decentrale aanpak via werkervaringsplaatsen en de centrale aanpak met behulp van een leerwerkbedrijf benoemen en tegen elkaar afwegen? Antwoord. In 2022 hadden 12 personen een indicatie Beschut werk en waren er 4 geplaatst. Van de 173 Barendrechters die opgenomen zijn in het doelgroepenregister, zijn er 61 geplaatst. Dit geeft aan dat er een flinke behoefte is aan meer plekken. We zien dat de kandidaten die bij individuele organisaties worden geplaatst op beschut werk of een garantiebaan wel duurzaam geplaatst worden, maar het plaatsingsproces (het vinden van een geschikte plek voor de kandidaat) vergt veel tijd. De verwachting is dat met een eigen leerwerkbedrijf er meer kandidaten uit deze twee doelgroepen geplaatst kunnen worden. Het doel van een werkervaringsplaats is om werknemerservaringen op te doen en leidt niet naar betaald werk en een leerwerkbedrijf heeft als uitgangspunt iemand in dienst te nemen.

Vraag 3. Op dit moment is er nog geen locatie vastgesteld, wanneer verwacht u deze te vinden? Daarna volgt huisvesting, verbouwing en inrichting. Wanneer zou Stichting Jong Vermogen kunnen starten? Antwoord. Er wordt momenteel al hard gezocht naar een geschikte locatie (bestaande locaties). De verwachting is dat er na positieve besluitvorming rond de zomer gestart kan worden met de eerste kandidaten in dit project. Vraag 4. Het plan van aanpak (kennelijk iets anders dan het projectplan?) wordt opgesteld na oprichting van de Stichting Jong Vermogen, na ondertekenen van de dienstverleningsovereenkomst waarin prestatie- en financiële afspraken zijn opgenomen en na onderzoek van welke samenwerkingsvorm bestuurlijk, financieel en qua succesratio haalbaar en houdbaar is. Zou dit plan van aanpak aan de voorkant van het proces opgesteld kunnen worden? Antwoord. In de dienstverleningsovereenkomst zijn de prestatie en financiële afspraken opgenomen. Na definitieve besluitvorming volgt een plan van aanpak inzake de uitvoering. Dit gaat over het vinden van het plan, de benodigde verbouwing en het plaatsen van kandidaten. Dit kan pas opgesteld worden als er een pand is gevonden.

Daarnaast zal er een projectleider worden aangetrokken (via de gemeente Ridderkerk) die het project monitort en onderzoek doet naar de toekomst, zoals de mogelijke samenwerkingsovereenkomsten na de pilotperiode van 2 jaar.

pagina 2 van 9

Vraag 5. De BAR-organisatie heeft het projectplan van Stichting Smile al gehonoreerd. Op het gegeven na dat gemeente Ridderkerk al langer samenwerkt met Stichting Smile treffen wij geen inhoudelijke argumenten aan op basis waarvan het projectplan gehonoreerd is. Kunt u deze bieden? Waarom is er geen marktconsultatie uitgezet om te onderzoeken of een andere organisatie mogelijke een betere dienstverlening zou kunnen leveren? Antwoord Stichting Smile heeft met medeweten van de BAR-organisatie een projectplan ingediend bij de arbeidsmarktregio Rotterdam Rijnmond. Dit is door de arbeidsmarktregio gehonoreerd op basis van de informatie zoals in het antwoord bij vraag 2 opgenomen, namelijk dat binnen elk van de drie gemeenten van het cluster BAR er veel minder beschikbare plekken zijn dan inwoners die in aanmerking komen voor beschut werk of een garantiebaan. Er is ook met andere partijen, zoals bijvoorbeeld de Wensboom gesproken. Overigens zijn er ook kandidaten uit Barendrecht nu geplaatst bij Stichting Smile. Een pluspunt voor Stichting Smile is dat zij nu aantoonbaar kostenneutraal rondkomen, zij vragen geen extra middelen aan de gemeente Alblasserdam dan de gebruikelijke begeleidingsvergoedingen en loonkostenregelingen die er voor deze doelgroep zijn. Alleen voor de opstartperiode vragen zij nu een incidentele bijdrage.

