2025-069287 Antwoordbrief wethouder Bol op technische vragen EVB Verordening Wmo
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad
R. Bol Wethouder
Uw brief van: 15 september 2025
Ons kenmerk:
Uw kenmerk:
Contactpersoon: M. Bijl
Bijlage(n): Onderwerp:
Cluster:
2025-069287 Maatschappij
Beantwoording technische vragen Echt voor
Doorkiesnummer: 14 0180
Barendrecht betreffende de Wmo Verordening
Datum:
18 september 2025
Geachte raadsleden, Op 10 september 2025 heeft de fractie van Echt voor Barendrecht (EVB) technische vragen gesteld over de Wmo Verordening 2025. In deze de beantwoording van de vragen: 1. Meldingen kunnen ook mondeling of telefonisch worden gedaan. Hoe zorgt de gemeente voor een uniforme registratie en bewijsvoering? De melding voor de Wmo is vormvrij. Alle meldingen die binnenkomen worden geregistreerd in een vast programma waar ook het verdere onderzoek en besluit in wordt vastgelegd. Digitale aanmeldingen komen direct in dit systeem binnen. Telefonisch, mondeling of schriftelijk ingediende aanvragen worden direct op datum door de klantmanagers ingevoerd in dit systeem. Elke maandag vindt screening plaats van de nieuw binnen gekomen meldingen. Wanneer al direct duidelijk is dat aanvullende bewijsvoering of onderbouwing noodzakelijk is, wordt dit direct bij de cliënt opgevraagd. Bij binnenkomst worden deze stukken toegevoegd aan het digitale dossier van de cliënt. 2. Het onderzoeksrapport krijgt een zwaardere status (ondertekenen voor gezien/akkoord met toelichting). Hoe wordt voorkomen dat dit rapport feitelijk de beschikking vervangt of dat er onbedoeld juridische bewijslast bij de cliënt komt te liggen? Een beschikking moet altijd een bezwaarclausule bevatten. Deze is niet opgenomen in het onderzoeksrapport waardoor deze nooit kan dienen als beschikking.
Daarnaast dienen in de beschikking meer factoren benoemd te worden, zoals een ingangs- en einddatum. Deze zijn nog niet altijd bekend als het onderzoeksrapport is opgesteld. Soms dienen nog offertes opgevraagd te worden. Het ondertekende onderzoeksrapport is de officiële aanvraag door cliënt voor een maatwerkvoorziening. Met deze ondertekening geeft de cliënt ook aan op de hoogte te zijn van de betaling van een eigen bijdrage n hiermee akkoord te gaan wanneer de maatwerkvoorziening verstrekt wordt. Zeker met de verwachtte invoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage, is dit een belangrijk onderdeel.
pagina 1 van 3
3. Hoe ondersteunt de gemeente cliënten bij het opstellen van een budgetplan of het aanvragen van offertes voor een Pgb, zodat dit geen belemmering vormt voor het verkrijgen van een maatwerkvoorziening? Een voorwaarde voor toekenning van een Pgb, is dat de cliënt in staat is zelfstandig een administratie te kunnen voeren of hiervoor een budgetbeheerder aan te kunnen stellen vanuit het netwerk. Het opstellen van een budgetplan of het opvragen van offertes, zijn juist vaardigheden die de cliënt of budgetbeheerder moet beheersen voor een Pgb toegekend kan worden. De gemeente kan de cliënt hierbij niet ondersteunen. Wanneer de cliënt deze vaardigheden niet beheerst en geen netwerk heeft waarin een budgetbeheerder deze taken kan overnemen, kan er geen Pgb verstrekt worden en zal de voorziening in natura toegekend worden. 4. Hoe wordt het criterium adequaat toegepast en wie bepaalt de adequaatheid in de praktijk? Een benodigde maatwerkvoorziening moet adequaat zijn om de ondervonden belemmering mee te kunnen compenseren of op te lossen. Afhankelijk van de ondervonden belemmeringen, kan de klantmanager samen met de cliënt kijken wat de meest adequaat passende oplossing lijkt te zijn. Wanneer hier een verschillend inzicht over bestaat kan deskundig advies gevraagd worden via een onafhankelijk adviesorgaan. 5. Dagbesteding wordt geboden op de dichtstbijzijnde passende locatie.
