2026-041487 Beantwoording Technische vragen fractie CDA bij Zienswijze op de begrotingswijziging 2026 en de ontwerpbegroting 2027 GRJR 22 juni 2026
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad
R. Bol Wethouder
Uw brief van: 10 juni 2026
Ons kenmerk:
Uw kenmerk: -
Contactpersoon: T. Leroi
Bijlage(n):
-
Cluster:
Onderwerp:
Beantwoording technische vragen CDAfractie inzake zienswijze begrotingswijziging 2026 en ontwerpbegroting 2027 GRJR
Doorkiesnummer: 140180 Datum:
2026-041487 Maatschappij 22 juni 2026
Geachte raadsleden, In het kader van de behandeling van de zienswijze op de begrotingswijziging 2026 en de ontwerpbegroting 2027 van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) heeft de CDA-fractie voorafgaand aan de commissiebehandeling een aantal technische vragen gesteld over Veilig Thuis. De voorliggende besluitvorming heeft betrekking op de zienswijze op de financiële stukken van de GRJR. Een deel van de gestelde vragen heeft betrekking op operationele gegevens, uitvoeringsinformatie en de voortgang van het verbeterplan van Veilig Thuis. Deze informatie wordt primair geregistreerd en beheerd door Veilig Thuis en de GRJR. Voor zover ik over de gevraagde informatie beschik, wordt deze hieronder verstrekt. 1. De kosten stijgen van 2024 naar 2027 met € 13,9 miljoen. Wij ontvangen graag een overzicht van de stijging van het aantal meldingen in deze periode voor de regio en het aandeel daarin van Barendrecht. De gevraagde informatie maakt onderdeel uit van de registraties en verantwoordingsinformatie van Veilig Thuis. Via periodieke rapportages ontvang ik informatie over de ontwikkelingen binnen Veilig Thuis. De door het CDA gevraagde uitsplitsing en analyse over de periode 2024-2027 is echter niet als zodanig beschikbaar binnen de gemeente en berust primair bij Veilig Thuis.
Voor een inhoudelijk juiste beantwoording is daarom informatie van Veilig Thuis en de GRJR noodzakelijk. Deze informatie wordt opgevraagd. 2. Zijn er oorzaken aan te wijzen van de stijging van het aantal meldingen en wat is er met de bevindingen gedaan? Landelijk wordt een stijging van het aantal meldingen bij Veilig Thuis waargenomen. De centrumgemeenten in onze regio hebben onderzoek laten uitvoeren door Regioplan naar de ontwikkeling van het aantal meldingen bij Veilig Thuis. Het rapport wordt op 24 juni besproken in het dagelijks bestuur van de GRJR en daarna, op 10 juli, in het algemeen bestuur. Na deze bespreking zal ik de raad informeren over de belangrijkste bevindingen. De bevindingen worden binnen Veilig Thuis en de GRJR betrokken
pagina 1 van 3
bij capaciteitsplanning, procesverbeteringen en de uitvoering van het lopende verbeterplan doorlooptijden. De resultaten van dit onderzoek zien primair op de analyse van de ontwikkeling van meldingen en vormen geen onderdeel van de financiële besluitvorming die nu voorligt. 3. In welke mate is de stijging van het aantal meldingen het gevolg van een daadwerkelijke toename van onveilige thuissituaties, en in hoeverre hangt deze samen met factoren zoals grotere meldingsbereidheid, gewijzigde werkwijzen of veranderingen in wet- en regelgeving? De vraag welk aandeel van de stijging wordt veroorzaakt door een daadwerkelijke toename van onveilige situaties en welk aandeel door veranderingen in signalering, melden of werkwijzen is meegenomen in het onderzoek van Regioplan. Na de bespreking van het rapport binnen de GRJR zal ik de raad informeren over de belangrijkste bevindingen. 4. Welke doelgroepen, leeftijdscategorieën of problematieken dragen het meest bij aan de stijging van het aantal meldingen? Zijn er verschillen in vergelijking met voorgaande jaren? De vraag waar de stijging van de meldingen vandaan komt wordt ook meegenomen in het rapport. Ik zal u hierover nader informeren. 5.