Andere organisaties vragen naast de reguliere (persoonsgebonden) vergoedingen, ook een structurele bijdrage van de gemeente. Vraag 6. Zouden de bijlagen van de concept dienstverleningsovereenkomst gedeeld kunnen worden met de raad? In het bijzonder het projectplan van Stichting Smile? Antwoord Het projectplan dat bij de arbeidsmarktregio is ingediend, is ter informatie bijgevoegd. De hierin genoemde bedragen ten aanzien van de begeleidingskosten is door de arbeidsmarktregio gehonoreerd en de kosten voor huisvesting, inrichtingskosten, ICT en verbouwingskosten komen voor rekening van het Bar-cluster. Vraag 7. Blijven beschikbare landelijke gelden en financiële steun vanuit de arbeidsmarktregio voor het bevorderen van jeugdwerkgelegenheid beschikbaar voor gemeente Barendrecht of zijn hier clausules of enige regels aan verbonden? Zo ja, hoe lang blijven deze gelden beschikbaar? Zo nee, wanneer komen deze gelden te vervallen? Is de beschikbaarheid van de gelden verbonden aan de uitkomst van het te nemen raadsbesluit? Antwoord Ja, aan de landelijke middelen zijn regels verbonden. Vanuit de arbeidsmarktregio wordt de voortgang gecontroleerd en als het project niet in 2023 start, moet het geld terugbetaald worden. Hierbij geldt dat de middelen gelabeld zijn voor dit project en daarmee dus ook verbonden aan de uitkomst van het te nemen raadsbesluit. Vraag 8.

Hoeveel en wat voor type (functiegroepen) FTE is er gemoeid met Stichting Jong Vermogen? Kunt u de te verwachten salariskosten specificeren voor de pilotperiode? Antwoord. De salariskosten vallen niet onder de middelen die van de gemeente gevraagd worden. In de bijlage (projectplan dat is ingediend bij de arbeidsmarktregio) vindt u hier wel enige informatie over.

pagina 3 van 9

Vraag 9. De totaalkosten in het raadsvoorstel bedragen €550.000, in de aanvraag afwijking inkoopbeleid wordt echter €593.241 gerekend. In het raadsvoorstel wordt er voor €165.000 aan inkoopkosten geraamd, in de aanvraag afwijking inkoopbeleid staat €177.972 vermeld ten laste van gemeente Barendrecht. Kunt u deze verschillen verklaren? Antwoord. De totaalkosten voor de ‘eigen middelen’ van de gemeente zijn gemaximaliseerd op 550.000 euro. Onder de financiële paragraaf in het voorstel kunt u lezen dat dit gaat om 383.241 euro voor de begroting die nu is opgesteld en 166.759 euro voor onvoorziene kosten. Deze twee bedragen samen maakt 550.000 euro. In de aanvraag afwijking op het inkoopbeleid is rekening gehouden met 383.241 euro op basis van de begroting en 210.000 euro vanuit de arbeidsmarktregio. Dit zijn de bedragen die nu (op basis van de concept dienstverleningsovereenkomst) aan Stichting Jong Vermogen betaald worden. Het bedrag voor de onvoorziene kosten is hierin niet meegerekend (dit is geen onderdeel van de dienstverleningsovereenkomst). Van de bedragen is telkens 30% voor rekening Barendrecht en maakt dus voor het raadsvoorstel een bedrag van 165.000 euro en voor de dienstverleningsovereenkomst (en daaraan gekoppeld de aanvraag afwijking inkoopbeleid) een bedrag van 177.972 euro. Ik ga ervan uit dat hiermee het verschil voldoende toegelicht is. Vraag 10.

In de aanvraag afwijking inkoopbeleid worden de begeleidingskosten, locatie- en verbouwingskosten en inkoopbudget bij elkaar opgeteld tot een bedrag van €771.213. Hiermee wordt het drempelbedrag voor Europese aanbestedingen van €750.000 overgeschreden. Wat zijn de mogelijke gevolgen van zo’n overschrijding? Antwoord Ik kan niet herleiden hoe u aan het bedrag van € 771.213 komt. In de memo afwijking inkoopbeleid is aangegeven dat de totale raming van de kosten voor de drie gemeenten als volgt is opgebouwd:  Begeleidingskosten € 210.000, Locatie-en verbouwingskosten € 383.241, Totaal € 593.241,Hiermee blijven we binnen de 750.000 euro. De aanbestedingsgrenzen gelden per gemeente, dus per gemeente moeten de uitgaven onder de € 750.000 blijven. Vraag 11. De datum van de concept dienstverleningsovereenkomst is 6 juli 2022. Waarom is de raad niet eerder concreet geïnformeerd over de ontwikkelingen betreffende een sociaal leerwerkbedrijf, meer specifiek het project Jong Vermogen? Antwoord In de afgelopen maanden is er veel overleg geweest tussen de vakafdeling, financiën, juridische zaken en de externe partij. Hoewel het terugkijkend wellicht lijkt als een lange periode, heeft het deze tijd nodig gehad om te komen tot het voorliggende voorstel waarin concreet wordt voorgesteld om akkoord te gaan met het starten van een leerwerkbedrijf voor onze doelgroep.

