CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

294326 Antwoordbrief wethouder Luijendijk op vragen EVB over bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan Parq Waal.pdf

commissie Ruimte 16 maart 2021, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan Parq Waal663 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de leden van de gemeenteraad P.W.J. Luijendijk wethouder

Uw brief van: Uw kenmerk: Bijlage(n): Onderwerp:

11 maart --Technische vragen bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan Parq Waal

Ons kenmerk: Contactpersoon: Team: Telefoonnummer: Datum:

294326 Barteld de Vries Team Ruimtelijke Ordening 14 0180 16 maart 2021

Geachte Raadsleden, Op 11 maart zijn door de EVB technische vragen gesteld over het bestemmingsplan Parq Waal. Dit bestemmingsplan wordt 30 maart ter vaststelling aan uw raad aangeboden en staat op 16 maart op de agenda ter bespreking in de commissie Ruimte. Via deze brief ontvangt u de schriftelijke beantwoording op de gestelde vragen. Vraag 1: Kan er pas gestart worden met het bouwrijp maken van het terrein wanneer het saneringsplan is ingediend en goedgekeurd? Binnen de contouren van de door het bevoegd gezag vastgestelde ernstige verontreiniging is het niet toegestaan om zonder vastgesteld saneringsplan de grond te roeren. Bij het bouwrijp maken kan je ervan uitgaan dat de grond wordt geroerd. Allereerst zal door het bevoegd gezag wet bodembescherming (provincie Zuid-Holland / DCMR) op basis van de uitgevoerde bodemonderzoeken een beschikking ernst/urgentie moeten worden afgegeven. De beschikking is het antwoord op de vraag: is hier sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging met saneringsplicht? Wanneer dit het geval is dan is een saneringsplan noodzakelijk om aan te tonen dat bodem en grondwater met de in het plan voorgestelde aanpak zullen gaan voldoen aan de functie die wordt beoogd op de locatie. Het bevoegd gezag Wet bodembescherming toetst het saneringsplan. Pas wanneer het plan is goedgekeurd kan er worden gestart met de saneringswerkzaamheden.

Binnen de contour(en) van de vastgestelde ernstige gevallen van bodemverontreiniging is het roeren van de grond zonder vastgesteld saneringsplan niet toegestaan. Dit omdat het roeren van de grond wordt gezien als een sanerende handeling. Buiten de vastgestelde contour(en) van de ernstige gevallen van bodemverontreiniging is het roeren van de grond wel toegestaan.

Portefeuille:

Onderwijs en –huisvesting, Ruimtelijke Ontwikkeling, Vergunningen WABO, Verkeer & Vervoer

Onderwerp: Technische vragen bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan Parq Waal

Pagina 2 van 2

Vraag 2: Welke garantie kunt u geven dat het saneringsplan werkelijk wordt ingediend en voldoende van kwaliteit is om veilig te kunnen wonen in dit gebied? Een omgevingsvergunning voor bouwen treedt niet eerder in werking (voorwaarde in de vergunning) dan dat er goedkeuring door het bevoegd gezag is gegeven op een saneringsplan (bijv. bij het isoleren van een verontreiniging) of een saneringsevaluatieverslag (bij het ontgraven van een verontreiniging). Het bevoegd gezag Wet bodembescherming toetst het saneringsplan. Pas wanneer het plan is goedgekeurd kan er worden gestart met de saneringswerkzaamheden. Vraag 3: Op pag. 33 van de toelichting Parq Waal wordt aangegeven: “Er zijn geen aanwijzingen dat de verontreinigingen (volledig) na 1987 zijn ontstaan en daarom onder de zorgplicht vallen, waardoor er per definitie sprake zou zijn van saneringsverplichting” Kunt u deze tekst uitleggen? Wordt hiermee bedoeld dat er geen saneringsverplichting is en dat we afhankelijk zijn van een projectontwikkelaar die wel of niet bereid is om een saneringsplan op te stellen? Een verontreiniging ontstaan na 1987 dient als zogenaamd ‘nieuw geval’ volledig verwijderd te worden (art. 13 Wbb, zorgplicht). Bij een verontreiniging ontstaan vóór 1987, een ‘historisch verontreiniging’ hoeft dit niet.

Wel is het zo dat op een ‘ernstig geval van bodemverontreiniging’ altijd een saneringsplicht van toepassing is. Van een ernstig geval van bodemverontreiniging is sprake wanneer minimaal 25 m3 grond of 100 m3 grondwater verontreinigd is boven Interventiewaarde (volumecriterium). De omvang van de verontreiniging is door onderzoek aangetoond (rapport Antea), maar moet door het bevoegd gezag wet bodembescherming worden bekrachtigd in een beschikking. Zodra bevoegd gezag (provincie ZuidHolland / DCMR) deze beschikking heeft gegeven (zie vraag 1), is sanering verplicht en dus niet afhankelijk van de bereidheid daartoe van een ontwikkelaar. Een historische verontreiniging (ontstaan voor 1987) mag functiegericht gesaneerd worden. De bodemkwaliteit is dan in overeenstemming met de functie, in dit geval Wonen. Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend,

P.W.J. Luijendijk

Portefeuille:

Onderwijs en –huisvesting, Ruimtelijke Ontwikkeling, Vergunningen WABO, Verkeer & Vervoer

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9891266/1