Welke preventieve maatregelen worden momenteel ingezet om de instroom van meldingen bij Veilig Thuis te beperken en in hoeverre is onderzocht wat het effect van deze maatregelen is op de instroom? Het verbeteren van de veiligheid in gezinnen vindt primair plaats via de inzet van lokale voorzieningen, wijkteams, jeugdgezondheidszorg, onderwijs en andere ketenpartners. De inzet van deze partners is erop gericht onveiligheid zoveel mogelijk te voorkomen of in een vroeg stadium te beperken. De maatregelen binnen Veilig Thuis richten zich voornamelijk op het verbeteren van de afhandeling van meldingen, het terugdringen van wachttijden en het versterken van de samenwerking in de keten. Ik beschik niet over een zelfstandige evaluatie van het effect van deze maatregelen op de instroom van meldingen. 6. Is onderzocht of wijkteams, jeugdgezondheidszorg, huisartsen en scholen voldoende zijn toegerust om onveilige situaties vroegtijdig te signaleren en ondersteuning te bieden? Zo ja, welke conclusies zijn daaruit getrokken? Binnen Barendrecht wordt voortdurend ingezet op deskundigheidsbevordering en samenwerking tussen wijkteams, onderwijs, jeugdgezondheidszorg, huisartsen en andere ketenpartners. Daarbij wordt gewerkt conform de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling.
Mij zijn geen signalen bekend dat deze partijen structureel onvoldoende zijn toegerust om signalen van onveiligheid te herkennen en passende ondersteuning in te zetten. Tegelijkertijd blijft dit een belangrijk aandachtspunt binnen de reguliere kwaliteitsontwikkeling van de betrokken organisaties. 7. Wanneer wordt het verbeterplan als voldoende effectief beschouwd en welke prestatieindicatoren worden daarbij gehanteerd? Het verbeterplan wordt beoordeeld aan de hand van de in het plan opgenomen doelstellingen, waaronder het verbeteren van de doorlooptijden, het terugdringen van achterstanden en het behalen van de
pagina 2 van 3
afgesproken prestatie-indicatoren. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de mate waarin meldingen binnen de gestelde termijnen worden afgehandeld en de voortgang op de in het verbeterplan opgenomen doelstellingen en prestatie-indicatoren. In het algemeen bestuur van 10 juli zal Veilig Thuis rapporteren over de voortgang op deze indicatoren. Ik zal u na 10 juli nader informeren over de presentatie van Veilig Thuis. 8. Welke maatregelen worden genomen indien de doelstelling om 80% van de meldingen binnen de gestelde termijnen af te ronden in 2026 niet wordt gerealiseerd? Indien blijkt dat de gestelde doelstellingen niet worden gerealiseerd, ligt het in de rede dat Veilig Thuis en de GRJR aanvullende maatregelen treffen en hierover verantwoording afleggen aan de deelnemende gemeenten. Besluitvorming hierover vindt plaats binnen de governance van de GRJR. Op dit moment zijn geen specifieke aanvullende maatregelen vastgesteld. 9. Is voorzien in een onafhankelijke evaluatie van het verbeterplan, of vindt de beoordeling uitsluitend plaats via interne monitoring? De wijze van monitoring en evaluatie behoort tot de verantwoordelijkheid van Veilig Thuis en de GRJR. De voortgang van het verbeterplan wordt in ieder geval gemonitord via de reguliere verantwoordingsen rapportagestructuur van Veilig Thuis, de GRJR en het reguliere toezicht door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
Tot slot Hoewel een aantal vragen betrekking heeft op informatie die op dit moment nog onderwerp is van nadere analyse binnen de GRJR en Veilig Thuis, zie ik in de voorliggende stukken geen aanleiding om af te wijken van het in het raadsvoorstel opgenomen standpunt ten aanzien van de zienswijze. Met vriendelijke groet,
Roeland Bol
pagina 3 van 3