pagina 4 van 9

Vraag 12. Welke argumenten kunt u benoemen om de pilot na één of twee jaar te stoppen of voort te zetten? Antwoord Belangrijkste Indicatoren voor het wel of niet slagen van de pilot zijn: - Aantal kandidaten dat deelneemt (per gemeente) - Doorstroom van de kandidaten (naar een plek binnen een regulier bedrijf) - Zelfstandig financieel redzaam na de pilotperiode Na het eerste jaar zal er een tussenevaluatie gedaan worden. Vraag 13. Ingevolge artikel 5 van de Dienstverleningsovereenkomst bedraagt de totale (voorzienbare) contractwaarde voor de gemeente Barendrecht gedurende 2 jaar € 177.972,-. Waarom is in beslispunt 3 het totaalbedrag van € 165.000,- opgenomen? Antwoord Zie het antwoord op vraag 9. Vraag 14. Waarom wordt voor de bekostiging de afwijkende verdeelsleutel (in de BAR-volgorde) van 30-20-50% gehanteerd? Antwoord Deze verdeelsleutel wordt toegepast op re-integratieprojecten (waar dit project ook onder valt) en is gebaseerd op het aandeel uitkeringsgerechtigden. Hierop zijn ook de budgetten die de drie gemeenten krijgen voor re-integratieprojecten (het participatiebudget) gebaseerd. Vraag 15. De Stichting Smile richt een nieuwe stichting op voor de gemeenten Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk.

Wie participeren in Raad van Toezicht van de stichting namens de 3 gemeenten (het is immers de doelstelling van het college is om de BAR-organisatie te ontvlechten)? Antwoord Bedoeling is dat in de raad van Toezicht mensen uit het bedrijfsleven vanuit Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk participeren. Er is geen deelnemer in de Raad van Toezicht namens de drie gemeenten, dit zou namelijk impliceren dat de Stichting verbonden is aan de gemeenten. Dat is nu geen onderdeel van de pilotperiode, maar is wel een punt van aandacht in het onderzoek over een vervolg na de pilotperiode. Vraag 16. In het voorstel staat dat Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk resp. € 165.000, € 110.000 en € 275.000 bijdragen (totaal € 550.000). Daarna wordt gesproken over dat wij maximaal € 550.000 ter beschikking stellen. Wordt hiermee Barendrecht bedoeld of Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk tezamen? Antwoord De 550.000 euro heeft betrekking op de drie gemeenten.

pagina 5 van 9

Vraag 17. Kan de gemeente Barendrecht de overeenkomst eenzijdig opzeggen of moet dit in gezamenlijkheid gebeuren met Albrandswaard en Ridderkerk?  In dit artikel wordt verwezen naar de algemene inkoopvoorwaarden, echter het betreffende artikel is niet toegevoegd. Graag opnemen in de beantwoording van deze vraag;  Indien 1 van de partijen de overeenkomst daadwerkelijk kan opzeggen en de andere partijen ondervinden daar (financieel) nadeel van, zijn daar nog consequenties aan verbonden voor de uittredende partij? Er wordt aan elke gemeenteraad gevraagd om akkoord te gaan met de pilot voor 2 jaar. Na deze periode volgt een evaluatie, waarna iedere gemeente eigenstandig kan besluiten om wel of niet door te gaan met het project. Stichting Smile geeft wel aan dat voor het kostenneutraal draaien van dit project, wel een minimaal aantal kandidaten nodig is. Gedurende de periode kan tussentijds worden opgezegd met in achtneming van een opzegtermijn van 6 maanden. Hieraan zijn geen consequenties verbonden voor de uittredende partij. Artikel 25 van de algemene Inkoopvoorwaarden Barendrecht 2019 luidt als volgt: Artikel 25 Ontbinding 25.1.

