313195 geheime brief college inzake voorbereidingsbesluit De Stationstuinen.pdf
Tekst van het document
BARENDRECHT Bnnenhof 1, 2991 AA Barendrecht Postbus 501, 2990 EA Barendrecht
14 0180 (A8emeennummer) gemeente@barendrechtnl www.barendrecht.nl Bank::0.54.00.2 15 Rabobank (Iban: N L04RABOC)3054002 15, SWIft/BIC:RABONL2U) KvK nummer: 24494374
Aan de leden van de gemeenteraad
Uw brief van: Uw kenmerk: Bijlage(n) :
Onderwerp:
Voorbereidingsbesluit De Stationstuinen
Ons kenmerk: 313195 Contactpersoon: Martijn Rens Team: GOH Telefoonnummer: 14 0180 Datum: 26 april 2021
Geachte raadsleden,
Tijdens de commissiebehandelingvan het voorbereidingsbesluitDe Stationstuinenop 13 april 2021 is door de fractie Echt voor Barendrecht een nadere toelichting gevraagd op de werkingstermijn van het voorbereidingsbesluit. Wethouder Luijendijk heeft toegezegd hier schriftelijk op terug te komen. Hieronder gaan we in op de termijn die geldt voor het voorbereidingsbesluit in het kader van het voorbereidingsbesluit De Stationstuinen. Deze termijn vloeit voort uit een combinatie van de Omgevingswet en de Invoeringswet Omgevingswet Termijn voorbescherming onder de Omgevingswet Als voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet (nu gepland op 1 januari 2022) nog geen ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd, geldt op grond van artikel 4.103, lid 2 Invoeringswet Omgevingswet het voorbereidingsbesluit van de gemeenteraad als een voorbereidingsbesluit volgens artikel 4.14, lid 1 Omgevingswet. De voorbeschermingsregels vervallen 1 jaar en 6 maanden na het in werking treden van de Omgevingswet, of eerder als het omgevingsplan in werking treedt of is vernietigd (zie artikel 4.14, lid 4 Omgevingswet). Gedurende die tijd geldt er dus een aanhoudingsplicht voor aanvragen om een omgevingsvergunning (artikel 4.80a sub a Invoeringswet Omgevingswet). Hieronder sommen wij de hierboven genoemde artikelen voor de volledigheid op: Artikel 4.14, lid 1.
Omgevingswet De gemeenteraad kan voor een locatie een voorbereidingsbesluit nemen met het oog op de voorbereiding, van in het omgevingsplan te stellen regels. Artikel 4.14, lid 4. Omgevingswet De voorbeschermingsregels in het omgevingsplan vervallen na een jaar en zes maanden, of, als binnen die termijn het besluit tot vaststelling of wijziging van het omgevingsplan waarvan de regels, bedoeld in het eerste lid, deel uitmaken is bekendgemaakt, op het tijdstip waarop dat besluit in werking treedt of is vernietigd
Pagina 2 van 2
Onderwerp: Voorbereidingsbesluit De Stationstuinen
Artikel 4.80a. sub a. Invoeringswet Omgevingswet Als voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a of b, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet een aanhoudingsplicht is ontstaan op grond van artikel
3.3 van de Wet algemenebepalingen omgevingsrechten voor de inwerkingtredingvan de Omgevingswet nog geen bestemmingsplan of inpassingsplan in ontwerp ter inzage is gelegd, duurt die aanhoudingsplicht totdat:
a.voor een voorbereidingsbesluit als bedoeld in artikel 4.103, tweede lid: de termijn, bedoeld in artikel 4.14, vierde lid, van de Omgevingswet is verstreken, Artikel 4.103, lid 2. Invoeringswet Omgevingswet Als het ontwerp van een bestemmingsplan niet voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet ter inzage is gelegd, geldt een voorbereidingsbesluit dat op grond van artikel 3.7 van de Wet ruimtelijke ordening is vastgesteld door de gemeenteraad als een voorbereidingsbesluit als bedoeld in artikel 4.14, eerste lid, van de Omgevingswet. In dat geval loopt de termijn, bedoeld in
het vierde lid van dat artikel, vanaf de datum van inwerkingtredingvan de Omgevingswet. Termijn voorbescherming onder de Wet Ruimtelijke Ordening (Wro). Mocht de Omgevingswet uitgesteld worden tot meer dan één jaar na het inwerking treden van het voorbereidingsbesluit De Stationstuinen, dan geldt de huidige termijn van maximaal één jaar op grond van artikel 3.7 Wro vanaf het moment van publiceren van het voorbereidingsbesluit. Dit zou leiden tot een voorbescherming tot half mei 2022
Geheimhouding Op grond van artikel 25, tweede lid van de Gemeentewet in samenhang met artikel 10, tweede lid onder b en g van de WOB is door het college geheimhouding gelegd op deze brief tot de dag van publicatie van het voorbereidingsbesluit. Wij verzoeken u de voorlopige geheimhouding te bekrachtigen op grond van artikel 25, derde lid, van de Gemeentewet. Hoogachtend,
Zollegd van bt rgemeester en wethouders van Barendrecht, secrbt
de b.urgemeester,
/+ :
lvehóoer
h<). v'an Belzen