Hoe wordt “passend” gedefinieerd en hoe wordt omgegaan met cliënten die de voorkeur geven aan een locatie buiten de regio? Passend wordt gedefinieerd als passend bij de ondervonden belemmeringen en/of aandoening. Dus een cliënt met dementie bijvoorbeeld naar een dagbesteding gericht op dementie en niet naar een dagbesteding voor mensen met een lichamelijke handicap of andersom. Wanneer een cliënt voorkeur heeft voor een dagbesteding buiten de regio en deze niet gecontracteerd is, kan de cliënt een Pgb aanvragen. Wanneer de gekozen dagbesteding ver buiten de regio is, wordt wel afgewogen of dit adequaat en passend is voor de cliënt als deze hiervoor ver moet reizen en dit veel van de cliënt vraagt. Mogelijk kan een andere dagbestedingslocatie binnen de regio dan meer passend zijn. 6. Het kwaliteitskader Pgb is toegevoegd, inclusief een verplichte VOG en periodieke toetsing. Hoe wordt de balans bewaakt tussen administratieve lasten voor cliënten en de borging van kwaliteit? Een VOG kan via een link digitaal aangevraagd worden en vraagt weinig administratieve last. Het kwaliteitskader is een borging vooraf om misbruik te voorkomen en juist kwaliteit van zorg meer te kunnen waarborgen of in te kunnen grijpen wanneer er een vermoeden is van onvoldoende kwalitatieve zorg.
Met dit kader is het vanuit toezicht en handhaving makkelijker om in te grijpen wanneer er sprake is van misstanden of onvoldoende kwaliteit. 7. De gemeente introduceert de PerSaldo Pgb-toets. Hoe wordt omgegaan met cliënten die moeite hebben met deze toets? De cliënten die moeite hebben met deze toets, zijn niet Pgb vaardig en kunnen geen Pgb toekenning krijgen. Tenzij de cliënt een budgetbeheerder in het netwerk heeft die deze toets wel voldoende kan afleggen. 8. Voor scootmobielen is een rijvaardigheidstoets toegevoegd. Wie voert deze toets uit en hoe worden de kosten hiervan gedekt? De rijvaardigheidstoetsen worden uitgevoerd door de leveranciers. Deze kosten zijn opgenomen in de afgesloten contracten met leveranciers. Ook kan vooraf, vanuit de Zorgverzekeringswet (Zvw), een ergotherapeut gevraagd worden een rijvaardigheidstoets uit te voeren. Op grond van de Zvw worden 2 consulten vergoed.
pagina 2 van 3
9. Welke besparingen zijn concreet te verwachten, en hoe verhouden deze zich tot de toenemende zorgvraag door vergrijzing? De besparingen zijn nog niet concreet te benoemen. Er is op dit moment nog geen stabiele aanbieder gevonden die de was- en strijkservice zou kunnen uitvoeren. Hierdoor is nog niet bekend wat de kosten gaan zijn en welke netto-besparing dit kan opleveren. Op dit moment zijn we in gesprek met Pameijer om te bespreken wat zij hierin voor ons kunnen betekenen. De scootmobielpool is nog in onderzoek of dit haalbaar is en op welke locaties. Ook hier kan op dit moment nog geen concreet besparingsbedrag voor genoemd worden. Met de oprichting van collectieve voorzieningen hopen we de verwachtte kostenstijging als gevolg van de toenemende vergrijzing te kunnen compenseren. 10. Hoe wordt de overgang van de verordening 2022 naar 2026 vormgegeven voor cliënten die al een voorziening hebben? Worden er overgangsregelingen getroffen? Huidige cliënten zullen niets merken van de veranderingen. Voor nieuwe aanvragen, ingediend vanaf 1 januari 2026 gaan de nieuwe regels gelden. Wanneer een collectieve voorziening zoals bijvoorbeeld de was- en strijkservice is ingericht, zullen cliënten met een nieuw gesprek en een overgangsperiode overgezet worden naar deze voorziening.
Met vriendelijke groet,
Roeland Bol
pagina 3 van 3