Ieder der Partijen heeft het recht de Overeenkomst zonder rechterlijke tussenkomst en zonder ingebrekestelling met onmiddellijke ingang te ontbinden, indien: artikel 4.4 algemene inkoopvoorwaarden wordt geschonden; de andere Partij een besluit tot ontbinding van de rechtspersoon of onderneming heeft genomen; de zeggenschap van de andere Partij bij een ander komt te rusten dan ten tijde van het sluiten van deze Overeenkomst; ten aanzien van de andere Partij faillissement is aangevraagd dan wel uitgesproken of, al dan niet voorlopig, surséance van betaling is aangevraagd of verleend; de andere Partij fuseert, splitst of op enigerlei wijze (een deel van) zijn bedrijf overdraagt; de andere Partij in een situatie van overmacht verkeert gedurende meer dan tien dagen. 25.2. Elke ontbinding als bedoeld in lid 1 dient terstond door middel van een aangetekend schrijven te geschieden. 25.3. Ingeval van ontbinding door de Gemeente als bedoeld in lid 1 is de Gemeente geen vergoeding verschuldigd aan de Contractant voor de Prestaties die niet door Contractant zijn verricht. Eventuele aan de Contractant verrichte onverschuldigde betalingen, betaalt de Contractant terug aan de Gemeente, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de dag waarop dit is betaald. Vraag 18. In Barendrecht is Dajong actief, waar ook mensen werken met afstand tot de arbeidsmarkt.

Begeeft de Stichting Jong Vermogen zich op hetzelfde terrein met haar dienstverlening of is er geen sprake van concurrentie? Indien de Stichting Jong Vermogen zich ook met een gedeelte van de jongeren richt op dezelfde diensten die worden verricht door Dajong, wordt dan de samenwerking gezocht om concurrentie te voorkomen? Antwoord Er is zeker geen sprake van concurrentie. Zoals bij vraag 2 al aangegeven is de doelgroep groter dan we binnen Barendrecht beschikbare plekken hebben. Binnen het project Jong Vermogen wordt juist samenwerking gezocht om zoveel mogelijk mensen uit de doelgroep een passende plek te kunnen bieden.

pagina 6 van 9

Vraag 19. Is er meer (schriftelijke) informatie beschikbaar over doelen en doelgroepen dan in het raadsvoorstel genoemd? Wij zouden dat graag ontvangen. Antwoord Meer dan de informatie in het raadsvoorstel, de dienstverleningsovereenkomst en het plan van aanpak voor de regio is er niet beschikbaar. Vraag 20. Is er ook een beschreven visie m.b.t uitbreiding andere doelgroepen? Zo ja, kunnen we die ontvangen? Wat is de oorzaak dat er slechts 2 van de 11 plaatsen beschut werk ingevuld zijn? Antwoord Nee, er is geen beschreven visie. Het is wel de wens om op termijn, als het project goed loopt, de doelgroepen uit te breiden met de hele doelgroep die is aangewezen op beschut werk of een garantiebaan, maar ook waar mogelijk ook voor mensen met een arbeidsmatige dagbesteding en mensen met een lange afstand tot de arbeidsmarkt (doelgroep sociale activering). We hebben een fors tekort op beschutwerkplekken, we voldoen daarom niet aan onze wettelijke taakstelling. Vraag 21. Is het mogelijk om de statuten van Stichting Smile te veranderen waardoor een nieuwe stichting niet noodzakelijk is? Antwoord Dit is onderzocht maar blijkt niet mogelijk te zijn. Dit voornamelijk vanwege de verwevenheid van Stichting Smile met de gemeente Alblasserdam. Vraag 22.

Wat is de intentie m.b.t de samenstelling van de stichting m.b.t lokale betrokkenheid en affiniteit met de beoogde doelgroepen? Antwoord Zie de beantwoording op vraag 15. Vraag 23. Voor de beoogde doelgroepen is vervoer een belangrijk item.  Wordt bij het zoeken naar een locatie rekening gehouden met bereikbaarheid OV?  Kan het doelgroepenvervoer ook ingezet worden de doelgroep van het leerwerkbedrijf Antwoord Op beide vragen is het antwoord ja. In de aanbesteding voor het doelgroepenvervoer wordt ook rekening gehouden met deze doelgroep.

pagina 7 van 9

Vraag 24. In artikel vier van de overeenkomst inzake het verzorgen van dienstverlening in het kader van leerwerktrajecten voor kwetsbare jongeren tussen de gemeente Barendrecht en Stichting JongVermogen wordt gesproken over maximaal vijftig (kwetsbare) jongeren met een arbeidsbeperking of een afstand tot de arbeidsmarkt, aan wie een plaats geboden kan worden in het genoemde leerwerktraject.  Is bekend hoeveel jongeren er in de gemeente Barendrecht gebaat zouden zijn bij een dergelijk traject? Is er sprake van een wachtlijst?  Is het Doelgroepenregister geraadpleegd?  Kunnen er cijfers bij het UWV worden opgevraagd over het aantal mensen dat te maken heeft met een afstand tot de arbeidsmarkt en over het aantal mensen met een arbeidsbeperking in onze gemeente? Antwoord Het gaat om 11 jongeren voor Barendrecht tijdens het eerste jaar van het pilotproject met de intentie om te groeien naar maximaal 15 instromers in het tweede pilot-jaar. We hebben op dit moment meer kandidaten met een indicatie beschut werk dan we kunnen plaatsen; het betreft niet alleen jongeren. Het aantal personen die bij ons bekend zijn en opgenomen in de doelgroepenregister zijn 173 Barendrechters (dit zijn niet alleen jongeren). Vraag 25.

 Op grond van welke criteria wordt er een plaats aangeboden?  Hoe kunnen mensen kenbaar maken een plaats te wensen? Antwoord We kijken naar mensen die continue begeleiding nodig hebben op de werkvloer, om verder te kunnen groeien naar een reguliere werkgever. Wanneer een persoon een indicatie krijgt dan biedt de gemeente begeleiding aan bij het vinden van passend werk. Tijdens het intakegesprek kan een persoon zijn voorkeur aangeven. Vraag 26. De intentie is de doelgroep gedurende de projectpilot van twee jaar uit te breiden naar een bredere doelgroep.  Aan welke uitbreiding van de doelgroep wordt gedacht?  Past een dergelijke uitbreiding van de doelgroep nog bij het beoogde doel van maximaal vijftig jongeren uit de drie gemeenten? Antwoord In eerste instantie ligt de nadruk op de doelgroep jongeren. Dit kan bij een succes worden uitgebreid naar een bredere doelgroep van mensen met een langere afstand tot de arbeidsmarkt en het aanbieden van werkervaringsplekken en arbeidsmatige dagbesteding. Kortom arbeidsplekken voor de kwetsbare doelgroep met een lange afstand tot de arbeidsmarkt. Bij een uitbreiding naar een bredere doelgroep gaat het niet meer alleen over jongeren.

pagina 8 van 9

Vraag 27. De Zorgnijverij is in het afgelopen jaar begonnen met de ‘Smaakacademie’. Deze ‘academie’ biedt jongeren een omgeving aan waarin zij op aangepaste wijze vaardigheden kunnen leren en in praktijk kunnen brengen. Naast de praktijk is er ook een geaccrediteerd aanbod van theorie, zodat na doorlopen van dit traject de studenten een mbo-diploma behaald kunnen hebben.  In hoeverre is het college op de hoogte van de activiteiten van de Smaakacademie?  Zijn er mogelijkheden om de Zorgnijverij te betrekken bij de pilot van Stichting JongVermogen?  Is onderzocht of er sprake kan zijn van een vorm van samenwerking met Werkvisie De Hoop, een goedlopend leerwerkbedrijf op 8 km afstand van Barendrecht?  Is in kaart gebracht of in de drie betrokken gemeenten nog andere leerwerktrajecten actief zijn? Antwoord De Zorgnijverij is bekend in het kader van de WMO (maatwerk begeleiding). De Zorgnijverij en Jong Vermogen kunnen elkaar versterken, de samenwerking tussen beide partijen zal gezocht worden. De Hoop en Smile werken ook al samen in Alblasserdam, dus deze samenwerking zal ook met Jong Vermogen plaatsvinden. Ja, er is een samenwerking met de Wensboom en opnieuw & Co, het verschil met Jong Vermogen is dat zij niet aan duurzame contracten doen en Jong Vermogen wel. Wensboom en Opnieuw & Co maken al reeds deel uit van het netwerk van Smile. Vraag 28.

De bijdrage die vanuit Barendrecht betaald zou moeten worden, bestaat voor een groot deel uit de aankoop en verbouwing van een gebouw. Aangezien er nog geen geschikt pand gevonden is en de aankoopprijs dus een schatting is, zou dit bedrag hoger kunnen uitvallen, als blijkt dat het geschikt bevonden gebouw duurder is dan geraamd. Welke afspraken zijn hierover gemaakt? Antwoord Jong Vermogen wil een pand huren en niet kopen. Daarnaast is het totaalbudget wat nu gevraagd wordt aan de gemeenteraden ook het maximale budget dat beschikbaar is. Met de bestuurder is besproken dat er een limiet zit aan het bedrag dat de gemeenten beschikbaar stellen voor huur en verbouwing. Hoogachtend,

M.S. de Hoop BA

pagina 9 van 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12422961/1